[go: up one dir, main page]

NL1028176C2 - Werkwijze voor het gereedmaken van een inktkanaal van een inkjet printkop, en een inkjet printer aangepast om deze werkwijze uit te voeren. - Google Patents

Werkwijze voor het gereedmaken van een inktkanaal van een inkjet printkop, en een inkjet printer aangepast om deze werkwijze uit te voeren. Download PDF

Info

Publication number
NL1028176C2
NL1028176C2 NL1028176A NL1028176A NL1028176C2 NL 1028176 C2 NL1028176 C2 NL 1028176C2 NL 1028176 A NL1028176 A NL 1028176A NL 1028176 A NL1028176 A NL 1028176A NL 1028176 C2 NL1028176 C2 NL 1028176C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
ink
channel
printhead
disturbance
channels
Prior art date
Application number
NL1028176A
Other languages
English (en)
Inventor
Hans Reinten
Hubertus Marie Jozeph Boesten
Henricus Cornelis Mari Krijnen
Original Assignee
Oce Tech Bv
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Oce Tech Bv filed Critical Oce Tech Bv
Priority to NL1028176A priority Critical patent/NL1028176C2/nl
Priority to JP2006006987A priority patent/JP2006213056A/ja
Priority to AT06100830T priority patent/ATE485945T1/de
Priority to DE602006017759T priority patent/DE602006017759D1/de
Priority to EP06100830A priority patent/EP1688258B1/en
Priority to US11/345,232 priority patent/US7946673B2/en
Application granted granted Critical
Publication of NL1028176C2 publication Critical patent/NL1028176C2/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B41PRINTING; LINING MACHINES; TYPEWRITERS; STAMPS
    • B41JTYPEWRITERS; SELECTIVE PRINTING MECHANISMS, i.e. MECHANISMS PRINTING OTHERWISE THAN FROM A FORME; CORRECTION OF TYPOGRAPHICAL ERRORS
    • B41J2/00Typewriters or selective printing mechanisms characterised by the printing or marking process for which they are designed
    • B41J2/005Typewriters or selective printing mechanisms characterised by the printing or marking process for which they are designed characterised by bringing liquid or particles selectively into contact with a printing material
    • B41J2/01Ink jet
    • B41J2/17Ink jet characterised by ink handling
    • B41J2/1707Conditioning of the inside of ink supply circuits, e.g. flushing during start-up or shut-down
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B41PRINTING; LINING MACHINES; TYPEWRITERS; STAMPS
    • B41JTYPEWRITERS; SELECTIVE PRINTING MECHANISMS, i.e. MECHANISMS PRINTING OTHERWISE THAN FROM A FORME; CORRECTION OF TYPOGRAPHICAL ERRORS
    • B41J2/00Typewriters or selective printing mechanisms characterised by the printing or marking process for which they are designed
    • B41J2/005Typewriters or selective printing mechanisms characterised by the printing or marking process for which they are designed characterised by bringing liquid or particles selectively into contact with a printing material
    • B41J2/01Ink jet
    • B41J2/135Nozzles
    • B41J2/165Prevention or detection of nozzle clogging, e.g. cleaning, capping or moistening for nozzles
    • B41J2/16579Detection means therefor, e.g. for nozzle clogging
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B41PRINTING; LINING MACHINES; TYPEWRITERS; STAMPS
    • B41JTYPEWRITERS; SELECTIVE PRINTING MECHANISMS, i.e. MECHANISMS PRINTING OTHERWISE THAN FROM A FORME; CORRECTION OF TYPOGRAPHICAL ERRORS
    • B41J2/00Typewriters or selective printing mechanisms characterised by the printing or marking process for which they are designed
    • B41J2/005Typewriters or selective printing mechanisms characterised by the printing or marking process for which they are designed characterised by bringing liquid or particles selectively into contact with a printing material
    • B41J2/01Ink jet
    • B41J2/135Nozzles
    • B41J2/14Structure thereof only for on-demand ink jet heads
    • B41J2002/14354Sensor in each pressure chamber

Landscapes

  • Ink Jet (AREA)
  • Particle Formation And Scattering Control In Inkjet Printers (AREA)
  • Coloring (AREA)

