NL8501793A - Werkwijze en inrichting voor het afwerken van warmbandrollen, in het bijzonder rollenbak-rollen. - Google Patents
Werkwijze en inrichting voor het afwerken van warmbandrollen, in het bijzonder rollenbak-rollen. Download PDFInfo
- Publication number
- NL8501793A NL8501793A NL8501793A NL8501793A NL8501793A NL 8501793 A NL8501793 A NL 8501793A NL 8501793 A NL8501793 A NL 8501793A NL 8501793 A NL8501793 A NL 8501793A NL 8501793 A NL8501793 A NL 8501793A
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- roller
- straightening machine
- roll
- pulling
- drive
- Prior art date
Links
- 238000000034 method Methods 0.000 title claims description 13
- 238000005520 cutting process Methods 0.000 claims description 16
- 239000000956 alloy Substances 0.000 claims description 10
- 229910045601 alloy Inorganic materials 0.000 claims description 10
- 238000009826 distribution Methods 0.000 claims description 9
- 230000005540 biological transmission Effects 0.000 claims 1
- 238000005096 rolling process Methods 0.000 description 25
- 230000002349 favourable effect Effects 0.000 description 4
- 238000010276 construction Methods 0.000 description 2
- 239000000463 material Substances 0.000 description 2
- 238000005097 cold rolling Methods 0.000 description 1
- 238000001816 cooling Methods 0.000 description 1
- 238000006073 displacement reaction Methods 0.000 description 1
- 238000010438 heat treatment Methods 0.000 description 1
- 238000003780 insertion Methods 0.000 description 1
- 230000037431 insertion Effects 0.000 description 1
- 230000007257 malfunction Effects 0.000 description 1
- 230000000979 retarding effect Effects 0.000 description 1
- 238000003466 welding Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B21—MECHANICAL METAL-WORKING WITHOUT ESSENTIALLY REMOVING MATERIAL; PUNCHING METAL
- B21D—WORKING OR PROCESSING OF SHEET METAL OR METAL TUBES, RODS OR PROFILES WITHOUT ESSENTIALLY REMOVING MATERIAL; PUNCHING METAL
- B21D1/00—Straightening, restoring form or removing local distortions of sheet metal or specific articles made therefrom; Stretching sheet metal combined with rolling
- B21D1/02—Straightening, restoring form or removing local distortions of sheet metal or specific articles made therefrom; Stretching sheet metal combined with rolling by rollers
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- Winding, Rewinding, Material Storage Devices (AREA)
- Metal Rolling (AREA)
- Heat Treatment Of Strip Materials And Filament Materials (AREA)
- Wire Processing (AREA)
- Treatment Of Fiber Materials (AREA)
Description
* '* - 1 -
Werkwijze en inrichting voor het afwerken van warmband-rollen, in het bijzonder rollenbak-rollen.
Bij warmbreedband-walsgroepen met een uit één of meer vdorwalsinrichtingen bestaande voorwalsgroep, een daarop aansluitende tussen-walsrollenbaan en een er op volgende eindwalsgroep, worden de in de opwarmoven op de 5 gewenste walstemperatuur gebrachte plakken, die bijvoorbeeld een lengte van 9 m en meer en een dikte van 100 tot 170 mm en meer kunnen hebben, eerst in de walsinrichtingen van de voorwalsgroep gewalst tot een voorgewalste band met een dikte van 16 tot 25 mm of ook tot aan 50 mm en meer en 10 met een breedte van bijvoorbeeld 180 tot 750 mm of meer.
Deze voorgewalste band wordt dan via de tussen-walsrollenbaan toegevoerd aan de eindwalsgroep, waarin hij continu na elkaar door een aantal walsinrichtingen heen loopt en daarbij al naar behoefte wordt uitgewalst tot een warmbreed-15 band met een dikte van 1 tot 12,5 mm en al naar de breedte van de walsinrichtingen met een breedte van ongeveer 550 tot 2000 mm of ook meer. Al naar de dikte en breedte van de warmband benevens de grootte van de toegevoerde plakken heeft de warmgewalste breedband een lengte van 20 750 tot 150Q m en meer. Deze lange warmband, die de eind walsgroep verlaat met temperaturen boven 800°C wordt vervolgens door een haspel tot een bundel, de zogenaamde rol, opgewikkeld en dan afgekoeld op een koel- en uitloop-rollenbaan.
25 Voor zover de rollen als produkt van de warm- breedband-walsgroep niet direkt als warmgewalste breedband in bundels worden afgeleverd aan verdere verwerkers, zoals bijvoorbeeld koudwalserijen, vindt de verdere verwerking, het zogenaamde afwerken, plaats in warmband-afwerkinrich-30 tingen. De breedband wordt bijvoorbeeld in lengte-verdeel-inrichtingen weer van de rol afgewikkeld, gericht, langs de randen afgeknipt en in de lengte verdeeld tot middel-brede of smalle band, welke banden weer tot bundels worden opgewikkeld. Ook kan de warmbreedband in dwars-verdeel-35 inrichtingen van de rol worden afgewikkeld, gericht, langs de randen afgeknipt en tot platen afgelegd, die tot pakket-AN ie * 1 *; 7 b J & ^
* I
- 2 - ten worden verpakt. Voor het richten worden richtmachines gebruikt, bijvoorbeeld rollenrichtmachines, die voor grote platen, middelplaten en fijne platen, dat wil zeggen al naar de plaatdikte, bijvoorbeeld van 11 tot 17 rollen bezit-5 ten. Voor het kantknippen en verdelen van de breedband worden al naar de dikte daarvan scharen of autogene snij-inrichtingen toegepast. Het aan het hiervoor genoemde verdere verwerken van de warmbreedband voorafgaande afwikkelen van de rollen vindt plaats in een zogenaamde afrol-10 inrichting, waarin eerst in een bundel-openingsstation het begin van de band van de bundel door middel van een bundelopener wordt afgebogen. Hierna wordt de bundel opgenomen door een afwikkelhaspel, die is voorzien van een aangedreven aandrijf inrichting, die het begin van de baiid 15 uit de haspel schuift en toevoert aan een richtmachine.
