NL8300158A - Inrichting voor het roosten van cokes. - Google Patents
Inrichting voor het roosten van cokes. Download PDFInfo
- Publication number
- NL8300158A NL8300158A NL8300158A NL8300158A NL8300158A NL 8300158 A NL8300158 A NL 8300158A NL 8300158 A NL8300158 A NL 8300158A NL 8300158 A NL8300158 A NL 8300158A NL 8300158 A NL8300158 A NL 8300158A
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- coke
- roaster
- upstream
- intermediate cooler
- roasting
- Prior art date
Links
Classifications
-
- C—CHEMISTRY; METALLURGY
- C10—PETROLEUM, GAS OR COKE INDUSTRIES; TECHNICAL GASES CONTAINING CARBON MONOXIDE; FUELS; LUBRICANTS; PEAT
- C10L—FUELS NOT OTHERWISE PROVIDED FOR; NATURAL GAS; SYNTHETIC NATURAL GAS OBTAINED BY PROCESSES NOT COVERED BY SUBCLASSES C10G OR C10K; LIQUIFIED PETROLEUM GAS; USE OF ADDITIVES TO FUELS OR FIRES; FIRE-LIGHTERS
- C10L9/00—Treating solid fuels to improve their combustion
- C10L9/08—Treating solid fuels to improve their combustion by heat treatments, e.g. calcining
-
- F—MECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
- F27—FURNACES; KILNS; OVENS; RETORTS
- F27B—FURNACES, KILNS, OVENS OR RETORTS IN GENERAL; OPEN SINTERING OR LIKE APPARATUS
- F27B7/00—Rotary-drum furnaces, i.e. horizontal or slightly inclined
- F27B7/02—Rotary-drum furnaces, i.e. horizontal or slightly inclined of multiple-chamber or multiple-drum type
-
- F—MECHANICAL ENGINEERING; LIGHTING; HEATING; WEAPONS; BLASTING
- F27—FURNACES; KILNS; OVENS; RETORTS
- F27B—FURNACES, KILNS, OVENS OR RETORTS IN GENERAL; OPEN SINTERING OR LIKE APPARATUS
- F27B7/00—Rotary-drum furnaces, i.e. horizontal or slightly inclined
- F27B7/20—Details, accessories or equipment specially adapted for rotary-drum furnaces
- F27B7/38—Arrangements of cooling devices
- F27B7/383—Cooling devices for the charge
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Chemical & Material Sciences (AREA)
- Mechanical Engineering (AREA)
- General Engineering & Computer Science (AREA)
- Organic Chemistry (AREA)
- Oil, Petroleum & Natural Gas (AREA)
- Physics & Mathematics (AREA)
- Combustion & Propulsion (AREA)
- Thermal Sciences (AREA)
- Muffle Furnaces And Rotary Kilns (AREA)
- Coke Industry (AREA)
- Saccharide Compounds (AREA)
- Agricultural Chemicals And Associated Chemicals (AREA)
- Pharmaceuticals Containing Other Organic And Inorganic Compounds (AREA)
Description
. t
Inrichting voor het roosten van cokes.
De uitvinding heeft betrekking op een inrichting voor het roosten van cokes voor het bereiden van cokes met hoge kwaliteit, in het bijzonder cokes met een zodanig hoge kwaliteit dat deze bruikbaar is voor gebruik bij het ver-5 vaardigen van elektroden van grafiet, door in twee fasen roosten met daartussen koelen.
Het bereiden van groene cokes uit zware olie afkomstig van aardolie zoals olieresten van katalytisch kraken en thermisch kraken, olie overgebleven van recht-10 streekse behandeling en teer afkomstig van thermisch kraken, koolteerpek of mengsels daarvan door een vertraagd cokesproces is bekend. De door dit proces geproduceerde groene cokes bevat nog steeds een aanzienlijke hoeveelheid vocht en verdampbaar materiaal. Daarom is ook een proces bekend voor het roosten van 15 de bereide groene cokes om het vocht en het verdampbare materiaal uit de groene cokes te verwijderen en om de groene cokes te verdichten, waardoor een koolstof materiaal wordt bereid met een hoog soortelijk gewicht en een lage thermische expansiecoeffi-cient waardoor het bruikbaar is voor gebruik als elektrodema-20 teriaal voor het bereiden van staal, smelten van aluminium of dergelijke of een koolstofmateriaal voor andere gevormde voorwerpen.
Roosten van dergelijke groene cokes wordt uitgevoerd in verhittingsovens zoals een roterende roostoven, 25 een roterende haard en een schachtroostoven in een enkele fase of in twee fasen door verder toepassen van een voorverhittings-oven.
Echter is door studie gebleken dat de door dit proces verkregen gerooste cokes niet noodzakelijkerwijs 30 de volledig gewenste eigenschappen heeft als cokes voor kunst matige grafietelektroden die van bijzonder hoge kwaliteit dienen te zijn. Er blijft dus veel ruimte voor verbetering ten aanzien van het hoge soortelijke gewicht en de lage thermische expansie-coefficient welke de meest belangrijke eigenschappen zijn welke 8300158 2 . * gesteld moeten worden aan cokes voor kunstmatige grafietelektro-den.