Description

Océ-Technologies B.V., te Venlo
Werkwijze voor het gereedmaken van een inktkanaal van een inkjet printkop, en een inkjet printer aangepast om deze werkwijze uit te voeren 5
De uitvinding betreft een werkwijze voor het initialiseren van een inkjetprintkop, voorafgaand aan het onder toepassing van deze printkop genereren van een beeld op een ontvangstmateriaal. De betreffende printkop hierbij omvat een in hoofdzaak gesloten inktkanaal, voorzien van een instroomopening en een nozzle, welk kanaal in 10 werkzame verbinding staat met een elektromechanische actuator.
Om een dergelijke printkop, welke genoegzaam bekend is uit de stand van de techniek, te initialiseren wordt veelal het kanaal doorspoeld met nieuwe inkt. Deze inkt wordt via de instroomopening in het kanaal geleid, en via de nozzle weer weggespoeld. Hierdoor 15 worden eventuele vervuilingen, luchtbellen, oude inktresten of andere verstoringen welke aanwezig zijn in het kanaal met de doorgespoelde inkt verwijderd. Teneinde er nagenoeg zeker van te zijn dat alle verstoringen verwijderd zijn zodat de printkop gereed is om een beeld te gaan printen, wordt een relatief grote hoeveelheid inkt door het kanaal gespoeld.
20
Nadeel van de bekende werkwijze is dat er een relatief grote hoeveelheid inkt verloren gaat met het doorspoelen van het inktkanaal. Bovendien is er geen absolute zekerheid over het feit dat alle verstoringen (d.w.z. een nadelige situatie welke een negatieve invloed heeft op het printproces, bijvoorbeeld een vuildeeltje, een luchtbel, een vervuilde 25 spuitmond, een onegale temperatuur in de inkt, verkeerde inkt, etc.) die mogelijk in het kanaal aanwezig zijn ook daadwerkelijk verwijderd zijn met het doorspoelen van het kanaal. Doel van de huidige uitvinding is om een werkwijze te verkrijgen welke tegemoet komt aan deze nadelen.
30 Hiertoe is een werkwijze volgens de aanhef uitgevonden, waarin voorzien is dat het kanaal gevuld is met inkt, waarna een drukgolf wordt opgewekt in deze inkt, welke drukgolf een vervorming van de actuator veroorzaakt waardoor deze een elektrisch signaal opwekt, gevolgd door het analyseren van het elektrische signaal, en het onder toepassing van deze analyse beslissen of de inkjet prjntkop gereed is om het beeld te 35 gaan printen.
1028176 2
Bij deze werkwijze om te initialiseren wordt er eerst in voorzien dat het kanaal gevuld is met inkt. Vindt het initialiseren plaats bij een printkop waarin nog geen “oude” inkt in het kanaal aanwezig is, dan zal dus eerst dit kanaal gevuld moeten worden met inkt. Indien 5 er al inkt aanwezig is in het kanaal, kan het vullen overgeslagen worden als door het aanwezig zijn van de inkt al voorzien is in het gevuld zijn van het kanaal. Ook is het mogelijk dat het kanaal nog gedeeltelijk is voorzien van inkt. In dat geval hoeft er dus nog maar voor een deel met nieuwe inkt bijgevuld te worden. De werkwijze voorziet er nu in dat er een drukgolf wordt opgewekt in de inkt die zich in het kanaal bevindt. In een 10 uitvoeringsvorm wordt deze drukgolf opgewekt door het bekrachtigen van een piëzo-elektrische actuator die in werkzame verbinding staat met het kanaal. Dit kan bijvoorbeeld dezelfde actuator zijn als hiervoor genoemd. Deze drukgolf op zijn beurt veroorzaakt een vervorming van deze eerder genoemde actuator, welke hierdoor een elektrisch signaal opwekt. Omdat de vorm van de drukgolf afhankelijk is van de 15 omstandigheden in het kanaal (de aanwezigheid van luchtbellen of vuildeeltjes bijvoorbeeld heeft tot gevolg dat er een andere drukgolf ontstaat) is ook het elektrisch signaal afhankelijk van de omstandigheden in het kanaal. Aldus kan door analyse van dit signaal informatie over de omstandigheden in het kanaal worden verkregen. Op basis hiervan is het mogelijk om te beslissen of het kanaal, en daarmee de printkop, 20 gereed is om te printen.
Bij deze werkwijze is het niet langer meer nodig om bij elke initialisatie een relatief grote hoeveelheid inkt door het kanaal te spoelen. Aan het begin van het initialisatieproces, dus nog zonder dat er inkt door het gevulde kanaal gespoeld is, wordt door toepassing 25 van de werkwijze volgens de uitvinding gecontroleerd of het kanaal gereed is. Indien bijvoorbeeld wordt vastgesteld dat er geen hinderlijke verstoringen aanwezig zijn in het kanaal, is het kanaal gereed om inktdruppels beeldmatig over te brengen op een ontvangstmateriaal. In dat geval hoeft er dus in geen nieuwe inkt door het kanaal gespoeld te worden. Bovendien is er door toepassing van de huidige werkwijze een 30 grotere zekerheid over het daadwerkelijke gereed zijn van de printer. Immers, de toestand in het kanaal wordt gemeten, terwijl tot nu toe gebruikelijk was om aan te nemen dat de toestand goed was nadat een grote hoeveelheid nieuwe inkt door het kanaal was gespoeld. In een uitvoeringsvorm wordt, indien de printkop niet gereed is, ! een herstelactie uitgevoerd, waarna het opwekken van de drukgolf, het hierdoor 35 vervormen van de actuator, en de analyse van het hierdoor opgewekte signaal door i i 1028176 3 deze actuator alsmede het beslissen wordt herhaald. In deze uitvoeringsvorm wordt bijvoorbeeld een kleine hoeveelheid inkt door het kanaal gespoeld om de aanwezige verstoring te verwijderen. Een andere mogelijke herstelactie, welke bijvoorbeeld geschikt is voor het verwijderen van kleine luchtbellen, is om tijdelijk het kanaal met rust 5 te laten zodat de luchtbel kan oplossen in de inkt. Andere herstelacties, bij voorkeur toegesneden op de specifieke verstoring zijn ook mogelijk. Nadat de herstelactie is uitgevoerd wordt opnieuw de toestand van het kanaal bemeten op de wijze zoals hierboven aangegeven. Indien de verstoring door de herstelactie verdwenen is, kan beslist worden dat het kanaal en daarmee mogelijk de printkop, gereed is om te printen. 10 Op deze wijze wordt voorkomen dat het initialiseren onnodig lang gaat duren. Zodra het kanaal vrij is van verstoringen kan beslist worden dat de printkop gereed is om te printen. Mocht de herstelactie waarvoor gekozen wordt het doorspoelen van het kanaal met een kleine hoeveelheid inkt zijn, dan is het voordeel van de huidige werkwijze dat slechts een kleine hoeveelheid inkt, die vrijwel exact genoeg is om de verstoring juist te 15 verwijderen, gebruikt hoeft te worden om het kanaal gereed te maken.