Deze bekende afrolinrichtingen kunnen rollen afwikkelen met de gebruikelijke plaatdikte van ongeveer 1 of 1,5 tot 13 of 15 mm en in enkele gevallen ook tot een maximale dikte van 25 mm. Warmbreedband met grotere dikten is niet 20 gebruikelijk en de bekende afrolinrichtingen zijn ook niet in staat rollen met een grotere plaatdikte af te wikkelen.
Om walstechnische redenen wordt bij warmbreed-band-walsgroepen veelal tussen de voorwalsgroep en de eind-walsgroep een zogenaamde rollenbak aangebracht, waarin 25 de van de voorwalsinrichtingen komende voorgewalste band wordt gebracht en tot een rol opgewikkeld. De van passende aandrijvingen voorziene rollenbak wikkelt de rol weer af en voert de band toe aan de eindwalsgroep. Bij korte bedrijfsstoringen kan de rol tot ongeveer maximaal 15 minuten in 3Q de rollenbak blijven,, Bij langere duur van de storing treedt in de opgewikkelde voorgewalste band een te groot temperatuurverlies op, zodat de rol vanwege het volcontinue bedrijfsverloop van de warmbreedband-walsgroep niet meer verder kan worden verwerkt in de eindwalsgroep. Deze 35 rollen uit afgekoelde of koude voorgewalste band, die niet meer verder kunnen worden verwerkt in de warmbreedband-walsgroep, worden in het nu volgende aangeduid als rollen-bak-roliën.
In de zware machinebouw zijn bijvoorbeeld platen 40 nodig, die met een dikte in het gebied van bijvoorbeeld 81©17 S3 i % - 3 - 25 tot 50 mm ver buiten de plaatdikten van warmbreedband liggen, daar warmbreedband in de warmbreedband-walsgroepen in het algemeen wordt gewalst tot dikten van 1 tot 16 mm en in enkele gevallen tot 25 mm. Deze dikke platen met een 5 dikte van 25 mm en meer worden in de regel gewalst op quarto-walsgroepen. Verder worden platen van deze dikten die echter slechts een beperkte toepassingsmogelijkheid bezitten, verkregen als zogenaamde voorgewalste-plaat in warmbreedband-walsgroepen zonder rollenbak wanneer bij de 10 bovengenoemde bedrijfsstoringen in de eindwalsgroep de van de voorwalsinrichtingen van de voorwalsgroep komende voorgewalste band zo sterk afkoelt, dat de band niet meer in de eindwalsgroep verder kan worden verwerkt en wanneer dan deze voorgewalste band in zogenaamde voorgewalste 15 platen wordt verdeeld. Het enige zinvolle en mogelijke nuttige gebruik van de rollenbak-rollen was dus deze af te rollen, te richten en in voorgewalste platen van de gewenste grootte te verdelen. Het richten en verdelen was mogelijk met behulp van rollenrichtmachines en autogene 20 snij-inrichtingen in de bovengenoemde bekende inrichtingen voor het afwerken van warmband-bundels. Zoals reeds boven gezegd kunnen de bekende afrolinrichtingen echter slechts warmband-bundels met' de gebruikelijke plaatdikte tot aan 13 mm en maximaal tot aan 25 mm afrollen en zijn zij niet 25 in staat rollen te verwerken met een grotere banddikte.
Afrolinrichtingen, die het mogelijk zouden maken rollenbak-rollen met een banddikte van 25 tot 50 mm af te rollen, bestaan niet, daar dergelijke inrichtingen in de traditionele uitvoering van de bekende afrolinrichtingen zo enorm 30 duur zouden zijn, dat dergelijke grote en omvangrijke investeringen geheel oneconomisch zouden zijn voor de relatief geringe uitval aan rollenbak-rollen. De in de warmbreedband-walsgroepen uitvallende rollenbak-rollen worden dus tot schroot verwerkt.
35 De uitvinding ligt nu de doelstelling ten gronde, een werkwijze en een inrichting te verschaffen voor het afwerken van warmband-rollen, in het bijzonder rollenbak-rollen, die het mogelijk maken rollenbak-rollen maar eveneens ook andere warmband-rollen met technisch 40 eenvoudige en relatief goedkope middelen tegen zo lage kos- 2? '· «# “? Λ ~Ί ii u ktf ^ i ♦ - 4 - ten af te rollen en te richten, dat het voor de schroot bestemde materiaal kan worden gebruikt als toepasbare en verkoopbare voorgewalste plaat.
Dit doel wordt nu bereikt, doordat de rol in 5 een rollenbok wordt gelegd en daarin om zijn as draaibaar wordt gelegerd zodanig dat de rollenbok de op de warmband aangrijpende trekkrachten op kan nemen, waarbij op het bandeinde aan het begin van de rol een trekmiddel van een trekinrichting wordt bevestigd en door middel van het 10 trekmiddel de warmband ten minste gedeeltelijk van de rol wordt afgewikkeld en dat het afgewikkelde begin van de band wordt gevoerd in een rollenrichtmachine totdat het door de richtrollen wordt gepakt en in de rollenrichtmachine wordt getrokken.
15 De inrichting voor toepassing van de werkwijze is in het bijzonder gekenmerkt door een de af te wikkelen rol opnemende rollenbok met een legering voor de rol waarin de rol om zijn as draaibaar is, waarbij de legering op de warmband aangrijpende trekkrachten op kan nemen.
20 De uitvinding wordt nu nader toegelicht aan de hand van de tekening waarin uitvoeringsvoorbeelden van de inrichting volgens de uitvinding schematisch zijn weergegeven en waarin: fig. 1 een schematisch zijaanzicht toont van 25 een eerste uitvoeringsvoorbeeld van de inrichting; fig. 2 een deel toont van fig, 1 op vergrote schaal; fig. 3 een schematisch bovenaanzicht toont van een deel van de inrichting van fig. 1; 30 fig. 4 een schematisch bovenaanzicht toont van een ander deel van de inrichting van fig. 1; fig, 5 een aanzicht toont overeenkomstig fig. 2 maar van een tweede uitvoeringsvoorbeeld; en fig. 6-8 andere uitvoeringsvormen tonen van 35 een deel van de inrichting van fig. 1.
