BE1022411B1 - As voor een oogstmachine - Google Patents
As voor een oogstmachine Download PDFInfo
- Publication number
- BE1022411B1 BE1022411B1 BE2014/0850A BE201400850A BE1022411B1 BE 1022411 B1 BE1022411 B1 BE 1022411B1 BE 2014/0850 A BE2014/0850 A BE 2014/0850A BE 201400850 A BE201400850 A BE 201400850A BE 1022411 B1 BE1022411 B1 BE 1022411B1
- Authority
- BE
- Belgium
- Prior art keywords
- connecting rod
- retractable
- extendable
- harvesting machine
- series
- Prior art date
Links
Classifications
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B60—VEHICLES IN GENERAL
- B60B—VEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
- B60B35/00—Axle units; Parts thereof ; Arrangements for lubrication of axles
- B60B35/02—Dead axles, i.e. not transmitting torque
- B60B35/10—Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track
- B60B35/1072—Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track by transversally movable elements
- B60B35/109—Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track by transversally movable elements the element is an axle part
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B60—VEHICLES IN GENERAL
- B60B—VEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
- B60B35/00—Axle units; Parts thereof ; Arrangements for lubrication of axles
- B60B35/02—Dead axles, i.e. not transmitting torque
- B60B35/10—Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track
-
- A—HUMAN NECESSITIES
- A01—AGRICULTURE; FORESTRY; ANIMAL HUSBANDRY; HUNTING; TRAPPING; FISHING
- A01B—SOIL WORKING IN AGRICULTURE OR FORESTRY; PARTS, DETAILS, OR ACCESSORIES OF AGRICULTURAL MACHINES OR IMPLEMENTS, IN GENERAL
- A01B51/00—Undercarriages specially adapted for mounting-on various kinds of agricultural tools or apparatus
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B60—VEHICLES IN GENERAL
- B60B—VEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
- B60B35/00—Axle units; Parts thereof ; Arrangements for lubrication of axles
- B60B35/004—Mounting arrangements for axles
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B60—VEHICLES IN GENERAL
- B60B—VEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
- B60B35/00—Axle units; Parts thereof ; Arrangements for lubrication of axles
- B60B35/02—Dead axles, i.e. not transmitting torque
- B60B35/10—Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track
- B60B35/1036—Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track operated with power assistance
- B60B35/1045—Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track operated with power assistance electrically
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B60—VEHICLES IN GENERAL
- B60B—VEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
- B60B35/00—Axle units; Parts thereof ; Arrangements for lubrication of axles
- B60B35/02—Dead axles, i.e. not transmitting torque
- B60B35/10—Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track
- B60B35/1072—Dead axles, i.e. not transmitting torque adjustable for varying track by transversally movable elements
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B60—VEHICLES IN GENERAL
- B60B—VEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
- B60B35/00—Axle units; Parts thereof ; Arrangements for lubrication of axles
- B60B35/12—Torque-transmitting axles
- B60B35/14—Torque-transmitting axles composite or split, e.g. half- axles; Couplings between axle parts or sections
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B60—VEHICLES IN GENERAL
- B60G—VEHICLE SUSPENSION ARRANGEMENTS
- B60G9/00—Resilient suspensions of a rigid axle or axle housing for two or more wheels
- B60G9/02—Resilient suspensions of a rigid axle or axle housing for two or more wheels the axle or housing being pivotally mounted on the vehicle, e.g. the pivotal axis being parallel to the longitudinal axis of the vehicle
-
- F—MECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
- F16—ENGINEERING ELEMENTS AND UNITS; GENERAL MEASURES FOR PRODUCING AND MAINTAINING EFFECTIVE FUNCTIONING OF MACHINES OR INSTALLATIONS; THERMAL INSULATION IN GENERAL
- F16D—COUPLINGS FOR TRANSMITTING ROTATION; CLUTCHES; BRAKES
- F16D1/00—Couplings for rigidly connecting two coaxial shafts or other movable machine elements
- F16D1/06—Couplings for rigidly connecting two coaxial shafts or other movable machine elements for attachment of a member on a shaft or on a shaft-end
-
- F—MECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
- F16—ENGINEERING ELEMENTS AND UNITS; GENERAL MEASURES FOR PRODUCING AND MAINTAINING EFFECTIVE FUNCTIONING OF MACHINES OR INSTALLATIONS; THERMAL INSULATION IN GENERAL
- F16D—COUPLINGS FOR TRANSMITTING ROTATION; CLUTCHES; BRAKES
- F16D1/00—Couplings for rigidly connecting two coaxial shafts or other movable machine elements
- F16D1/12—Couplings for rigidly connecting two coaxial shafts or other movable machine elements allowing adjustment of the parts about the axis
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B60—VEHICLES IN GENERAL
- B60B—VEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
- B60B2900/00—Purpose of invention
