NL8003164A - Inrichting voor gewichtsontlasting van een beweegbare deur. - Google Patents
Inrichting voor gewichtsontlasting van een beweegbare deur. Download PDFInfo
- Publication number
- NL8003164A NL8003164A NL8003164A NL8003164A NL8003164A NL 8003164 A NL8003164 A NL 8003164A NL 8003164 A NL8003164 A NL 8003164A NL 8003164 A NL8003164 A NL 8003164A NL 8003164 A NL8003164 A NL 8003164A
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- building block
- spring
- shaped
- strap
- shaped part
- Prior art date
Links
- 239000000725 suspension Substances 0.000 claims description 17
- 238000010276 construction Methods 0.000 claims description 12
- 238000013016 damping Methods 0.000 claims description 11
- 239000000463 material Substances 0.000 claims description 6
- 238000006073 displacement reaction Methods 0.000 description 8
- 238000004873 anchoring Methods 0.000 description 6
- 230000006378 damage Effects 0.000 description 6
- 238000004804 winding Methods 0.000 description 5
- 208000027418 Wounds and injury Diseases 0.000 description 2
- 230000008878 coupling Effects 0.000 description 2
- 238000010168 coupling process Methods 0.000 description 2
- 238000005859 coupling reaction Methods 0.000 description 2
- 208000014674 injury Diseases 0.000 description 2
- 238000004519 manufacturing process Methods 0.000 description 2
- 230000000717 retained effect Effects 0.000 description 2
- 238000005452 bending Methods 0.000 description 1
- 230000000694 effects Effects 0.000 description 1
- 239000011796 hollow space material Substances 0.000 description 1
- 238000000034 method Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E05—LOCKS; KEYS; WINDOW OR DOOR FITTINGS; SAFES
- E05F—DEVICES FOR MOVING WINGS INTO OPEN OR CLOSED POSITION; CHECKS FOR WINGS; WING FITTINGS NOT OTHERWISE PROVIDED FOR, CONCERNED WITH THE FUNCTIONING OF THE WING
- E05F1/00—Closers or openers for wings, not otherwise provided for in this subclass
- E05F1/08—Closers or openers for wings, not otherwise provided for in this subclass spring-actuated, e.g. for horizontally sliding wings
- E05F1/16—Closers or openers for wings, not otherwise provided for in this subclass spring-actuated, e.g. for horizontally sliding wings for sliding wings
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E05—LOCKS; KEYS; WINDOW OR DOOR FITTINGS; SAFES
- E05D—HINGES OR SUSPENSION DEVICES FOR DOORS, WINDOWS OR WINGS
- E05D13/00—Accessories for sliding or lifting wings, e.g. pulleys, safety catches
- E05D13/10—Counterbalance devices
- E05D13/12—Counterbalance devices with springs
- E05D13/1207—Counterbalance devices with springs with tension springs
- E05D13/1215—Counterbalance devices with springs with tension springs specially adapted for overhead wings
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E05—LOCKS; KEYS; WINDOW OR DOOR FITTINGS; SAFES
- E05D—HINGES OR SUSPENSION DEVICES FOR DOORS, WINDOWS OR WINGS
- E05D13/00—Accessories for sliding or lifting wings, e.g. pulleys, safety catches
- E05D13/10—Counterbalance devices
- E05D13/12—Counterbalance devices with springs
- E05D13/1207—Counterbalance devices with springs with tension springs
- E05D13/1223—Spring safety devices
-
- F—MECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
- F16—ENGINEERING ELEMENTS AND UNITS; GENERAL MEASURES FOR PRODUCING AND MAINTAINING EFFECTIVE FUNCTIONING OF MACHINES OR INSTALLATIONS; THERMAL INSULATION IN GENERAL
- F16F—SPRINGS; SHOCK-ABSORBERS; MEANS FOR DAMPING VIBRATION
- F16F1/00—Springs
- F16F1/02—Springs made of steel or other material having low internal friction; Wound, torsion, leaf, cup, ring or the like springs, the material of the spring not being relevant
- F16F1/04—Wound springs
- F16F1/12—Attachments or mountings
