NL8007033A - Plantenkweekvat alsmede werkwijze voor het behandelen en beschermen van een plant. - Google Patents
Plantenkweekvat alsmede werkwijze voor het behandelen en beschermen van een plant. Download PDFInfo
- Publication number
- NL8007033A NL8007033A NL8007033A NL8007033A NL8007033A NL 8007033 A NL8007033 A NL 8007033A NL 8007033 A NL8007033 A NL 8007033A NL 8007033 A NL8007033 A NL 8007033A NL 8007033 A NL8007033 A NL 8007033A
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- plant
- culture vessel
- vessel
- plant culture
- substrate
- Prior art date
Links
- 238000000034 method Methods 0.000 title claims description 17
- 239000000758 substrate Substances 0.000 claims description 85
- XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N water Substances O XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N 0.000 claims description 46
- 239000003570 air Substances 0.000 claims description 17
- 239000011888 foil Substances 0.000 claims description 11
- 230000012010 growth Effects 0.000 claims description 11
- 239000012080 ambient air Substances 0.000 claims description 8
- 239000000463 material Substances 0.000 claims description 8
- 235000015097 nutrients Nutrition 0.000 claims description 7
- 239000008187 granular material Substances 0.000 claims description 6
- 229920003023 plastic Polymers 0.000 claims description 6
- 239000002689 soil Substances 0.000 claims description 6
- 230000008020 evaporation Effects 0.000 claims description 5
- 238000001704 evaporation Methods 0.000 claims description 5
- 230000002349 favourable effect Effects 0.000 claims description 5
- 239000004033 plastic Substances 0.000 claims description 5
- 230000035515 penetration Effects 0.000 claims description 4
- 239000004927 clay Substances 0.000 claims description 3
- 230000036961 partial effect Effects 0.000 claims description 3
- 239000003415 peat Substances 0.000 claims description 3
- 238000007789 sealing Methods 0.000 claims description 3
- 239000006260 foam Substances 0.000 claims description 2
- -1 for example Substances 0.000 claims description 2
- 239000011490 mineral wool Substances 0.000 claims description 2
- 230000000149 penetrating effect Effects 0.000 claims description 2
- 239000004575 stone Substances 0.000 claims description 2
- 229920000426 Microplastic Polymers 0.000 claims 1
- 238000010521 absorption reaction Methods 0.000 claims 1
- 239000000654 additive Substances 0.000 claims 1
- 239000011248 coating agent Substances 0.000 claims 1
- 238000000576 coating method Methods 0.000 claims 1
- 239000000835 fiber Substances 0.000 claims 1
- 230000008635 plant growth Effects 0.000 claims 1
- 241000196324 Embryophyta Species 0.000 description 80
- 230000018109 developmental process Effects 0.000 description 7
- 239000004480 active ingredient Substances 0.000 description 3
- 239000011521 glass Substances 0.000 description 3
- CURLTUGMZLYLDI-UHFFFAOYSA-N Carbon dioxide Chemical compound O=C=O CURLTUGMZLYLDI-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 2
- 239000003086 colorant Substances 0.000 description 2
- 239000002657 fibrous material Substances 0.000 description 2
- 239000003501 hydroponics Substances 0.000 description 2
- 238000007689 inspection Methods 0.000 description 2
- 239000002184 metal Substances 0.000 description 2
- 239000013543 active substance Substances 0.000 description 1
- 230000005791 algae growth Effects 0.000 description 1
- 230000003698 anagen phase Effects 0.000 description 1
- QVGXLLKOCUKJST-UHFFFAOYSA-N atomic oxygen Chemical compound [O] QVGXLLKOCUKJST-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 1
- 230000004888 barrier function Effects 0.000 description 1
- 230000009286 beneficial effect Effects 0.000 description 1
- 230000003139 buffering effect Effects 0.000 description 1
- 229910002092 carbon dioxide Inorganic materials 0.000 description 1
- 239000001569 carbon dioxide Substances 0.000 description 1
- 239000003795 chemical substances by application Substances 0.000 description 1
- 230000001627 detrimental effect Effects 0.000 description 1
- 238000006073 displacement reaction Methods 0.000 description 1
- 239000013013 elastic material Substances 0.000 description 1
- 230000007717 exclusion Effects 0.000 description 1
- 239000003337 fertilizer Substances 0.000 description 1
- 239000000945 filler Substances 0.000 description 1
- 239000006261 foam material Substances 0.000 description 1
- 238000009434 installation Methods 0.000 description 1
- 239000003621 irrigation water Substances 0.000 description 1
- 230000000670 limiting effect Effects 0.000 description 1
- 239000008239 natural water Substances 0.000 description 1
- 239000004745 nonwoven fabric Substances 0.000 description 1
- 229910052760 oxygen Inorganic materials 0.000 description 1
- 239000001301 oxygen Substances 0.000 description 1
- 239000010451 perlite Substances 0.000 description 1
- 235000019362 perlite Nutrition 0.000 description 1
- 230000029553 photosynthesis Effects 0.000 description 1
- 238000010672 photosynthesis Methods 0.000 description 1
- 230000008121 plant development Effects 0.000 description 1
- 230000001681 protective effect Effects 0.000 description 1
- 230000002829 reductive effect Effects 0.000 description 1
- 230000002787 reinforcement Effects 0.000 description 1
- 230000000717 retained effect Effects 0.000 description 1
- 230000008653 root damage Effects 0.000 description 1
- 230000002786 root growth Effects 0.000 description 1
- 239000004576 sand Substances 0.000 description 1
- 239000000725 suspension Substances 0.000 description 1
Classifications
-
- A—HUMAN NECESSITIES
- A01—AGRICULTURE; FORESTRY; ANIMAL HUSBANDRY; HUNTING; TRAPPING; FISHING
- A01G—HORTICULTURE; CULTIVATION OF VEGETABLES, FLOWERS, RICE, FRUIT, VINES, HOPS OR SEAWEED; FORESTRY; WATERING
- A01G31/00—Soilless cultivation, e.g. hydroponics
- A01G31/02—Special apparatus therefor
-
- Y—GENERAL TAGGING OF NEW TECHNOLOGICAL DEVELOPMENTS; GENERAL TAGGING OF CROSS-SECTIONAL TECHNOLOGIES SPANNING OVER SEVERAL SECTIONS OF THE IPC; TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC CROSS-REFERENCE ART COLLECTIONS [XRACs] AND DIGESTS
- Y02—TECHNOLOGIES OR APPLICATIONS FOR MITIGATION OR ADAPTATION AGAINST CLIMATE CHANGE
- Y02P—CLIMATE CHANGE MITIGATION TECHNOLOGIES IN THE PRODUCTION OR PROCESSING OF GOODS
- Y02P60/00—Technologies relating to agriculture, livestock or agroalimentary industries
- Y02P60/20—Reduction of greenhouse gas [GHG] emissions in agriculture, e.g. CO2
- Y02P60/21—Dinitrogen oxide [N2O], e.g. using aquaponics, hydroponics or efficiency measures
Landscapes
- Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
- Environmental Sciences (AREA)
- Cultivation Receptacles Or Flower-Pots, Or Pots For Seedlings (AREA)
- Hydroponics (AREA)
Description
- 1 - V.V *
Plantenkweekvat alsmede werkwijze voor het behandelen en beschermen van een plant.
