[go: up one dir, main page]

BE1010053A6 - Werkwijze en inrichting voor het waarnemen en/of lokaliseren van voorwerpen en module hierbij aangewend. - Google Patents

Werkwijze en inrichting voor het waarnemen en/of lokaliseren van voorwerpen en module hierbij aangewend. Download PDF

Info

Publication number
BE1010053A6
BE1010053A6 BE9600183A BE9600183A BE1010053A6 BE 1010053 A6 BE1010053 A6 BE 1010053A6 BE 9600183 A BE9600183 A BE 9600183A BE 9600183 A BE9600183 A BE 9600183A BE 1010053 A6 BE1010053 A6 BE 1010053A6
Authority
BE
Belgium
Prior art keywords
module
network
telephone network
cellular telephone
signal
Prior art date
Application number
BE9600183A
Other languages
English (en)
Original Assignee
Take Five Naamloze Vennootscha
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Priority to BE9600183A priority Critical patent/BE1010053A6/nl
Application filed by Take Five Naamloze Vennootscha filed Critical Take Five Naamloze Vennootscha
Priority to JP8536042A priority patent/JPH11505990A/ja
Priority to AU56406/96A priority patent/AU5640696A/en
Priority to PCT/BE1996/000047 priority patent/WO1996038996A1/en
Priority to EP96913390A priority patent/EP0830797B1/en
Priority to AT96913390T priority patent/ATE196964T1/de
Priority to ES96913390T priority patent/ES2153574T3/es
Priority to CA002220661A priority patent/CA2220661A1/en
Priority to DE69610626T priority patent/DE69610626T2/de
Priority to PT96913390T priority patent/PT830797E/pt
Priority to DK96913390T priority patent/DK0830797T3/da
Priority to US08/952,663 priority patent/US6198919B1/en
Application granted granted Critical
Publication of BE1010053A6 publication Critical patent/BE1010053A6/nl
Priority to GR20010400015T priority patent/GR3035197T3/el

Links

Classifications

    • GPHYSICS
    • G07CHECKING-DEVICES
    • G07BTICKET-ISSUING APPARATUS; FARE-REGISTERING APPARATUS; FRANKING APPARATUS
    • G07B15/00Arrangements or apparatus for collecting fares, tolls or entrance fees at one or more control points
    • G07B15/06Arrangements for road pricing or congestion charging of vehicles or vehicle users, e.g. automatic toll systems
    • G07B15/063Arrangements for road pricing or congestion charging of vehicles or vehicle users, e.g. automatic toll systems using wireless information transmission between the vehicle and a fixed station
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60RVEHICLES, VEHICLE FITTINGS, OR VEHICLE PARTS, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
    • B60R25/00Fittings or systems for preventing or indicating unauthorised use or theft of vehicles
    • B60R25/01Fittings or systems for preventing or indicating unauthorised use or theft of vehicles operating on vehicle systems or fittings, e.g. on doors, seats or windscreens
    • B60R25/04Fittings or systems for preventing or indicating unauthorised use or theft of vehicles operating on vehicle systems or fittings, e.g. on doors, seats or windscreens operating on the propulsion system, e.g. engine or drive motor
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60RVEHICLES, VEHICLE FITTINGS, OR VEHICLE PARTS, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
    • B60R25/00Fittings or systems for preventing or indicating unauthorised use or theft of vehicles
    • B60R25/10Fittings or systems for preventing or indicating unauthorised use or theft of vehicles actuating a signalling device
    • B60R25/102Fittings or systems for preventing or indicating unauthorised use or theft of vehicles actuating a signalling device a signal being sent to a remote location, e.g. a radio signal being transmitted to a police station, a security company or the owner
    • B60R25/1025Fittings or systems for preventing or indicating unauthorised use or theft of vehicles actuating a signalling device a signal being sent to a remote location, e.g. a radio signal being transmitted to a police station, a security company or the owner preventing jamming or interference of said signal
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60RVEHICLES, VEHICLE FITTINGS, OR VEHICLE PARTS, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
    • B60R25/00Fittings or systems for preventing or indicating unauthorised use or theft of vehicles
    • B60R25/30Detection related to theft or to other events relevant to anti-theft systems
    • B60R25/33Detection related to theft or to other events relevant to anti-theft systems of global position, e.g. by providing GPS coordinates
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60RVEHICLES, VEHICLE FITTINGS, OR VEHICLE PARTS, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
    • B60R2325/00Indexing scheme relating to vehicle anti-theft devices
    • B60R2325/20Communication devices for vehicle anti-theft devices
    • B60R2325/205Mobile phones
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60WCONJOINT CONTROL OF VEHICLE SUB-UNITS OF DIFFERENT TYPE OR DIFFERENT FUNCTION; CONTROL SYSTEMS SPECIALLY ADAPTED FOR HYBRID VEHICLES; ROAD VEHICLE DRIVE CONTROL SYSTEMS FOR PURPOSES NOT RELATED TO THE CONTROL OF A PARTICULAR SUB-UNIT
    • B60W2556/00Input parameters relating to data
    • B60W2556/45External transmission of data to or from the vehicle
    • B60W2556/50External transmission of data to or from the vehicle of positioning data, e.g. GPS [Global Positioning System] data
    • GPHYSICS
    • G01MEASURING; TESTING
    • G01SRADIO DIRECTION-FINDING; RADIO NAVIGATION; DETERMINING DISTANCE OR VELOCITY BY USE OF RADIO WAVES; LOCATING OR PRESENCE-DETECTING BY USE OF THE REFLECTION OR RERADIATION OF RADIO WAVES; ANALOGOUS ARRANGEMENTS USING OTHER WAVES
    • G01S5/00Position-fixing by co-ordinating two or more direction or position line determinations; Position-fixing by co-ordinating two or more distance determinations
    • G01S5/02Position-fixing by co-ordinating two or more direction or position line determinations; Position-fixing by co-ordinating two or more distance determinations using radio waves
    • G01S5/14Determining absolute distances from a plurality of spaced points of known location

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Radar, Positioning & Navigation (AREA)
  • Remote Sensing (AREA)
  • Computer Networks & Wireless Communication (AREA)
  • Business, Economics & Management (AREA)
  • Finance (AREA)
  • Physics & Mathematics (AREA)
  • General Physics & Mathematics (AREA)
  • Mobile Radio Communication Systems (AREA)

Abstract

Werkwijze voor het waarnemen en/of lokaliseren van voorwerpen, daardoor gekenmerkt dat zij bestaat in het aan het voorwerp (2) aanbrengen van een module (13), meer speciaal een ontvang- en zendmodule; en het gecombineerd aanwenden van een oproepnetwerk, meer speciaal een zogenaamd wide area paging-netwerk (3) en een cellulair telefoonnetwerk (4), waarmee bij een waarneming en/of lokalisatie via het paging-netwerk (3) aan de module (13) een signaal (7) wordt gezonden en vervolgens via het cellulair telefoonnetwerk (4) automatisch een antwoordsignaal (10) wordt teruggestuurd waarmee het voorwerp (2) wordt waargenomen en/of gelokaliseerd.

