BE1023269B1 - Computer-geïmplementeerde werkwijze voor complex dynamisch zaakbeheer - Google Patents
Computer-geïmplementeerde werkwijze voor complex dynamisch zaakbeheer Download PDFInfo
- Publication number
- BE1023269B1 BE1023269B1 BE2016/4999A BE201604999A BE1023269B1 BE 1023269 B1 BE1023269 B1 BE 1023269B1 BE 2016/4999 A BE2016/4999 A BE 2016/4999A BE 201604999 A BE201604999 A BE 201604999A BE 1023269 B1 BE1023269 B1 BE 1023269B1
- Authority
- BE
- Belgium
- Prior art keywords
- dcm
- developer
- server
- application
- case
- Prior art date
Links
Classifications
-
- G—PHYSICS
- G06—COMPUTING OR CALCULATING; COUNTING
- G06Q—INFORMATION AND COMMUNICATION TECHNOLOGY [ICT] SPECIALLY ADAPTED FOR ADMINISTRATIVE, COMMERCIAL, FINANCIAL, MANAGERIAL OR SUPERVISORY PURPOSES; SYSTEMS OR METHODS SPECIALLY ADAPTED FOR ADMINISTRATIVE, COMMERCIAL, FINANCIAL, MANAGERIAL OR SUPERVISORY PURPOSES, NOT OTHERWISE PROVIDED FOR
- G06Q10/00—Administration; Management
- G06Q10/10—Office automation; Time management
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Business, Economics & Management (AREA)
- Strategic Management (AREA)
- Entrepreneurship & Innovation (AREA)
- Human Resources & Organizations (AREA)
- Operations Research (AREA)
- Economics (AREA)
- Marketing (AREA)
- Data Mining & Analysis (AREA)
- Quality & Reliability (AREA)
- Tourism & Hospitality (AREA)
- Physics & Mathematics (AREA)
- General Business, Economics & Management (AREA)
- General Physics & Mathematics (AREA)
- Theoretical Computer Science (AREA)
- Stored Programmes (AREA)
Abstract
De onderhavige uitvinding betreft een computer-geïmplementeerde werkwijze voor het beheren van dienstverzoeken, met behulp van een DCM systeem. Volgens een uitvoeringsvorm is elk element van het systeem in een model gegoten met behulp van een modelleertaal, zoals Case mangement Model and Notation. In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm worden de bedrijfsgegevens opgeslagen in een NoSQL archief, lokaal en/of met behulp van een cloud-gebaseerde dienst, waarbij dynamische processen worden voorzien bij het toevoegen van nieuwe gegevens. In een andere voorkeur dragende uitvoeringsvorm gebruikt het DCM toepassingsontwikkelingsplatform een op gebeurtenissen gebaseerde architectuur die gebruik maakt van een engine voor de verwerking van complexe gebeurtenissen (CEP) om gebeurtenissen te interpreteren en opdrachten te geven. In een tweede aspect biedt de onderhavige uitvinding een computer-geïmplementeerde werkwijze voor het ontwikkelen en gebruiken van DCM toepassingen in een cloud-gebaseerde dienst.
Description
COMPUTER-GEIMPLEMENTEERDE WERKWIJZE VOOR COMPLEX DYNAMISCH
ZAAKBEHEER
TECHNISCH GEBIED
De uitvinding heeft betrekking op het technische gebied van dynamisch zaakbeheer (DCM, dynamic case management), ook bekend als adaptief zaakbeheer of geavanceerd zaakbeheer (ACM, advanced case management), in het bijzonder voor eindgebruikersorganisaties die worden geconfronteerd met uitdagingen inzake zaakbeheer.
ACHTERGROND
Zaakbeheer is bedoeld voor het ondersteunen van de behoeften van kenniswerkers wanneer ze betrokken zijn in kennisintensieve doelgeoriënteerde processen. Kenniswerkers staan vaak met elkaar in wisselwerking via documenten (bijv. tekstdocumenten, word processor-documenten, spreadsheets, presentaties, correspondentie, memo's, video's, afbeeldingen, enz.). Zaakbeheer deelt de meeste van de kenmerken met kennisintensieve processen, die door kennis gedreven, op samenwerking georiënteerd, onvoorspelbaar, dringend, doelgericht, door een gebeurtenis gedreven, door verplichtingen en regels gedreven en niet herhaalbaar zijn. Daarom heeft het zin dat een platform voor het ondersteunen van kenniswerkers inhoudsbeheer en samenwerkingsfuncties biedt.
Toepassingen van zaakbeheer omvatten het verlenen van licenties en vergunningen in de overheid, verwerking van aanvragen en claims in het verzekeringswezen, patiëntzorg en medische diagnose in de gezondheidszorg, hypotheekverwerking in het bankwezen, probleemoplossing in call centers, verkoops- en uitvoeringsplanning, verwerking van factuurbetwistingen, onderhoud en herstelling van machines en uitrusting en engineering van speciale producten. Elke individuele zaak kan op een volledig ad-hoc manier worden opgelost, maar naarmate de ervaring toeneemt in het oplossen van gelijkaardige zaken in de loop, kan een reeks gemeenschappelijke praktijken en antwoorden worden gedefinieerd voor het beheren van zaken op een meer nauwgezette en herhaalbare manier. Dit wordt de praktijk van zaakbeheer, waarrond softwareproducten ontstaan zijn om zaakwerkers te helpen wiens job het is om zaken te verwerken en op te lossen.
Het onderhavige concept omvat een oplossing voor adaptief zaakbeheer (ACM), ook bekend als geavanceerd zaakbeheer of dynamisch zaakbeheer (DCM), gebaseerd op de technologie volgens de stand der techniek met betrekking tot bedrijfsprocesbeheer (BPM, business process management). De onderhavige ACM-oplossing ondersteunt kenniswerkers door hun kennisintensieve processen transparant en traceerbaar te maken. Gebruikers van het ACM moeten een perfect inzicht hebben in wie werkt op welk bestand, zodat de verwerkingstijd van elk project en de zaak in zijn geheel optimaal kan worden beheerd.
Voor hun zaakbeheer gebruiken organisaties gewoonlijk instrumenten zoals bedrijfsinhoudbeheer (ECM, enterprise content management), klantenrelatiebeheer (CRM, customer relationship management) of bedrijfsprocesbeheer (BPM, business process management). Hoewel al deze instrumenten deel kunnen uitmaken van een zaakbeheeroplossing, zijn ze onvoldoende om de complexe vereisten ervan aan te pakken. Deze instrumenten hebben ook niet één geïntegreerde zaakmap die alle beschikbare informatie bevat met betrekking tot een bepaald project of een bepaalde zaak. Verder nemen deze traditionele instrumenten ten onrechte aan dat processen altijd een volledig voorspelbaar pad volgen. Traditioneel zijn deze instrumenten ontworpen voor formele processen met een erg gestructureerde benadering, maar nu wordt meer werk gedaan op basis van uitzonderingen of wordt het gedreven door mijlpalen. Historisch gezien hadden technologieën software-ingenieurs nodig om te programmeren rond elke mogelijk gebruikerszaak, hetgeen erg duur was vanuit een ontwikkelingsperspectief.
Een ACM-systeem biedt een verzameling van architecturale oplossingen met als doel het integreren van alle informatie over een bepaald concept in één virtuele directory, evenals het ondersteunen van onvoorspelbare processen. De onderhavige uitvinding streeft ernaar te voldoen aan de belangrijkste uitdagingen inzake zaakbeheer en start rond het centrale begrip van de "zaak", een virtuele container met daarin alle informatie met betrekking tot de zaak, zoals type, taken, documenten, betrokken partijen, auditlogs, kalenders, notities en andere informatie. De zaak dient als een verzamelpunt en definieert de cruciale verbindingen tussen alle stukjes informatie. Document US20130024835 beschrijft een dynamisch zaakbeheersysteem en werkwijze bedoeld voor gebruik in de cloud (bijvoorbeeld, als een web-gebaseerde dienst) die een flexibel DCM-toepassingssamenstellingsparadigma ondersteunt dat gebruik maakt van een onderliggende toepassingsbibliotheek.
