[go: up one dir, main page]

NL8402062A - Schijvenelevator. - Google Patents

Schijvenelevator. Download PDF

Info

Publication number
NL8402062A
NL8402062A NL8402062A NL8402062A NL8402062A NL 8402062 A NL8402062 A NL 8402062A NL 8402062 A NL8402062 A NL 8402062A NL 8402062 A NL8402062 A NL 8402062A NL 8402062 A NL8402062 A NL 8402062A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
disc
nest
nesting
rotation
lever
Prior art date
Application number
NL8402062A
Other languages
English (en)
Other versions
NL185338C (nl
Original Assignee
Pwh Holland B V
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Pwh Holland B V filed Critical Pwh Holland B V
Priority to NL8402062A priority Critical patent/NL185338C/nl
Priority to DE19853522719 priority patent/DE3522719A1/de
Publication of NL8402062A publication Critical patent/NL8402062A/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL185338C publication Critical patent/NL185338C/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B65CONVEYING; PACKING; STORING; HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL
    • B65GTRANSPORT OR STORAGE DEVICES, e.g. CONVEYORS FOR LOADING OR TIPPING, SHOP CONVEYOR SYSTEMS OR PNEUMATIC TUBE CONVEYORS
    • B65G23/00Driving gear for endless conveyors; Belt- or chain-tensioning arrangements
    • B65G23/02Belt- or chain-engaging elements
    • B65G23/04Drums, rollers, or wheels
    • B65G23/06Drums, rollers, or wheels with projections engaging abutments on belts or chains, e.g. sprocket wheels
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B65CONVEYING; PACKING; STORING; HANDLING THIN OR FILAMENTARY MATERIAL
    • B65GTRANSPORT OR STORAGE DEVICES, e.g. CONVEYORS FOR LOADING OR TIPPING, SHOP CONVEYOR SYSTEMS OR PNEUMATIC TUBE CONVEYORS
    • B65G19/00Conveyors comprising an impeller or a series of impellers carried by an endless traction element and arranged to move articles or materials over a supporting surface or underlying material, e.g. endless scraper conveyors
    • B65G19/14Conveyors comprising an impeller or a series of impellers carried by an endless traction element and arranged to move articles or materials over a supporting surface or underlying material, e.g. endless scraper conveyors for moving bulk material in closed conduits, e.g. tubes

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Pusher Or Impeller Conveyors (AREA)
  • Pulleys (AREA)

