NL8500719A - Inrichting voor het uitbrengen en lichten van ankers. - Google Patents
Inrichting voor het uitbrengen en lichten van ankers. Download PDFInfo
- Publication number
- NL8500719A NL8500719A NL8500719A NL8500719A NL8500719A NL 8500719 A NL8500719 A NL 8500719A NL 8500719 A NL8500719 A NL 8500719A NL 8500719 A NL8500719 A NL 8500719A NL 8500719 A NL8500719 A NL 8500719A
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- anchor
- chain
- cable
- chaser
- blocking member
- Prior art date
Links
- 230000000903 blocking effect Effects 0.000 claims description 15
- 238000010276 construction Methods 0.000 claims description 3
- 125000006850 spacer group Chemical group 0.000 claims description 3
- 238000005266 casting Methods 0.000 description 4
- 238000010586 diagram Methods 0.000 description 3
- 230000003993 interaction Effects 0.000 description 3
- XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N water Substances O XLYOFNOQVPJJNP-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 3
- 230000000694 effects Effects 0.000 description 2
- 230000002349 favourable effect Effects 0.000 description 2
- 230000006872 improvement Effects 0.000 description 2
- 238000000034 method Methods 0.000 description 2
- 230000035515 penetration Effects 0.000 description 2
- 238000004873 anchoring Methods 0.000 description 1
- 230000008901 benefit Effects 0.000 description 1
- 238000010516 chain-walking reaction Methods 0.000 description 1
- 238000005553 drilling Methods 0.000 description 1
- 239000000976 ink Substances 0.000 description 1
- 238000012986 modification Methods 0.000 description 1
- 230000004048 modification Effects 0.000 description 1
- 230000000284 resting effect Effects 0.000 description 1
- 239000002689 soil Substances 0.000 description 1
- 239000003643 water by type Substances 0.000 description 1
Classifications
-
- B—PERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
- B63—SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
- B63B—SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; EQUIPMENT FOR SHIPPING
- B63B21/00—Tying-up; Shifting, towing, or pushing equipment; Anchoring
- B63B21/22—Handling or lashing of anchors
Landscapes
- Chemical & Material Sciences (AREA)
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Combustion & Propulsion (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- Ocean & Marine Engineering (AREA)
- Laying Of Electric Cables Or Lines Outside (AREA)
- Other Liquid Machine Or Engine Such As Wave Power Use (AREA)
Description
,·..............;j?pr.......
Inrichting voor het uitbrengen en lichten van ankers.
De uitvinding heeft betrekking op een inrichting voor het uitbrengen en weer uit de 2eebodem lostrekken en lichten van ankers,
Een intensivering van de exploratie en exploitatie 5 van buitengaatse olie- en gasvelden gedurende de afgelopen tien jaar heeft deze werkzaamheden naar steeds diepere wateren doen verplaatsen. Het gevolg hiervan was, dat er een belangrijke schaalvergroting is opgetreden met betrekking tot al het materiaal, dat voor werkzaamheden buitengaats wordt gebruikt. Zo zijn de dimensies 10 van bijvoorbeeld ankerkettingen, ankerlieren en van ankers zelf aanzienlijk toegenomen. Met name de houdkracht-efficiëncy van ankers is het laatste decennium met een factor 3 tot 6 verbeterd,
In de beginfase van deze buitengaatse werkzaamheden, dus in de tijd, dat de exploratie en exploitatie van olie- en gas-15 voorkomens nog slechts was beperkt tot betrekkelijk ondiepe gedeelten van het continentale plat, werden de ankers, waarmede drijvende objecten, zoals boorplatforms, kraanschepen e,d. aan de zeebodem kunnen worden verankerd, met behulp van zogenaamde neuringlijnen uit of van de zeebodem losgetrokken en gelicht. Daartoe was het ene 20 uiteinde van een dergelijke neuringslijn aan het anker bevestigd en het andere uiteinde aan een zogenaamde oppervlakteboei, Na het uitbrengen van de ankers, hetgeen veelal met behulp van sleepboten of bevoorradingsschepen geschiedt, gaven deze op het zeeoppervlak drijvende boeien dan de posities door, waar de 25 ankers zich in of op de zeebodem bevonden. Na voltooiing van de werkzaamheden werden deze ankers weer gelicht door ze met behulp van de neuringlijnen uit of vanaf de zeebodem omhoog te trekken.