De inrichting volgens de fig. 1 tot 3 bezit een rollenrichtmachine 10 van bekende constructie, die is opgesteld na een walsrollenbaan 30 en voor een rollenbok 1, De rollenbok 1 bezit geen enkele aandrijving en 40 dient slechts voor het opnemen van de van een doorn 3 voor- 1501733 * ê % - 5 - ziene rol 2 benevens voor de legering van de doorn 3. De doorn 3 wordt bijvoorbeeld door een kraan in de rol 2 geschoven, die dan door de kraan in de rollenbok 1 wordt gelegd, waarbij de legering van de doorn 3 in de rollenbok 5 1 horizontale trekkrachten op kan nemen, zodat de doorn 3 door de bij het afwikkelen optredende trekwerking niet uit zijn legering wordt getrokken en de rol 2 niet uit de rollenbok 1 kan worden getild. Tot dit doel is de doom 3 bij het uitvoeringsvoorbeeld in vertikale sleuven 10 4 van de rollenbok 1 gelegerd,
De rollenrichtmachine 10 bezit op bekende wijze een aandrijving 11 voor een aantal bovenste en onderste richtrollen 12,
Voor het afwikkelen van de rol 2 wordt op de 15 hierna nog nader beschreven wijze aan het bandeinde, dat wil zeggen aan het begin van de rol, een trekmiddel bevestigd, dat vanaf de intreezijde naar de uittreezijde van de rollenrichtmachine 10 tussen de richtrollen 12 doorloopt en met behulp van de aandrijving 11 van de 20 richtmachine door de richtmachine 10 heen wordt getrokken, zodat door middel van het trekmiddel het begin van de warmband van de rol 2 wordt afgewikkeld en in de richtmachine 10 wordt getrokken, waar hij door de richtrollen 12 wordt beetgepakt, die nu de warmband door de richt-25 machine 10 heen trekken en daarbij de rol 2 volledig af-wikkelen. Op deze wijze kunnen rollen met bijvoorbeeld een gewicht tot ongeveer 40 ton, een rolbreedte tot ongeveer 2500 mm en een plaatdikte tot ongeveer 60 mm met eenvoudige technische middelen in een economische afwerk-30 inrichting wordt afgewikkeld en gericht.
Bij het in de fig. 1 tot 3 weergegeven uitvoeringsvoorbeeld dient als trekmiddel een aan het begin van de rol 2 vastgezette kabeltrekinrichting 14, die tussen de richtrollen 12 heen wordt geleid naar een bij de uittree-35 zijde van de rollenrichtmachine 10 aangebrachte aandrijving voor de kabeltrekinrichting, zodat door middel van de inrichting de rol wordt afgewikkeld en het begin van de rol ofwel de band in de rollenrichtmachine 10 wordt getrokken en tussen de richtrollen 12 wordt gebracht.
40 Wanneer in het bovenstaande en in het nu volgende wordt ... pi Jt -» * G s w - - s » « - 6 - gesproken over kabeltrekinrichting en trekkabel moeten daaronder in de zin van de onderhavige uitvinding en de beschrijving niet slechts trekinrichtingen worden verstaan met een kabel, maar ook die met een ketting of dergelijke 5 als trekorgaan.
Voor het aandrijven van de trekkabelinrichting 14 is op bijzonder gunstige wijze de aandrijving 11 van de rollenrichtmachine 10 voorzien van een aandrijving 13 voor de inrichting 14 ofwel voor de kabeltrommel daarvan, 10 zodat op eenvoudige en kostenbesparende wijze het afwikkelen van de rol 2 met behulp van de aandrijving 11 van de richtmaqhine plaatsvindt en hiervoor geen aanvullende aandrijving en energie noodzakelijk is. Voor het opwekken van de noodzakelijke trekkrachten kan de kabeltrekinrich-15 ting 14 bijvoorbeeld zijn voorzien van een vertragings-aandrijving. Bij het weergegeven uitvoeringsvoorbeeld (fig. 1 tot 31 is de kabeltrekinrichting 14 op bijzonder gunstige wijze uitgevoerd als takel. Van de in de rollenrichtmachine 10 aangebrachte kabeltrommel van de aan-20 drijving 13 wordt een trekkabel 14 onder de walsrollenbaan 30 geleid naar een eveneens onder de rollenbaan 30 aangebrachte kabelomkeerbok 15, die met een aantal kabel-rollen 16 het vaste blok van de takel vormt. Vanaf de vaste blokken 15, 16 lopen de kabelstrengen over de rollen 25 van de rollenbaan 30 naar de losse blokken 17, 18 van de takel, die door een aan het begin van de rol 2 bevestig-bare kabeltrek-traverse 17 met een aantal kabelrollen 18 wordt gevormd. Voor het vergemakkelijken van bediening van de inrichting wordt de kabeltrek-traverse 17 bij het 30 begin van het afwikkelproces tot direkt bij de uittree-zijde van de rollenrichtmachine 10 gebracht. Het vastzetten van de losse blokken 17, 18 aan het begin van de rol 2 vindt op die wijze plaats, dat aan de kabeltrek-traverse 17 een aantal kabelstukken 19 door middel van 35 kabelverbindingen 20 zijn bevestigd. De kabelstukken 19 worden vanaf de afvoerzijde naar de intreezijde van de rollenrichtmachine 10 tussen de richtrollen 12 daarvan naar de rol 12 gebracht. De bevestiging van de van kabel- verbindingen 21 voorziene einden van de kabelstukken 40 19 vindt op die wijze plaats, dat het begin van de rol 3501733 t « - 7 - wordt voorzien van openingen, door welke openingen en kabelverbindingen 21 heen pennen worden gestoken. Op deze wijze wordt een gelijkmatige verdeling van de trekkracht over de breedte van de rol 2 bereikt.
5 Terwijl bij de bekende, gebruikelijke afwikkel- inrichtingen de rol in een afwikkelhaspel wordt geplaatst, die is voorzien van een aandrijving en die de afgerolde band van voren in een richtmachine drijft, wordt bij de inrichting volgens de uitvinding de rol in een rollenbok 10 zonder aandrijving geplaatst en de band wordt van achteren af door de richtmachine heen, door middel van de richtmachi-ne-aandrijving, van de rol afgetrokken en in de richtmachine getrokken.