Overigens, uit de Europese octrooiaanvrage EP 1 013 453 is bekend dat een elektromechanische actuator van een inkjetprinter naast het opwekken van een drukgolf in het kanaal ook toegepast kan worden als sensor om informatie over te toestand van 20 het kanaal te verkrijgen. Echter, het is uit deze aanvrage alleen bekend om dit toe te passen om verstoringen die ontstaan tijdens het printen op te sporen. Het is niet bekend uit deze aanvrage om het kanaal tijdens een initialisatieproces te controleren op de aanwezigheid van verstoringen, noch om onder toepassing daarvan te beslissen of de printkop gereed is om een beeld te gaan printen.
25
In een uitvoeringsvorm wordt een drukgolf opgewekt zodanig dat bij een normaal functionerende printkop een inktdruppel uit de nozzle gestoten wordt. In deze uitvoeringsvorm gaat het opwekken van de drukgolf tesamen met het uitstoten van een inktdruppel. Voordeel van deze uitvoeringsvorm is dat de toestand van het kanaal 30 gemeten wordt onder omstandigheden die gelijk kunnen zijn aan de omstandigheden tijdens het daadwerkelijke gebruik van het kanaal tijdens het printen van een beeld. Bovendien treedt het additionele voordeel op dat er door het jetten van een inktdruppel als het ware een kleine hoeveelheid inkt door het kanaal gespoeld wordt. Op deze wijze is het bijvoorbeeld mogelijk dat er geen additionele herstelactie nodig is om verstoringen 35 te verwijderen.
1028176 4
In een andere uitvoeringsvorm waarbij de inkjetprintkop een verzameling individueel aanstuurbare inktkanalen en hiermee corresponderende elektromechanische actuatoren omvat, omvat de werkwijze voor het gereedmaken van de printkop het voor 5 elk van de kanalen uit de verzameling vervormen van de overeenkomstige actuator en analyse van het hierdoor opgewekte signaal. In deze uitvoeringsvorm wordt de werkwijze volgens de huidige uitvinding voor elk kanaal van de printkop toegepast. Het initialiseren vindt dus plaats onder het bemeten van elk van de kanalen zodat voor elk van deze kanalen vastgesteld kan worden of er een of meer verstoringen aanwezig zijn. 10 Deze informatie kan toegepast worden bij het beslissen of de printkop gereed is om een beeld te gaan printen.
In een verdere uitvoeringsvorm wordt beslist dat de inkjet printkop niet gereed is als er in een kanaal een verstoring aanwezig is. In deze uitvoeringsvorm is er voor gekozen 15 om het initialiseren van de printkop pas af te sluiten als elk van de kanalen volledig inzetbaar is om een beeld te kunnen gaan printen. Voordeel van deze werkwijze is dat er een optimaal gebruik kan zijn van de printkop en dat bij het printen geen rekening hoeft worden gehouden met kanalen welke een afwijkend of in het geheel geen vermogen hebben om druppels beeldmatig te verjetten.
20
In een alternatieve uitvoeringsvorm wordt beslist dat de inkjet printkop gereed is ondanks dat er in een inktkanaal een verstoring aanwezig is. In deze uitvoeringsvorm is er voor gekozen om het initialiseren van de printkop af te sluiten alhoewel er in een of meer inktkanalen een verstoring aanwezig is. Voordeel van deze uitvoeringsvorm is 25 bijvoorbeeld dat het initialiseren niet onnodig lang door hoeft te gaan als er een verstoring aanwezig is in een kanaal dat niet nodig zal zijn voor het printen van het eerstvolgende beeld. In dat geval kan het initialiseren eenvoudig worden afgesloten, waarna met het printen van het beeld gestart kan worden. Ook kan het zo zijn dat er een verstoring aanwezig is in een kanaal welke verstoring van dien aard is dat deze 30 juist door het printen zeer snel zal verdwijnen waardoor deze nauwelijks tot geen zichtbare printartefacten zal veroorzaken. Ook dan maakt de werkwijze volgens deze uitvoeringsvorm het mogelijk om het initialiseren af te sluiten ondanks dat er nog een verstoring in een van de kanalen aanwezig is.
35 In een verdere uitvoeringsvorm wordt de beslissing genomen indien er tenminste een 1028176 ' 5 vooraf bepaald aantal inktkanalen zonder verstoring is. In deze uitvoeringsvorm wordt er vanuit gegaan dat er een minimaal aantal inktkanalen in de printkop nodig is om deze kop adequaat toe te kunnen passen voor het printen van een beeld. Zodra uit toepassing van de werkwijze voor het initialiseren blijkt dat dit minimum aantal 5 inktkanalen bereikt is, kan worden beslist dat de printkop gereed is om het beeld te printen.
In een andere uitvoeringsvorm wordt de beslissing genomen indien vastgesteld wordt dat de verstoring persistent is. Een persistente verstoring is een verstoring welke niet 10 verwijderd kan worden, althans niet binnen een redelijke tijd, tijdens het initialiseren. Alsdan kan beslist worden dat de printkop toch gereed is, waarbij het kanaal waarin zich de persistente verstoring bevindt bijvoorbeeld niet gebruikt zal worden tijdens het printen van het beeld. In een later stadium, bijvoorbeeld na afloop of nog tijdens het printen van het beeld kan wederom bepaald worden of de verstoring nog aanwezig is of 15 niet.
in een uitvoeringsvorm wordt het beeld geprint onder toepassing van die kanalen welke vrij zijn van een verstoring. Dit heeft het voordeel dat er geen printartefacten voor hoeven te komen in het beeld.
20
De uitvinding betreft tevens een inkjetprinter omvattend een printkop voorzien van een in hoofdzaak gesloten inktkanaal met een instroomopening en een nozzle, welk kanaal in werkzame verbinding staat met een elektromechanische actuator, welke printer is voorzien van een besturing welke is aangepast zodanig dat deze de printer automatisch 25 een werkwijze volgens een der voorgaande conclusies kan laten uitvoeren.
De uitvinding zal nu verder worden toegelicht aan de hand van de onderstaande voorbeelden.
30 Fig. 1 geeft schematisch een inkjet printer weer.
Fig. 2 geeft schematisch de opbouw van een inktkanaal en de hiermee overeenkomende actuator weer.
Fig. 3 geeft een blokschema weer van een schakeling welke geschikt is om de toestand in het intkkanaal te meten onder toepassing van de actuator als sensor.
35 1028176 6
Voorbeeld 1 beschrijft een werkwijze en printer volgens de huidige uitvinding.
Figuur 1 5 In figuur 1 is een inkjet printer schematisch weergegeven. In deze uitvoeringsvorm omvat de printer een rol 1 teneinde een ontvangstmateriaal 2, bijvoorbeeld een vel papier of een transparante sheet, te ondersteunen en langs de scanwagen 3 (ook wel carriage genoemd) te voeren. Dit carriage omvat een draagorgaan 5 waarop de vier printkoppen 4a, 4b, 4c en 4d zijn bevestigd. Elke printkop is voorzien van inkt met een 10 eigen kleur, in dit geval respectievelijk cyaan (C), magenta (M), geel (Y) en zwart (K).