Daartoe werden de oppervlakteboeien samen met de eraan bevestigde uiteinden van de neuringlijnen met behulp van de sleepboten of 30 bevoorradingsschepen weer uit het watereopgepikt, waarna de «inkers aan hun neuringlijn werden losgetrokken. Tegelijkertijd werden de 3500719 < ► - 2 - " ankerkettingen vanaf het drijvende object met behulp van ankerlierecc aangetrokken en vervolgens de ankers aldaar aan dek gehesen of tegen aan de zijkant van het object bevestigde ankersteunframes vastgezet, 5 Deze ankers werden echter in de loop der tijd op ver schillende punten verbeterd, Eén van deze verbeteringen betreft het dieper kunnen laten penetreren van deze ankers. Een diepere penetratie Levert echter niet alleen een verbetering van de houdkracht-capaciteit op, maar ook een evenredige verbetering van de uitbreek-10 krachten, en wel met name in zachtere grondsoorten. Dit houdt in, dat er veel grotere krachten nodig zijn om een ingebed anker uit de bodemloste trekken, Dit impliceert op zijn beurt, dat de neuringlijnen zwaarder gedimensioneerd moeten worden, zodat ook de oppervlakteboeien moeten worden vergroot om het hogere 15 eigen gewicht van de neuringlijnen te kunnen dragen,
In verschillende zeegebieden hebben deze grote boeien echter ongelukken veroorzaakt, waarop van overheidswege in de landen rond de Noordzee het gebruik van deze boeien in hun sector van het continentale plat werd verboden. Vooral ook, omdat met 20 name vissersschepen in de nachtelijke duisternis door de aanwezigheid van dergelijke boeien in de problemen kwamen.
Dit probleem werd opgelost door gebruik te maken van een specifieke inrichting voor het uitbrengen en lichten van ankers waarbij het gebruik van oppervlakteboeien achterwege kon blijven.
25 Een bekende inrichting van dit type wordt in vaktermen meestal een "chaser" genoemd. Van een dergelijke inrichting zijn in hoofdzaak twee varianten bekend. Het ene type wordt over het algemeen aangeduid met de naam "J-chaser", Deze inrichting bezit, zoals de naam reeds aangeeft, een J-vorm, waardoor een open 30 constructie wordt verschaft, die op een willekeurige plaats om een ankerketting of -kabel kan worden gehaakt. Buiten gebruik kan de inrichting zowel op het dek van het drijvende object als op het dek van de sleepboot of het bevoorradingsschip worden opgeslagen, 3530719 4 "~Λ ‘ - 3 -
Het andere type is bekend onder de naam "permanent chaser". Deze inrichting omvat globaal een ringvormig orgaan, dat zodanige inwendige afmetingen bezit,, dat het gemakkelijk over de ankerketting of -kabel en de ankerschacht kan worden geschoven.
5 Zoals de naam reeds aangeeft, bevindt deze inrichting zich permanent rond de ankerketting en rust buiten gebruik tegen een anker-steunframe.
Voor het uitbrengen van een anker van een drijvend object, dat in een bepaalde positie moet worden verankerd, wordt de 10 "chaser" op de ankerschacht geschoven ("J - chaser"), zo deze al niet permanent in het systeem van anker + ankerketting is opgenomen ("permanent chaser") en wel zodanig, dat de "chaser" zich ten behoeve van de stabiliteit zo dicht mogelijk bij de ankerkroon bevindt. Aan de "chaser" wordt of is een neuringlijn bevestigd, 15 waarvan het andere uiteinde met een lier aan boord van een sleepboot of bevoorradingsschip is verbonden. Met behulp van deze lier wordt de neuringlijn steeds onder voldoende spanning gehouden om te voorkomen, dat het anker uit de "chaser" zal glijden.
Vanaf het drijvende object wordt de ankerketting of 20 -kabel met behulp van een ankerlier langzaam gevierd, terwijl tegelijkertijd de sleepboot of het bevoorradingsschip zich langzaam van het object verwijderd. Door het gelijktijdig laten vieren van de ankerketting of -kabel en de neuringlijn wordt het anker op beheerste wijze tot op de zeebodem neergelaten en naar de gewenste 25 verankeringspositie gesleept, De neuringlijn dient dan bij voorkeur een lengte van li tot 2 maal de waterdiepte te bezitten.
Wanneer het anker in de gewenste positie is aangebracht, vaart de sleepboot of het bevoorradingsschip terug naar het drijvende object, waarbij de "chaser" van de ankerschacht afschuift, 30 De "chaser" wordt dan al glijdende langs de ankerketting mee terug gevoerd naar het drijvende object.