- B60B2900/30—Increase in
- B60B2900/351—Increase in versatility, e.g. usable for different purposes or different arrangements
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B60—VEHICLES IN GENERAL
- B60B—VEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
- B60B2900/00—Purpose of invention
- B60B2900/50—Improvement of
- B60B2900/551—Handling of obstacles or difficult terrains
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B60—VEHICLES IN GENERAL
- B60B—VEHICLE WHEELS; CASTORS; AXLES FOR WHEELS OR CASTORS; INCREASING WHEEL ADHESION
- B60B35/00—Axle units; Parts thereof ; Arrangements for lubrication of axles
- B60B35/02—Dead axles, i.e. not transmitting torque
- B60B35/04—Dead axles, i.e. not transmitting torque straight
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B60—VEHICLES IN GENERAL
- B60Y—INDEXING SCHEME RELATING TO ASPECTS CROSS-CUTTING VEHICLE TECHNOLOGY
- B60Y2200/00—Type of vehicle
- B60Y2200/20—Off-Road Vehicles
- B60Y2200/22—Agricultural vehicles
- B60Y2200/222—Harvesters
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- General Engineering & Computer Science (AREA)
- Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
- Soil Sciences (AREA)
- Environmental Sciences (AREA)
- Harvesting Machines For Root Crops (AREA)
- Harvester Elements (AREA)
Abstract
Een oogstmachine voor gebruik In de landbouw (10) bevat een chassis (12), een asgeheel (72) dat het chassis (12) draagt, een reeks naafgehelen (76,78) die een. eerste naafgehcel (79) en een tweede naafgeheel (78) bevatten, waarbij de naafgehelen gekoppeld zijn aan een overeenkomstig uiteinde van het asgeheel (72), én een, reeks voorzieningen (14) die contact maken met de grond en die elk gekoppeld zijn aan één overeenkomstig naafgeheel (76,78). De voorzieningen (14) die contact maken met de grond steunen het asgeheel (72) en het chassis (12). Het asgeheel (72) bevat een uitschuifbare / inschuifbare as (80) voor het wijzigen van een afstand tussen de voorzieningen (14) die contact maken met de pond en die gekoppeld zijn aan de naafgeheien (76,78), en een verbindingsstang (84) die uitschuift / inschuift vanuit een centraal gedeelte (88) van het asgeheel (72), waarbij de verbindingsstang (84) ook gekoppeld is aan een gedeelte van het eerste naafgeheel (76). Daarbij is de verbindingsstang (84) ruwweg verticaal verschoven ten opzichte van de uitschuifbare / inschuifbare as (80).
Description
AS VOOR EEN OQGSTMACHINE
- ACHTERGRONDVAN DE UITViNDI NG
Deze uitvinding heeft betrekking op oogstmachines voor gebruik in de landbouw (verder kortweg oogstmachine(s) genoemd, en meer bepaald op assystemen voor gebruik met oogstmachi nes,
Een in de landbouw gebruikte oogstmachi ne staat bekend als een "maaidorser", een historisch gegroeide term aangezien zij meerdere maai- en dorstaken in één enkele machine combineert, zoals plukken, dorsen, schaden en reinigen. Een maaidorser bevat een maaier die het gewas van een veld verwijdert, en een toevoerhuis dat het gewas tot in een dorsrotor transporteert. De dorsrotor draait binnen in een geperforeerd huis dat de vorm kan hebben van verstel bare dorskorven en een dorsbewerking op het gewas uitvoert om het graan te verwijderen. Eens het graan gedorst is, valt het door perforaties i n de dorskorven op een graanschaal. Vanaf degraanschaal wordt het graan gereinigd met behulp van een reinigingssysteem, en wordt daarna getransporteerd naar een graantank aan boord van de maaidorser. Een reinigingsventilator blaast lucht door de zeven om kaf en andere deeltjes vuil naar de achterkant van de maaidorser af te voeren. Oogst materiaal dat geen graan is, zoals stro afkomstig van de dorssectie, beweegt doorheen een restantensysteem dat gebruik kan maken van een strohakselaar om het materiaal dat geen graan is te verwerken en dit te richten naar de achterkant van en uit de maaidorser. Wanneer de graanbak vol raakt, wordt de maaidorser gepositioneerd in de buurt van een voertuig waarin het graan ontladen zal worden, zoals een oplegger, zelflosser, een gewone vrachtwagen of dergelijke, en wordt een ont laadsysteem op de maaidorser bediend om het graan naar het voertuig over te brengen.
Meer bepaald bevat een roterend dors- of scheidingssysteem één of meer rotoren die zich axiaal (van de voorkant naar de achterkant) of in dedwarsrichting binnen het lichaam van de maaidorser kunnen uitschuiven, en die gedeelte!ijk of volledig omgeven worden door een geperforeerde dorskorf. Het oogstmateriaal wordt gedorst en gescheiden door de rotatie van de rotor binnen in de dorskorf. Grover oogstmateriaal dat geen graan is zoals stengels / hal men en bladeren worden naar de achterkant van de maaidorser getransporteerd en weer op het veld gelost. Het afgescheiden graan wordt samen met een deel van het fijnere oogstmateriaal dat geen graan is zoals kaf, stof, stro en andere oogstrestanten, ontladen via de dorskorven en valt op een graanschaal waar het naar het ranigingssysteem getransporteerd wordt. Als alternatief kan het graan en fijner oogstmateriaal dat geen graan isook rechtstreeks op het reinigingssysteem zelf vallen.