- F16F1/128—Attachments or mountings with motion-limiting means, e.g. with a full-length guide element or ball joint connections; with protective outer cover
-
- F—MECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
- F16—ENGINEERING ELEMENTS AND UNITS; GENERAL MEASURES FOR PRODUCING AND MAINTAINING EFFECTIVE FUNCTIONING OF MACHINES OR INSTALLATIONS; THERMAL INSULATION IN GENERAL
- F16F—SPRINGS; SHOCK-ABSORBERS; MEANS FOR DAMPING VIBRATION
- F16F7/00—Vibration-dampers; Shock-absorbers
- F16F7/12—Vibration-dampers; Shock-absorbers using plastic deformation of members
-
- E—FIXED CONSTRUCTIONS
- E05—LOCKS; KEYS; WINDOW OR DOOR FITTINGS; SAFES
- E05Y—INDEXING SCHEME ASSOCIATED WITH SUBCLASSES E05D AND E05F, RELATING TO CONSTRUCTION ELEMENTS, ELECTRIC CONTROL, POWER SUPPLY, POWER SIGNAL OR TRANSMISSION, USER INTERFACES, MOUNTING OR COUPLING, DETAILS, ACCESSORIES, AUXILIARY OPERATIONS NOT OTHERWISE PROVIDED FOR, APPLICATION THEREOF
- E05Y2900/00—Application of doors, windows, wings or fittings thereof
- E05Y2900/10—Application of doors, windows, wings or fittings thereof for buildings or parts thereof
- E05Y2900/106—Application of doors, windows, wings or fittings thereof for buildings or parts thereof for garages
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- General Engineering & Computer Science (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- Springs (AREA)
- Building Environments (AREA)
- Closing And Opening Devices For Wings, And Checks For Wings (AREA)
Description
υ.ο. 29132
Inrichting voor gewichtontlasting van een beweegbare deur.
De uitvinding heeft betrekking op een inrichting voor gewicht-ontlasting van een beweegbare deur of poort, in het bijzonder een uit één stuk bestaande, tot boven het hoofd zwaaiende deur zoals een garagedeur, met tussen de stijlen en het deurblad, in het bij-5 zonder de geleidingshefboominrichting van een uit één stuk bestaande tot boven het hoofd zwaaiende deur werkende schroefvormige trek-veer, waarvan de uiteinden telken via van een inftangopening voorziene bandvormige bevestigingsdelen zijn bevestigd.
De schroefveren doen op bekende wijze dienst voor gewichts-10 vereffening van het beweegbare deurblad, zodat bediening daarvan over het gehele bewegingstraject tussen de gesloten en de geopende positie mogelijk is met een geringe krachtuitoefening.
De schroefveren worden in de loop van de beweging van het deurblad tussen de geopende en gesloten positie over een naar ver- 15 houding kleine weg uitgerekt en zijn sterk voorgespannen. Breekt een dergelijke trekveer onder een te grote rekbelasting, dan slaan de beide veerdelen door het plotseling vrij komen van de in de veer opgeborgen grote energie met een zeer aanzienlijke kracht tegen de steunelementen en bewegen zich ongecontroleerd buiten de normale 20 veerweg. Daardoor ontstaat een aanzienlijk letsel- en beschadigings- gevaar. Aan de deurconstructie kunnen dusdanig grote vervormingen optreden dat reparatie alleen door uitwisseling van de trekveer en * in sommige gevallen ook van de direct naburige bevestigingsdelen niet mogelijk is. Veelal moeten ook dragende delen van de omlijs-25 ting of van het deurblad, waarvan de vervanging omslachtig is in de reparatie worden betrokken.
Om een deurblad naderhand te kunnen voorzien van geluidwerende respectievelijk warmte isolerende bekledingen en/of een sierbekle-ding en toch een zo goed mogelijke gewichtsvereffening te kunnen 30 handhaven heeft men zwakke extra veren aangebracht die verlopen door de ruimte die door de schroefwindingen van de, op het oorspronkelijke deurblad gewicht afgestemde schroefvormige trekveer wordt omsloten. Breekt een buitenste schroefveer dan wordt ook de binnenste extra schroefveer zoals later nog zal worden aangetoond op bovenmatige 35 wijze belast en ook deze inwendige schroefveer kan de optredende belasting niet meer opnemen en breekt eveneens.
