NL8005404A - Bevestigingselement. - Google Patents
Bevestigingselement. Download PDFInfo
- Publication number
- NL8005404A NL8005404A NL8005404A NL8005404A NL8005404A NL 8005404 A NL8005404 A NL 8005404A NL 8005404 A NL8005404 A NL 8005404A NL 8005404 A NL8005404 A NL 8005404A NL 8005404 A NL8005404 A NL 8005404A
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- fastening element
- element according
- plate
- shaped mounting
- threaded portion
- Prior art date
Links
- 229910000831 Steel Inorganic materials 0.000 claims description 11
- 239000010959 steel Substances 0.000 claims description 11
- 238000005452 bending Methods 0.000 claims description 6
- 210000001503 joint Anatomy 0.000 claims description 4
- 238000005096 rolling process Methods 0.000 claims description 3
- 230000007704 transition Effects 0.000 claims description 3
- 230000002093 peripheral effect Effects 0.000 claims 1
- 238000004519 manufacturing process Methods 0.000 description 5
- 230000000694 effects Effects 0.000 description 4
- 238000003892 spreading Methods 0.000 description 4
- 229910052751 metal Inorganic materials 0.000 description 3
- 239000002184 metal Substances 0.000 description 3
- 229910001018 Cast iron Inorganic materials 0.000 description 2
- 230000000903 blocking effect Effects 0.000 description 2
- 230000002349 favourable effect Effects 0.000 description 2
- VYZAMTAEIAYCRO-UHFFFAOYSA-N Chromium Chemical compound [Cr] VYZAMTAEIAYCRO-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 1
- 229910000639 Spring steel Inorganic materials 0.000 description 1
- 238000000137 annealing Methods 0.000 description 1
- 229910052793 cadmium Inorganic materials 0.000 description 1
- BDOSMKKIYDKNTQ-UHFFFAOYSA-N cadmium atom Chemical compound [Cd] BDOSMKKIYDKNTQ-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 1
- 229910052804 chromium Inorganic materials 0.000 description 1
- 239000011651 chromium Substances 0.000 description 1
- 238000010276 construction Methods 0.000 description 1
- 230000007797 corrosion Effects 0.000 description 1
- 238000005260 corrosion Methods 0.000 description 1
- 239000013013 elastic material Substances 0.000 description 1
- 238000005246 galvanizing Methods 0.000 description 1
- 238000010438 heat treatment Methods 0.000 description 1
- 239000000463 material Substances 0.000 description 1
- 238000007747 plating Methods 0.000 description 1
- 238000003825 pressing Methods 0.000 description 1
- 238000005476 soldering Methods 0.000 description 1
- 239000007858 starting material Substances 0.000 description 1
- 238000004381 surface treatment Methods 0.000 description 1
- 238000011282 treatment Methods 0.000 description 1
- 238000003466 welding Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- F—MECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
- F16—ENGINEERING ELEMENTS AND UNITS; GENERAL MEASURES FOR PRODUCING AND MAINTAINING EFFECTIVE FUNCTIONING OF MACHINES OR INSTALLATIONS; THERMAL INSULATION IN GENERAL
- F16B—DEVICES FOR FASTENING OR SECURING CONSTRUCTIONAL ELEMENTS OR MACHINE PARTS TOGETHER, e.g. NAILS, BOLTS, CIRCLIPS, CLAMPS, CLIPS OR WEDGES; JOINTS OR JOINTING
- F16B37/00—Nuts or like thread-engaging members
- F16B37/02—Nuts or like thread-engaging members made of thin sheet material
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- General Engineering & Computer Science (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- Clamps And Clips (AREA)
- Dowels (AREA)
- Mutual Connection Of Rods And Tubes (AREA)
- Connection Of Plates (AREA)
Description
*- 4 N/29.914-Jb/ak Bevestigingselement.
De uitvinding heeft betrekking op een bevesti-gingselement voor het ophangen van inrichtingen, zoals toe-stellen, buizen, of dergelijke, aan plafonds of balken, bestaande uit tenminste een plaatvormig aanbrengingsgedeelte en 5 een cilindrisch schroefdraadgedeelte, dat met schroefdraad op een tegenelement kan samenwerken.