De printkoppen worden verwarmd door middel van verwarmingsmiddelen 9, welke zijn aangebracht op de achterzijde van elke printkop 4 en op het draagorgaan 5. Onder toepassing van een centrale regeleenheid 10 (controller) worden de printkoppen op een juiste temperatuur gehouden.
15 De rol 1 is draaibaar rond zijn as zoals door de pijl A is aangegeven. Op deze wijze kan het ontvangstmateriaal ten opzichte van het draagorgaan 5, en daarmee ook ten opzichte van de printkoppen 4, worden bewogen in de subscanrichting (veelal aangeduid als X-richting). Het carriage 3 kan met geschikte aandrijfmiddelen (niet weergegeven) heen en weer bewogen worden in een richting die aangegeven is door 20 de dubbele pijl B, parallel aan rol 1. Hiertoe wordt het draagorgaan 5 over de geleidestangen 6 en 7 bewogen. Deze richting wordt veelal de hoofdscanrichting of Y-richting genoemd. Op deze wijze kan het ontvangstmateriaal geheel worden afgetast (gescand) met de printkoppen 4.
In de uitvoeringsvorm zoals weergegeven in de figuur omvat elke printkop 4 een aantal 25 inwendige inktkanalen (niet afgebeeld) die ieder zijn voorzien van hun eigen uitstroomopening (nozzle) 8. De nozzles vormen in deze uitvoeringsvorm per printkop één rij die loodrecht op de as van rol 1 staat (de rij strekt zich dus uit in de subscanrichting). In een praktische uitvoering van een inkjet printer zal het aantal inktkanalen per printkop vele malen groter zijn en zijn de nozzles over twee of meer 30 rijen verdeeld. Elk inktkanaal is voorzien van een piëzo-elektrische actuator (niet afgebeeld) waarmee een drukgolf in het inktkanaal kan worden opgewekt zodat een inktdruppel uit de nozzle van het betreffende kanaal wordt gestoten in de richting van het ontvangstmateriaal. De actuatoren kunnen beeldmatig worden bekrachtigd via een bijbehorende elektrische aandrijfkringloop (niet afgebeeld) onder toepassing van de 35 centrale regeleenheid 10. Op deze wijze kan een afbeelding opgebouwd uit inktdruppels 1 02 81 76 7 worden gevormd op ontvangstmateriaal 2.
Wanneer een ontvangstmateriaal wordt bedrukt met een dergelijke printer waarbij inktdruppels uit inktkanalen worden gestoten, wordt dit ontvangstmateriaal, of een deel hiervan, (denkbeeldig) opgedeeld in vaste locaties die een regelmatig veld van 5 beeldpuntrijen en beeldpuntkolommen vormen. In een uitvoeringsvorm staan de beeldpuntrijen loodrecht op de beeldpuntkolommen. De aldus ontstane afzonderlijke locaties kunnen ieder voorzien kunnen worden van een of meer inktdruppels. Het aantal locaties per lengte-eenheid in de richtingen evenwijdig aan de beeldpuntrijen en beeldpuntkolommen wordt de resolutie van het gedrukte beeld genoemd, bijvoorbeeld 10 aangegeven als 400x600 d.p.i. (“dots per inch”). Door een rij nozzles van een printkop van de inkjet printer beeldmatig aan te sturen wanneer deze onder verplaatsing van het draagorgaan 5 ten opzichte van het ontvangstmateriaal beweegt, onstaat op het ontvangstmateriaal, althans op een strook ter breedte van de lengte van de nozzle-rij, een (deel-)beeld opgebouwd uit inktdruppels.
15
Figuur 2
In figuur 2 is een inktkanaal 19 voorzien van een piëzo-elektrische actuator 16 weergegeven. Inktkanaal 19 wordt gevormd door een groef in grondplaat 15 en wordt 20 aan de bovenzijde hoofdzakelijk begrensd door de piëzo-elektrische actuator 16.
Inktkanaal 19 gaat aan het uiteinde over in een uitstroomopening 8 welke opening mede i gevormd wordt door een nozzle-plaat 20 waarin een uitsparing ter plaatse van het kanaal gemaakt is. Wanneer door een pulsopwekker 18 via het actuatiecircuit 17 een puls wordt aangelegd over actuator 16, buigt deze actuator in de richting van het 25 kanaal. Hierdoor wordt de druk in het kanaal plotseling verhoogd waardoor een drukgolf wordt opgewekt in het kanaal. Indien de drukgolf sterk genoeg is wordt een inktdruppel uit de uitstroomopening 8 gestoten. Na afloop van het uitstoten van de inktdruppel is (een deel van) de drukgolf nog steeds aanwezig in het kanaal, welke drukgolf na verloop van tijd geheel zal uitdempen. Deze drukgolf resulteert op zijn beurt in een 30 vervorming van de actuator 16 die hierop een elektrisch signaal genereert. Dit signaal is afhankelijk van alle parameters die het ontstaan van de drukgolf en de demping van deze golf beïnvloeden. Op deze wijze, zoals bekend uit de Europese octrooiaanvrage EP 1 013 453, kan door het meten van dit signaal informatie over deze parameters, zoals de aanwezigheid van luchtbellen of andere verstoringen in het kanaal, verkregen 35 worden. Deze informatie op zijn beurt kan gebruikt worden om het printproces te 1028176 8 controleren en te regelen.
Figuur 3 5 Figuur 3 geeft een blokschema van de piëzo-elektrische actuator 16, het actuatiecircuit (elementen 17, 25, 30,16 en 18), het meetcircuit (elementen 16, 30,25, 24, en 26) en regeleenheid 33 in een uitvoering weer. Het actuatiecircuit, voorzien van pulsopwekker 18, en het meetcircuit, voorzien van versterker 26, zijn via een gezamenlijke leiding 30 op actuator 16 aangesloten. De kringlopen worden onderbroken en gesloten door 10 wisselschakelaar 25. Nadat door de pulsopwekker 18 een puls is aangelegd over actuator 16, wordt dit element 16 op zijn beurt vervormd door de resulterende drukgolf in het inktkanaal. Deze vervorming wordt door actuator 16 in een elektrisch signaal omgezet. Na afloop van de eigenlijk actuatie wordt wisselschakelaar 25 omgezet zodat het actuatiecircuit onderbroken is en het meetcircuit gesloten. Het elektrisch signaal dat 15 opgewekt wordt door de actuator wordt opgevangen door versterker 26 via leiding 24. In deze uitvoeringsvorm wordt de hiermee gepaard gaande spanning via leiding 31 gevoed aan A/D-convertor 32 welke het signaal aanbiedt aan regeleenheid 33. Hier vindt analyse van het gemeten signaal plaats. Indïen nodig wordt een signaal afgegeven aan pulsopwekker i 8 via D/A-convertor 34 zodat een volgende actuatiepuls aangepast 20 wordt aan de actuele situatie in het kanaal. Regeleenheid 33 staat in verbinding met de centrale regeleenheid van de printer (niet afgebeeld in deze figuur) via leiding 35 Op deze wijze kan informatie met de rest van de printer en/of de buitenwereld worden uitgewisseld.
