<Desc/Clms Page number 1>
Trilbare paneelbekisting en bekistingsklem daarvoor.
De uitvinding heeft betrekking op een trilbare paneelbekisting die een aantal bekistingspanelen bevat, bekistingsklemmen waarmee de bekistingspanelen aan elkaar vastgemaakt zijn en ten minste één triller voor het trillen van deze panelen.
Bij dergelijke paneelbekistingen zijn de bekistingspanelen gebruikelijkerwijze gevormd door een plaat van metaal of hout, die aan de zijde waarlangs beton moet gestort worden glad is maar aan de andere zijde bevestigd is op versterkingsprofiellijsten die onder meer een kader over de omtrek van het paneel vormen. De panelen worden met hun randen rechtstreeks of onder tussenkomst van vulstukken tegen elkaar gehouden door de bekistingsklemmen. In het geval vulstukken gebruikt worden, zijn deze klemmen uitschuifbaar.
Bij de bekende trilbare paneelbekistingen van voornoemde soort zijn een of meer trillers rechtstreeks op de
<Desc/Clms Page number 2>
profiellijsten van de bekistingspanelen door middel van bouten en moeren bevestigd. Het plaatsen of wegnemen van de triller is daardoor vrij tijdrovend. Gezien dit moeilijk verwijderen van een triller worden bij deze trilbare paneelbekistingen dan ook een groot aantal trillers gebruikt om de verplaatsing van trillers tot een minimum te beperken, waardoor het gebruik van deze paneelbekistingen relatief kostbaar uitvalt.
De uitvinding heeft tot doel deze nadelen te verhelpen en een trilbare paneelbekisting te verschaffen waarbij het plaatsen of wegnemen van een triller op een zeer eenvoudige en snelle manier kan geschieden.
Tot dit doel is de triller op één van de bekistingsklemmen gemonteerd.
De triller wordt dus mee verwijderd of geplaatst met de klem, hetgeen zeer snel kan geschieden en extra werk voor het monteren of verwijderen van de triller overbodig maakt.
In een bij voorkeur toegepaste uitvoeringsvorm van de uitvinding bevat de paneelbekisting meerdere bekistingsklemmen waarop een triller gemonteerd is.
<Desc/Clms Page number 3>
De triller kan op eender welke manier op de bekistingsklem vastgemaakt zijn.
De uitvinding heeft ook betrekking op een bekistingsklem bestemd om gebruikt te worden bij een trilbare paneelbekisting volgens een van de vorige uitvoeringsvormen.
De uitvinding heeft aldus betrekking op een bekistingsklem waarvan het kenmerkende erin bestaat dat er een triller op gemonteerd is.
Andere bijzonderheden. en voordelen van de uitvinding zullen blijken uit de hiervolgende beschrijving van een trilbare paneelbekisting en van een bekistingsklem daarvoor, volgens de uitvinding. Deze beschrijving wordt enkel als voorbeeld gegeven en beperkt de uitvinding niet. De verwijzingscijfers betreffen de hieraan toegevoegde tekeningen waarin :
Figuur 1 een zijaanzicht weergeeft van een trilbare paneelbekisting volgens de uitvinding ; figuur 2 een doorsnede weergeeft volgens de lijn II-II uit figuur 1, maar op grotere schaal getekend ;
<Desc/Clms Page number 4>
figuur 3 een zijaanzicht weergeeft van de bekistingsklem uit figuur 2 ; figuur 4 een bovenaanzicht weergeeft van een bekistingsklem volgens de uitvinding, maar met betrekking op een andere uitvoeringsvorm van de bekistingsklem.
De trilbare paneelbekisting weergegeven in de figuren bevat op de gebruikelijke manier een aantal bekistingspanelen 1 die door bekistingsklemmen 2 aan elkaar vastgemaakt zijn.
De aldus samengestelde-paneelbekisting kan een horizontale wand vormen waartegen beton gestort wordt of een wand van een vertikale koker vormen waarin eveneens beton gestort wordt, of kan nog andere vormen aannemen.