Een reinigingssysteem schädt vervolgens het graan van hei oogstmateriaal dat geargraan is, en-bevat typisch een ventilator dieeen luchtstroom omhoog en achterwaarts richt door verticaal aangebrachte zeven, die i n de Iengterichting van de machine heen-en-weer bewegen. De luchtstroom heft het lichtere oogstmateriaal dat geen graan is op en voert het naar het achterste uitä nde van de maaidorser om het op het veld ' te lossen. Schoon graan dat zwaarder is, en grotere stukken oogstmateriaal die geen graan zijn, worden niet door de luchtstroom meegevoerd, en vallen op een oppervlak van een bovenste zeef (ook bekend äs kortstrozeef) waar een deel van het schone graan of ä het schone graan door passeert naar een onderste zeef (ook bekend äsreinigingszeef). Graan en oogstmateriaä dä geen graan is die op de bovenste en de onderste zeven blijven liggen, worden fysiek gescheiden door de heen-en-weer bewegende actie van de zeven naarmäe het materiaal achterwaarts beweegt. Al het graan en / of oogstmateriaä dä geen graan isdieop het oppervlak van de bovenste zeef achterblijven, worden aan de achterkant van de maädorser ontladen. Graan dä door de onderste zeef vät, belandt op een onderste schaä van het ränigingssysteem, waar hä verder naar een schoongraanvijzä gäransporteerd wordt.
De schoongraanvijzä transporteert hä graan naar een graantank voor tijdelijke opslag. Hä graan hoopt zich op tot op hä moment waarop de graantank vol is en ontladen wordt in een naburig voertuig zoäseen oplegger, zäflosser, een gewone vrachtwagen of dergä ij ke door een ont laadsysteem op de maädorser dä bediend wordt om graan naar hä voertuig over te dragen.
Daar oogstmachi nes steeds groter worden en I angere maäers hebben, kan hä assysteem, wanneer de oogstmachi ne op onäfen grond werkt, ervoor zorgen dä de oogstmachi ne kantät ten opzichte van de grond, mä äs resultaä dä de Stabilität van de oogstmachi neten opzichte van de grond niä meer ideaä is. Wä vereist is volgens de stand van de techniek iseen rendabäe en äf idente manier om de assen op een oogstmachi ne uit te schuiven.
SAM ENVATTI NG VAN DE UI TVINDI NG
Deze uitvinding verschät een kantäend uitschuifbaar / intrekbaar asgeheel voor een oogstmachi ne.
In één vorm is de uitvinding gericht op een oogämachinedie hä volgende bevä: een chassis, een asgeheel dä hä chassis draagt, een reeks naägehäen, bestaande uit een eerste naaf geheel en een tweede naaf geheel, waarbij de naaf gehe! en dk gekoppel d zij n aan een overeenkomtg uitende van het asgeheel, en een reeks met de grond contact makendevoorzieningendie gekoppeld zijn aan één overeenkomstig naafgeheel. De voorzieningen die met de grond contact maken, steunen het asgeheel en het chassis. Ht asgeheel bevat een uitschuif bare / inschuifbare as voor het veranderen van de afstand tussen de voorzieningen die met de grond contact maken die aan de naaf geht en gekoppeld zijn,"en een verbindingsstaig die uitschuift / inschuift ten opzichte van een centraal gedeelte van het asgeheel, waarbij de verbindingsstaig ook gekoppeld is aan een gedeelte van het eerste naafgeheel. Daarbij is de verbindingsstaig over het algemeen verticaal verschoven ten opzichte van de uitschuif bare / inschuifbare as.
Een voordeel van deze uitvinding is dat ze een grotere spoorbreedte verschaft om de stabi I itat van de oogstmachi ne op oneffen grond te verbeteren.
Een ander voordeel is dat de spoorbreedte van de oogstmachi ne vermi nderd kan worden voor vervoer over de weg. N og een ander voordeel i s dat de oogstmachi ne onder grotere zij del i ngse hel I i ngshoeken kan werken.
KORTE BESCHRIJVING VAN DE TEKENINGEN
De bovenvermelde en andere kenmerken en voordelen van deze uitvinding en de mani er om ze te berei ken, zul I en dui del ij ker worden en de uitvi ndi ng zal beter begrepen kunnen worden door verwijzing naar de volgende beschrijving van uitvoeringsvormen van de uitvinding samen met de bij behorende tekeningen, waarbij:
Figuur 1 een zijaanzicht is van een uitvoeringsvorm van een oogstmachi ne in de vorm van een maaidorser:
Figuur 2 een vooraanzicht is van een uitvoeringsvorm van een asgeheel voor gebrui k op de oogstmachi ne van deze uitvi ndi ng;
Figuur 3 een ander aanzicht is van het asgeheel dat weergegeven is in Figuur 2 met uitgeschoven naaf gehelen;
Figuur 4 een ander aanzicht is van het asgeheel dat weergegeven is in Figuren 2 en 3 met ingeschoven naaf gehelen en gekantelde asgeheel; en
Figuur 5 een ander aanzicht is van het asgeheel dat weergegeven is in Figuren 2-4 met de uitgeschoven en gekantelde assen.
Overeenkomstige verwijzingen (nummers en letters) geven door alle verschil lende aanzichten heen overeenkomstige onderdelen aan. De hier uiteengezette voorbeelden illustreren uitvoeringsvormen van de uitvinding en zulke voorbeelden mogenniet‘gemterpreteerd worden alsof ze de reikwijdte van de uitvinding op enige wijze zouden beperken.