25
Voorbeeld 1
In het hierna te bespreken voorbeeld is de centrale regeleenheid 10, welke eenheid een onderdeel is van de besturing van de inkjetprinter, voorzien van processoren welke geprogrammeerd zijn om tijdens het initialiseren, ook wel “opstarten” genoemd, van de 30 printer, de toestand in elk van de inktkanalen te meten onder gebruik van de analysemiddelen zoals weergegeven onder figuur 3.
Het initialiseren van de printer omvat als eerste het opwarmen van de printkoppen tot bedrijfstemperatuur. Deze is typisch 130°C voor een inkjet printer welke een zogenaamde hot melt inkt toepast. Vervolgens worden de koppen, indien nodig, gevuld 35 met vloeibare inkt via een doseersysteem (niet weergegeven in figuur 1). Indien het een 1028176 9 herstart van de koppen betreft zullen deze veelal nog gevuld zijn met inkt (waarbij een kanaal dat buiten de aanwezige inkt bijvoorbeeld nog enkele luchtbellen bevat als gevuld kan worden beschouwd). Per kop vindt vervolgens de analyse van de toestand van de individuele inktkanalen plaats, zoals belichaamd in de onderhavige uitvinding.
5 Hiertoe worden eerst alle inktkanalen van een printkop, dat wil zeggen elk van de overeenkomstige piëzo-elektrische actuatoren, bekrachtigd zodanig dat in beginsel 5 inktdruppels per kanaal uitgestoten zouden worden (bij een goed functionerend kanaal). Deze inktdruppels worden bijvoorbeeld opgevangen in een service station van de inkjet printer en afgevoerd als afval. Hierna wordt onder toepassing van de middelen zoals 10 beschreven onder figuur 2 en 3 bekeken welke van de kanalen vrij is van een verstoring en derhalve gereed is om toegepast te worden bij het printen van een beeld. Indien er nog kanalen zijn welke een verstoring kennen, bijvoorbeeld een luchtbel in het kanaal, een te groot vast deeltje in het kanaal, een vervuiling rond de nozzle, een mechanische fout in het kanaal zelf, het ontbreken van inkt in het kanaal, het niet aanwezig zijn van 15 de goede inkt in het kanaal, een te lage temperatuur in het kanaal (inkt te visceus) etc. dan kan besloten worden om opnieuw de actuatoren te bekrachtigen zodanig dat in beginsel uit elk kanaal 5 inktdruppels worden gestoten. Hierna kan opnieuw analyse van de toestand van de kanalen in de kop plaatsvinden.
20 Hieronder is in tabel 1 aangegeven hoeveel kanalen van een printkop welke 240 kanalen heeft, na elke serie bekrachtigen (gericht op de uitstoot van 5 inktdruppels per kanaal zoals hiervoor is aangegeven) vrij zijn van een verstoring. Hierbij wordt aangetekend dat de eerste serie bekrachtigingen (n = 1 in tabel 1) gericht is op de uitstoot van 15 druppels inkt.
25
Bekrachtiging serie n Storingsvrije kanalen [#] Storingsvrije kanalen [%] Ί) Ï32 55 _ _ _ ~2 192 8Ö _ _ _ ~4 228 95 "5 "235 98 "6 238 99 _ _ __ "8 238 99 1028176 10
Tabel 1. Aantal kanalen dat vrij is van een verstoring na een n-de serie bekrachtigingen van de actuatoren overeenkomend met deze kanalen.
Gezien kan worden dat na het vullen van de koppen alleen slechts 132 van de 240 5 kanalen vrij zijn van een verstoring. Aangezien dit nauwelijks meer is dan de helft van het aantal kanalen wordt beslist dat deze kop niet gereed is en dat de initialisatieprocedure wordt voortgezet. Na de eerste serie bekrachtigingen blijkt dat reeds 70% van de kanalen vrij is van een verstoring. Blijkbaar leidt het bekrachtigen van de actuator in een kanaal met een verstoring veelal tot een herstel van het kanaal. Het 10 percentage kanalen zonder verstoring loopt door deze herstelacties op tot 99% na de zesde serie. In dit voorbeeld leiden een zevende en achtste serie bekrachtigingen niet tot het verdwijnen van de verstoring(en) in de laatste twee kanalen. De verstoringen in dit kanaal kunnen als persistent worden beschouwd omdat deze ook na drie series bekrachtigingen niet verdwijnen.
15
In deze uitvoeringsvorm wordt na de achtste serie bekrachtigingen besloten dat de betreffende printkop gereed is om te gaan printen. Weliswaar zijn er twee kanalen die niet vrij zijn van een verstoring, maar hiermee kan bij het printen rekening worden gehouden zoals genoegzaam bekend uit de stand van de techniek. Zo kan de te printen 20 data eenvoudig worden verdeeld over de kanalen die wel vrij zijn van een verstoring. Na bijvoorbeeld 15 minuten daadwerkelijk geprint te hebben met deze kop, kan alsnog gecontroleerd worden of beide kanalen een verstoring kennen. Zo niet, dan kunnen deze alsnog gebruikt gaan worden bij het printen. Zo ja, dan kan na een volgende tijdspanne opnieuw gekeken worden of de verstoring nog steeds aanwezig is in het 25 kanaal. In een uitvoeringsvorm, mocht blijken dat de verstoringen ook na een aantal tijdspannes niet verdwijnen, kan beslist worden tot een herstelactie voor deze kanalen, bijvoorbèeld het onder druk doorspoelen van deze kanalen zoals bekend uit de stand van de techniek. Ook zouden de overeenkomstige actuatoren bekrachtigd kunnen worden met toegewijde herstelpulsen die specifiek gericht zijn op het doen verdwijnen 30 van de aanwezige verstoring. Ook kan het niet verdwijnen van de verstoringen aanleiding zijn tot het initiëren van een service beurt.
In een alternatieve uitvoeringsvorm worden bij het initialiseren alleen actuatoren bekrachtigd van die kanalen welke een verstoring blijken te hebben. In het hierboven 35 gegeven voorbeeld hebben direct na het vullen (serie 0) 108 kanalen een verstoring.
1028176 11
Door alleen de actuatoren van deze kanalen te bekrachtigen kan er inkt bespaard worden. Immers, het jetten van inktdruppels uit kanalen die al storingsvrij zijn tijdens het initialiseren gaat ten koste van goede inkt en levert geen verbetering op. Na elke serie bekrachtigingen wordt er aldus een kleinere groep kanalen geselecteerd welke nog 5 steeds het initialisatieproces volgens de uitvinding dienen te ondergaan. Dit kan tot een relatief grote besparing van inkt leiden.
In een uitvoeringsvorm begint het analyseren van de toestand van de kanalen al tijdens het opwarmen van de printkop. Veelal is elk van de koppen namelijk al gevuld met inkt 10 omdat deze eerder, bijvoorbeeld de dag ervoor, ai gebruikt zijn voor het printen van een of meer beelden. Vaak kan nog voor het bereiken van de bedrijfstemperatuur van de printkop gezien worden of een kanaal vrij is van verstoringen.
1028176