Description

«a. <5 ITO 52634
Korte aanduiding: Schijvenelevator.
De uitvinding betreft een schijvenelevator omvattende twee op een afstand van elkaar evenwijdig lopende, opstaande buizen die bij hun ene uiteinden met elkaar zijn verbonden door een buisbochtstuk, terwijl bij de 5 andere open uiteinden van de buizen een aandrijfmiddel is gemonteerd voor een door de buizen en het bochtstuk lopend buigzaam orgaan zonder eind, in het bijzonder een kabel, waaraan op gelijke afstanden van elkaar een aantal schijven zijn bevestigd waarvan de omtreksvorm gelijk is aan de 10 doorsnedevorm van de buizen en van het buisbochtstuk en de afmetingen zodanig zijn, dat de schijven met een kleine speling door de buizen en het bochtstuk kunnen schuiven, welk aandrijfmiddel wordt gevormd door een, door een motor tot rotatie te brengen nestenschijf waarvan de rotatie-as 15 loodrecht staat op het vlak door de hartlijnen van de ópstaande buizen en die is voorzien van een omtreksgroef voor het opnemen van de kabel en van uitsparingen of nesten in de omtrek die de schijven aan de kabel gedeeltelijk kunnen opnemen. Een dergelijke elevator is bekend uit de 20 Nederlandse octrooiaanvrage 73.07491.
Bij het in werking zijn van een schijvenelevator, wordt het op te voeren materiaal via een inlaat in het buisbochtstuk gebracht, waarna dit materiaal door middel van de aan de kabel bevestigde transportschijven 25 door de ene ópstaande buis omhoog wordt gevoerd en vervolgens in een uitlaatmond wordt gestort. Daarbij lopen door de andere opstaande buis de transportschijven onbelast weer naar beneden, zodat er een betrekkelijk groot verschil aanwezig is tussen de krachten in het opgaande part van de 30 kabel en in het neergaande part, welk verschil tevens wordt beïnvloed door de weerstand die de transportschijven ondervinden bij het doorlopen van het bochtstuk.
Voor een goede aandrijving door de nestenschijf is het gewenst dat de steek van de 35 transportschijven kleiner is dan de steek van de nesten in de omtrek van de nestenschijf. Daardoor zal bij het in 8402062 ί Ί» -2- werking zijn steeds slechts één transportschijf, of in werkelijkheid de bevestigingsnaaf van deze schijf, in aangrijping zijn met de, ten opzichte van de rotatierichting achterste rand van het deze schijf opnemende nest, terwijl 5 op het moment dat dit nest tot buiten aangrijping met de schijf wegdraait, de kabel iets gaat slippen totdat de daar achter liggende schijf door de achterrand van het deze schijf opnemende nest wordt gegrepen.
Het is gebleken dat bij een leeglopende 10 elevator van het onderhavige type, dat wil zeggen bij een elevator waarvan de schijvenkabel wel wordt voortbewogen maar geen materiaal wordt opgevoerd, na verloop van tijd de transportschijven niet meer correct door de nesten worden opgenomen en de kabel klem loopt. Dit euvel treedt 15 voornamelijk op bij schijvenelevators van betrekkelijk grote hoogte.
Volgens de uitvinding is nu gevonden dat de oorzaak van genoemd euvel ligt in het, bij leegloop van de elevator, te geringe krachtverschil tussen de krachten in 20 het opgaande en neergaande part van de schijvenkabel, waardoor de kabel niet meer gaat slippen, zoals hierboven uiteengezet, en bij het roteren van de nestenschijf, de schijven steeds meer nabij het vooreind van de nesten komen te liggen. Het genoemde krachtverschil wordt bij een 25 leeglopende elevator hoofdzakelijk bepaald door de wrijving tussen de transportschijven en de binnenwand van het buisbochtstuk, waardoor de kracht in het opgaande part toeneemt en in het neergaande part afneemt ten opzichte van een stilstaande elevator. Bij een toenemende hoogte van de 30 elevator, waardoor de krachten in beide parten, door het gewicht van de schijven en de kabel, in toenemende mate groter worden, wordt de genoemde wrijving relatief klein ten opzichte van de krachten in beide parten, waardoor geen voldoende groot krachtverschil meer ontstaat om de kabel te 35 doen slippen.