Voor het continu verdelen van de uit de rollen-15 richtmachine 10 tredende gerichte band is de rollenbaan 30 voorzien van een verdeelinrichting (fig. 1 en 4}. In verband hiermee is het, achter de kabelomkeerbok 15 liggende, als deelinrichting 32 uitgevoerde deel van de rollenbaan 30 niet voorzien van relatief brede rollen voor het 20 opnemen van de gerichte band 31, maar van relatief smalle schijven 33, die uitwisselbaar zijn gelegerd op hun assen 34 en op willekeurige afstanden van elkaar kunnen worden aangebracht. Voor het in platen verdelen van de band 31 bezit de verdeelinrichting 32 verder een brander-snij-25 inrichting 35 met ten minste êén snijbrander. Bij het weergegeven uitvoeringsvoorbeeld bezit de brander-snij-inrichting 35 twee snijbranders 36, die gelijktijdig vanaf de zijranden naar het midden van de band 31 toe werken en de dwarsverdeling van de band 31 tot platen van de 30 gewenste grootte uitvoeren. De snijbranders 36 zijn zowel in de lengte- of transportrichting van de band 31 synchroon met de snelheid van de beweging van de band 31 verplaatsbaar alsook tegelijk dwars daarop in hun arbeidsrichting.
Door enerzijds de arbeidssnelheid van de snijbranders 36 35 en anderzijds de transportsnelheid van de band 31 resulteert uit de gelijktijdige langs- en dwarsbeweging van de snijbranders 36 ten opzichte van de schijven 33 en assen 34 een schuine verplaatsing 37. Daarom zijn de schijven 33 zodanig aangebracht op de assen 34, dat onder de bewegings-40 baan 37 geen schijven 33 liggen zodat deze niet door de ITS. *» Λ *5 Λ ^ * l - 8 - snijbranders 36 kunnen worden beschadigd.
De inrichting van fig. 5 onderscheidt zich van het uitvoeringsvoorbeeld volgens de fig. 1 tot 3 in hoofdzaak door het laten vervallen van de kabeltrekinrich-5 ting met de aandrijving, de kabelomkeerbok, kabeltraverse enz. In plaats daarvan wordt als trekmiddel een trekplaat 40 toegepast, die vanaf de intreezijde naar de uittree-zijde van de rollenrichtmachine 10 tussen de richtrollen 12 heen loopt en aan het begin van de rol 2 wordt bevestigd. 10 Zo kan bijvoorbeeld de trekplaat 40 met de lasnaad 41 worden vastgelast aan de warmband van de rol 2 en naderhand, nadat de afgewikkelde warmband de rollenrichtmachine 10 heeft doorlopen, in de. deelinrichting 32 door middel van de brander-snij-inrichting 35 weer daarvan losgemaakt.
15 Als trekplaat kan bijvoorbeeld een stuk warmband worden toegepast dat tevoren is afgewikkeld van een rol, in de richtmachine 10 is gericht en in de verdeelinrichting 32 is afgescheiden. Ook kan men bijvoorbeeld de rollenrichtmachine stilzetten wanneer een rol juist is afgewik-20 keld en voordat het einde van deze warmband in de rollenrichtmachine wordt getrokken, men neemt dan de doorn 3 uit de rollenbok 1 en plaatst een nieuwe rol 2 met een doorn 3 in de rollenbok 1 zodat men nu het einde van de warmband van de voorafgaande rol vast kan lassen aan het 25 begin van de volgende rol, zodat dan dus het einde van de warmband van een rol wordt gebruikt als trekplaat 40 voor de volgende rol. De richtmachineaandrijving 11 en de richtrollen 12 zijn als aandrijving voor de trekplaat 40 zodanig uitgevoerd, dat de door de richtmachine-30 aandrijving 11 aangedreven richtrollen 12 de noodzakelijke trekkracht op de trekplaat 40 kunnen overbrengen, om deze door de richtmachine 10 heen te trekken en daarbij de warmband van de rol 2 af te wikkelen en in de richtmachine te trekken. De trekplaat 40 en de warmband van de 35 af te wikkelen rol 2 kunnen verschillende breedten en dikten bezitten. In dit geval wordt de verstelbare afstand tussen de bovenste en onderste richtrollen 12 eerst ingesteld op de dikte van de trekplaat 40 en bij het binnentreden van de afgerolde warmband in de rollenricht-40 machine 10 stap voor stap op de dikte van de warmband 3δδ 175? J + - 9 - omgeschakeld.
Het uitvoeringsvoorbeeM volgens fig. 5 vormt dus een zeer bijzonder gunstige uitvoeringsvorm van de inrichting volgens de uitvinding, daar deze het mogelijk 5 maakt met een rollenrichtmachine zonder noemenswaardige aanvullende kosten met technisch eenvoudige en goedkope middelen voor de schroot bestemde rollen op gunstige wijze af te wikkelen en te richten en tot een verkoopbaar materiaal te verwerken.
10 Bij de rollenbok 1 in fig. 1 en 2 moet in de rol 2 de doorn 3 worden geplaatst, waarop de rol 2 zodanig om zijn as draaibaar is gelegerd, dat de rollenbok 1 de bij het afwikkelen van de rol 2 op de warmband aangrijpende trekkrachten op kan nemen. Fig. 6 toont een uitvoerings-15 voorbeeld waarbij de rol 2 zonder een doom draaibaar in de rollenbok 1 is gelegerd. De legering bestaat uit steun-rollen 43, 44, 45, die de rol 2 dragen en zodanig zijn aangebracht, dat de rollenbok 1 de door de richtrollen 12 van de richtmachine 10 op de warmband uitgeoefende trek-20 krachten op kan nemen.
