NL8102015A - DEVICE FOR CHECKING MEASUREMENT ACCURACY. - Google Patents
DEVICE FOR CHECKING MEASUREMENT ACCURACY. Download PDFInfo
- Publication number
- NL8102015A NL8102015A NL8102015A NL8102015A NL8102015A NL 8102015 A NL8102015 A NL 8102015A NL 8102015 A NL8102015 A NL 8102015A NL 8102015 A NL8102015 A NL 8102015A NL 8102015 A NL8102015 A NL 8102015A
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- unit
- measuring
- points
- units
- light
- Prior art date
Links
Classifications
-
- G—PHYSICS
- G01—MEASURING; TESTING
- G01B—MEASURING LENGTH, THICKNESS OR SIMILAR LINEAR DIMENSIONS; MEASURING ANGLES; MEASURING AREAS; MEASURING IRREGULARITIES OF SURFACES OR CONTOURS
- G01B5/00—Measuring arrangements characterised by the use of mechanical techniques
- G01B5/0025—Measuring of vehicle parts
-
- G—PHYSICS
- G01—MEASURING; TESTING
- G01B—MEASURING LENGTH, THICKNESS OR SIMILAR LINEAR DIMENSIONS; MEASURING ANGLES; MEASURING AREAS; MEASURING IRREGULARITIES OF SURFACES OR CONTOURS
- G01B11/00—Measuring arrangements characterised by the use of optical techniques
- G01B11/002—Measuring arrangements characterised by the use of optical techniques for measuring two or more coordinates
-
- G—PHYSICS
- G01—MEASURING; TESTING
- G01B—MEASURING LENGTH, THICKNESS OR SIMILAR LINEAR DIMENSIONS; MEASURING ANGLES; MEASURING AREAS; MEASURING IRREGULARITIES OF SURFACES OR CONTOURS
- G01B11/00—Measuring arrangements characterised by the use of optical techniques
- G01B11/02—Measuring arrangements characterised by the use of optical techniques for measuring length, width or thickness
-
- G—PHYSICS
- G01—MEASURING; TESTING
- G01B—MEASURING LENGTH, THICKNESS OR SIMILAR LINEAR DIMENSIONS; MEASURING ANGLES; MEASURING AREAS; MEASURING IRREGULARITIES OF SURFACES OR CONTOURS
- G01B11/00—Measuring arrangements characterised by the use of optical techniques
- G01B11/02—Measuring arrangements characterised by the use of optical techniques for measuring length, width or thickness
- G01B11/03—Measuring arrangements characterised by the use of optical techniques for measuring length, width or thickness by measuring coordinates of points
Landscapes
- Physics & Mathematics (AREA)
- General Physics & Mathematics (AREA)
- Length Measuring Devices By Optical Means (AREA)
- Length Measuring Devices With Unspecified Measuring Means (AREA)
- Automobile Manufacture Line, Endless Track Vehicle, Trailer (AREA)
Abstract
Description
--------------------------- · - - - --- --...... ......%» · w . .........--------------------------- · - - - --- --...... ......% » W. .........
* VO 1838* VO 1838
Titel : Inrichting voor het controleren van de maatnauvkeurigheid.Title: Device for checking dimensional accuracy.
De uitvinding heeft betrekking op een inrichting voor het controleren van de maatnauwkeurigheid of het meten van de afmetingen van grote en zware objecten, zoals de carrosserie van een automobiel.The invention relates to a device for checking the dimensional accuracy or measuring the dimensions of large and heavy objects, such as the body of an automobile.
Moderne automobielen met een monolitische carrosserie worden 5 met een grote precisie en in grote series vervaardigd. De motor, de overbrenging, het front en het achtergedeelte worden min of meer rechtstreeks aan de carrosserie op verstevigingen en consoles aan de carrosserie vastgelast. De functie van de wagen is in hoge mate afhankelijk omdat de bevestigingspunten voor bijvoorbeeld de stuureenheden voor de voor- en 10 achterwielen altijd dezelfde stand innemen en een door de fabrikant beoogd aanzien hebben.Modern cars with a monolithic body are manufactured with great precision and in large series. The engine, transmission, front and rear are welded more or less directly to the body on reinforcements and brackets to the body. The function of the car is highly dependent because the mounting points for, for example, the steering units for the front and rear wheels always take the same position and have the intended appearance of the manufacturer.
