[go: up one dir, main page]

NL1028177C2 - Werkwijze voor een inkjetprinter en een printer welke is aangepast voor toepassing van deze werkwijze. - Google Patents

Werkwijze voor een inkjetprinter en een printer welke is aangepast voor toepassing van deze werkwijze. Download PDF

Info

Publication number
NL1028177C2
NL1028177C2 NL1028177A NL1028177A NL1028177C2 NL 1028177 C2 NL1028177 C2 NL 1028177C2 NL 1028177 A NL1028177 A NL 1028177A NL 1028177 A NL1028177 A NL 1028177A NL 1028177 C2 NL1028177 C2 NL 1028177C2
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
ink
actuation
channel
setting
critical
Prior art date
Application number
NL1028177A
Other languages
English (en)
Inventor
Hans Reinten
Thomas Petrus Huijgen
Hubertus Marie Jozeph Boesten
Original Assignee
Oce Tech Bv
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Oce Tech Bv filed Critical Oce Tech Bv
Priority to NL1028177A priority Critical patent/NL1028177C2/nl
Priority to JP2006006986A priority patent/JP4755905B2/ja
Priority to DE602006001117T priority patent/DE602006001117D1/de
Priority to AT06100829T priority patent/ATE395190T1/de
Priority to EP06100829A priority patent/EP1688263B1/en
Priority to US11/345,401 priority patent/US7770991B2/en
Application granted granted Critical
Publication of NL1028177C2 publication Critical patent/NL1028177C2/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B41PRINTING; LINING MACHINES; TYPEWRITERS; STAMPS
    • B41JTYPEWRITERS; SELECTIVE PRINTING MECHANISMS, i.e. MECHANISMS PRINTING OTHERWISE THAN FROM A FORME; CORRECTION OF TYPOGRAPHICAL ERRORS
    • B41J2/00Typewriters or selective printing mechanisms characterised by the printing or marking process for which they are designed
    • B41J2/005Typewriters or selective printing mechanisms characterised by the printing or marking process for which they are designed characterised by bringing liquid or particles selectively into contact with a printing material
    • B41J2/01Ink jet
    • B41J2/17Ink jet characterised by ink handling
    • B41J2/19Ink jet characterised by ink handling for removing air bubbles
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B41PRINTING; LINING MACHINES; TYPEWRITERS; STAMPS
    • B41JTYPEWRITERS; SELECTIVE PRINTING MECHANISMS, i.e. MECHANISMS PRINTING OTHERWISE THAN FROM A FORME; CORRECTION OF TYPOGRAPHICAL ERRORS
    • B41J2/00Typewriters or selective printing mechanisms characterised by the printing or marking process for which they are designed
    • B41J2/005Typewriters or selective printing mechanisms characterised by the printing or marking process for which they are designed characterised by bringing liquid or particles selectively into contact with a printing material
    • B41J2/01Ink jet
    • B41J2/17Ink jet characterised by ink handling
    • B41J2/1707Conditioning of the inside of ink supply circuits, e.g. flushing during start-up or shut-down
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B41PRINTING; LINING MACHINES; TYPEWRITERS; STAMPS
    • B41JTYPEWRITERS; SELECTIVE PRINTING MECHANISMS, i.e. MECHANISMS PRINTING OTHERWISE THAN FROM A FORME; CORRECTION OF TYPOGRAPHICAL ERRORS
    • B41J2/00Typewriters or selective printing mechanisms characterised by the printing or marking process for which they are designed
    • B41J2/005Typewriters or selective printing mechanisms characterised by the printing or marking process for which they are designed characterised by bringing liquid or particles selectively into contact with a printing material
    • B41J2/01Ink jet
    • B41J2/135Nozzles
    • B41J2/14Structure thereof only for on-demand ink jet heads
    • B41J2002/14354Sensor in each pressure chamber

Landscapes

  • Particle Formation And Scattering Control In Inkjet Printers (AREA)
  • Ink Jet (AREA)
  • Ink Jet Recording Methods And Recording Media Thereof (AREA)