De bekistingspanelen 1 zijn zelf gevormd uit een plaat 3 van metaal of gelaagd hout aan de zijde waarlangs beton moet gestort worden en met deze plaat 3 verbonden metalen profiellijsten 4 die aan de andere zijde een raamwerk ter versteviging vormen. Dit raamwerk bevat onder meer een kader dat zich over de omtrek van de plaat 3 uitstrekt. De panelen 1 zijn met delen van dit kader door middel van de bekistingsklemmen 2 in de bekisting aan elkaar vastgemaakt.
<Desc/Clms Page number 5>
In de uitvoeringsvorm weergegeven in de figuren 1 tot 3 zijn de bekistingsklemmen 2 van het instelbare of uitschuifbare type zodat ze kunnen gebruikt worden bij verschillende diktes van de profiellijsten 4 of wanneer tussen twee panelen 1 een vulstuk gebruikt wordt.
Een dergelijke bekistingsklem 2 bestaat uit een uitschuifbare basis met een buitenste kokervormig gedeelte 5 en een verschuifbaar in dit gedeelte 5 gemonteerd binnenste gedeelte 6. Op het buitenste gedeelte 5 is een arm 7 vastgemaakt, terwijl op het einde van het binnenste gedeelte 6 eveneens een, evenwijdig aan de arm 7 gerichte, arm 8 vastgemaakt is. De bekistingsklem 2 wordt in uitgeschoven stand over profiellijsten 4 van twee naburige panelen 1 geplaatst en wanneer deze twee profiellijsten 4 tussen de twee armen 7 en 8 gelegen zijn, worden de gedeelten 5 en 6 in elkaar geschoven en deze profiellijsten tegen elkaar geklemd.
Dit geschiedt door het aanschroeven van een moer 9 op het einde van een draadstang 10 die op het binnenste gedeelte 6 vastgemaakt is en zich doorheen het buitenste gedeelte 5 uitstrekt.
De armen 7 en 8 kunnen op hun naar elkaar gekeerde zijden van een uitsteeksel voorzien zijn dat bij het vastklemmen
<Desc/Clms Page number 6>
van de bekistingsklem 2 in uitsparingen of uithollingen die in de profiellijsten 4 aangebracht zijn binnendringen of achter randen van de profiellijsten 4 haken om het afschuiven van de klem tegen te gaan.
Kenmerkend voor de uitvinding is het feit dat op het buitenste gedeelte 5 van de bekistingsklem 2 een triller 11 bevestigd is. Deze triller 11 is van een op zichzelf bekende konstruktie en bevat bijvoorbeeld op de gebruikelijke manier een door een motor gedreven excentriek. Deze triller 11 wordt dan ook niet verder in detail beschreven.
Om het loskomen van de moer 9 tijdens het trillen te vermijden, is tussen het buitenste gedeelte 5 en deze moer 9 een elastische ring 12 aangebracht.
Elke bekistingsklem 2 kan een triller 11 bezitten zoals weergegeven in figuur 1. Het is uiteraard mogelijk bij de paneelbekisting niet alleen bekistingsklemmen 2 volgens de uitvinding met een triller 11 te gebruiken, maar ook klemmen te gebruiken die geen triller 11 bezitten. De verhouding tussen beide soorten bekistingsklemmen hangt af van de specifieke uitvoering van de paneelbekisting zoals haar vorm en haar afmetingen en de aard van het gebruikte beton.
<Desc/Clms Page number 7>
De uitvoeringsvorm van de bekistingsklem 2 weergegeven in figuur 4 verschilt van de uitvoeringsvorm van de figuren 1 tot 3, doordat deze klem niet instelbaar is. Ze bevat een vaste basis 13 die op één einde een vaste arm 14 draagt. Nabij het andere einde is rond een scharnierpen 15 een wentelbare arm 16 gemonteerd die door een aanslag 17 op de basis 13 tegengehouden wordt.