Indien na voltooiing of ter onderbreking van de werkzaamheden het betreffende anker weer moet worden gelicht, wordt 8?337 19
f I
- 4 - globaal gesproken in omgekeerde volgorde gewerkt, De "chaser" wordt door de sleepboot of het bevoorradingsschip met behulp van de neuringlijn nu vanaf het drijvende object al glijdende langs de ankerketting of -kabel in de richting van het anker op de 5 zeebodem getrokken, Aldaar aangekomen schuift de "chaser" vanwege zijn aangepaste vormgeving gemakkelijk om de ankerschacht en gaat tegen de ankerkroon aanliggen* Het anker kan dan door het vanaf de sleepboot of het bevoorradingsschip aanlieren van de neuringlijn uit of vanaf de zeebodem worden losgetrokken en worden gelicht, 10 Vervolgens kan hij dan naar: keuze of aan boord van de sleepboot of van het bevoorradingsschip worden getrokken of gehesen, bf door het aanlieren van de ankerketting of -kabel vanaf het drijvende object hier naar toe worden getrokken om weer op het dek te worden gehesen of tegen een ankerframe te worden vastgezet, 15 De als laatste beschreven werkwijze voor het weer terug halen van een anker levert echter problemen op naarmate het anker dieper in de zeebodem is gepenetreerd. In de eerste plaats is de ankerschacht dan veelal onbereikbaar voor de "chaser", omdat deze schacht zich te ver heeft ingegraven, De "chaser" zal dan dus 20 niet om de ankerschacht kunnen schuiven, In de tweede plaats vertoont de ankerketting van een diep gepenetreerd anker een vrij steile invalshoek ten opzichte van de zeebodem. Bij het aanlieren van de neuringlijn heeft de "chaser" de neiging om langs de ankerketting terug te glijden, totdat zich een bepaald krachtenevenwicht 25 heeft ingesteld in het systeem van ankerketting of -kabel en daarop aangrijpende "chaser". Hierdoor worden grote krachten in de ankerketting of -kabel opgewekt, De zodoende naar het drijvende object en naar het anker toe gerichte krachten in de ketting of kabel veroorzaken als gevolg van 2e orde-effecten in de neuringlijn 30 naar de sleepboot of het bevoorradingsschip toe een veel grotere resulterende kracht dan de werkelijke voor het lostrekken van het anker benodigde kracht. Dit heeft als nadelige consequentie, dat en de ankerketting of -kabel/de neuringlijn onevenredig zwaarder 8530719 - 5 - . „** moeten worden gedimensioneerd en dat de lier aan boord van de sleepboot of het bevoorradingsschip veel grotere trekkrachten moet kunnen leveren. Ondanks deze noodzakelijke maatregelen blijft er vanwege het hoge niveau van het krachtenspel kans op ketting-5 of kabelbreuk bestaan/ vooral indien het anker zich nogal stevig in de bodem heeft ingebed..
De onderhavige uitvinding beoogt deze nadelen te elimineren en de uitvinding wordt daartoe gekenmerkt, doordat de "chaser" is voorzien van een glijvlak of glijvlakken voor een gemakkelijke 10 passage van een ankerketting of -kabel door of over de inrichting in beide richtingen en een enkelzijdig werkend blokkeerorgaan, waarover de passage van de ankerketting of een stuk ketting als onderdeel van een ankerkabel in tenminste één richting mogelijk is, maar waarmede deze in tegenovergestelde richting kam worden IS geblokkeerd.
De toepassing van een dergelijk enkelzijdig werkend blokkeerorgaan of 'fchaserstopper" bij een "permanent chaser" levert het nadeel op, dat de "chaser" na het uitbrengen van het 20 anker door de blokkerende werking in terugwaartse richting niet langs de ankerketting of het stuk ketting van de ankerkabel terug naar het drijvende object zou kunnen worden gesleept. Een uitvoe-ringsvariant van de onderhavige uitvinding beoogt dit probleem op te lossen en deze variant wordt daartoe gekenmerkt, doordat deze 25 is voorzien van een anti-blokkeerorgaan, waarmede de enkelzijdige blokkeerwerking van het blokkeerorgaan kan worden opgeheven.
Opgemerkt moet worden, dat de blokkerende werking van de "chaserstopper" is betrokken op ankerkettingen. Dit sluit de toepassing bij ankerkabels niet uit, mits dergelijke ankerkabels nabij 30 het anker zijn voorzien vein een stuk ankerketting, waarop de "chaserstopper" dan werkzaam kan zijn. Waar in de navolgende beschrijving het woord ketting wordt gebruikt, kan dit zowel betrekking hebben op een gehele ankerketting als op een stuk ketting als onderdeel van een ankerkabel.
3500719 * * - 6 -
De uitvinding zal nu aan de hand van de bijgaande tekeningen meer gedetailleerd worden beschreven en nader worden toegelicht,
De figuren la t/m ld geven in deze volgorde opeenvolgende 5 stadia weer van het uit de zeebodem lostrekken van een diep gepenetreerd anker met een bekende inrichting en in bijbehorende krachtdiagrammen is op schematische wijze het in elk stadium optredende krachtenspel weergegeven,
De figuren 2a t/m 2d geven in deze volgorde opeen-10 volgende stadia weer van het uit de zeebodem lostrekken van een diep gepenetreerd anker met de inrichting overeenkomstig de uitvinding en een indicatie van de in elk stadium optredende krachten, Fig, 3a toont een zijaanzicht van een inrichting overeenkomstig de uitvinding van het "J-chaser"type, 15 Fig, 3b toont een doorsnede in lengterichting door de inrichting van fig, 3a volgens de lijn I-I,
Fig, 3c toont een dwarsdoorsnede door de inrichting van fig, 3a volgens de lijn II-II in fig, 3b,
Fig, 4a toont een zijaanzicht van een inrichting over-20 eenkomstig de uitvinding van het "permanent-chaser"type.