Anderzijds is uitgevonden dat koelen in een tussenfase bij het roosten' van cokes in hoge mate effec-5 tief is voor het verminderen van de thermische expansiecoeffi- cient van de gerooste cokes en het verhogen van het soortelijk gewicht, in het bijzonder het ware soortelijk gewicht daarvan, en een proces voor het bereiden van cokes met hoge kwaliteit is ontwikkeld. Dit proces voor het roosten van cokes omvat 10 het eerst roosten van groene cokes verkregen door een vertraagd cokesproces bij een temperatuur lager dan de gebruikelijke roosttemperatuur, het een keer koelen van de gerooste cokes en het daarna weer roosten van de cokes bij een temperatuur gelegen in het temperatuurbereik van normaal roosten (als aangegeven in 15 het Amerikaanse octrooischrift 4.100.265). Hoewel het niet vol doende duidelijk is waarom de thermische expansiecoefficient van de gerooste cokes wordt verminderd door het tussentijds koelen, kan een mogelijke reden zijn dat enige fijne scheuren worden gevormd in de cokes gedurende het proces waarbij de cokes, 20 na te zijn verhit tot een temperatuur van 600 tot 1000°C, wordt onderworpen aan tussentijdskoelen en vervolgens aan verhitten, waarbij gedacht wordt dat de scheuren de expansie als gevolg . van het verhitten absorberen, hetgeen resulteert in het verminderen van de totale coefficient voor thermische expansie van de 25 cokes. Het ware soortelijke gewicht van de gerooste cokes wordt mogelijk verhoogd als gevolg van snel verdampen van verdampbaar materiaal en het vormen van een poreuze structuur, welke daarvan een resultaat is, wordt onderdrukt door het tussentijds koelen binnen het bovengenoemde temperatuurbereik.
30 Het in twee fasen roosten van cokes met tussentijds koelen wordt uitgevoerd met behulp van een inrichting voor roosten van cokes, welke bijvoorbeeld bestaat uit twee of meer roteerbare roostovens in serie en een koelinrich-ting welke hiertussen is opgesteld. Een voorbeeld van een cokes-35 roostinrichting van deze aard is beschreven in het Amerikaanse 83 0 0 15 8 * % 3 octrooischrift 4.265.710, waarbij een inrichting wordt toegepast bestaande uit een combinatie van drie roteerbare roost-ovens met inbegrip van een voorverhitter voor drogen en een koeltoestel opgesteld tussen de roterende roostovens van de 5 laatste twee fasen.
Echter wordt toepassen van een inrichting van deze soort waarbij een aantal roterende roostovens wordt gebruikt en cokes bij een hoge temperatuur wordt onttrokken bij een tussengelegen punt, begeleid door problemen zoals 10 de volgende; a) aangezien er verscheidene roostovens zijn, wordt de inrichting economisch nadelig om redenen zoals de toegenomen kosten van de inrichting en de grote vereiste ruimte; 15 b) het aantal stuurpunten wordt groot en het sturen zoals het sturen van de verbranding wordt ingewikkeld; c) het behandelen en transporteren van cokes met hoge temperatuur welke onttrokken is op een tussen- 20 gelegen punt, is moeilijk en brengt bovendien gevaar met zich mee;* d) met de toename van de fysieke ontvang van de gehele inrichting neemt de thermische doelmatigheid af.
Daarom beoogt de uitvinding te voorzien in een compacte inrichting voor het roosten van cokes waarin, 25 door het opstellen van een tussengelegen koeltoestel onmiddellijk in een tussengelegen deel van een enkelvoudige roostoven, de bovengenoemde problemen bij een cokesroostinrichting met een aantal roostovens waarbij cokes in een tussengelegen punt wordt onttrokken, worden opgeheven.
30 Meer in het bijzonder voorziet de uit vinding in het kort gezegd in een cokesroostinrichting voorzien van een roterende roostoven in de vorm van een holle cilinder waarvan de as helt ten opzichte van de horizontaal, waardoor in de roostoven aan een bovenstrooms einde daarvan binnengebrachte 35 cokes daardoorheen stroomt in de hellende richting naar de tegen- 8300158 4 overgelegen benedenstroomse einden daarvan, waarbij een tussen-gelegen koeler reik langs het uitwendige wandoppervlak van de roostoven in een tussengelegen deel daarvan beschouwd in de overlangse richting daarvan en voorzien is van een toegangsdeel 5 en een uitgangsdeel welke respectievelijk in verbinding staan met bovenstroomse en onderstroomse inwendige delen van de roost-ovenconstructie waarbij lei-organen zorgen dat de gehele hoeveelheid cokes welke door het bovenstroomse inwendige gestroomd heeft, stroomt door de tussengelegen koeler, waarbij de cokes 10 wordt onderworpen aan verhitten in in eerste fase in het boven stroomse inwendige en vervolgens, na te zijn gekoeld in de tussengelegen koeler, worden onderworpen aan verhitten in een tweede fase.