Description


   <Desc/Clms Page number 1> 
 



  Werkwijze en inrichting voor het waarnemen en/of lokaliseren van voorwerpen en module hierbij aangewend. 



  Deze uitvinding heeft betrekking op een werkwijze en inrichting voor het waarnemen en/of lokaliseren van voorwerpen en op een module die hierbij wordt aangewend. 



  In de eerste plaats is zij bedoeld voor het lokaliseren van ontvreemde voorwerpen, in het bijzonder voertuigen, en meer speciaal nog baanvoertuigen zoals personenwagens en vrachtwagens. 



  In het algemeen kan zij echter ook worden aangewend voor het lokaliseren van andere voorwerpen dan voertuigen, waarbij de lokalisatie al dan niet als een gevolg van een ontvreemding wordt uitgevoerd. 



  Het is bekend dat dagelijks veel voertuigen het voorwerp van een diefstal uitmaken. Het is duidelijk dat wanneer een voertuig snel kan worden weergevonden een groot aantal moeilijkheden voor de eigenaar van het voertuig kunnen worden uitgesloten. 



  Inderdaad wordt hierbij de twijfel bij de eigenaar weggenomen of hij het voertuig ooit nog in zijn bezit zal krijgen, en in welke toestand en kan hij vlug weten of het al dan niet noodzakelijk is een nieuw voertuig aan te schaffen. 



  Bovendien ontstaat het voordeel dat het verzekeringsdossier vlug kan worden afgehandeld. 



  De uitvinding heeft dan ook een werkwijze alsmede een inrichting als voorwerp, die toelaten om voorwerpen in het 

 <Desc/Clms Page number 2> 

 bijzonder ontvreemde voorwerpen en meer speciaal nog voertuigen op een vlugge wijze te lokaliseren, waarbij evenwel een oplossing wordt geboden die het gebruik van dure navigatiesystemen uitsluit. 



  Ook heeft de uitvinding een werkwijze en inrichting tot doel die kan worden aangewend voor het waarnemen van de aanwezigheid van bepaalde voertuigen op bepaalde plaatsen, dit tot verschillende doeleinden, zoals bijvoorbeeld het automatisch registreren om via deze weg tolgelden te heffen. 



  Tot dit doel bestaat de uitvinding in de eerste plaats in een werkwijze voor het waarnemen en/of het lokaliseren van voorwerpen, daardoor gekenmerkt dat zij bestaat in het aan het voorwerp aanbrengen van een module, meer speciaal een ontvang-en zendmodule ; en het gecombineerd aanwenden van een oproepnetwerk, meer speciaal een zogenaamd wide area paging-netwerk en een cellulair telefoonnetwerk, bijvoorbeeld het GSM-netwerk, waarmee bij een waarneming en/of lokalisatie via het oproepnetwerk aan de voornoemde module een signaal wordt gezonden en vervolgens via het cellulair telefoonnetwerk automatisch een antwoordsignaal wordt teruggestuurd waarmee het voorwerp wordt herkend en/of gelokaliseerd. 



  De volgens de uitvinding aangewende combinatie van een zogenaamd paging-netwerk met een cellulair telefoonnetwerk heeft als voordeel dat de mogelijkheid ontstaat dat een waarneming of lokalisatie kan worden uitgevoerd zonder de betreffende netwerken zwaar te belasten. 



  Door middel van deze combinatie wordt een systeem gecreëerd waarbij de kost van een communicatie van een module naar een centrale, die technisch gezien hoger is dan de kost van een communicatie van de centrale naar de afzonderlijke 

 <Desc/Clms Page number 3> 

 module, zeer precies is te controleren. Volgens een voorkeurdragende uitvoeringsvorm worden de communicatiecircuits voor het verwezenlijken van de communicatie via het cellulaire telefoonnetwerk derhalve niet permanent ingeschakeld, maar worden slechts dan geactiveerd wanneer de module werkelijk beschikbare gegevens klaar heeft staan of wanneer het daartoe opdracht krijgt via een, zoals verder nog beschreven gecodeerd opdrachtsignaal, dat ontvangen wordt over een ontvangsteenheid voor het paging-netwerk.

   De communicatie over het cellulair telefoonnetwerk verloopt bijgevolg over een zeer korte periode en dit op tijdstippen die zeer goed kunnen worden gecontroleerd. De ingenomen communicatiebandbreedte op het cellulair telefoonnetwerk is dus zeer klein. 



  Van zodra er een initiatief is genomen tot het verzenden van informatie door de module, hetzij doordat zij een opdracht ontvangt via de hierin ingebouwde wide area paging ontvanger, hetzij door een specifieke toestand van de module zelf, worden volgens de uitvinding de in de module aanwezige electronische circuits voor het realiseren van de verbinding via het cellulair telefoonnetwerk geactiveerd. 



  Hierbij zal, volgens een kenmerk van de uitvinding, slechts zeer kortstondig getracht worden via het cellulair telefoonnetwerk een verbinding tot stand te brengen. Indien geen verbinding kan worden verwezenlijkt zal de module herhaaldelijk proberen zulke verbinding te maken, met bepaalde intervallen, tot uiteindelijk een succesvolle verbinding is tot stand gekomen en de betreffende data succesvol zijn doorgevoerd. 

 <Desc/Clms Page number 4> 

 Hierdoor is geen permanente verbinding via het cellulair telefoonnetwerk noodzakelijk en ontstaat het voordeel dat dit laatste nauwelijks wordt belast. 



  Een ander voordeel van de combinatie van een zogenaamd paging-netwerk en een cellulair telefoonnetwerk voor de lokalisatie van voorwerpen bestaat erin dat een zeer precieze positiebepaling mogelijk is, tot op enkele meters. 



  Door uitsluitend een trigoniometrische lokalisatie uit te voeren op basis van signalen die via het cellulair telefoonnetwerk zijn ontvangen, kan reeds een nauwkeurigheid van enkele tientallen meters worden verkregen. 



  Door via de sterkte van het aan de ontvang- en zendmodule ontvangen signaal ook een afstandsbepaling te doen tot de zender van het paging-netwerk, kan de voornoemde nauwkeurigheid nog worden verhoogd en ook de zekerheid waarmee de lokalisatie kan worden doorgevoerd, worden vergroot. 



  Volgens de uitvinding worden de gegevens omtrent de ontvangststerkte van de signalen die via het paging-netwerk en het cellulair telefoonnetwerk de module bereiken, in deze module zelf verzameld en geregistreerd, mits gebruikmaking van een gepast electronisch circuit, waarna deze gegevens op het gepaste ogenblik naar een centrale worden doorgestuurd waar zij worden gebruikt om een trigonometrische analyse uit te voeren ten einde de positie en de lokatie van de betreffende module te bepalen. 