Document US20150081873 beschrijft een dynamisch op status gebaseerd zaakbeheer- en taakovergangssysteem, omvattende een DCM-systeem dat een statusmodel heeft en statussen associeert met taken met betrekking tot zaken, en een werkwijze voor het behouden en overgaan van statussen voor taken en zaken. Document US20150006235 beschrijft een werkwijze omvattende het toepassen van dataminingtechnieken om eigenschappen, documenten en werkstroomtaken te vinden uit historische taakrapporten en/of werkstroomuitvoeringsrapporten van bestaande BPM-syste(e)m(en); het vinden van patronen uit de geminede gegevens uit de BPM-rapporten en het afleiden van het geven van de opdracht voor taken voor het vormen van ten minste een deel van een nieuw proces; en het omzetten van een BPM-syste(e)m(en) in een zaakbeheersysteem door het analyseren van de taak en/of werkstroomdefinitiebestand en BPM-rapporten. Volgens sommige uitvoeringsvormen wordt dit BPM-systeem gedefinieerd in Business Process Modeling Notation (BPMN). Document US 8.769.412 beschrijft een werkwijze en apparaat dat technieken biedt voor het bieden van volledige oplossingen voor op rollen gebaseerde, door regels gedreven toegangshandhaving. Een uitvoeringsvorm heeft betrekking op gemengde risicobeoordeling en beveiliging over logische systemen, IT-toepassingen, gegevensbanken en fysische systemen van een enkel analytisch dashboard, met zelf-oplossende capaciteiten. Verder biedt een uitvoeringsvorm de capaciteit en functionaliteit voor het bieden van visuele risico- en eventmonitoring, waarschuwingen, mitigatie en analyse getoond op een georuimtelijke kaart. In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm wordt een Analyse- en Correlatieengine voorzien binnen een waarschuwingsbedrijfssysteem, dat verwerking van complexe gebeurtenissen (CEP, complex event processing) toelaat op een ruimtelijk en tijdelijk fenomeen.
Er blijft echt nood in de stand der techniek aan een verbeterd geavanceerd zaakbeheersysteem met betere diensten, inzichten en doeltreffendheid, evenals het toelaten van het handhaven van complexe bedrijfsregels. Er bestaat een voortdurende nood aan modelactiviteiten die niet zo vooraf gedefinieerd en herhaalbaar zijn, maar in de plaats daarvan afhankelijk zijn van omstandigheden die zich voordoen en ad-hoc beslissingen door kenniswerkers met betrekking tot een bepaalde situatie, d.w.z. een zaak.
De onderhavige uitvinding heeft als doel het oplossen van ten minste sommige van de bovengenoemde problemen. Verder heeft de uitvinding als doel het bieden van een sneller gebruik, een open en schaalbaar platform, een grotere flexibiliteit in types en hoeveelheden van gegevens, een op gebeurtenissen gebaseerde architectuur en het gebruik van de best beschikbare technieken om zaken en taken te modelleren.
SAMENVATTING VAN DE UITVINDING
In een eerste aspect biedt de onderhavige uitvinding een computer-geïmplementeerde werkwijze voor het beheren van dienstverzoeken, met behulp van een DCM-systeem omvattende een configuratieserver, een DCM-toepassingsontwikkelingsplatform, een DCM-modelopslagplaats en een gedeeld runtimeplatform. Het DCM-toepassingsontwikkelingsplatform omvat verder een bedrijfsobjectbouwer, een voorstellingsontwikkelaar, een regelontwikkelaar, een rapportontwikkelaar, een dashboardontwikkelaar en een bedrijfsprocesontwikkelaar. Het gedeelde runtimeplatform omvat verder een bedrijfsgegevensserver, een regel processor, een inhoudsbeheerserver, een desktopweergever, een rapportserver, een dashboardserver, een auditserver, een waarschuwingsserver en een runtimebeveiligingsserver. Het runtime platform is aangepast om te werken als een gedeeld of rechtstreekse gedeeld toepassingsgebruiksmodel. Volgens de uitvinding is elk van de genoemde zaken gegoten in een model met behulp van een modelleertaal, bij voorkeur Case Management Model and Notation (CMMN). In een bijzonder voorkeur dragende uitvoeringsvorm worden de genoemde bedrijfsgegevens opgeslagen in een NoSQL-archief, lokaal (ter plaatse) en/of met behulp van een cloud-gebaseerde dienst, waarbij de genoemde gegevens verwijzen naar elkaar en geschikte dynamische processen worden voorzien bij het toevoegen van nieuwe gegevens. In een andere voorkeur dragende uitvoeringsvorm gebruikt het DCM-toepassingsontwikkelingsplatform een op gebeurtenissen gebaseerde architectuur die is gebaseerd op een complexe gebeurtenissenverwerking (CEP, complex event processing) -engine om gebeurtenissen te interpreteren en opdrachten te geven.
In een tweede aspect biedt de onderhavige uitvinding een computer-geïmplementeerde werkwijze voor het ontwikkelen en gebruiken van DCM-toepassingen in een cloud-gebaseerde dienst, waarbij de genoemde werkwijze de volgende stappen omvat: a) het creëren van een nieuwe DCM-toepassing binnen een ontwikkelingsportaal, of optioneel het laden van een vooraf gebouwde toepassing uit een DCM-toepassingsbibliotheek die toegankelijk is via het genoemde ontwikkelingsportaal; b) verder het ontwikkelen van de genoemde DCM-toepassing binnen het genoemde ontwikkelingsportaal met behulp van ten minste één van een bedrijfsobjectontwikkelaar, een voorstel lingsontwikkelaar, een regelontwikkelaar, een rapportontwikkelaar, een dashboardontwikkelaar en een bedrijfsprocesontwikkelaar; het genereren van een unieke DCM-toepassingsrevisie voor de genoemde DCM-toepassing die is ontwikkeld in stap (b); en het gebruiken van de genoemde toepassing in een DCM-runtimeplatform, waarbij het genoemde platform ten minste één omvat van een bedrijfsgegevensserver, een regelprocessor, een inhoudsbeheerserver, een desktopweergever, een rapportserver, een dashboardserver, een auditserver en een runtimebeveiligingsserver.
BESCHRIJVING VAN DE FIGUREN
Figuur 1 is een blokschema van componenten volgens een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding.
GEDETAILLEERDE BESCHRIJVING VAN DE UITVINDING
Tenzij anders gedefinieerd hebben alle termen die zijn gebruikt in de beschrijving van de uitvinding, inclusief technische en wetenschappelijke termen, de betekenis die algemeen wordt begrepen door een vakman in het gebied waarop deze uitvinding betrekking heeft. Verder zijn de definities van de termen opgenomen om de beschrijving van de onderhavige uitvinding beter te begrijpen.
De term "bedrijfsproces", zoals hier gebruikt, verwijst naar een specifieke gebeurtenis in een keten van gestructureerde bedrijfsactiviteiten. De gebeurtenis verandert de status van gegevens en/of een product gewoonlijk en genereert een bepaald type output. Voorbeelden van bedrijfsprocessen zijn onder andere het ontvangen van bestellingen, facturatie, het verzenden van producten, het bijwerken van werknemersinformatie of het instellen van een marketingbudget. Bedrijfsprocessen vinden op alle niveaus van de activiteiten van een organisatie plaats en omvatten gebeurtenissen die een klant ziet en gebeurtenissen die onzichtbaar zijn voor een klant. De term verwijst ook naar het amalgama van alle afzonderlijke stappen naar het uiteindelijke bedrijfsdoel.