GEDETAILLEERDE BESCHRIJVING VAN DE UITVINDING
Determen "graan", "stro" en "niet-gedorste aren" worden over heel deze specificatie voornamelijk gebruikt voor het gemak, maar er dient verstaan te worden dat deze termen niet beperkend bedoeld zijn. Dus verwijst "graan" naar dat deel van het oogst materiaal dat gedorst en gescheiden wordt van het weg te gooien deel van het oogstmateriaal waarnaar verwezen wordt alsoogstmateriaal dat geen graan is, MOG (materiaal dat geen graan is) of stro. Onvolledig gedorst oogstmateriaal wordt "niet-gedorste aren" genoemd. Ook determen "voorwaarts", "achterwaarts", "linksf' en " rechts", wanneer ze gebrui kt worden i n verband met de oogstmachi ne en / of onderdel en ervan worden gewoonlijk bepaald met verwijzing naar de voorwaartse rijrichting van de oogstmachi ne tijdens de werki ng ervan, maar nogmaals, ze mogen niet geïnterpreteerd worden äs beperkende termen. Determen "in de lengte" en "dwarsf' zijn bepaald ten opzichte van de lengterichti ng van de oogstmachi ne en mogen evenmi n äs beperkend gezien worden.
Met verwijzing naar de tekeningen en meer bepaald naar Figuur 1, wordt een oogstmachi ne weergegeven in de vorm van een maädorser 10, die over het ägemeen een chassis 12, wiäen 14 en 16 die met de grond contact maken, een maäer 18, een toevoerhuis20, een operatorcabine22, een dors- en schddingssysteem 24, een reinigingssysteem 26, een graantank 28, en een ontlaadtransportsysteem 30 bevä. Het ontlaadtransportsysteem 30 is geïllustreerd äseen ontl aadvij zei, maar kan ook geconfigureerd zijn äseen bandtransporteur, een kettingdevator enz.
Devoorwiden 14 zijn groterewiden van het flotatietypeen deachterwiden 16 zijn kleinere bestuurbare wi den. De aandrijf kracht wordt sdectief aangebracht op de voorwiden 14 door een krachtbron in de vorm van een diesd motor 32 en een transmissie (nid weergegeven). Hoewd de maädorser 10 weergegeven is met widen, moet ook begrepen worden dä de maädorser 10 rupsbanden kan bevatten, bv. volledige of hâve rupsbanden.
De maäer 18 isaangebracht op de voorkant van de maädorser 10 en bevä een maäbäk 34 voor hä äsnijden van gewassen van een vdd tijdens hä vooruitbewegen van de maaidorser 10. Een draaibare haspel 36 voert gewas toe aan de maaier 18, en een dubbele vijzel 38 voert het afgesneden gewas lateraal naar binnen toe aan elke kant van het toevoerhuls 20. Het-toevoerhuis 20 transporteert het afgesneden gewas naar het dorsen scha di ngssysteem 24, en is selectief verticaal beweegbaar met behulp van geschikte actuators, bv. hydraulische cilinders (niet weergegeven).
Het dors- en scheidingssysteem 24 is van het type met axiale doorstroming, en bevat over het algemeen een rotor 40 di e ten mi nste gedeel tel ij k omsl oten wordt door en draaibaar is binnen een overeenkomstige geperforeerde dorskorf 42. De afgesneden gewassen worden gedorst en geschieden door de rotatie van de rotor 40 binnen in dorskorf 42, en grotere elementen, zoals stengels, bladeren en dergel ijke worden vanaf de achterkant van de maaidorser 10 ontladen. Kleinere dementen van het oogstmateriaal, met inbegrip van graan en oogstmateriaal dat geen graan is, inclusief deeltjes die lichter zijn dan graan, zoals kaf, stof en stro, worden ontladen via de perforaties van de dorskorf 42. Hoewel het dors- en schei di ngssysteem 24 gal I ustreerd is als een type met een axiale stroming met een rotor, wordt ook overwogen om deze uitvinding te gebruiken met andere conventionele dorssysternen.
Graan dat gescheiden werd door het dors- en scheidingsgeheel 24 valt op een graanschaal 44 en wordt verder getransporteerd naar het rei nigi ngssysteem 26. Het ra'nigi ngssysteem 26 kan een facultatieve voorrei nigingszeef bevatten 46, een bovenste zeef 48 (ook bekend als kortstrozeef), een onderste zeef 50 (ook bekend als reinigingszeef), en een reinigingsventilator 52. Graan op de zeven 46,48 en 50 is onderworpen aan een rei ni gi ngsact i e door de vent i I ator 52 di e een I uchtdebiet verschaft door de zeven om het kaf te verwijderen en andere onzuiverheden zoals stof van het graan door dit materiaal te laten zweven in de lucht voor het lossen van destrokap 54 van de maaier 10. De graanschaal 44 en de voorrei nigingszeef 46 bewegen heen en weer om het graan en fijner oogstmateriaal dat geen graan is naar het bovenvlak van de bovenste zeef 48 te transporteren. De bovenste zeef 48 en de onderste zeef 50 zij n verticaal aangebracht t.o.v. elkaar, en bewegen ook heen-en-weer in de lengterichting van de machine om het graan op de zeven 48, 50, waarbij ze het mogelijk maken dat schoon graan onder invloed van de zwaartekracht door deopeningen van de zeven 48, 50 valt.