De uitvinding heeft betrekking op een plantenkweekvat, dat een plant, een verwortelingssubstraat en water bevat en ten minste in een bovengedeelte parallelle binnenwanden bezit, alsmede een werkwijze voor het behan-5 delen en het beschermen van een plant met behulp van dit plantenkweekvat.
Het is bekend om planten in potten uit aardewerk, glas of kunststof met parallelle binnenwanden te kweken.
De wortels worden daarbij uitsluitend in aarde gevoed.
10 Bij een plantenkweekvat van de in de aanhef genoemde soort wordt de plant gevoed uit een groeisubstraat uit aarde, dat zich bevindt aan de bodem van een cilindervormig uitgevoerd vat. Dit vat is ingezet in een schaal met water, dat via openingen in de bodem van het vat doordringt 15 in het substraat. Er zijn ook hydrocultuurmethoden bekend, waarbij de wortels in het algemeen op voedingsstofvrije substraten, zoals bijv. poreuze gebrande klei, korrels of granulaten van perliet, zand of dergelijke gehouden worden, en wegens ontbrekende bufferwerking de voedings-20 stoffen in nauwkeurig gedoseerde vorm worden toegevoerd.
Na voldoende beworteling kan een overplanting in aarde plaatsvinden. Bij deze hydrocultuurmethodes bevindt het substraat zich in een inzethouder, die eveneens in een groter met water gevuld vat wordt ingezet, zodat 25 de inzethouder en het substraat in het water worden ingedompeld. Bij de eerstgenoemde methode kan ook een overschakelen op hydrocultuur geschieden, waarbij evenwel het substraat eerst voorzichtig van de wortels moet worden verwijderd en deze moeten worden afgewassen, hetgeen 30 een zorgvuldig en daardoor kostbaar proces vereist ter vermijding van wortelbeschadiging. De bekende vaten bezitten het gemeenschappelijke nadeel, dat de zich buiten het vat bevindende of daaruit omhoog gegroeide jonge plant bij een transport uiterst kwetsbaar is, zodat voor 35 een dergelijk transport kostbare maatregelen nodig zijn.
Ook is bij transport van dergelijke vaten een zorgvuldige 8007033 - 2 - *- * · behandeling noodzakelijk, opdat het zich daarin bevindende water er niet uitvloeit. Een transport, bijv. verzending van dergelijke inrichtingen is daardoor slechts onder kostbare voorzieningen mogelijk, zo het in het geheel 5 al mogelijk is. Bij het opstellen van dergelijke vaten, bijv. voor verkoop of bij een gebruiker wordt de jonge plant in het bijzonder in zijn eerste ontwikkelingsstadium volledig blootgesteld aan de omgevingslucht, bijv. trek-lucht of temperatuurswisselingen, hetgeen voor de verdere 10 ontwikkeling schadelijk kan zijn.
Het niet voor-gepubliceerde Zwitserse octrooi-schrift Nr. (corresponderende met de Zwitserse octrooiaanvrage 11092/79-9 van 15 december 1979, met de titel "Verfahren zum sichtbaren Aufziehen einer Pflanze 15 sowie Zuchtgefass für Planzen") beschrijft een technisch goede oplossing voor een werkwijze en een kweekvat, waarbij de plant door middel van een de plantensteel omgevende ondersteuning in een gewenste stand in het vat op en neer bewogen kan worden. Hierbij doet zich evenwel de bezwaarlijke 20 omstandigheid voor, dat bij de gebruiker van deze inrichting de stek pas moet worden beworteld, aangezien bij een transport zonder vat de wortels aan het gevaar van beschadiging zijn blootgesteld, of dat men een bewortelde plant in een eigen glas of beschermhouder moet transporteren 25 naar de plaats, waar het overplanten in het bekende kweekvat plaatsvindt. Er werd daarom naar wegen gezocht om een geschikte bewortelingsinrichting voor gereed-gecultiveerde kweekbare jonge planten te vinden.
Het is nu het doel van de uitvinding de nadelen 30 van de tot nog toe bekende vaten en methodes voor het kweken van planten op te heffen en een plantenkweekvat van de in de aanhef genoemde soort te verschaffen, dat voor een voordelig bewortelde plant voldoende bescherming tegen de omgeving waarborgt en een met het oog op transport 35 en opstellen gunstige verpakking voor de bewortelde plant, alsmede een hydrocultuurinrichting en methode met gewaarborgde bewatering en groei-ontwikkeling zonder overplanten kan leveren.
Teneinde dit doel te bereiken, wordt bij het 40 in de aanhef genoemde kweekvat de plant vastgehouden door 8007033 tr * - 3 - middel van het bij elkaar gehouden, tussen de ten minste gedeeltelijk doorzichtige en parallelle binnenwanden zittende verwortelingssubstraat, dat samen met de plant langs de parallelle binnenwanden op en naar beweegbaar is aangebracht.