De term "bedrijfsintelligentie (BI)" verwijst naar een reeks theorieën, methodologieën, processen, architecturen en technologieën die ruwe gegevens transformeren in betekenisvolle en nuttige informatie voor bedrijfsdoeleinden. BI kan grote hoeveelheden informatie verwerken om te helpen nieuwe opportuniteiten te identificeren en te ontwikkelen. Gebruik maken van nieuwe technologieën en een doeltreffende strategie implementeren kan een competitief marktvoordeel en langdurige stabiliteit bieden. BI-technologieën bieden historische, huidige en voorspellende zichten van bedrijfsbewerkingen. Gebruikelijke functies van technologieën inzake bedrijfsintelligentie omvatten: (i) rapporteren; (ii) online analytische verwerking; (iii) analytiek; (iv) dataminig; (vi) procesmining; (vi) verwerking van complexe gebeurtenissen; (vii) bedrijfsprestatiebeheer; (viii) benchmarking; (ix) tekstmining; (x) voorspellende analytiek; en (xi) prescriptieve analytiek.
De term "inhoudsbeheersysteem (CMS, content management system)", ook een webbeheersysteem genoemd, is software of een groep of suite van toepassingen en instrumenten die aan een organisatie toelaten naadloos elektronische tekst te creëren, te bewerken, te herzien en te publiceren. Veel inhoudsbeheersystemen bieden een webgebaseerde GUI, die aan publiceerders toelaat online toegang te hebben tot het CMS met behulp van enkel een webbrowser. Content Management Interoperability Services (CMIS) is een open standaard die aan verschillende inhoudsbeheersystemen toelaat onderling te werken over het Internet. CMIS definieert specifiek een abstractielaag voor het controleren van diverse documentbeheersystemen en archieven met behulp van web protocollen. Cloud computing is een model voor het toelaten van alomvertegenwoordigd netwerktoegang tot een gedeelde groep van configureerbare computerbronnen. Cloud computing en opslagoplossingen bieden gebruikers en bedrijven verschillende capaciteiten om hun gegevens in derde-partij datacentra op te slaan en te verwerken. Het is gebaseerd op het delen van bronnen voor het verkrijgen van coherentie en schaaleconomieën, gelijkaardig aan een nutsvoorziening (zoals het elektriciteitsnet) over een netwerk. Aan de basis van cloud computing ligt het bredere concept van geconvergeerde infrastructuur en gedeelde diensten. Cloud computing, vaak "de cloud" genoemd, focust ook op het maximaliseren van de doeltreffendheid van de gedeelde bronnen. Cloud bronnen worden gewoonlijk niet enkel gedeeld door meerdere gebruikers, maar worden ook dynamisch opnieuw toegewezen op verzoek. Dit kan werken voor het toewijzen van bronnen aan gebruikers. Een cloud computer-faciliteit die Europese gebruikers bedient tijdens de Europese werkuren met een specifieke toepassing (bijv. e-mail) kan dezelfde bronnen bijvoorbeeld opnieuw toewijzen om Noord-Amerikaanse gebruikers te bedienen tijdens de Noord-Amerikaanse werkuren met een verschillende toepassing (bijv. een Webserver). Deze benadering helpt het gebruik van computervermogen te maximaliseren terwijl de totaalkost van de bronnen wordt gereduceerd door minder stroom, airconditioning, rekruimte, enz. te gebruiken om het systeem te onderhouden. Met cloud computing kunnen meerdere gebruikers toegang hebben tot een enkele server om hun gegevens op te halen en bij te werken zonder licenties voor verschillende toepassingen aan te kopen.
De Structured Query Language (SQL) is en speciale programmeertaal ontworpen voor het beheren van gegevens die worden bewaard in een relationeel databasbeheersysteem, of voor streamverwerking in een relationeel datastreambeheersysteem. De term "NoSQL", oorspronkelijk "non SQL" genoemd, verwijst naar een databasemechanisme voor het opslaan en ophalen van gegevens die zijn gemodelleerd in andere middelen dan de tabulaire relaties die worden gebruikt in traditionele relationele databases. Motivaties voor deze benadering zijn onder andere eenvoud van ontwerp; eenvoudigere "horizontale" schaling tot clusters van machines, hetgeen een probleem is voor relationele databases, en een fijnere controle over de beschikbaarheid. De gegevensstructuren gebruikt door NoSQL-databases (bijv. kernwaarde, grafiek of document) verschillen licht van deze die standaard worden gebruikt in relationele databases, waardoor bepaalde bewerkingen sneller zijn in NoSQL en andere sneller in relationele databases. De bijzondere geschiktheid van een bepaalde NoSQL-database is afhankelijk van het probleem dat het moet oplossen. Soms worden de gegevensstructuren die worden gebruikt door NoSQL-databases ook gezien als flexibeler dan tabellen in relationele databases. NoSQL-databases worden steeds vaker gebruikt in grote gegevens- en real-time webtoepassingen. NoSQL-systemen worden soms ook "Niet enkel SQL" genoemd om te benadrukken dat ze SQL-achtige querytalen kunnen ondersteunen.
De term "archief" verwijst in het algemeen naar een centrale plaats waar gegevens worden opgeslagen en bewaard, zoals een database.
De term "gebeurtenisverwerking" zoals hier gebruikt, verwijst naar een methode voor het opvolgen en analyseren (verwerken) van stromen van informatie (gegevens) over zaken die gebeuren (gebeurtenissen), en het afleiden van een conclusie daaruit. Verwerking van complexe gebeurtenissen of CEP (complex event processing) is gebeurtenisverwerking die gegevens van meerdere bronnen combineert om gebeurtenissen of patronen af te leiden die ingewikkeldere omstandigheden suggereren. Het doel van de verwerking van complexe gebeurtenissen is het identificeren van betekenisvolle gebeurtenissen (zoals opportuniteiten of bedreigingen) en het zo snel mogelijk reageren daarop. Deze gebeurtenissen kunnen plaatsvinden over de verschillende lagen van een organisatie zoals sales leads, bestellingen of oproepen van de klantendienst. Ze kunnen ook nieuwe items, tekstberichten, posts op sociale media, stock market feeds, verkeersrapporten, wee rs rap porten, of andere soorten gegevens zijn. Een gebeurtenis kan ook worden gedefinieerd als een "verandering van status" wanneer een meting een vooraf bepaalde tijds-, temperatuurdrempel of andere waarde overschrijdt. Analisten suggereren dat CEP organisaties een nieuwe manier zal geven om patronen in real-time te analyseren en de bedrijfszijde zal helpen beter te communiceren met IT- en dienstafdelingen. De grote hoeveelheid informatie die beschikbaar is over gebeurtenissen wordt soms de event cloud genoemd.
Multi-tenancy is een architectuur waarbij een enkele instantie van een softwaretoepassing meerdere klanten bedient. Elke klant wordt een tenant genoemd. Tenants kunnen de mogelijkheid krijgen bepaalde delen van de toepassing aan te passen, zoals de kleur van de gebruikersinterface (UI, user interface) of bedrijfsregels, maar ze kunnen de code van de toepassing niet aanpassen. Multi-tenancy kan voordelig zijn omdat de softwareontwikkelings- en onderhoudskosten gedeeld worden. Het kan geplaatst worden tegenover single-tenancy, een architectuur waarbij elke klant zijn eigen software-instantie heeft en toegang kan krijgen om deze te coderen. Met een multi-tenancy architectuur moet de provider slechts eenmaal updates maken. Met een single-tenancy architectuur moet de provider verschillende instanties van de software bewerken om de updates te maken. In cloud computing is de betekenis van multi-tenancy architectuur verruimd omwille van nieuwe dienstmodellen die voordeel halen uit virtualisatie en toegang op afstand. Een software-as-a-service (SaaS) provider kan bijvoorbeeld één instantie van de toepassing ervan draaien op één instantie van een database en webtoegang bieden aan meerdere klanten. In een dergelijk scenario zijn de gegevens van elke tenant geïsoleerd en blijven ze onzichtbaar voor andere tenants.