Claims (10)

1. Werkwijze voor het initialiseren van een inkjetprintkop, voorafgaand aan het onder toepassing van deze printkop genereren van een beeld op een ontvangstmateriaal, de 5 printkop omvattend een in hoofdzaak gesloten inktkanaal, voorzien van een instroomopening en een nozzle, welk kanaal in werkzame verbinding staat met een elektromechanische actuator, de werkwijze omvattend: - voorzien dat het kanaal gevuld is met inkt, 10. het opwekken van een drukgolf in deze inkt, welke drukgolf een vervorming van de actuator veroorzaakt waardoor deze een elektrisch signaal opwekt, - het analyseren van het elektrische signaal, en het onder toepassing van deze analyse beslissen of de inkjet printkop gereed is om het beeld te gaan printen. 15
2. Werkwijze volgens conclusie 1, met het kenmerk dat indien de printkop niet gereed is een herstelactie wordt uitgevoerd, waarna het bekrachtigen van de actuator, de analyse van het hierdoor opgewekte signaal en het beslissen wordt herhaald.
3. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk dat een drukgolf wordt opgewekt zodanig dat bij een normaal functionerende printkop een inktdruppel uit de nozzle gestoten wordt.
4. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, waarbij de inkjetprintkop een 25 verzameling individueel aanstuurbare inktkanalen en hiermee corresponderende elektromechanische actuatoren omvat, met het kenmerk dat de werkwijze voor het gereedmaken van de printkop het voor elk van de kanalen uit de verzameling vervormen van de overeenkomstige actuator en analyse van het hierdoor opgewekte signaal omvat. 30
5. Werkwijze volgens conclusie 4, met het kenmerk dat beslist wordt dat de inkjet printkop niet gereed is als er in een kanaal een verstoring aanwezig is.
6. Werkwijze volgens conclusie 4, met het kenmerk dat beslist wordt dat de inkjet 35 printkop gereed is ondanks dat er in een inktkanaal een verstoring aanwezig is. 1028176
7. Werkwijze volgens conclusie 6, met het kenmerk dat de beslissing genomen wordt indien er tenminste een vooraf bepaald aantal inktkanalen zonder verstoring is.
8. Werkwijze volgens conclusie 6, met het kenmerk dat de beslissing genomen wordt 5 indien vastgesteld wordt dat de verstoring persistent is.
9. Werkwijze volgens een der conclusies 6 tot en met 8, met het kenmerk dat het beeld geprint wordt onder toepassing van die kanalen welke vrij zijn van een verstoring.
10. Inkjetprinter omvattend een printkop voorzien van een in hoofdzaak gesloten inktkanaal met een instroomopening en een nozzle, welk kanaal in werkzame verbinding staat met een elektromechanische actuator, welke printer is voorzien van een besturing welke is aangepast zodanig dat deze de printer automatisch een werkwijze volgens een der voorgaande conclusies kan laten uitvoeren. 1028176
NL1028176A 2005-02-03 2005-02-03 Werkwijze voor het gereedmaken van een inktkanaal van een inkjet printkop, en een inkjet printer aangepast om deze werkwijze uit te voeren. NL1028176C2 (nl)