Description

Océ-Technologies B.V., te Venlo
Werkwijze voor een inkjetprinter en een printer welke is aangepast voor toepassing van deze werkwijze 5
De uitvinding betreft een werkwijze voor toepassing in een inkjetprinter, welk printer een in hoofdzaak gesloten inktkanaal voorzien van inkt omvat, welk kanaal in werkzame verbinding staat met een elektromechanische actuator. De uitvinding betreft tevens een inkjetprinter welke is uitgevoerd om deze werkwijze toe te passen.
10
Inkjet printers met elektromechanische actuatoren, in het bijzonder piëzo-elektrische actuatoren, zijn genoegzaam bekend uit de stand van de techniek. Bij deze printers staat elk inktkanaal (ook wel inktkamer genoemd) in werkzame verbinding met een elektromechanische actuator. Door bekrachtiging van een actuator, waardoor deze 15 vervormt, wordt een plotselinge volumeverandering van het met deze actuator overeenkomende inktkanaal bewerkstelligd. De hiermee gepaard gaande drukgolf die in het kanaal ontstaat, mits sterk genoeg, leidt tot het uitstoten van een druppel inkt uit de spuitmond (nozzle) van het kanaal. Nadat de drukgolf voldoende klein is geworden kan de overeenkomstige actuator opnieuw bekrachtigd worden voor het uitstoten van een 20 volgende inktdruppel. Door beeldmatige bekrachtiging van het kanaal (of het veelvoud aan kanalen indien de printkop meer dan één inktkanaal omvat), kan onder toepassing van de printkop een beeld worden gedrukt op een ontvangstmateriaal. Dit beeld (welk een-, twee- of drie-dimensionaal kan zijn), is aldus opgebouwd uit individuele inktdruppels.
25
Om een dergelijke printer betrouwbaar in te kunnen zetten worden actuatieinstellingen (zoals frequentie en amplitude van de bekrachtiging en bijvoorbeeld de vorm van de actuatiepulsen) zodanig gekozen dat dit leidt tot een voorspelbaar printresultaat. Het zoeken van deze actuatieinstellingen is echter tijdrovend omdat hiervoor geprinte 30 testbeelden geanalyseerd dienen te worden. Praktisch gezien is dit alleen mogelijk in een onderzoeksomgeving of in een produktieomgeving. Wetende dat de optimale instellingen van printkop tot printkop kunnen verschillen, en dat ze bovendien door het gebruik van een printkop anders worden in de tijd, wordt daarom veelal gekozen voor algemeen bruikbare instellingen die suboptimaal zijn. Deze suboptimale instellingen 35 leiden voor vrijwel alle printkoppen tot een aanvaardbaar printresultaat en blijven 1028177 2 bovendien ook bij verandering van de koppen adequaat om te kunnen worden gebruikt voor het printen van een gewenst beeld. Nadeel hiervan is dat vrijwel geen enkele printkop optimaal wordt benut, hetgeen kan leiden tot een intrinsiek lagere productiviteit, printkwaliteit en duurzaamheid van de printkop.
5
De onderhavige uitvinding heeft als doel om aan deze nadelen tegemoet te komen. Hiertoe is een werkwijze volgens conclusie 1 uitgevonden. Bij deze werkwijze wordt gebruik gemaakt van het feit dat de opgewekte drukgolf op zijn beurt leidt tot een vervorming van de actuator waardoor deze een elektrisch signaal opwekt. Uit de 10 Europese octrooiaanvrage 1 013 453 is bekend dat uit analyse van dit signaal informatie over de toestand in het kanaal tijdens het uitstoten van een inktdruppel verkregen kan worden. Aanvrager heeft erkend dat aldus ook informatie verkregen kan worden over de stabiliteit van het uitstootproces. Zo is uit onderzoek gebleken dat er actuatieinstellingen zijn, bijvoorbeeld instellingen bij een zeer hoge actuatiefrequentie, 15 waarbij het uitstootproces dermate instabiel is dat deze niet gebruikt kunnen worden om een beeld zonder printartefacten te drukken. Een dergelijke instabiliteit uit zich bijvoorbeeld doordat na enkele minuten van goed printen, ineens veel printfouten ontstaan. Ook is uit onderzoek gebleken dat er bij een inkjet printkop van het elektromechanische type voor een actuatieinstelling, in het bijzonder de frequentie en 20 amplitude van bekrachtiging alsmede de vorm van de actuatiepulsen, een regime is waarbij het uitstootproces stabiel is èn een regime waarbij dit proces instabiel is. Beide regimes zijn van elkaar gescheiden door een kritieke actuatieinstelling. De werkwijze volgens de onderhavige uitvinding voorziet er in dat bij een aantal van elkaar verschillende actuatieinstellingen het signaal dat door de actuator wordt opgewekt in 25 reactie op zijn vervorming door de drukgolf geanalyseerd wordt, op basis van welke analyse de kritieke actuatieinstelling wordt bepaald. Zo wordt er bijvoorbeeld bij een oplopende reeks voor de frequentie van bekrachtigen, bij elke testfrequentie beoordeeld of het uitstootproces stabiel of juist instabiel is. Hieruit volgt de kritieke actuatieinstelling, zonder dat hiervoor de analyse van geprinte beelden nodig is. Op deze wijze kan 30 eenvoudig bepaald worden voor welke actuatieinstellingen het printproces leidt tot een voorspelbaar printresultaat (stabiel proces) en voor welke instellingen dit resultaat onvoorspelbaar is (instabiel proces). Bovendien kan een dergelijke test voor iedere printkop afzonderlijk eenvoudig worden uitgevoerd en, indien nodig of gewenst, in de tijd worden herhaald. Aldus voorziet de uitvinding in een methode om de 35 actuatieinstellingen te bepalen waarbij het proces voor het uitstoten van inktdruppels 1028177 3 stabiel is èn de instellingen waarbij dit proces instabiel is. Deze kennis kan op velerlei manieren worden ingezet om het printproces te optimaliseren, afhankelijk van het gewenste doel. Zo zou bijvoorbeeld besloten kunnen worden om tijdelijk te printen met bovenkritische actuatieinstellingen indien dit tijdens het te printen beeld vrijwel niet zal 5 leiden tot storende printartefacten. Wil men meer zekerheid over de kwaliteit van een beeld dan zou men actuatieinstellingen kunnen gebruiken die horen bij een stabiel druppelvormingsproces. Misschien is de printsnelheid dan wat lager, maar er is meer zekerheid over een goede kwaliteit van het te printen beeld.
