[go: up one dir, main page]

NL8103188A - Inrichting en werkwijze voor de industriele vervaardi- ging van elektrische geleidende draden, die behandeld zijn door het aanbrengen van vlokken en kleefmiddel, en aldus verkregen draden. - Google Patents

Inrichting en werkwijze voor de industriele vervaardi- ging van elektrische geleidende draden, die behandeld zijn door het aanbrengen van vlokken en kleefmiddel, en aldus verkregen draden. Download PDF

Info

Publication number
NL8103188A
NL8103188A NL8103188A NL8103188A NL8103188A NL 8103188 A NL8103188 A NL 8103188A NL 8103188 A NL8103188 A NL 8103188A NL 8103188 A NL8103188 A NL 8103188A NL 8103188 A NL8103188 A NL 8103188A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
wire
cylinders
station
adhesive
applying
Prior art date
Application number
NL8103188A
Other languages
English (en)
Original Assignee
Flocord Sa
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Priority claimed from FR8014771A external-priority patent/FR2486300A1/fr
Priority claimed from FR8111103A external-priority patent/FR2509081B2/fr
Application filed by Flocord Sa filed Critical Flocord Sa
Publication of NL8103188A publication Critical patent/NL8103188A/nl

Links

Classifications

    • HELECTRICITY
    • H01ELECTRIC ELEMENTS
    • H01BCABLES; CONDUCTORS; INSULATORS; SELECTION OF MATERIALS FOR THEIR CONDUCTIVE, INSULATING OR DIELECTRIC PROPERTIES
    • H01B13/00Apparatus or processes specially adapted for manufacturing conductors or cables
    • H01B13/06Insulating conductors or cables
    • H01B13/16Insulating conductors or cables by passing through or dipping in a liquid bath; by spraying
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B05SPRAYING OR ATOMISING IN GENERAL; APPLYING FLUENT MATERIALS TO SURFACES, IN GENERAL
    • B05CAPPARATUS FOR APPLYING FLUENT MATERIALS TO SURFACES, IN GENERAL
    • B05C19/00Apparatus specially adapted for applying particulate materials to surfaces
    • B05C19/001Flocking
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B05SPRAYING OR ATOMISING IN GENERAL; APPLYING FLUENT MATERIALS TO SURFACES, IN GENERAL
    • B05DPROCESSES FOR APPLYING FLUENT MATERIALS TO SURFACES, IN GENERAL
    • B05D1/00Processes for applying liquids or other fluent materials
    • B05D1/16Flocking otherwise than by spraying
    • HELECTRICITY
    • H01ELECTRIC ELEMENTS
    • H01BCABLES; CONDUCTORS; INSULATORS; SELECTION OF MATERIALS FOR THEIR CONDUCTIVE, INSULATING OR DIELECTRIC PROPERTIES
    • H01B13/00Apparatus or processes specially adapted for manufacturing conductors or cables
    • H01B13/0033Apparatus or processes specially adapted for manufacturing conductors or cables by electrostatic coating
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B05SPRAYING OR ATOMISING IN GENERAL; APPLYING FLUENT MATERIALS TO SURFACES, IN GENERAL
    • B05DPROCESSES FOR APPLYING FLUENT MATERIALS TO SURFACES, IN GENERAL
    • B05D2202/00Metallic substrate
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B05SPRAYING OR ATOMISING IN GENERAL; APPLYING FLUENT MATERIALS TO SURFACES, IN GENERAL
    • B05DPROCESSES FOR APPLYING FLUENT MATERIALS TO SURFACES, IN GENERAL
    • B05D2256/00Wires or fibres
    • YGENERAL TAGGING OF NEW TECHNOLOGICAL DEVELOPMENTS; GENERAL TAGGING OF CROSS-SECTIONAL TECHNOLOGIES SPANNING OVER SEVERAL SECTIONS OF THE IPC; TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC CROSS-REFERENCE ART COLLECTIONS [XRACs] AND DIGESTS
    • Y10TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC
    • Y10STECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC CROSS-REFERENCE ART COLLECTIONS [XRACs] AND DIGESTS
    • Y10S118/00Coating apparatus
    • Y10S118/22Wire and cord miscellaneous
    • YGENERAL TAGGING OF NEW TECHNOLOGICAL DEVELOPMENTS; GENERAL TAGGING OF CROSS-SECTIONAL TECHNOLOGIES SPANNING OVER SEVERAL SECTIONS OF THE IPC; TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC CROSS-REFERENCE ART COLLECTIONS [XRACs] AND DIGESTS
    • Y10TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC
    • Y10TTECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER US CLASSIFICATION
    • Y10T428/00Stock material or miscellaneous articles
    • Y10T428/23907Pile or nap type surface or component
    • Y10T428/23943Flock surface
    • YGENERAL TAGGING OF NEW TECHNOLOGICAL DEVELOPMENTS; GENERAL TAGGING OF CROSS-SECTIONAL TECHNOLOGIES SPANNING OVER SEVERAL SECTIONS OF THE IPC; TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC CROSS-REFERENCE ART COLLECTIONS [XRACs] AND DIGESTS
    • Y10TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC
    • Y10TTECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER US CLASSIFICATION
    • Y10T428/00Stock material or miscellaneous articles
    • Y10T428/29Coated or structually defined flake, particle, cell, strand, strand portion, rod, filament, macroscopic fiber or mass thereof
    • Y10T428/2913Rod, strand, filament or fiber
    • Y10T428/2933Coated or with bond, impregnation or core

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Manufacturing & Machinery (AREA)
  • Application Of Or Painting With Fluid Materials (AREA)
  • Manufacturing Of Electric Cables (AREA)