De vorm van de wentelbare arm 16 en de ligging van de scharnierpen 15 zijn zodanig dat éénmaal de bekistingsklem 2 gesloten is, over bijvoorbeeld twee naburige profiellijsten 4, en dus de arm 16 maximaal naar de vaste arm 14 gewenteld is, er een relatief grote kracht nodig is om de bekistingsklem 2 te openen en dus de arm 16 terug te wentelen.
Ook bij de bekistingsklem 2 volgens figuur 4 is op de basis 13 een triller 11 vastgehecht.
Het is vanzelfsprekend dat klemmen 2 van beide beschreven types eventueel door elkaar kunnen gebruikt worden.
Doordat een of meer bekistingsklemmen 2 zelf een triller 11 dragen, moeten geen afzonderlijke trillers meer gemonteerd worden hetgeen veel tijd en werk uitspaart. De trillers 11 kunnen zeer snel en gemakkelijk weggenomen en teruggeplaatst worden samen met hun bekistingsklem 2.
<Desc/Clms Page number 8>
Hierdoor is het ook mogelijk een minimum aantal trillers 11 voor de konstruktie van een bekisting te voorzien.
De uitvinding is geenszins beperkt tot de hiervoor beschreven uitvoeringsvormen, en binnen het raam van de oktrooiaanvrage kunnen aan de beschreven uitvoeringsvormen vele veranderingen worden aangebracht, onder meer wat betreft de vorm, de samenstelling, de schikking en het aantal van de onderdelen die voor het verwezenlijken van de uitvinding gebruikt worden.
<Desc / Clms Page number 1>
Vibrating panel formwork and formwork clamp therefor.
The invention relates to a vibratable panel formwork comprising a number of formwork panels, formwork clamps with which the formwork panels are fastened together and at least one vibrator for vibrating these panels.
In such panel formworks, the formwork panels are usually formed by a sheet of metal or wood, which is smooth on the side along which concrete is to be poured, but is fastened on the other side to reinforcing profile strips which, among other things, form a frame around the perimeter of the panel. The panels are held together with their edges directly or through fillers by the formwork clamps. When shims are used, these clamps are extendable.
In the known vibratable panel formwork of the above-mentioned type, one or more vibrators are directly on the
<Desc / Clms Page number 2>
profile strips of the formwork panels fastened with bolts and nuts. Placing or removing the vibrator is therefore quite time consuming. In view of this difficult removal of a vibrator, a large number of vibrators are used with these vibratable panel formworks to minimize the movement of vibrators, so that the use of these panel formworks is relatively expensive.
The object of the invention is to overcome these drawbacks and to provide a vibratable panel formwork in which placing or removing a vibrator can take place in a very simple and fast manner.
For this purpose, the vibrator is mounted on one of the formwork clamps.
The vibrator is thus removed or placed with the clamp, which can be done very quickly and makes extra work for mounting or removing the vibrator unnecessary.
In a preferred embodiment of the invention, the panel formwork comprises a plurality of formwork clamps on which a vibrator is mounted.
<Desc / Clms Page number 3>
The vibrator can be attached to the formwork clamp in any way.
The invention also relates to a formwork clamp intended for use with a vibratable panel formwork according to one of the previous embodiments.
The invention thus relates to a formwork clamp, the characteristic of which is that a vibrator is mounted on it.
Other details. and advantages of the invention will become apparent from the following description of a vibrable panel formwork and of a formwork clamp therefor, according to the invention. This description is given by way of example only and does not limit the invention. The reference numbers refer to the accompanying drawings, in which:
Figure 1 shows a side view of a vibratable panel formwork according to the invention; figure 2 represents a section according to the line II-II of figure 1, but is drawn on a larger scale;
<Desc / Clms Page number 4>
figure 3 shows a side view of the formwork clamp of figure 2; Figure 4 shows a top view of a formwork clamp according to the invention, but with reference to another embodiment of the formwork clamp.