Schoon graan valt op een schoongraanvijzel 56 die overdwars onder en voor de onderste zeef 50 is geplaatst. De graanvijzel 56 ontvangt schoon graan vanaf elke zeef 48, 50 en vanaf de onderste schaal 58 van het rei ni gi ngssysteem 26. De schoongraanvijzel 56 transporteert het schone graan lateraal naar een over het algemeen verticaal aangebrachte graanelevator 60 om het naar graantank 28 te transporteren. Niet-gedorste aren val I en ui t het rei ni gi ngssysteem 26 op een vij zei voor ni et-gedorste aren 62. De nietojedorste aren worden via een vijzel voor niet-gedorste aren 64 en terugvoervijzel 66 getransporteerd naar het stroomopwaarts gelegen uitände van het rei ni gi ngssysteem 26 voor een her haal de rei ni gi ngsact i e De dwarse vij zei s 68 op de bodem van de graantank 28 transporteren het schone graan binnen de graantank 28 naar de ontlaadvijzel 30 om uit de maaidorser 10 ontladen te worden.
Het oogstmateriaal dat geen graan is, gaat verder door een restantenbehandelingssysteem 70. Het restantenbehandelingssysteem kan een hak sei aar, tegen messen, een zwaddeur en een restantenstrooier bevatten.
Asgehelen 72 en 74 dragen het chassis 12 en zijn respectievelijk gekoppeld aan de wielen 14 en 16. De asgehelen 72 en 74 kunnen scharnieren ten opzichte van het chassis 12 en stellen de wielen 14 en 16 in staat om in een over het algemeen verticale oriëntatie te blijven, ongeacht de kanteling van de asgehelen 72 en 74.
Welnu, ook verwijzend naar de Figuren 2 en 3, zijn aanvul lende details van de asgehelen 72 en 74 weergegeven en geïllustreerd en ongeacht wat hierna is besproken is over één asgeheel 72 of 74 is over het algemeen van toepassing op het andere. Het asgeheel 72 bevat naaf gehelen 76 en 78, uitschuif bare / inschuifbare assen 80 en 82, uitschuif bare / inschuifbare bovenste verbindingsstangen 84 en 86, een centraal gebied 88, en elektromagneten 90, 92,94 en 96. Het asgeheel 72 kan rond scharnierpen 98 scharnieren zodat het asgeheel 72 kan scharnieren op oneffen grond terwijl het chassis 12 zijdelings ruwweg horizontaal wordt gehouden De bovenste verbindingsstangen 84 en 86 zijn scharnierbaar aan het chassis 12 gekoppeld in scharnierpunt 100, dat zich over het algemeen boven scharnierpunt 98 bevindt. Er kan ook overwogen worden dat de verbindingsstangen 84 en 86 onder de assen 80 en 82 kunnen liggen, en dat de verbindingsstangen 84 en 86 beschreven kunnen worden als ruwweg verticaal verschoven ten opzi chte van de assen 80 en 82.
Terwi 11 e van de dui del i j khei d van de di scussi e en ter i 11 ustrati e van de ui tvi ndi ng zij n de wi el en 14 net al s de onderdel en van de aandrijvi ng en detai I s van de naafgehel en 76 en 78 niet in de Figuren 2-5 opgenomen.
Actuators 102 zij n zo gel egen dat ze ervoor zorgen dat de assen 80 en 82 gesynchroniseerd uitschuiven of inschuiven samen met de verbindingsstangen 84 en 86. Wanneer de oogstmachine 10 zich in een verplaatsingsmodus bevindt, is het wenselijk wielen 14 te hebben, meer ov.er het algemeen voorzieni ngen 14 die met de grond contact maken, dichtbij elkaar zoals ga II ustreerd In Figuur 2. Omgekeerd, wanneer de machine zich in een modus bevindt voor het werken op het veld, dan kan het voordelig zijn om de naaf gehe! en 76 en 78,v en dusisdewielen 14, ineen uitgeschoven positie te hebben om de stabiliteit van de oogstmachi ne 10 te verbeteren, zoals weergegeven in Figuur 3.
Bij de overgang naar / terugkeer van de verplaatsi ngsmodus of de werkmodus, vinden een reeks bewerkingen plaats. Eerst worden de elektromagneten 90, 92, 94 en 96 geactiveerd zodat ze de assen 80, 82 en de verbi ndïngsstangen 84, 86 in de bepaalde modus vanwaaruit ze veranderen ontgrendelen of niet meer vasthouden. Vervolgens äs de oogstmachi ne 10 op de grond beweegt, worden de actuators 102 geactiveerd om de beweging (uitschuiven of inschuiven) van de assen 80 82 en de verbindingsstangen 84, 86 te veroorzaken. De actuators 102 zij n zo ontworpen dat ze enkel de overgang i n gang kunnen zetten ä s de oogstmachi ne 10 i n bewegi ng i s. Eens de assen 80,82 en verbi ndi ngsstangen 84, 86 i n hun ni euwe posi t i e staan, wordt de toestand van de elektromagneten 90, 92, 94 en 96 vervolgens zo veranderd dat ze nu de assen 80, 82 en verbindingsstangen 84, 86 vergrendelen of vasthouden zodä deze op hun positie vergrendeld worden.
Wel nu ook verwijzend naar de Figuren 4 en 5, is het asgeheel 72 weergegeven in een oriëntatie onder een hoek, zowel in de ingeschoven äs in de uitgeschoven modus.
Het kantelen van het asgeheel 72 komt overeen met een verandering in contour van de grond die gecompenseerd wordt door het chassis 12 ruwweg horizontaä te houden terwijl het asgeheel 72 kantelt. De uitgeschoven modus die af gebeeld isin Figuur 5 verschaft een verbeterde Stabilität op hälende grond, terwijl het asgeheä 72 de naafgehäen 76 en 78 in een voorkeursoriëntatie houdt om de wiäen 14 in een ruwweg verticäe oriëntatie houden.