De uitvinding heeft nu ten doel een deur van in de aanhef genoemde soort te verschaffen waarbij de gevaren respectievelijk beschadi- 800 3 1 54 - 2 - gingsmogelijkheden die een "brekende veer zowel door het ongecontroleerd uitbreken uit de normale positie als ook door een te heftige aanslag tegen de verankeringsplaatsen kan oproepen tenminste in hoge mate te verminderen.
5 Aan deze doelstelling wordt bij een inrichting van in de aan hef genoemde soort voldaan doordat elk bandvormig steundeel samen met een langs de band in de lengterichting van de band verschuifbaar geleid langgerekt bouwelement dat ten opzichte van het andere uiteinde van de schroefvormige trekveer is gefixeerd over zijn ge-10 hele lengte door de schroefvormige trekveer loopt en dat de band en/of het bouwelement in het bijzonder in het gebied nabij het bovenste uiteinde van de schroeflijnvormige veer een dempingsgebied bevat in de vorm van een in de lengterichting van de band en/of het bouwelement meegevend vervormingsgebied.
15 Doordat het door de veer verlopende bouwelement dat bestaat uit de band en het langs deze band verschuifbaar geleide langgerekte bouwelement en waarvan de lengte-veranderbaarheid in het kader van de langsverschuivingsgeleiding tenminste overeenstemt met de rekweg, die de veer bij beweging van het deurblad van de geopende 20 positie naar de gesloten positie aflegt, wordt om te beginnen zeker gesteld dat de door het breken van de veer gevormde veerdelen, welke afhankelijk van de breukplaats verschillend van afmeting zijn, niet ongecontroleerd zijdelings kunnen wegspringen omdat ze daarin door het doorlopende bouwelement worden gehinderd. Daarmee wordt het ge-25 vaar van beschadiging van binnen het bereik aanwezige voorwerpen en in het bijzonder het gevaar voor letsel van in de nabijheid staande personen in hoge mate verminderd.
Bovendien wordt de uitslagkracht waarmee de brekende veer de verankeringen aan de stijl respectievelijk de, het deurblad dragen-50 cLe gewrichtselementen belast door de dempingszone verminderd respectievelijk in hoge mate geëlimineerd.
Daarbij moet worden gelet op de volgende bijzonderheid: worden de veeruiteinden bijvoorbeeld dusdanig in hun verankeringen vastgehouden dat ze noch zijdelings kunnen uitwijken noch een ruimte-55 lijke verplaatsing van hun verankering kunnen bewerkstelligen, dan zal de afstand tussen de uiteinden van de veren respectievelijk de verankeringen nooit veranderen tot een traject dat boven de maximale veeruitrekking ligt in het normale bedrijfsgeval. Het bouwelement uit de band en de in lengterichting verschuifbaar daarlangs geleide 40 bouwsteen zal dus gebruik makend van de langsverschuivingsweg niet 800 3 1 64 - 3 - Ί, onderworpen worden aan een trekbelasting zodat het dempingsgebied in de vorm van een meegeefbaar vervormingsgebied niet aan een trek-belasting zal worden onderworpen. Daarmee zou echter geen demping van de aanslagkrachten mogelijk zijn. In het geval van een veer-5 ophanging zoals in de aanhef is genoemd als bekend wordt verondersteld dan wordt de veer echter in een inhangopening van een band ingehangen, welke band op zijn beurt scharnierend gekoppeld is met de dragende gewrichtsinrichting van het deurblad. Op grond van deze koppeling en de bandvormige uitvoering wordt bij het breken van de 10 veer op de band een kracht uitgeoefend die de band onder verdraaiing rond zijn scharnierkoppelpunt en vervorming van het bandmateriaal ten opzichte van het veerophangpunt dusdanig verplaatst dat nu de lengte tussen het veerophangpunt aan de band en het bevestigingspunt aan de stijlzijde groter is dan de normale lengte-uitrekking 15 van de veer. Daarmee wordt echter het bouwelement in het inwendige van de veer onderworpen aan een lengteverandering die uitgaat boven het verschuivingstraject. Aan het einde van het verschuivingstraject heeft het bouwelement derhalve te lijden van een trekbelasting, waardoor de dempingszone onder vervorming van de daartoe aanwezige 20 bandconfigurati'e wordt verlengd.
