[go: up one dir, main page]

NL8302355A - Overlevingscabine te gebruiken op een offshore vaartuig. - Google Patents

Overlevingscabine te gebruiken op een offshore vaartuig. Download PDF

Info

Publication number
NL8302355A
NL8302355A NL8302355A NL8302355A NL8302355A NL 8302355 A NL8302355 A NL 8302355A NL 8302355 A NL8302355 A NL 8302355A NL 8302355 A NL8302355 A NL 8302355A NL 8302355 A NL8302355 A NL 8302355A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
capsule
davit
vessel
survival cabin
cabin according
Prior art date
Application number
NL8302355A
Other languages
English (en)
Original Assignee
Tell Nico Ab Von
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Tell Nico Ab Von filed Critical Tell Nico Ab Von
Publication of NL8302355A publication Critical patent/NL8302355A/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B63SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
    • B63BSHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; EQUIPMENT FOR SHIPPING 
    • B63B23/00Equipment for handling lifeboats or the like
    • B63B23/02Davits, i.e. devices having arms for lowering boats by cables or the like
    • B63B23/04Davits, i.e. devices having arms for lowering boats by cables or the like with arms pivoting on substantially horizontal axes, e.g. gravity type
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B63SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
    • B63CLAUNCHING, HAULING-OUT, OR DRY-DOCKING OF VESSELS; LIFE-SAVING IN WATER; EQUIPMENT FOR DWELLING OR WORKING UNDER WATER; MEANS FOR SALVAGING OR SEARCHING FOR UNDERWATER OBJECTS
    • B63C9/00Life-saving in water
    • B63C9/06Floatable closed containers with accommodation for one or more persons inside

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Ocean & Marine Engineering (AREA)
  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Combustion & Propulsion (AREA)
  • Revetment (AREA)
  • Toys (AREA)
  • Buildings Adapted To Withstand Abnormal External Influences (AREA)
  • Emergency Lowering Means (AREA)