Description

T TJ/JS/1
Inrichting en werkwijze voor de industriële vervaardiging van elektrische geleidende draden, die behandeld zijn door het aanbrengen van vlokken en kleefmiddel, en aldus verkregen draden.
De uitvinding heeft betrekking op een inrichting en een werkwijze voor de industriële vervaardiging van elek-trisch geleidende draden, die behandeld zijn door het aan-brengen van vlokken en kleefmiddel, en op de draden die zijn verkregen door het toepassen van de inrichting en de werk-wijze.
Er zijn reeds inrichtingen en werkwijzen bekend voor het aanbrengen van vlokken op produkten, teneinde oorspronkelijk bekende materialen zoals galon, fluweel, vezels van « plantaardige of dierlijke oorsprong te vervangen, waarbij deze verschillende produkten een te hoge prijs hebben om toegepast te kunnen worden.
Deze van vlokken voorziene draden zijn echter geen elektrische geleiders.
De bekende elektrische geleidingsdraden zijn duidelijk zichtbaar en contrasteren zeer sterk met de omgeving. Bovendien kunnen elektrische draden alleen bevestigd worden door klemmen, snoeren, spijkers of dergelijke die het nadeel heb- ; . - «n..
» ben dat deze moeizaam aangebracht worden en onder andere niet ’ * · verwijderbare sporen achterlaten. '
Het belangrijkste probleem ligt ter plaatse van het aanbrengen van de lijm omdat het zeer moeilijk is om een kleef- - ' .
middel uniform en volledig op een geleidende draad met een ronde doorsnede aan te brengen, zodanig dat de kleefmiddel-i laag op de draad regelmatig en uniform is. Deze moeilijkheid is in het bijzonder het gevolg van het feit dat de draad van lijm moet worden voorzien, daarna van vlokken en vervolgens - verdroogd moet worden voordat deze opnieuw op spoelen wordt opgewikkeld. Tussen het aangrijpingspunt op 'de draad voor de ) voortbeweging daarvan en het contactpunt met de opspoelin-richting, bevindt de draad zich in een niet ondersteunde vrije 8103188 ï '4 -2- toestand, zodat er dus geen aangri jpingsmiddelen op de draad aanwezig zijn, die na het aanbrengen van lijm/ voorzien is van vlokken en' daarna gedroogd. De draad neemt daardoor een . · .
constante doorbuiging aan die noodzakelijkerwijze aangehou- *'·.
den moet worden om de behandeling van de draad doeltreffend _ te laten zijn. Met andere woorden, het is niet mogelijk om correctiemiddelen voor de kromming aan te brengen welke de ; · · ·· draad na het aanbrengen van lijm en vlokken en het drogen ... ..
t' - -;v\i, ; \Λ - daarvan beschrijft, zonder de speciale eigenschappen die men aan de elektrisch geleidende draad geeft, te benadelen.
Het doel van de onderhavige uitvinding is dus elek- f ;Γ * - * . ·""* i-"* · trisch geleidende draden te verschaffen die door het aan- · brengen van vlokken en kleefmiddel zijn behandeld, zodanig dat deze een esthetisch aantrékkelijke aanblik krijgen 'en ' uitstekend in de omgeving passen, waarbij deze draden onder andere zelfklevend zijn om een eenvoudige en betrouwbare bevestiging mogelijk te maken, terwijl deze geen nadeel hebben wanneer men deze weer lostrekt en bovendien een relatief lage prijs hebben.
) De onderhavige uitvinding heeft eveneens tot doel een .
elektrisch geleidende draad te verschaffen die zijn elektrische Γ ·. ·=' ':-eigenschappen behoudt, terwijl deze toch uitstekend in de omgeving past en op industriële schaal vervaardigd kan worden.
Hiertoe betreft de uitvinding een inrichting voor de 5 industriële vervaardiging van elektrisch geleidende draden., : - die behandeld zijn door het aanbrengen van vlokken ën kleef-middel, met het kenmerk, dat deze een inrichting voor het aan- 1¾¾¾ v
brengen van vlokken op de draad omvat en een inrichting voor hl%^X:Av'V
het aanbrengen van een kleefmiddel, waarbij deze inrichtingen j'V-· ‘;- 0 geregeld en gesynchroniseerd worden door een besturingsin- ?- ·'; ,:'r. · richting als functie van de bepaalde en geregistreerde para- !.. ."•ν'- meters met betrekking tot de kleef middelen en de lineaire ’ ’’ * afwikkel·- en opwikkelsnelheid van de in de niet ondersteunde vrije toestand gehouden draad.
15 Het is aldus mogelijk om op industriële schaal, dat wil zeggen tegen een lage prijs, elektrisch geleidende draden te maken die uitstekend in de stoffering van een interieur passen en toch de elektrische eigenschappen behouden* 8103 188 ;.· . ."* .
-3- *
De onderhavige uitvinding maakt het eveneens mogelijk om de draad zonder contact te houden tijdens de doorgang door de installatie, zelfs al is de draad tamelijk zwaar, hetgeen een opwikkeling van de draad om de minimale spanning nodig maakt teneinde pletten te voorkomen ten gevolge van de druk die uitgeoefend wordt door het aantal wikkelingen op de spoeling.
Volgens een ander kenmerk van de uitvinding omvat de inrichting voor het aanbrengen van de vlokken een post voor . i ;; i het van een spoel afwikkelen van de draad, een lijmpost voor het verdelen en doseren van een klevende bekleding op de draad, een post voor het bekleden van de draad door deze door een elektrisch systeem met potentiaalverschil te leiden, een droogpost voor de met synthetische vezels beklede draad, een 3 post voor het borstelen en koelen van de draad en een post voor het opwikkelen van de draad.
Volgens een ander kenmerk van de uitvinding omvat de afwikkelpost tenminste één spoel met draad die afgerold wordt door een groep cilinders, welke door de motor worden bediend, 0 waarbij deze post het vertrekpunt vormt van de synchronisatie en de regeling van de installatie. 1 ··*
