[go: up one dir, main page]

NL8301247A - Binnenband. - Google Patents

Binnenband. Download PDF

Info

Publication number
NL8301247A
NL8301247A NL8301247A NL8301247A NL8301247A NL 8301247 A NL8301247 A NL 8301247A NL 8301247 A NL8301247 A NL 8301247A NL 8301247 A NL8301247 A NL 8301247A NL 8301247 A NL8301247 A NL 8301247A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
inner tube
core
mold halves
elastomeric material
valve
Prior art date
Application number
NL8301247A
Other languages
English (en)
Original Assignee
Pirelli
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Pirelli filed Critical Pirelli
Publication of NL8301247A publication Critical patent/NL8301247A/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B60VEHICLES IN GENERAL
    • B60CVEHICLE TYRES; TYRE INFLATION; TYRE CHANGING; CONNECTING VALVES TO INFLATABLE ELASTIC BODIES IN GENERAL; DEVICES OR ARRANGEMENTS RELATED TO TYRES
    • B60C5/00Inflatable pneumatic tyres or inner tubes
    • B60C5/02Inflatable pneumatic tyres or inner tubes having separate inflatable inserts, e.g. with inner tubes; Means for lubricating, venting, preventing relative movement between tyre and inner tube
    • B60C5/04Shape or construction of inflatable inserts
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B29WORKING OF PLASTICS; WORKING OF SUBSTANCES IN A PLASTIC STATE IN GENERAL
    • B29KINDEXING SCHEME ASSOCIATED WITH SUBCLASSES B29B, B29C OR B29D, RELATING TO MOULDING MATERIALS OR TO MATERIALS FOR MOULDS, REINFORCEMENTS, FILLERS OR PREFORMED PARTS, e.g. INSERTS
    • B29K2021/00Use of unspecified rubbers as moulding material

Landscapes

  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Moulds For Moulding Plastics Or The Like (AREA)
  • Tyre Moulding (AREA)
  • Tires In General (AREA)
  • Casting Or Compression Moulding Of Plastics Or The Like (AREA)
  • Heating, Cooling, Or Curing Plastics Or The Like In General (AREA)