Omdat voor de verlenging in lengterichting van het vervormingsgebied energie nodig is wordt de op de band aangrijpende kracht derhalve opgebruikt. In de loop van de opwaartse zwaaib^weging van de band bultende veerophanging wordt-dus door deze vervormings-25 arbeid en ook door het verbuigen van de bandsectie buiten de veerophanging energie vernietigd, waarvan de grootte orde in hoge mate kan worden bepaald door de configuratie van de vervormingszone.
Daarmee wordt verhinderd dat de brekende veer met een dusdanige kracht inwerkt op de verankeringspunten, in het bijzonder in het 30 gelede gebied van de deurbladophanging, dat beschadiging aan de dragende delen van de gelede constructie‘en/of de stijlen kan optreden.
De dempingszone kan op eenvoudige wijze bij voorkeur worden gevormd door een golfvormig meer of minder sterk benadrukt meandervormig verloop of een heen en weer-gaand verloop van de band respec-35 tievelijk de bouwsteen. De grootte orde van de uit de lengterichting gevormde uitbuigingen van de band respectievelijk de bouwsteen hangt in hoge mate af van de vervormingsweerstand en van de op te vangen veerkracht.
Om te verhinderen dat de in lengterichting verschuifbaar langs 40 elkaar geleide delen van het bouwelement namelijk de band en de bouwsteen .bij de normale belasting van de veer tussen de geopende 800 3 1 64 / - 4 - μ i en de gesloten positie van de deur aanslaan tegen de binnenzijde van de windingen van de schroefveren is de langsgeleiding dusdanig spelingsarm uitgevoerd dat knikken in de richting van de schroef-windingen binnen de holle ruimte in de veer achterwege blijven.
5 Daartoe kan bijvoorbeeld dusdanig tewerk worden gegaan dat de naar elkaar toegekeerde eindgebieden van de band en van de bouwstenen elkaar overlappen en met aan hun uiteinden aangebrachte omgebogen delen elkaar tenminste gedeeltelijk met geringe speling omvatten.
In een verdere voorkeursuitvoeringsvorm is de bouwsteen samen 10 met het onderste uiteinde van de schroeflijnvormige trekveer bevestigd aan de deurstijl en bevindt de dempingszone zich in het gebied van de band in de inhangopening respectievelijk één der inhang-openingen waarvan het bovenste haakvormig afgebogen uiteinde van de schroeflijnvormige trekveer is ingehaakt.
15 In principe kunnen beide delen van het bouwelement bandvormig uitgevoerd zijn. Het is eveneens denkbaar om beide delen te vervaardigen uit een stangvormig materiaal waarbij erop gelet moet worden dat de spelingsarme-langsverschuivingsgeleiding dusdanig behouden blijft dat een aanslag van het bouwelement tegen de windingen van 20 de schroeflijnvormige trekveer niet kan plaatsvinden. In een voorkeursuitvoeringsvorm is de bouwsteen vervaardigd uit rond materiaal terwijl het andere bouwelement een zelfstandig of uit één stuk met -de inhangband uitgevoerd gedeelte is.
Yoor het in het bovenstaande genoemde geval van een uitvoering 25 met dubbele veren met een binnenliggende en een daaromheen geplaatste buitenliggende schroeflijnvormige trekveer kan de zekering volgens de uitvinding eveneens worden toegepast doordat men het bouwelement uit de in lengterichting verschuifbaar langs elkaar geleide delen positioneert in de binnenruimte van de binnenste veer.