  Opgemerkt wordt dat het gebruik van het paging-netwerk om signalen te verspreiden zeer voordelig is, daar het zeer krachtige signalen betreft die ook gemakkelijk door beton 

 <Desc/Clms Page number 5> 

 doordringen, wat bijvoorbeeld van belang is wanneer het te lokaliseren voertuig zieh in een parkeergarage bevindt. 



  Volgens een voorkeurdragende uitvoeringsvorm worden de signalen gecodeerd en/of cryptografisch bewerkt, waarbij onder andere codesleutels worden aangewend die uitsluitend bekend zijn bij een centrale van waaruit het geheel wordt gecoördineerd. Op deze wijze kan de betrouwbaarheid van de uitgewisselde gegevens worden gegarandeerd. 



  Bij voorkeur wordt volgens de uitvinding gebruik gemaakt van een zogenoemd publiek-sleutel-systeem om de betreffende gegevens in de eerste plaats te authentificeren en in de tweede plaats te encrypteren of te versleutelen. 



  Bij de communicatie van de centrale naar een module worden de betreffende gegevens electronisch gesigneerd voor echt met behulp van een private sleutel die bekend is in de centrale. De hierbij horende electronische signatuur wordt samen met de andere noodzakelijke gegevens overgestuurd naar de module alwaar deze op echtheid worden gecontroleerd met behulp van een in de module aanwezige publieke sleutel. 



  Hierbij worden volgens de uitvinding, ten einde iedere set van gegevens die worden gesigneerd en dus ook de signatuur zelf een uniek karakter te geven, een aantal toevalligheden ingebouwd die iedere maal een unieke of nagenoeg unieke boodschap garanderen. Op deze wijze kan de echtheid van oorsprong van iedere boodschap worden gegarandeerd en kunnen geen vervalste boodschappen naar de module worden gestuurd. De module zal immers iedere boodschap zonder correcte signatuur als niet bestaande beschouwen. 



  Bij de communicatie van de module naar de centrale, wordt met behulp van de hogervermelde publieke sleutel in de module, de boodschap eerst ontcijferd, voordat deze via het 

 <Desc/Clms Page number 6> 

 cellulair telefoonnetwerk wordt doorgestuurd. De boodschap kan enkel met behulp van de private sleutel die zieh in de centrale bevindt, worden ontcijferd. 



  Deze techniek heeft als voordeel dat zelfs de kennis van de inhoud van de publieke sleutel, die zieh in iedere module bevindt, niemand in staat stelt de doorgestuurde gegevens te ontcijferen. Zelfs het gedetailleerd ontleden van de module levert te weinig kennis op om de communicatie te ontcijferen. 



  Volgens een bijzondere uitvoeringsvorm van de voornoemde werkwijze wordt een zeer lokaal contact gerealiseerd via het paging-netwerk, door gebruikmaking van de zogenaamde "broadcasting"-toestand, waarbij zeer lokale zenders worden benut en via deze toestand een onderscheid wordt gemaakt. 



  Deze mogelijkheid van werken laat toe om applicaties zoals het automatisch tolrijden en het overbrengen van korte en plaatselijke verkeerstechnische informatie naar de module te implementeren met het bovengenoemde gebruik. De zenders kunnen hierbij een zodanig lokale actieradius dat uitsluitend signalen worden ontvangen door modules die zeer dicht langs de zender passeren. De straal van interactie van zulke zender kan worden teruggebracht tot op enkele meters wat het zeer lokaal gebruik van het betreffende systeem toelaat. De mogelijkheden van zulk systeem beperken zich uiteraard niet tot de bovengenoemde applicaties. 



  Andere applicaties die in overeenstemming met de uitvinding kunnen worden uitgevoerd, wanneer de module aangebracht is in een voertuig, meer speciaal een baanvoertuig, zijn : - het doorsturen van   tarifiëringsgegevens,   zoals het tellen hoe dikwijls een voertuig langs een tolweg passeert ; 

 <Desc/Clms Page number 7> 

 - het doorsturen van een signaal om het verder gebruik van het voertuig te verhinderen, bijvoorbeeld om dit voertuig op een welbepaalde plaats automatisch te onderscheppen ; - het doorsturen van gegevens die zeer plaatselijk een verandering uitoefenen op het brandstofmengsel van een motor, geplaatst in een voertuig waarin de module is geplaatst, ten einde de uitlaatgassen tot een minimum te verminderen, bijvoorbeeld bij het binnenrijden van een woonzone ; - het realiseren van een electronisch chassisnummer dat kan worden opgevraagd.

   In dit geval stuurt een plaatselijke zender van het paging-netwerk, wat eventueel een speciaal daartoe in dit netwerk opgenomen zender kan zijn, een opdracht tot identificatie uit en wordt door de module het electronisch chassisnummer doorgestuurd over het cellulair netwerk. 



  Volgens een bijzonder kenmerk van de uitvinding worden signalen via lokale zenders uitgezonden en wordt hierbij geen onderscheid gemaakt tussen de identiteit van de ontvangende modules die in het zeer lokale zendbereik van deze zenders passeren en worden de gegevens doorgestuurd aan iedere passerende module. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij het voornoemde doorsturen van verkeerstechnische gegevens, wanneer iedere bestuurder van deze gegevens op de hoogte dient gesteld te worden ; bij het verzamelen van   tarifiëringsgegevens,   waarbij iedere passerende module dient te worden waargenomen ; enzovoort. 



  De uitvinding heeft eveneens betrekking op een inrichting voor het realiseren van de voornoemde werkwijze, met als kenmerk dat zij bestaat in de combinatie van een in het betreffend voorwerp ingebouwde of in te bouwen module, met 

 <Desc/Clms Page number 8> 

 een ontvangsteenheid die via een bestaand oproepnetwerk, meer speciaal een zogenaamd wide area paging-netwerk, kan worden bereikt, en met een eenheid die via een bestaand cellulair telefoonnetwerk een antwoordsignaal kan terugsturen ; en middelen om bij een waarneming en/of lokalisatie signalen via het paging-netwerk uit te zenden en eventueel via het cellulair telefoonnetwerk een antwoordsignaal te ontvangen en te verwerken. 



  In een bijzondere uitvoeringsvorm omvat de inrichting volgens de uitvinding eveneens aandachttrekkende middelen, die via de ontvangsteenheid van de voornoemde module kunnen worden geactiveerd en die toelaten de aandacht van personen die zieh in de omgeving van het voorwerp bevinden op dit voorwerp te vestigen. Hierbij is het de bedoeling dat de voornoemde personen de lokatie van het voorwerp, meer speciaal van het voertuig, waarvan de aandachttrekkende middelen geactiveerd zijn, aan een bevoegde instantie meedelen, zodanig dat het voorwerp aan de rechtmakende eigenaar kan worden terugbezorgd. 