In het geval van een botsing worden de stootkrachten doorgaans overgebracht op de carrosserie, waardoor deformaties ontstaan. Zonder een grondige inspectie en het verrichten van metingen is het moeilijk 15 deformaties te localiseren en dit kan een zeer nadelig effect op de rij-karakteristiek van de wagen hebben. Vereffenen van kleine deformaties in het chassis is mogelijk door instelmiddelen, welke zich in de voorste bouwgroep bevinden. In geen geval mogen de bevestigingspunten voor de voorwielophanging door te grote boutgaten verplaatsen.In the event of a collision, impact forces are usually transferred to the bodywork, causing deformations. Without a thorough inspection and measurements, it is difficult to locate deformations and this can have a very detrimental effect on the driving characteristics of the car. It is possible to compensate for minor deformations in the chassis by adjusting means, which are located in the front construction group. Under no circumstances should the attachment points for the front suspension move through too large bolt holes.
20 Het Zweedse octrooischrift 7103780-8 heeft betrekking op een inrichting om te controleren of een automobiel de juiste afmetingen heeft met betrekking tot een standaardmodel, bijvoorbeeld na een aanrijding, respectievelijk botsing. De wagen wordt dan opgeheven in een inrichting zoals een brug of een richtbank.Swedish patent 7103780-8 relates to a device for checking whether an automobile has the correct dimensions with regard to a standard model, for example after a collision or collision. The carriage is then lifted in a device such as a bridge or a straightening bench.
25 De punten van een automobiel, welke worden gebruikt als meet punten in een chassis bestaan uit vaste openingen en bevestigingsgaten voor bouten en boutverbindingen onder de wagen. Teneinde deze meetpunten te kunnen vaststellen wordt gebruik gemaakt van z.g.· eenheden, welke op de· betreffende controlepunten van het chassis worden bevestigd. In elk 30 meetpunt is een lineaal opgehangen, welke is voorzien van een millimeter-schaal en een daarover verplaatsbare ruiter, welke op een nominaal hoog-teniveau instelbaar is. Door af te lezen waar een lichtbundel de linealen raakt, is het mogelijk rechtstreeks de hoogte-afmetingen in het chassis te bepalen. Reflecterende kleurmerken maken het mogelijk de stand vast te 35 stellen van de lichtbundel op de linealen binnen een gebied van enkele me- 8102015 __ ) - 2 - ters.25 The tips of an automobile, which are used as measuring points in a chassis, consist of fixed openings and mounting holes for bolts and bolted connections under the car. In order to determine these measuring points, so-called units are used, which are attached to the relevant control points of the chassis. A ruler is suspended in each measuring point, which is provided with a millimeter scale and a rider which can be moved over it and which is adjustable at a nominal high level. By reading where a beam hits the rulers, it is possible to directly determine the height dimensions in the chassis. Reflective color marks make it possible to determine the position of the light beam on the rulers within a range of a few meters.
Het licht komt van een laser, welke een virtuele evenwijdige grote lichtbundel langs de balk uit zendt. De lichtbundel komt in een deflect ie-eenheid,. waar deze. in twee haaks op elkaar staande bundels wordt 5 verdeeld.-De ene lichtbundel loopt verder langs de balk, terwijl de andere onder een rechte hoek op die balk wordt gericht*. Wanneer de deflec-tie-eenheid, welke beweegbaar is, in de langsrichting van. de balk wordt verschoven, zal de haaks daarop staande lichtbundel eveneens worden verplaatst en op een bepaald moment een lineaal ontmoeten. De afstand tus-TO sen de linealen kan rechtstreeks worden afgelezen of worden gemeten op een meetband van het oproltype, welke zich langs de balk bevindt.The light comes from a laser, which emits a virtual parallel large light beam along the beam. The beam of light enters a deflection unit. where these. 5 is divided into two perpendicular beams. - One beam continues along the beam, while the other is directed at a right angle to that beam *. When the deflection unit, which is movable, in the longitudinal direction of. the beam is shifted, the beam at right angles to it will also be moved and at some point meet a ruler. The distance between the rulers can be read directly or measured on a reel-type measuring tape located along the beam.