Volgens een ander kenmerk van de uitvinding wordt de post voor het aanbrengen van lijm op de draad gevormd door een holle draad die het kleefmiddel onder druk door middel 5 van een pomp doseert en af geeft. _ - „
Volgens een ander kenmerk van de uitvinding wordt de post voor het aanbrengen van lijm gevormd door een steun die zich in het verticale vlak in kan stellen door rotatie om een * _ .jN*. . . ... - . ^ as, waarbij de steun tenminste één steuncilinder draagt stroom- .o iO opwaarts van de lijmpost, waarbij deze cilinder het laatste punt bepaalt van het contact met de draad, én de aandrijving hiervan, waarbij twee bovenelkaar liggende lijmcilinders gepositioneerd kunnen worden door een kantelbeweging die optreedt uitgaande van de steun in een positie volgens welke 35 het contactoppervlak van de lijmcilinder samenvalt met de doorbuiging van de draad op het niveau van-de steuncilinder.
Het feit dat het stelsel van de lijnpost kan kantelen om rekening te houden met de doorbuiging van de draad heeft ” i. * · ♦* 8103188 ï 5 -4- tot gevolg dat de werking van het aanbrengen van de lijn zelf veel doeltreffender kan geschieden. Bovendien kan door deze eigenschap van de lijmpost de draad tussen de lijmrollen doorbewegen met de geringst mogelijke wrijving die nodig is voor 5 het aanbrengen van de lijm, waarbij een regelmatige en uniforme kleefmiddellaag op de geleidende draad wordt aangebracht.
Volgens een ander kenmerk van de uitvinding wordt de bekledingspost gevormd door een positieve elektrode en een negatieve elektrode die een elektrisch spanningsveld bepalen 10 waar de draad doorheen beweegt en waar de synthetische vezels op de draad worden aangebracht.
Volgens een ander kenmerk van de uitvinding wordt de droogpost gevormd door een oventunnel waar de bekleding van de draad gedroogd of gepolimiriseerd wordt, waarbij deze oven 15 verhit wordt door opwekkers van pulserende lucht, die bediend worden uitgaande van de regelinrichting en geregeld worden door de temperatuurcontrole-organen.
Volgens een ander kenmerk van de uitvinding wordt de post voor het opwikkelen van de behandelde draad gevormd door ? * * 20 cilinders die werken volgens het principe van een katrol en meegesleept worden door een moker met een variabel koppel teneinde een zwakke en constante spanning te creëren in de draad terwijl deze zich op een magazijnspoel opwikkelt.
Volgens een ander kenmerk.. van de uitvinding omvat de · 25 inrichting voor het aanbrengen van kleef middel tenminste één spoel die gevuld is met draad dat komt van de inrichting voor het-aanbrengen van vlokken, een lijmpost, een toevoerpost voor een beschermings vlies, dat-bedoeld, is. om op de van lijm voor-, ziene draad aan te brengen, een door een motor aangedreven 30 groep cilinders voor het bestuderen van het afwikkelen van de met beschermende folie beklede draad en tenminste één maga-zijnspoel die onder invloed van een motor met een variabel koppel roterend beweegbaar is en translerend beweegbaar is onder invloed van een tweede motor.
35 Volgens een ander kenmerk van de uitvinding wordt de lijmpost gevormd door een aanbrengkop voor een kleefmiddel dat bekend is onder de aanduiding van "Hot Melt".
Volgens een ander kenmerk van de uitvinding wordt de .toevoerpost voor beschermende folie gevormd door een moeder- 8103188 * -5- » spoel die samenwerkt met belemmeringselementen, waarbij ëén van deze elementen zich nabij één van de aandrijfcilinders voor de draad bevindt teneinde de beschermende folie op de draad aan te brengen, waarbij de afwikkelsnelheid van de be-5 schermende folie geregeld wordt door een regelorgaan dat een deel vormt van de belemmeringselementen en door een afwikkel-motor van de moederspoel die synchroon beweegt met de com-mandomotor van de aandrijfcilinders van de met beschermende folie beklede draad.
10 Volgens een ander kenmerk van de uitvinding is de toevoerpost voor beschermende folie voorzien van een snij— inrichting welke het materiaal van de moederspoel in banden met een geringe breedte kan snijden welke banden de bescher-• mende folie vormen.
15 De uitvinding heeft eveneens betrekking op een werk wijze voor het industrieel vervaardigen van elektrisch geleidende draden, waarop vlokken en kleefmiddel zijn aangebracht, waarbij men draad door de vlokkenaanbrenginrichting en de lijmaanbrenginrichting laat bewegen volgens een door de aan-20 drijfcilinders en de belemmeringselementen bepaalde baan teneinde een relatief zwakke spanning in de draad te verkrijgen, die gunstig is voor het oprollen op de spoelen maar voldoende is om de draad in een vrije, niet ondersteunde toestand te houden.
25 De uitvinding heeft eveneens betrekking op draden die verkregen zijn door de inrichting en de werkwijze toe te passen, waarbij deze draden-worden gekenmerkt doordat deze een esthetisch uiterlijk hebben en goed passen bij de elementen van de interieurdecoratie (muurbekledingen of dergelijke) van 30 een constructie en elektrische geleiders zijn.
De onderhavige uitvinding zal beter worden begrepen aan de hand van een beschrijving van een uitvoeringsvorm van de inrichting voor het uitvoeren van de werkwijze waarmee op industriële schaal elektrisch geleidend de draden worden ver-35 vaardigd die behandeld zijn door het aanbrengen van vlokken en kleefmiddel, waarbij deze inrichting schematisch als voorbeeld is weergegeven in de bijgevoegde tekeningen waarin: fig.1 een schematisch aanzicht is van de gehele in- 8103188