  De voornoemde aandachttrekkende middelen kunnen van verschillende aard zijn. Zo kunnen bijvoorbeeld zowel optische als auditieve middelen worden aangewend. 



  In het geval van baanvoertuigen kunnen de aandachttrekkende middelen onder andere bestaan uit een of een combinatie van twee of meer van volgende elementen : - een speciaal daartoe voorziene lamp die bij het activeren wordt aangestoken ; -   een   of meer bestaande lampen van het voertuig die op een aandachttrekkende wijze worden bevolen ; - een geluidsbron die een alarmsignaal of een gesproken boodschap aflevert. 

 <Desc/Clms Page number 9> 

 volgens een bijzondere uitvoeringsvorm bestaan de aandachttrekkende middelen uit een inrichting voor het immobiliseren van het voertuig, al dan niet in combinatie met het activeren van de voornoemde elementen. Door het immobiliseren van het voertuig op een ongebruikelijke plaats wordt immers ook de aandacht van de zieh in de omgeving bevindende personen getrokken. 



  Uiteraard kunnen hierbij de nodige beveiligingen worden ingebouwd om te beletten dat het immobiliseren tot het ontstaan van ongevallen leidt. Zo bijvoorbeeld kan de snelheid van het voertuig langzaam worden gereduceerd, indien dit rijdende is, zodanig dat het voertuig nog aan de kant van de baan kan worden gezet. Ook in het geval dat het voertuig op een normale plaats wordt geparkeerd, zal zulk voertuig, zelfs wanneer geen andere aandachttrekkende middelen aanwezig zijn, na geruime tijd de aandacht van personen in de omgeving trekken, juist door het feit dat dit voertuig dan nooit meer versteld wordt. 



  Volgens nog een bijzondere uitvoeringsvorm bestaan de aandachttrekkende middelen uit een stil alarm, dat door de bestuurder van het voertuig niet kan worden waargenomen, doch wel door personen in de omgeving, zodanig dat de persoon die het voertuig ontvreemd heeft op heterdaad kan worden betrapt. Zulk stil alarm kan bijvoorbeeld bestaan uit een lamp die aan de achterzijde van het voertuig oplicht. 



  In het geval dat het voorwerpen betreft die aan verschillende eigenaars behoren, wordt het geheel gecoördineerd via een centrale. In het geval van voertuigen kan zulke centrale nauw samenwerken met de verzekeringsmaatschappijen die verzekeringen tegen diefstal afleveren. Het is duidelijk dat dergelijke 

 <Desc/Clms Page number 10> 

 verzekeringsmaatschappijen er alle belang bij hebben dat de verzekerde voertuigen na diefstal kunnen worden gerecupereerd. 



  In een bijzondere uitvoeringsvorm wordt geen signaal teruggezonden vanaf het voorwerp en bestaat de inrichting in hoofdzaak uit de combinatie van een module die uitsluitend een ontvangsteenheid bevat en in het betreffende voorwerp ingebouwde aandachttrekkende middelen die door het activeren daarvan toelaten de aandacht van personen die zieh in de omgeving bevinden op het voorwerp te vestigen, waarbij signalen aan de ontvangsteenheid kunnen worden toegezonden via een zendinrichting. Voor deze zendinrichting wordt bij voorkeur gebruik gemaakt van het voornoemde paging-netwerk. Het cellulair telefoonnetwerk blijft dan buiten beschouwing. 



  De uitvinding heeft ook betrekking op een module voor het realiseren van de voornoemde werkwijze, daardoor gekenmerkt dat zij bestaat uit een tot een geheel geïntegreerde ontvangsteenheid die via het paging-netwerk kan worden bereikt en een eenheid die via het cellulair telefoonnetwerk en via het telefonienet met een centrale of dergelijke kan communiceren. Hierbij is deze module, in het geval dat zij bedoeld is om een plaatsbepaling te kunnen uitvoeren, voorzien van middelen om via de signalen van het paging-netwerk en het cellulair telefoonnetwerk gegevens te verzamelen, bijvoorkeur afgeleid uit de zendsterkte, die een lokatiebepaling toelaten. 



  Met het inzicht de kenmerken volgens de uitvinding beter aan te tonen, zijn hierna als voorbeeld zonder enig beperkend karakter enkele voorkeurdragende uitvoeringsvormen beschreven, met verwijzing naar de bijgaande tekeningen, waarin : 

 <Desc/Clms Page number 11> 

 figuur 1 schematisch een inrichting volgens de uitvinding weergeeft ; figuur 2 schematisch een variante weergeeft. 



  Zoals weergegeven in figuur 1 heeft de uitvinding betrekking op een inrichting 1 voor het waarnemen en/of lokaliseren van voorwerpen 2. 



  In de voorkeurdragende uitvoeringsvorm bestaat het bijzondere van de uitvinding erin dat hierbij gebruik wordt gemaakt van de combinatie van twee, bij voorkeur bestaande telefonienetwerken, respectievelijk een paging-netwerk 3 en een cellulair telefoonnetwerk 4. 



  Zoals bekend bestaat zulk paging-netwerk 3 uit verschillende grondzendstations 5 die via het klassieke telefonienet 6 bereikbaar zijn en via dewelke   één   of meer signalen 7 kunnen worden uitgezonden. Klassiek wordt dit paging-netwerk 3 aangewend om personen op te roepen, zodanig dat deze op hun beurt contact kunnen opnemen met de oproeper. Een klassiek paging-netwerk 3 is daardoor gekenmerkt dat de grondzendstations 5 een relatief grote actieradius 8 bezitten, doorgaans gekenmerkt door een zendbereik van ongeveer 50 ä 100 km. Ook zijn de signalen 7 hiervan vrij sterk, waardoor de kans dat het signaal niet bij de ontvanger terechtkomt zeer gering is. 



  Daarnaast is het paging-netwerk 3 doorgaans ook gekenmerkt door een zogenaamde"broadcasting"-modus, waarbij alle modules die zieh in de zenderstraal van speciaal daartoe aangewende bijkomende lokale zenders 5A bevinden aangesproken worden zonder dat daarbij een onderscheid van identiteit wordt gemaakt. De andere zenders, namelijk deze van de voornoemde grondzendstations 5, spreken de modules wel aan op basis van hun identiteit. 

 <Desc/Clms Page number 12> 

 



  Een cellulair telefoonnetwerk 4 bestaat doorgaans uit verschillende grondstations 9, waarmee zowel signalen 10 kunnen worden ontvangen, als signalen 11 kunnen worden uitgezonden. Het telefoonnetwerk 4 kan hierbij als het ware in cellen worden opgedeeld, elk met een actieradius 12 die merkelijk kleiner is dan de actieradius 8. 



  Het cellulair telefoonnetwerk 4 is eveneens gekoppeld aan het klassieke telefonienet 6, zodanig dat via dit netwerk 4 telefoonverbindingen, zowel met heengaande als teruggaande informatie, tot stand kunnen worden gebracht. 