Description

> *' * i* -1- VO 4921
Overlevingscabine te gebruiken op een offshore vaartuig.
De vaartuigen, welke voor boordoeleinden worden gebruikt of voor het huisvesten van de bedienende bemanning voor booreilanden, zijn onderworpen aan arbeidsrisico's, waarin begrepen instorten als gevolg van materiaaldefecten of botsingen, waardoor kapseizen kan plaatsvinden, 2 alsmede explosies en brand.
Het is derhalve noodzakelijk te voorzien in overlevingsmiddelen, waarbij de bemanning beter beschermd is dan in gebruikelijke reddingsboten. In vele gevallen is niet noodzakelijk het vaartuig onmiddellijk te verlaten, doch er moet een veilige plaats zijn waarin de bemanning 10 zich kan terugtrekken, en daarin kan beslissen of het vaartuig verlaten moet worden.
Bij de huidge techniek heeft de bemanning, zoals statistisch is vastgesteld, slechts een 50% kans om te overleven wanneer gebruik wordt gemaakt van de gebruikelijke reddingboot. Deze kan gemakkelijk 15 tegen kolommen van het vaartuig worden verbrijzeld, kan omslaan wanneer het zeeoppervlak wordt bereikt en met water worden gevuld en het is soms moeilijk de motor te starten wanneer de omstandigheden ongunstig zijn.
Het doel van de uitvinding is te voorzien in een overlevingscap-20 sule met middelen om deze te water te laten op een veilige afstand van de kolommen van het vaartuig. De capsule dient voorzien te zijn van middelen, zodat deze in een bepaalde richting van het vaartuig kan worden afbewogen en deze moet van het vaartuig afbewegen zo dit zinkt, de capsule moet vanaf een punt van een steun verwijderd kunnen worden, zodat 25 er geen problemen bestaan voor wat betreft een synchroon loskoppelen van verschillende ondersteuningen. De capsule moet voorts zo sterk zijn, dat deze in geval van nood van de steun af kan vallen.
De overlevingscabine volgens de uitvinding omvat een drijvende capsule alsmede een davit voor het normaliter ondersteunen van de cap-30 sule tenminste ten dele buiten een zijde van het vaartuig en vanaf het dek toegankelijk moet zijn. Het kenmerk van de uitvinding is, dat de davit een armconstructie bevat, welke draaibaar bevestigd is aan het vaartuig op een aanzienlijke afstand onder het dek en de capsule in een punt draagt, welke davit bestuurd wordt door een remsysteem, dat, wan-35 neer dit wordt vrijgegeven, het uitvouwen van de davit mogelijk maakt 8302355 -2-
« I
tot een stand, waarbij de capsule een maximum afstand vanaf een zijde van het vaartuig heeft, waarna de capsule vervolgens automatisch wordt gelost.
De capsule is bij voorkeur voorzien van dempmiddelen, welke een 5 vrije val over een aanzienlijke hoogte mogelijk maken. De dempmiddelen kunnen bestaan uit een ruimte buiten een waterdichte bodemconstructie van de capsule, welke ruimte begrensd wordt door een bodemplaats, welke voorzien is van een aantal openingen voor het toelaten van water.
De capsule wordt doelmatig omsloten door een deformeerbare schud-10 plaats uit staalplaat en de constructie boven water van de capsule is bij voorkeur bekleed met een warmteisolerende laag.
De armconstructie is bij voorkeur onder een binnen het zwaartepunt van de capsule geplaatst, zodanig dat een automatisch omlaag bewegen daarvan plaatsvindt, zodra de rem gelost is.
15 Het buiteneinde van de armconstructie is bij voorkeur gevormd als een ondiepe haak, welke de capsule in een open schalm steunt.
De schalm is bij voorkeur aan de cabine bevestigd door middel van een explosieve bout, of een andere gemakkelijk lossende inrichting welke handbediening mogelijk maakt.
20 Aan de rem verbonden middelen dienen voor het automatisch heffen van de armconstructie zodra de capsule vrijkomt.
De capsule is bij voorkeur voorzien van een trekkende azimuth-propeller, alsmede van een automatische piloot, welke deze kan bedienen en geprogrammeerd kan worden, teneinde de capsule in een gewenste rich-25 ting van de capsule af te sturen.
De uitvinding zal met verwijzing naar de tekening nader worden besproken. Daarin toont: figuur 1 schematisch een langsdoorsnede door de capsule, figuur 2 een dwarsdoorsnede, waarbij de linker helft loopt over 30 de lijn Ila-ÏIa en de rechter helft door de lijn Ilb-IIb van figuur 1, figuur 3 op kleinere schaal een zijaanzicht van de capsule, terwijl deze in de davit hangt, figuur 4 de capsule en de davit van bovenaf gezien, figuur 5 een zijaanzicht van de davit, waaruit de werking blijkt, 35 en figuur 6 en 7 twee alternatieve middelen voor het afremmen van de bewegingen van de davit.
8302355 , f i -3-
De overlevingscabine 10, weergegeven in figuur 1 en 2 is bestemd om te worden gebruikt op een offshore boorinstallatie en omvat een drijvende capsule met twee dekken 11, 12 voor het opnemen van de bemanning, welke toegang tot de capsule heeft via een centraal aange-5 brachte toren 13. De bemanning ligt of rust in hellende stand in daartoe geschikt gevormde stoelen 14, welke slechts in de rechter helft van de capsule zijn getekend.