Weliswaar is in het algemeen bekend om 15 een koeler onmiddellijk aan een roterende roostoven te bevestigen volgens de Japanse octrooiaanvrage 26397/1980.In dit geval is echter de koeler bevestigd aan het afvoereinde van de roostoven en wordt niet. voorgesteld een constructie waarbij de gerooste en gekoelde cokes weer naar de roostoven wordt gevoerd.
20 De uitvinding zal in de volgende be schrijving met betrekking tot de tekening nader worden uiteengezet.
Figuur 1 is een zijaanzicht., waarbij een deel is weggesneden en delen in vertikale doorsnede zijn 25 aangegeven, van een voorbeeld van een cokesroostinrichting vol gens de uitvinding in werktoestand.
Figuur 2 is een dwarsdoorsnede langs dé lijn II - II in figuur 1 gezien in de richting van de pijl en toont de stervormige constructie van de tussenkoeler; 30 figuur 3 is een dwarsdoorsnede van een uitvoeringsvorm waarbij een mantel de tussenkoeler omgeeft; figuur 4 is een vergroot, gedeeltelijk zijaanzicht en vertikale doorsnede van een deel van het tussen-koelgebied met de toegangspijpen en uitgangspijpen van de tussen-35 koeler in hellende toestand; 83 0 0 15 8 * 5 figuur 5 is een dwarsdoorsnede als volgens figuur 2 en toont een andere uitvoeringsvorm van de constructie van de toegangspijpen en uitgangspijpen van de tussen-koeler waarbij deze pijpen hellen ten opzichte van de radiale 5 richtingen; figuur 6 is een betrekkelijk vergroot, gedeeltelijk zijaanzicht en vertikale doorsnede van een andere uitvoeringsvorm van geleidemiddelen voor het voeren van cokes naar de tussenkoeler.
10 Bij de uitvoeringsvorm van de uitvin ding volgens figuur 1 omvat de cokesroostinrichting in hoofdzaak een roterende roostovenconstructie 1, een verhittingsoven 2 opgesteld aan het benedenstroomse einde van de roostoven 1 en een tussenkoeler 3 opgesteld in een tussengedeelte van de 15 roostoven. De roostoven 1 is een holle cilinder met een inwen dige bekleding van vuurvastmateriaal 11 en zijn gehele constructie is aandrijfbaar door een niet getekende aandrijfinrichting om te roteren om zijn lengte-as welke een weinig helt in de stroomrichting van de cokes. Temperatuurtasters 12 zijn in de 20 wand van de roostoven 1 aanwezig tenminste bij punten welke bo- venstrooms en benedenstrooms van de tussenkoeler 3 zijn gelegen. Bovendien is de roostoven 1 aan zijn bovenstroomse einde voorzien van een vultrechter 4 voor het inbrengen van nieuw materiaal, dus groene cokes en aan zijn benedenstroomse einde bevindt zich 25 een trechter of valgoot 5 welke omlaag reikt voor het afgeven van gerooste cokes.
Zoals hierboven aangegeven is de verhittingsoven 2 verbonden met het benedenstroomse einde van de roostoven 1 en wordt door pijpen 21 en 22 voorzien vein brand-30 stof en lucht welke verbranding ondergaan. Het resulterende verbrandingsgas wordt in de roostoven 1 gezonden en wordt een warmtebron voor het roosten van cokes 6 welke door de roostoven stroomt. Bovendien is de ovenconstructie op daartoe bruikbare punten in zijn zijwand voorzien van luchttoevoerpijpen 13a, 13b 35 enz. voor het toevoeren van lucht voor het verbranden van brand- 83 0 0 1 5 8 6 bare vluchtige bestanddelen afkomstig van de cokes 6. Aangezien de bovenbeschreven roostovenconstructie 1, de verhittingsoven 2, de trechters 4 en 5 en samenhangende onderdelen gelijk zijn aan die voor een gebruikelijke roterende roostoven voor het 5 roosten van cokes, wordt hier een gedetailleerde beschrijving van hun constructie weggelaten.
De volgens de uitvinding toegepaste tussenkoeler 3 omvat een aantal cilindervormige buizen 31 welke in hoofdzaak evenwijdig aan de hartlijn van de roostoven zijn 10 opgesteld in een cirkel welke coaxiaal is met en op afstand is gelegen van de roostovenconstructie 1, waarbij de buizen 31 over gelijke hoekafstanden van elkaar zijn opgesteld langs de cirkel bij een tussengedeelte van de roostoven in zijn axiale richting en inlaatpijpen 32 en afvoerpijpen 33 verbinden respectieve-15 lijk de bovenstroomse en onderstroomse einden van elke buis 31 met de bovenstroomse inwendige ruimte A en de benedenstroomse inwendige ruimte B van de roostoven 1. Tenminste twee van de buizen 31 zijn aanwezig, maar vier of meer kunnen aanwezig zijn in stervormige opstelling met hun toevoerpijpen en afvoerpijpen 20 32 en 33 als volgens de dwarsdoorsnede volgens figuur 2.