Uit de Duitse ter inzage gelegde octrooiaanvrage 2548.150 zijn bevestigingselementen bekend, die een spanhuls uit verend elastisch materiaal omvatten, welke met een in 10 hoofdzaak over zyn lengte-afmeting verlopende sleuf is uitgevoerd en waaraan uit één geheel de aansluitplaat is gevormd, waarbij het middengebied van het gat in het verlengde van de langsas van de spanhuls is aangebracht. Aan dergelijke bevestigingselementen is het nadeel verbonden, dat ten gevolge van 15 de betrekkelijk geringe spreidwerking van de spanhuls slechts elementen met een klein eigen gewicht hiermede opgehangen kunnen worden. De fabricagekosten van dergelijke bevestigingselementen zijn hoog door de noocfeakelijke warmtebehandeling voor het verkrijgen van een bepaalde elasticiteit en door de hoge 20 materiaalkosten van verend staal.
In het Duitse Gebrauchsmuster 7.635.589 is een bevestigingselement beschreven, dat bestaat uit een holle cilindrische ankerschacht met een in de langsrichting verlopende sleuf en een hieraan uit één geheel gevormd halfcilindrisch 25 draagaanzetstuk. Voor het bevestigen van dit metalen anker in een wand dient een ankerwig, die bij het inslaan van het metalen anker tegen de bodem van de boring steunt en door zijn iets grotere dikte dan de sleufbreedte van de holle cilindrische ankerschacht, deze door de spreidwerking vast in de om-30 trekswand aandrukt. Het nadeel van een dergelijke inrichting voor het ophangen van lasten bestaat daaruit, dat deze inrichting uit twee afzonderlijke delen bestaat, hetgeen bijzonder bij de bouw nadelig is, daar een bevestigingsdeel verloren kan gaan. Ook het losnemen van een dergelijke bevestigingsinrich-35 ting leidt tot betrekkelijk grote moeilijkheden, daar het metalen anker door de wigwerking van de ankerwig met een grote aandrukkracht tegen de omtrekswand van de boring wordt aange- j» η n r 4 o 4 - 2 - drukt. Voor het losmaken van een dergelijke bevestigingsin-richting zijn dan ook grote krachten vereist.
Verder zijn gegoten bevestigingselementen bekend, welke bijvoorbeeld uit uitgegloeid gietijzer zijn gevormd en 5 welke uit een moergedeelte en een aanbrengingsgedeelte bestaan. In het moergedeelte is een schroefdraad gesneden, die op een, bijvoorbeeld aan een plafond bevestigde bout wordt geschroefd. Deze gegoten uitvoering is in verband met een zekere brosheid van het uitgegloeide gietijzer ongeschikt voor het opnemen van 10 trek- of dwarskrachten, daar bij een trekbelasting de schroef-draadflanken gemakkelijk kunnen uitscheuren, of bij gedurende korte tijd optredende hoge dwarsbelastingen het moergedeelte, dat met schroefdraad is uitgevoerd, kan afbreken.
Voorts zijn de fabricagekosten van een dergelijk 15 gegoten bevestigingselement ten gevolge van de vereiste gietvorm en de noodzakelijke nabehandeling (ontlaten) betrekkelijk hoog.
In een andere uitvoering bestaat het bevestigingselement uit een moerelement en een aanbrengingselement, die 20 door middel van solderen of lassen met elkaar zijn verbonden.
De huls, die de schroefdraad van de moer bezit, kan bij buigen ten gevolge van de kerfwerking van het aanbrengingsgedeelte afscheuren.
De onderhavige uitvinding beoogt een uit één ge-25 heel gevormd bevestigingselement te verschaffen, dat met geringe kosten vervaardigd kan worden en dat de genoemde nadelen van de bekende bevestigingsinrichtingen ondervangt.
Hiertoe wordt het bevestigingselement volgens de uitvinding daardoor gekenmerkt, dat 30 a) het schroefgedeelte uit êën geheel, via buigran- den aan het plaatvormige aanbrengingsgedeelte is gevormd, en b) de schroefdraad.een dragende cilindrische omtreks-wand bezit, die door de, in een axiaal verlopen-35 de stootverbinding tangentiaal tegen elkaar aan liggende, uiteinden in zichzelf is gesloten.