Een application programming interface (API) is een reeks routines, protocollen en instrumenten voor het ontwikkelen van softwaretoepassingen. Een API drukt een softwarecomponent uit in termen van de bewerkingen, ingangen, uitgangen en onderliggende types ervan. Een API definieert functionaliteiten die onafhankelijk zijn van de respectievelijke implementaties ervan, hetgeen toelaat definities en implementaties te variëren zonder de interface in gevaar te brengen. Een goede API maakt het gemakkelijker een programma te ontwikkelen door alle bouwstenen te bieden, die samengebracht moeten worden door een programmeur.
Extensible Markup Language (XML) is een markuptaal die een reeks regels definieert voor het coderen van documenten in een formaat dat zowel door de mens als door machines kan worden gelezen. De ontwerpdoelstellingen van XML benadrukken eenvoud, algemeenheid en bruikbaarheid over het Internet. Het is een tekstueel gegevensformaat met sterke ondersteuning via Unicode voor verschillende menselijke talen. Hoewel het ontwerp van XML focust op documenten, wordt het algemeen gebruikt voor de voorstelling van willekeurige gegevensstructuren zoals deze die worden gebruikt in webdiensten. Er bestaan verschillende Schemasystemen om te helpen bij de definitie van XML-gebaseerde talen, terwijl veel application programming interfaces (API's) zijn ontwikkeld om te helpen bij de verwerking van XML-gegevens.
In een eerste aspect biedt de uitvinding een computer-geïmplementeerde werkwijze voor het beheren van dienstverzoeken, met behulp van een DCM-systeem omvattende: a) een configuratieserver; b) een DCM-toepassingsontwikkelingsplatform, omvattende: een bedrijfsobjectontwikkelaar; een voorstellingsontwikkelaar; een regelontwikkelaar; een rapportontwikkelaar; een dashboardontwikkelaar; en een bedrijfsprocesontwikkelaar; c) een DCM-modelopslagplaats; en d) een gedeeld runtimeplatform, omvattende: - een bedrijfsdataserver; - een regelprocessor; een inhoudsbeheerserver; een desktopweergever; een rapportserver; een desktopserver; een auditserver; een waarschuwingsserver; een runtime beveiligingsserver; waarbij het runtime platform is aangepast om te werken als een gedeeld of rechtstreekse gedeeld toepassingsgebruiksmodel; met het kenmerk dat, elk van de genoemde zaken is gegoten in een model met behulp van een modelleertaal.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding omvat de genoemde modelleertaal Case Management Model and Notation (CMMN).
De CMMN-standaard van de Object Management Group (OMG) is een doeltreffende manier om zaken te modelleren. Het wordt snel de standaard voor een ad-hoc benadering van semigestructureerde en dynamische processen, waarmee organisaties steeds vaker worden geconfronteerd. De CMMN-specificatie definieert een gemeenschap metamodel en notatie voor modeling en grafische expressie van een zaak, evenals een onderling verwisselbaar formaat voor het uitwisselen van zaakmodellen onder verschillende instrumenten. De specificatie is bedoeld voor het vastleggen van de gemeenschappelijke elementen die zaakbeheerproducten gebruiken, terwijl ook rekening wordt gehouden met huidige onderzoeksbijdragen inzake zaakbeheer.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding zijn de genoemde zaken gemodelleerd aan de zijde van de klant.
In een bijzonder voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding zijn de genoemde zaken gemodelleerd met behulp van een plug-in, bij voorkeur in een Microsoft VisioModeler-omgeving, of in een webgebaseerde omgeving.
In de VisioModeler plug-in zijn alle CMMN-vormen (diagrammen) bijvoorbeeld beschikbaar voor gebruik. Met deze elementen kan een zaak ontworpen worden. De gebruiker kan een zaak specificeren, de fases die een zaak bevat, individuele taken, subzaken, processen, documenten, enz. Ook kunnen extra specificaties worden ingesteld per element. Voor taken kan de gebruiker bijvoorbeeld specificeren welke gegevens beschikbaar moeten zijn en moeten worden ingegeven, of er al dan niet taken vereist zijn, hoe vaak ze kunnen worden uitgevoerd enzovoort. Anders dan het gedrag van de zaak kan het gegevensmodel ook worden geconfigureerd met behulp van deze plug-in. Met dit instrument kan een volledig gegevensmodel worden gecreëerd. Entiteiten, relaties, enz. kunnen op een grafische manier worden aangemaakt en rechtstreeks worden gebruikt in het zaaksjabloon. Bij voltooiing kan een gemodelleerde zaak worden geëxporteerd of gepubliceerd. Bij het publiceren wordt een XML-bestand gebaseerd op de CMMN-standaard aangemaakt bevattende het zaakmodel, en wordt een XSD-model aangemaakt bevattende het gegevensmodel. Deze bestanden worden gebruikt voor het configureren van de toepassingskern van de onderhavige uitvinding.
Een zaakmodellerende omgeving biedt een zaakanalist een krachtig instrument dat CMMN en bepaalde noodzakelijke extensies gebruikt voor het ontwerpen van een volledige zaakgedreven toepassing zonder enige codering te vereisen. Wanneer een zaakmodel goed is gemaakt, kunnen de kosten en doeltreffendheid van het gerelateerde bedrijfsproces worden geoptimaliseerd. Er kunnen grote problemen zijn met betrekking tot de opvolging van informatie en gedrag met betrekking tot een zaak. Een goed zaakmodel zal bijvoorbeeld doeltreffend een productinnovatieproces voorstellen en kan bijdragen tot samenwerking op de genoemde zaak. Met behulp van CMMN wordt een zaak bij voorkeur gegoten in een model en omgezet in een toepassing zonder dat codering noodzakelijk is, bijv. Java- en/of database-interfaces. Dit is een herhalend proces dat de ontwikkeling van toepassingen vergemakkelijkt, die dan kunnen worden geanalyseerd door een zaakbeheerder of andere zaakwerkers. Dergelijke toepassingen moeten ook worden gevalideerd door dergelijke eindgebruikers.
Webgebaseerde modeling laat bij voorkeur verder gebruiksgemak toe in vergelijking met plug-ins, waarbij deze laatste moet worden geïnstalleerd aan de zijde van de klant op een gebruikersindividuele basis.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding worden de genoemde bedrijfsgegevens opgeslagen in een NoSQL-archief, lokaal (ter plaatse) en/of met behulp van een cloud-gebaseerde dienst, waarbij de genoemde gegevens verwijzen naar elkaar en geschikte dynamische processen worden voorzien bij het toevoegen van nieuwe gegevens.
Een traditionele relationele database is erg stijf en moet worden gestructureerd met een vast gegevensmodel. Een NoSQL-archief of -database laat een flexibel gegevensmodel toe dat kan veranderen in de loop van de tijd zonder dat het opnieuw moet worden geconfigureerd. Relationele databases waren ook niet ontworpen om efficiënt te draaien op clusters. Als er veel gegevens betrokken zijn, worden er daarom NoSQL-databases gebruikt omdat ze veel beter schalen.