Description

^ „ "1 * * » m -1- VO 4706 Binnenband.
De uitvinding heeft betrekking op een binnenband voor een luchtband en dergelijke en op een inrichting voor het vervaardigen van de binnenband volgens de uitvinding.
Binnenbanden voor gebruik in luchtbanden van voertuigwielen en, 5 meer in het algemeen, opblaasbare holle lichamen, die bij opblazen een permanente vorm geven aan een voorwerp met flexibele wanden, zijn reeds zeer lang bekend.
De conventionele binnenbanden, die in luchtbanden worden gebruikt, hebben de configuratie van een hol torusvormig lichaam met cirkelvormige 10 dwarsdoorsneden in vlakken, die door de symmetrieas van genoemd torusvormig lichaam gaan en zijn voorzien van ventielen voor het toelaten van lucht onder druk tot de binnenruimte van het torusvormige lichaam en om lucht daaruit te laten ontsnappen.
Bij de conventionele binnenbanden worden deze ventielen aange-15 bracht in een gat in de bandwand en de verbinding tussen het ventiel en de buis wordt bewerkstelligd door middel van kleefmiddelen, aangebracht tussen het buitenoppervlak van de band en een door de ventielbasis gedragen ondersteuning van elastomeermateriaal.
Deze conventionele binnenbanden kunnen problemen geven tijdens 20 het inbrengen daarvan in een luchtband, indien deze bewerking niet met zorg en nauwkeurig wordt uitgevoerd.
In de eerste plaats is namelijk tijdens het aanbrengen van een binnenband in een luchtband, deze reeds op de velg van een voertuigwiel aangebracht. Tijdens het inbrengen van de binnenband tussen de luchtband 25 en de velg kan de binnenband worden verdraaid en indien een dergelijke flexuur niet tijdens het opblazen van de binnenband wordt opgeheven, kunnen vouwen in de wand van de binnenband optreden met als gevolg onvoorziene breukvorming in de binnenband, resulterend in het plotseling leeglopen van de band, een uiterst gevaarlijk verschijnsel indien dit tijdens 30 het rijden met een motorvoertuig plaatsheeft.
Een ander nadeel van de bekende conventionele binnenbanden houdt verband met het feit, dat de permanente luchtdichte verankering van het ventiel met de binnenbandwand niet altijd betrouwbaar is. Met dit nadeel heeft men telkens te maken, indien bij het verenigen van genoemde elemen-35 ten, dus het ventiel en de binnenband, niet op accurate en correcte wijze 8301247 -2- te werk is gegaan.
Het gevolg hiervan is een grote hoeveelheid afval en een produkt dat niet geheel betrouwbaar is, in het bijzonder na langdurig gebruik,' aangezien het vaak voorkomt, dat na een bepaalde bedrijfstijd van een 5 band met een binnenband, de band de neiging kan vertonen langzaam leeg te lopen als gevolg van luchtlekkage in de koppelingszone tussen ventiel en binnenband.
De uitvinding beoogt de bovenbeschreven bezwaren van conventionele binnenbanden te vermijden en een binnenband te verschaffen die deze 10 nadelen niet heeft, alsmede een inrichting voor het vervaardigen van binnenbanden, waarmee de bovengenoemde bezwaren van conventionele binnenbanden kunnen worden vermeden.
Hiertoe verschaft de uitvinding een binnenband voor een luchtband, voorzien van een hol torusvormig lichaam van verknoopt elastomeer ma-15 teriaal en een ventiel, dat vast met het holle torusvormige lichaam is verbonden, voor het toelaten van lucht tot de band en voor het afvoeren van lucht daaruit, welke binnenband is gekenmerkt doordat het genoemde holle torusvormige lichaam is voorzien van een cylindrisch deel, waarvan de symmetrieas samenvalt met de symmetrieas van het torusvormige 20 lichaam.
Nog een doel van de uitvinding is het verschaffen van een inrichting voor het vervaardigen van binnenbanden, welke inrichting is gekenmerkt doordat deze is voorzien van twee vormhelften en een kern, die daarmee kan worden verbonden of daarvan kan worden gescheiden, waarbij 25 een deel van het buitenoppervlak van de kern een vorm heeft, die complementair is aan die van de oppervlakken van de twee daarnaar toe gekeerde vormhelften, voorhet met deze vormhelften begrenzen van een paar in hoofdzaak ringvormige holten, die complementair ten opzichte van elkaar zijn en die derhalve een hol torusvormig lichaam vormen, waarbij een 30 van de vormhelften en het daarnaar toe gekeerde kemoppervlak in hoofdzaak cylindrische coaxiale oppervlakken hebben, leidingen in de kern zijn aangebracht voor het toevoeren van elastomeer materiaal aan de door de vormhelften en de kern begrensde holten, middelen zijn aangebracht voor het lossen van de vormhelften van de kern, middelen voor het 35 verwijderen van de kern uit de ruimte tussen de twee vormhelften, middelen voor het naar elkaar toe bewegen van de twee vormhelften, waarbij 8301247 it Ή -3- hun randen onderling en direkt contact maken, middelen voor het toelaten van een fluïdum onder druk in de gesloten holte tussen de twee vormhelften en verder middelen zijn aangebracht voor het vulcaniseren van het elastomeer materiaal.
5 Ter verduidelijking van de uitvinding zal, onder verwijzing naar de tekening, een uitvoeringsvoorbeeld van de binnenband en van de vorm-inrichting daarvoor worden beschreven.
Figuur 1 is een perspectivisch aanzicht van een binnenband volgens de uitvinding; IQ figuur 2 is een doorsnede-aanzicht pp vergrote schaal van de binnenband volgens de lijn_.II .in figuur 1; figuur 3 is een doorsnede-aanzicht op vergrote schaal van een detail van de binnenband volgens de uitvinding; figuur 4 is een schematische doorsnede van een inrichting volgens 15 de uitvinding en figuur 5 is een schematische doorsnede van de inrichting volgens figuur 1, waarvan de kern is verwijderd.