Met voordeel kan het schroefdraadgedeelte als een cilindrische bus met inwendig schroefdraad of als een cilindrische omtrekswand met uitwendig schroefdraad zijn uitgevoerd.
80 05 40 4 i- % - 3 -
Hierbij kan het plaatvormige aanbrengingsgedeelte symmetrisch en centrisch-axiaal, of asymmetrisch zijn uitgevoerd.
Op bijzonder gunstige wijze kunnen het schroefdraadgedeelte en het aanbrengingsgedeelte uit één geheel uit 5 bandstaal zijn gestanst en het schroefdraadgedeelte door een rolbewerking als een bus zijn gevormd.
Verder kan het plaatvormige aanbrengingsgedeelte van tenminste één gat en/of van zijdelingse uitsparingen zijn voorzien.
10 Een verder voordeel wordt verkregen als de buig- randen van het schroefdraadgedeelte door overgangsstralen met het aanbrengingsgedeelte zijn verbonden.
In een bijzonder voordelige uitvoering kan het plaatvormige aanbrengingsgedeelte axiaal ten opzichte van de 15 as van het schroefdraadgedeelte zijn aangebracht.
Volgens een andere uitvoering kan het plaatvormige aanbrengingsgedeelte buiten de as van het schroefdraadgedeelte liggen.
In een bijzonder gunstige uitvoering bezit het 20 bevestigingselement in het schroefdraadgedeelte én het aanbrengingsgedeelte in hoofdzaak dezelfde wanddikte.
De uitvinding zal hierna worden toegelicht aan de hand van de tekening, die een aantal uitvoeringsvoorbeelden weergeeft.
25 Fig. la is een bovenaanzicht van een uitvoering van het bevestigingselement volgens de uitvinding met inwendig schroefdraad.
Fig. lb is een axiale doorsnede volgens het vlak II-II in fig. la, waarbij het bevestigingselement evenwel met 30 uitwendig schroefdraad is uitgevoerd.
___ Fig. 2 is een axiale doorsnede van een bevestigingselement volgens de uitvinding, waarvan het aanbrengingsgedeelte buiten de as van het schroefdraadgedeelte ligt.
Fig. 3a toont een bevestigingselement volgens de 35 uitvinding met uitwendig schroefdraad en een onder een hoek hiermede verlopend aanbrengingsgedeelte.
Fig. 3b toont een bevestigingselement volgens de uitvinding met inwendig schroefdraad in een andere uitvoering.
Fig. 4 toont een bevestigingselement volgens de o η n k /. n a - 4 - uitvinding met een asymmetrisch uitgevoerd aanbrengingsgedeel-te.
Fig. 5 toont een bevestigingselement volgens de uitvinding met zijdelingse uitsparingen in het aanbrengings-5 gedeelte.
Fig. 6 toont een bevestigingselement volgens de uitvinding met een staafvormig aanbrengingsgedeelte.
Fig. 7 toont een bevestigingselement volgens de uitvinding met een omgebogen aanbrengingsgedeelte.
Fig. 8 toont een bevestigingselement volgens de uitvinding met twee aanbrengingsgedeelten.
Fig. 9 is een bovenaanzicht van het bevestigingselement volgens fig. 8.
De fig. la en lb tonen een bevestigingselement 10, 15 dat uit één geheel is gevormd en dat uit een schroefdraadge-deelte 11 en een aanbrengingsgedeelte 12 bestaat. Voor het vervaardigen van een dergelijk bevestigingselement 10 dient als uitgangsmateriaal een staalband, bijvoorbeeld uit St.37. Teneinde een economische fabricage van een dergelijk bevesti-20 gingselement 10 te verkrijgen, wordt een volgwerktuig benut, waarin eerst het de schroefdraad 15 dragende schroefdraadge-deelte 11 wordt uitgestanst en in een aantal trappen tot een bus wordt gerold of geperst.