30 De uitvinding wordt aan de hand van in de figuren weergegeven uitvoeringsvoorbeelden in het volgende nader verklaard.
Pig. 1 toont een gedeeltelijk doorsneden zij-aanzicht van een uitvoeringsvoorbeeld van het bouwelement met de verankeringspunten aan de stijl en aan de gelede draagconstructie van het deurblad 35 alsmede een slechts aan de eindgebieden gestippeld weergegeven schroeflijnvormige veer.
Pig. 2 toont een ten opzichte van fig. 1 over 90° verdraaid zij-aanzicht.
Pig. 3 toont een ander uitvoeringsvoorbeeld, waarbij de van 40 inhangopeningen voorziene band en het bandvormige deel van het 800 3 1 64 - 5 -
Si bouwelement uit één stuk zijn vervaardigd.
Zoals blijkt uit fig. 1 dient het naar het deurbladstelsel toegekeerde bevestigingsdeel 1, dat uitgevoerd is als band, voor het ophangen van het bijbehorende haakvormige uiteinde 2 van de schroef-5 lijnvormige trekveer 3> waartoe een aantal inhangopeningen 4 verdeeld langs de lengterichting van de band zijn aangebracht om zodoende de trekspanning in de schroeflijnvormige trekveer te kunnen veranderen. Het bevestigingsdeel 1 vormt in zijn van de veer afgekeerde eindgebied een lus 5 waarmee dit deel scharnierbaar aan een des-10 betreffende pen van de geleide draaginrichting van het deurblad kan worden bevestigd. Deze als verankeringspunt dienstdoende pen van de gelede inrichting is dusdanig gekozen dat ze bij de zwaaibeweging van het deurblad een weg beschrijft zoals voor de gewichtseffening van het beweegbare deurdeel en daarmee voorde uitrekking van de 15 veer nodig is. Met zijn onderste haakvormige uiteinde is de schroeflijnvormige trekveer 5 ingehangen in een vast aan de stijl bevestigd verankeringsdeel 7·
De door de schroefwindingen omgeven binnenruimte van de veer omgeeft een. in zijn totaliteit met S aangeduid bandelement, dat 20 in het geval van het uitvoeringsvoorbeeld uit de figuren 1 en 2 bestaat uit een bandvormig deel 9 en een uit stangmateriaal gevormd deel 10. De delen 9 en 10 worden door het telkens omsluiten van het andere deel in lengterichting verschuifbaar langs elkaar geleid.
Daartoe is het onderste uiteinde van het bandvormige deel ‘9 lood-25 recht gehoekt en voorzien van een boring waardoor de stangvormige bouwsteen.10 geleid is. Het bovenste uiteinde van de stangvormige bouwsteen is rond het bandvormige deel 9 gebogen zodat een boog 12 is gevormd die het bandvormige deel omsluit. De boring in de afgebogen sectie 11 van het bandvormige deel 9 en het oog 12 zijn daar-30 bij dusdanig bemeten dat ze het telkens omvatte andere deel spelings-arm omgeven. Op deze wijze krijgt men een eenvoudige mogelijkheid om de doorschuifbare langsgeleiding dusdanig uit te voeren dat het bouwelement respectievelijk de delen daarvan geen gehokte positie kunnen innemen waarin het bouwelement met opwekking van geluid aan-35 slaat tegen de windingen van de schroeflijnvormige veer.