5 Daardoor wordt een combinatie van vat, plant, beweegbaar verwortelingssubstraat en water verkregen, 1 waarmee het enerzijds mogelijk is, dat ook op het gebied van planten kweken volledig onervaren personen de plant niet alleen op eenvoudige wijze kunnen behandelen en kweken, maar 10 deze ook langdurig zonder vervanging van water of voedingsstoffen kunnen laten staan, en bijv. gedurende een lange tijd praktisch slechts aan een lichtbron behoeven bloot te stellen. De plant is in de getroffen combinatie niet alleen gedurende een transport, maar ook op de plaats waar 15 de plant wordt opgesteld, beschermd tegen de omgeving, en kan in het bijzonder in overeenstemming met zijn groei door middel van het beweegbare verwortelingssubstraat in het vat in de met haar wortelgroei corresponderende stand worden gebracht. Daardoor wordt ook een in het bijzonder 20 qua verkoop gunstige verpakking voor de plant verkregen, door welke een overplanten wordt uitgespaard. Zowel de groei van de plant als van de wortels, alsook een vereiste verhouding van waterhoeveelheid en luchtruimte in·het bladergebied kan op tot nog toe onbekende wijze worden 25 waargenomen en gecontroleerd.
Dankzij de over een tamelijk lange tijd uit te strijken plantenontwikkeling binnen de houder is de binnen-atmosfeer ervan ook veel beter gecompenseerd en de planten worden daardoor veel minder aan wisselende temperaturen, 30 treklucht enz. blootgesteld. De combinatie van houder, plantenbevestiging in het wortelgebied en watergehalte kan zo worden geoptimaliseerd, dat ook een verzending van het gehele systeem desnoods in liggende toestand en onder bijv. op zichzelf weinig gunstige lichtafsluiting gedurende 35 enige dagen mogelijk is. In elk geval kan ook bij langere afwezigheid van de gebruiker het plantensysteem weken, zo niet maanden, aan zichzelf worden overgelaten zonder grote schade, en ondergebracht worden in een leefruimte, die ook beperkt kan zijn en waardoor de groei kan worden 40 begrensd. Dit kan gebeuren onder uitsluiting van omgevings- 8007033 t * - 4 - lucht of door een verminderde luchttoevoer van omgevingslucht. Er kan worden uitgegaan van een stek of van een zaailing, die is ingeplant in het verwortelingssubstraat.
Het is evenwel ook mogelijk een reeds op andere wijze in 5 het verwortelingssubstraat bewortelde plant in het vat op een corresponderende hoogte daarvan in te zetten.
In het bijzonder wordt met het plantenkweekvat volgens de uitvinding een werkwijze verschaft voor het behandelen en beschermen van een plant, waardoor de plant 10 bij het kweken, voor het transport of voor de opstelling ervan het tussen de parallelle vatbinnenwanden geleide verwortelingssubstraat vertikaal in een steeds gewenste stand in het vat wordt bewogen.
Daardoor is er een oplossing gevonden, waarbij 15 de bewortelde planten in grote partijen, bijv. vanaf tuinderijen of de handel, uit gespecialiseerde kweekbedrijven of uit andere landen kunnen worden betrokken en bijv. gedurende een tussentijd in de handel en ten slotte bij de gebruiker worden opgesteld.
20 Volgens de uitvinding kan een op zichzelf bekend verwortelingssubstraat, dat geen voedingsstoffen behoeft af te geven, op verrassende wijze boven het voedingsstof-bevattende water worden aangebracht.
Als verwortelingssubstraat, waarin het onderste 25 plantendeel met de wortels zit, kan een luchtig verworte-lingsmateriaal, zoals bijv. turf, schuimstof, poreuze gebrande klei of iets dergelijks dienen, dat door een omhulsel, bijv. een vaste manchet, een vliesstof, een.niet geweven materiaal of een, bijv. eveneens potvormig foelie-30 omhulsel wordt samengehouden. Het verwortelingssubstraat kan evenwel ook een eigen inwendige samenhang, zoals bijv. gebonden steenwol of met schuimstof gebonden turfcultuur, en bijv. ook een omhulsel van de bovengenoemde soort bezitten. Op deze wijze kunnen voordelige, de totale doorsnede 35 van het vat opvullende en aan de binnenwand daarvan aangepaste of aanpasbare verwortelingssubstraten worden verkregen, die ook als dragersubstraten kunnen worden gebruikt.
Een foelie-omhulsel heeft bijv. het voordeel, dat deze enerzijds bedrukt kan worden en aanwijzingen voor 40 de behandeling van de plant of een reclame kan opnemen, 8007033 - 5 - d * en anderzijds dat deze omhulling in aansprekende kleuren kan worden uitgevoerd. Een foelie-omhulsel maakt bijv. ook een goed glijden van de bewortelingshouder aan de wanden van het vat mogelijk, en verder kan een algengroei 5 in het algemeen worden verhinderd, resp. worden bedekt.
In ëën uitvoeringsvorm bezit het verwortelings-substraat openingen, zowel voor het doordringen van de plant, resp. van zijn wortels, alsook voor het doordringen van water in het vat. Het substraat kan evenwel ook een 10 water-doorlaatbaar, voor de wortels doordringbaar, bijv. elastisch, materiaal bevatten.
Het verwortelingssubstraat kan aan de bovenzijde tot op een doortree-opening voor de plant en voor het ingieten van gietwater door een afdekking zijn afgesloten, 15 teneinde een waterverdamping uit het vat door het substraat heen te verhinderen of ten minste te verminderen, of een uitvallen of brokkelen te verhinderen van los vul- of dragersubstraatmateriaal, dat gedurende het verschuiven van het substraat meegaat. Een dergelijke afdekking kan ook 20 uit steentjes, korrels, aarde, kiezel, kunststofgranulaat of kogeltjes, een foelie of foelieschijf of plaat of iets dergelijks bestaan en ook in kleuren uitgevoerd worden en dienen ter verfraaiing.