Daarna wordt de bevestigingsuitsparing 17, res-25 pectievelijk 20 gestanst, terwijl tenslotte het complete bevestigingselement 10 uit de staalband wordt uitgestanst. De bevestigingsuitsparing 17, die voor het aanbrengen van gatenbanden, schroeven, draden, haken of dergelijke dient, kan, afhankelijk van het toepassingsdoel, op verschillende manieren 50 ten opzichte van de as van het draadgedeelte 11 zijn aangebracht. Dit wordt in het bijzonder verduidelijkt in de fig.
3a en 3b. In fig. la is de bevestigingsuitsparing 17 in zijn middengebied axiaal ten opzichte van de as van de schroefdraad 15 van het schroefdraadgedeelte 11 gelegen. In dit voor-55 beeld worden optredende momenten ten gevolge van de kracht-richting F op het bevestigingselement 10 vermeden, daar de as van het schroefdraadgedeelte 10 met de krachtrichting F samenvalt.
80 05 40 4 «· - 5 - (
De door het rollen ontstane cilindrische omtreks-wand 14 is door de, in een axiaal verlopende stootverbinding tangentiaal tegen elkaar aanliggende, uiteinden in zichzelf gesloten. De hierbij ontstane buigranden 16 dragen gelijktij-5 dig bij tot het verstijven van het gerolde schroefdraadgedeel-te 11. Teneinde de invloed van de kerfwerking te verminderen, zijn de buigranden in hun eindgebieden door middel van over-gangsstralen 18 met het aanbrengingsgedeelte 12 verbonden.
Verrassenderwijze is gebleken, dat onder belas-10 ting, de hierbij optredende spreidkrachten onvoldoende zijn, om de gerolde omtrekswand 14 ter plaatse van de naad, d.w.z. op de plaats waar de beide eindgebieden 13 een stootverbinding vormen, open te buigen.
Verder is gebleken, dat bij het optreden van bui-15 tengewoon hoge belastingen het schroefdraadgedeelte 11 van het aanbrengingsgedeelte 12 afscheurt, voordat de gerolde omtrekswand 14 door spreidkrachten uit elkaar gebogen kan worden.
Fig. 5 toont een bevestigingselement 10, waarvan het aanbrengingsgedeelte 12 van zijdelingse uitsparingen 20 20 is voorzien, die voor het aanbrengen van een stalen band 22 aan het aanbrengingsgedeelte 12 van het bevestigingselement 10 dienen. Indien geen al te grote vasthoudkrachten voor de stalen band 22 vereist zijn, dan kan men, met behulp van een speciaal hiervoor gevormde tang, gedeelten van de stalen band 25 22 zodanig in de uitsparingen 20 drukken, dat ten gevolge van de hierdoor verkregen mechanische verbinding, de stalen band ' 22 belastingen kan opnemen.
Fig. 6 toont een staafvormig, lang uitgevoerd aanbrengingsgedeelte 12, dat voor bijzondere toepassingen 30 dient, bijvoorbeeld voor het aanbrengen van een aantal uitsparingen 20 voor het bevestigen van een stalen band, zoals in het voorgaande reeds werd beschreven, indien een grote trekkracht op deze stalen band aangrijpt en derhalve een sterkere mechanische verbinding vereist is.
35 Fig. 2 toont een bevestigingselement 10, waarvan het plaatvormige aanbrengingsgedeelte 12 buiten de as van het schroefdraadgedeelte 11 ligt. De schroefdraad 15 van het schroefdraadgedeelte 11 kan ook, in tegenstelling tot de in fig. 2 weergegeven uitvoering, een uitwendige schroefdraad 40 zijn.
80 0 5 40 4 - 6 -
Fig. 3a en 3b tonen een bevestigingselement 10 met een zijdelings uitstekend aanbrengingsgedeelte 12. Dit uitstekend aanbrengingsgedeelte 12 kan met een ingrijpings-element 23 zijn uitgevoerd. Dit ingrijpingselement 23 kan bij 5 de montage in een holte worden gevoerd, teneinde op deze wijze een blokkering tegen verdraaiing van het bevestigingselement 10 te verkrijgen. Het schroefdraadgedeelte 11 kan, afhankelijk van het toepassingsgebied, respectievelijk van de soort belasting, met de, in de fig. 3a en 3b weergegeven stand 10 van de stootverbinding ten opzichte van het aanbrengingsgedeelte 12 zijn uitgevoerd.