Het inwendige wandoppervlak van de roostoven 1 is in zijn deel tussen de toevoerpijpen en afvoerpijpen 32 en 33 van de koeler 3 voorzien van een ringvormig binnenwaarts uitstekend schot 7 met in langsdoorsnede de vorm van 25 een gelijkbenig trapezium. Dit schot 7 vormt een belemmering voor het stromen van de cokes 6 langs de binnenwandoppervlakte van de roostoven vanaf de bovenstroomse inwendige ruimte A naar de benedenstroomse inwendige ruimte B en dient om de cokes te dwingen om te stromen in en door de tussengelegen koeler 3 bij 30 het stromen vanaf de ruimte A naar de ruimte B.
Een voorbeeld van het proces van het roosten van cokes bij toepassen van de hierboven beschreven inrichting als aangegeven in de figuren 1 en 2 zal nu worden beschreven. Als grondstof wordt naar de trechter 4 een groene 35 cokes gevoerd welke bijvoorbeeld wordt verkregen door het ver- 8300158 > 7 traagde cokesproces en dat in deeltjesgrootte wordt aangepast om te bestaan uit ongeveer 25 % deeltjes met een afmeting van kleiner dan 3 mesh en ongeveer 75 % deeltjesgrootte dan 3 mesh en met een maximale diameter van 70 mm wordt toegepast. De ken-5 merkende eigenschappen van groene cokes zijn een vochtgehalte van 7 tot 10 gew.%,(een gehalte aan luchtig materiaal van 6 tot 10 gew.% volgens de Japanse industriële standaarden JIS.M 8812) en een schijnbaar soortelijk gewicht van 0,80 tot 0,95 gram per cm3 .
10 De cokes welke het uitgangsmateriaal vormt dat in het bovenstroomse einde van het inwendige van de roostoven 1 wordt gevoerd, wordt onderworpen gedurende zijn baan van het bovenstroomse einde naar het benedenstroomse einde van de bovenstroomse inwendige ruimte A (dat wil zeggen totdat de 15 cokes het toegangsgedeelte van de tussengelegen koeler 3 bereikt) aan een verhitten in eerste fase tot een temperatuur van 600 tot 1000°C door het verbrandingsgas van de verhittingsoven 2, welke hierna zal worden beschreven, alsmede naargelang de noodzaak door het verbrandingsgas verkregen door verbranden van brandbaar 20 vluchtig materiaal afkomstig van de cokes zelf met lucht binnen gebracht in de roostoven door de pijpen 13a, 13b enz. Gedurende dit proces worden vocht en brandbaar vluchtig materiaal weggedestilleerd. Aan de andere kant kan warmte van het afvoergas afkomstig uit de roostoven 1 worden teruggewonnen op gebruike-25 lijke wijze zoals door voorverhitten van lucht voor verbranding.
De hellingshoek van de roostoven 1 bedraagt 1,2 tot 3,0° en de inwendige diameter, lengte en rotatie-snelheid worden zodanig gekozen dat een verblijfsduur van 30 tot 120 minuten kan worden verkregen. Bijvoorbeeld bij een debiet 30 van tien ton per uur groene cokes wordt een roostoven met een inwendige diameter van 2,3 m, een lengte van 40 m en een rotatie-snelheid van 0,2 tot 1,0 omwentelingen per minuut toegepast.
De cokes welke de verhitting in eerste fase heeft ondergaan en welke het benedenstroomse einde van de 35 bovenstroomse inwendige ruimte A van de roostoven 1 heeft bereikt, 830 0 15 8 8
I I
wordt in zijn stroom gehinderd door de bovengenoemde schot 7 welke een hoogte heeft van 0,3 tot 0,6 m voor een roostoven 1 met een inwendige diameter van 2,3 ra. Vervolgens, terwijl de roostoven 1 roteert, stroomt deze cokes door de inlaatpijpen 5 32 om omlaag te stromen in de tussenkoeler 3.
Elk van de buizen 31 van de tussenkoeler 3 heeft een inwendige diameter van 600 mm en een lengte van 5 m en elk van de inlaatpijpen 32 en uitlaatpijpen 33 heeft een inwendige diameter van 600 mm. Bij een debiet van 10 ton per uur 10 aan nieuw materiaal.in de vorm van cokes, worden twee tot acht combinaties van buizen 31 en toevoerpijpen en afvoerpijpen 32 en 33 toegepast.