  Zoals weergegeven bestaat de inrichting 1 bij voorkeur in de combinatie van een in het waar te nemen of te lokaliseren voorwerp 2, bijvoorbeeld een voertuig, ingebouwde module 13, meer speciaal een ontvang- en zendmodule, met een ontvangsteenheid 14 die via het paging-netwerk 3 kan worden bereikt, en met een eenheid 15 die via het cellulair telefoonnetwerk 4 en via het telefonienet 6 met een centrale 16 kan communiceren. 



  De centrale 16 is voorzien van middelen 17, zoals een computereenheid, om, enerzijds, de signalen 7 te produceren en, anderzijds, de ontvangen signalen 10 van de waar te nemen of te lokaliseren voorwerpen 2 te verwerken. 



  Zoals vernoemd in de inleiding zorgen deze middelen 17 ervoor dat de signalen 7, alsmede 10 worden gecodeerd en cryptografisch worden bewerkt. 



  De werking en het gebruik van de inrichting   1,   alsmede de voornoemde, met het gebruik van de inrichting 1 gepaard gaande, werkwijze, zijn, in het geval dat het voorwerp 2 een ontvreemde wagen is, hoofdzakelijk als volgt. 

 <Desc/Clms Page number 13> 

 



  Indien de eigenaar of dergelijke van het voertuig vaststelt dat dit laatste ontvreemd is, stelt hij de centrale 16 op de hoogte, bijvoorbeeld telefonisch. Om misbruik uit te sluiten kan hij zieh hierbij eeduidig identificeren door middel van een code of dergelijke. 



  Vervolgens wordt vanuit de centrale 16 een gecodeerd en geëncrypteerd signaal 7 uitgezonden via het paging-netwerk 3, dat door alle ingeschakelde en in omloop zijnde modules 13 wordt ontvangen, wordt ontcijferd en wordt gedecodeerd. 



  Doordat het uitgezonden signaal 7 een vrij grote sterkte heeft, wordt het voertuig met een vrij grote zekerheid bereikt, althans wanneer dit aanwezig is in een actieradius 8 van de met de inrichting samenwerkende grondzendstations 5. Het uitgezonden signaal 7 is bij een klassiek paging-netwerk 3 zelfs zodanig sterk dat het door verschillende betonlagen kan dringen en zodoende zelfs wagens kunnen worden bereikt die in een ondergrondse parkeergarage aanwezig zijn. 



  In het voertuig waarin de code herkend wordt, wordt een instructie doorgegeven aan de voornoemde eenheid 15. Deze eenheid 15 zoekt vervolgens een verbinding met de centrale 16, via het cellulair telefoonnetwerk 4. 



  Wanneer geen verbinding kan tot stand worden gebracht, wordt het verzoek herhaald uitgevoerd met bepaalde tijdsintervallen. Vanaf het ogenblik dat wel een verbinding tot stand komt, wordt informatie doorgestuurd die de lokalisatie van de wagen toelaat. 



  Hierbij wordt opgemerkt dat de verbinding via het cellulair telefoonnetwerk 4 zeer kort kan zijn, daar slechts een kort signaal dient te worden doorgegeven. In de praktijk blijft deze verbinding vrijwel beperkt tot het zogenoemde"hand 

 <Desc/Clms Page number 14> 

 shake-gebeuren", waarbij zoals gebruikelijk bij het realiseren van een verbinding via een cellulair telefoonnetwerk 4 kort heen en weer een aantal signalen 10 en 11 worden uitgewisseld om een herkenningsprocedure uit te voeren. 



  De informatie die wordt doorgestuurd en aangewend om het voertuig te lokaliseren kan van verschillende aard zijn. 



  Volgens een eerste uitvoeringsvorm wordt vanaf het voertuig slechts een signaal 10 uitgezonden dat informatie geeft omtrent de identificatie van het voertuig en wordt de lokalisatie uitgevoerd aan de hand van de ontvangstgegevens van het cellulair telefoonnetwerk 4. Afhankelijk van het feit aan welk grondstation 9 het signaal 10 wordt ontvangen, is immers bekend in welke actieradius 12 het voertuig zich bevindt. Uit de sterkte van het signaal 10 kan ook de afstand tot het betreffende grondstation 9 worden afgeleid. Bovendien wordt het signaal doorgaans door meerdere grondstations 9 ontvangen en kan op trigoniometrische wijze de precieze lokatie worden berekend. 



  Volgens een tweede uitvoeringsvorm wordt vanaf het voertuig een signaal 10 uitgezonden dat op zieh reeds representatief is voor de lokatie. Het kan hierbij gaan om een signaal 10 dat ofwel rechtstreeks de lokatie opgeeft, ofwel data opgeeft waaruit de lokatie kan worden berekend, bijvoorbeeld door de middelen 17. 



  Uiteraard is de module 13 hiertoe uitgerust met de nodige middelen om de voornoemde informatie te bekomen. 



  Deze middelen kunnen gevormd zijn uit   detektie-en   berekeningsmiddelen waarmee : - hetzij de sterkte van het ontvangen signaal 7 wordt 

 <Desc/Clms Page number 15> 

 bepaald ; - hetzij de sterkte van het voornoemde signaal 11 wordt bepaald, eventueel de sterkte van meerdere signalen 11 wanneer met meerdere cellen wordt gecommuniceerd ; - hetzij zowel de sterkte van het ontvangen signaal
7, als van   één   of meer signalen 11 wordt bepaald. 



  De opbouw van   detektie-en   berekeningsmiddelen ligt op zieh binnen de kennis van een vakman op het gebied van electronica, en de precieze opbouw hiervan is dan ook niet in detail beschreven. 



  Uit   één   of meer van deze gegevens kan dan weer de lokatie worden bepaald door middel van een trigoniometrische berekening die, ofwel gebeurt in de module 13 zelf, ofwel in de centrale 16, of in een met een centrale 16 samenwerkende eenheid. 



  Zoals weergegeven in figuur 2 kan het voorwerp 2, meer speciaal het voertuig, worden uitgerust met aandachttrekkende middelen 18, zoals een lamp 19 aan de achterzijde van het voertuig, die door middel van een schakelelement 20 kan worden ingeschakeld ; een geluidsbron, zoals een luidspreker 21 die bijvoorbeeld via een signaalgenerator of spraakgenerator 22 wordt bevolen ; en een inrichting 23 voor het immobiliseren van het voertuig, bijvoorbeeld door het uitschakelen van de motor 24 of door het beïnvloeden van de brandstoftoevoer of dergelijke. 



  Deze aandachttrekkende middelen 18 zijn gekoppeld aan de voornoemde module 13, zodanig dat zij via een herkenbaar signaal 7 kunnen worden geactiveerd. 