Op deze wijze kannen de langs- en vertikale afmetingen van een wagenchassis worden gemeten. Tenéinde de breedte-aflnetingen te kunnen controleren wordt de deflectie-eenheid naar het uiteinde van de langsbalk 15 verschoven. De deflect ie-eenheid werpt nu een lichtbundel langs een dwarsbalk, waar metingen op dezelfde wijze worden verricht dan in het geval van de langsbalk.In this way, the longitudinal and vertical dimensions of a wagon chassis can be measured. In order to control the width deviations, the deflection unit is shifted to the end of the longitudinal beam 15. The deflection unit now casts a beam of light along a crossbar, where measurements are taken in the same way as in the case of the longitudinal beam.
Wanneer een wagen moet worden uit gelijnd'stelt de bedienaar de deflectie-eenheden op de betreffende balk achtereenvolgens in die standen 20 in, welke overeenstemmen met de gegevens van een betreffend model, zodat de lichtbundel normaliter op de linealen tereeht komt. Wanneer in een bepaalde stand de lichtbundel de betreffende lineaal niet raakt, dan wordt de wagen zolang uitgelijnd tot dit wel het geval is.When a carriage is to be aligned, the operator sets the deflection units on the respective beam successively in those positions 20, which correspond to the data of a particular model, so that the beam of light normally touches the rulers. If in a certain position the light beam does not touch the relevant ruler, the carriage is aligned until this is the case.
Volgens het'genoemde octrooischrift worden de metingen zodanig 25 verricht, dat in de uitgangspositie voor de bewegingen van een indicatie-inriehting, welke langs de meetbaan verplaatsbaar is, mechanisch ten opzichte van die baan wordt vast gezet. De meetband, welke kan worden opgerold is met de indieatie-eenheid verbonden en wordt op de deflectie-een-heid afgelezen. Een van de nadelen van deze methode is, dat de meetband 30 bevestigd moet zijn aan een rol, een schijf of dergelijke.-Bovendien kan de meetband verwringen en na verloop van tijd rekken. Een verder nadeel is, dat de meetband elektronische -registratie niet mogelijk maakt.According to the said patent, the measurements are carried out such that in the starting position for the movements of an indication device, which is movable along the measuring track, is mechanically fixed relative to that track. The measuring tape, which can be rolled up, is connected to the induction unit and is read on the deflection unit. One of the drawbacks of this method is that the tape measure 30 must be attached to a roll, disc or the like. In addition, the tape measure can warp and stretch over time. A further drawback is that the measuring tape does not allow electronic recording.
Een doel van de uitvinding is de genoemde bezwaren te ondervangen.An object of the invention is to overcome the said drawbacks.
• Door het introduceren van een elektronische aflezing· worden niet alleen 35 betrouwbaarder gegevens verkregen, doch ook minder slijtage na verloop van tijd, terwijl de meetgegevens- elektronisch overgebracht kunnen worden naar een centrale verwerkingseenheid of dergelijke. Het is ook mogelijk 8102015 - 3 - elke defleetie-eenheid te voorzien van een afzonderlijke vergelijkings-eenheid, welke de meetgegevens "berekent en deze visueel toont, zoals "bijvoorbeeld een afleesvenster of dergelijke in de defleetie-eenheid.By introducing an electronic reading, not only more reliable data is obtained, but also less wear over time, while the measurement data can be electronically transferred to a central processing unit or the like. It is also possible to provide each deflection unit with a separate comparison unit, which calculates the measurement data "and shows them visually, such as" for example a display window or the like in the deflection unit.
Het is ook mogelijk de gegevens digitaal over te brengen op een 5 centrale verwerkingseenheid, zoals een microcomputer of een minicomputer met bijbehorend toetsenbord. Op deze wijze kunnen gegevens, welke op het object zijn gemeten, visueel worden weergegeven of worden afgedrukt tezamen met afwijkingen van de standaardwaarden van een betreffend object. Wanneer de deflectie-eenheden voorts zijn voorzien van motoren kan de be-10 dienaar de meting geheel uitvoeren, terwijl deze voor het toetsenbord staat of zit.It is also possible to transfer the data digitally to a central processing unit, such as a microcomputer or a minicomputer with associated keyboard. In this way, data measured on the object can be visualized or printed along with deviations from the default values of a particular object. If the deflection units are further provided with motors, the operator can perform the measurement in full while standing or sitting in front of the keyboard.