Deze uitvinding verschaft een täescopischetractieas mä een uitgeschoven of bredere wiä basis tijdens bewerkingen op het väd om een positieve weerslag te hebben op de prestaties van de machine. Wanneer de oogstmachi ne 10 op hä väd is, geeft de operator deäektromagneten 90, 92, 94, 96 vrij waardoor die asverlengstukken ontgrendäd worden. Daarna wordt de hydraulica voor het uitschuiven ingeschakäd en schuift de as uit samen mä stabilisatoren, die naar buiten worden gedrukt tot de äektromagneten deasvergrendäen in de stand waarin hij volledig is uitgeschoven.
Zoals hierboven besproken zä de oogstmachi ne 10, wegens hä gewicht ervan, gewoonlijk naar voren moeten rijden mä een lage, gestage snähäd wanneer de actuators 102 de assen 80, 82 en verbi ndi ngsstangen 84, 86 uitschuiven. Men kan bedenken dä tussenliggende posities tussen volledig ingeschoven en volledig uitgeschoven ook tot stand gebracht kunnen worden met de elektromagneten 90, 92,94, 96 om in de tussenliggende posities'te vergrendelen.
Hoewel deze uitvinding werd beschreven met betrekking tot minstens één uitvoeringsvorm, kan deze uitvinding verder gewijzigd worden binnen de geest en de reikwijdte van deze onthulling. Deze octrooi aanvraag isdan ook bedoeld om alle variaties engebruiken of aanpassingen van de uitvinding te dekken door gebruik te maken van haar algemene principes. Verder is deze octrooiaanvraag bedoeld om zulke afwij ki ngen van deze onthul I i ng te dekken die moge! ij k zij n bi nnen bekende of gebruikelijke praktijken volgens de stand van de techniek waarop deze uitvinding betrekking heeft en die binnen de grenzen van de bij gevoegde conclusies vdlen.
Claims (11)
- CONCLUSIES:1. Oogämachi ne (10), bestaande uit: een chassis (12); een asgeheel (72) dat het chassis (12) draagt; een reeks naaf gehelen (76, 78), bestaande uit een eerste naaf geheel (79) en een tweedenaafgeheel (78); waarbij de naafgehelen elk gekoppeld zijn aan een * overeenkomstig tegenoverliggend uiteinde van het asgeheel (72); en een reeks voorzieningen (14) die contact maken met de grond en die elk gekoppeld zijn aan één overeenkomstig naafgeheel (76, 78), waarbij de voorzieningen (14) die contact maken met de grond en het asgeheel (72) en het chassis (12) ondersteunen; gekenmerkt doordat: het asgeheel (72) het volgende bevat: een uitschuif bare / inschuifbare as (80) voor het wijzigen van een afstand tussen de voorzieningen (14) diecontact maken met de grond en diegekoppeld zijn aan de naaf gehelen (76, 78); en een verbindingsstang (84) die uitschuift / inschuift vanuit een centraal gedeelte (88) van hä asgeheel (72), waarbij de verbindingsstang (84) ook gekoppeld isaan een gedeelte van het eerste naafgeheel (76), en de verbindingsstang (84) die ruwweg verticaal verschoven is ten opzichte van de uitschuif bare / inschuifbare as (80). >2. Oogstmachine(IO) volgens conclusie 1, gekenmerkt doordat hä uitschuiven en inschuiven van de uitschuif bare/ inschuifbare as (80) gecoördineerd wordt met hä uitschuiven en inschuiven van de verbindingsstang (84) om hä eeräe naafgeheä (76) in een voorkeursoriëntâie te houden.
- 3. Oogämachine (10) volgens conclusie 1 of 2, gekenmerkt doordat het asgeheä (72) rond een scharnierpunt (98) ten opzichte van hä chassis (12) kan scharnieren.
- 4. Oogämachi ne ( 10) vol gens concl uä e 3, gekenmerkt doordä de verbi ndi ngsäang (84) rond een scharnierpunt (100) ten opzichte van het chassis (12) kan scharnieren.
- 5. Oogämachi ne (10) volgens concl use 4, gekenmerkt doordä het scharnierpunt (100) van de verbi ndi ngsäang (84) zich boven hä scharnierpunt (98) bevindt.
- 6. Oogstmachine (10) vol gens conclusies 1-5, die verder een reeks actuators (102) bevat die geconfigureerd^ nx>m het uitschuiven'/ inschuiven van de uitschuif bare/ i nschuif bare as (80) en de verbi ndi ngsstang (84) te coördi neren.
- 7. Oogstmachine (10) volgens conclusie 6, die verder een reeks elektromagneten - (90,92) bevat, waarvan een eerste elektromagneet (90) gekoppeld is aan de verbi ndi ngsstang (84) en een tweede elektromagneet (92) gekoppeld isaan de uitschuifbare / inschuifbare as (80), en de reeks elektromagneten (90, 92) dienen voor het vergrendelen / ontgrendelen van de beweging van de verbi ndi ngsstang (84) en de uitschuifbare / i nschuifbare as (80).
- 8. Oogstmachine (10) vol gens conclusie 7, gekenmerkt doordat de uitschuifbare/ inschuifbare as (80) en de verbi ndi ngsstang (84) geconfigureerd zijn om enkel uit te schuiven of in te schuiven terwijl de oogstmachine (10) beweegt.