Fig, 4b toont een doorsnede in lengterichting door de inrichting van fig, 4a volgens de lijn III-III,
Fig, 4c toont een dwarsdoorsnede door de inrichting van fig, 4a volgens de lijn IV-IV in fig, 4b, 25 Fig, 5 toont het kettingeinde nabij het anker, in welk kettingeinde een vangorgaan voor· de "chaser" is opgenomen,
In de figuren la t/m ld is de problematiek weergegeven van het uit de zeebodem trekken van een diep gepenetreerd anker met behulp van een bekende inrichting, In fig, la wordt een "chaser" 1 30 met behulp van een sleepboot of bevoorradingsschip 2 aan een neuringlijn 3 vanaf het te verankeren drijvende object 4 (hoorplat-form, kraanschip e,d,) langs de ankerketting of -kabel 5 in de richting van het anker 6 gesleept, In het bijgaande krachtendiagram is verhoudingsgewijs aangegeven, hoe de krachten ter plaatse van 35 het aangrijpingspunt van de "chaser" 1 op de ankerketting of -kabel 8500718 - 7 - in de neuringlijn en in de ankerketting of -kabel worden ontwikkeld.
Door de diepe penetratie van het anker 6 en de vrij steile invalshoek van de ankerketting 5 ten opzichte van de zeebodem is de "chaser" niet in staat om zich naar het anker toe te 5 bewegen en heeft de neiging om bij het aanlieren van de neuringlijn 3 vanaf de sleepboot of het bevoorradingsschip langs de ankerketting of -kabel terug te glijden. Dit terugglijden gaat door, totdat er een bepaald krachtenevenwicht is bereikt. Dit stadium is in fig. lb weergegeven, evenals het schematisch aange-10 geven krachtenspel in de evenwichtssituatie.
In fig, lc is het stadium weergegeven waarin door het verder aanlieren van de neuringlijn een begin wordt gemaakt met het daadwerkelijk uit de zeebodem lostrekken van het anker. Uit het bijgaande krachtendiagram is af te lezen, dat de krachten in zowel 15 de ketting- en kabeleinden als in de neuringlijn aanmerkelijk groter worden,
Fig. ld toont een navolgend stadium, waarin als gevolg van de optredende grote krachten in de ankerketting- of kabeleinden en op basis van krachtenevenwicht in het aangrijpingspunt 20 de kracht in de neuringlijn overmatig sterk aangroeit.
De figuren 2a t/m 2d geven de stadia van het lostrekken van het anker weer, waarbij gebruik wordt gemaakt van de inrichting overeenkomstig de uitvinding, In fig. 2a staat de inrichting op het punt om terug te willen glijden in de richting van het drijvende 25 object 4, Op dat moment wordt het enkelzijdig werkende blokkeer— orgaan, in vaktermen "chaserstopper" genaamd, werkzaam, doordat het aangrijpt op de eerstvolgende horizontale schalm van de door de "chaser" 1 teruglopende ketting, De ketting wordt zodoende in de richting van het drijvende object in de "chaser" geblokkeerd, waar-30 door ten gevolge van het vanaf de sleepboot 2 aanlieren van de neuringlijn 3 slechts het kettingeinde, dat naar het anker 6 toeloopt, strak wordt getrokken (fig. 2b). De krachten in het kettingeinde, dat met het drijvende object is verbonden, kunnen worden 830 0 7 1 9 I* \ - 8 - verwaarloosd,,
Door het verder aanlieren van de neuringlijn kan het anker vervolgens rechtstreeks uit de zeebodem worden getrokken, hetgeen in fig, 2c is weergegeven. Door het ontbreken van 5 secundaire krachten (2e orde-effecten) in de kettingeinden blijft de benodigde trekkracht in de neuringlijn beperkt tot de uitbreek-kracht van het anker,
Doordat de "chaser" nu min of meer aan de ketting is bevestigd kan de sleepboot of het bevoorradingsschip in principe 10 in elke gewenste richting aan het anker trekken, bijvoorbeeld zoals in fig. 2d is weergegeven. Dit heeft het voordeel, dat het anker vanuit een zo gunstig mogelijke richting en onder een zo gunstig mogelijke hoek uit de bodem kan worden losgewrikt,
In de figuren 3a t/m 3c is een inrichting overeenkomstig 15 de uitvinding van. het type "J-chaser" weergegeven. Het J-vormige draagframe is voorzien van twee glijvlakken, waarover horizontaal gepositioneerde kettingschalmen kunnen glijden. Deze glijvlakken zijn van elkaar gescheiden door een verdiept gedeelte 8 voor de onbelemmerde passage van vertikaal gepositione'erde schalmen. De 20 glijvlakken zijn aan één zijde van de inrichting voorzien van aanslagnokken 9. Zolang de ketting 5 volgens fig, 3a van rechts naar links door de "chaser" loopt, of liever gezegd, de "chaser" van links naar rechts beweegt, kunnen de horizontale schalmen ongehinderd over de aanslagnokken 9 passeren. Zodra de bewegings-25 richting van de "chaser" echter wordt omgekeerd slaat de eerstvolgende horizontale schalm tegen de aanslagnokken aan, waarmede de passage van de ketting door de "chaser" wordt geblokkeerd, In fig, 3a is deze situatie weergegeven, De "chaser" grijpt zich als het ware vast aan de ketting, zodat de hijskracht direkt via het 30 strakgetrokken kettinggedeelte (in fig, 3a rechts van de "chaser") naar het anker wordt overgebracht,
De bovenbeschreven situatie treedt op, indien men een anker wil lichten, In dit geval vaart de sleepboot of het bevoor- 6^00719 - 9 - radingsschip vanaf het drijvende object van links naar rechts o boven de ankerketting of -kabel, waarbij de "chaser" aan de neuringlijn over de hekrol in het water wordt neergelaten. De "chaser" is voorzien van een draaiplaat 10 en draaidriehoeken 11, 5 welke in aanraking met de ketting de "chaser" automatisch in de goede richting doen draaien, waarna de "chaser" op eenvoudige wijze aan de ketting kan worden gehaakt. Vervolgens wordt de "chaser" all varende in de richting van het anker "gedreven11 en wel tot op het eerder genoemde moment, waarop de "chaser" langs 10 de ketting terug wil glijden. Het is op dat moment, dat zich het hierboven beschreven tegen de aanslagnokken 9^gaan aanliggen van de eerstvolgende kettingschalm voordoet.