In het geval van het uitvoeringsvoorbeeld uit de figuren 1 en 2 is het bovenste einde 13 van het bandvormige deel 9 verbonden met het onderste, onder de aangrijpopening van het haakvormige uiteinde 2 van de veer 3 gelegen uiteinde 15 van het bevestigingsdeel 1 40 door middel van een schroefverbinding 14· Het onderste einde 16 van de stangvormige bouwsteen 10 is ingehangen in een boring 17 van het- 800 3 1 64 - 6 - zelfde verankeringsdeel van de stijl 7 waarin ook het onderste uiteinde 6 van de schroeflijnvormige trekveer 3 ingrijpt. Door de schroefverbinding 14 tussen het bandvormige bevestigingsdeel 1 en het bandvormige deel 9 van het bouwelement 8 is het mogelijk om een 5 reeds aanwezige veerinrichting naderhand met dit bouwelement uit te rusten en zodoende bestaande deuren in overeenstemming met de uitvinding om te bouwen. Zoals fig. 3 toont kan het bevestigingsdeel en het bandvormige deel uit één bandvormige bliksectie bestaan hetgeen leidt tot een eenvoudiger fabricage voor deuren die van het 10 begin af aan met de bouwelementen worden voorzien. In dit geval is dus het bevestigingsdeel uitgevoerd als een lusvormige eindsectie 1' van het bandvormige deel 9·
Boven het door het oog 12 en het afgebogen uiteinde 11 in de rusttoestand respectievelijk bij zeer geringe veeruitrekking in be-15 drijfstoestand begrensde langs verschuivingstraject van het bouwelement 8 is in het bovenste gebied van het bandvormige deel 9 een dempingszone aanwezig in de vorm van een vervormingsgebied 18, dat in het onderhavige geval bestaat uit een aantal in de band langs-richting op elkaar volgende golfvormig dwars op de bandbreedtezijde 20 gerichte uitbuigingen. Inplaats van de golfvorm kan ook een zig- zag-vorm of een trapeziumvormige configuratie worden gekozen. In elk geval moet dit vervormingsgebied bij een dienovereenkomstige krachtuitoefening in de bandlengterichting een lengteverandering van de band door het afvlakken van de uitbuigingen mogelijk maken. Dat ge-25 beurt bij een krachtuitoefening die afhankelijk is van het bandmateriaal en van de gekozen uitvoeringsvorm. Deze laatste richt zich verder op de te vernietigen energie door de brekende veer alsmede op de ter beschikking staande lengteveranderingsweg die bij het breken van de veer uitgaat boven de lengterek bij maximale belas-30 ting in bedrijfstoestand.
Aan de hand van fig. 1 is door. een pijl 19 aangegeven dat bij het breken van de veer 3 het bevestigingsdeel rond zijn lusmiddel-punt 5 wordt gezwaaid waardoor een wegtraject ontstaat groter dan de maximale afstand tussen de,.het haakvormige uiteinde 2 van de 35 veer 3 opnemende opening 4 en het inhangpunt 17·
In de figuren zijn de belangrijkste delen en doorsneden voor zover mogelijk op schaal weergegeven maar er kunnen zonder meer andere dimensieverhoudingen optreden. In elk geval moet het traject met de lengteverschuivingsmogelijkheid van de beide delen 9 en 10 40 van het bouwelement 8 tenminste zo groot worden gekozen dat bij maxi- 800 3 1 64 - 7 -
A
male veeruitrekking in het normale bedrijf dit traject nog niet geheel uitgeput is. Daarbij moet er rekening mee worden gehouden dat de stabiliteit van de langsverschuivingsgeleiding ten opzichte van het optreden van knikken van de beide delen van het bouwele-5 ment gewaarborgd blijft. Eiest men derhalve het lengteverschui-vingstraject iets groter dan met het oog op de lengte-uitrekking in het normale bedrijf noodzakelijk zou zijn dan wordt toch de gewenste functie van de dempingszone gewaarborgd omdat de brekende veer zijdelings uitbreekt en ook al daardoor een grotere lengte 10 van het bouwelement probeert te bereiken. In elk geval komen dus die delen van het bouwelement aan het einde van het verschuivingstraject door aanslag tussen de oog en het afgebogen uiteinde met elkaar in aanraking waarop een verdere uitrekkingsbelasting leidt tot de gewenste vervorming van de dempingszone.