Priority Applications (6)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL1028176A NL1028176C2 (nl) 2005-02-03 2005-02-03 Werkwijze voor het gereedmaken van een inktkanaal van een inkjet printkop, en een inkjet printer aangepast om deze werkwijze uit te voeren.
JP2006006987A JP2006213056A (ja) 2005-02-03 2006-01-16 インクジェットプリントヘッドのインクダクトを準備する方法、およびこの方法が適用されるように変更されたインクジェットプリンタ
AT06100830T ATE485945T1 (de) 2005-02-03 2006-01-25 Verfahren zur initialisierung eines farbstrahldruckkopfes und farbstrahldrucker geeignet zum durchführen dieses verfahrens
DE602006017759T DE602006017759D1 (de) 2005-02-03 2006-01-25 Verfahren zur Initialisierung eines Farbstrahldruckkopfes und Farbstrahldrucker geeignet zum Durchführen dieses Verfahrens
EP06100830A EP1688258B1 (en) 2005-02-03 2006-01-25 Method of initialising an inkjet printhead, and an inkjet printer which has been modified for this method to be applied
US11/345,232 US7946673B2 (en) 2005-02-03 2006-02-02 Method of preparing an ink duct of an inkjet printhead, and an inkjet printer which has been modified for this method to be applied

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL1028176A NL1028176C2 (nl) 2005-02-03 2005-02-03 Werkwijze voor het gereedmaken van een inktkanaal van een inkjet printkop, en een inkjet printer aangepast om deze werkwijze uit te voeren.
NL1028176 2005-02-03

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL1028176C2 true NL1028176C2 (nl) 2006-08-07

Family

ID=34974965

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL1028176A NL1028176C2 (nl) 2005-02-03 2005-02-03 Werkwijze voor het gereedmaken van een inktkanaal van een inkjet printkop, en een inkjet printer aangepast om deze werkwijze uit te voeren.

Country Status (6)

Country Link
US (1) US7946673B2 (nl)
EP (1) EP1688258B1 (nl)
JP (1) JP2006213056A (nl)
AT (1) ATE485945T1 (nl)
DE (1) DE602006017759D1 (nl)
NL (1) NL1028176C2 (nl)

Families Citing this family (2)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
NL1028546C2 (nl) * 2005-03-15 2006-09-18 Oce Tech Bv Piezo-inkjetprinter.
JP6547422B2 (ja) 2014-06-10 2019-07-24 株式会社リコー 液滴吐出装置、液滴吐出方法、プログラム、及びインクジェット記録装置

Citations (4)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
JPS60224552A (ja) * 1984-04-20 1985-11-08 Konishiroku Photo Ind Co Ltd インクジエツト記録方法及び装置
JPH01150549A (ja) * 1987-12-08 1989-06-13 Fuji Xerox Co Ltd インクジェットプリンタにおけるインク流路の気泡検出装置
EP1013453A2 (en) 1998-12-14 2000-06-28 Océ-Technologies B.V. Printing apparatus
US6257694B1 (en) * 1998-05-25 2001-07-10 Mitsubishi Denki Kabushiki Kaisha Ink jet printer