Een opstaande rand 12 waarborgt, dat een eenmaal ingevangen ketting ook tijdens de passage over de betrekkelijk hoge 15 aanslagnokken 9 over de glijvlakken 7blijft lopen. Verder is deze "J-chaser" door middel van een bout 13 scharnierend aan een hijsoog 14 bevestigd.
Na het op de ketting aangrijpen vein de "chaser" wordt het anker direkt via het strakgetrokken kettingeinde, dat zich 20 tussen de "chaser" en het anker bevindt, uit de zeebodem getrokken en gelicht, waarna het aan boord van de sleepboot of het bevoorradingsschip of aan boord van het drijvende object kan worden gehesen.
Indien deze "J-chaser" zal worden gebruikt voor het 25 naar zijn lokatie brengen c,q. voor het uitbrengen van een anker, moet dit anker vanaf het drijvende object worden neergelaten, aan boord van de sleepboot of het bevoorradingsschip worden gehesen en dan met behulp van de "chaser" op zijn verankeringsplaats worden neergelaten. Dit impliceert dan echter, dat voor het neerlaten 30 vanaf het drijvend object tijdelijk een neuringlijn aan het anker moet worden bevestigd,
In de figuren 4d t/m 4c is een inrichting overeenkomstig de uitvinding van het type "permanent chaser11 weergegeven. Ook is 007 19 - 10 - deze "chaser" is voorzien van twee giijvlakken 7, waarover horizontaal gepositioneerde kettingschalmen kunnen glijden, en een verdiept gedeelte 8 voor de onbelemmerde passage van vertikaal gepositioneerde schalmen van de ketting 5, Deze glijvlakken bevin-5 den zich tussen de beide zijplaten 15, die met behulp van de afstandhouder 19cpafstand van elkaar worden gehouden. Vanwege het permanente karakter van dit "chaser"type bevindt ook de ketting zich permanent tussen deze zijplaten,
Juist vanwege dit permanente karakter van deze "chaser" 10 is hij altijd in één bepaalde stand t.o.v, de ketting georiënteerd, Aangezien de "chaser" zowel voor het uitbrengen als voor het weer ophalen van een anker„ moet kunnen worden gebruikt, houdt dit in, dat de "chaser" desgewenst in beide richtingen langs de ketting moet kunnen worden bewogen. Na het uitbrengen van een anker met een 15 "permanent chaser" moet deze "chaser" immers weer langs de ankerketting of -kabel terug worden bewogen in de richting van het drijvende object. De "chaser" zou dan echter aangrijpen op de ankerketting of het stuk ketting van een ankerkabel, waardoor deze teruggaande*beweging zou worden geblokkeerd. Voor dit probleem 20 is een oplossing bedacht in de vorm van een anti-blokkeerorgaan.
Bij deze uitvoeringswijze bestaat dit anti-blokkeerorgaan uit kantelarmen 16, die .om horizontale scharnierassen 17 kunnen scharnieren. De kantelarmen bevinden zich in de glijvlakken 7, en wel vlak voor de aanslagnokken 9, 25 Ze kunnen, afhankelijk van de beoogde "chaser"-handeling, in twee standen worden vergrendeld, bijvoorbeeld door ze vast te zetten met een palwerk.
Indien een anker moet worden uitgebracht, worden de kantelarmen 16 in gesloten positie, d.w.z, in omhoog gekantelde 30 stand vergrendeld, De ankerketting of -kabel 5 kan nu onbelemmerd in beide richtingen over de glijvlakken 7 schuiven, waardoor de "chaser" na uitbrengen van het anker weer kan worden terugbewogen*· naar zijn rustpositie tegen het ankersteunframe van het drijvende 3500719 - 11 - object. Deze gesloten positie van de kantelarmen is in fig, 4a weergegeven.