Volgens de uitvinding in de meest algemene zin wordt volgens de uitvinding een deel van het torusvormige lichaam, waaruit de binnenband 20 bestaat, gevormd door een cylindrisch oppervlak, waarvan de symmetrie-as samenvalt met de symmetrieas van het torusvormige lichaam.
Nog steeds volgens de uitvinding in de meest algemene zin is bovendien bij een binnenband volgens de uitvinding deze voorzien van een ventiel, waarvan de basis is ingebed in het elastomeer materiaal, 25 dat de buiswand vormt, zodat het een integraal deel is van het binnen-oppervlak van de binnenband.
De uitvinding in algemene zin omvat tevens een inrichting, bestemd voorhet vervaardigen van binnenbanden van de in het voorgaande aangegeven type.
30 Figuur 1, 2 en 3 tonen een specifieke uitvoeringsvorm van een binnenband volgens de uitvinding.
Zoals uit deze figuren blijkt, bestaat de binnenband uit een torusvormig lichaam 1 van verknoopt elastomeer materiaal en heeft een symmetrieas 2.
35 Een deel 3 van.het torusvormige lichaam 1 heeft een cylindrisch oppervlak en de symmetrieas van dit cylindrische oppervlak valt samen 8301247 ♦ -4- met de symmetrieas 2 van het torusvormige lichaam.
Meer in het bijzonder heeft het deel 3 van het torusvormige lichaam 1 een diameter, die kleiner is dan die van het gehele torusvormige lichaam en derhalve bevindt het zich in een zodanige positie, dat 5 nadat de binnenband in een luchtband en dit samenstel op de velg van een voertuigwiel is gemonteerd, het deel 3 in aanraking is met het oppervlak van de velgflens van het voertuigwiel.
Bij de evenaarlijn van het cylindrische deel 3 bevindt zich bovendien een ventiel 4, waarvan de basis is ingebed in het elastomeer-10 materiaal, dat de wand van de binnenband vormt.
Figuur 3 toont, op vergrote schaal om constructieve details duidelijker weer te geven, de verbindingszone tussen de basis'' van het ventiel 4 en het elastomeer materiaal van de wand van de binnenband.
Zoals uit figuur 3 blijkt, heeft het ventiel 4 een steel 5 met 15 een doorgaand kanaal 6. De steel 5 heeft aan het einde daarvan,, bestemd om met de binnenband te worden verbonden, een zone 7 met gereduceerde diameter, alwaar een ringgroef. 8 is aangebracht.
De ventielsteel 5 is vervaardigd van metallisch materiaal en heeft vast aan de groef 8 bevestigd, een lichaam 10 van elastomeer ma-20 teriaal.
Genoemd lichaam 10 heeft een afgeknot-conische vorm met de wijdere basis 11 op hetzelfde niveau als het einde 12 van de ventielsteel 5.
De kleinere basis 13, vanwaar een cylindrisch element 9 uitsteekt, bevindt zich op een bepaalde afstand van de basis 11 en is daarmee ver-25 bonden door middel van het afgeknot-conische oppervlak 14, dat in de richting van het einde 12 van de ventielsteel 5 divergeert.
Het elastomeer materiaal waaruit het lichaam 10 is vervaardigd, is van zodanige aard, dat een goede verankering met het elastomeer materiaal van cfe binnenband mogelijk is, bij voorkeur doordat het butyl-30 rubber bevat.
Een bijzondere uitvoering van de samenstelling van het lichaam 10 van elastomeer materiaal, dat uitsluitend bij wijze van voorbeeld wordt gegeven, omvat een mengsel met de hierna volgende samenstelling: butylrubber 100 gew.% 35 stearinezuur 1,5 gew.% zinkoxyde 5 gew.% 8301247 ·* m' -5- N 550 roetzwart 50 gew.% paraffine olie 20 gew.% tetramethylthiuramdisulfide 1 gew. % mercaptobenzothiazool 1 gew.% 5 zwavel 1,7 gew.%
Het elastomere materiaal van de binnenband is rondom het lichaam 10 van elastomeer materiaal aangebracht.
Uitsluitend bij wijze van voorbeeld kan het elastomere materiaal van de binnenband de volgende samenstelling hebben: 10 butylrubber 100 gew.% stearinezuur 0,5 gew.% zinkoxyde 5 gew-.-% magnesiumoxyde 20 gew.% N 550 roetzwart 15 gew.% 15 N 762 roetzwart 35 gew.% aromatische olie 5 gew.% geprecipiteerd SLO2 15 gew.% mercaptobenzothiazool 0,8 gew.% tetramethylthiuramdisulfide 1,1 gew.% 20 zwavel 2 gew.%
Een binnenband volgens de uitvinding, zoals in het voorgaande beschreven, wordt vervaardigd met behulp van een inrichting, die schematisch is weergegeven in figuur 4 en 5, welke inrichting eveneens deel uitmaakt van de onderhavige uitvinding.
25 Zoals blijkt uit figuur 4 is de inrichting volgens de uitvinding voor het vervaardigen van binnenbanden voorzien van twee vormhelften 15 en 16, waartussen een kern 17 is aangebracht.
Een vormhelft 15 heeft een schijfconfiguratie en het oppervlak daarvan, dat naar de kern 17 is toegekeerd, is zodanig gevormd, dat het 30 een ringvormig oppervlak 18 vertoont, korresponderend met een bepaald gedeelte van een buitenoppervlak van het torusvormige lichaam, dat de binnenband vormt.
Op analoge wijze is de vormhelft 16 schijfvormig uitgevoerd en het naar de kern 17 toegekeerde vlak is zodanig gevormd, dat het een 35 ringvormig oppervlak vertoont, korresponderend met het overige deel van het buitenoppervlak van het torusvormige lichaam, dat de te vervaardigen 8301247 -6- binnenband vormt.
' Het is duidelijk, dat zowel de vormhelft 15 als de vormhelft 16 platte randen hebben op het profiel van hun oppervlakken, welke korres-ponderen met de delen van de buitenoppervlakken van de te vervaardigen 5 binnenbanden. Deze randen kunnen in onderling contact worden gebracht voor het sluiten van de vorm.