10 In een uitvoeringsvorm vindt de analyse zodanig plaats dat het aanwezig zijn van luchtbellen in het intkkanaal wordt bepaald. Uit onderzoek is gebleken dat het ontstaan van luchtbellen een belangrijke indicator is voor een instabiel druppelvormingsproces. Voorbij een kritieke actuatieinstelling zullen er veelal binnen enkele seconden na het begin van het uitstoten van druppels luchtbellen ontstaan in het kanaal. Deze bellen zijn 15 niet intrinsiek aanwezig in de naar het kanaal gevoerde inkt, maar ontstaan tijdens het uitstoten van de inktdruppels in het kanaal. Het ontstaan van deze luchtbellen is, zoals bekend is uit de eerder genoemde stand van de techniek, eenvoudig vast te stellen door analyse van het elektrisch signaal dat door de actuator is opgewekt in respons op de drukgolf in het kanaal. Mochten er dus bij een bepaalde actuatieinstelling binnen enkele 20 seconden storende luchtbellen ontstaan in het kanaal dan is er sprake van een instabiel druppeluitstoot proces. In een kop met een groot aantal inktkanalen wordt in dit geval veelal vastgesteld dat bij een aanzienlijk aantal kanalen, bijvoorbeeld meer dan 5%, eveneens binnen enkele seconden luchtbellen ontstaan. Dit betekent dat voor de kop als geheel, de gekozen actuatieinstelling kan leiden tot een onvoorspelbaar 25 printresultaat.
De uitvinding betreft tevens een werkwijze voor het bepalen van een actuatieinstelling voor een elektromechanische actuator van een inkjetprinter omvattend een in hoofdzaak gesloten inktkanaal voorzien van inkt, welk kanaal in werkzame verbinding 30 staat met de actuator, omvattend het bepalen van een kritieke actuatieinstelling zoals hiervoor is aangegeven, en het kiezen van een actuatieinstelling waarbij het uitstoten een stabiel proces is. Bij deze werkwijze wordt ervoor gekozen om de actuatieinstelling, in het bijzonder de frequentie en de amplitude van het bekrachtigen van de actuator alsmede de vorm van de actuatiepulsen, zodanig te kiezen dat het uitstoot proces, ook 35 wel druppelvormingsproces genoemd, een stabiel proces is. Op deze wijze wordt vrijwel 1028177 ' 4 zeker gesteld dat elke inktdruppel het resultaat is van een stabiel •?w- druppelvormingsproces waardoor printartefacten zo veel mogelijk kunnen worden vermeden. Verder maakt deze werkwijze het mogelijk om actuatieinstellingen zo te kiezen dat deze vrijwel (of geheel) gelijk zijn aan de kritieke acuatieinstellingen. Op 5 deze wijze kan een printkop tot aan zijn fysieke grenzen voor wat betreft een stabiel druppelvormingsproces worden benut. Dit heeft voordelen omdat dicht bij de kritieke actuatieinstellingen druppels veelal met een zeer hoge snelheid uit het kanaal gestoten worden. Dit is gunstig omdat de positionering van de druppels op het ontvangstmateriaal, bijvoorbeeld een vel papier, dan met grotere nauwkeurigheid kan 10 plaastvinden. De werkwiijze volgens deze uitvinding kan bij een printer die in bedrijf is af en toe worden herhaald, bijvoorbeeld op regelmatige basis of als er een service technicus voor onderhoud aanwezig is etc., zodat van tijd tot tijd kan worden vastgesteld of het gunstig is de actuatieinstellingen te veranderen. De verandering op zich zou kunnen dienen als indicator voor slijtage van de kop.
15
De uitvinding betreft tevens een inkjet printer omvattend een in hoofdzaak gesloten inktkanaal voorzien van inkt, welk kanaal in werkzame verbinding staat met een elektromechanische actuator, en een controller welke is uitgerust zodanig dat de inkjet printer onder toepassing hiervan automatisch een werkwijze zoals hiervoor is 20 aangegeven uit kan voeren. De printer volgens deze uitvinding is voorzien van een controller welke zodanig is geprogrammeerd dat de werkwijze zoals eerder is aangegeven automatisch, dat wil zeggen, zonder interventie van een operator van de printer, uitgevoerd kan worden. Het initiëren van de werkwijze kan bij deze printer wel afhankelijk worden gemaakt van aan actie van de operator, bijvoorbeeld omdat deze 25 opdracht geeft tot het uitvoeren van de werkwijze. Het moge overigens duidelijk zijn dat het programmeren van de controller via hard- en/of software kan plaastvinden. Bovendien mogen componenten van de controller gedistribueerd aanwezig zijn in (of zelfs buiten) de printer.
30 In een uitvoeringsvorm van deze printer is de controller zodanig geprogrammeerd dat de werkwijze wordt uitgevoerd op vooraf bepaalde momenten. Op deze wijze kan meer zekerheid worden verkregen over de printkwaliteit.
De uitvinding zal nu verder worden toegelicht aan de hand van onderstaande 35 voorbeelden.
1028177 ’ 5
Fig. 1 geeft schematisch een inkjet printer weer.
Fig. 2 geeft schematisch de opbouw van een inktkanaal en de hiermee overeenkomende actuator weer.
5 Fig. 3 geeft een blokschema weer van een schakeling welke geschikt is om de toestand in het intkkanaal te meten onder toepassing van de actuator als sensor.
Voorbeeld 1 beschrijft een methode om de werkwijze volgens de uitvinding toe te passen.
10
Figuur 1
In figuur 1 is een inkjet printer schematisch weergegeven. In deze uitvoeringsvorm omvat de printer een rol 1 teneinde een ontvangstmateriaal 2, bijvoorbeeld een vel 15 papier of een transparante sheet, te ondersteunen en langs de scanwagen 3 (ook wel carriage genoemd) te voeren. Dit carriage omvat een draagorgaan 5 waarop de vier printkoppen 4a, 4b, 4c en 4d zijn bevestigd. Elke printkop is voorzien van inkt met een eigen kleur, in dit geval respectievelijk cyaan (C), magenta (M), geel (Y) en zwart (K). De printkoppen worden verwarmd door middel van verwarmingsmiddelen 9, welke zijn 20 aangebracht op de achterzijde van elke printkop 4 en op het draagorgaan 5. Onder toepassing van een centrale regeleenheid 10 (controller) worden de printkoppen op een juiste temperatuur gehouden.