In fig. 4 is een bevestigingselement 10 weergegeven, dat een bevestigingsgat 17 in het aanbrengingsgedeelte 12, bijvoorbeeld voor het opnemen van een stalen band 22, be-15 zit. Teneinde in de ingeschroefde toestand een blokkering tegen verdraaiing te bewerkstelligen, is bovenaan opzij aan het aanbrengingsgedeelte 12 een ingrijpingselement 23 gevormd.
In fig. 7 is een bevestigingselement 10 afgeheeld, dat een omgebogen aanbrengingsgedeelte 12 bezit, dat voor het 20 opnemen van een op te hangen onderdeel 24 is uitgevoerd.
In fig. 8 is een bevestigingselement 10 weergegeven, dat twee vorkvormig ten opzichte van elkaar aangebrachte aanbrengingsgedeelten 12 bezit. Indien, in verband met het toepassingsgebied, het bevestigingselement 10 tegen corrosie 25 moet worden beschermd, kunnen de bekende oppervlaktebehandelingen, zoals verchromen, verzinken, vercadmiumen, of dergelijke, in massaproduktie worden toegepast.
De uitvinding is niet beperkt tot de in tekening weergegeven uitvoeringsvoorbeelden, die op verschillende manie-30 ren binnen het kader der hierna volgende conclusies kunnen worden gevarieerd.
80 0 5 40 4
Claims (11)
1. Bevestigingselement voor het ophangen van inrichtingen, zoals toestellen, buizen, of dergelijke, aan plafonds of balken, bestaande uit tenminste een plaatvormig aanbrengingsgedeelte en een cilindrisch schroefdraadgedeelte, dat 5 met schroefdraad op een tegenelement kan samenwerken, met het kenmerk, dat · a) het schroefdraadgedeelte (11) uit ëën geheel, via buigran-den (16) aan het plaatvormige aanbrengingsgedeelte (12) is gevormd, en 10 b) de schroefdraad (15) een dragende cilindrische omtrekswand (14) bezit, die door de, in een axiaal verlopende stootver-binding tangentiaal tegen elkaar aanliggende, uiteinden (13) in zichzelf is gesloten.
2. Bevestigingselement volgens conclusie 1, 15 met het kenmerk, dat het schroefdraadgedeelte (11) als een cilindrische bus met inwendig schroefdraad (15) is uitgevoerd.
3. Bevestigingselement volgens conclusie 1, m e t het'kenmerk, dat het schroefdraadgedeelte (11) als 20 een cilindrische omtrekswand met uitwendig schroefdraad (15) is uitgevoerd.
4. Bevestigingselement volgens ëën der conclusies 1-3, met het kenmerk, dat het plaatvormige aanbrengingsgedeelte (12) symmetrisch en centrisch 'axiaal is uit- 25 gevoerd.
5. Bevestigingselement volgens één der conclusies 1-3,met het kenmerk, dat het plaatvormige aan- -brengingsgedeelte (12) asymmetrisch is uitgevoerd.
6. Bevestigingselement volgens ëën der conclusies 30 1-5, met het kenmerk, dat het schroefdraadgedeelte (11) en het aanbrengingsgedeelte (12) uit één geheel uit staalband zijn gestanst en het schroefdraadgedeelte (11) door een rolbewerking als een bus is gevormd.
7. Bevestigingselement volgens ëën der voorgaan- 35 de conclusies, met het kenmerk, dat het plaatvormige aanbrengingsgedeelte (12) van tenminste één gat (17) en/ Ril o 5 40 4 - 8 - of van zijdelingse uitsparingen (20) is voorzien.
8. Bevestigingselement volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de buigranden (16) van het schroefdraadgedeelte (11) door middel van over- 5 gangsstralen (18) met het aanbrengingsgedeelte (12) zijn verbonden .