De kern 17 heeft een schijfconfiguratie en zijn naar de vorm-helften 15 en 16 toegekeerde vlakken hebben oppervlakken vergelijkbaar met die van de vormhelften.
10 In het bijzonder heeft de zijde 20 van de kern 17, welke naar de vormhelft 15 is toegekeerd, een oppervlak 21, dat in vorm korrespon-deert met het oppervlak 18 van de vormhèlft 15, echter met kleinere kromtestralen, zodat een ringvormige holte 22 met de vorm van een bepaald deel van de wand van de te vervaardigen binnenband, ontstaat bij 15 het verenigen van de vormhelft 15 met de kern 17.
Op analoge wijze heeft de zijde 23 van.de kern 17, toegekeerd naar de vormhelft 16, een oppervlak 24, dat in vorm korrespondeert met het oppervlak 19 van de vormhelft 16, echter met kleinere kromtestralen zodat een ringvormige holte 25, met de vorm van het overige deel van de 20 wand van de te vervaardigen binnenband, ontstaat bij vereniging van de vormhelft 16 met de kern 17.
Een belangrijk aspect van de met de onderhavige uitvinding bereikte effekten is, dat een deel van het oppervlak van de kern 17, dat naar de vormhelft 16 is toegekeerd en een deel van het oppervlak van de 25 vormhelft 16, dat naar de kern 17 is toegekeerd, rechtlijnig moeten zijn en deze delen evenwijdig aan elkaar verlopen, teneinde een cylin-drisch deel 26 in verbinding met de ringvormige holte 25 te bepalen, welk cylindrische deel 26 coaxiaal is ten opzichte van de symmetrieas van dewormhelften 15 en 16 en dichter bij genoemde as ligt dan alle 30 overige delen van de holten 25 en 22.
Bovendien is een doorgaande opening 27, bedoeld voor het omvatten van de steel van een ventiel en meer in het bijzonder het ventiel van de binnenband, aanwezig in het deel van de vormhelft 16, dat een rechtlijnige doorsnede heeft en waarvan het oppervlak naar de kern 17 is 35 toegekeerd.
De kern 17 omvat bovendien een aantal doorgaande kanalen 28 en 29. Het kanaal 28 mondt met een van zijn einden uit in de ringvormige 8301247 -7- holte 25, terwijl van het kanaal 29 een van zijn einden uitmondt in de holte 22. De andere einden van de afzonderlijke kanalen 28 en 29 staan in verbinding met een uitsparing 30 in het centrale deel van de kern 17, bestemd voor het opnemen van een injectieinrichting, die niet in 5 de tekening is weergegeven en met behulp waarvan het elastomeer materiaal onder hoge druk kan worden toegelaten en dat dan via de leidingen 28 en 29 de ringvormige holten 22 en 25 kanbareiken.
In het bijzonder zijn de openingen in de leidingen 28 in de holte 25 in omtreksrichting versprongen ten opzichte van de openingen van de 10 leidingen 29 in de holte 22.
De wanden van de vormhelften 15 en 16 zijn verder voorzien van gesloten uitsparingen, die niet zijn weergegeven en die in verbinding zijn gebracht met de buitenzijde via in deze wanden aangebrachte openingen, welke worden gebruikt voor het toelaten van flulda.
15 Die flulda, die naar de gesloten holten in de vormhelften 15 en 16 worden gestuurd, zijn verschillend en meer in het bijzonder een koud fluïdum e'n een warm fluïdum.
Het koude fluïdum wordt eerder toegevoerd, tijdens de toevoer van het elastomeer materiaal aan de ringvormige holten tussen de kern 20 17 en de vormhelften 15 en 16.
Daarentegen wordt het warme fluïdum toegevoerd nadat de twee vormhelften 15 en 16 onderling zijn gekoppeld, welk fluïdum het vulca-niseermedium voor het elastomeer materiaal in de vormhelften vormt.
Tenslotte zijn de vormhelften 15 en 16 verbonden aan platen van 25 een niet weergegeven pers, bestemd voor het naar elkaar toe en van elkaar af bewegen van de vormhelften ten opzichte van elkaar en ten opzichte van de kern 17, waarbij niet af geheelde middelen van conventioneel type zijn aangebracht voor het aanbrengen van de kern tussen de vormhelften 15 en 16 en voor het verwijderen van de kern.
30 De werking van de inrichting vciLcpns de uitvinding voor het ver vaardigen van binnenbanden is als volgt:
De steel 5 van een ventiel 4 wordt eerst in het doorgaande gat 27 in de vormhelft 16 geplaatst, zodanig dat het lichaam 10 van elastomeer materiaal aan een einde van de steel 5 in een holte in de vormhelft 35 16 is opgenomen.
Vervolgens worden de vormhelften 15 en 16 samengevoegd met de 8301247 -8- kem 17 voor het verkrijgen van. de in figuur 4 af geheelde configuratie.
Uit deze figuur blijkt, dat de twee vormhelften 15 en 16 zodanig ten opzichte van de kern 17 zijn opgesteld, dat deze elementen twee ringvormige holten 22 en 25 begrenzen, elk met de vorm van een deel van 5 een te vervaardigen binnenband. Vervolgens wordt elastomeer materiaal met behulp van een niet weergegeven en in de uitsparing 30 opgenomen extrusiekop geïnjecteerd. Dit elastomeer 'materiaal vult na door de kanalen 28 en 29 te zijn gestroomd, de holten 22 en 25, die met delen van de binnenband korresponderen.
10 Tijdens deze bewerking wordt koud fluïdum in de niet afgebeelde holten binnen de vormhelften 15 en 16 gecirculeerd.
Op dit moment wordt de pers, die het onderling lossen van de vormhelften 15 en 16 en het lossen daarvan ten opzichte van de kern 17 veroorzaakt, in werking gesteld. Tijdens het lossen, blijft het elas-15 tomeer materiaal in de holten 22 en 25 verrassenderwijs gehecht aan de vormhelften 15 en 16.