Voor het weer ophalen van een eerder uitgebracht anker worden de kantelarmen 16 in geopende positie, d.w.z, in omlaag 5 gekantelde stand vergrendeld, De "chaser" kan nu onbelemmerd vanaf het drijvende object in de richting van het anker worden bewogen: de ankerketting of -kabel loopt zonder obstructies van rechts naar links over de aanslagnokken 9 en via de daar achter gelegen, lagere glijvlakken 7 verder door de "chaser". Op het moment, dat de 10 "chaser” zich nabij het anker bevindt en terug wil glijden langs de ankerketting of het stuk ketting van een ankerkabel, gaat de eerstvolgende horizontale kettingschalm tegen de aanslagnokken 9 aanliggen, waarna het kettingeinde tussen de "chaser" en het anker kan worden strakgetrokken en het anker uit de zeebodem kan worden 15 getrokken. Dit aangrijpen van een horizontale schalm achter de aanslagnokken 9 bij geopende positie van de kantelarmen 16 is in fig. 4c weergegeven, welke figuur een doorsnede exact volgens de hartlijn III-III van fig, 4b voorstelt,
In fig. 4b zijn overigens omwille van de duidelijkheid 20 niet de kantelarmen 16 in doorsnede weergegeven, Verder kunnen de zijplaten 15 ten behoeve van een gemakkelijker doorvoer van de ankerketting of -kabel aan de binnenzijde van afgeschuinde of afgeronde kanten 18 zijn voorzien. Ook deze "permanent chaser" is door middel van een bout 13 via de afstandhouder 19 scharnierend 25 aan een hijsoog bevestigd.
In fig. 5 is het kettingeinde 5 nabij het anker 6 weergegeven, in welk kettingeinde een vangorgaan is opgenomen om te voorkomen, dat de "chaser" eventueel tot voorbij dit punt zal bewegen en tegen de ankersluiting ("crownshackle") klem zal lopen. In 30 het hier weergegeven uitvoeringsvoorbeeld bestaat dit vangorgaan uit een vanghaak 20, die achter de benedenzijde van de inrichting kan vasthaken.
In het betreffende kettingeinde is tevens een ketting- 8500719 - 12 - wartel 21 aangebracht. Door het draaien van deze kettingwartel kunnen eventuele slagen in de ketting/ ontstaan als gevolg van het niet geheel recht aan de ketting trekken bij het lichten van het anker, op eenvoudige wijze weer uit de ketting worden verwijderd, 5 De kettingwartel kan overigens zowel voor als achter de vanghaak zijn aangebracht.
Tenslotte wordt opgemerkt, dat de hierboven beschreven uitvoeringswijzen moeten worden opgevat als niet beperkende voorbeelden van de uitvindingsgedachte en dat nog allerlei wijzigingen 10 en varianten van het hier voorgestelde uitgevoerd kunnen worden zonder buiten het kader van de uitvinding te treden, 8500719
Claims (10)
1, Inrichting voor het uitbrengen en weer uit de zeebodem lostrekken en lichten van ankers, met het kenmerk, dat deze is voorzien van een glijvlak of glijvlakken voor een gemak-kelijke passage van een ankerketting of -kabel door of over de 5 inrichting in beide richtingen en een enkelzijdig werkend blokkeerorgaan, waarover de passage van de ankerketting of het stuk ketting als onderdeel van een ankerkabel in tenminste één richting mogelijk is, maar waarmede deze in tegengestelde richting kan worden geblokkeerd, en dat in het kettingeinde nabij het anker een vang-10 orgaan is opgenomen, zodat een eventuele beweging van de inrichting naar het anker toe tot voorbij dit punt wordt voorkomen.
2, Inrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat deze bestaat uit een open constructie met een J-vormig frame, dat is voorzien van een draaiplaat (10) aan de achterzijde en draai- 15 driehoeken (11) aan weerszijden voor het automatisch in de juiste richting doen draaien van de inrichting in aanraking met een ankerketting of -kabel.
3, Inrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat deze bestaat uit een gesloten constructie, die zich permanent 20 rond de ankerketting of -kabel bevindt, en die is voorzien van een anti-blokkeerorgaan, waarmede de enkelzijdige blokkeerwerking van het blokkeerorgaan kan worden opgeheven,
4, Inrichting volgens conclusie 1 t/m 3, met het kenmerk, dat deze is voorzien van glijvlakken (7), waarover horizontaal 25 gepositioneerde kettingschalmen kunnen glijden ën die van elkaar zijn gescheiden door een verdiept gedeelte (8) voor een onbelemmerde passage van vertikaal georiënteerde kettingschalmen, en dat het blokkeerorgaan bestaat uit enkelzijdig werkende aanslagnokken (9).
5, Inrichting volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat 30 de aanslagnokken (9) een integraal geheel vormen met de glijvlakken (7) en zich aan één uiteinde van de inrichting bevinden.