Het genoemde NoSQL-archief omvat bij voorkeur MongoDB, dat een crossplatform en documentgeoriënteerde open-bron NoSQL-documentdatabase is dat een JSON-achtig schema (BSON genoemd) gebruikt in plaats van traditionele op tabellen gebaseerde relationele gegevens. Dit maakt de integratie van gegevens gemakkelijker en sneller. JSON of JavaScript Object Notation is een lichtgewicht formaat voor onderlinge uitwisseling van gegevens dat gemakkelijk is voor mensen om te lezen en te schrijven en gemakkelijk voor machines om te parsen en te genereren.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding gebruikt het genoemde DCM-toepassingsontwikkelingsplatform een op gebeurtenissen gebaseerde architectuur die is gebaseerd op een verwerking van complexe gebeurtenissen (CEP, complex event processing) -engine om gebeurtenissen te interpreteren en opdrachten te geven.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding is de genoemde CEP-engine automatisch geconfigureerd wanneer de zaak gemodelleerd is en wordt al het zaakgedrag (bijv. wanneer een bepaalde activiteit moet worden uitgevoerd, wanneer een fase voltooid is en wanneer een subzaak moet worden gestart) opgeslagen als bedrijfsregels binnen dit systeem.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding luistert de genoemde CEP-engine voor al de acties en gebeurtenissen van een gebruiker die afkomstig zijn in externe systemen of machines, en bouwt het een context voor elke zaak.
Op deze manier treedt de genoemde CEP-engine op als een contextmakelaar. Deze contextuele informatie, samen met de bedrijfsregels die zijn geconfigureerd op zaakontwerp, kunnen worden gebruikt voor het begeleiden van de genoemde gebruiker door een levenscyclus van een zaak, bijv. door de volgende beste actie voor te stellen of een nieuwe subzaak te creëren. Gebruikers (zaakwerkers) kunnen altijd hun eigen pad door een zaak kiezen, maar het CEP-systeem zal hen daarbij begeleiden. Voor deze verwerking van gebeurtenispatronen maakt de onderhavige uitvinding bij voorkeur gebruik van de de Espertech CEP Engine.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding biedt de genoemde rapportontwikkelaar standaard rapporteringsopties (bijv. het gebruik van vaste templates) en/of meer geavanceerde rapporteringsopties die kunnen worden aangepast door gebruikers.
Naast de verschillende standaard rapporten moet elke zaak haar eigen aangepaste rapporten kunnen hebben. Aangezien elk zaakontwerp een erg verschillend contexten gegevensmodel heeft, is er nood aan een flexibel rapporteringsframework. Deze component laat toe rapporten aan te maken met behulp van het gegevensmodel dat is gedefinieerd in de zaakontwerper. Deze component wordt geïmplementeerd met behulp van het Business Intelligence and Reporting Tools (BIRT)-Project. Het BIRT-Project is een open-bron software project dat rapporterings- en bedrijfsintelligentiefuncties biedt voor rich cliënt- en webtoepassingen, in het bijzonder deze gebaseerd op Java en Java EE. Het laat grafisch ontwerp toe van rapporten met behulp van gegevensreeksen die zijn gedefinieerd in het interne NoSQL-archief van de onderhavige uitvinding, evenals gegevens van externe systemen. Deze component laat gebruikers toe hun eigen rapporten aan te maken om een beter overzicht te krijgen over zijn zaken.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding omvat de genoemde dashboardontwikkelaar verder een bibliotheek van DCM-toepassingen, waarbij de genoemde bibliotheek gebruikers van het genoemde ontwikkelingsplatform toelaat een vooraf gebouwde DCM-toepassing op te halen uit de genoemde bibliotheek voor gebruik of aanpassing door de genoemde gebruikers.
De dashboardontwikkelaar biedt meerdere apps (ook gekend als widgets, gadgets, enz.) voor gebruikers om hun dashboard zoals gewenst te gebruiken en te configureren, en de genoemde dashboardserver host de genoemde apps en de configuratiegegevens ervan.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm maakt de genoemde bibliotheek aan een of meerdere gebruikers meerdere DCM-toepassingen beschikbaar van derde-partij toepassingsontwikkelaars.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding laat het genoemde ontwikkelingsplatform de ontwikkeling toe van, en laat het runtimeplatform de uitvoering toe van, geketende of multi-tiered toepassingen, omvattende toepassingen van ten minste twee afzonderlijke bedrijfsentiteiten.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding dwingt het genoemde runtimeplatform een gedeeld, op rollen gebaseerde beveiligingsmodel af dat voor elk van de tenants werkt.
Om veiligheidsmaatregelen kan bijvoorbeeld Apache Shiro worden gebruikt, dat een krachtig en gebruiksvriendelijk Java-beveiligingsframework is dat authenticatie, toelating, cryptografie en sessiebeheer uitvoert. Het is ontworpen om een intuïtief en gebruiksvriendelijk framework te zijn terwijl het nog steeds robuuste beveiligingsfuncties biedt. Bovendien worden configureerbare authenticatieproviders geïmplementeerd, met behulp van technologieën zoals:
Lightweight Directory Access Protocol (LDAP), dat een open, verkopersneutraal, industrie standaard toepassingsprotocol is voor het openen en bewaren van verdeelde directory-informatiediensten over een Internet Protocol-netwerk);
Active Directory (AD), waarbij een AD domeincontroller alle gebruikers en computers in een Windows-domeintype netwerk authenticeert en toelaat alle gebruikers en computers in een netwerk van het type Windows-domein — toewijzen en afdwingen van beveiligingsbeleid voor alle computers en installeren of bijwerken van software);
Kerberos, een computernetwerkauthenticatieprotocol dat werkt op basis van 'tickets' om aan knooppunten toe te laten te communiceren over een niet-veilig netwerk om op een veilige manier hun identiteit te bewijzen aan elkaar. Voor clienttoegang tot databases wordt bij voorkeur JDBC (Java database Connectivity technology) gebruikt. Dit is een toepassingsprogrammeringsinterface voor de Java-programmeringstaal die definieert hoe de cliënt toegang kan hebben tot een database. CAS (Central Authentication Service) SSO (Single Sign-On) integratie, bijv. Active Directory (AD), LDAP en Kerberos, wordt daarenboven niet ondersteund in de onderhavige uitvinding.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding wordt real-time fraudepreventie geboden, bijv. in gevallen waar meerdere partijen samenwerken. Daartoe biedt de onderhavige uitvinding een complexe toelatingsprocedure met behulp van verschillende (flexibele) gebruikersrollen. Dit aspect leidt verder tot een rechtstreekse en persoonlijke communicatie tussen gebruikers en andere partijen, bijv. klanten.
Het algemene gebruik van het genoemde DCM-systeem kan ter plaatse gebeuren, bijv. met behulp van een lichtgewicht toepassingsserver, of via een cloud-gebaseerde dienst.
In een tweede aspect biedt de uitvinding daarom een computer-geïmplementeerde werkwijze voor het ontwikkelen en gebruiken van DCM-toepassingen in een cloud-gebaseerde dienst, waarbij de genoemde werkwijze de volgende stappen omvat: a) het creëren van een nieuwe DCM-toepassing binnen een ontwikkelingsportaal, of optioneel het laden van een vooraf gebouwde toepassing uit een DCM-toepassingsbibliotheek die toegankelijk is via het genoemde ontwikkelingsportaal; b) verder het ontwikkelen van de genoemde DCM-toepassing binnen het genoemde ontwikkelingsportaal met behulp van ten minste één van een bedrijfsobjectontwikkelaar, een voorstellingsontwikkelaar, een regelontwikkelaar, een rapportontwikkelaar, een dashboardontwikkelaar en een bedrijfsprocesontwikkelaar; c) het genereren van een unieke DCM-toepassingsrevisie voor de genoemde DCM-toepassing die is ontwikkeld in stap (b); en d) het gebruiken van de genoemde toepassing in een DCM-runtimeplatform, waarbij het genoemde platform ten minste één omvat van een bedrijfsgegevensserver, een regel processor, een inhoudsbeheerserver, een desktopweergever, een rapportserver, een dashboardserver, een auditserver en een runtimebeveiligingsserver; waarbij elk van de genoemde zaken gegoten is in een model met behulp van een modelleertaal, bij voorkeur Case Management Model and Notation (CMMN).