De toren 13 is voorzien van een aantal deuren, welke een makkelijk overstappen van het vaartuig op de capsule mogelijk maakt en welke 10 gesloten wordt wanneer alle leden zich binnen de capsule bevinden. Het gedeelte van de capsule, dat zich boven water bevindt, dat wanneer de capsule in de davit hangt tenminste ten dele boven het dek van het vaartuig uitsteekt, is omgeven door een warmteisolerende laag 16 en een de-formeerbare wrijfplank 17 uit staalplaat omsluit de capsule om deze 15 tegen beschadiging als gevolg van botsing te beschermen.
Binnen de capsule bevindt zich een krachtige dieselmotor 18 en een zware startbatterij 19. De motor drijft een hydraulische pomp 20, alsmede een elektrische generator. Er zijn eenvoudige toiletmogelijkheden terwijl de capsule in geval van een oliebrand of bij slecht weer herme-20 tisch kan worden gesloten, zodat middelen aanwezig zijn voor het zuiveren van de lucht en een mogelijkheid voor de toevoer van ¢^.
De capsule wordt voorzien van een antenne 21 voor het uitzenden van noodsignalen en draagt een flikkerlicht van grote sterkte.
De capsule hangt in een open schalm 22 in de davit, zoals nog 25 nader zal worden beschreven. De bedoeling hiervan is, dat de capsule automatisch los van de davit kan worden gemaakt wanneer deze naar buiten in een bepaalde stand is gezwenkt, of wanneer het vaartuig zeer snel zou zinken. Er zijn voorts middelen aanwezig voor het fijn maken van de capsule van binnen uit, bijv. door middel van een met de hand bedienbare 30 explosieve bout.
De capsule moet bestand zijn tegen een vrije val, dus vanuit de normale ophangpositie, terwijl voorts middelen aanwezig zijn voor het dempen van de stoot op het wateroppervlak.
Het onderdek 11 dient als waterdichte bodem voor de capsule en 35 onder dit dek bevindt zich een lege ruimte 23, welke buitenwaarts wordt begrensd door een valse bodem 24. Een aantal waterdoorgangen 25 bevinden zich in deze bodem. Zij dienen als bumper en de doorgang veroorzaakt een 8302355 ί* * -4- turbulente beweging in het water, dat in de ruimte stroomt, hetgeen bijdraagt tot het opvangen van een stoot. Een bepaalde deformatie van de valse bodem kan daardoor worden veroorzaakt.
Een belangrijke faktor bij een reddingsoperatie is, dat de cap-5 sule zich snel kan verwijderen van een zinkend of brandend vaartuig.
De capsule is voorzien van een over 360° draaibare, zogenaamde azimuth-propeller 26, bij voorkeur van het "schrouded" type en dient voor het trekken van de capsule.
De capsule is voorzien van een met de hand bedienbare inrichting 10 27 voor het sturen van de propeller en heeft tevens een automatische piloot 28. Deze kan worden geprogrammeerd zodanig, dat de capsule automatisch in een voorafbepaalde richting van het vaartuig af wordt gestuurd.
De. dieselmotor 18 wordt gestart zodra een lid van de bemanning 15 in de capsule treedt, waarbij de automatische piloot steeds met de propeller is verbonden en in een bepaalde richting werkt en zodra de capsule loskomt van de davit worden de aandrijf middelen voor de propeller in werking gesteld. Dat de propeller trekt in plaats van stuwt betekent, dat het van de plaats van een ramp afbewegen gemakkelijker kan plaats-20 vinden.
Figuur 3 en 4 tonen hoe de capsule in een davit 30 hangt, welke aan een zijde van het vaartuig is gemonteerd. Dit omvat een kastvormige dekconstructie 31, welke door niet weergegeven kolommen wordt gesteund en op pontons rust. De dekconstructie heeft een aantal tussendekken, 25 alsmede plaatsen voor de bemanning, magazijnen, werkplaats en dergelijke.
Het hoogste dek is door 32 aangeduid, de zijbeplating door 33 en de bodemplating van de kastconstructie is door 34 weergegeven.
De davit 30 heeft een driehoekige armconstructie 35, welke draaibaar wordt gesteund op de bodembeplating van de kastconstructie en heeft 30 voldoende hoogte om de toren van de capsule op een geschikt niveau met ' betrekking tot het hoogste dek van het vaartuig te omvatten. Een afdak of gedeelten van het niet weergegeven dekhuis bevorderen de communicatie tussen het vaartuig en de capsule.
Figuur 5 toont een eindaanzicht van de davit en de capsule. De 35 armconstructie is in wezen Z-vormig en heeft twee centrale balken 36 van ongeveer dezelfde lengte als de hoogte van de kastconstructie 31 8302355 * % Μ -5- van het dek alsmede twee onderbalken 37, welke bevestigd zijn aan draad- ♦ punten 38 onder de bodembeplating van de kastconstructie. De onderbalk heeft een zodanige lengte, dat een denkbeeldige lijn 39 van de as van de draaipunten 38 door het zwaartepunt van de capsule een helling maakt, 5 waardoor een automatisch uitvouwen van de davit, zodra deze wordt vrijgemaakt, verzekerd is.
De boveneinden van de twee balken 36 zijn onderling verbonden en lopen door als enkele balk 70, welke in een normale, ruststand opwaarts/ buitenwaarts uitsteekt vanaf het hoogste dek van het vaartuig en eindigt 10 in een ondiepe haak 41, welke een open schalm 32 draagt, welke met betrekking tot figuur 1 is genoemd.