 <Desc/Clms Page number 16> 

 



  De aandachttrekkende middelen 18 bieden het voordeel dat het voorwerp 2 niet alleen door middel van een trigoniometrische berekening kan worden gelokaliseerd, doch ook vlug zal worden opgemerkt in de omgeving waar het zieh bevindt. In het geval dat de aandachttrekkende middelen 18 ook voorzien in een inrichting 23 voor het immobiliseren, kan zelfs worden verhinderd dat het voertuig nog verder kan worden aangewend. 



  In een bijzondere, ietwat afwijkende, uitvoeringsvorm wordt alleen in de mogelijkheid voorzien van het doorgeven van signalen naar het voorwerp 2, doch niet in de mogelijkheid om signalen terug te ontvangen, waarbij de doorgegeven signalen dan uitsluitend benut worden voor het activeren van een of meer van de aandachttrekkende middelen 18. 



  Om het signaal 7 door te geven, zal ook in dit geval bij voorkeur gebruik worden gemaakt van een paging-netwerk 3, alhoewel andere mogelijkheden niet uitgesloten zijn. 



  De werking is dan als volgt. 



  Indien een eigenaar 25 of dergelijke vaststelt dat zijn voertuig ontvreemd is, stelt hij de centrale 16 op de hoogte, bijvoorbeeld telefonisch, wat eventueel vanuit een telefooncel 26 kan gebeuren. 



  Vervolgens wordt vanuit de centrale 16 een signaal 7 gegenereerd en uitgezonden. In het voertuig waarin dit gecodeerde signaal 7 wordt ontvangen en wordt herkend, worden dan automatisch de aandachttrekkende middelen 18 ingeschakeld, wat in dit geval betekent dat de lamp 19 oplicht, dat een geluidssignaal aan de luidspreker 21 wordt geproduceerd en dat het voertuig met behulp van de inrichting 23 wordt geimmobiliseerd. 

 <Desc/Clms Page number 17> 

 De uitzending van het signaal 7 kan verschillende malen op latere tijdstippen worden herhaald, om te verhinderen dat de aandachttrekkende middelen 18 niet in werking zouden treden omdat de ontvangsteenheid 14 een tijdelijk slechte ontvangst genoot, bijvoorbeeld wanneer het voertuig zich bij het uitzenden in een tunnel of dergelijke bevond. 



  Door het inschakelen van de aandachttrekkende middelen 18 wordt de aandacht getrokken van de personen 27 in de omgeving, die de betrokken instantie, in dit geval de centrale 16, kunnen inlichten via een bijvoorbeeld gratis telefoonnummer. Vanaf dat ogenblik kan de eigenaar 25 of een bevoegd persoon zieh naar het voertuig begeven en dit in bezit nemen, waarna de aandachttrekkende middelen 18 kunnen worden gedesactiveerd, bijvoorbeeld eveneens via een passend gecodeerd signaal 7. Het is duidelijk dat het desactiveren ook reeds vroeger kan plaatsvinden. 



  Het is duidelijk dat deze manier van werken kan gecombineerd worden met de voornoemde manier van werken waarbij signalen 10 via het cellulair netwerk 4 worden teruggestuurd. 



  In het geval van voertuigen zal de module 13 bij voorkeur verdoken in het koetswerk worden ingebouwd. Verder kan deze module 13 van een beveiliging worden voorzien zodanig dat de centrale 16 automatisch wordt verwittigd op het ogenblik dat getracht wordt de module 13 te vernietigen of uit te breken. 



  Het   begrip"module"dient   in zijn breedste zin te worden geïnterpreteerd, en betekent dus niet noodzakelijk dat de hiervan deel uitmakende componenten in eenzelfde compacte behuizing zijn ondergebracht, alhoewel dit laatste wel de voorkeur geniet. 

 <Desc/Clms Page number 18> 

 



  De huidige uitvinding is geenszins beperkt tot de als voorbeeld beschreven en in de figuren weergegeven uitvoeringsvormen, doch dergelijke werkwijze en inrichting voor het lokaliseren van voorwerpen kan volgens verschillende varianten worden verwezenlijkt zonder buiten het kader van de uitvinding te treden. 



  Zo bijvoorbeeld, wanneer het voorwerp 2, respektievelijk het voertuig, voorzien is van verschillende soorten van aandachttrekkende middelen 18, zoals dit het geval is in figuur 2, kunnen deze eventueel mits een geschikte ontvangstinrichting met decoder afzonderlijk worden geactiveerd. Dit heeft als voordeel dat bijvoorbeeld eerst een element van optische aard kan worden geactiveerd, zodat wel de aandacht getrokken wordt, doch de personen in de omgeving in eerste instantie niet worden gehinderd. Als het voorwerp binnen een bepaalde tijd niet op deze wijze kan gelokaliseerd worden, kan in tweede instantie een auditief element worden ingeschakeld. 



  Volgens een variante kan de centrale 16 worden geautomatiseerd, zodat de eigenaar 25 door het telefonisch inbrengen van een code automatisch een geschikt signaal 7 kan doen uitzenden. 



  Het is eveneens duidelijk dat alle in het voornoemde voertuig aanwezige componenten, zoals de module 13 en de ermee samenwerkende decoder, en eventueel het schakelelement 20 en dergelijke in een electronische chip kunnen worden geïntegreerd. 



  Tevens is het zo dat hetzelfde systeem gebruikt kan worden bij wanbetalingen. De verzekeringssektor kan bijvoorbeeld het voorwerp desaktiveren bij niet betaling van de verzekeringspremies. Hierdoor worden tevens belangrijke 

 <Desc/Clms Page number 19> 

 deurwaarderskosten uitgespaard voor zowel de instelling als voor de klant op zich. 



  De leasing en financiële instellingen kunnen het voorwerp desaktiveren bij niet betaling van de maandelijkse aflossingen. 



  Tevens is het zo dat ook de ordehandhavers gebruik kunnen maken van dit systeem om bijvoorbeeld een voorwerp, in dit geval een voertuig, te desaktiveren in geval van een achtervolging. Gestolen voertuigen zullen bijvoorbeeld niet meer gebruikt kunnen worden voor overvallen en dergelijke. 



  Het begrip lokaliseren, met gebruik making van de voornoemde technieken, dient in de ruimst mogelijke zin te worden   geinterpreteerd.   Onder lokaliseren wordt ook verstaan eenvoudig waarnemen, zodanig dat de voornoemde werkwijze en inrichting ook kunnen aangewend worden, buiten de reeds genoemde aanwendingen, voor het zogenoemde rekeningrijden en betaalrijden. Ook kan de uitvinding van nut zijn om het verkeer te regelen, douanekontroles uit te voeren, enz. waarbij dit volledig of gedeeltelijk automatisch gebeurt door bepaalde gegevens via de voornoemde signalen door te zenden, respektievelijk te verkrijgen.