- 9. Oogstmachi ne ( 10) vol gens concl usi e 7, gekenmerkt doordat het asgeheel (72) bovendien het volgende bevat: een uitschuifbare/ inschuifbare as (82) die werkt in een richting tegengesteld aan de uitschuifbare / i nschuifbare as (80); en een andere verbi ndi ngsstang (86) die werkt in een richting die ruwweg tegengesteld isaan de verbi ndi ngsstang (84), waarbij de reeks elektromagneten ook een derde elektromagneet (94) bevat die gekoppeld isaan de andere verbi ndi ngsstang (86) en een vierde elektromagneet (96) die gekoppeld isaan de uitschuifbare / inschuifbare as (82).
- 10. Oogstmachi ne ( 10) vol gens cond usi e 9, gekenmerkt doordat het asgeheel (72) geconfigureerd is om uit te schuiven door eerst de reeks elektromagneten (90, 92, 94, 96) te ontgrendelen, de reeks actuators (102) te activeren wanneer de oogstmachi ne (10) aan het bewegen is, en vervolgens, alsde uitschuifbare/ inschuif bare assen(80, 82) en de verbi ndi ngsstangen (84 en 86) volledig zijn uitgeschoven, de elektromagneten de uitschuifbare/ inschuifbare assen (80, 82) en de verbi ndi ngsstangen (84 en 86) te vergrendelen.
- 11. Oogstmachi ne ( 10) vol gens concl usi e 9, gekenmerkt doordat het asgeheel (72) geconfigureerd is om in te schuiven door eerst de reeks elektromagneten (90, 92, 94, 96) te ontgrendel en, vervol gens de reeks act uators (102) te activeren wanneer de oogstmachi ne (10) aan het bewegen is, en daarna bij het volledige inschuiven van de uitschuif bare / inschuifbare as (80, 82) en de verbindingsstangen (84 en 86), de elektromagneten de uitschuif bare / inschuifbare assen (80, 82) en de verbindingsstangen (84 en 86) te vergrendel en.
- 12. Oogstmachi ne ( 10) vol gens concl usi es 1 -11, gekenmerkt doordat de verbindingsstang (84) zich boven de uitschuivende / intrekkende as (80) bevindt.
Priority Applications (3)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| BE2014/0850A BE1022411B1 (nl) | 2014-12-18 | 2014-12-18 | As voor een oogstmachine |
| US14/969,923 US9724966B2 (en) | 2014-12-18 | 2015-12-15 | Agricultural harvester axle |
| EP15200483.4A EP3034325B1 (en) | 2014-12-18 | 2015-12-16 | An agricultural harvester axle |
Applications Claiming Priority (1)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| BE2014/0850A BE1022411B1 (nl) | 2014-12-18 | 2014-12-18 | As voor een oogstmachine |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| BE1022411B1 true BE1022411B1 (nl) | 2016-03-24 |
Family
ID=53181015
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| BE2014/0850A BE1022411B1 (nl) | 2014-12-18 | 2014-12-18 | As voor een oogstmachine |
Country Status (3)
| Country | Link |
|---|---|
| US (1) | US9724966B2 (nl) |
| EP (1) | EP3034325B1 (nl) |
| BE (1) | BE1022411B1 (nl) |
Families Citing this family (12)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US9296273B2 (en) * | 2013-10-14 | 2016-03-29 | Agco Corporation | Machine suspension and height adjustment |
| BE1022561A9 (nl) * | 2014-10-14 | 2016-11-30 | Reybrouck Consulting & Innovation Bvba | Wielophanging |
| US10518580B2 (en) | 2017-07-24 | 2019-12-31 | Cnh Industrial America Llc | Telescoping axle for an agricultural applicator |
| US10602657B2 (en) * | 2017-11-16 | 2020-03-31 | Cnh Industrial America Llc | Protected tread widening for self-propelled sprayer |
| US10798863B2 (en) | 2017-12-27 | 2020-10-13 | Cnh Industrial America Llc | Input source and speed based control of track-width in a self-propelled agricultural product applicator |
| US11147258B2 (en) * | 2018-02-12 | 2021-10-19 | Capstan Ag Systems, Inc. | Systems and methods for spraying an agricultural fluid on foliage |
| CN109515065B (zh) * | 2018-10-09 | 2020-05-12 | 吉林大学 | 一种可自动定量调节汽车车轮距的调整系统及调整方法 |
| US11420677B2 (en) * | 2018-10-24 | 2022-08-23 | Agco Corporation | Mounting assembly for a steerable wheel with variable track width |
| US11730073B2 (en) * | 2018-11-28 | 2023-08-22 | Agco Corporation | Mounting assembly for a steerable wheel with variable track width |
| CN109591516A (zh) * | 2018-12-04 | 2019-04-09 | 河北铠特农业机械有限公司 | 一种可自动调整轮距的后半轴装置 |
| CN109455645B (zh) * | 2018-12-26 | 2024-07-12 | 克山县力农农机有限公司 | 牵引式机架平行升降装置 |
| US11632892B2 (en) * | 2020-03-04 | 2023-04-25 | Cnh Industrial America Llc | Rear jack for an agricultural implement |
Citations (5)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US2911229A (en) * | 1956-10-18 | 1959-11-03 | Allis Chalmers Mfg Co | Device for varying the steerable wheel tread of vehicles |
| US2994546A (en) * | 1958-09-25 | 1961-08-01 | Allis Chalmers Mfg Co | Rocking axle and restraining device therefor |