Nadat nu de kern 17 van de twee vormhelften 15 en 16 is gelost, blijven deze naar elkaar toe gekeerd.
Het lossen van de kern 17 geschiedt met conventionele middelen, 20 die niet zijn weergegeven, echter aan deskundigen bekend zijn.
Na de laatstgenoemde bewerking wordt de (niet weergegeven) pers waarvan de platen met de vormhelften 15 en 16 zijn. verbonden, wederom in werking gesteld, waarbij de twee vormhelften 15 en 16 onderling in contact worcfen gebracht, zoals weergegeven in figuur 5. Aan het einde van 25 deze bewerking bevindt zich een hol torusvormig lichaam 31 van niet gevulcaniseerd elastomeermateriaal zich in de naar elkaar toe gekeerde holten van de twee vormhelften, aangezien de vereniging van de randen van de twee ringvormige delen, die tussen de vormhelften 15 en 16 en de kern 17 zijn gevormd, reeds heeft plaatsgevonden.
30 Thans wordt een fluïdum (bijv. lucht) onder druk toegelaten tot het holle torusvormige lichaam, aanwezig tussen de twee vormhelften 15 en 16. Het toelaten van dit fluïdum geschiedt via een ventiel 4, dat het binnenbandventiel gaat vormen.
De laatste bewerking, die moet worden uitgevoerd, is het vulca-35 niseren van het elastomeer materiaal in de vorm en voor dit doel wordt een hol fluïdum, bijv. stoom, toegelaten tot de (niet afgebeelde) holten 8301247 -9- in de vormhelf ten, die voor dit doel zijn aangebracht.
Nadat het vulcaniseren van het elastomeer materiaal, waaruit het torusvormige lichaam 31 bestaat, is voltooid, wordt eerst het ventiel 4 in verbinding met de buitenzijde gebracht, waardoor de druk 5 in de binnenband wordt afgelaten en de (niet afgebeelde) pers wordt opnieuw in bedrijf gesteld voor het onderling lossen van de twee vorm-helften 15 en 16, zodat de tussen hen in gevormde binnenband kan worden verwijderd.
Nadat de binnenband uit de twee vormhelften 15 en 16 is verwij-10 derd, wordt de kern 17 weer tussen deze twee ingeplaatst, nadat een nieuw ventiel 4 in het. doorgaande gat 27 in de wand van de vormhelft 16 is aangebracht. Vervolgens wordt de pers opnieuw in bedrijf gesteld om de vormhelften 15 en 16 in aanraking te brengen met de daarnaar toe gekeerde oppervlakken van de kern 17, waarmee opnieuw de in figuur 4 15 afgebeelde configuratie is verkregen en een andere binnenband kan worden vervaardigd.
Uit bovenstaande beschrijving zal duidelijk zijn, dat met een binnenband volgens de uitvinding en met een inrichting voor het vervaardigen van binnenbanden eveneens volgens de uitvinding de gestelde 20 doeleinden kunnen worden bereikt.
Immers kan bij een binnenband, welke is uitgevoerd als een torusvormig lichaam met in doorsnede een configuratie, voorzien van een cy-lindüsch deel en meer in het bijzonder een cylindrisch deel, dat is gevormd door de aanwezigheid van een cilindrische wand in de binnenband, 25 korresponderend met het deel daarvan, bestemd om op de flens van een voertuigwielvelg te steunen, aan deze binnenband een weerstand tegen vervorming worden gegeven, welke kunnen optreden als gevolg van flexuur-spanningen tijdens het monteren van de binnenband tussen de luchtband en de, de band dragende wielvelg.
30 Deze weerstand is in feite het gevolg van de aanwezigheid van hoeken bij de zones waar de wand van de binnenband- gezien in de doorsnede van figuur 2 - overgaat van een rechtlijnige configuratie naar een cirkelvormige configuratie.
De weerstand van de binnenband tegen vervormingen als gevolg van 35 flexuurspanningen,verhindert de vorming van vouwen in de binnenbandwand en als gevolg daarvan worden alle risico's, die de aanwezigheid van 8301247 -10- dergelijke vouwen met zich meebrengt, vermeden.
Bovendien is de aansluiting van het ventiel, welke nodig is voor het opblazen van. de binnenband,, bij een oppervlak met alleen een buig-straal, namelijk met een cylindrisch oppervlak, op zichzelf reeds een-5 voudiger dan de aansluiting van een ventielbasis op een binnenband, zodat het gevaar voor een gebrekkige verankering tussen deze elementen wordt verminderd.
Het feit, dat de verbinding van het ventiel met de binnenband geschiedt tijdens de vorming van de binnenbandwand en het feit, dat het 10 verbindingsoppervlak van de ventielbasis met de binnenbandwand een af-geknot-conische vorm heeft, met de bredere basis als deel van het oppervlak van de binnenwand van de binnenband en met de zij oppervlakken van de ventielbasis hellend naar de buitenzijde van de binnenband, verschaft naast een optimale verankering als gevolg van een toenemend 15 koppeloppervlak, tevens een mechanisch koppelingseffekt tussen deze - elementen, die een aanzienlijke stabiliteit van de verankering in de loop van de tijd waarborgt.
Indien de koppelingsoppervlakken van de binnenbandwanden en de ventielbasis op de in het voorgaande beschreven wijze zijn uitgevoerd, 20 zullen immers de spanningen, die tijdens bedrijf van de band in genoemde zones worden opgewekt, bijdragen tot de koppeling zelf en het risico vanprodüktieafval als gevolg van mogelijke vulling van het ventiel met elastomeer materiaal wordt vermeden.
Tenslotte is het bij toepassing van de uitvinding mogelijk binnen-25 banden te vervaardigen, waarvan de wanddikte naar wens variabel is.
Alhoewel een specifieke uitvoeringsvorm van de uitvinding is afgebeeld en geïllustreerd, is duidelijk, dat de uitvinding elke andere uitvoeringsvorm gebaseerd op het beschreven algemene uitvindingsprincipe omvat.
30 8301247