De rol 1 is draaibaar rond zijn as zoals door de pijl A is aangegeven. Op deze wijze kan het ontvangstmateriaal ten opzichte van het draagorgaan 5, en daarmee ook ten 25 opzichte van de printkoppen 4, worden bewogen in de subscanrichting (veelal aangeduid als X-richting). Het carriage 3 kan met geschikte aandrijfmiddelen (niet weergegeven) heen en weer bewogen worden in een richting die aangegeven is door de dubbele pijl B, parallel aan rol 1. Hiertoe wordt het draagorgaan 5 over de geleidestangen 6 en 7 bewogen. Deze richting wordt veelal de hoofdscanrichting of Y-30 richting genoemd. Op deze wijze kan het ontvangstmateriaal geheel worden afgetast (gescand) met de printkoppen 4.
In de uitvoeringsvorm zoals weergegeven in de figuur omvat elke printkop 4 een aantal inwendige inktkanalen (niet afgebeeld) die ieder zijn voorzien van hun eigen uitstroomopening (nozzle) 8. De nozzles vormen in deze uitvoeringsvorm per printkop 35 één rij die loodrecht op de as van rol 1 staat (de rij strekt zich dus uit in de 1028177 6 subscanrichting). In een praktische uitvoering van een inkjet printer zal het aantal inktkanalen per printkop vele malen groter zijn en zijn de nozzles over twee of meer rijen verdeeld. Elk inktkanaal is voorzien van een piëzo-elektrische actuator (niet afgebeeld) waarmee een drukgolf in het inktkanaal kan worden opgewekt zodat een 5 inktdruppel uit de nozzle van het betreffende kanaal wordt gestoten in de richting van het ontvangstmateriaal. De actuatoren kunnen beeldmatig worden bekrachtigd via een bijbehorende elektrische aandrijfkringloop (niet afgebeeld) onder toepassing van de centrale regeleenheid 10. Op deze wijze kan een afbeelding opgebouwd uit inktdruppels worden gevormd op ontvangstmateriaal 2.
10 Wanneer een ontvangstmateriaal wordt bedrukt met een dergelijke printer waarbij inktdruppels uit inktkanalen worden gestoten, wordt dit ontvangstmateriaal, of een deel hiervan, (denkbeeldig) opgedeeld in vaste locaties die een regelmatig veld van beeldpuntrijen en beeldpuntkolommen vormen. In een uitvoeringsvorm staan de beeldpuntrijen loodrecht op de beeldpuntkolommen. De aldus ontstane afzonderlijke 15 locaties kunnen ieder voorzien kunnen worden van een of meer inktdruppels. Het aantal locaties per lengte-eenheid in de richtingen evenwijdig aan de beeldpuntrijen en beeldpuntkolommen wordt de resolutie van het gedrukte beeld genoemd, bijvoorbeeld aangegeven als 400x600 d.p.i. (“dots per inch”). Door een rij nozzles van een printkop van de inkjet printer beeldmatig aan te sturen wanneer deze onder verplaatsing van het 20 draagorgaan 5 ten opzichte van het ontvangstmateriaal beweegt, onstaat op het ontvangstmateriaal, althans op een strook ter breedte van de lengte van de nozzle-rij, een (deel-)beeld opgebouwd uit inktdruppels.
25 Figuur 2
In figuur 2 is een inktkanaal 19 voorzien van een piëzo-elektrische actuator 16 weergegeven. Inktkanaal 19 wordt gevormd door een groef in grondplaat 15 en wordt aan de bovenzijde hoofdzakelijk begrensd door de piëzo-elektrische actuator 16. Inktkanaal 19 gaat aan het uiteinde over in een uitstroomopening 8 welke opening mede 30 gevormd wordt door een nozzle-plaat 20 waarin een uitsparing ter plaatse van het kanaal gemaakt is. Wanneer door een pulsopwekker 18 via het actuatiecircuit 17 een puls wordt aangelegd over actuator 16, buigt deze actuator in de richting van het kanaal. Hierdoor wordt de druk in het kanaal plotseling verhoogd waardoor een drukgolf wordt opgewekt in het kanaal. Indien de drukgolf sterk genoeg is wordt een inktdruppel 35 uit de uitstroomopening 8 gestoten. Na afloop van het uitstoten van de inktdruppel is 1028177 7 (een deel van) de drukgolf nog steeds aanwezig in het kanaal, welke drukgolf na verloop van tijd geheel zal uitdempen. Deze drukgolf resulteert op zijn beurt in een vervorming van de actuator 16 die hierop een elektrisch signaal genereert. Dit signaal is afhankelijk van alle parameters die het ontstaan van de drukgolf en de demping van 5 deze golf beïnvloeden. Op deze wijze, zoals bekend uit de Europese octrooiaanvrage EP 1 013 453, kan door het meten van dit signaal informatie over deze parameters, zoals de aanwezigheid van luchtbellen of andere verstoringen in het kanaal, verkregen worden. Deze informatie op zijn beurt kan gebruikt worden om het printproces te controleren en te regelen.
10
Figuur 3
Figuur 3 geeft een blokschema van de piëzo-elektrische actuator 16, het actuatiecircuit (elementen 17,25,30,16 en 18), het meetcircuit (elementen 16,30,25,24, en 26) en 15 regeleenheid 33 in een uitvoering weer. Het actuatiecircuit, voorzien van pulsopwekker 18, en het meetcircuit, voorzien van versterker 26, zijn via een gezamenlijke leiding 30 op actuator 16 aangesloten. De kringlopen worden onderbroken en gesloten door wisselschakelaar 25. Nadat door de pulsopwekker 18 een puls is aangelegd over actuator 16, wordt dit element 16 op zijn beurt vervormd door de resulterende drukgolf 20 in het inktkanaal. Deze vervorming wordt door actuator 16 in een elektrisch signaal omgezet. Na afloop van de eigenlijk actuatie wordt wisselschakelaar 25 omgezet zodat het actuatiecircuit onderbroken is en het meetcircuit gesloten. Het elektrisch signaal dat opgewekt wordt door de actuator wordt opgevangen door versterker 26 via leiding 24. In deze uitvoeringsvorm wordt de hiermee gepaard gaande spanning via leiding 31 25 gevoed aan A/D-convertor 32 welke het signaal aanbiedt aan regeleenheid 33. Hier vindt analyse van het gemeten signaal plaats. Indien nodig wordt een signaal afgegeven aan pulsopwekker 18 via D/A-convertor 34 zodat een volgende actuatiepuls aangepast wordt aan de actuele situatie in het kanaal. Regeleenheid 33 staat in verbinding met de centrale regeleenheid van de printer (niet afgebeeld in deze figuur) via leiding 35 Op 30 deze wijze kan informatie met de rest van de printer en/of de buitenwereld worden uitgewisseld.