Volgens een verder kenmerk van de uitvinding kan men de rol 2 op de hierna nog nader beschreven wijze eerst in een afzonderlijke eerste rollenbok gedeeltelijk afwikkelen. Dan wordt de rol 2 bijvoorbeeld door middel 25 van een kraan met of zonder doorn 3 in de voor de rollenrichtmachine 10 aangebrachte tweede rollenbok 1 van fig. 1 ofwel fig. 6 geplaatst, waarbij het afgewikkelde begin van de band in de rollenrichtmachine 10 wordt geleid tot het door de richtrollen 12 wordt beetgepakt en in de 30 rollenrichtmachine 10 wordt getrokken. Om dit inbrengen te vergemakkelijken, zijn bij de rollenbok 1 in fig. 6 de steunrollen 43, 44 voorzien van een aandrijving, die de rol 2 in beide richtingen om zijn as kunnen draaien om het afgewikkelde begin van de band op te kunnen tillen 35 of te kunnen laten dalen.
Wanneer bij het uitvoeringsvoorbeeld in fig. 1 en 2 de rol 2 volledig is afgewikkeld, moet de rollenrichtmachine 10 worden stilgezet om eerst een nieuwe . rol 2 in de rollenbok 1 te plaatsen en om dan hetzij het 40 begin van de band van de nieuwe rol aan het als trekplaat
Str* # ui “» “9 W' - * t o * * - 10 - 40 dienende einde van de band van de voorafgaande rol te bevestigen, of om de trekkabel 14 tussen de richtrollen 12 van de rollenrichtmachine 10 heen te trekken en aan het begin van de band van de nieuwe rol te bevestigen, zodat 5 de nieuwe rol ten minste gedeeltelijk en zo ver kan worden af gewikkeld, dat het af gewikkelde begin van de band in de rollenrichtmachine 10 kan worden geleid, tot het door de richtrollen 12 wordt beetgepakt en in de rollenrichtmachine 10 wordt getrokken. Om deze stilstandtijd te vermijden en 10 de doorgangscapaciteit van de rollenrichtmachine te vergroten, wordt volgens de uitvinding voorgesteld de rol in een afzonderlijke rollenbok met behulp van het trekmiddel van een afzonderlijke trekinrichting ten minste gedeeltelijk af te wikkelen. Hiertoe is elke trekinrichting ge- 15 schikt, die de voor het afwikkelen van de rol noodzakelijke trekkracht kan opwekken. Voor het transport van zware rollen is meestal toch een sterke kraan aanwezig, die op de hierna beschreven wijze als trekinrichting kan worden toegepast. Ook kan bijvoorbeeld een haspel of een lier 20 op analoge wijze worden toegepast als de door de aandrijving 11 van de rollenrichtmachine 10 aangedreven trekkabel-aandrijving 13 in fig. 1 en 2. Bij elk van deze geschikte trekinrichtingen kan een kabel, een ketting of een willekeurig ander geschikt trekmiddel worden toegepast.
25 Hierbij kan men de in de afzonderlijke rollenbok geplaatste rol volledig afwikkelen en de afgewikkelde band bijvoorbeeld door middel van een krans naar de rollenrichtmachine 10 transporteren en op een rollenbaan 46 leggen, die volgens fig. 6 voor de rollenrichtmachine is aange-30 bracht. De rollenbaan 46 kan zijn voorzien van aangedreven rollen om de afgewikkelde band te transporteren en met het begin van de band daarvan in de rollenrichtmachine 10 te brengen. Men kan echter ook een rollenbaan 46 met de noodzakelijke lengte toepassen, aan het begin waarvan een 35 rollenbok (niet weergegeven) is aangebracht en aan het einde waarvan, nabij de rollenrichtmachine 10, een niet weergegeven trekinrichting wordt aangebracht, bijvoorbeeld een kabellier, analoog aan de weergaven in de fig. 2 en 3, zodat de rol uit de rollenbok op de rollenbaan 46 wordt 40 af gewikkeld en dan vanaf de rollenbaan 46 in de rollenricht- 8 S b * 7 δ 3 ♦ - 11 - machine 10 wordt gevoerd. Bij het uitvoeringsvoorbeeld van fig. 6 is de direkt voor de rollenrichtmachine 10 aangebrachte rollenbok 1 zodanig uitgevoerd en zijn de steun-roliën 43, 44, 45 zodanig aangebracht, dat een op de 5 rollenbaan 46 liggende warmband voor de rollenbok 1 en tussen de steunrollen 43, 44, 45 daarvan heen in de rollenrichtmachine 10 kan worden geleid. De lengte van een afgewikkelde band is meestal zo groot, dat het alleen reeds vanwege de noodzakelijke plaatsruimte in de regel ondoel-10 matig is, de rol eerst op de hiervoor beschreven wijze volledig af te wikkelen en dan pas in afgewikkelde toestand naar de rollenrichtmachine toe te voeren.
Veelal zal het gunstiger zijn de rol in een eerste, afzonderlijke rollenbok door middel van de af-15 zonderlijke trekinrichting slechts gedeeltelijk en slechts zover af te wikkelen, dat de rol in de bovenstaande aan de hand van fig. 6 beschreven wijze kan worden geplaatst in een voor de rollenrichtmachine 10 aangebrachte tweede rollenbok 1, waarbij het afgewikkelde begin van de rol ge-20 lijktijdig in de rollenrichtmachine 10 kan worden gevoerd, tot het door de richtrollen 12 wordt beetgepakt. Fig. 7 toont een rollenbok 1, die analoog aan de rollenbok 1 in fig. 6 is voorzien van steunrollen 43, 44, 45 voor de rol 2. Aan het begin van de band is als trekmiddel een 25 kabel 14 bevestigd, die is geleid om een omkeerrol 48 en die is vastgehaakt aan de lasthaak 49 van een als trekinrichting toegepaste kraan, met behulp waarvan het begin van de band wordt afgewikkeld. Dezelfde kraan dient voor het transport van de rol 2 bij het plaatsen van de rol in 30 de hiervoor genoemde eerste rollenbok benevens voor het er op aansluitende transport van de gedeeltelijk afgewikkelde rol en voor het plaatsen ervan in de voor de rollenrichtmachine aangebrachte tweede rollenbok.