V V
-6- richting, fig. 2 een zi j-aanzicht is van de afwikkelpost en de lijmpost en de bekledingspost van de draad, fig.3 een zij-aanzicht is van de droogpost, 5 fig.4 een zij-aanzicht van de draadopwikkelpost van de inrichting·, fig.5 een 'zij-aanzicht van de lijmaanbrengpost van de inrichting is, fig.6 een zij-aanzicht is van de lijmpost in horizon-10 tale stand, fig.7 een zij-aanzicht is van de lijmpost in een positie waarin deze ten opzichte van het horizontale vlak gezwenkt is, fig.8 een langsdoorsnedé is van een lijmaanbrengci- 15 linder, fig.9 een schema is van de gehele inrichting.
Zoals fig.1 toont omvat de inrichting 1 voor het vervaardigen van elektrisch geleidende draden die behandeld zijn door het aanbrengen van vlokken en kleef middel een in-20 richting voor het aanbrengen van vlokken 2 op de draad en een inrichting voor het aanbrengen van kleefmiddel 3. De twee inrichtingen 2 en 3 worden geregeld en gesynchroniseerd door een regelinrichting die hierna beschreven zal worden aan de hand van bepaalde en geregistreerde parameters met betrekking tot 25 het kleefmiddel en de lineaire afwikkelsnelheid en opwikkel-snelheid van de^in een niet ondersteunde vrije toestand gehouden draad—
De vlokkenaanbrenginrichting 2 omvat een post voor het van een spoel afwikkelen van draad, een lijmpost die een deel 30 vormt van de afwikkelpost 4, voor het verdelen en doseren van een kleefmiddellaag op de draad, een post 5 voor het bekleden van de draad door deze door een elektrisch potentiaal veld te leiden, een post 6 voor het drogen van de met synthetische vezels beklede draad, waarbij deze post 6 eveneens een post 35 voor het borstelen en koelen van de draad omvat. De vlokkenaanbrenginrichting 2 omvat tenslotte een post 7 voor het opwikkelen van de draad teneinde deze op te slaan en te zijner-tijd over te brengen naar de inrichting 3 voor het aanbrengen 8103188 J Λ -7- van kleefmiddel-
Zoals in fig.2 wordt vertoond omvat de afwikkelpost 4 twee spoelen 8 en 9 die om de beurt de afwikkelpost 4 van draad voorzien. De spoel 8 wordt in rotatie gebracht door 5 een groep cilinders 10 die bediend worden door de motor 11.
De groep cilinders 10 bepaalt het vertrekpunt van de synchronisatie en de regeling van de inrichting 1. De afwikkelpost 4 wordt gevolgd door een lijmaanbrengpost 12 die gevormd wordt door een holle draad 13 weike het kleefmiddel onderdrukt 10 doormiddel van een pomp 14 doceert en verdeelt. De elektrisch geleidende draad 15 wordt van de spoel 8 afgewikkeld, beweegt tussen de groepcilinders 10 door, vervolgens langs een cilinder 16, beweegt door de holle draad 16 waar deze over zijn gehele omtrek van lijm wordt voorzien alvorens naar de bekle-15 dingspost 5 te bewegen.
De bekledingspost 5 wordt gevormd door twee positieve elektroden 17 en twee negatieve elektroden 18. De elektroden 17 en 18 bepalen een veld van een elektrisch potentiaal verschil over de draad 15, teneinde deze met synthetische vezels * «» 20 te bekleden. Dit veld varieert tussen 50 tot 100.000 volt. De synthetische vezels worden toegevoerd door een dcseerinrich-ting 19, vervolgens ontvezeld in het element 20 en tenslotte door een verdeelorgaan 21 verdeeld. Het stelsel van de elementen 19, 20, 21 wordt bediend door de motor 22. De draad 25 15 omvat dus een bekleding van synthetische vezels en beweegt vervolgens door een droogpost.
Zoals in figuur'3 wordt getoond wordt de droogpost 6 gevormd door een oventunnel 23 waarin de bekleding van de draad 15 gedroogd of gepolimiriseerd'wordt. De oventunnel 23 30 wordt verhit door inrichtingen 24 die pulserende lucht opwekken. De droogpost 6 is eveneens voorzien'van een bedieningsinrichting 25 die ondergeschikt is aan de regelinrichting 11.
De inrichting 24 worde aldus bediend door de inrichting 25 en worde geregeld in afhankelijkheid van de controle-organen van 35 de temperatuur 26.
Aan de uitgang 27 van de oventunnel 23 die voorzien is van een afvoer- en afzuiginrichting voor warmte en andere in de tunnel gevormde emissies is een post geplaatst, voor 8103188
5. V
-8- het borstelen en koelen van de draad 15. Deze posten zijn niet weergegeven in de figuur. Deze worden gevormd door buizen voor het verdelen van lucht onder druk die aan de uitgang van de oventunnel. 23 zijn aangebracht endoor een gekoelde 5 en geventileerde tunnel.
In figuur 4 is te zien dat de afwikkelpost 7 allereerst cilinders 28, 29 omvat die volgens het principe van een katrol werken. De draad 15 loopt over de twee cilinders 28,29 onder vorming van een lus, alvorens naar een cilinder 30 te 10 bewegen, waarbij deze draad onder een lichte spanning wordt gebracht voor het opwikkelen op de magazijnspoel 32. De cilinder 29 wordt aangedreven door een motor met een constant koppel 31 om een constante spanning in de draad te veroorzaken die de doorbuiging van de draad uitgaande van de holle draad 15 13 bepaalt. Hierdoor kan de draad 15 onder een constante en geschikte spanning worden gehouden terwijl elk contact met het uitwendige van de draad 15 waarbij de lijmaanbrengpost 12 wordt voorkomen. De magazijnspoel 32 wordt eveneens door een motor 33 naar constant koppel aangedreven. De motor 31 met 20 variabel koppel drijft de cilinders 28 en 29 aan in afhankelijkheid van de diameter van de opgerolde draad 15 op de spoel 32. De spoel 32 wordt in rotatie gebracht door de. motor 33. Deze kan eveneens in een translatiebeweging worden gebracht doormiddel van een motor 34 in afhankelijkheid van de dikte .