Claims (6)

1. Binnenband voor luchtbanden, voorzien van een hol torus vormig lichaam van verknoopt elastomeer materiaal en een ventiel, dat vast met het holle torusvormige lichaam is verbonden voor het toelaten van lucht tot de binnenband en het af laten van lucht daaruit, met het 5 kenmerk, dat het holle torusvormige lichaam is voorzien van een cylin-drisch deel, waarvan de symmetrieas samenvalt met de symmetrieas van het torusvormige lichaam.
2. Binnenband volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat het ventiel, dat vast met het holle torusvormige lichaam van verknoopt 10 elastomeer materiaal is gekoppeld, met het cylindrische wanddeel daarvan is verbonden, waarbij het bodemoppervlak, van elastomeer materiaal, van de ventielbasis een deel vormt van het binnenoppervlak van de binnenband.
3. Binnenband volgens conclusie 1 en 2, met het kenmerk, dat het 15 ventiel, dat vast met het holle torusvormige lichaam van elastomeer materiaal is verbonden, aan het in het elastomeer materiaal, dat het torusvormige lichaam vormt, ingebedde einde is voorzien van een basis van elastomeer materiaal met een afgeknot-conische vorm, waarin de wijdere basis van het afgeknot-conische vormdeel een deel Vormt van het 20 binnenoppervlak van de binnenband.
4. Inrichting voor het vervaardigen van binnenbanden, met het kenmerk, dat de inrichting is voorzien van twee vormhelften en een kern, die met deze helften kan worden verbonden en daarvan kan worden gelost, waarbij een deel van het buitenoppervlak van de kern een vorm heeft, die 25 complementair is aan die van de oppervlakken van de twee ernaar toe gekeerde vormhelften voor het met deze vormhelften vormen van een paar in hoofdzaak ringvormige holten, die complementair ten opzichte van elkaar zijn en voor het vormen van een hol torusvormig lichaam, waarbij een van de vormhelften en het daarnaar toe gekeerde kemoppervlak in 30 hoofdzaak cylindrische coaxiale oppervlakken hebben, waarbij leidingen in de kern zijn aangebracht voor het toevoeren van elastomeer materiaal aan de tussen de vormhelften en de kern gevormde holten, verder middelen zijn aangebracht voor het lossen van de vormhelften ten opzichte van de kern, middelen voor het verwijderen van de kern uit de ruimte 35 tussen de twee vormhelften, middelen voor het onderling laten naderen van de twee vormhelften, waarbij hun randen in direkt onderling contact 8301247 -12- worden gebracht, middelen aanwezig zijn voor het. toe laten van een fluïdum onder druk in de gesloten holte tussen de twee vormhelften en ook middelen zijn aangebracht voor het vulcaniseren van het elastomeer materiaal.
5. Inrichting volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat een doorgaande opening aanwezig is voor het opnemen van het lijf van het ventiel van de binnenband in de wand van de vormhelft, waarin een deel van het oppervlak van de vormholte een cylindrisch vorm heeft.
6. Inrichting volgens conclusie 4, met hetkenmerk, dat de lei-10 dingen in de kern voor het toelaten van elastomeer materiaal in het stel holten tussen de kern en de vormhelften, uitmonden ineen holte en wel versprongen ten opzichte van hun einden, die in de andere holte uitmonden. 15 8301247
NL8301247A 1982-04-09 1983-04-08 Binnenband. NL8301247A (nl)