Voorbeeld 1 35 In dit voorbeeld wordt weergegeven op welke wijze de werkwijze volgens de 1028177 8 onderhavige uitvinding kan worden toegepast bij een printer zoals beschreven onder figuur 1 (waarbij het aantal inktkanalen per kop 120 is). Hiertoe is de centrale regeleenheid 10 voorzien van een programmeerbare processor welke erin voorziet dat de printer automatisch, dus zonder interventie van een bedienaar van de printer, deze 5 werkwijze kan uifvoeren.
In dit voorbeeld wordt voor een serie bekrachtiginsfrequenties, dat wil zeggen, een oplopende reeks van frequenties waarmee de actuatoren van de verschillende inktkanalen worden bekrachtigd om inktdruppels uit te stoten, bepaald of het proces voor het vormen van de druppels stabiel is. Hierbij wordt gebruik gemaakt van het 10 gegeven dat bij de inkjet printer zoals beschreven onder figuur 1 een instabiel druppelvormingsproces tot uiting komt door het ontstaan van luchtbellen in het betreffende kanaal ten gevolge van de bekrachtiging van de actuator. Andere wijzen waarop een instabiel proces zich kan uiten zijn bijvoorbeeld een onvoorspelbare druppelsnelheid of het af en toe geheel uitblijven van een inktdruppel ondanks dat de 15 amplitude van de bekrachtiging sterk genoeg was om tot de uitstoot van een inktdruppel te leiden. Afhankelijk van het type inkjet printkop zal een instabiel proces zich op een of meer van de hiervoor beschreven wijzen, of op een andere niet nader genoemde wijze uiten.
In dit voorbeeld wordt elk van de 120 inktkanalen telkens bekrachtigd met een 20 amplitude zodanig dat elke bekrachtiging in principe leidt tot de uitstoot van een inktdruppel. De frequentie waarmee de bekrachtigingen elkaar opvolgen wordt met stappen verhoogd van 0 tot 26.000 Hz. Elke serie bekrachtigen gericht op druppeluitstoot eindigt met een bepaalde bekrachtiging welke een drukgolf opwekt in het kanaal waarvan het vervormende effect op de actuator zelf gemeten wordt (door 25 analyse van het door de actuator opgewekte elektrische signaal zoals beschreven onder de figuren 2 en 3). Hierdoor kan eenvoudig worden vastgesteld of er tijdens de serie bekrachtigingen luchtbellen in het kanaal zijn ontstaan. Deze laatste bekrachtiging van de serie mag zodanig zijn dat ook hierdoor een inktdruppel uit de nozzle wordt gestoten, maar mag ook zodanig zijn dat deze een drukgolf opwekt die niet leidt tot 30 druppeluitstoot. Bij elke frequentie wordt bepaald in welke kanalen binnen 5 seconden na het begin van de bekrachtiging luchtbellen ontstaan. In tabel 1 is weergegeven welk pecentage van de inktkanalen van deze printkop binnen 5 seconden luchtbellen ontwikkeld bij een bepaalde frequentie van bekrachtigen.
35 1028177 9
Frequentie [Hz] Kanalen met luchtbellen [%] _ _ 1000 ï 5000 Ö 10.000 Ö 14.000 ΐ 18.000 ï 22.000 ”5 26.000 4Ö 30.000 ÏÖÖ
Tabel 1. Ontwikkeling van luchtbellen in inktkanalen ten gevolge van bekrachtiging met een frequentie f.
5 Uit de tabel blijkt dat er tot en met een frequentie van 18.000 Hz nauwelijks tot geen luchtbellen ontstaan in de inktkanalen. Bij 22.000 Hz echter blijkt dat al binnen een paar seconden bij 5% van de kanalen luchtbellen ontstaan. Dit percentage loopt snel op naar 100% bij een frequentie van 30.000 Hz. In dit voorbeeld wordt bepaald dat 18.000 Hz de kritieke actuatiefrequentie is. Bij een lagere frequentie is het proces van het uitstoten 10 van een inktdruppel een stabiel proces, gezien het feit dat er niet of nauwelijks luchtbellen ontstaan ten gevolge van het bekrachtigen. Daarboven echter leidt het . bekrachtigen binnen enkele seconden tot de ontwikkeling van luchtbellen in een aanzienlijk deel van de inktkanalen. Kennelijk is het proces van uitstoten van inktdruppels bij deze hogere frequenties een instabiel proces. In een uitvoeringsvorm 15 wordt nadat de ligging van de kritieke actuatieinstelling bepaald is, de werkwijze herhaald met kleinere stappen rondom de eerder gevonden kritieke waarde. Op deze wijze kan een nauwkeurigere bepaling van de kritieke instelling worden uitgevoerd.
De hierboven beschreven werkwijze kan ook voor andere actuatieinstellingen worden 20 herhaald, al dan niet in combinatie met elkaar. Zo blijkt dat met name de amplitude van elk van de bekrachtigingspulsen een belangrijke instelling is die een kritieke waarde kent.
Indien de werkwijze is uitgevoerd voor een bepaalde inkjet printkop, bijvoorbeeld zodra 25 deze geproduceerd is, kan ervoor worden gekozen om de praktische 1028177 10 actuatieinstellingen voor deze kop te kiezen daar waar het druppeluitstoot proces nog juist stabiel is. Dit betekent dat deze kop veelal optimaal benut kan worden omdat bij de kritieke instellingen veelal de meest optimale printresultaten bereikt kunnen worden. Omdat een kop kan veranderen in de tijd, bijvoorbeeld door slijtage, maar ook omdat de 5 ligging van de kritieke actuatieinstellingen afhankelijk is van bijvoorbeeld de omgevingscondities en het type inkt dat in de kop wordt gestopt, is het voordelig om de werkwijze te herhalen. Dit kan bijvoorbeeld automatisch plaatsvinden bij het initialiseren van de printkop telkens wanneer de printer wordt opgestart. Een andere mogelijkheid is om op regelmatige tijden de werkwijze volgens de huidige uitvinding uit te voeren, of 10 wanneer bepaalde condities plotseling veranderd zijn (er is bijvoorbeeld een inkt van een nieuwe batch geladen, de printer is verplaatst naar een andere ruimte etc.).
102 81 77 1