800 3 1 64
Claims (9)
1. Inrichting voor gewichtontlasting van een beweegbare deur, in het bijzonder een van één blad voorziene, tot boven het hoofd zwaaibare deur zoals een garagedeur, met tussen de stijlen en het deurblad, in het bijzonder de geleidingshefboominrichting van een, 5 van één blad voorziene en tot boven het hoofd zwaaibare deur werkende schroefvormige trekveer waarvan de uiteinden telkens via een van een inhangopening voorzien bandvormig bevestigingsdeel zijn bevestigd, met het kenmerk, dat elk bandvormig deel (9) samen met een in de bandlengterichting verschuifbaar langs de 10 band geleide langgerekte bouwstaan (10) die tegenover het andere uiteinde (6) van de schroefvormige trekveer (3) is bevestigd, over de gehele lengte door de schroefvormige trekveer loopt en dat de band (9) en/of de bouwsteen (10), in het bijzonder in het gebied nabij het bovenste uiteinde (2) van de schroefvormige veer een dem-15 pingszone bezit in de vorm van een in de lengterichting van de band en/of de bouwsteen meegeefbaar vervormingsgebied (18),
2. Inrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat het vervormingsgebied (18) wordt gevormd door een golfvormig, zig-zag-vormig en/of meandervormig verloop van de band (9) respec- 20 tievelijk de bouwsteen (10).
3· Inrichting volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat de langsverschuivingsgeleiding tussen de band (9) en de bouwsteen (10) dusdanig spelingsarm is uitgevoerd dat een aanraking van de band en de bouwsteen tegen de binnenzijde van de win-25 dingen van de schroefveer in het normale bedrijf wordt vermeden.
4· Inrichting volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de langsverschuivingsgeleiding tussen het bandvormige deel (9) en de bouwsteen (10) geen knikken buiten de veerlengterichting kan vertonen doordat de naar elkaar toegekeer-30 de eindgebieden van de bouwsteen (10) en het bandvormige deel (11) elkaar overlappen en met aan hun uiteinden aangebrachte afgebogen delen (11 -, 12) elkaar tenminste gedeeltelijk omvatten.
4 - 8 - / CONCLUSIES.
5· Inrichting volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de bouwsteen (10) samen met het onderste 35 uiteinde (6) van de schroefvormige trekveer (3) is bevestigd aan de deurstijl (7) en dat het vervormingsgebied (18) zich bevindt in een sectie van het bandvormige deel (9) in de inhangopening (4) respectievelijk één der inhangopeningen waarvan het bovenste haakvor- 800 3 1 64 - 9 - mig afgebogen uiteinde (2) van de schroefvormige trekveer (3) ingehaakt is.
6. Inrichting volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat het bandvormige deel (9) via een schroef-5 verbinding (14) verbonden is met het bandvormige bevestigingsdeel (l) waarin de inhangopeningen (4) zich bevinden.
7· Inrichting volgens één der conclusies 1 t/m 5» met het kenmerk, dat het bandvormige deel (9) uit één stuk met het bevestigingsdeel (1') is uitgevoerd.
8. Inrichting volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de bouwsteen (10) bestaat uit rond materiaal.
9· Inrichting volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat het bouwelement (δ) uit het bandvormige 15 deel (9) en de bouwsteen (10) door het inwendige van een eerste schroefveer is .geleid welke door een verdere uitwendige schroefveer wordt omgeven. ---000O000--- 800 3 1 ö4
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| DE19792923327 DE2923327C2 (de) | 1979-06-08 | 1979-06-08 | Vorrichtung zur Gewichtsentlastung eines bewegbaren Tors |
| DE2923327 | 1979-06-08 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL8003164A true NL8003164A (nl) | 1980-12-10 |
Family
ID=6072814
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL8003164A NL8003164A (nl) | 1979-06-08 | 1980-05-30 | Inrichting voor gewichtsontlasting van een beweegbare deur. |
Country Status (5)
| Country | Link |