Het doel van de uitvinding is een schijvenelevator van het genoemde type te verschaffen die genoemd euvel niet heeft.
8402062 -3-
Dit doel wordt bereikt doordat bij de elevator volgens de uitvinding de nestenschijf is voorzien van middelen die bij het roteren van de nestenschijf in wezen tegen een, in een nest opgenomen schijf kunnen 5 aankomen en bij de verdere rotatie van de nestenschijf een beweging kunnen uitvoeren die tegengesteld is aan de rotatierichting van de nestenschijf voor het over een bepaalde afstand in de richting tegengesteld aan de rotatierichting van de nestenschijf, ten opzichte van het lönest verplaatsen van de daarin opgenomen schijf en bijgevolg het laten slippen van de kabel over de nestenschijf.
Door deze middelen wordt, wanneer bij leegloop van de schijvenelevator een transportschijf te ver uit het midden nabij de voorrand van het deze schijf 15 opnemende nest komt te liggen, de kabel gedwongen te slippen waardoor de nesten de transportschijven weer op de juiste wijze opnemen, zodat er geen gevaar meer bestaat dat de kabel klem loopt.
Op voordelige wijze worden de genoemde 20 middelen gevormd door een hefboom die zwaaibaar om een punt aan de nestenschijf is gemonteerd en waarvan het ene eind nabij de rotatie-as van de nestenschijf is gelegen en het andere eind nabij de, in de bewegingsrichting van de nestenschijf gezien, voorste rand van een nest van de 25nestenschijf, waarbij het genoemde ene eind tegen een vast om de rotatie-as aangebracht nokorgaan aanligt of kan aanliggen, welk nokorgaan een zodanige vorm heeft dat bij een rotatie van de nestenschijf over 180°, waarbij het genoemde nest vanaf de stand waarin het nest in wezen in het 30 horizontale vlak door de rotatie-as van de nestenschijf ligt, het hoogste punt van de nestenschijf doorloopt en weer in het genoemde horizontale vlak komt te liggen, het genoemde ene eind van de hefboom vanaf de uitgangsstand ten opzichte van de rotatie-as naar buiten wordt verplaatst, 35zodat het genoemde andere eind vanaf de voorrand van het nest naar binnen in het nest wordt verplaatst.
Bij voorkeur wordt daarbij de hefboom zodanig door middel van een veerorgaan tegen een aanslag 8402062 j' * -4- aangehouden, dat het genoemde ene eind daarvan vrij is van het nokorgaan, en het genoemde andere eind zodanig nabij de voorrand van een nest is gelegen, dat bij het in dit nest komen van een transportschijf die daarbij te ver uit het 5 midden nabij de voorrand van het nest komt te liggen, het genoemde andere eind van de hefboom in de rotatierichting wordt weggeduwd door de transportschijf, zodat het genoemde ene eind van de hefboom tegen de veerkracht in, tegen het nokorgaan wordt aangedrukt.
10 Op deze wijze wordt verkregen dat de hefboom eerst dan gaat werken wanneer bij een leeglopende elevator géén slip van de kabel optreedt.
Bij voorkeur wordt het nokorgaan gevormd door een orgaan met een cirkelvormige omtrek waarvan het 15 middelpunt op een afstand onder de rotatie-as van de nestenschijf ligt.
De uitvinding wordt nader beschreven onder verwijzing naar de tekening waarin figuur 1 een schijvenelevator in zij-20 aanzicht weergeeft, figuur 2 op grotere schaal het hefboom-mechanisme volgens de uitvinding toont, en de"figuren 3 en 4 schematisch de werking van het hefboommechanisme tonen.