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm van de uitvinding omvat de genoemde computer-geïmplementeerde werkwijze voor het ontwikkelen en implementeren van DCM-toepassing in een cloud-gebaseerde dienst verder enige van de volgende stappen: het laden van een kopie van de genoemde gebruikte DCM-toepassing in een runtime-omgeving van de tenant; het genereren van een formulier of een zicht om de genoemde dynamische zaken van gemodelleerde gegevens te verwerken.
Het gebruik van een cloudbenadering, in het bijzonder een Platform as a Service (PaaS) -benadering, laat mensen toe te werken waar en hoe ze willen. De cloudinfrastructuur die in verschillende uitvoeringsvormen van de onderhavige uitvinding is gebruikt, kan privé, publiek, hybride (d.w.z. gedeeltelijk ter plaatse, gedeeltelijk in de cloud) zijn of meer geavanceerde cloud-gebaseerde oplossingen gebruiken. Dit biedt gebruikers bij voorkeur een desktop cliënt evenals een mobiele apparaat-client, bijv. voor smartphones en tablets. Dit laat aan werknemers toe samen te werken ongeacht hun locatie, terwijl andere zaakwerkers of -beheerders kunnen opvolgen waaraan ze werken, evenals hoe en wanneer. Een cloudbenadering laat ook toe de toepassing snel te gebruiken, aangezien er geen software moet worden geïnstalleerd op een gebruikersindividuele basis.
In een voorkeur dragende uitvoeringsvorm zijn de computer-geïmplementeerde werkwijzen volgens de onderhavige uitvinding ingebed in een infrastructuur die consistente monitoring toelaat, logbestanden van de verschillende types uitgevoerde activiteiten maakt, en een goede back-up van alle gegevens maakt.
De uitvinding zal verder beschreven worden door de volgende niet-limitatieve voorbeelden die de uitvinding verder illustreren, en die niet zijn bedoeld, en niet mogen worden geïnterpreteerd als zijn een beperking van het bereik van de uitvinding.
Er wordt verondersteld dat de onderhavige uitvinding niet beperkt is tot enige uitvoeringsvorm die hierboven is beschreven en dat bepaalde wijzigingen kunnen worden toegevoegd aan het onderhavige voorbeeld zonder af te wijken van de bijgevoegde conclusies.
VOORBEELD
Als een authentiek DCM-platform biedt een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding het volgende doorheen alle fases van de levenscyclus van het zaakbeheer: Ontdekking van de zaak: alle zaaktypes, zaken, subzaken en gerelateerde zaken worden in deze fase gedefinieerd.
Analyse van de zaak: zaakstatussen en de toegevoegde waarde ervan worden in deze fase beschreven, en alle activiteiten die tot de zaak behoren, worden geïnventariseerd.
Ontwerp van de zaak: In deze fase worden alle gerelateerde informatie (zoals gegevens, documenten, templates en richtlijnen), zaakstatusovergangen en procesfragmenten gemodelleerd. De zaakmodelleringsomgeving (bijv. beschikbaar in een Visio plug-in of een webversie) geeft de zaakanalist een krachtig instrument dat Case Management Model and Notation (CMMN) gebruikt en bepaalde noodzakelijke extensies om een volledige zaakgedreven toepassing te ontwerpen zonder enige codering te vereisen.
Implementatie van de zaak: in deze fase wordt het volledige ontwerp van de zaak gepubliceerd op het DCM-platform. De onderhavige uitvinding biedt ook noodzakelijk diensten om nieuwe zaakoplossingen te ontwikkelen binnen hetzelfde platform; het levert wat een "case management platform as a service" (PaaS, zaakbeheerplatform als een dienst) zou kunnen worden genoemd. Monitoring en controle van de zaak: in deze fase worden alle zaakgerelateerde activiteiten en gebeurtenissen gemonitord, en deze informatie wordt gebruikt om rapporten aan te maken. Het introduceert ook gevalsmining om knelpunten en afwijkingen te identificeren.
Fig. 1 dient als een verder voorbeeld en toont een blokschema van componenten volgens een uitvoeringsvorm van de onderhavige uitvinding 100. Het systeem bestaat uit verschillende onafhankelijke modules, die elk kunnen worden uitgeschakeld en vervangen door een andere component. De volgende elementen worden gedefinieerd: zaakontwerp 110, zaakbeheer 120, toepassingskern 130, verwerking van complexe gebeurtenissen (CEP, complex event processing) -component 140, bedrijfszoekcomponent 150 en rapporteringsframework 160.
Om zaakontwerp 110 op een zichtbare manier uit te voeren, wordt bijvoorbeeld een plug-in 111 in Microsoft Visio gebruikt. Met dit element kan een model van de zaak worden getrokken in CMMN en geëxporteerd naar XML (of rechtstreeks naar de toepassingskern gepubliceerd). Deze component kan worden gebruikt zonder de rest van de oplossing voor analysedoeleinden of kan worden uitgeschakeld met een andere component die CMMN-compliante XML genereert.
Voor gevalsbeheer 120 kunnen eindgebruikers zaken behandelen met behulp van een web cliënt 121. Het wordt ontwikkeld met behulp van bijv. HTML5, JavaScript en CSS3 en werkt op elke recente webbrowser. Verschillende gebruikersinterface (UI) -componenten kunnen worden gebruikt om deze clienttoepassing te ontwikkelen, bijv. Kendo UI (UI-componenten), RequireJS (JavaScript-bibliotheekbeheer), AngularJS (vormontwerp), Bootstrap (responsief ontwerp dat kan worden gebruikt op elk apparaat), AJAX en Websockets (voor real-time mededelingen in geval van samenwerking met andere mensen). De web cliënt gebruikt widgets om schermen, d.w.z. een dashboard, samen te stellen. Elk gebruiker kan kiezen welke widgets moeten worden getoond, waar ze moeten worden getoond en welke grootte ze moeten hebben. Dit kan zowel op het openingsscherm als in de gedetailleerde weergave van elke zaak worden gedaan. Voor elk apparaat (bijv. smartphone, tablet, pc) kan de gebruiker een verschillende opmaak kiezen, afhankelijk van de functies en de vereisten. Standaard vormen om taken te voltooien worden gegenereerd wanneer de zaak met de zaakontwerper wordt gepubliceerd. Deze worden automatisch gegenereerd met behulp van een XSD-bestand dat het gegevensmodel specificeert. AngularJS wordt bijvoorbeeld gebruikt om deze vormen te genereren. Ze worden opgeslagen in de database en kunnen worden aangepast met betrekking tot de opmaak en het gedrag, voor een efficiënter gebruik.
De toepassingskern 130 gebruikt alle componenten om zaken te kunnen behandelen. Dit brengt alle externe componenten samen. Het kan deze componenten oproepen en oproepen van deze componenten interpreteren. Het bestaat uit de volgende elementen: bedrijfslogische component 131, beveiligingscomponent 132, persistentiecomponent 133 en integratiecomponent 134.