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
IT20674/82A IT1150822B (it) 1982-04-09 1982-04-09 Camera d'aria e dispositivo per la fabbricazione della stessa
IT2067482 1982-04-09

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL8301247A true NL8301247A (nl) 1983-11-01

Family

ID=11170373

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL8301247A NL8301247A (nl) 1982-04-09 1983-04-08 Binnenband.

Country Status (9)

Country Link
BR (1) BR8301895A (nl)
DE (1) DE3311856A1 (nl)
ES (2) ES271642Y (nl)
FR (1) FR2524849B1 (nl)
GB (1) GB2118492B (nl)
GR (1) GR78179B (nl)
IT (1) IT1150822B (nl)
NL (1) NL8301247A (nl)
TR (1) TR21996A (nl)

Families Citing this family (9)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
JPS60208225A (ja) * 1984-03-31 1985-10-19 Sumitomo Rubber Ind Ltd チューブおよびその製法
IT1241314B (it) * 1990-11-09 1994-01-10 Firestone Int Dev Spa Metodo e dispositivo per la realizzazione di camere d'aria per stampi di vulcanizzazione
EP0894614B1 (en) * 1997-07-31 2002-05-29 Pirelli Pneumatici Societa' Per Azioni A method for making a tyre for vehicle wheels
US6336985B1 (en) 1997-07-31 2002-01-08 Pirelli Coordinamento Pneumatici S.P.A. Method for making a tire for vehicle wheels
JP2001523607A (ja) * 1997-11-14 2001-11-27 ピレリ・プネウマティチ・ソチエタ・ペル・アツィオーニ タイヤのエアチューブ及びその製造方法
EP0919405A1 (en) * 1997-11-14 1999-06-02 Pirelli Pneumatici Societa' Per Azioni A tyre air tube and related manufacturing process
FR2850607A1 (fr) * 2003-02-05 2004-08-06 Otico Procede et appareil de fabrication d'un corps creux de forme generale torique en matiere vulcanisable
FR2933903B1 (fr) * 2008-07-18 2010-08-27 Otico Pneumatique semi-creux et jante de roue associee, notamment pour machines agricoles
US20180194071A1 (en) * 2017-01-06 2018-07-12 Applied Composite Technology Aerospace, Inc. Variable Volume Support Member for Cure of Composite Structure