6, Inrichting volgens conclusie 3 t/m 5, met het kenmerk, dat het anti-blokkeerorgaan bestaat uit kantelarmen (16), die 8300719 - 14 - zich vlak voor de aanslagnokken (9) bevinden en horizontaal kunnen scharnieren., waarbij deze kantelarmen in gesloten positie een onbelemmerde passage van een ankerketting of -kabel in beide richtingen waarborgen en in geopende positie de aanslagnokken (9) 5 vrijmaken, zodat, de beweging van de ankerketting of het stuk ketting als onderdeel van een ankerkabel dan in één richting door de aanslagnokken wordt geblokkeerd,
7, Inrichting volgens conclusie 3, met het kenmerk, dat de glijvlakken, het enkelzijdig werkend blokkeerorgaan en het 10 anti-blokkeerorgaan zijn bevestigd tussen twee zijplaten (15), die aan de bovenzijde met behulp van een afstandhouder (19) op afstand van elkaar worden gehouden,
8, Inrichting volgens conclusie 7, met het kenmerk, dat de zijplaten (15) aan de binnenzijde zijn afgeschuind of afge- 15 rond ter geleiding van de zich er tussendoor bewegende ankerketting of -kabel,
9, Inrichting volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat het vangorgaan bestaat uit een vanghaak (20), die achter de beneden-zijde van de inrichting kan vasthaken, 20
10, Inrichting, in hoofdzaak zoals voorgesteld in de beschrijving en/of tekeningen, 8500719
Priority Applications (4)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL8500719A NL8500719A (nl) | 1985-03-13 | 1985-03-13 | Inrichting voor het uitbrengen en lichten van ankers. |
| EP86200339A EP0194717B1 (en) | 1985-03-13 | 1986-03-04 | A device for breaking-out an embedded anchor |
| DE8686200339T DE3661708D1 (en) | 1985-03-13 | 1986-03-04 | A device for breaking-out an embedded anchor |
| US06/924,206 US4724789A (en) | 1985-03-13 | 1986-10-28 | Device for laying-out and breaking-out of the sea-bottom and weighing an anchor |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL8500719A NL8500719A (nl) | 1985-03-13 | 1985-03-13 | Inrichting voor het uitbrengen en lichten van ankers. |
| NL8500719 | 1985-03-13 |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL8500719A true NL8500719A (nl) | 1986-10-01 |
Family
ID=19845671
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL8500719A NL8500719A (nl) | 1985-03-13 | 1985-03-13 | Inrichting voor het uitbrengen en lichten van ankers. |
Country Status (4)
| Country | Link |
|---|---|
| US (1) | US4724789A (nl) |
| EP (1) | EP0194717B1 (nl) |
| DE (1) | DE3661708D1 (nl) |
| NL (1) | NL8500719A (nl) |
Families Citing this family (20)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| EP0254033B1 (en) * | 1986-06-25 | 1991-02-06 | Alfonso Garcia Norena | A system for releasting an anchor moored to the bottom of the sea |
| AU631526B2 (en) * | 1987-10-27 | 1992-12-03 | Brupat Limited | Tensioning device |
| BR9000135A (pt) * | 1990-01-15 | 1991-10-08 | Petroleo Brasileiro Sa | Sistema de lancamento de ancoras e amarracao de plataformas e unidade de lancamento de ancoras |
| DE4017012C1 (nl) * | 1990-05-26 | 1991-10-10 | Dieter 6200 Wiesbaden De Schlueter | |
| US5241920A (en) * | 1992-05-11 | 1993-09-07 | Richardson Lee E | Hook assembly for broken tow line retrieval and emergency marine towing |
| US5845893A (en) * | 1997-03-14 | 1998-12-08 | Bardex Engineering, Inc. | Underwater self-aligning fairlead latch device for mooring a structure at sea |
| US6457908B1 (en) * | 1997-05-06 | 2002-10-01 | Delmar Systems, Inc. | Method and apparatus for suction anchor and mooring deployment and connection |
| EP0888961A1 (en) * | 1997-06-30 | 1999-01-07 | Single Buoy Moorings Inc. | Vessel comprising a chain hawse having a chain support element |
| US6719496B1 (en) | 1997-11-01 | 2004-04-13 | Shell Oil Company | ROV installed suction piles |
| OA11691A (en) * | 1998-05-06 | 2005-01-12 | Delmar Systems Inc | Method and apparatus for suction anchor and mooring deployment and connection. |
| US6817595B1 (en) * | 2002-02-05 | 2004-11-16 | Fmc Technologies, Inc. | Swing arm chain support method |
| GB2456737B (en) * | 2007-02-09 | 2009-12-16 | Brupat Ltd | Improvements in marine chasers |
| GB2458725A (en) * | 2007-04-27 | 2009-10-07 | Brupat Ltd | A marine chaser adapted for improved sliding over chain links |
| US20080284185A1 (en) * | 2007-05-14 | 2008-11-20 | Steven Joseph Pixley | Harbormaster |
| GB2461605B (en) * | 2009-04-08 | 2010-05-19 | Edmund Fitch | An anchor positioning system |