Aan het verwortelingssubstraat kan een naar 25 buiten over zijn profiel afstaande afdichtingsring zijn aangebracht, of er kunnen ook corresponderend uitgevoerde nokken aanwezig zijn, zodat het substraat kan worden aangepast aan een grotere vatbinnendiameter of tussen de parallelle binnenwanden kan worden ingeklemd. De binnen-30 wand van de houder kan echter ook naar het inwendige van het vat uitstekende versterkingsringen of nokken of insnoeringen vertonen, waarop het substraat kan worden opgezet of waartussen het kan worden ingeklemd.
Het verwortelingssubstraat is bijv. zodanig uitge-35 voerd, dat de wortels door ëën of in het bijzonder meer openingen ervan heengroeien en de weg kunnen vinden naar de ondergelegen watervoorraad, hetgeen, naar de ervaring heeft geleerd, ook gebeurt, waarbij de onderzijde van het substraat ook een zeefbodem, bijv. een zeefplaat of een 40 net kan vertonen.
8007033 - 6 -
Op voordelige wijze kan daardoor een zichtbare, controleerbare bewatering plaatsvinden over een lang tijdsverloop, en kunnen daarbij de groei van de plant en de wortels evenals in een aquarium, en daardoor ook de gezond-5 heid van de plant worden geobserveerd. In één uitvoeringsvorm kan het vat aan zijn bovengedeelte volledig of met het oog op een beperkte luchtuitwisseling van de binnenruimte van het vat met de omgevingslucht zijn afgesloten door een afdekking. Op deze wijze kan de ontwikkeling van de plant 10 door de lichtdoorlatende vatwanden worden beschermd tegen de buitenatmosfeer, bijv. treklucht of een sterk verdampen van het in het vat aanwezige water.
In tegenstelling met de tot nog toe gebruikelijke bewortelingssystemen is evenwel het verwortelingssubstraat 15 verschuifbaar, zodat dit tot aan de bovenste rand van het kweekvat naar boven kan worden getrokken. Op willekeurige wijze kan daardoor door verschuiven naar boven of naar beneden de plant in het vat aan een gewenste atmosfeer worden blootgesteld. Wanneer de plant bijv. sterk gegroeid is en ' 20 de wortels hun gebied binnen de houder in verregaande mate opgevuld hebben, kan het verwortelingssubstraat met de plant zonder problemen in een andere houder met een grotere wortelruimte worden overgebracht, waarvan de bovenste houderbinnenwand bijv. in wezen aan de buitenafmetingen 25 van het substraat is aangepast. Het substraat kan evenwel in de tweede houder ook in een corresponderend inzetstuk worden ingezet, waarin het eveneens schuifbaar kan zijn.
Het kweekvat kan met het oog op de opstelling ervan bijv. zijn uitgevoerd met een vlakke onderzijde, of 30 zijn ingericht met het oog op ophangen, en de in het vat ingeschoven plant kan bijv. met het oog op een transport beschermd van de omgeving aanwezig zijn. Bij voorkeur wordt het verwortelingssubstraat in afhankelijkheid van de verhouding tussen water en luchtruimte binnen het wortelgebied 35 van de plant op en neer bewogen. De groei van de plant kan bestuurd worden door dosering van hoeveelheid en kwaliteit van het licht, bijv. door belichting of lichtafscherming van de wortels. Bij voorkeur is het substraat boven het wateroppervlak aangebracht, waarbij het vat vanaf de boven-40 kant van het substraat naar boven doorzichtig kan zijn 8007033 *' * - 7 - uitgevoerd. Het is evenwel ook mogelijk het totale vat lichtdoorlatend uit te voeren, en in het wortelgebied, dat wil zeggen van de bodem tot aan het verwortelingssubstraat aan het vat een lichtondoorlatende, vast aangebrachte of 5 op het bovengedeelte van het vat verschuifbare afdekking, bijv. een huls aan te brengen. Op deze wijze kan de belichting en lichtafscheming op gewenste wijze plaatsvinden. Het bovengedeelte van het vat kan ook zijn ingekleurd met een de plantengroei beïnvloedende kleur of uitsluitend met 10 het oog op een gedeeltelijke lichtdoordringing.
De uitvinding zal thans nader worden toegelicht aan de hand van uitvoeringsvoorbeelden onder verwijzing naar de tekening. In de tekening toont: fig* 1 een plantenkweekvat met een wortelplant 15 in schematische weergave in gedeeltelijk weggebroken aanzicht, fig. 2 het kweekvat volgens fig. 1 in een verdere groeifase van de plant, fig. 3 een verder plantenkweekvat na overplanten 20 in schematische weergave, en fig. 4 t/m 7 elk een andere uitvoeringsvorm van een plantenkweekvat in schematische weergave in aanzicht resp. in doorsnede.
Een doorzichtig kweekvat 1, bijv. van glas of 25 doorzichtig kunststof, is gedeeltelijk tot aan de hoogte H gevuld met water 2, en bevat een jonge plant 3, die in haar wortelgebied in een opening 4 (niet getoond) van een cilindervormig verwortelingssubstraat 5 horizontaal en vertikaal wordt gehouden. Met zijn wortels bezittende 30 ondereinde bevindt de jonge plant zich nog in het substraat 5, dat aan zijn onderzijde 7 openingen 8 bezit voor de doortrede van de wortels 9. De houdering 4 kan uit een meegevend, dat wil zeggen elastisch materiaal, bijv. uit een waterdoorlaatbaar materiaal bestaan, zodat het wortel-35 gebied vochtig kan worden gehouden. Het verwortelingssubstraat zit in het hier in cirkelvormige dwarsdoorsnede vertonende bovengedeelte van het kweekvat 1 met zijn aan de binnenwanden aangepaste buitenafmetingen met klem-zitting door elastische eigen druk boven het wateroppervlak 40 6 en is vertikaal, dat wil zeggen in de richting van de 8007033 - 8 - pijl A tussen de parallelle binnenwanden verschuifbaar.