25 van het materiaal. In deze uitvoeringsvorm heeft men een tweede spoel 35 aangebracht die'analogisch aan de spoel 32 en op.ldentieke wijze werkt. De tweede spoel 35 maakt een ononderbroken produktie mogelijk.
Zoals in fig.5 wordt getoond, omvat de inrichting 3 30 voor het aanbrengen van kleefmiddel tenminste één spoel 36, die voorzien is van draad 15 dat van de ontwikkelpost 7 komt welke een deel vormt van de in figuur 2 tot en met 4 weergegeven inrichting voor het aanbrengen van vlokken. De inrichting voor het aanbrengen van kleefmiddel 3 omvat eveneens een 35 lijmaanbrengpost 37, een post 38 voor het toevoeren van een beschermende folie 39, die bedoeld is om. op de van lijm voorziene draad 15 aangebracht te worden; waarbij, de inrichting 3 eveneens voorzien is van een groep cilinders 40 die aangedre- 8103188 -9- 4 · ven worden door een motor 41 voor het tot stand brengen van de langsbeweging van de draad 15 die bekleed is met de beschermende folie 39, en tenminste één opslagspoel 42. De op-slagspoel 42 is roteerbaar onder invloed van de motor 43 met 5 een variabel koppel. De spoel is eveneens heen en weer beweegbaar onder invloed van een motor 44.
De post 37 voor het aanbrengen van lijm op de draad 15 wordt gevormd door een aanbrengkop 45 van een kleefmiddel zoals bekend onder de aanduiding "Hot Melt”.
10 De toevoerpost 38 voor de beschermende folie 39 wordt gevormd door een moederspoel 46 die samenwerkt met belemmerings-elementen 47. De cilinder 48 rust tegen de aandrijfcilinder 49. Hierdoor kan de van de moederspoel 46 komende beschermende folie 39, terwijl deze langs de belemmeringsinrichting 47 15 beweegt, op de draad 15 worden aangebracht die langs de aanbrengkop 45 beweegt. De langssnelheid en de spanning van de beschermende folie 39 wordt geregeld door een regelarm 50 die ondergeschikt is aan de motor 51 en deel uitmaakt van de be-lemmeringelementen 47. De motor 51 is synchroon met de motor t * 20 41 die de aandrijfscilinders 49 en 52 voor de van een onder een bepaalde spanning aangebrachte beschermende folie voorziene draad 53 aandrijft.
De draad 15 wordt dus van de spoel 36 afgenomen en beweegt onder de kop 45 voor het aanbrengen van kleefmiddel 25 door en vervolgens langs de cilinder 54. De gecombineerde werking van de cilinders 48 en 49 maakt het mogelijk om de beschermende folie 39 op de draad 15 aan te brengen. Eraan voorafgaande vormt de van de moederspoel 46 komende folie 39 twee lussen terwijl deze over de belemmeringselementen 47 be-30 weegt. De lus 55 is min of meer belangrijk doordat deze de werking van de regeling van de arm 50 ondervindt welke de voortbewegingssnelheid van de beschermende folie 39 kan regelen. De motor 41 die de cilinders 49 en 52 aandrijft, welke de draad 53 voortbewegen wordt bediend vanuit de regelin-35 richting 25. Deze bepaalt de synchronisatie van de afwikkei-motor 51 en van de voedingspomp van de aanbrengkop 45 voor het kleefmiddel. De draad 53 beweegt over de cilinders 49 en 52 onder vorming van een acht. De draad wordt vervolgens opgewikkeld op de spoel 42 die in rotatie wordt gebracht door de 8103188 * s -10- motor 43.
De toevoerinrichting 38 kan eveneens een in de figuur niet weergegeven afsnijdinrichting omvatten, waarmee het materiaal van de moederspoel 46 in smalle banden gesneden kan 5 worden, die elk een beschermende draad vormen.
Volgens een andere uitvoeringsvorm is het mogelijk om het materiaal van de moederspoel 56 te snijden voordat deze in de inrichting voor het aanbrengen van kleefmiddel wordt aangebracht. In dit laatste geval geschiedt het doorsnijden 10 op een speciale inrichting en over de gehele breedte van de moederspoel 46 terwijl de spil daarvan intakt gehouden wordt zodat men een stapel plateaus krijgt die elkaar onderling steunen en stabiel blijft. De stapel plateaus wordt op zijn plaats gebracht op de as 56 van de inrichting 3. De opeen-15 volgende plateaus worden vervolgens afgerold. Wanneer êën van de een plateau vormende wanden geheel afgewerkt is, gaat men over naar de het volgende plateau vormende band door de as 56 eenvoudig te verplaatsen, waarbij deze verplaatsing overeenkomt met de breedte van een band.
j· * 20 Zoals in fig.6 wordt getoond, vormt de lijmaanbreng- post 60 volgens een andere uitvoeringsvorm dan de lijmaan-brengpost 12 een bewerkingseenheid. De lijmaanbrengpost 60 omvat in het algemeen een steun 61 die in een verticaal vlak gepositioneerd, kan worden door rotatie daarvan om een rotatie-25 punt of om een as 62. De steun 61 draagt tenminste één steun-cilinder 63, die stroomopwaarts is gelegen van de de geleidende draad 64 opnemende, en behandelende bewerkingspost.
De steuncilinder 63 heeft-als-wezenlijke functie om - de draad 64 naar het lijmaanbrengorgaan zelf voort te bewe-30 gen en bepaalt het laatste contactpunt van de draad 64 die in een niet ondersteunde, vrije toestand blijft totaan de opwik-kelpos.t 7 die aan het einde van de inrichting is geplaatst.