De capsule hangt aldus slechts in een punt en kan gemakkelijk van de haak 41 worden vrijgemaakt. Zoals door stippellijnen in figuur 5 is weergegeven, kan de davit naar een laagste stand worden gevouwen, 15 waarbij de centrale balken 36 ongeveer horizontaal lopen, terwijl de schalm 22 automatisch van de haak afglijdt. Zou een vaartuig zinken, dan kan de schalm automatisch van de haak worden gelicht als gevolg van de drijvende capsule.
De omlaag vouwende beweging van de davit wordt begrens door 20 remmiddelen, welke in figuur 5 door 42 zijn aangeduid. Twee alternatieve uitvoeringsvormen van de remmiddelen worden in verband met de figuren 6 en 7 besproken.
Door de centrale armen 36 een aanzienlijke lengte te geven, komt de capsule op enige afstand van het vaarüig en als gevolg van de vorm 25 van de onderbalken wordt de capsule verder naar omlaag bewogen bij de beweging, waarbij deze vrij \an de davit komt.
Normaliter wordt de capsule van de davit bevrijd, wanneer deze op enige afstand boven het watemiveau 43 hangt.
Een eerste uitvoeringsvorm 42a van remmiddelen voor een davit 30 toont figuur 6. Zoals boven reeds aangeduid, is de davit 30 zodanig uitgevoerd, dat deze automatisch buitenwaarts vouwt zodra de rem wordt vrijgemaakt.
De davit wordt door tenminste een kabel 45 geleid, welke over schijven 46, 47 loopt, welke gemonteerd zijn op een cylinder resp. een 35 zuigerstang van een hydraulische vijzel 48.
Deze heeft een voldoende slag en/of wordt de lengte met een aantal 8302355 ¥ *> -δε lagen over de schijven geleid, waardoor davit een buitenwaartse beweging kan maken als in figuur 5 aangeduid.
De buiteneinden van de hydraulische vijzelcyUnder zijn gekoppeld met een hydraulisch circuit 49 met een op afstand bedienbare startklep 5 50 en een instelbare smoorklep 51.
Normaliter rust de vijzel 48 in de uitstaande stand, zodat de schijven 46, 47 op een onderlinge maximale afstand staan. De startklep 50 wordt gesloten en voorkomt, dat fluïdum in het hydraulische circuit 49 stroomt.
10 Wanneer de klep 50 wordt geopend, begint de davit buitenwaarts te zwenken en spant de draad 45. De schijven 46, 47 worden dan naar elkaar toe bewogen met een snelheid, welke wordt bepaald door de stroming door de smoorklep 51. De grootte van de buitenwaartse beweging wordt, zoals boven opgemerkt, begrensd door de lengte van de draad 45.
15 Het hydraulische circuit 49 omvat een accumulator 52, welke ver bonden is tussen de smoorklep 51 en de pluszijde van de vijzel. Wanneer de zuiger binnenwaarts wordt gedrukt, zal fluïdum door de smoorklep 51 stromen en een gedeelte van het fluïdum wordt in de accumulator 52 verzameld.
20 Wanneer de davit de maximum buitenwaartse vouwbeweging heeft be reikt en de capsule is vrijgemaakt, zal de belasting op de davit afnemen. Het fluïdum, dat in de accumulator is verzameld, zal dan de zuiger van de vijzel 48 buitenwaarts bewegen, hetgeen betekent, dat de arm van de davit iets wordt gelicht. Op deze wijze wordt de kans op botsing tussen 25 de davit en de vrij blijvende capsule verminderd. Een andere uitvoeringsvorm 42b van de remmiddelen is'in figuur 7 weergegeven met in hoofdzaak dezelfde basiscomponenten als volgens figuur 6 en voor zover mogelijk zijn ook dezelfde verwijzingscijfers gebruikt.
Het hydraulische circuit 49 omvat hier een hydraulische machine 30 53, welke werkt als pomp, in plaats van de hydraulische vijzel 48. Het ene uiteinde van de kabel 45 is aan de davit bevestigd en is over een aantal schijven 54-56 geleid, welke om vaste assen kunnen draaien. Het andere einde van de kabel is op een trommel 57 gewikkeld, welke de pomp 53 drijft door middel van een as 58.
35 Wanneer de davit de trommel 57 doet afwikkelen en de pomp 53 wordt gedraaid, dan zal de pompvloeistof door de smoorklep 51 passeren 8302355 -7- = * welke de snelheid van de beweging van de davit bepaalt. De accumulator 52 werkt op dezelfde wijze als beschreven met betrekking tot de voorafgaande uitvoeringsvorm, d.w.z. wanneer de capsule wordt vrijgemaakt zal fluïdum door de hydraulische machine 53 worden geperst, welke dan 5 als motor werkt, waarbij de trommel 57 wordt gedraaid in een richting tegengesteld aan de voorafgaande afwikkelbeweging.
De bovenbeschreven en in de tekening weergegeven uitvoeringsvormen dienen slechts als voorbeeld en de componenten, welke de delen daarvan vormen kunnen op verschillende manieren worden gewijzigd zonder buiten 10 het kader van de uitvinding te treden.
De afmeting van de capsule kan zodanig worden gekozen, dat deze 60-150 man kan bevatten. Normaliter worden de afmetingen bepaald, rekening houdende met de gehele bemanning van het vaartuig en bij voorkeur zijn er twee capsules aanwezig op verschillende plaatsen op het vaartuig.
15 De capsule kan gedeeltelijk terugliggen in de kastvormige dekconstructie en een direkte verbinding vormen met het interieur daarvan.
* 8302355