Het kweekvat 1 is aan zijn bovenste open einde door een kap 10 zodanig afgesloten, dat er geen of in wezen geen luchtuitwisseling tussen de luchtruimte 13 in het kweekvat 1 5 en de dit omgevende luchtruimte kan plaatsvinden. Door een opening (niet getoond) in de kap 10 strekt zich naar boven en naar buiten een aan het substraat bevestigde geleidingsdraad 11 met een handgreep 12, waarmee het substraat 5 volgens de richting van de dubbelpijl A 10 vertikaal in het inwendige van het plantenkweekvat 1 kan worden geschoven. De geleidingsdraad 11 kan ook een dunne stang uit willekeurig materiaal, bijv. kunststof of metaal zijn. Er kunnen evenwel ook paren trekdraden of iets dergelijks worden gebruikt.
15 In fig. 1 bevindt de jonge plant 3 zich in het kweekvat in een begrensde leefruimte. In het bijzonder wordt de fotosynthese verhinderd, aangezien slechts het in de begrensde luchtruimte 13 aanwezige kooldioxyde voor opname .ter beschikking staat en afgegeven zuurstof in 20 overmaat aanwezig is, hetgeen begrenzend op de groei werkt. Voor het bewortelen, resp. het ontwikkelen van de wortels, is evenwel een gunstige vochtige atmosfeer aanwezig.
De ontwikkeling vindt daardoor uitsluitend plaats in de begrensde leefruimte, en door middel van de in het kweekvat · 25 1 binnentredende licht.
Er kan alleen natuurlijk water worden gebruikt, er kunnen evenwel ook aan dit water nog middelen worden toegevoegd, die gunstig zijn voor de ontwikkeling van de plant.
30 In fig. 2, waarin met fig. 1 corresponderende delen dezelfde verwijzingscijfers hebben, is de jonge plant 3 verder ontwikkeld met een sterkere ontwikkeling van de wortels 9, die door het substraat 5 en de openingen 8 heengegroeid zijn. Ten opzichte van de stand in fig. 1 35 is het substraat 5 tot aan de bovenkant 14 naar boven getrokken, waarbij de wortels door de opening 8 heen in het water 2 zijn gegroeid. De kap 10 is daarbij op een eerder tijdstip verwijderd, zodat de jonge plant 3 is blootgesteld aan de omgevingslucht.
40 Het kweekvat bezit een vlakke onderzijde 15, 8007033
·+- V
- 9 - zodat dit vat kan worden opgesteld. In deze vorm kan de combinatie van kweekvat 1, plant 3, substraat 5 en water 2 op willekeurige plaatsen worden geplaatst en ook worden getransporteerd. Tot aan het overplanten, bijv. in aarde, 5 kan de jonge plant 3 in het geopende kweekvat 1 volgens fig. 2 blijven. Dit dient evenwel slechts zolang de geschieden, dat de wortels niet door het begrensde water-bevattende deel van het vat in hun groei worden verhinderd. Daarom schakelt men over op een vat 16 met een groter inwendig volume, 10 dat eveneens gedeeltelijk met water 2 is gevuld, zoals is getoond in fig. 3, waarin met fig. 1 overeenkomende delen dezelfde verwijzingscijfers hebben. Aangezien het vat 16 in zijn bovenste deel 17 dezelfde inwendige diameter D bezit als het kweekvat 1, kan dit het substraat 5 op 15 dezelfde wijze opnemen. De wortels strekken zich uit tussen het substraat 5 en het wateroppervlak 6 gedeeltelijk in een luchtruirate 18, zodat de wortels voldoende worden belucht.
Fig. 4 toont een verder in dwarsdoorsnede 20 cirkelvormig doorzichtig plantenkweekvat 20 met een verwortelingssubstraat 21 met een jonge plant 22 (gedeeltelijk getoond), welk substraat vertikaal tussen parallelle binnenwanden 23 van het kweekvat 20 verschuifbaar is.
Zoals het rechterdeel van fig. 4 toont, bezit de plant 23 25 een in het inwendige van het vat uitstekende insnoering 24, zodat het substraat 21 daarop kan worden opgezet en in een gewenste stand kan zetelen. Het substraat 21 is omgeven door een foelie-omhulsel 25, dat volgens het rechtergedeelte van fig. 4 ook de onderzijde 26 van het substraat 21 30 omgeeft en openingen 27 (waarvan slechts één getoond) bezit, waar doorheen de wortels 28 van de jonge plant 22 door een luchtruimte 29 boven het wateroppervlak 30 in het water 31 zijn gegroeid. Volgens het linkergedeelte van fig. 4 kan ook slechts ëën foeliemantel 32 aanwezig zijn, 35 die het substraat 21 cilindervormig omgeeft. Het substraat 21 bezit in dit geval openingen 33 voor het doortreden van de wortels 28. Bij de uitvoeringsvorm volgens het linkerdeel van fig. 4 kan aan de onderzijde 26 ook een zeefplaat of een net zijn aangebracht (niet getoond). Verder zijn volgens 40 het linkerdeel van fig. 4 in plaats van de insnoering 24 8007033 - 10 - * in het inwendige van het vat uitstekende nokken 34 aangebracht, waarop het substraat zetelt. Zowel met de insnoering 24 alsook met de nokken 34 kan het substraat 21 in een gewenste stand worden gezeteld. Zowel de insnoering 24 alsook 5 de nokken 34 kunnen op meerdere plaatsen op de hoogte van het vat 20 aanwezig zijn, zodat het substraat 21 in een telkens gewenste hoogte kan worden geplaatst. Bij het verschuiven kan het meegevende substraat onder dwang voorbij de insnoering 24 of de nok 34 worden geschoven.