In de aan de hand van fig.1 beschreven uitvoeringsvorm van de inrichting heeft men aan de steuncilinder 63 een tweede aan-35 drijfcilinder 65 toegevoegd die in feite niet noodzakelijk is maar die in de praktijk een goedkopere uitvoeringsvorm blijkt te zijn.
De post 60 voor het aanbrengen van lijm omvat even- 8103188 -11- eens twee lijmaanbrengcilinders 66, 67, waarbij de aandrijf-cilinders 63,65 evenals de lijmaanbrengcilinders 66, 67 boven elkaar in paren zijn aangebracht. Bovendien vindt de aandrijving van de cilinders 66,67 plaats uitgaande van de ci-5 linders 63,65 doormiddel van aandrijfriemen 68,69. Eveneens zijn spanners 70,71 aangebracht die de variaties in de afstand tussen de cilinders 66,67 ten opzichte van de aandrijf-cilinders 63,65 condenseren, aangezien de afstand tussen de cilinders 63,65 of 66,67 geregeld wordt als functie van de 10 draad. Een ontvangtrechter 72 voor de lijm is onder de lijm-aanbrengstcilinders 66,67 aangebracht. De lijm wordt tussen de cilinders 66,67 meegenomen volgens de pijlen F en F', waarbij de overmaat aan lijm die niet op het oppervlak van de draad 64 wordt aangebracht opgevangen wordt door de trechter 15 72 en opnieuw wordt gebruikt.
Zoals in fig.7 wordt getoond, is het wezenlijke kenmerk van de lijmaanbrengpost 60 de mogelijkheid om een regelbare kantelbeweging uit te voeren om het rotatiepunt ofwel de ·*' as 62. Deze kantelbeweging wordt gerealiseerd teneinde reke- 20 ning te houden met de doorbuiging van de draad 64 waarvan het laatste steunpunt zich bevindt op de steuncilinder 62. Hierna kunnen geen aangrijpingsorganen met op de draad aangrijpen voordat het aanbrengen van de vlokken en het drogen daarvan in de posten 5 en 6 beëindigd is. De lijmaanbrengpost 62 kan 25 dus de li jmaanbrengcilinders 66,6/7 positioneren in afhankelijkheid van de doorbuiging van de draad 64 naar het verlaten van de steuncilinder 63. De kantelbeweging wordt veroorzaakt door de steun 61 en de lijmaanbrengci linders 66,67 worden verplaatst overeenkomstig de pijlen G en G' tot in een positie 30 waarin het contactoppervlak van de lijmaanbrengcilinder 66,67 samenvalt met de doorbuiging van de draad 64 die aanvangt bij de steuncilinder 63.
Bovendien zijn de steuncilinders en de aandrijfcilinders 63,65 evenals de lijmaanbrengcilinders 66,67 resp. en 35 in paren instelbaar wat betreft hun onderlinge afstand en hun lineaire snelheid als functie van de aard van de draad 64.
Het is duidelijk dat door de variabele lineaire snelheid de steun- en aandrijfcilinders 63,65 dezelfde rotatiesnelheid 8103188 -12- I % kunnen hebben als de lijmaanbrengcilinders 66,67 zonder dat deze een gelijke afmeting hebben of een verschillende oratrek hebben als functie van de respektievelijke diameters van de cilinders. . - 5 Zoals fig.8 toont omvat elke cilinder 66,67 om een as 72, index 1 een concentrische rubberen bekleding om de as. De omtrek van het rubber oppervlak 73 dat het lijmaanbreng-oppervlak vormt is voorzien van een bekleding 74 met lange vezels, dat de lijm meeneemt. Deze vezels omhullen de draad 10 64 tijdens de beweging tussen de cilinders door. Deze vezels zorgen voor een goede homogene en regelmatige laag lijm op de elektrisch geleidende draad, die zelf bestaat uit een koperdraad die b.v. omhuld is met een synthetisch of kunst-stofmateriaal.
15 Elke lijmaanbrengcilinder omvat een voorgevormde groef 75 die een uitsparing vormt voor het opnemen van de draad 64 in het midden van de cilinder 66,67. De voorgevormde uitsparing 75 bepaalt aldus een voorkeursspoor voor de draad 64 wanneer deze de cilinders 66,67 passeert bij het aanbrengen 20 van de lijm daarop.
In fig.9 is de gehele inrichting schematisch weergegeven. Te zien is de afwikkelpost 4, daarna de lijmaanbreng-post 60 zoals ge toont in de figuren 6 tot en met. 8, vervolgend de vlokkenaanbrengpost 5, daarna de droogpost 6 voor de . 25 synthetische vezels en tenslotte de opwikkelpost 7. In deze figuur wordt de inrichting 80 getoond in een tweede uitvoe-- ringsvorm_daarvan. In.dèze-inrich.ting zijn. twee regelarmen 81,82 stroomopwaarts en stroomafwaarts-van- de cilinders 28, 29 van de opwikkelpost 7 aangebracht. De regelarm 81 is tussen 30 de droogpost 6 en de cilinders 28,29 van de opwikkelpost 7 aangebracht. De tweede regelarm 82. is direct aan de uitgang van de cilinders 28,29 geplaatst, dat wil zeggen tussen deze cilinders en de cilinder 30 voor het opnemen van de draad bij het oprollen daarvan op de spoelen. De armen 81,82 maken het 35 mogelijk om de spanning in de draad zodanig te regelen dat de van vlokken vóórziene draad op de opslagspoel wordt opgewikkeld met een zo klein mogelijke spanning om de esthetische eigenschappen van de draad niet te schaden. In feite wordt 8103 1 88 * · -13- het gehele probleem van de behandeling van de geleidende draad gevormd door het verkrijgen van de gewenste esthetische eigenschappen en dit voor een draad met een cirkelvormige doorsnede.
5 Zoals getoond in fig.9, verkrijgt de draad 64 uit gaande van de lijmaanbrengpost 60 en in het bijzonder uitgaande van de cilinder 63 een doorbuiging die doorgaat in de vlokkenaanbrengpost en de droogpost. In de getoonde inrichting 80 staat de lijmaanbrengpost 60 onder een hoek ter aan-10 passing aan de doorbuiging van de draad 64 op het moment van het aanbrengen van de lijm, waarbij de hellingshoek van de post 60 een hoek C( maakt met de doorbuiging van de draad 64.
15 ·.* 8103188