Fig. 8 toont een rollenbok 1 analoog aan de 35 rollenbok 1 van de fig. 1 en 2, waarin de rol 2 op de doom 3 is geplaatst. Met 50 is een in de rollenbok 1 gelegerde omkeerrol aangeduid. Ook hier is aan het begin van de band een kabel 14 bevestigd, die weer aan de lasthaak 49 van een kraan is vastgehaakt. De sleuven 4 in de 40 rollenbok 1, die de doom 3 opnemen en waarin de rol 2 f-Λ ‘•ï .1' L «· w · - 12 - met de doorn 3 draaibaar is gelegerd, zijn zodanig aangebracht en uitgevoerd, dat de rollenbok 1 de op de warmband aangrijpende trekkrachten van de kraan op kan nemen. Op deze wijze wordt de rol gedeeltelijk afgewikkeld en dan 5 weer toegevoerd aan een voor de rollenrichtmachine geplaatste tweede rollenbok.
^conclusies- S5GÏ793
Claims (18)
1. Werkwijze voor het afwerken van warmband-rollen, in het bijzonder rollenbak-rollen, met het kenmerk, dat de rol (2) in een rollenbok (1} wordt gelegd en daarin om zijn as draaibaar wordt gelegerd zodanig dat 5 de rollenbok (1) de op de warmband aangrijpende trekkrachten op kan nemen, waarbij op het bandeinde aan het begin van de rol (2) een trekmiddel (14,40) van een trekinrichting wordt bevestigd en door middel van het trekmiddel (14,40) de warmband ten minste gedeeltelijk van de rol (2) wordt 10 afgewikkeld en dat het afgewikkelde begin van de band wordt gevoerd in een rollenrichtmachine (10) totdat het door de richtrollen (12) wordt gepakt en in de rollenrichtmachine (10) wordt getrokken.
2. Werkwijze volgens conclusie 1, m e t het 15 kenmerk, dat de in een eerste rollenbok (1) gedeeltelijk afgewikkelde rol (2) in een voor de rollenrichtmachine (10) aangebrachte tweede rollenbok (1) wordt gelegd en daarin om zijn as draaibaar wordt gelegerd zodanig dat de tweede rollenbok (1) de op de warmband aangrijpende 20 trekkrachten van de richtrollen (12) op kan nemen.
3. Werkwijze volgens conclusie 1 of 2, m e t het kenmerk, dat de rol (2) is voorzien van een doorn (3) en op de doom (3) in een rollenbok (1) wordt gelegd.
4. Werkwijze volgens conclusie l,methet kenmerk, dat het trekmiddel (14,40) vanaf de intree-zijde naar de uittreezijde van de rollenrichtmachine (10) tussen de richtrollen (12) daarvan heen loopt en met behulp van de richtmachine-aandrijving (11) door de rollenricht- 30 machine (10) wordt heengetrokken, waarbij het begin van de warmband van de rol (2) wordt afgewikkeld en in de rollenrichtmachine (10) wordt getrokken.
5. Werkwijze volgens conclusie 4,met het kenmerk, dat aan het begin van de rol (2) een trek- G V ύ / è! 3 „ V - 14 - plaat (40) als trekmiddel is bevestigd, die vanaf de intree-zijde naar de uittreezijde van de rollenrichtmachine (10) tussen de richtrollen (12) daarvan heen loopt en door middel van de door de richtmachine-aandrijving (11) aan-5 gedreven richtrollen (12) door de rollenrichtmachine (10) heen wordt getrokken.
6. Werkwijze volgens conclusie 4,met het 9 kenmerk, dat aan het begin van de rol (2) een trek-kabel (14,19) als trekmiddel wordt vastgezet, welke 10 kabel vanaf de intreezijde naar de uittreezijde van de rollenrichtmachine (10) tussen de richtrollen (12) heen naar een door de richtmachine-aandrijving (11) aangedreven kabeltrek-aandrijving (13) wordt geleid.
7. Werkwijze volgens conclusie 6, m e t het 15 kenmerk, dat de uit de rollenrichtmachine (10) tredende gerichte warmband (31) op een er na geplaatste rollenbaan (30) met verdeelinrichting (32) door middel van een brander-snij-inrichting (35) continu in platen wordt verdeeld.
8. Afwerkinrichting voor warmband-rollen, in het bijzonder rollenbak-rollen, gekenmerkt door een de af te wikkelen rol (2) opnemende rollenbok (1) met een legering voor de rol (2), waarin de rol (2) om zijn as draaibaar is, waarbij de legering de op de 25 warmband aangrijpende trekkrachten op kan nemen.
9. Inrichting volgens conclusie 8,met het kenmerk, dat de rollenbok (1) is voorzien van een legering voor een de rol (2) dragende doorn (3).
10. Inrichting volgens conclusie 8, m e t het 30 kenmerk, dat de rollenbok (1) is voorzien van een legering bestaande uit de rol (2) dragende steunrollen (43,44,45).
11. Inrichting volgens conclusie 10, m e t het kenmerk, dat ten minste een deel van de steunrollen ?5D1783 ’ * - 15 - (43,44) is voorzien van een aandrijving.
12. Inrichting volgens êën der conclusies 8 tot 10 met een rollenricht-machine, met het kenmerk, dat voor de rollenricht-machine (10) een rollenbok (1) 5 is geplaatst en dat de aandrijving (11) van de rollenricht-machine (10) is uitgevoerd als aandrijving voor een aan het begin van de rol (2) bevestigbaar trekmiddel (14,40) welk middel vanaf de intreezijde naar de uittreezijde van de rollenrichtmachine (10) tussen de richtrollen (12) 10 daarvan heen kan worden geleid en met behulp van de richtmachine-aandrijving (11) door de rollenricht-machine (10) heen kan worden getrokken.
13. Inrichting volgens conclusie 12, met het ' kenmerk, dat de richtmachine-aandrijving (11) en 15 de richtrollen (12) zijn uitgevoerd als aandrijving voor een als trekmiddel dienende trekplaat (40), die door middel van de door de richtmachine-aandrijving (11) aangedreven richtrollen (12) door de rollenrichtmachine (10) heen kan worden getrokken.
14. Inrichting volgens conclusie 12,met het kenmerk, dat de richtmachine-aandrijving (11) is uitgevoerd als aandrijving voor een kabeltrekinrichting (13), waarvan de trekkabel (14,19) van de uittreezijde naar de intreezijde van de rollenrichtmachine (10) tussen 25 de richtrollen (12) daarvan door naar de rol (2) kan worden gevoerd.