De cokes welke de buizen 31 is binnengekomen van de tussenkoeler 3 welke als eenheid roteert tezamen 15 met de roostoven 1, stroomt progressief naar de afvoerpijp 33 en rolt daarbij door het inwendige van de buizen 31. Gedurende dit voortbewegen wordt de cokes gekoeld tot een temperatuur beneden 200°C, bij voorkeur 60 tot 100°C. Om het koelen te bevorderen is de tussenkoeler 3 bij voorkeur voorzien van niet ge-20 tekende koelvinnen en de gehele koeler 3 is omgeven door een mantel of omhulling 34 volgens figuur 3, waarbij lucht wordt gestuwd door deze mantel 34 om daardoor een koeling met geforceerde trek te verkrijgen. Naargelang de noodzaak wordt het bevorderen van het koelen tot stand gebracht door niet getekende 25 watermantels waarin alle of enkele van de afzonderlijke buizen 31 van de koeler 3 geheel of gedeeltelijk zijn opgenomen.
De aldus in elke buis 31 gekoelde cokes stroomt door de afvoerpijp 33 daarvan wanneer de buis 31 de hoge stand boven de roosteroven 1 bereikt. De cokes stroomt al-30 dus in het benedenstroomse deel B van de roosteroven.
In het benedenstroomse deel B van de roosteroven wordt de cokes 6 opnieuw verhit door de verbrandingsgassen afkomstig van de verhittingsoven 2 enz. en wordt geroost bij een temperatuur van 1200 tot 1400°C. Daarna stroomt de ge-35 rooste cokes door de trechterafvoer 5 en wordt daardoor uit de 8300158 f * 9 roosteroven 1 afgevoerd en wordt gekoeld. De verblijftijd binnen het benedenstroomse deel B is van 30 tot 90 minuten, waarvan ongeveer 10 tot 30 minuten de tijd is waarin cokes wordt onderworpen aan de roostertemperatuur. Gewoonlijk wordt de afgevoer-5 de cokes'binnengebracht in een (niet getekende) koeler van het soort als een roterende roosteroven welke in het inwendige is voorzien van op de juiste wijze opgestelde sproeikoppen voor het onmiddellijk op de cokes sproeien vein koelwater om de cokes te koelen. Echter kan indien gewenst de cokes met gas worden ge-10 koeld.
Voorbeelden vein de eigenschappen van gerooste cokes welke op deze wijze is verkregen en van gerooste cokes verkregen zonder tussentijds koelen zijn hieronder aangegeven.
15 Tussentijdskoelen met_zonder schijnbaar soort. gew. (g/cm3) 1.42 1.42 werkelijk soort.gew. (g/cm3) 2.169 2.110 coefficient van thermische expan-20 sie geroost bij 1.000°C) (X10"6/°C) 1.1 1.2 coefficient van thermische expansie (grafitiseerd bij 2.600°C) (X10“6/°C) 0.7 0.8 25 * De coefficient voor thermische expansie (coefficient voor lineaire expansie) is gemeten op de volgende wijze.
De gerooste cokes wordt in elk geval gemalen om een mengsel te verkrijgen van 92 % aan deeltjes groter dan 200 mesh en 8 % deeltjes kleiner dan 200 mesh. Met 100 delen 30 van dit mengsel, 25 delen aan koolteerbindpek (weekpunt 30,3°C, een onoplosbaar benzeengehalte van 19,8 gew.%, een onoplosbaar chinoline-gehalte van 4,4 gew.%, een gehalte aan vluchtig materiaal van 62,7 gew.%, een gehalte aan vaste koolstof van 53,2 gew.%) wordt gemengd. Het mengsel wordt verhit en dan gegoten 35 in delen waarvan enkele worden geroost bij 1000°C en andere 830 0 15 8 s. a ίο worden gegrafitiseerd bij 2600°C. Van deze stukken worden proefstukken (ronde staven met een diameter van 5 mm en een lengte van ongeveer 50 mm) gemaakt en gebruikt om hun coëfficiënten van thermische expansie te meten in een temperatuurbereik van 5 30 tot 100°C.
Terwijl hierboven een basisvoorbeeld is gegeven van de inrichting voor het roosten van cokes volgens de uitvinding en de werkwijze daarvan, kunnen verscheidene wijzigingen binnen het bereik van de uitvinding worden toegepast 10 bij de constructie van de tussengelegen koeler en de daarbij behorende onderdelen.
Bijvoorbeeld kunnen als volgens figuur 4 de inlaatpijp 32a en de uitlaatpijp 33a van de koeler 3a hellen met een hoek van bijvoorbeeld 1 tot 60ö ten opzichte van 15 de vertikaal in overlangse richting van de buitenwand van de roostoven 1. Deze constructie maakt gemakkelijk binnenkomen en verlaten van de cokes in en uit de koeler 3a mogelijk en verdient daarom de voorkeur. Bovendien kunnen, als aangegeven in figuur 5, de inlaatpijpen 32b en de uitlaatpijpen 33b ook hellen met een 20 hoek van bijvoorbeeld 1 tot 60° ten opzichte van de respectieve radiale richtingen bij hun verbindingen met het uitwendige cilindervormige oppervlak van de roostoven 1, waarbij de helling gericht is in een richting tegengesteld aan de rotatierichting.