Claims (21)

1. Inrichting voor de industriële vervaardiging van elektrisch geleidende draden, die behandeld zijn door het aanbrehgen van vlokkken en kleef middel, met het kenmerk, dat · deze een inrichting omvat voor het aanbrengen van vlokken op 5 de draad en een inrichting voor het aanbrengen van kleefmid-del, waarbij deze inrichtingen geregeld en gesynchroniseerd worden door een regelinrichting in afhankelijkheid van bepaalde en geregistreerde parameters met betrekking tot de kleefmiddelen en de lineaire afwikkel- en opwikkelsnelheid 10 van de in een niet ondersteunde vrije toestand gehouden draad.
2. Inrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat deze een inrichting omvat voor het aanbrengen van kleef-middel welke de elektrisch geleidende draad zelfklevend maakt, r* vooraf gaande· aan het- aanbrengen van vlokken in de vlokkenaan- 15 brenginrichting.
3. Inrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de inrichting voor het aanbrengen van vlokken een post I · » omvat voor het van een spoel afwikkelen van de draad, een ! post voor het aanbrengen van kleefmiddel voor de verdeling en !20 de dosering van een kleefmiddelbekleding op de draad, een post voor het bekleden van de draad door deze door een elektrisch ; potentiaal veld te leiden, een post voor het drogen van de met synthetische vezels beklede draad, een post voor. het borstelen en afkoelen van de draad en een post voor het opspoelen 25 van de draad.
4. Inrichting volgens één van de voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de afwikkelpost tenminste één draadspoel omvat die afgerold wordt door een groep door de motor bediende cilinders, waarbij deze post het punt van oorsprong van de 30 synchronisatie en de regeling van de inrichting vormt.
5. Inrichting volgens één van de conclusies 1 en 2, met het kenmerk, dat de post voor het aanbrengen van lijm op . de draad gevormd wordt door een holle draad die het kleefmid- 8103188 τ * -15- del onderdrukt door middel van een pomp doseert en afgeeft.
6. Inrichting volgens conclusie 1 , met het kenmerk, dat de lijmaanbrengpost gevormd wordt door een steun welke in het verticale vlak gepositioneerd kan worden door rotatie 5 om een aslijn, waarbij de steun tenminste één steuncilinder draagt stroomopwaarts van de lijmopbrengpost, waarbij deze cilinder het laatste contactpunt met de draad en de aandrijving daarvan vormt, terwijl twee bovenelkaar geplaatste lijm-aanbrengcilinders door een kantelbeweging van de steun in een 10 positie gebracht kunnen worden waarin het contactoppervlak van de lijmaanbrengcilinders samenvalt met de doorbuiging van de draad die aanvangt ter plaatse van de steuncilinder.
7. Inrichting volgens conclusie 6, met het kenmerk, dat de cilinders voor de ondersteuning en de aandrijving en 15 de cilinders voor het aanbrengen van de lijm resp. op een regelbare afstand van elkaar zijn aangebracht en een variabele lineaire snelheid hebben in afhankelijkheid van de aard van de draad.
8. Inrichting volgens conclusies 6 of 7, met het 20 kenmerk, dat elke lijmaanbrengcilinder van rubber is, waarbij ' de het lijmaanbrengoppervlak vormende omtrek van de cilinders voorzien is van een bekleding met lange vezels, die dienen om de lijm mee te nemen welke de draad omhult tijdens de beweging daarvan tussen de cilinders door, waarbij het lijmaanbreng-25 oppervlak van de cilinders bovendien van een voorgevormde * i groef is voorzien die een opneemuitsparing vormt voor de draad in het middengebied van de cilinders.
9. Inrichting volgens één van de conclusies 1 tot en met 3, met het kenmerk, dat de bekledingspost gevormd wordt 30 door een positieve elektrode en een negatieve elektrode welke een elektrisch potentiaal veld bepalen over de draad, waar de draad bekleed wordt met synthetische vezels.
10. Inrichting volgens één van de conclusies 1 tot en met 3, met het kenmerk, dat de droogpost gevormd wordt door 35 een oventunnel waar de bekleding van de draad gedroogd of ge-polimiriseerd wordt, waarbij deze oven verhit wordt door opwekkers van pulserende lucht die bediend worden uitgaande van de regelinrichting en geregeld worden door organen voor het controleren van de temperatuur. 8103188 > -16-
11. Inrichting volgens één van de conclusies 1 tot en met 3, met het kenmerk/ dat de post voor het borstelen en koelen van de draad gevormd wordt door lucht onder druk afgevende buizen, die aangebracht zijn aan'de uitgang van de 5 oventunnel.
12. Inrichting volgens één van de conclusies 1 tot en met 3, met het kenmerk, dat.de opwikkelpost van de behandelende draad gevormd wordt door volgens het principe van een katrolwerkende cilinders die aangedreven worden door een motor 10 met een variabel koppel teneinde een zwakke en constante spanning in de zich op een opslagspoel wikkelende draad te • vormen.
13. Inrichting volgens conclusie 12, met het kenmerk, dat de opwikkelpost een eerste arm voor het regelen van de 15 draadspanning omvat, die aangebracht is stroomopwaarts van de opwikkelpost, terwijl tussen deze laatste en de droogpost een tweede regelarm voor de spanning van de draad is aangebracht tussen de cilinders 28, 29 en de cilinder 30 voor het opne-yf men van de draad bij het op de spoelen 32,35 wikkelen daar- :20, van.
14. Inrichting volgens conclusie 12, met het kenmerk, ‘ dat de motor met variabel koppel bediend wordt in afhankelijkheid van de opwikkeldiameter van de draad op de spoel, terwijl . ! ‘ een translatiebeweging door een motor wordt veroorzaakt als 25 functie van de dikte van het materiaal. * f
15. Inrichting volgens conclusie 2, met het kenmerk, dat.de inrichting voor het~aanbrengen van kleef middel tenminste één spoel omvat die gevuld is met draad van de vlokkeii-aanbrenginrichting, een kleefmiddelaanbrengpost, een toevoer- 30 post voor.het toevoeren van een beschermende folie die op de van kleef middel voorziene draad aangebracht moet worden, een door een motor aangedreven groep cilinders voor het in langs-richting bewegen van de met de beschermende folie beklede draad en tenminste één opslagspoel die roteerbaar beweegbaar 35 is onder invloed van een eerste motor met een variabel koppel en transleerbaar beweegbaar is onder invloed van een tweede motor. ·
16. Inrichting volgens conclusies 2 en 15, met het 8103188 -17- r f kenmsrk, dat de post voor het aanbrengen van kleefmiddel gevormd wordt door een kleefmiddelaanbrengkop bekend onder de aanduiding "Hot Melt".
17. Inrichting volgens conclusie 2 en 15, met het kenmerk, dat de post voor het toevoeren van de beschermende 5 folie gevormd wordt een moederspoel welke samenwerkt met belemmeringselementen, waarbij één van deze elementen aanligt tegen éën van de aandrijfcilinders van de draad teneinde de beschermende folie op de draad aan te brengen, waarbij de voortbewegingssnelheid van de beschermende folie geregeld 10 wordt door een regelarm die een deel vormt van de belemmeringselementen en door een afwikkelmotor van de moederspoel welke synchroon is met de aandrijvingsmotor. van de aandrijfcilinders voor de met beschermende folie bekledende draad.
18. Inrichting volgens conclusies 2 en 15 tot en met 15 17, met het kenmerk, dat de post voor het toevoeren van de beschermende folie voorzien is van een afsnijdinrichting welke het materiaal van de moederspoel af kan snijden in banden met een geringe breedte,-welke de beschermende folie vormen.
19. Inrichting volgens conclusies 2 en 15 tot en met 20 18, met het kenmerk, dat de motor voor het aandrijven van de aandrijfcilinders voor de met beschermende folie beklede draad bestuurd wordt door de regelinrichting· en de synchronisatie . van de afwikkelmotor van de moederspoel en de toevoerpomp voor kleefmiddel aan de afgiftekop bepaalt.
20. Werkwijze voor het industriëel vervaardigen van elektrisch geleidende draden die behandeld zijn door het aan— brengen van vlokken en kleefmiddel onder toepassing van de inrichting volgens één van de conclusies 1 tot en met 19, met het kenmerk, dat men de draad in de inrichting voor het aan-30 brengen van de vlokken en in de inrichting voor het aanbrengen van kleefmiddel volgens een bepaalde baan laat bewegen door aandrijfcilinders en belemmeringselementen teneinde een relatief geringe spanning in de draad te verkrijgen, die gunstig is voor het oprollen van de spoelen, maar voldoende 35 is om de draad in een niet ondersteunde vrije toestand te houden.
21. Draden verkregen door de werking van de inrichting 8103188 -18- * V volgens één van de conclusies 1 tot en met 19, en door het toepassen van de werkwijze volgens conclusie 20, met het kenmerk , dat deze een esthetische aanblik hebben, uitstekend passen bij de elementen voor de decoratie van interieurs . 5 (bekledingen voor muren of dergelijke) van een constructie en elektrische geleiders zijn. ( f' . ' ' i. \ ' i - ~ ·> * 8103 188
NL8103188A 1980-07-02 1981-07-02 Inrichting en werkwijze voor de industriele vervaardi- ging van elektrische geleidende draden, die behandeld zijn door het aanbrengen van vlokken en kleefmiddel, en aldus verkregen draden. NL8103188A (nl)