De bedrijfslogische component 131 is op maat gemaakt om alle opdrachten te kunnen verwerken en alle verzoeken naar de juiste component te kunnen sturen. Het wordt in bijv. Java geschreven met behulp van het Spring-framework. De bedrijfslogica bevat logica om een zaakmodel om te zetten in een uitvoerbaar model. Het zal de engine voor de verwerking van complexe gebeurtenissen (zie 140) configureren voor het zaakgedrag en de persistentie configureren (zie 133) om het gegevensmodel te kunnen verwerken en de gegevens in juiste formaten op de juiste plaatsen te kunnen verwerken. Tijdens de uitvoering van een zaak zal het gebeurtenissen verzenden naar de engine voor de verwerking van gebeurtenissen 140 en commando's interpreteren voor verdere verwerking. Het zal ook de persistentiecomponent 133 oproepen voor gegevensbehandeling.
Het beveiligingsframework 132 zorgt ervoor dat er geen ongeoorloofde toegang kan worden verleend. Het zal er ook voor zorgen dat een gebruiker niet meer informatie kan zien dan is toegelaten. Het wordt ontwikkeld met behulp van bijv. Apache Shiro. Dit framework bevat verschillende configureerbare authenticatieproviders. CAS SSO-integratie, bijv. LDAP, Active Directory en Kerberos, wordt ondersteund en toelating is gebaseerd op de groep en/of rol.
De persistentiecomponent 133: het onderhavige systeem laat het gebruik toe van veel gegevensmodellen, die gemakkelijk moeten kunnen worden gewijzigd en veel gegevens kunnen bevatten. Om aan deze vereisten te voldoen wordt een NoSQL-database gebruikt, bijv. MongoDB.
Verschillende interfaces 135 (bijv. API, UI) kan worden gebruikt om de toepassing te openen. De integratiecomponent 134 verlengt de functionaliteit van de toepassing en laat toe externe componenten op te roepen met behulp van een adapterframework. De bedrijfsdiensten stellen alle elementen bloot die worden gebruikt door de zaakontwerper en de UI, waardoor alle diensten die noodzakelijk zijn om zaken te ontwerpen en gebruiken worden blootgesteld.
De component 140 voor de verwerking van complexe gebeurtenissen (CEP) is geconfigureerd met het gedrag van de zaak zoals gemodelleerd door de zaakontwerper en zal de toepassing geleiden terwijl zaken worden uitgevoerd.
De bedrijfszoekcomponent 150, die kan worden ontwikkeld met behulp van bijv. Elasticsearch, laat een zoekopdracht toe doorheen alle gegevens die in het systeem zitten. De zoekcomponent indexeert alle gegevens en documenten die zijn gebruikt in zaken. Het laat zoekopdrachten in de volledige tekst, hit highlighting, facetzoekopdrachten, dynamische clustering, database-integratie en rich document (bijv. Word, PDF) -verwerking toe. Het wordt ontwikkeld om uiterst schaalbaar en erg performant te zijn.
Het rapporteringsframework 160 laat een gemakkelijk ontwerp van rapporten op maat toe over zaakgegevens. Deze component laat toe rapporten aan te maken met behulp van het gegevensmodel dat is gedefinieerd in de zaakontwerper. Het laat grafisch ontwerp toe van rapporten met behulp van gegevensreeksen die zijn gedefinieerd in de interne NoSQL-database 133 evenals gegevens van externe systemen. Deze component laat gebruikers toe hun eigen rapporten aan te maken om een beter overzicht te krijgen over zaken.
Claims (15)
- CONCLUSIES1. Een computer-geïmplementeerde werkwijze voor het beheren van dienstverzoeken, met behulp van een dynamisch zaakbeheersysteem, omvattende: a) een configuratieserver; b) een DCM-toepassingsontwikkelingsplatform, omvattende: een bedrijfsobjectontwikkelaar; een voorstellingsontwikkelaar; een regelontwikkelaar; een rapportontwikkelaar; een dashboardontwikkelaar; en een bedrijfsprocesontwikkelaar; c) een DCM-modelopslagplaats; en d) een multi-tenant runtimeplatform, omvattende: - een bedrijfsdataserver; - een regelprocessor; een inhoudsbeheerserver; een desktopweergever; een rapportserver; een desktopserver; een auditserver; een waarschuwingsserver; een runtime beveiligingsserver; waarbij het runtimeplatform is aangepast om te werken in een gedeeld of rechtstreeks multi-tenant toepassingsgebruiksmodel; met het kenmerk, dat elk van de genoemde zaken is gegoten in een model met behulp van een modelleertaal.
- 2. De werkwijze van conclusie 1, met het kenmerk, dat de genoemde modelleertaal Case Management Model and Notation (CMMN) omvat.
- 3. De werkwijze van conclusies 1-2, met het kenmerk, dat de genoemde zaken gemodelleerd zijn aan de zijde van de cliënt.
- 4. De werkwijze van conclusies 1-3, met het kenmerk, dat de genoemde zaken gemodelleerd zijn met behulp van een plug-in, bij voorkeur in een Microsoft VisioModeler-omgeving, of in een web-gebaseerde omgeving.
- 5. De werkwijze van conclusies 1-4, met het kenmerk, dat de genoemde bedrijfsgegevens worden opgeslagen in een NoSQL-archief, lokaal (ter plaatse) en/of met behulp van een cloud-gebaseerde dienst, waarbij de genoemde gegevens verwijzen naar elkaar en geschikte dynamische processen worden voorzien bij het toevoegen van nieuwe gegevens.
- 6. De werkwijze van conclusies 1-5, met het kenmerk, dat het genoemde DCM-toepassingsontwikkelingsplatform een op gebeurtenissen gebaseerde architectuur gebruikt die is gebaseerd op een engine voor de verwerking van complexe gebeurtenissen (CEP, complex event processing) om gebeurtenissen te interpreteren en opdrachten te geven.
- 7. De werkwijze van conclusies 1-6, met het kenmerk, dat de genoemde CEP-engine automatisch wordt geconfigureerd wanneer de zaak wordt gebruikt of gepubliceerd, en al het zaakgedrag wordt opgeslagen als bedrijfsregels binnen dit systeem.
- 8. De werkwijze van conclusies 1-7, met het kenmerk, dat de genoemde CEP-engine luistert voor al de acties en gebeurtenissen van een gebruiker die afkomstig zijn uit externe systemen of machines, en een context bouwt voor elke zaak.
- 9. De werkwijze van conclusies 1-8, met het kenmerk, dat de genoemde dashboardontwikkelaar verder een bibliotheek van DCM-toepassingen omvat, waarbij de genoemde bibliotheek gebruikers van het genoemde ontwikkelingsplatform toelaat een vooraf gebouwde DCM-toepassing op te halen uit de genoemde bibliotheek voor gebruik of aanpassing door de genoemde gebruikers.
- 10. De werkwijze van conclusies 1-9, met het kenmerk, dat de genoemde bibliotheek aan een of meerdere gebruikers meerdere DCM-toepassingen van derde-partij toepassingsontwikkelaars beschikbaar maakt.
- 11. De werkwijze van conclusies 1-10, met het kenmerk, dat het genoemde ontwikkelingsplatform de ontwikkeling toelaat van, en het runtimeplatform de uitvoering toelaat van, geketende of multi-tiered toepassingen, omvattende toepassingen van ten minste twee afzonderlijke bedrijfsentiteiten.
- 12. De werkwijze van conclusies 1-11, met het kenmerk, dat het genoemde runtimeplatform een gedeeld, op rollen gebaseerd beveiligingsmodel afdwingt dat voor elk van de tenants werkt.
- 13. De werkwijze van conclusies 1-12, met het kenmerk, dat real-time fraudepreventie via beveiliging is voorzien.