10 Aan de bodem van het vat 20 bevindt zich in het water een inlegdeel 35 in de vorm van een uit vezelmateriaal bestaand laagvormig lichaam, dat werkstoffen 35a, bijv. in de vorm van ionenwisselaars, voedingsstoffen, bijv. meststoffen of dergelijke bevat, zoals het bijv. beschreven 15 is in het Duitse inzageschrift 28 55 059. Op deze wijze kunnen de wortels 28 voorzien worden van werkstoffen, vooral, wanneer zij zich tot aan het inlegstuk 35 uitstrekken. In plaats van het inlegstuk 35 kunnen ook korrelachtige voedingsstoffen tussen de wortels aanwezig zijn en in 20 plaats van de nokken 34 kan ook een naar binnen uitstaande ring aanwezig zijn, waarop het substraat kan zetelen. Het water kan ook in gelachtige vorm aanwezig zijn, hetgeen voor het verzenden van het plantenkweekvat met plant en verwortelingssubstraat van voordeel is.
25 Zoals fig. 5 toont, bezit een plantenkweekvat 36 naar binnen uitstekende nokken 37 aan de parallelle binnenwanden 38, waartussen een substraat 39 zit ingeklemd. Tussen het wateroppervlak 40 van het water 41 en de onderzijde 42 van het substraat 39 bevindt zich een uit 30 vezelstof bestaand inlegstuk 43, dat wederom werkstoffen 44 bevat, en dat kan zijn uitgevoerd zoals beschreven in het reeds genoemde Duitse inzageschrift 28 55 059. Het inlegstuk 43 bezit openingen 45, zodat de wortels 46 daar doorheen in het water 41 kunnen groeien. Door het 35 inlegstuk 43 zijn de werkstoffen 44 rechtstreeks in het bereik van de wortels 46.
Zoals het rechterdeel van fig. 5 toont, is het substraat 39 afgedekt door een plaat 47, waardoor water-verdamping door het substraat 39 heen wordt gesmoord, 40 zo niet vermeden. In een andere uitvoeringsvorm volgens 8007033 - 11 - het linkerdeel van fig. 5 kan ook een korrelachtige afdekking 48 aanwezig zijn, die op dezelfde wijze een waterverdamping kan verminderen.
Fig. 6 toont nog het plantenkweekvat 1 van fig.
5 1 in een uitvoeringsvorm, waarbij het aan de buitenzijde omgeven is door een afdekking 49 (gedeeltelijk opengebroken), die zich over de volledige omtrek om de buitenomtrek van het kweekvat 1 en over een gedeelte van de hoogte K daarvan, bijv. ten minste tot een waterhoogte L uitstrekt. De 10 afdekking 49 kan vervaardigd zijn uit papier, metaalfoel'ie, kunststoffoelie of een dergelijk materiaal, en is bij voorkeur lichtondoorlatend, en hoogstens voor licht gedeeltelijk doorlatend uitgevoerd. Hierdoor kan de met water gevulde wortelruimte 50 voor licht worden afgeschermd, 15 zodat de groei van de jonge plant kan worden beperkt.
De afdekking kan aanwezig zijn in de vorm van een manchet, die over het kweekvat 1 is gestulpt en hierop volgens de dubbelpijl E vertikaal kan worden verschoven. Hierdoor kan niet alleen de wortelruimte 50 op willekeurige wijze • 20 voor licht worden afgeschermd, maar ook de de bladeren 51 bevattende luchtruimte 13 in het kweekvat 1. ~
Fig. 7 toont nog een plantenkweekvat 52, dat voor het opnemen van meerdere verwortelingssubstraten 53 is ingericht, door welke bewortelde jonge planten 54 25 in het kweekvat 52 worden gehouden. De verwortelingssubstraten 53 bevinden zich op een zeefplaat 55 met openingen 56, waar doorheen de wortels 57 van de jonge planten 54 in het zich in het kweekvat 52 bevindende water 58 zijn gegroeid. De zeefplaat 55 is door middel van geleiders 59 30 aan de parallelle binnenwanden 60 van het een cirkelvormige dwarsdoorsnede vertonende plantenkweekvat verschuifbaar gelegerd, en kan door een niet getoonde inrichting volgens pijl F vertikaal in het kweekvat 52 worden verschoven.
Deze plaat 55 bevindt zich boven het wateroppervlak 61, 35 zodat de verwortelingssubstraten 53 zich eveneens daarboven bevinden en de wortels 57 zich gedeeltelijk weer in een luchtruimte 62 bevinden. Met een dergelijke uitvoeringsvorm kunnen derhalve ook meerdere planten zoals reeds in de voorgaande uitvoeringsvoorbeeld werd beschreven, vertikaal 40 in het plantenkweekvat 52 worden geschoven en daardoor op 8007033 - 12 - dezelfde wijze worden behandeld en beschermd.
- conclusies - 8007033
Claims (24)
1. Plantenkweekvat, dat een plant, een verwortelings- substraat en water bevat en ten minste in zijn bovengedeelte parallelle binnenwanden bezit, met het kenmerk, dat -de plant gehouden wordt door middel van het bij elkaar 5 gehouden, tussen de ten minste gedeeltelijk doorzichtige en parallelle binnenwanden gezeten verwortelingssubstraat, dat samen met de plant langs de parallelle binnenwanden op en neer beweegbaar is aangebracht.
2. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t 10 het kenmerk, dat het verwortelingssubstraat zich bevindt boven het water.
3. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t het kenmerk, dat het verwortelingssubstraat door middel van klemzitting door elastische eigen druk aan 15 elke willekeurige binnenwandplaats van het bijv. cirkelvormige, rechthoekige, driehoekige of ovale dwarsdoorsnee getoonde vat automatisch arreteerbaar is.
4. Plantenkweekvat volgens conclusie 3, m e t het kenmerk, dat het verwortelingssubstraat met 20 ten minste een over zijn buitenprofiel uitstekende aan-passingsring of nok of door een naar de binnenruimte van het vat uitstekende nok of ring of insnoering van de vatwand tussen de binnenwanden gehouden of ingeklemd is.
5. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t 25 het kenmerk, dat het bijv. de totale dwarsdoorsnede van het vat opvullende verwortelingssubstraat een inwendige samenhang bezit.
6. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t het kenmerk, dat het bijv. brokkelige verworte- 30 lingssubstraat door een uitwendig, aan de parallelle binnenwanden gelegen, een doordringen van de wortels mogelijk makend omhulsel, bijv. een manchet, foelie of foelie-mantel omgeven, bijv. cilindervormig omsloten is. 8007033 - 14 -
7. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t het kenmerk, dat het de dwarsdoorsnede van het vat opvullende verwortelingssubstraat openingen bezit voor de plant, voor het doordringen van de wortels en voor water.
8. Plantenkweekvat volgens conclusie 7, m e t het kenmerk, dat het verwortelingssubstraat een bovenste een waterverdamping verhinderende afdekking, bijv. opgelegde steentjes, korreltjes, aarde, kunststofgranulaten of kogeltjes een foelie, plaat of kap of iets dergelijks 10 bezit.
9. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat het verwortelingssubstraat een zeefachtige bodem, bijv. in de vorm van een zeefplaat, een net, of iets dergelijks bezit.
10. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t het kenmerk, dat het totale kweekvat doorzichtig is.
11. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t het kenmerk, dat in het wortelgebied aan het 20 vat een lichtondoorlatend vast aangebracht of op het bovendeel van het vat verschuifbaar afdekking, bijv. een huls aanwezig is.
12. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t het kenmerk, dat ten minste het bovendeel van het 25 vat met een de groei van de plant beïnvloedende kleur of met het oog op een gedeeltelijke lichtdoordringing ingekleurd is.
13. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t het kenmerk, dat het water de groei beïnvloedende 30 toevoegingen bevat, die bijv. als korrelige voedingsstoffen in een vezelsysteem op een voor de opname gunstige afstand van de wortels aanwezig zijn.
14. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t 8007033 - 15 - het kenmerk, dat het water op voor transport geschikte wijze en voor de wortels verdraagbare wijze in gelvorm gebonden aanwezig is.
15. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t 5 het kenmerk, dat het verwortelingssubstraat in wezen bestaat uit waterdoorlaatbaar, voor de wortels doordringbaar materiaal, zoals bijv. steenwolblokjes, schuimstof, aarde, turf, kleigranulaat of korrels of dergelijke, eventueel met een omhulsel.
16. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t het kenmerk, dat aan het verwortel ingssubstraat ten minste een geleidingsmiddel, bijv. uit niet roestend draad of kunststofdraad voor het verschuiven is aangebracht.
17. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t 15 h e t kenmerk, dat het vat aan de bovenzijde een volledig afdichtende, of een gedeeltelijke, bijv. gesmoorde, luchtuitwisseling toelatende afsluitkap bezit.
18. Plantenkweekvat volgens conclusie 1, m e t het kenmerk, dat de plant, bijv. voor het transport 20 tegen de omgeving beschermd in het vat ingeschoven aanwezig is.
19. Werkwijze voor het behandelen en beschermen van een plant in een waterhoudend, ten minste gedeeltelijk doorzichtig plantenkweekvat met ten minste in het boven- 25 gedeelte parallelle binnenwanden volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de plant bij het kweken, voor het transport of voor de opstelling ervan met een tussen de parallelle vatbinnenwanden geleid verwortelings-substraat vertikaal in een steeds gewenste stand in het 30 vat verplaatst wordt.
20. Werkwijze volgens conclusie 19, m e t het kenmerk, dat het verwortelingssubstraat, bijv. met een omhulsel, langs de parallelle binnenwanden en aanliggend eraan op en neer bewogen wordt. 8007033 - 16 -
21. Werkwijze volgens conclusie 19, met het kenmerk, dat het verwortelingssubstraat in afhankelijkheid van de verhouding tussen water en luchtruimte binnen het wortelbereik van de planten omhoog of omlaag 5 bewogen wordt.
22. Werkwijze volgens conclusie 19,met het kenmerk, dat het verwortelingssubstraat aan naar voren staande insnoeringen, ringen of nokken van de vat-wanden in de gewenste stand wordt gefixeerd.
23. Werkwijze volgens conclusie 19,met het kenmerk, dat het water door het verwortelingssubstraat heen wordt aangebracht.
24. Werkwijze volgens conclusie 19,met het kenmerk, dat de plantengroei bewust, bijv. door 15 een tijdelijk uitsluiten van omgevingslucht, een gesmoorde luchtuitwisseling tussen omgevingslucht en binnenruimte van het vat of door beïnvloeding van de inwendige atmosfeer van het vat, bijv. ten gevolge van een voor de plant niet te verdragen verhoogde vochtigheid, wordt ingeperkt, of 20 door dosering van hoeveelheid en kwaliteit van het licht, bijv. door belichting of lich taf scheming van de wortels wordt gestuurd, of door gedeeltelijk door middel van het verwortelingssubstraat omhoog trekken van de plant tot blootstelling aan de omgevingslucht, bijv. door de plant 25 omhoog te trekken tot aan de bovenkant van het vat, onder een vergroting van de wortelruimte wordt beïnvloed. 8007033
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| CH77180 | 1980-01-31 | ||
| CH77180A CH646836A5 (en) | 1980-01-31 | 1980-01-31 | Method of raising and of protecting a plant and plant-cultivating vessel for implementing the method |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL8007033A true NL8007033A (nl) | 1981-09-01 |
Family
ID=4194796