Claims (19)

Conclusies.
1. - Werkwijze voor het waarnemen en/of lokaliseren van voorwerpen, daardoor gekenmerkt dat zij bestaat in het aan het voorwerp (2) aanbrengen van een module (13), meer speciaal een ontvang-en zendmodule ; en het gecombineerd aanwenden van een oproepnetwerk, meer speciaal een zogenaamd wide area paging-netwerk (3) en een cellulair telefoonnetwerk (4), waarmee bij een waarneming en/of lokalisatie via het paging-netwerk (3) aan de module (13) een signaal (7) wordt gezonden en vervolgens via het cellulair telefoonnetwerk (4) automatisch een antwoordsignaal (10) wordt teruggestuurd waarmee het voorwerp (2) wordt waargenomen en/of gelokaliseerd.
2.-Werkwijze volgens conclusie 1, daardoor gekenmerkt dat een lokalisatie wordt uitgevoerd aan de hand van een of meer gegevens afgeleid uit de sterkte van de signalen (7-10-11) die via het paging-netwerk (3) en/of het cellulair telefoonnetwerk (4) worden overgedragen.
3.-Werkwijze volgens conclusie 2, daardoor gekenmerkt dat hiertoe aan de voornoemde module (13) één of meer gegevens worden verzameld die toelaten om de lokatie van het voorwerp (2) door middel van een trigoniometrische berekening te bepalen, waarbij deze gegevens bestaan uit : - hetzij de sterkte van het via het paging-netwerk (3) ontvangen signaal (7) ; - hetzij de sterkte van één of meer van de signalen (10-11) die via het cellulair telefoonnetwerk (4) worden uitgewisseld ; - hetzij de combinatie van de beide voorgaande gegevens. <Desc/Clms Page number 21>
4.-Werkwijze volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat de signalen (7-10) worden gecodeerd om zodoende de lokalisatie per voorwerp (2) afzonderlijk te kunnen uitvoeren.
5.-Werkwijze volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat de signalen (7-10) cryptografisch worden bewerkt.
6.-Werkwijze volgens conclusie 5, daardoor gekenmerkt dat bij de cryptografische bewerking gebruik wordt gemaakt van een zogenoemd publiek sleutel systeem.
7.-Werkwijze volgens conclusie 6, daardoor gekenmerkt dat gebruik wordt gemaakt van een private codesleutel, zowel voor het verzenden van het signaal (7) over het paging-netwerk, als voor het ontcijferen van het signaal (10) dat via het cellulair telefoonnetwerk (4) terugkomt ; en dat het in de module (13) ontvangen signaal (7) wordt gecontroleerd door middel van een hierin aanwezige publieke codesleutel, en dat deze publieke codesleutel wordt aangewend om het voornoemde signaal (10) dat over het cellulair telefoonnetwerk (4) wordt teruggestuurd cryptografisch te bewerken en op echtheid te controleren.
8.-Werkwijze volgens een van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat de verbinding over het cellulair telefoonnetwerk (4) slechts wordt verwezenlijkt wanneer een herkenbaar signaal (7) via het paging-netwerk (3) binnenkomt, waarbij automatisch met bepaalde intervallen verbindingen worden gezocht wanneer niet direct een goede verbinding wordt verwezenlijkt, zulks tot wel een goede verbinding tot stand is gekomen. <Desc/Clms Page number 22>
9. - Werkwijze volgens één van de vorige conclusies, daardoor gekenmerkt dat zij wordt gecoördineerd vanuit een centrale (16).
10.-Werkwijze volgens één van de voorgaande conclusies, daardoor gekenmerkt dat een zeer lokaal contact wordt gerealiseerd via het paging-netwerk (3), door gebruikmaking van de zogenaamde"broadcasting"-toestand, waarbij de zeer lokale zenders dan worden benut voor plaatselijke toepassingen.
11.-Werkwijze volgens conclusie 10, daardoor gekenmerkt dat zij wordt aangewend voor : - het doorsturen van verkeerstechnische gegevens naar de bestuurder van een voertuig ; - het doorsturen van tarifiëringsgegevens, zoals het tellen hoe dikwijls een voertuig langs een tolweg passeert ; - het doorsturen van een signaal om het verder gebruik van het voertuig te verhinderen, bijvoorbeeld om dit voertuig op een welbepaalde plaats automatisch te onderscheppen ; - het doorsturen van gegevens die zeer plaatselijk een verandering uitoefenen op het brandstofmengsel van een motor, geplaatst in een voertuig waarin de module is geplaatst, ten einde de uitlaatgassen tot een minimum te verminderen, bijvoorbeeld bij het binnenrijden van een woonzone ; - het realiseren van een electronisch chassisnummer dat kan worden opgevraagd.
In dit geval stuurt een plaatselijke zender van het paging-netwerk, wat eventueel een speciaal daartoe in dit netwerk opgenomen zender kan zijn, een opdracht tot identificatie uit en wordt door de module het <Desc/Clms Page number 23> electronisch chassisnummer doorgestuurd over het cellulair netwerk.
12.-Inrichting voor het verwezenlijken van de werkwijze zoals beschreven in één van de conclusies 1 tot 11, daardoor gekenmerkt dat zij bestaat in de combinatie van een, aan het betreffend voorwerp (2) aangebrachte, module (13), meer speciaal een ontvang- en zendmodule, met een ontvangsteenheid (14) die via het paging-netwerk (3) kan worden bereikt, en met een eenheid (15) die via het cellulair telefoonnetwerk (4) en via het telefonienet (6) met een centrale (16) kan communiceren ; en middelen om bij een waarneming en/of lokalisatie signalen via het paging-netwerk (3) uit te zenden en om via het cellulair telefoonnetwerk (4) een antwoordsignaal (10) te ontvangen en te verwerken.
13.-Inrichting volgens conclusie 12, daardoor gekenmerkt dat de voorwerpen (2) bestaan uit baanvoertuigen.
14.-Inrichting volgens conclusie 13, daardoor gekenmerkt dat de respectievelijke modules (13) verdoken in het koetswerk van de baanvoertuigen (2) zijn ingebouwd.
15.-Inrichting volgens een van de conclusies 12 tot 14, daardoor gekenmerkt dat zij tevens aan het voorwerp (2) aangebrachte aandachttrekkende middelen (18) omvat, die via de module (13) kunnen worden geactiveerd en die toelaten de aandacht van personen (27) die zieh in de omgeving van het voorwerp (2) bevinden op dit voorwerp (2) te vestigen.
16.-Inrichting volgens conclusies 14 en 15, daardoor gekenmerkt dat de aandachttrekkende middelen (18) bestaan uit één of een combinatie van twee of meer van de volgende elementen : <Desc/Clms Page number 24> - een speciaal daartoe voorziene lamp (19) die bij het activeren wordt aangestoken ; - één of meer bestaande lampen van het voertuig die op een aandachttrekkende wijze worden bevolen ; - een geluidsbron (21) die een alarmsignaal of een gesproken boodschap aflevert ; - een inrichting (23) voor het immobiliseren van het voertuig ; - een stil alarm.
17.-Inrichting voor het lokaliseren van voorwerpen, daardoor gekenmerkt dat zij bestaat in de combinatie van in ieder betreffend voorwerp (2) ingebouwde aandachttrekkende middelen (18) die door het activeren ervan toelaten de aandacht van personen (27) die zich in de omgeving van het voorwerp (2) bevinden op dit voorwerp (2) te vestigen ; een per voorwerp (2) aangebrachte en met de aandachttrekkende middelen (18) gekoppelde module (13) die minstens een ontvangsteenheid (14) bevat ; en minstens een zendinrichting, meer speciaal een zendinrichting die deel uitmaakt van een paging-netwerk (3) om de aandachttrekkende middelen (18) via de module (13) selektief per voorwerp (2) te aktiveren.
18.-Module voor het realiseren van de werkwijze zoals beschreven in de conclusies 1 tot 11, daardoor gekenmerkt dat zij bestaat uit een tot een geheel geïntegreerde ontvangsteenheid (14) die via het paging-netwerk (3) kan worden bereikt en een eenheid (15) die via het cellulair telefoonnetwerk (4) en via het telefonienet (6) met een centrale (16) of dergelijke kan communiceren.
19.-Module volgens conclusie 18, daardoor gekenmerkt dat zij is voorzien van middelen om via de signalen van het paging-netwerk (3) en het cellulair telefoonnetwerk (4) <Desc/Clms Page number 25> gegevens te verzamelen, bijvoorkeur afgeleid uit de zendsterkte, die een lokatiebepaling toelaten.
BE9600183A 1995-05-30 1996-03-01 Werkwijze en inrichting voor het waarnemen en/of lokaliseren van voorwerpen en module hierbij aangewend. BE1010053A6 (nl)