- 14. Een computer-geïmplementeerde werkwijze voor het ontwikkelen en gebruiken van DCM toepassingen in een cloud-gebaseerde dienst, waarbij de genoemde werkwijze de stappen omvat van: a) het creëren van een nieuwe DCM-toepassing binnen een ontwikkelingsportaal, of optioneel het laden van een vooraf gebouwde toepassing uit een DCM-toepassingsbibliotheek die toegankelijk is via het genoemde ontwikkelingsportaal; b) het verder ontwikkelen van de genoemde DCM-toepassing binnen het genoemde ontwikkelingsportaal met behulp van ten minste één van een bedrijfsobjectontwikkelaar, een voorstel lingsontwikkelaar, een regelontwikkelaar, een rapportontwikkelaar, een dashboardontwikkelaar en een bedrijfsprocesontwikkelaar; c) het genereren van een unieke DCM-toepassingsrevisie voor de genoemde DCN-toepassing die is ontwikkeld in stap (b); en d) het gebruiken van de genoemde toepassing in een DCM-runtimeplatform, waarbij het genoemde platform ten minste een bedrijfsgegevensserver, een regel processor, een inhoudsbeheerserver, een desktopweergever, een rapportserver, een dashboardserver, een auditserver en een runtimebeveiligingsserver omvat; met het kenmerk, dat elk van de genoemde zaken is gegoten in een model met behulp van een modelleertaal, bij voorkeur Case Management Model and Notation (CMMN).
- 15. De werkwijze van conclusie 14, verder omvattende een van de volgende stappen: het laden van een kopie van de genoemde gebruikte DCM-toepassing in een runtime-omgeving van een tenant; het genereren van een formulier of een zicht om de genoemde dynamische zaken van gemodelleerde gegevens te verwerken.
Priority Applications (3)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| BE2016/4999A BE1023269B1 (nl) | 2016-01-04 | 2016-01-04 | Computer-geïmplementeerde werkwijze voor complex dynamisch zaakbeheer |
| EP16822484.8A EP3400563A1 (en) | 2016-01-04 | 2016-12-30 | Computer-implemented method for complex dynamic case management |
| PCT/EP2016/082913 WO2017118597A1 (en) | 2016-01-04 | 2016-12-30 | Computer-implemented method for complex dynamic case management |
Applications Claiming Priority (1)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| BE2016/4999A BE1023269B1 (nl) | 2016-01-04 | 2016-01-04 | Computer-geïmplementeerde werkwijze voor complex dynamisch zaakbeheer |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| BE1023269B1 true BE1023269B1 (nl) | 2017-01-18 |
Family
ID=55532073
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| BE2016/4999A BE1023269B1 (nl) | 2016-01-04 | 2016-01-04 | Computer-geïmplementeerde werkwijze voor complex dynamisch zaakbeheer |
Country Status (3)
| Country | Link |
|---|---|
| EP (1) | EP3400563A1 (nl) |
| BE (1) | BE1023269B1 (nl) |
| WO (1) | WO2017118597A1 (nl) |
Families Citing this family (6)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| EP3800599A1 (en) | 2019-10-02 | 2021-04-07 | Unify Patente GmbH & Co. KG | Communication-centered enhancements to case management |
| CN111860854B (zh) * | 2019-12-06 | 2024-05-07 | 北京嘀嘀无限科技发展有限公司 | 模型特征管理系统、模型特征管理方法及存储介质 |
| CN112580980B (zh) * | 2020-12-18 | 2024-05-31 | 中国人寿保险股份有限公司 | 一种业务处理方法、装置及电子设备 |
| CN113448555B (zh) * | 2021-06-30 | 2024-04-09 | 深信服科技股份有限公司 | 关联分析方法、装置、设备及存储介质 |
| CN114255887B (zh) * | 2021-12-15 | 2025-06-13 | 卫宁健康科技集团股份有限公司 | 信息显示方法、装置、电子设备及存储介质 |
| CN116414390B (zh) * | 2023-03-29 | 2024-04-05 | 南京审计大学 | 一种针对大数据审计的可动态运行案例开发系统 |
Citations (2)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US20130024835A1 (en) * | 2011-06-24 | 2013-01-24 | Eccentex Corporation | System and method for integrated dynamic case management |
| US20150081873A1 (en) * | 2011-06-24 | 2015-03-19 | Eccentex Corporation | Dynamic state based case management and task transitioning |
Family Cites Families (2)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| WO2011063269A1 (en) | 2009-11-20 | 2011-05-26 | Alert Enterprise, Inc. | Method and apparatus for risk visualization and remediation |
| US20150006231A1 (en) | 2013-06-28 | 2015-01-01 | International Business Machines Corporation | Conversion and/or consolidation of business process management systems |
-
2016
- 2016-01-04 BE BE2016/4999A patent/BE1023269B1/nl active
- 2016-12-30 WO PCT/EP2016/082913 patent/WO2017118597A1/en not_active Ceased
- 2016-12-30 EP EP16822484.8A patent/EP3400563A1/en not_active Withdrawn
Patent Citations (2)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US20130024835A1 (en) * | 2011-06-24 | 2013-01-24 | Eccentex Corporation | System and method for integrated dynamic case management |
| US20150081873A1 (en) * | 2011-06-24 | 2015-03-19 | Eccentex Corporation | Dynamic state based case management and task transitioning |
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| WO2017118597A1 (en) | 2017-07-13 |
| EP3400563A1 (en) | 2018-11-14 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| US10824948B2 (en) | Decision tables and flow engine for building automated flows within a cloud based development platform | |
| Jamshidi et al. | Pattern‐based multi‐cloud architecture migration | |
| EP3982256B1 (en) | Cloud-based decision management platform | |
| Jamshidi et al. | Cloud migration patterns: a multi-cloud service architecture perspective | |
| BE1023269B1 (nl) | Computer-geïmplementeerde werkwijze voor complex dynamisch zaakbeheer | |
| US11900077B2 (en) | Systems, methods, user interfaces, and development environments for generating instructions in a computer language | |
| US12530198B2 (en) | Multilayered generation and processing of computer instructions | |
| US12314691B2 (en) | Systems, methods, user interfaces, and development environments for a data manager | |
| US11321093B1 (en) | Multilayered generation and processing of computer instructions | |
| EP3624027A1 (en) | Decision tables and flow engine for building automated flows within a cloud based development platform | |
| US20240004874A1 (en) | Systems, Methods, Applications, and User Interfaces for Providing Triggers in a System of Record | |
| Klinkmüller et al. | On the suitability of process mining for enhancing transparency of blockchain applications | |
| CA3187583A1 (en) | Providing triggers based on one-to-many or many-to-one relationships in a system of record | |
| Strauch et al. | Migrating eScience applications to the cloud: methodology and evaluation | |
| Masuda et al. | Direction of digital it and enterprise architecture | |
| WO2023249898A1 (en) | Systems, methods, user interfaces, and development environments for a data manager | |
| CA3225389A1 (en) | Systems, methods, user interfaces, and development environments for generating instructions in a computer language | |
| US12242827B1 (en) | Dynamic user interface customization for no-code application development | |
| JP2017509940A (ja) | データ尺度およびオブジェクトを交換および処理するためのシステム、デバイスおよび方法 | |
| US20250335849A1 (en) | No-Code Integration System for Custom Objects in Automated Workflows | |
| Portell Pareras | DevSecOps: S-SDLC | |
| Elaasar et al. | Adaptation and implementation of the ISO42010 standard to software design and modeling tools | |
| Huuhka-Martikainen | API development and productization: using Service Design and Design Thinking to identify development needs | |
| Day | Software Architecture: Architectural design, System decomposition | |
| WO2025231121A1 (en) | Dynamic user interface customization for no-code application development |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| PD | Change of ownership |
Owner name: AXI NV; BE Free format text: DETAILS ASSIGNMENT: CHANGE OF OWNER(S), ASSIGNMENT; FORMER OWNER NAME: GROUND LION NV Effective date: 20211027 |