Claims (5)

1. Werkwijze voor toepassing in een inkjetprinter omvattend een in hoofdzaak gesloten inktkanaal voorzien van inkt, welk kanaal in werkzame verbinding staat met een 5 elektromechanische actuator, de werkwijze omvattend: - het bekrachtigen van de elektromechanische actuator met een aantal actuatiepulsen volgens een vooraf bepaalde actuatieinstelling teneinde inktdruppels uit de nozzle van het kanaal te stoten, waarbij door een actuatiepuls een drukgolf wordt opgewekt 10 in het kanaal, door welke drukgolf een elektromechanische actuator wordt vervormd waardoor deze een elektrisch signaal opwekt, - het analyseren van het elektrische signaal, - het bij een aantal van elkaar verschillende actuatieinstellingen analyseren van het signaal, op basis van welke analyses een kritieke actuatieinstelling wordt bepaald, 15 aan de ene kant van welke kritieke instelling het uitstoten van een druppel een stabiel proces is en aan de andere kant van welke kritieke instelling het uitstoten van een druppel een instabiel proces is.
2. Werkwijze volgens conclusie 1, met het kenmerk dat de analyse zodanig plaatsvindt 20 dat het aanwezig zijn van luchtbellen in het intkkanaal wordt bepaald.
3. Werkwijze voor het bepalen van een actuatieinstelling voor een elektromechanische actuator van een inkjetprinter omvattend een in hoofdzaak gesloten inktkanaal voorzien van inkt, welk kanaal in werkzame verbinding staat met de actuator, omvattend het 25 bepalen van een kritieke actuatieinstelling volgens een der conclusies 1 en 2, en het kiezen van een actuatieinstelling waarbij het uitstoten een stabiel proces is.
4. Inkjet printer omvattend een in hoofdzaak gesloten inktkanaal voorzien van inkt, welk kanaal in werkzame verbinding staat met een elektromechanische actuator, en een 30 controller welke is uitgerust zodanig dat de inkjet printer onder toepassing hiervan automatisch een werkwijze volgens een der conclusies 1 tot en met 3 uit kan voeren.
5. Inkjet printer volgens conclusie 4, met het kenmerk dat de werkwijze wordt uitgevoerd op vooraf bepaalde momenten. 1028177
NL1028177A 2005-02-03 2005-02-03 Werkwijze voor een inkjetprinter en een printer welke is aangepast voor toepassing van deze werkwijze. NL1028177C2 (nl)