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL8007033A NL8007033A (nl) | 1980-01-31 | 1980-12-24 | Plantenkweekvat alsmede werkwijze voor het behandelen en beschermen van een plant. |
Country Status (4)
| Country | Link |
|---|---|
| AT (1) | AT369945B (nl) |
| CH (1) | CH646836A5 (nl) |
| DE (2) | DE8011686U1 (nl) |
| NL (1) | NL8007033A (nl) |
Families Citing this family (7)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| IL61509A (en) * | 1980-11-18 | 1983-02-23 | Kibbutz Ein Gedi | Hydroponics unit |
| DE3275897D1 (en) * | 1981-09-11 | 1987-05-07 | Breveteam Sa | Growing device for bulbs |
| FR2538993A1 (fr) * | 1983-01-11 | 1984-07-13 | Sculptures Jeux Sa | Germoir |
| AT389421B (de) * | 1987-05-27 | 1989-12-11 | Gisdakis Nikos Dipl Ing | Gefaess zur aufnahme von gewaechsen |
| FR2624362B1 (fr) * | 1987-12-09 | 1991-11-22 | Manuf Vosgienne Meubles Si | Meuble jardiniere |
| JP5639682B2 (ja) | 2013-04-22 | 2014-12-10 | パナソニック株式会社 | 植物育成装置及び植物育成方法 |
| NL2012270C2 (en) * | 2014-02-14 | 2015-08-17 | Max Roots B V | A plant growing device. |
Family Cites Families (14)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE7100895U (de) * | 1971-04-15 | Naue E Kg | In Folien und Gittergewebe eingeschweißte Schaumstoff Substratballen fur die Stecklingsvermehrung von Geholzen und Stauden | |
| US1923677A (en) * | 1931-11-18 | 1933-08-22 | Jr John Thompson Lovett | Plant package and method of making and transplanting the same |
| DE1702233U (de) * | 1954-11-29 | 1955-07-07 | Otto Hoffmann | Zuchttopf fuer maiblumen od. dgl. |
| US3073062A (en) * | 1959-02-19 | 1963-01-15 | Herbert E Hoffman | Water absorbent flower holders and methods of making same |
| AT232780B (de) * | 1962-09-06 | 1964-04-10 | Heinrich Sterlich | Einbettungsmaterial für die Heranzucht von Pflanzen in und über einer Nährlösung |
| BE756927A (fr) * | 1969-10-01 | 1971-03-16 | Bayer Ag | Procede pour la reproduction et la croissance industrialisablesdes plantes utilisant des substrats en mousses comme milieux de culture |
| AT313628B (de) * | 1969-10-02 | 1974-02-25 | Semperit Ag | Vorrichtung und Verfahren zur hydroponischen Kultivation von Pflanzen |
| DE2059748A1 (de) * | 1970-12-04 | 1972-06-08 | Naue Kg E A H | Schaumstoff als Substrat fuer die Stecklingsvermehrung von Stauden und Gehoelzen,Verzugsmittel dazu und Verfahren und Maschine zur Herstellung |
| DE2430477A1 (de) * | 1974-06-25 | 1976-01-15 | Bayer Ag | Verfahren zur schaumstoff-naehrloesungskultur von pflanzen |
| JPS51129735A (en) * | 1975-04-30 | 1976-11-11 | Mitsubishi Petrochemical Co | Hydroponics by using foamed rough plate |
| US3973335A (en) * | 1975-07-24 | 1976-08-10 | Price Raymond C | Apparatus to demonstrate air flow through permeable sheet material |
| US4118889A (en) * | 1976-10-15 | 1978-10-10 | Stewart Lamlee | Wearable seedling container |
| DE2655287A1 (de) * | 1976-12-07 | 1978-06-08 | Mielke Wilhelmine | Torfzylinder mit weicher pikierzone |
| IE46725B1 (en) * | 1978-04-18 | 1983-09-07 | Morgan Joseph V | Plant propagating body |
-
1980
- 1980-01-31 CH CH77180A patent/CH646836A5/de not_active IP Right Cessation
- 1980-04-29 DE DE19808011686U patent/DE8011686U1/de not_active Expired
- 1980-04-29 DE DE19803016493 patent/DE3016493A1/de not_active Withdrawn
- 1980-12-09 AT AT0597780A patent/AT369945B/de not_active IP Right Cessation
- 1980-12-24 NL NL8007033A patent/NL8007033A/nl not_active Application Discontinuation
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| ATA597780A (de) | 1982-07-15 |
| DE3016493A1 (de) | 1981-08-06 |
| AT369945B (de) | 1983-02-10 |
| DE8011686U1 (de) | 1983-06-01 |
| CH646836A5 (en) | 1984-12-28 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| NL8006250A (nl) | Werkwijze voor het behandelen en het kweken van een plant alsmede kweekvat voor planten. | |
| US4106235A (en) | Horticultural improvements | |
| US20120055086A1 (en) | Method for cultivating plants as well as a floating carrier | |
| JPH05123054A (ja) | 植物育成器 | |
| BG64138B1 (bg) | Саксия за растения | |
| US20210068357A1 (en) | Self watering bottle planter insert | |
| US5651214A (en) | Biodegradable seed pod germination system | |
| CN107333637A (zh) | 一种生石花的种植方法 | |
| Pandiyaraj et al. | Modern nursery raising systems in vegetables | |
| US20180206420A1 (en) | Irrigation device | |
| NL8007033A (nl) | Plantenkweekvat alsmede werkwijze voor het behandelen en beschermen van een plant. | |
| US3869826A (en) | Cultivation of plants in greenhouses | |
| CN106063430A (zh) | 多功能花盆结构 | |
| Gupta et al. | Effect of growing substrates and pot sizes on growth, flowering and pot presentability of Primula malacoides Franch | |
| KR102782846B1 (ko) | 식물 재배 장치 | |
| Kumar et al. | Evaluation of gerbera genotypes for cut flower production under different growing conditions of Kashmir | |
| Hibberd | The Fern Garden | |
| CN209234575U (zh) | 一种荷花无土栽培装置 | |
| JPH06178625A (ja) | 陸生植物の水上園芸施設 | |
| CN208370567U (zh) | 一种植物快速繁殖装置 | |
| JPS62272923A (ja) | 多孔質体による栽培容器を用いた水耕栽培装置 | |
| Nash et al. | Complete guide to water garden plants | |
| Kumar | EFFECT OF DIFFERENT SIZE OF POTS ON GROWTH FLOWERING AND RHIZOME YIELD OF COSTUS SPECIOSUS (Koenig) Sm. | |
| Crane | The book of the sweet pea | |
| US20180116128A1 (en) | Plant growing apparatus |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| A85 | Still pending on 85-01-01 | ||
| BV | The patent application has lapsed |