Door deze constructie wordt ook gemakkelijk stromen van cokes in 25 en uit de koeler 3b mogelijk gemaakt.
Bij weer een andere uitvoeringsvorm kunnen- de middelen in het middendeel van de roostoven 1‘voor het tegenhouden van de cokesstroom in de axiale richting en voor het dwingen van cokes om te stromen in de koeler 3 de volgende 30 vorm hebben. In plaats van het schot 7 als aangegeven in de figuren 1 en 4 is een ringvormig, trogvormige goot 7a gevormd om de wand van de roostoven 1 in zijn deel waar cokes de koeler 3c binnen dient te komen van het bovenstroomse deel A door de inlaatpijpen 32c volgens figuur 6, waarbij de trog 7a buiten-35 waarts uitsteekt vanaf de inwendige wandoppervlakte van de roost- 8300158 11
Jt <1 oven 1. Bij voorkeur zijn geleidegroeven 8 aanwezig om het stromen van cokes in de trog 7a en de inlaatpijpen 32c te vergemakkelijken .
Bovendien kan een tillende transport-5 plaat met een trogvorm zoals bij de koeler beschreven in de
Japanse octrooiaanvrage 26397/1980 aanwezig zijn om in schroef-lijnvorm te reiken langs en om de inwendige wandoppervlakte van elke buis 31 van de koeler 3.
Zoals bovenbeschreven is de uitgevon-10 den inrichting voor roosten van cokes in het middendeel van zijn roosteroven voorzien van een tussengelegen koeler welke in verbinding staat met het bovenstroomse deel en het benedenstroomse deel van het inwendige van de roosteroven en middelen om de cokes te doen stromen langs het inwendige van de roosteroven 15 om te stromen in de tussengelegen koeler. Als gevolg hiervan kan een roostproces in twee fasen met daartussen koelen, hetgeen bruikbaar is voor het bereiden van cokes met hoge kwaliteit, worden uitgevoerd in een enkelvoudige roosteroven en een cokes-roostinrichting welke als geheel compact is en welke gemakke-20 lijk bedienbaar is met een goede warmterendement is verkregen.
8300158
Claims (8)
1. Inrichting voor het roosten van cokes, voorzien van een roterende roostoven in de vorm van een holle cilinder waarvan de hartlijn ten opzichte van de horizontaal 5 helt, waardoor in de roostoven aan een bovenstrooms einde daar van binnengebrachte cokes daardoorheen stroomt in dalende richting naar het tegengestelde benedenstroomse einde daarvan, waarbij een tussengelegen koeler reikt langs de buitenwandopper-vlakte van de roostoven bij een tussengelegen deel daarvan be- 10 schouwd in de overlangse richting daarvan en voorzien is van inlaat- en uitlaatdelen welke respectievelijk in verbinding staan met de bovenstroomse en benedenstroomse inwendige delen van de roostoven en geleidemiddelen om de gehele hoeveelheid cokes welke door het bovenstroomse inwendige is gestroomd te doen stromen 15 door de tussengelegen koeler, waarbij de cokes wordt onder worpen aan verhitten in een eerste fase. in het bovenstroomse inwendige en vervolgens, na té zijn gekoeld in de tussengelegen koeler, wordt onderworpen aan verhitten in een tweede fase.
2. Inrichting volgens conclusie 1, 20 gekenmerkt doordat de tussengelegen koeler bestaat uit een aan tal buisconstructies met elk een toegang en een uitgang welke respectievelijk zijn verbonden met de bovenstroomse en benedenstroomse inwendige delen en waarvan de hartlijn in hoofdzaak evenwijdig is aan de hartlijn van de roostoven, waarbij de buis- 25 vormige constructies in stervorm zijn opgesteld rondom de roost oven gezien in dwarsdoorsnede.
3. Inrichting volgens conclusie 1 of 2, waarbij de ingang-en uitgang—delen van de tussengelegen koeler bestaan uit pijpen waarvan de assen in hoofdzaak loodrecht 30 staan op de uitwendige wandoppervlakte van de roostoven.
4. Inrichting volgens conclusie 1 of 2, waarbij de ingangen uitgang-delen van de tussengelegen koeler bestaan uit pijpen waarvan de assen hellen ten opzichte van de uitwendige wandoppervlak van de roostoven om gemakkelijk binnen- 35 stromen van de cokes mogelijk te maken uit het bovenstroomse 8300158 inwendige van de roostoven in de tussengelegen koeler en het uitstromen van cokes gemakkelijk te maken vanuit de tussengelegen koeler in het benedenstroomse inwendige.
5. Inrichting volgens één der voorgaande 5 conclusies, gekenmerkt doordat de geleidemiddelen bestaan uit een ringvormig schot bevestigd aan en langs de inwendige wand-oppervlakte van de roostoven bij een deel daarvan tussen de inlaat en uitlaatdelen van de tussengelegen koeler, waarbij het schot binnenwaarts reikt.