| US3480098A (en) * | 1968-03-01 | 1969-11-25 | Jesse E Ward Jr | Hydraulic levelling and control means for tractors and other vehicles |
| EP1502769A2 (en) * | 2003-07-31 | 2005-02-02 | Deere & Company | Agricultural Vehicle |
| WO2011077208A1 (en) * | 2009-12-22 | 2011-06-30 | Agco Corporation | Adjustable height device for high clearance vehicle |
Family Cites Families (10)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| NZ230536A (en) * | 1988-10-18 | 1992-05-26 | Kubota Ltd | Track width adjustment of steerable wheels of a vehicle |
| US5489113A (en) * | 1994-03-30 | 1996-02-06 | Ag-Chem Equipment Company, Inc. | Vehicle with hydraulically adjustable tie rod |
| FR2757850B1 (fr) | 1996-12-27 | 1999-04-16 | Inst Francais Du Petrole | Procede ameliore pour la condensation dienique dite reaction de diels-alder |
| US6206125B1 (en) * | 2000-02-02 | 2001-03-27 | Equipment Technologies, Inc. | Apparatus and method for locking an adjustable width axle assembly of a crop sprayer |
| US7163227B1 (en) * | 2003-12-17 | 2007-01-16 | Burns Kerry C | Multi-position track width sensor for self-propelled agricultural sprayers |
| US7954583B2 (en) | 2009-05-11 | 2011-06-07 | Deere & Company | Agricultural harvester rear axle arrangement for narrow transport |
| GB0815314D0 (en) | 2008-08-22 | 2008-09-24 | Chem Europ Bv Ag | Agricultural application machine with variable width track |
| US7963361B2 (en) | 2008-09-24 | 2011-06-21 | Deere & Company | Steering axle transport positioning structure and method |
| US8398179B2 (en) | 2010-05-05 | 2013-03-19 | Deere & Company | Extendible axle member for the rear of an agricultural harvester |
| US20140260158A1 (en) | 2013-03-13 | 2014-09-18 | Agco Corporation | Harvester with extendable rear axle |
-
2014
- 2014-12-18 BE BE2014/0850A patent/BE1022411B1/nl not_active IP Right Cessation
-
2015
- 2015-12-15 US US14/969,923 patent/US9724966B2/en active Active
- 2015-12-16 EP EP15200483.4A patent/EP3034325B1/en active Active
Patent Citations (5)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US2911229A (en) * | 1956-10-18 | 1959-11-03 | Allis Chalmers Mfg Co | Device for varying the steerable wheel tread of vehicles |
| US2994546A (en) * | 1958-09-25 | 1961-08-01 | Allis Chalmers Mfg Co | Rocking axle and restraining device therefor |
| US3480098A (en) * | 1968-03-01 | 1969-11-25 | Jesse E Ward Jr | Hydraulic levelling and control means for tractors and other vehicles |
| EP1502769A2 (en) * | 2003-07-31 | 2005-02-02 | Deere & Company | Agricultural Vehicle |
| WO2011077208A1 (en) * | 2009-12-22 | 2011-06-30 | Agco Corporation | Adjustable height device for high clearance vehicle |
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| EP3034325B1 (en) | 2023-05-10 |
| US9724966B2 (en) | 2017-08-08 |
| EP3034325A1 (en) | 2016-06-22 |
| US20160176231A1 (en) | 2016-06-23 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| BE1022411B1 (nl) | As voor een oogstmachine | |
| US9992924B2 (en) | Folding mechanism for wide wheat headers | |
| BE1022423B1 (nl) | Hakselaar en strooier voor een oogstmachine | |
| US10588261B2 (en) | Residue handling system for an agricultural harvester | |
| BE1023983B1 (nl) | Geïntegreerd omkeersysteem met riemkoppeling | |
| BE1023029B1 (nl) | Graantank met aangedreven element voor het bedienen van een deksel | |
| US10542673B2 (en) | Agricultural reel cam system | |
| BE1022544B1 (nl) | Vijzel van graanmaaier voor een oogstmachine | |
| BE1021147B1 (nl) | Dekplaat voor een schoongraanvijzel in een reinigingssysteem van een oogstmachine | |
| US20150139765A1 (en) | Folding Auger Assembly for an Agricultural Harvester | |
| BE1025193B1 (nl) | Zelfblokkerend borgsysteem voor een kafschaal van een oogstmachine voor landbouwtoepassingen | |
| BE1021985B1 (nl) | Graantank met verhoogde opslagcapaciteit voor een oogstmachine. | |
| EP3011823B1 (en) | Combine with a weight transfer and residue spreading apparatus | |
| BE1021870B1 (nl) | Aandrijving met een variabele slag voor een reinigingssysteem in een oogstmachine. | |
| BE1022077B1 (nl) | Stroschudopstelling voor een oogstmachine | |
| BE1022543B1 (nl) | Vouwmechanisme voor brede tarwemaaiers | |
| US10729057B2 (en) | Integrated upright header transport for an agricultural combine | |
| WO2023212329A1 (en) | Active crop divider for a harvesting header | |
| BE1022891B1 (nl) | Systeem voor het klemmen van de dorskorf van een oogstmachine | |
| JP2013132265A (ja) | コンバイン |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| MM | Lapsed because of non-payment of the annual fee |
Effective date: 20241231 |