9. Bevestigingselement volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat het plaatvormige aanbrengingsgedeelte (12) axiaal ten opzichte van de as 10·· van het schroef draadgedeelte (11) is aangebracht.
10. Bevestigingselement volgens één der conclusies 1-8,met het kenmerk, dat het plaatvormige aanbrengingsgedeelte (12) buiten de as van het schroefdraadgedeelte (11) ligt. 15
11. Bevestigingselement volgens één der voorgaan de conclusies, met het kenmerk, dat het bevestigingselement (10) in het schroefdraadgedeelte (11) en in het aanbrengingsgedeelte (12) in hoofdzaak dezelfde wanddikte (19) bezit. 80 0 5 40 4
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| DE19792945065 DE2945065A1 (de) | 1979-11-08 | 1979-11-08 | Befestigungselement |
| DE2945065 | 1979-11-08 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL8005404A true NL8005404A (nl) | 1981-06-01 |
Family
ID=6085445
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL8005404A NL8005404A (nl) | 1979-11-08 | 1980-09-29 | Bevestigingselement. |
Country Status (3)
| Country | Link |
|---|---|
| DE (1) | DE2945065A1 (nl) |
| FR (1) | FR2469601A1 (nl) |
| NL (1) | NL8005404A (nl) |
Families Citing this family (1)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US5149040A (en) * | 1991-08-07 | 1992-09-22 | Tolco, Incorporated | Side beam pipe hanger and method of making |
Family Cites Families (3)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE339746C (de) * | 1921-08-05 | Albert Bischoff | Schelle fuer Isolierrohr o. dgl. | |
| DE1775190A1 (de) * | 1968-07-15 | 1971-07-08 | Raimund Andris | Verfahren und Vorrichtung zum Befestigen von Installationsteilen |
| US3675283A (en) * | 1970-10-02 | 1972-07-11 | Dragutin T Gregorovic | Attachment devices for elongate members |
-
1979
- 1979-11-08 DE DE19792945065 patent/DE2945065A1/de not_active Ceased
-
1980
- 1980-09-29 NL NL8005404A patent/NL8005404A/nl not_active Application Discontinuation
- 1980-10-16 FR FR8022158A patent/FR2469601A1/fr active Granted
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| FR2469601A1 (fr) | 1981-05-22 |
| DE2945065A1 (de) | 1981-05-21 |
| FR2469601B1 (nl) | 1984-11-23 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| US5873690A (en) | Thread nut expansion fastener | |
| CA2586762C (en) | Clamp for securing a tubular or hose-shaped object | |
| US4897005A (en) | Gutted U-nut | |
| US7604444B2 (en) | Fastener assembly | |
| US7014405B2 (en) | Plastic nut for mounting on a component having a penetration | |
| US6572418B2 (en) | Terminal device of electric apparatus | |
| JPH07252906A (ja) | 吊り下げ器具 | |
| JP2013031291A (ja) | 端子金具とバスバとの接続構造 | |
| US5460027A (en) | Punch clamp device | |
| NL8005404A (nl) | Bevestigingselement. | |
| US2247452A (en) | Self-releasing battery terminal clamp | |
| WO2003034561A1 (en) | Wire connecting fitting, attaching body fixing tool, and attaching body | |
| JP4380224B2 (ja) | 鉄筋結合金具 | |
| US2947005A (en) | Means and method of securing sink strip | |
| US2328587A (en) | Resilient fastener | |
| JPH08158540A (ja) | 鉄筋用継手装置 | |
| US2858548A (en) | Sink strip assembly | |
| US2695780A (en) | Spring clip | |
| KR940002901Y1 (ko) | 박판 이격고정 지지금구 | |
| JP2000036336A (ja) | バッテリーターミナル | |
| JP2699088B2 (ja) | 剛体電車線 | |
| KR200183353Y1 (ko) | 자동차의 보조밀러 부착구 | |
| JP3013270U (ja) | 埋込型照明器具支持金具 | |
| JPH0357068Y2 (nl) | ||
| JPH04210114A (ja) | 鋼管へのナット取付構造 |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| A85 | Still pending on 85-01-01 | ||
| BV | The patent application has lapsed |