Family Cites Families (11)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US1698414A (en) * 1922-05-19 1929-01-08 Palmer John Fullerton Pneumatic tire
FR555504A (fr) * 1922-08-29 1923-07-02 Jante-pneumatique
GB235970A (en) * 1924-03-28 1925-06-29 Cyril Alfred Harvey Brown Improvements in or relating to tyres for vehicle wheels
GB456294A (en) * 1935-01-19 1936-11-06 Wingfoot Corp Improvements relating to safety inner tubes for pneumatic tyres
US2324974A (en) * 1938-05-17 1943-07-20 Firestone Tire & Rubber Co Inner tube and method of producing the same
NL62479C (nl) * 1940-01-26
US2592724A (en) * 1948-03-04 1952-04-15 Gen Tire & Rubber Co Inner tube for pneumatic tires and method of making
NL7016947A (en) * 1970-11-19 1972-05-24 Tyre - with outer part having tread and sidewalls and separate - inner part having carcase
FR2318041A1 (fr) * 1975-07-18 1977-02-11 Uniroyal Bandage pneumatique de securite pour roue de vehicule et ses elements composants
US4216809A (en) * 1977-09-14 1980-08-12 Uniroyal, Inc. Pneumatic tire having a run-flat insert structure
FR2499911A1 (fr) * 1981-02-13 1982-08-20 Hutchinson Mapa Perfectionnements apportes aux chambres a air pour pneumatiques de roues de vehicules en tous genres, et notamment de bicyclettes, velomoteur ou analogues

Also Published As

Publication number Publication date
BR8301895A (pt) 1983-12-20
ES271642Y (es) 1984-04-01
GB2118492B (en) 1987-01-14
DE3311856A1 (de) 1983-10-27
ES271642U (es) 1983-10-01
FR2524849A1 (fr) 1983-10-14
GR78179B (nl) 1984-09-26
FR2524849B1 (fr) 1986-03-07
ES271643U (es) 1983-10-01
ES271643Y (es) 1984-04-01
GB8309578D0 (en) 1983-05-11
IT8220674A0 (it) 1982-04-09
TR21996A (tr) 1985-12-27
IT1150822B (it) 1986-12-17
GB2118492A (en) 1983-11-02

Similar Documents

Publication Publication Date Title
KR100359008B1 (ko) 타이어제조방법및장치
US6277317B1 (en) Method for building pneumatic tires in an improved tire mold
US4201744A (en) Method of making tires
NL8301247A (nl) Binnenband.
US12187001B2 (en) Method of molding a container into a tire
JP2002046420A (ja) タイヤ
EP1415781A4 (en) tire vulcanizing
US4895502A (en) Tread ring venting and pressurization system
CN100556677C (zh) 模制和固化车轮轮胎的方法和装置
EP0850131B1 (en) Injection molding of a tire component
JP6505241B2 (ja) 抗張部材を備えたゴム製無限軌道を製造する装置および方法
KR860003904A (ko) 공기식 차량타이어를 가황시키는 방법과 장치
BRPI0917223B1 (pt) método para controlar uma fase de moldagem de uma estrutura de fixação anular de um pneu verde, e, equipamento para moldagem e cura de pneus verdes
KR20060053219A (ko) 팽창성 블래더
JP2526831Y2 (ja) トレッドモールド
KR101207638B1 (ko) 팽창성 블래더
JP2000296523A (ja) 車の車輪用タイヤの成形・硬化方法及びその装置
CA1185059A (en) Method of curing removable tread belt
JPS6353020A (ja) プラスチック材料からソリッドタイヤを製造する方法
WO2022269940A1 (ja) タイヤ成形用金型及びタイヤ製造方法
JP7559268B2 (ja) 非空気入りタイヤのための硬化金型組立体並びにその製造方法
CN110139765B (zh) 用于非充气轮胎的轮辐与剪切带附接的固定装置
US10562250B2 (en) Non-pneumatic tire tread layer mold and molding process
US20240246305A1 (en) Curing Mold Assemblies For Non-Pneumatic Tires As Well As Methods Of Manufacture
KR960010123B1 (ko) 타이어 트레드 사출성형 방법

Legal Events

Date Code Title Description
A85 Still pending on 85-01-01
BV The patent application has lapsed