6. Inrichting volgens één der voorgaande conclusies waarbij de geleidemiddelen bestaan uit een ringvormige, trogachtige uitsparing gevormd in en langs de inwendige wandoppervlakte van de roostoven aan het benedenstroomse einde van het bovenstroomse inwendige daarvan en met een bodem waar-15 mee het toegangsdeel (of delen) van de tussengelegen koeler is verbonden.
7. Inrichting volgens conclusie 6, waarbij geleidegroeveri aanwezig zijn aan de bovenstroomse zijde van de trogvormige uitsparing van de roostoven.
8. Inrichting volgens één der voorgaan de conclusies waarbij het bovenstroomse inwendige deel van de roostoven het vermogen heeft voor het ten uitvoer brengen van roosten in een eerste fase van cokes bij 600 tot 1000eC, de tussengelegen koeler een vermogen heeft voor het koelen van de 25 in de eerste fase gerooste cokes tot een temperatuur van 200°C of minder en het benedenstroomse inwendige deel van de roostoven het vermogen heeft voor het verhitten van de aldus gekoelde cokes en om de cokes te onderwerpen aan roosten in een tweede fase bij een temperatuur van 1200 tot 1400°C gedurende ongeveer 30 10 tot 30 minuten. 83 0 0 15 8
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| JP57069762A JPS6049674B2 (ja) | 1982-04-26 | 1982-04-26 | コ−クス▲あ▼焼装置 |
| JP6976282 | 1982-04-26 |
Publications (3)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL8300158A true NL8300158A (nl) | 1983-11-16 |
| NL191490B NL191490B (nl) | 1995-04-03 |
| NL191490C NL191490C (nl) | 1995-08-04 |
Family
ID=13412131
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL8300158A NL191490C (nl) | 1982-04-26 | 1983-01-17 | Inrichting voor het in twee fasen roosten van groene cokes met tussentijds koelen. |
Country Status (19)
| Country | Link |
|---|---|
| US (1) | US4439275A (nl) |
| JP (1) | JPS6049674B2 (nl) |
| AR (1) | AR229301A1 (nl) |
| AT (1) | AT386002B (nl) |
| AU (1) | AU555279B2 (nl) |
| BE (1) | BE895716A (nl) |
| BR (1) | BR8300941A (nl) |
| CA (1) | CA1202272A (nl) |
| CH (1) | CH655944A5 (nl) |
| DE (1) | DE3314940C2 (nl) |
| DK (1) | DK158314C (nl) |
| ES (1) | ES8402864A1 (nl) |
| FR (1) | FR2525623B1 (nl) |
| GB (1) | GB2119487B (nl) |
| IT (1) | IT1171805B (nl) |
| MX (1) | MX157334A (nl) |
| NL (1) | NL191490C (nl) |
| NO (1) | NO157459C (nl) |
| SE (1) | SE454180B (nl) |
Families Citing this family (7)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| GB2158088B (en) * | 1984-04-18 | 1988-12-29 | Exxon Research Engineering Co | Process and apparatus for the production of calcined coke |
| DE4406382C2 (de) * | 1994-02-26 | 1997-08-14 | Metallgesellschaft Ag | Drehkühler zum Kühlen von Schüttgut |
| US7347052B2 (en) * | 2004-01-12 | 2008-03-25 | Conocophillips Company | Methods and systems for processing uncalcined coke |
| JP5592624B2 (ja) * | 2009-09-14 | 2014-09-17 | 高砂工業株式会社 | ロータリーキルン |
| US20120186968A1 (en) * | 2011-01-26 | 2012-07-26 | Orac Thomas H | Long-lasting internal retention dam/ring for coke calcining kilns |
| AU2014290207B2 (en) | 2013-07-15 | 2017-05-11 | 3M Innovative Properties Company | Respirator having optically active exhalation valve |
| CN109423313B (zh) * | 2017-08-29 | 2020-11-03 | 五冶集团上海有限公司 | 一种干熄炉炉壳的改造方法 |
Family Cites Families (12)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE528957C (de) * | 1930-06-03 | 1931-07-06 | Polysius Akt Ges G | Drehrohrofenkuehler mit mehreren Kuehlrohren |
| US1885845A (en) * | 1930-06-20 | 1932-11-01 | Smidth & Co As F L | Manufacture of hydraulic cement |
| US2785115A (en) * | 1955-04-04 | 1957-03-12 | Smidth & Co As F L | Rotary kiln with integral cooler |
| GB1074448A (en) * | 1965-09-28 | 1967-07-05 | F L Smidth & Company As | Improvements relating to rotary kilns |
| GB1162601A (en) * | 1967-03-22 | 1969-08-27 | Smidth & Co As F L | Improvements in Planetary Coolers for Use with Rotary Kilns |
| GB1540387A (en) * | 1975-11-17 | 1979-02-14 | Smidth & Co As F L | Kiln plant |
| US4022569A (en) * | 1975-12-05 | 1977-05-10 | Alcan Research And Development Limited | Calcination of coke |