The vibratable panel formwork shown in the figures comprises in the usual manner a number of formwork panels 1 which are fastened together by formwork clamps 2.
The panel formwork thus assembled can form a horizontal wall against which concrete is poured or a wall of a vertical tube in which concrete is also poured, or can take other forms.
The formwork panels 1 are themselves formed from a plate 3 of metal or laminated wood on the side along which concrete must be poured and metal profile strips 4 connected to this plate 3, which on the other side form a frame for reinforcement. This frame includes a frame which extends over the circumference of the plate 3. The panels 1 are secured together with parts of this frame by means of the formwork clamps 2 in the formwork.
<Desc / Clms Page number 5>
In the embodiment shown in Figures 1 to 3, the formwork clamps 2 are of the adjustable or extendable type so that they can be used at different thicknesses of the profile strips 4 or when a filler is used between two panels 1.
Such a formwork clamp 2 consists of an extendable base with an outer tubular part 5 and an inner part 6 mounted for sliding in this part 5. An arm 7 is fixed on the outer part 5, while on the end of the inner part 6 also a, arm 8 oriented parallel to arm 7. The formwork clamp 2 is placed in extended position over profile strips 4 of two neighboring panels 1 and when these two profile strips 4 are located between the two arms 7 and 8, the sections 5 and 6 are pushed together and these profile strips are clamped together.
This is done by screwing a nut 9 onto the end of a threaded rod 10 which is attached to the inner portion 6 and extends through the outer portion 5.
The arms 7 and 8 can be provided on their facing sides with a projection which is used when clamping
<Desc / Clms Page number 6>
of the formwork clamp 2 into recesses or recesses provided in the profile strips 4 or hook behind edges of the profile strips 4 to prevent shearing of the clamp.
Characteristic of the invention is the fact that a vibrator 11 is mounted on the outer part 5 of the formwork clamp 2. This vibrator 11 is of a construction known per se and contains, for example, an eccentric driven by a motor in the usual manner. Therefore, this vibrator 11 is not described in further detail.
In order to prevent the nut 9 from coming off during vibration, an elastic ring 12 is arranged between the outer part 5 and this nut 9.
Each formwork clamp 2 can have a vibrator 11 as shown in figure 1. It is of course possible with panel formwork not only to use formwork clamps 2 according to the invention with a vibrator 11, but also to use clamps that do not have a vibrator 11. The relationship between both types of formwork clamps depends on the specific design of the panel formwork, such as its shape and dimensions and the nature of the concrete used.
<Desc / Clms Page number 7>
The embodiment of the formwork clamp 2 shown in Figure 4 differs from the embodiment of Figures 1 to 3 in that this clamp is not adjustable. It includes a fixed base 13 which carries a fixed arm 14 on one end. A revolving arm 16 is mounted around a hinge pin 15 and is restrained by a stop 17 on the base 13 near the other end.
The shape of the revolving arm 16 and the location of the hinge pin 15 are such that once the formwork clamp 2 is closed, for example over two neighboring profile strips 4, and thus the arm 16 is turned maximally to the fixed arm 14, there is a relatively great force is required to open the formwork clamp 2 and thus to rotate the arm 16 back.
A vibrator 11 is also attached to the base 13 of the formwork clamp 2 according to Figure 4.
It goes without saying that terminals 2 of both types described can possibly be used interchangeably.
Because one or more formwork clamps 2 themselves carry a vibrator 11, separate vibrators no longer have to be mounted, which saves a lot of time and work. The vibrators 11 can be removed and replaced very quickly and easily together with their formwork clamp 2.
<Desc / Clms Page number 8>
This also makes it possible to provide a minimum number of vibrators 11 for the construction of a formwork.
The invention is by no means limited to the above-described embodiments, and many changes can be made to the described embodiments within the scope of the patent application, including as to the shape, composition, arrangement, and number of the parts used to accomplish of the invention.