Priority Applications (6)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL1028177A NL1028177C2 (nl) 2005-02-03 2005-02-03 Werkwijze voor een inkjetprinter en een printer welke is aangepast voor toepassing van deze werkwijze.
JP2006006986A JP4755905B2 (ja) 2005-02-03 2006-01-16 インクジェットプリンタのための方法とこの方法を適用するために修正されたプリンタ
DE602006001117T DE602006001117D1 (de) 2005-02-03 2006-01-25 Farbstrahldruckverfahren und Drucker geeignet zum Durchführen dieses Verfahrens
AT06100829T ATE395190T1 (de) 2005-02-03 2006-01-25 Farbstrahldruckverfahren und drucker geeignet zum durchführen dieses verfahrens
EP06100829A EP1688263B1 (en) 2005-02-03 2006-01-25 Method for an inkjet printer and a printer which has been modified for this method to be applied
US11/345,401 US7770991B2 (en) 2005-02-03 2006-02-02 Method of controlling the print quality for an inkjet printer and a printer which functions to perform this method

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL1028177 2005-02-03
NL1028177A NL1028177C2 (nl) 2005-02-03 2005-02-03 Werkwijze voor een inkjetprinter en een printer welke is aangepast voor toepassing van deze werkwijze.

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL1028177C2 true NL1028177C2 (nl) 2006-08-07

Family

ID=34974966

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL1028177A NL1028177C2 (nl) 2005-02-03 2005-02-03 Werkwijze voor een inkjetprinter en een printer welke is aangepast voor toepassing van deze werkwijze.

Country Status (6)

Country Link
US (1) US7770991B2 (nl)
EP (1) EP1688263B1 (nl)
JP (1) JP4755905B2 (nl)
AT (1) ATE395190T1 (nl)
DE (1) DE602006001117D1 (nl)
NL (1) NL1028177C2 (nl)

Families Citing this family (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US8814300B2 (en) 2012-07-16 2014-08-26 Xerox Corporation System and method for sub-pixel ink drop adjustment for process direction registration

Citations (6)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US4518974A (en) * 1982-09-21 1985-05-21 Ricoh Company, Ltd. Ink jet air removal system
US4695852A (en) * 1985-10-31 1987-09-22 Ing. C. Olivetti & C., S.P.A. Ink jet print head
JPS63141750A (ja) * 1986-12-03 1988-06-14 Seiko Epson Corp インクジエツト記録ヘツドの気泡検出装置
US5072235A (en) * 1990-06-26 1991-12-10 Xerox Corporation Method and apparatus for the electronic detection of air inside a thermal inkjet printhead
US5500657A (en) * 1991-11-11 1996-03-19 Alps Electric Co., Ltd. Air-bubble detection apparatus of ink jet recording head, and method and apparatus for restoring ink jet recording head
EP1013453A2 (en) 1998-12-14 2000-06-28 Océ-Technologies B.V. Printing apparatus