15. Inrichting volgens conclusie 14,met het kenmerk, dat de kabeltrekinrichting (14,19) is voorzien van een overbrengings-aandrijving.
16. Inrichting volgens conclusie 14, m e t het kenmerk, dat de kabeltrekinrichting (14,19) is uitgevoerd als takel, waarvan het vaste blok (15,16) onder de rollenbaan (30) is aangebracht en waarvan het losse blok (17,18) is uitgevoerd als een met het begin 35 van de warmband te verbinden trekkabel-traverse (17). esc 17S3 - 16 -
17. Inrichting volgens ëën der conclusies 12 tot 16 met een na de rollenrichtmachine aangebrachte rollenbaan, met het kenmerk, dat de rollenbaan (30) is voorzien van een verdeelinrichting (32) voor het continue 5 verdelen van de gerichte warmband (31), waarbij de verdeelinrichting (32) een brander-snij-inrichting (35) omvat met ten minste ëën snijbrander (36), die in de langs- of transportrichting synchroon verplaatsbaar is met de beweging van de warmband (31) en tegelijkertijd dwars daarop 10 in zijn arbeidsrichting en waarbij de verdeelinrichting (32) verder op assen (34) gelegerde rollenbaanschijven (33) bezit, die zodanig uitwisselbaar en op willekeurige afstanden van elkaar op de assen (34) kunnen worden aangebracht, dat geen schijven (33) onder de bewegingsbaan 15 (37) van de snijbrander (36) liggen.
18. Werkwijze en inrichting als beschreven en/of weergegeven in de tekening. 8501793
Applications Claiming Priority (6)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| DE3423760 | 1984-06-28 | ||
| DE3423760 | 1984-06-28 | ||
| DE3428349 | 1984-08-01 | ||
| DE19843428349 DE3428349A1 (de) | 1984-06-28 | 1984-08-01 | Verfahren und vorrichtung zum zurichten von warmband-coils, insbesondere coilbox-coils |
| DE3513831 | 1985-04-17 | ||
| DE19853513831 DE3513831A1 (de) | 1984-06-28 | 1985-04-17 | Verfahren und vorrichtung zum zurichten von warmband-coils, insbesondere coilbox-coils |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL8501793A true NL8501793A (nl) | 1986-01-16 |
Family
ID=27192103
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL8501793A NL8501793A (nl) | 1984-06-28 | 1985-06-21 | Werkwijze en inrichting voor het afwerken van warmbandrollen, in het bijzonder rollenbak-rollen. |
Country Status (12)
| Country | Link |
|---|---|
| US (1) | US4680951A (nl) |
| BE (1) | BE902712A (nl) |
| CA (1) | CA1238266A (nl) |
| DK (1) | DK295585A (nl) |
| ES (1) | ES8608955A1 (nl) |
| FR (1) | FR2566686B1 (nl) |
| GB (1) | GB2160801B (nl) |
| IE (1) | IE56862B1 (nl) |
| LU (1) | LU85977A1 (nl) |
| NL (1) | NL8501793A (nl) |
| PT (1) | PT80712B (nl) |
| SE (1) | SE462146B (nl) |
Families Citing this family (3)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| USD433206S (en) * | 1998-06-12 | 2000-10-31 | Alcoa Inc. | Rack |
| FR2796321B1 (fr) * | 1999-07-12 | 2002-05-31 | B S B | Procede et dispositif d'introduction d'une extremite d'une bande de matiere dans un dispositif redresseur, et systeme d'alimentation d'une presse correspondant |
| US7677071B2 (en) * | 2006-06-02 | 2010-03-16 | Bh Legacy, Llc | Apparatus for the fabrication of metal wall frame members and assembly of wall frames therefrom, and foldable wall frame structures |
Family Cites Families (23)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE1070576B (de) * | 1959-12-10 | United Engineering and Foundry Company, Pittsburgh, Pa. (V. St. A.) | Verfahren unid Vorrichtung zum kontinuierlichen Abhaspeln kernloser Bandbunde | |
| DE587705C (de) * | 1932-09-23 | 1933-11-08 | Schloemann Akt Ges | Entrollvorrichtung fuer Bunde starker oder steifer Baender |
| US2331392A (en) * | 1941-03-15 | 1943-10-12 | Inland Steel Co | Article-charging machine |
| DE857787C (de) * | 1943-01-31 | 1952-12-01 | Doehner Ag | Vorrichtung zum Erfassen, Zurichten und Einfuehren der Aussenenden von Metallwickelnund -bunden in ein Walzwerk |
| US2494399A (en) * | 1945-04-11 | 1950-01-10 | Odd H Mccleary | Coil tail pulling apparatus |
| US3010672A (en) * | 1959-09-01 | 1961-11-28 | Jr Owen S Cecil | Coil opener and uncoiler |
| DE1244695B (de) * | 1961-02-28 | 1967-07-20 | Schloemann Ag | Vorrichtung zum selbsttaetigen Abheben und Weiterleiten des Bandanfanges eines auf einen Abhaspel aufgebrachten Metallbandbundes |
| DE1148514B (de) * | 1961-08-25 | 1963-05-16 | Franz Gerst | Ablaufhaspel mit den abzuziehenden Draht ausrichtenden Abzugsrollen |
| US3377830A (en) * | 1965-06-18 | 1968-04-16 | United States Steel Corp | Method and apparatus for reducing strip |
| GB1192698A (en) * | 1967-05-31 | 1970-05-20 | Irma Ungerer | Arrangement for Stretching and Straightening Continuously Running Sheet-Metal Strips |
| FR1541022A (fr) * | 1967-07-31 | 1968-10-04 | Nord Aviation | Procédé de planage de feuillards métalliques minces et dispositif de planage correspondant |
| GB1196512A (en) * | 1968-02-27 | 1970-06-24 | Pressed Steel Fisher Ltd | A Machine for Processing Metallic Sheet and Strip Material |
| FR2036442A6 (en) * | 1969-03-14 | 1970-12-24 | Loire Atel Forges | Cold-working and levelling a metal strip |