Applications Claiming Priority (4)

Application Number Priority Date Filing Date Title
FR8014771A FR2486300A1 (fr) 1980-07-02 1980-07-02 Installation et procede de flocage et pour rendre adhesifs des fils conducteurs d'electricite ainsi que les fils ainsi obtenus
FR8014771 1980-07-02
FR8111103A FR2509081B2 (fr) 1981-06-04 1981-06-04 Installation et procede pour la realisation industrielle de fils conducteurs d'electricite traites par flocage et adhesives ainsi que les fils ainsi obtenus
FR8111103 1981-06-04

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL8103188A true NL8103188A (nl) 1982-02-01

Family

ID=26221876

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL8103188A NL8103188A (nl) 1980-07-02 1981-07-02 Inrichting en werkwijze voor de industriele vervaardi- ging van elektrische geleidende draden, die behandeld zijn door het aanbrengen van vlokken en kleefmiddel, en aldus verkregen draden.

Country Status (11)

Country Link
US (1) US4420360A (nl)
AR (1) AR231033A1 (nl)
BR (1) BR8104199A (nl)
CA (1) CA1188490A (nl)
CH (1) CH649860A5 (nl)
DE (1) DE3126147A1 (nl)
ES (1) ES503972A0 (nl)
GB (1) GB2080705B (nl)
IT (1) IT1136888B (nl)
MX (1) MX153456A (nl)
NL (1) NL8103188A (nl)

Families Citing this family (2)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US6513234B2 (en) 2001-06-13 2003-02-04 Jerry W. Wilemon Method of making fiber reinforced utility cable
DE102007018684A1 (de) * 2007-04-20 2008-10-30 E. Schoepf Gmbh & Co. Kg Veloursmaterial

Family Cites Families (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US3375124A (en) * 1963-11-07 1968-03-26 Linneborn Walter Method and apparatus for electrostatically applying flock to filament material

Also Published As

Publication number Publication date
MX153456A (es) 1986-10-17
IT1136888B (it) 1986-09-03
GB2080705A (en) 1982-02-10
CA1188490A (fr) 1985-06-11
AR231033A1 (es) 1984-08-31
BR8104199A (pt) 1982-03-16
DE3126147A1 (de) 1982-04-01
ES8303805A1 (es) 1983-02-01
US4420360A (en) 1983-12-13
ES503972A0 (es) 1983-02-01
CH649860A5 (fr) 1985-06-14
GB2080705B (en) 1984-07-25
IT8122493A0 (it) 1981-06-22

Similar Documents

Publication Publication Date Title
TWI466737B (zh) 控制供線驅動的裝置
RU98110497A (ru) Установка и способ формирования композиционной ленты
HU217470B (hu) Berendezés tekercselésre
US4324607A (en) Hose building machine
US4298633A (en) Method and apparatus for tensioning metallic strips on a slitting line
US4807938A (en) Process for producing bristle articles
JPH10505279A (ja) ウエブコーティング装置
US2195008A (en) Coiling reel
CN115490088A (zh) 一种线材定长卷收装置
US3477653A (en) Method and means for winding of strand material
JP2637717B2 (ja) 短尺経糸を製造する方法及び装置
NL8103188A (nl) Inrichting en werkwijze voor de industriele vervaardi- ging van elektrische geleidende draden, die behandeld zijn door het aanbrengen van vlokken en kleefmiddel, en aldus verkregen draden.
JPH01194217A (ja) ワイヤラッカー塗装機用ワイヤ引込み装置
US7942979B2 (en) Process and apparatus for cleaning wires or the outer surface of a tube
JPS58205752A (ja) 強化されたゴム又はプラスチツクチユ−ブの生産方法及びそれを実施するための装置
EP3728092B1 (en) Low tension application coiler
US3707415A (en) Filament winding
US3025196A (en) Apparatus for forming an edge reinforced non-woven web
US2375493A (en) Apparatus for coating
HU209105B (en) Apparatus for spiral shaped coiling fibres or fibre-like products onto elongated bodies
JP4290521B2 (ja) コード巻取りシステム
US2668019A (en) Strand tension control mechanism
CN204847560U (zh) 用于卷绕粘性材料制的带材的卷绕装置
JPH1067465A (ja) ワイヤ処理装置
US4917740A (en) Braiding machine

Legal Events

Date Code Title Description
A85 Still pending on 85-01-01
BV The patent application has lapsed