Claims (10)

1. Overlevingscabine te gebruiken bij een offshore-vaartuig en bestaande uit een drijvende capsule (10) , alsmede een davit (30) voor het normaliter dragen van de capsule en tenminste gedeeltelijk buiten 5 een zijde van het vaartuig en welke vanaf het dek daarvan toegankelijk is, gekenmerkt, doordat de davit (30) een armconstructie (35) omvat, welke draaibaar bevestigd is aan het vaartuig (31) op een aanzienlijke afstand onder zijn dek (32) en de capsule in een punt (22) draagt en dat de davit (30) bestuurd wordt door een remsysteem (42), dat, wanneer 10 dit wordt vrijgegeven, het uitvouwen van de davit mogelijk maakt naar een stand, waarbij de capsule (10) een maximum afstand ten opzichte van de zijde van het vaartuig bereikt, waarna de capsule automatisch kan worden vrijgegeven.
2. Overlevingscabine volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat 15 de capsule (10) voorzien is van dempmiddelen (23-25), welke een vrije val van aanzienlijke hoogte mogelijk maken.
3. Overlevingscabine volgens conclusie 2, met het kenmerk, dat de dempmiddelen een ruimte (23) omvatten, welke zich bevindt buiten de t waterdichte bodemconstructie (11) van de capsule, welke ruimte begrensd 20 wordt door een bodembeplating (24), voorzien van een aantal openingen (25), welke de toegang van water mogelijk maken.
4. Overlevingscabine volgens een van de voorafgaande conclusies, met het kenmerk, dat de capsule (10) omsloten is door een deformeerbare schudplank (17) uit staalplaat.
5. Overlevingscabine volgens een van de voorafgaande conclusies, net het kenmerk, dat de bovenwaterconstructie van de capsule bekleed is met een hitteisolerende laag (16).
6. Overlevingscabine volgens een van de voorafgaande conclusies, met het kenmerk, dat de draaipunt (38) van de armconstructie zodanig 30 onder en binnen het zwaartepunt van de capsule is gelegen, dat een automatisch naar omlaag bewegen daarvan plaatsvindt, zodra de rem (42) wordt vrijgegeven.
7. Overlevingscabine volgens conclusie 6, met het kenmerk, dat het buiteneinde van de armconstructie (35) gevormd is als een ondiepe haak 35 (41), welke de capsule in een open schalm (22) draagt.
8. Overlevingscabine volgens conclusie 7, met het kenmerk, dat de schalm (22) aan de cabine is bevestigd door middel van een explosieve 8302355 -9- bout of een ander snel vrijmakende inrichting, welke handbediening mogelijk maakt.
9. Overlevingscabine volgens een van de voorafgaande conclusies, met het kenmerk, dat middelen (52) aanwezig zijn, welke verbonden zijn 5 met een rem (42) en geschikt om de armconstructie automatisch te lichten, zodra de capsule is vrijgemaakt.
10. Overlevingscabine volgens een van de voorafgaande conclusies, met het kenmerk, dat de capsule (10) voorzien is van een trekkende, azimuth-propeller (26), alsmede een automatische piloot (28), welke deze 10 bedient en welke geprogrammeerd kan worden, teneinde de capsule te sturen in een richting, welke van het vaartuig is afgekeerd. 8302355
NL8302355A 1982-07-01 1983-07-01 Overlevingscabine te gebruiken op een offshore vaartuig. NL8302355A (nl)