25 De in figuur 1 getoonde schijvenelevator omvat een rondlopende kabel 1, waaraan op gelijk afstanden van elkaar een aantal transportschijven 2 zijn bevestigd. De kabel met de daaraan bevestigde schijven 2 loopt door een buis bestaande uit de verticale delen 3 en 4 en het deze 30 delen met elkaar verbindende pijpbochtstuk 5, waarbij de binnendiameter van deze buis ten naaste bij gelijk is aan de diameter van de schijven 2, zodat de schijven met een geringe speling door de buis kunnen schuiven. De buisstukken 3 en 4 zijn bij de bovenkant open. Boven de open bovenkanten 35 van de buizen 3 en 4 is een nestenschijf 6 draaibaar gemonteerd die door middel van de aandrijfketting 7 door de aandrijfmotor 8 tot rotatie kan worden gebracht. In de omtrek van de nestenschijf 6 is een groef gevormd, waarin de 8402062 * * -5- kabel 1 is opgenomen, terwijl de uitsparingen of nesten 9 in de omtrek van de nestenschijf 6 de schijven 2 kunnen opnemen en achter deze schijven kunnen grijpen. Aan het bochtstuk 5 is een inlaat 10 voor het op te voeren materiaal 5 aangebracht, terwijl onder de nestenschijf 6 een uitlaatmond 11 is gevormd. De schijven 2 zijn aan de kabel 1 bevestigd door middel van de naven 12.
Op de nestenschijf 6 is een hefboommecha-nisme 13 gemonteerd dat op grotere schaal is getoond in 10 figuur 2.
Het hefboommechanisme 13 omvat een hefboom die wordt gevormd door twee, aan weerskanten van de nestenschijf 6 aangebrachte staven 14 die bij 15 door middel van een, door een opening in de nestenschijf ó lopende bout met 15 elkaar zijn verbonden en die bij 16 draaibaar aan de nestenschijf 6 zijn bevestigd. Bij het ene eind is een aanslag-orgaan 17 aan de staven 14 bevestigd en aan het andere eind een volgorgaan 18 in de vorm van een roteerbare rol.
Een nokorgaan 20 is op verder niet 20 getoonde wijze vast bevestigd, welk nokorgaan een cirkel-vormige omtrek heeft waarvan het middelpunt 21 op een afstand e onder de rotatie-as 19 van de nestenschijf 6 ligt.
Verder is een veerorgaan 22 aangebracht dat aan de ene kant bij 23 aan de hefboom 14 en aan de 25 andere kant bij 24 aan de nestenschijf 6 is bevestigd, zodat normaal de hefboom 14 door het veerorgaan 22 tegen een op de nestenschijf 6 bevestigde aanslag 25 wordt getrokken, waardoor het volgorgaan 18 vrij ligt van het nokorgaan 20.
In figuur 2 is echter getoond dat de in het nest 9 opgenomen 30 transportschijf 2 zodanig nabij de voorrand van het nest 9 ligt, dat de naaf 12 tegen de aanslag 17 van de hefboom 14 aanligt, waardoor de hefboom 14 tegen de veerkracht van het veerorgaan 22 in is gezwaaid, waardoor de volgrol 18 tegen het nokorgaan 20 aanligt. Als gevolg zal bij het roteren van 35 de nestenschijf 6 het volgorgaan 18 zich over het nokorgaan 20 afrollen, waardoor de hefboom 14 in een richting tegengesteld aan de rotatierichting van de nestenschijf 6 gaat zwaaien, waardoor de kabel 1 over de nestenschijf 6 8402062 <* * -6- gaat slippen, zodat de transportschijven 2 op de juiste wijze door de nesten 9 worden opgenomen.
Deze werking van het hefboommechanisme is verder schematisch getoond in de figuren 3 en 4.
3 Na de stand zoals getoond in figuur 4, waarbij de kabel 1 over de nestenschijf 6 is geslipt, zal bij een verdere rotatie van de nestenschijf 6 de aanslag 17 los komen van de naaf 12, waardoor de hefboom 14 door het veerorgaan 22 tegen de aanslag 25 wordt aangetrokken, en de 10 volgrol 18 vrijkomt van het nokorgaan 20.
De afstand e of excentriciteit van het nokorgaan 20 is bij voorkeur gelijk aan het product van het aantal nesten in de nestenschijf en het verschil tussen de steek van deze nesten en die van de transportschijven. Bij 15 het getoonde voorbeeld met twaalf nesten en een steekver-schil van 0,5 mm zal dus de afstand e = 6 mm bedragen.
8402062