|---|---|
| BE (1) | BE883487A (nl) |
| DE (1) | DE2923327C2 (nl) |
| FR (1) | FR2458658A1 (nl) |
| GB (1) | GB2050560B (nl) |
| NL (1) | NL8003164A (nl) |
Families Citing this family (8)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE3112050C2 (de) * | 1981-03-24 | 1990-07-12 | Rud-Kettenfabrik Rieger & Dietz Gmbh U. Co, 7080 Aalen | "Federpuffer" |
| DE3538801C2 (de) * | 1985-10-31 | 1993-12-09 | Hoermann Kg | Überkopftor mit Gewichtsausgleichs-Schraubenzugfeder, die von einem Schutzelement durchgriffen ist |
| DE19500067C2 (de) * | 1995-01-03 | 2000-09-14 | Hoermann Genk N V | Kipptor |
| AU2004200526B2 (en) | 2003-02-14 | 2009-01-08 | Hunter Douglas Industries B.V. | Cord tensioner |
| CA2485724C (en) | 2003-10-24 | 2012-02-07 | Hunter Douglas Industries B.V. | Cord tensioner |
| US7114544B2 (en) | 2004-09-07 | 2006-10-03 | Hunter Douglas Inc. | Cord tensioner for covering for architectural openings |
| NL1032353C2 (nl) * | 2006-08-22 | 2008-02-25 | Flexi Force B V | Veerbreukbeveiliging. |
| US12157576B2 (en) * | 2023-03-01 | 2024-12-03 | Rockwell Collins, Inc. | Shock load attenuation |
Family Cites Families (2)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US4082133A (en) * | 1976-06-03 | 1978-04-04 | William Halopoff | Sectional garage door spring container |
| US4057235A (en) * | 1976-06-03 | 1977-11-08 | William Halopoff | Spring retainer for garage door hardware |
-
1979
- 1979-06-08 DE DE19792923327 patent/DE2923327C2/de not_active Expired
-
1980
- 1980-05-08 GB GB8015222A patent/GB2050560B/en not_active Expired
- 1980-05-27 BE BE0/200771A patent/BE883487A/fr not_active IP Right Cessation
- 1980-05-30 NL NL8003164A patent/NL8003164A/nl not_active Application Discontinuation
- 1980-06-04 FR FR8013013A patent/FR2458658A1/fr active Granted
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| DE2923327B1 (de) | 1980-05-08 |
| FR2458658A1 (fr) | 1981-01-02 |
| FR2458658B1 (nl) | 1984-01-06 |
| DE2923327C2 (de) | 1981-01-08 |
| GB2050560B (en) | 1983-03-23 |
| BE883487A (fr) | 1980-09-15 |
| GB2050560A (en) | 1981-01-07 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| NL8003164A (nl) | Inrichting voor gewichtsontlasting van een beweegbare deur. | |
| EP1248917B1 (en) | Energy absorber | |
| JP2002509778A (ja) | よじ登り保護システム用係止装置 | |
| US4757853A (en) | Safety device for garage door springs | |
| JPS61500677A (ja) | 棒状要素用装置 | |
| US4082133A (en) | Sectional garage door spring container | |
| US4057235A (en) | Spring retainer for garage door hardware | |
| US3958367A (en) | Overhead garage door spring safety device | |
| DK1899019T3 (en) | Method of mounting a safety line cable to a voltage device | |
| US3429072A (en) | Coiled spring assemblies | |
| US5191678A (en) | Wind resistant door hardware | |
| DK165515B (da) | Indretning ved rulleporte | |
| US2796953A (en) | Shock absorber for safety line | |
| KR102492726B1 (ko) | 도어 스토퍼 | |
| US5711113A (en) | Suspension mechanism for a door construction | |
| EP0338750A1 (en) | Counterweight system for overhead doors and like installations | |
| US4884586A (en) | Rib coupling for hat-like umbrellas | |
| US8061482B2 (en) | Tensioner for safety line with energy absorption device | |
| US20180093869A1 (en) | Load-Facing Winch | |
| JP3600205B2 (ja) | ドアストッパおよび該ドアストッパを備えた建具 | |
| US2753587A (en) | Stop for pneumatic door check | |
| JPH0446161Y2 (nl) | ||
| US4575906A (en) | Hook fastening device | |
| DE3112926C2 (de) | Garagenschwingtor mit Federschutz | |
| GB2182385A (en) | Modified window stay |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| A85 | Still pending on 85-01-01 | ||
| BA | A request for search or an international-type search has been filed | ||
| BB | A search report has been drawn up | ||
| BC | A request for examination has been filed | ||
| BV | The patent application has lapsed |