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
SE8204069 1982-07-01
SE8204069A SE446173B (sv) 1982-07-01 1982-07-01 Anordning vid for offshore-plattform avsedd reddningskabin

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL8302355A true NL8302355A (nl) 1984-02-01

Family

ID=20347252

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL8302355A NL8302355A (nl) 1982-07-01 1983-07-01 Overlevingscabine te gebruiken op een offshore vaartuig.

Country Status (4)

Country Link
GB (1) GB2123353B (nl)
NL (1) NL8302355A (nl)
NO (1) NO832396L (nl)
SE (1) SE446173B (nl)

Families Citing this family (8)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
GB8500359D0 (en) * 1985-01-07 1985-02-13 Watercraft Ltd Marine survival system
CA1208082A (en) * 1985-12-04 1986-07-22 Daniel P. O'brien Off-shore drilling installation evacuation system
NO175202C (no) * 1992-02-13 1994-09-21 Vestdavit As Hydraulisk system for vinsj
US5341761A (en) * 1993-06-04 1994-08-30 Obrien Daniel P Evacuation system
US5706755A (en) * 1995-09-07 1998-01-13 Seascape Systems Limited Access and evacuation system for an offshore platform
US6138605A (en) * 1998-08-05 2000-10-31 Seascape Systems Limited Access and evacuation apparatus with articulated arm
SE513118C2 (sv) * 1998-11-16 2000-07-10 Bo Wollter Förfarande och anordning för evakuering av människor
FR2861050B1 (fr) * 2003-10-16 2006-01-20 Zodiac Int Radeau de survie manoeuvrable sous bossoir

Family Cites Families (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
NO149990C (no) * 1981-06-24 1984-08-01 Dalsbo Ola Kristoffer Kran for utsetting av redningsbaater og flaater.

Also Published As

Publication number Publication date
GB2123353A (en) 1984-02-01
SE8204069D0 (sv) 1982-07-01
GB2123353B (en) 1986-01-15
NO832396L (no) 1984-01-02
GB8316848D0 (en) 1983-07-27
SE446173B (sv) 1986-08-18
SE8204069L (sv) 1984-01-02

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US5765500A (en) Life rafts on ships
RU2200685C2 (ru) Поглощающая движение система транспортировки
US5066256A (en) Buoy and releasing system for ships in distress
US20130011196A1 (en) Device and Method for Launching an Underwater Moving Body
NL192034C (nl) Vaartuig voorzien van een aanslaginrichting voor het vasthouden van een lijn.
NL8302355A (nl) Overlevingscabine te gebruiken op een offshore vaartuig.
US5160286A (en) Personnel transfer system
NL8500853A (nl) Ontsnappingsinrichting voor een in zee opgestelde constructie.
KR101487296B1 (ko) 해상구조물의 구명정 진수 장치 및 진수 방법
US6138605A (en) Access and evacuation apparatus with articulated arm
NL8301831A (nl) Inrichting voor het lichten en verwijderen van het onderstel van een niet meer gebruikte offshore-constructie.
US3880254A (en) Escape boom
US8757954B1 (en) Maritime transfer system
US4202427A (en) Derrick escape system
NL2008207C2 (en) A method of providing access between a floating vessel and a marine structure.
US2378254A (en) Adjustable and collapsible floating crane
US6244786B1 (en) Method for offshore load transfer operations and, a floater for offshore transport installation and removal of structural elements
EP1135290B1 (en) Lifeboat system
JP7345391B2 (ja) 洋上作業中に人々および/または貨物を移送するためのシステム
US5135325A (en) Emergency boom for use on a tanker
US2682245A (en) Signal and recovering means for underwater craft
HRP970121A2 (en) Hydraulic and gravity davit
EP0082161B1 (en) Arrangement for launching a rescue vessel
US5105909A (en) Hazardous elevated structure emergency escape device
GB2135272A (en) Apparatus for launching life boats

Legal Events

Date Code Title Description
A85 Still pending on 85-01-01
BV The patent application has lapsed