Family Cites Families (9)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
JPS5818275A (ja) * 1981-07-28 1983-02-02 Sharp Corp インクジエツト記録装置
JPH03244546A (ja) * 1990-02-23 1991-10-31 Canon Inc ファクシミリ装置
JPH1199646A (ja) * 1997-09-29 1999-04-13 Fuji Electric Co Ltd インクジェット記録ヘッド及びインクジェット記録装置
NL1012811C2 (nl) * 1999-08-12 2001-02-13 Ocu Technologies B V Werkwijze om de betrouwbaarheid van een inkjetprinter te vergroten en een inkjetprinter geschikt om deze werkwijze toe te passen.
JP2002127445A (ja) * 2000-10-23 2002-05-08 Canon Inc 記録装置、記録システムおよび記録方法
JP2004114650A (ja) * 2002-09-30 2004-04-15 Canon Finetech Inc 記録装置
JP4149821B2 (ja) * 2003-01-17 2008-09-17 株式会社リコー インクジェット記録装置
CN1286645C (zh) * 2003-02-28 2006-11-29 精工爱普生株式会社 液滴喷出装置及液滴喷出头的喷出异常检测、判断方法
JP4599871B2 (ja) * 2003-06-30 2010-12-15 ブラザー工業株式会社 液滴噴射装置

Patent Citations (4)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
JPS60224552A (ja) * 1984-04-20 1985-11-08 Konishiroku Photo Ind Co Ltd インクジエツト記録方法及び装置
JPH01150549A (ja) * 1987-12-08 1989-06-13 Fuji Xerox Co Ltd インクジェットプリンタにおけるインク流路の気泡検出装置
US6257694B1 (en) * 1998-05-25 2001-07-10 Mitsubishi Denki Kabushiki Kaisha Ink jet printer
EP1013453A2 (en) 1998-12-14 2000-06-28 Océ-Technologies B.V. Printing apparatus

Non-Patent Citations (2)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Title
PATENT ABSTRACTS OF JAPAN vol. 010, no. 083 (M - 466) 2 April 1986 (1986-04-02) *
PATENT ABSTRACTS OF JAPAN vol. 013, no. 411 (M - 869) 11 September 1989 (1989-09-11) *

Also Published As

Publication number Publication date
DE602006017759D1 (de) 2010-12-09
US20060170725A1 (en) 2006-08-03
JP2006213056A (ja) 2006-08-17
ATE485945T1 (de) 2010-11-15
US7946673B2 (en) 2011-05-24
EP1688258B1 (en) 2010-10-27
EP1688258A1 (en) 2006-08-09

Similar Documents

Publication Publication Date Title
JP4344179B2 (ja) インクジェットプリントヘッドの制御方法、この方法を使用するのに適したインクジェットプリントヘッド、およびこのプリントヘッドを備えたインクジェットプリンタ
US20090073208A1 (en) Liquid discharging apparatus, method of controlling the same, and program that implements the method
JP2004034698A (ja) インクジェットプリントヘッドの制御方法、この方法を使用するのに適したインクジェットプリントヘッド、およびこのプリントヘッドを備えたインクジェットプリンタ
EP3245068B1 (en) Method for detecting an operating status of an inkjet nozzle
NL1012811C2 (nl) Werkwijze om de betrouwbaarheid van een inkjetprinter te vergroten en een inkjetprinter geschikt om deze werkwijze toe te passen.
NL1021012C2 (nl) Werkwijze voor het aansturen van een inkjetprinter, inkjet printkop geschikt voor het toepassen van deze werkwijze en een ink jet printer voorzien van deze printkop.
EP3222422A1 (en) Method for operating an inkjet print head and an inkjet print head assembly
JP4624764B2 (ja) インクジェット印刷方法及びプリンタ
NL1028176C2 (nl) Werkwijze voor het gereedmaken van een inktkanaal van een inkjet printkop, en een inkjet printer aangepast om deze werkwijze uit te voeren.
JP6598602B2 (ja) インクジェット印刷システムの複数のノズルのうちの第1ノズルのためのアクチュエータを駆動するための方法
WO2012084686A1 (en) Method for determining maintenance unit performance
US7488062B2 (en) Printing method for use in an inkjet printer and an inkjet printer which has been modified for the printing method
JP2005297560A (ja) インクジェットプリンタのためのプリント方法、および該方法の使用のために適するインクジェットプリンタ
JP2013141831A (ja) インクジェットプリンタにおいて少なくとも1つのインクジェットプリントヘッドのノズルを洗浄媒質で清掃する方法
JP2021521036A (ja) 高速ノズル故障検出方法
NL1028178C2 (nl) Werkwijze voor het tegengaan van luchtbellen in een inkjetprinter en een inkjetprinter welke is aangepast voor toepassing van deze werkwijze.
NL1028177C2 (nl) Werkwijze voor een inkjetprinter en een printer welke is aangepast voor toepassing van deze werkwijze.
EP1584473B1 (en) A print method and printer suitable for the application of this method
JPH09290505A (ja) インクジェット記録装置
US20090073206A1 (en) method for obtaining an image with an ink jet printer and a printer suitable for performing that method
US20090079772A1 (en) Method for obtaining an image with an ink jet printer and a printer suitable for performing that method
DE102023115212A1 (de) Vorrichtung und Verfahren zum Regenerieren eines Druckkopfes
EP1688262B1 (en) Printing method for an inkjet printer and an inkjet printer which has been modified for this method to be applied

Legal Events

Date Code Title Description
PD2B A search report has been drawn up
V1 Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20120901