Claims (5)

1. Schijvenelevator omvattende twee op een afstand van elkaar evenwijdig lopende, opstaande buizen die bij hun ene uiteinden met elkaar zijn verbonden door een buisbochtstuk, terwijl bij de andere open uiteinden van de 5 buizen een aandrijfmiddel is gemonteerd voor een door de buizen en het bochtstuk lopend buigzaam orgaan zonder eind, in het bijzonder een kabel, waaraan op gelijke afstanden van elkaar een aantal transportschijven zijn bevestigd, waarvan de omtreksvorm gelijk is aan de dwarsdoorsnedevorm van de 10 buizen en van het buisbochtstuk en de afmetingen zodanig zijn, dat de schijven met een kleine speling door de buizen en het bochtstuk kunnen schuiven, welk aandrijfmiddel wordt gevormd door een, door een motor tot rotatie te brengen nestenschijf waarvan de rotatie-as loodrecht staat op het 15 vlak door de hartlijn van de opstaande buizen en die is voorzien van een omtreksgroef voor het opnemen van de kabel en van uitsparingen of nesten in de omtrek, die de schijven en de kabel gedeeltelijk kunnen opnemen, met het kenmerk, dat de nestenschijf is voorzien van middelen die bij het 20 roteren van de nestenschijf in wezen tegen een, in een nest opgenomen schijf kunnen aankomen en bij de verdere rotatie van de nestenschijf een beweging kunnen uitvoeren die tegengesteld aan de rotatierichting van de nestenschijf is gericht, voor het, over een bepaalde afstand in een richting 25 tegengesteld aan de rotatierichting van de nestenschijf, ten opzichte van het nest verplaatsen van de daarin opgenomen schijf en bijgevolg het laten slippen van de kabel over de nestenschijf.
2. Schijvenelevator volgens conclusie 1, 50met het kenmerk, dat de genoemde middelen worden gevormd door een hefboom die zwaaibaar om een punt aan de nestenschijf is gemonteerd en waarvan het ene eind nabij de rotatie-as van de nestenschijf is gelegen en het andere eind nabij de, in de bewegingsrichting van de nestenschijf 55 gezien, voorste rand van een nest van de nestenschijf, waarbij het genoemde ene eind tegen een vast om de rotatie- 8402052 -8- « * as aangebracht nokorgaan aanligt of kan aanliggen, welk nokorgaan een zodanige vorm heeft, dat bij een rotatie van de nestenschijf over 180° waarbij het genoemde nest vanaf de stand waarin het nest in wezen in het horizontale vlak door 5 de rotatie-as van de nestenschijf ligt, het hoogste punt van de nestenschijf doorloopt en weer in het genoemde horizontale vlak komt te liggen, het genoemde ene eind van de hefboom, vanaf de uitgangsstand ten opzichte van de rotatie-as naar buiten wordt verplaatst, zodat het genoemde 10 andere eind vanaf de voorrand van het nest naar binnen in het nest wordt verplaatst.
3. Schijvenelevator volgens conclusie 2, met het kenmerk, dat de hefboom zodanig door middel van een veetorgaan tegen een aanslag wordt aangehouden, dat het 15 genoemde ene eind daarvan vrij is van het nokorgaan en het genoemde andere eind zodanig nabij de voorrand van een nest is gelegen, dat bij het in dit nest komen van een transport-schijf die daarbij te ver uit het midden nabij de voorrand van het nest komt te liggen, het genoemde andere eind van de 20 hefboom in de rotatierichting wordt weggeduwd door de transportschijf zodat het genoemde ene eind van de hefboom tegen de veerkracht in, tegen het nokorgaan wordt aangedrukt.
4. Schijvenelevator volgens conclusies 2 25 of 3, met het kenmerk, dat het nokorgaan wordt gevormd door een orgaan met een cirkelvormige omtrek waarvan het middelpunt op een afstand onder de rotatie-as van de nestenschijf ligt.
5. Schijvenelevator volgens conclusie 4, 30 met het kenmerk, dat de genoemde afstand gelijk is aan het product van het aantal nesten in de nestenschijf en het steekverschil tussen de schijven en de nesten, waarbij de steek van de schijven kleiner is dan die van de nesten en het draaipunt van de hefboom in het midden daarvan is 35 gelegen. 1402062 \ _____________________________
NL8402062A 1984-06-28 1984-06-28 Schijvenelevator. NL185338C (nl)

Priority Applications (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL8402062A NL185338C (nl) 1984-06-28 1984-06-28 Schijvenelevator.
DE19853522719 DE3522719A1 (de) 1984-06-28 1985-06-25 Scheibenelevator

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL8402062A NL185338C (nl) 1984-06-28 1984-06-28 Schijvenelevator.
NL8402062 1984-06-28

Publications (2)

Publication Number Publication Date
NL8402062A true NL8402062A (nl) 1986-01-16
NL185338C NL185338C (nl) 1990-03-16

Family

ID=19844146

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL8402062A NL185338C (nl) 1984-06-28 1984-06-28 Schijvenelevator.