Family Cites Families (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
JPS5818273A (ja) * 1981-07-27 1983-02-02 Sharp Corp インク噴射ノズル内の空気除去方法
JPS5818275A (ja) * 1981-07-28 1983-02-02 Sharp Corp インクジエツト記録装置
JPH0524194A (ja) * 1991-07-17 1993-02-02 Ricoh Co Ltd インク噴射記録装置
JP2002046264A (ja) * 2000-08-01 2002-02-12 Ricoh Co Ltd インクジェットプリンタ
CN1286645C (zh) * 2003-02-28 2006-11-29 精工爱普生株式会社 液滴喷出装置及液滴喷出头的喷出异常检测、判断方法

Patent Citations (6)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US4518974A (en) * 1982-09-21 1985-05-21 Ricoh Company, Ltd. Ink jet air removal system
US4695852A (en) * 1985-10-31 1987-09-22 Ing. C. Olivetti & C., S.P.A. Ink jet print head
JPS63141750A (ja) * 1986-12-03 1988-06-14 Seiko Epson Corp インクジエツト記録ヘツドの気泡検出装置
US5072235A (en) * 1990-06-26 1991-12-10 Xerox Corporation Method and apparatus for the electronic detection of air inside a thermal inkjet printhead
US5500657A (en) * 1991-11-11 1996-03-19 Alps Electric Co., Ltd. Air-bubble detection apparatus of ink jet recording head, and method and apparatus for restoring ink jet recording head
EP1013453A2 (en) 1998-12-14 2000-06-28 Océ-Technologies B.V. Printing apparatus

Non-Patent Citations (1)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Title
PATENT ABSTRACTS OF JAPAN vol. 012, no. 392 (M - 755) 19 October 1988 (1988-10-19) *

Also Published As

Publication number Publication date
US20060170719A1 (en) 2006-08-03
DE602006001117D1 (de) 2008-06-26
JP4755905B2 (ja) 2011-08-24
EP1688263B1 (en) 2008-05-14
US7770991B2 (en) 2010-08-10
EP1688263A1 (en) 2006-08-09
ATE395190T1 (de) 2008-05-15
JP2006213055A (ja) 2006-08-17

Similar Documents

Publication Publication Date Title
NL1021013C2 (nl) Werkwijze voor het aansturen van een inkjet printkop, inkjetprintkop geschikt voor het toepassen van deze werkwijze en inkjetprinter omvattend deze printkop.
US7540580B2 (en) Liquid ejection head and ejection abnormality determination method
JP2001322260A (ja) インクジェットによるプリント方法
JP6648126B2 (ja) インクジェットプリントヘッドノズルの動作状態を検出するための方法
EP3222422B1 (en) Method for operating an inkjet print head and an inkjet print head assembly
JP2002361863A (ja) インクジェット式記録装置
NL1021012C2 (nl) Werkwijze voor het aansturen van een inkjetprinter, inkjet printkop geschikt voor het toepassen van deze werkwijze en een ink jet printer voorzien van deze printkop.
JP2018079633A (ja) インクジェットプリンタ及び印刷方法
EP3245068A1 (en) Method for detecting an operating status of an inkjet nozzle
JP2011063024A (ja) インクプリンタの印刷品質を改善する装置および方法
NL1028177C2 (nl) Werkwijze voor een inkjetprinter en een printer welke is aangepast voor toepassing van deze werkwijze.
JP2004066468A (ja) 記録装置及び記録ヘッド
US10471710B2 (en) Method for detecting disturbance in droplet ejection of an inkjet print head
US7401896B2 (en) Liquid droplet ejection head, liquid droplet ejection apparatus and image recording method
NL1028176C2 (nl) Werkwijze voor het gereedmaken van een inktkanaal van een inkjet printkop, en een inkjet printer aangepast om deze werkwijze uit te voeren.
EP1584473B1 (en) A print method and printer suitable for the application of this method
JP2017109479A (ja) 液体を吐出する装置、調整チャート作成方法
US11633950B2 (en) Image forming apparatus, droplet discharge control method, and storage medium
JP7707598B2 (ja) 印刷装置、印刷方法、及び印刷プログラム
NL1028546C2 (nl) Piezo-inkjetprinter.
JP2024163573A (ja) インクジェットプリンタの調整方法、プログラム、及び印刷システム
JP6089611B2 (ja) インクジェット装置、制御装置および制御方法
US20070273721A1 (en) Method for obtaining an image, and an ink jet printer for performing the method
JP2024076162A (ja) 記録ヘッドの駆動力の決定方法、プログラム、測定装置および記録装置
JP2007062091A (ja) 液体吐出装置及び画像形成装置

Legal Events

Date Code Title Description
PD2B A search report has been drawn up
VD1 Lapsed due to non-payment of the annual fee

Effective date: 20090901