| US8915205B2 (en) | 2010-12-23 | 2014-12-23 | Bardex Corporation | Fairlead latch device |
| CN103781698B (zh) * | 2011-07-06 | 2016-08-31 | 单浮筒系泊公司 | 锚索张紧方法 |
| GB2522196B (en) | 2014-01-15 | 2016-02-10 | Fe Anchor Corp | Anchor with shank retaining fastener |
| US10759628B2 (en) | 2016-02-12 | 2020-09-01 | Bardex Corporation | Link coupler, chainwheel, and assembly thereof for coupling and moving chains of different sizes |
| WO2025222003A1 (en) * | 2024-04-19 | 2025-10-23 | Delmar Systems, Inc. | Mooring line chaser having interchangeable throat inserts |
Family Cites Families (7)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| US3929087A (en) * | 1974-11-11 | 1975-12-30 | Ocean Drilling Exploration | Method of retrieving anchors |
| US3995577A (en) * | 1976-01-16 | 1976-12-07 | Gentry Hermond G | Marine device retrieving apparatus |
| GB1578129A (en) * | 1976-04-01 | 1980-11-05 | Bruce P | Anchor retrieval devices |
| US4067287A (en) * | 1976-11-24 | 1978-01-10 | Sabella Dominick A | Anchor float adapter |
| NO139775C (no) * | 1977-04-28 | 1979-06-06 | Pusnes Mek Verksted | Anordning ved kjettingstopper. |
| US4161922A (en) * | 1978-03-01 | 1979-07-24 | Fish-N-Mate Ltd. | Anchor caddy |
| NL8105294A (nl) * | 1981-11-23 | 1983-06-16 | Haak Rob Van Den | Werkwijze voor het spannen van een ankerlijn, in het bijzonder voor het testen van een anker, en een inrichting voor het ten uitvoer brengen van de werkwijze, welke met name een kabel- of kettingspanner omvat. |
-
1985
- 1985-03-13 NL NL8500719A patent/NL8500719A/nl not_active Application Discontinuation
-
1986
- 1986-03-04 DE DE8686200339T patent/DE3661708D1/de not_active Expired
- 1986-03-04 EP EP86200339A patent/EP0194717B1/en not_active Expired
- 1986-10-28 US US06/924,206 patent/US4724789A/en not_active Expired - Lifetime
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| US4724789A (en) | 1988-02-16 |
| DE3661708D1 (en) | 1989-02-16 |
| EP0194717B1 (en) | 1989-01-11 |
| EP0194717A1 (en) | 1986-09-17 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| NL8500719A (nl) | Inrichting voor het uitbrengen en lichten van ankers. | |
| US6122847A (en) | Method of and apparatus for installation of plate anchors | |
| NL192034C (nl) | Vaartuig voorzien van een aanslaginrichting voor het vasthouden van een lijn. | |
| AU719196B2 (en) | Deep water lowering apparatus | |
| NO140530B (no) | Fremgangsmaate og anordning for utsetting og innhivning av livbaat, pick-up baat, mindre undervannsbaat, samt oppfangning av mennesker og loese gjenstander i sjoeen | |
| US4067287A (en) | Anchor float adapter | |
| NL8105294A (nl) | Werkwijze voor het spannen van een ankerlijn, in het bijzonder voor het testen van een anker, en een inrichting voor het ten uitvoer brengen van de werkwijze, welke met name een kabel- of kettingspanner omvat. | |
| EP0653349A1 (en) | Line fisher for use in anchor laying | |
| US4146345A (en) | Apparatus for and method of supporting pipelines suspended over depressions in the sea bed | |
| US4655158A (en) | Boat anchor including releasable coupling means | |
| US5386792A (en) | Hook assembly for broken tow line retrieval and emergency marine towing | |
| WO2021158119A1 (en) | Containment boom, system, and method for confining an oil spill | |
| US4722640A (en) | Slant leg offshore platform and method of operating same | |
| US6061635A (en) | Seismic handling device | |
| NL193531C (nl) | Ontruimingsstelsel voor een buitengaats werkeiland of dergelijke. | |
| CA1279532C (en) | Device for laying-out and breaking-out of the sea-bottom and weighing an anchor | |
| EP0233726A1 (en) | Launching apparatus | |
| NL8303243A (nl) | Kettingtrekinrichting voor rondstaalkettingen, in het bijzonder voor het sjorren van ankerdamkettingen en dergelijke. | |
| RU2013301C1 (ru) | Судовое устройство для подъема затонувшего объекта | |
| RU2115315C1 (ru) | Устройство для затяжки донного конца каната ставного орудия лова | |
| EP0102464A1 (en) | A device for an easy quick refloating of anchors, fouled in the sea-bottom | |
| NL8600126A (nl) | Werkwijze voor het terughalen van een in een bodem onder water stekend anker en een daarvor geschikt anker. | |
| SU408856A1 (ru) | УСТРОЙСТВО дл ВЫЛАВЛИВАНИЯ И ПОДЪЕМА | |
| NO346866B1 (en) | Containment boom, system, and method for confining an oil spill | |
| PL64745B1 (nl) |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| A1B | A search report has been drawn up | ||
| BV | The patent application has lapsed |