Country Status (2)

Country Link
DE (1) DE3522719A1 (nl)
NL (1) NL185338C (nl)

Families Citing this family (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE4106599A1 (de) * 1991-03-01 1992-09-03 Linde Ag Verfahren zur kuehlung von stueckigem oder koernigem gut
DE4412229C2 (de) * 1994-04-09 1997-05-28 Ralf Schrage Rad und Räumeinrichtung für einen Rohrkettenförderer
DE19526688C2 (de) * 1995-07-21 1997-07-17 Rheinische Braunkohlenw Ag Höhenförderer
DE19751177C2 (de) * 1997-11-19 1999-12-02 Frank Schrage Kettenrad zur Umlenkung der Förderkette eines Rohrkettenförderers
DE10237277A1 (de) 2002-08-14 2004-03-04 Bosch Rexroth Ag Antriebseinheit für ein Fördermittel

Citations (4)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE1119760B (de) * 1959-12-10 1961-12-14 Konrad Grebe Zwischenantrieb fuer Foerderketten mittels einer Mitnehmerscheibe
NL7509152A (nl) * 1975-07-31 1977-02-02 Klinkenberg Mach Const Transportinrichting voor stortgoederen.
US4257519A (en) * 1979-05-03 1981-03-24 Leach John M Frictionless entry and release sprocket
US4273240A (en) * 1979-01-26 1981-06-16 Becton, Dickinson And Company Variable pitch sprockets for conveyor system

Patent Citations (4)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE1119760B (de) * 1959-12-10 1961-12-14 Konrad Grebe Zwischenantrieb fuer Foerderketten mittels einer Mitnehmerscheibe
NL7509152A (nl) * 1975-07-31 1977-02-02 Klinkenberg Mach Const Transportinrichting voor stortgoederen.
US4273240A (en) * 1979-01-26 1981-06-16 Becton, Dickinson And Company Variable pitch sprockets for conveyor system
US4257519A (en) * 1979-05-03 1981-03-24 Leach John M Frictionless entry and release sprocket

Also Published As

Publication number Publication date
DE3522719A1 (de) 1986-01-09
NL185338C (nl) 1990-03-16

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US4391560A (en) Lid infeed for spinning rod restacker
JP3616421B2 (ja) 予め定めた選択基準に基づいて製品、特に果物を分別するようになされた製品を搬送する装置
AU606517B2 (en) Device for processing printed products
US20060283150A1 (en) System and method of processing and packing disk-like objects
SE459417B (sv) Anordning foer signaturer, ark o.d.foer matnings anordningar i foerpackningsmaskiner, bokbindningsmaskiner o.d.
NL8006243A (nl) Met een verpakkingsmachine verbonden inrichting voor het vormen van stapeltjes van schijfvormige voorwerpen.
NL8402062A (nl) Schijvenelevator.
JP2534175B2 (ja) 回転式被駆動装置の折り畳み装置から印刷物を収容する装置
JPS596773B2 (ja) 欠陥品として検知された包装ユニツトの選別装置
NL1030192C2 (nl) Inrichting en werkwijze voor het overzetten van langgerekte voedselproducten.
US3989239A (en) Sheet stacking apparatus
EP0478433B1 (fr) Dispositif pour orienter des vitrages pendant leur transport sur un transporteur à rouleaux
SE507750C2 (sv) Anordning för att separera och fördela långsträckta element
EP0765828B1 (en) Destacker for small flat packages such as audio/video cassettes and the like
EP0386347A1 (en) Device for stacking trays with articles
JP2622724B2 (ja) ずれ重なり編成で送られてくる製品を処理する方法及びその装置
US4878660A (en) Sorter
NL8402027A (nl) Werkwijze en inrichting voor het afscheiden van groepen schijfvormige voortbrengsels uit een als stroom toegevoerde stapel.
AU611891B2 (en) High speed fly stripping device
US4015403A (en) Wrap-around carton forming machine
US4872663A (en) Sheet sorter apparatus
NL1008515C2 (nl) Worstpakmachine.
US4028866A (en) Wrap-around carton forming machine
JPS5982218A (ja) 動作検出蓄積装置の動作検出装置
US3999683A (en) Wrap-around carton forming machine

Legal Events

Date Code Title Description
A1C A request for examination has been filed
DNT Communications of changes of names of applicants whose applications have been laid open to public inspection

Free format text: P.W.H. EUROSILO B.V.

CNR Transfer of rights (patent application after its laying open for public inspection)

Free format text: ESI ENGINEERS & CONTRACTORS

V1 Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20030101