| GB1315815A (en) * | 1969-08-18 | 1973-05-02 | British Federal Welder | Apparatus for joining metal strips |
| GB1348377A (en) * | 1970-07-13 | 1974-03-13 | Wean United Inc | Method of and apparatus for feeding strip-like material to r rolling mill |
| FR2171177B3 (nl) * | 1972-02-08 | 1976-01-30 | Bosch Photokino Gmbh | |
| IT1037812B (it) * | 1975-05-02 | 1979-11-20 | Innocenti Santeustacchio Spa | Apparecchiatura per alimentare rotoli successivi di lamiera ad una stazione di svolgimento |
| GB1591886A (en) * | 1976-09-02 | 1981-07-01 | Explosafe Sa | Machine for expanding metal webs |
| US4047416A (en) * | 1976-10-14 | 1977-09-13 | F. J. Littell Machine Company | Uncoiling and straightening apparatus for strip material |
| US4214467A (en) * | 1979-03-05 | 1980-07-29 | Kaiser Aluminum & Chemical Corporation | Metal coil handling system |
| US4487045A (en) * | 1981-11-23 | 1984-12-11 | Sesco, Inc. | Cradle straightener feeder |
| US4520645A (en) * | 1982-01-26 | 1985-06-04 | Davy Mckee (Poole) Limited | Feeding thin foil-like material into a gap between a pair of rotatable rolls |
| US4552299A (en) * | 1982-09-22 | 1985-11-12 | Tadeusz Sendzimir | Intermediate accumulating system in processing strip material |
-
1985
- 1985-06-03 SE SE8502741A patent/SE462146B/sv not_active IP Right Cessation
- 1985-06-05 GB GB08514184A patent/GB2160801B/en not_active Expired
- 1985-06-20 BE BE0/215232A patent/BE902712A/fr not_active IP Right Cessation
- 1985-06-21 NL NL8501793A patent/NL8501793A/nl not_active Application Discontinuation
- 1985-06-24 IE IE1561/85A patent/IE56862B1/en unknown
- 1985-06-26 CA CA000485286A patent/CA1238266A/en not_active Expired
- 1985-06-26 LU LU85977A patent/LU85977A1/de unknown
- 1985-06-26 FR FR858509715A patent/FR2566686B1/fr not_active Expired - Lifetime
- 1985-06-26 PT PT80712A patent/PT80712B/pt not_active IP Right Cessation
- 1985-06-27 ES ES544620A patent/ES8608955A1/es not_active Expired
- 1985-06-27 US US06/749,399 patent/US4680951A/en not_active Expired - Fee Related
- 1985-06-28 DK DK295585A patent/DK295585A/da not_active Application Discontinuation
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| CA1238266A (en) | 1988-06-21 |
| BE902712A (fr) | 1985-10-16 |
| IE56862B1 (en) | 1992-01-01 |
| SE8502741D0 (sv) | 1985-06-03 |
| IE851561L (en) | 1985-12-28 |
| GB8514184D0 (en) | 1985-07-10 |
| SE8502741L (sv) | 1985-12-29 |
| US4680951A (en) | 1987-07-21 |
| LU85977A1 (de) | 1986-01-22 |
| GB2160801B (en) | 1987-11-25 |
| DK295585A (da) | 1985-12-29 |
| SE462146B (sv) | 1990-05-14 |
| DK295585D0 (da) | 1985-06-28 |
| FR2566686B1 (fr) | 1990-10-12 |
| PT80712B (de) | 1986-11-10 |
| ES8608955A1 (es) | 1986-07-16 |
| GB2160801A (en) | 1986-01-02 |
| FR2566686A1 (fr) | 1986-01-03 |
| ES544620A0 (es) | 1986-07-16 |
| PT80712A (de) | 1985-07-01 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| RU2216416C2 (ru) | Установка и способ горячей прокатки плоского проката | |
| JP5740945B2 (ja) | ルーパの可動ロール位置制御方法 | |
| US9796009B2 (en) | Winding/unwinding device and method for winding/ unwinding a metal product in a rolling line | |
| CS235312B2 (en) | Equipment for band material hot rolling | |
| EP1160022A3 (en) | Continuous hot rolling apparatus | |
| NL8501793A (nl) | Werkwijze en inrichting voor het afwerken van warmbandrollen, in het bijzonder rollenbak-rollen. | |
| DE2425463C2 (de) | Arbeitsverfahren zur Weiterbearbeitung von Profilstahl im Anschluß an eine Feinstahlwalzstraße und Anordnung zur Durchführung des Verfahrens | |
| CN101227985A (zh) | 检查方法 | |
| US3422649A (en) | Automatic threading device for rolling mills | |
| UA79184C2 (en) | Method and installation for hot-rolling strips using reversible steckel rolling frame | |
| US6855290B2 (en) | Device and respective equipment for receiving and discharging bars, used particularly for handling and/or wrapping purposes downstream of rolling-mills, and its respective rolling-mill | |
| JP2820520B2 (ja) | エンドレス熱間圧延における巻取機の切換方法 | |
| DE19950710A1 (de) | Anlage zum Trocknen und Kühlen und zum anschließenden Aufwickeln oder Querschneiden einer Papierbahn | |
| RU2260487C2 (ru) | Непрерывная прокатка прутковых и проволочных изделий | |
| DE3513831C2 (nl) | ||
| EP1364723B1 (en) | Method and device for uninterrupted continous rolling of bar and rod products | |
| JPH082447B2 (ja) | 連続循環圧延装置 | |
| US290002A (en) | Rolling wire rods and apparatus therefor. | |
| US3567149A (en) | Automatic strip coiler | |
| DE19706054A1 (de) | Induktionsschweißeinrichtung und Arbeitsverfahren zum Verbinden mehrerer Vorbänder in einer Anlage zur Endlosherstellung von warmgewalztem Stahlband | |
| JPH04228217A (ja) | 熱延鋼帯の搬送方向切換装置と巻取り装置 | |
| KR101043075B1 (ko) | 냉간압연라인의 코일 단부 압연장치 | |
| RU2047427C1 (ru) | Линия для раскроя движущегося листового проката | |
| DE3428349A1 (de) | Verfahren und vorrichtung zum zurichten von warmband-coils, insbesondere coilbox-coils | |
| RU2227070C2 (ru) | Способ горячей прокатки тонкой полосы и стан для его осуществления |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| BV | The patent application has lapsed |