Priority Applications (13)

Application Number Priority Date Filing Date Title
BE9600183A BE1010053A6 (nl) 1996-03-01 1996-03-01 Werkwijze en inrichting voor het waarnemen en/of lokaliseren van voorwerpen en module hierbij aangewend.
DE69610626T DE69610626T2 (de) 1995-05-30 1996-04-26 Verfahren und modul zum kommunizieren mit einem gegenstand und/oder zur beobachtung und/oder ortung des gegenstandes
PCT/BE1996/000047 WO1996038996A1 (en) 1995-05-30 1996-04-26 Method for communicating with and/or for observing and/or localizing objects and module used thereby
EP96913390A EP0830797B1 (en) 1995-05-30 1996-04-26 Method for communicating with and/or for observing and/or localizing objects and module used thereby
AT96913390T ATE196964T1 (de) 1995-05-30 1996-04-26 Verfahren und modul zum kommunizieren mit einem gegenstand und/oder zur beobachtung und/oder ortung des gegenstandes
ES96913390T ES2153574T3 (es) 1995-05-30 1996-04-26 Metodo para comunicar con y/o para observar y/o localizar objetos y modulo empleado para esto.
JP8536042A JPH11505990A (ja) 1995-05-30 1996-04-26 対象物との交信及び/又は対象物の観察及び/又は位置測位を行うための方法及びそれに用いるモジュール
AU56406/96A AU5640696A (en) 1995-05-30 1996-04-26 Method for communicating with and/or for observing and/or lo calizing objects and module used thereby
PT96913390T PT830797E (pt) 1995-05-30 1996-04-26 Metodo para a comunicacao com e/ou para a observacao e/ou localizacao de objectos e modulo por estes utilizados
DK96913390T DK0830797T3 (da) 1995-05-30 1996-04-26 Fremgangsmåde til kommunikation med og/eller til iagttagelse og/eller lokalisering af objekter samt model til anvendelse i
US08/952,663 US6198919B1 (en) 1995-05-30 1996-04-26 Method and apparatus for communicating with an object and module used thereby
CA002220661A CA2220661A1 (en) 1995-05-30 1996-04-26 Method for communicating with and/or for observing and/or localizing objects and module used thereby
GR20010400015T GR3035197T3 (en) 1995-05-30 2001-01-10 Method for communicating with and/or for observing and/or localizing objects and module used thereby

Applications Claiming Priority (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
BE9600183A BE1010053A6 (nl) 1996-03-01 1996-03-01 Werkwijze en inrichting voor het waarnemen en/of lokaliseren van voorwerpen en module hierbij aangewend.

Publications (1)

Publication Number Publication Date
BE1010053A6 true BE1010053A6 (nl) 1997-12-02

Family

ID=3889579

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
BE9600183A BE1010053A6 (nl) 1995-05-30 1996-03-01 Werkwijze en inrichting voor het waarnemen en/of lokaliseren van voorwerpen en module hierbij aangewend.

Country Status (1)

Country Link
BE (1) BE1010053A6 (nl)

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US10126740B2 (en) System and method for violation enforcement utilizing vehicle immobilization
US6124805A (en) Remotely operable vehicle identification and disabling system
US7696864B2 (en) Vehicle information display apparatus, system and method
EP0573320B1 (fr) Système pour l&#39;identification et la détection automatique de véhicules ou d&#39;objets
AU2008269354B2 (en) Road toll system
US20080120392A1 (en) Member information identifier apparatus, system and method
US7096102B1 (en) Motor vehicle license plate with integral wireless tracking and data dissemination device
KR20100099146A (ko) 자동 감시 시스템
WO2001050435A1 (en) Vehicle identification and status communication device and system
IL141792A (en) System and method for vehicle toll charges
US20040206817A1 (en) Tolling information exchange method and system
WO2004008268A2 (de) Autorisations-, bestimmungs-, bezeichnungs-, ortungs-, verrielungs- und diebstahl-sicherheits-system (hier auch lock-loop dss genannt)
CN110491131A (zh) 一种基于区块链的车辆违章管理系统
NZ509720A (en) Method and system for monitoring the correct operation of a debiting appliance
Axelrod Cybersecurity challenges of systems-of-systems for fully-autonomous road vehicles
US6366222B1 (en) Able to operate tag
CN113192348A (zh) 车辆异常告警方法、装置及计算机设备
BE1010053A6 (nl) Werkwijze en inrichting voor het waarnemen en/of lokaliseren van voorwerpen en module hierbij aangewend.
JP2007509400A (ja) 車両に関する情報を制御するためのシステム
CN111917873A (zh) 一种事故处理系统、方法、装置、终端及存储介质
JP2009093591A (ja) 車両盗難抑止システム、車両盗難抑止装置、車両盗難抑止方法およびプログラム
CN108312984A (zh) 基于eMTC的电子牌照、平台及系统
BE1009388A6 (nl) Inrichting voor het lokaliseren, deaktiveren en aktiveren van voorwerpen.
NL1017425C2 (nl) Elektronische voertuigidentificatie-inrichting en systeem voor het verschaffen van ten minste een telematicadienst gekoppeld aan de voertuigidentificatie.
CN2916797Y (zh) 交通工具真伪智能识别器

Legal Events

Date Code Title Description
RE Patent lapsed

Owner name: SMARTMOVE,N.V.

Effective date: 20010331