| SU941824A1 (ru) * | 1976-05-03 | 1982-07-07 | Ташкентский Научно-Исследовательский И Проектный Институт Строительных Материалов | Рекуператорный холодильник |
| DE2633789C3 (de) * | 1976-07-28 | 1980-08-14 | Wintershall Ag, 3100 Celle | Verfahren und Vorrichtung zur Herstellung von Petrolkokskalzinat |
| US4100265A (en) * | 1976-08-02 | 1978-07-11 | Koa Oil Co., Ltd. | Process for preparation of high quality coke |
| JPS5410301A (en) * | 1977-06-27 | 1979-01-25 | Koa Oil Co Ltd | Method of calcining coke |
| JPS5825392B2 (ja) * | 1979-03-08 | 1983-05-27 | 興亜石油株式会社 | コ−クス「か」焼法 |
-
1982
- 1982-04-26 JP JP57069762A patent/JPS6049674B2/ja not_active Expired
- 1982-12-06 SE SE8206942A patent/SE454180B/sv not_active IP Right Cessation
- 1982-12-09 US US06/448,502 patent/US4439275A/en not_active Expired - Lifetime
- 1982-12-09 NO NO824132A patent/NO157459C/no unknown
- 1982-12-10 AU AU91402/82A patent/AU555279B2/en not_active Ceased
-
1983
- 1983-01-04 CA CA000418866A patent/CA1202272A/en not_active Expired
- 1983-01-05 MX MX195825A patent/MX157334A/es unknown
- 1983-01-06 DK DK002983A patent/DK158314C/da not_active IP Right Cessation
- 1983-01-07 CH CH80/83A patent/CH655944A5/fr not_active IP Right Cessation
- 1983-01-17 NL NL8300158A patent/NL191490C/nl not_active IP Right Cessation
- 1983-01-27 BE BE2/60007A patent/BE895716A/fr not_active IP Right Cessation
- 1983-02-01 AR AR292011A patent/AR229301A1/es active
- 1983-02-07 FR FR8301864A patent/FR2525623B1/fr not_active Expired
- 1983-02-15 ES ES519788A patent/ES8402864A1/es not_active Expired
- 1983-02-18 GB GB08304546A patent/GB2119487B/en not_active Expired
- 1983-02-25 BR BR8300941A patent/BR8300941A/pt not_active IP Right Cessation
- 1983-03-21 IT IT47945/83A patent/IT1171805B/it active
- 1983-04-25 DE DE3314940A patent/DE3314940C2/de not_active Expired
- 1983-04-26 AT AT0151383A patent/AT386002B/de not_active IP Right Cessation
Also Published As
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| EP0240527B1 (fr) | Procede de fabrication de coke moule par chauffage electrique dans un four a cuve et four a cuve pour la fabrication d'un tel coke et procede de chauffage electrique a l'aide d'un lit granule conducteur d'un fluide | |
| NL8300158A (nl) | Inrichting voor het roosten van cokes. | |
| EP1381818A1 (en) | Method of operating a multiple hearth furnace | |
| US3201329A (en) | Carbonizing process and apparatus | |
| US20110290633A1 (en) | Reactor for the continuous production of charcoal | |
| EP0018064B1 (en) | Method and apparatus for calcining delayed petroleum coke | |
| US4387652A (en) | Furnace | |
| JPS6233364B2 (nl) | ||
| US4389283A (en) | Method for making coke via induction heating | |
| US3116545A (en) | Recovering pure metal from insulated scrap wire | |
| IE46416B1 (en) | Apparatus for the conversion of waste material by pyrolysis | |
| RU2553116C1 (ru) | Способ получения металлургического кокса | |
| US3520522A (en) | Screw conveyor for heat treating bulk feed | |
| GB1558895A (en) | Vertical oven for thermal processing of lump fuel | |
| JPH064857B2 (ja) | 生コークスの▲か▼焼法 | |
| CA2419537A1 (en) | Method and apparatus for cooling a material | |
| US4105504A (en) | Apparatus for producing form coke | |
| US1493880A (en) | Oil-shale retort | |
| SU1423885A1 (ru) | Шахтна печь дл термообработки металлических шаров | |
| RU2311599C2 (ru) | Устройство для прокаливания углеродистых материалов (электрокальцинатор) | |
| SU968563A1 (ru) | Вращающа с печь | |
| SU37597A1 (ru) | Печь дл сухой перегонки горючих материалов | |
| GB2054112A (en) | Furnace | |
| BE503199A (nl) | ||
| US22758A (en) | Improvement in furnaces for distilling zinc |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| A85 | Still pending on 85-01-01 | ||
| BA | A request for search or an international-type search has been filed | ||
| BB | A search report has been drawn up | ||
| BC | A request for examination has been filed | ||
| V1 | Lapsed because of non-payment of the annual fee |
Effective date: 19990801 |