De elektronische aflezing kan op verschillende manieren geschieden. Het aflezen van da beweging van een deflectie-eenheid langs de balk kan plaats vinden door tussenkomst van een magnetisch opgenomen in-15 formatie op een stalen band, welke zich langs de balk bevindt. Het is ook mogelijk de informatie rechtstreeks op de balk op te nemen. Optische merktekens op de balk met afwisselend witte en zwarte plekken met verschillende aftastende dioden voor een fijnaflezing zijn voor dit doel geschikt. De deflectie-eenheden kunnen zijn voorzien van tandwielen, ter-20 wijl een elektronische of elektro-optische aflezing van de verdraaiing van dat tandwiel rechtstreeks of via codeschijven plaatsvinden. Het is ook mogelijk een of een aantal van deze methoden te combineren. Een bijzonder nauwkeurige en betrouwbare afstandsindicatie wordt verkregen met de magnetische informatie, welke zich op de balk bevindt in combinatie 25 optische merktekens op hetrekkelijk grote afstanden van elkaar, zoals bijvoorbeeld een onderlinge afstand van êên decimeter. Deze optische merktekens worden gebruikt voor het in werking stellen van een telinrieh-ting, welke elk merkteken telt, waarlangs de deflectxe-eenheid passeert.The electronic reading can be done in various ways. The reading of the movement of a deflection unit along the beam can be done through a magnetically recorded information on a steel strip located along the beam. It is also possible to include the information directly on the bar. Optical marks on the beam with alternating white and black spots with different scanning diodes for fine reading are suitable for this purpose. The deflection units can be provided with gears, while an electronic or electro-optical reading of the rotation of that gear wheel takes place directly or via code disks. It is also possible to combine one or more of these methods. A particularly accurate and reliable distance indication is obtained with the magnetic information which is present on the beam in combination with optical markings at relatively large distances from each other, such as for instance a mutual distance of one decimeter. These optical marks are used to actuate a counting device, which counts each mark along which the deflector passes.
De elektronische aflezing van de afstand tussen de transmissie-30 eenheid X, welke doelmatig bestaat uit een prisma-eenheid en een spiegel, en een referentiepunt op de balk, dat bijvoorbeeld kan bestaan uit een laser, waarvan het uitgezonden licht wordt afgetogen door de transmissie-eenheid, kan ook op een andere wijze dan hierboven beschreven zijn uitge-voerd. Volgens de ene methode kan de afstand worden gemeten door de ul-35 trasonische-akoestische afstandsmeting ten opzichte van een akoestisch vlak. Het referentiepunt of de transmissie-eenheid. kunnen dan zijn voorzien van het akoestische plan en het andere van de afstandmeter. Het is 81 02 0 1 5 - U - ook mogelijk de reeds aanwezige laserbundel te gebruiken voor bet meten \ van de afstand en in dat geval is de· z.g. interferrometric afstandsmating de meest gesehikte. Voor de afstandsmeting is het ook mogelijk een opgewonden band of draad of respectievelijk een wiel toe te passen, dat over 5 de balk loopt en wordt afgelezen. Het essentiële punt van de uitvinding • -is, dat. de afstandsmeting wordt omgezet in elektrische signalen en deze signalen worden verwerkt.The electronic reading of the distance between the transmission unit X, which effectively consists of a prism unit and a mirror, and a reference point on the beam, which may, for example, consist of a laser, the light emitted from which is transmitted by the transmission unit, may also be designed in a manner other than described above. In one method, the distance can be measured by the ul-35 trasonic-acoustic distance measurement from an acoustic plane. The reference point or transmission unit. can then be provided with the acoustic plan and the other with the distance meter. It is also possible to use the already present laser beam for measuring the distance, in which case the so-called interferrometric distance measuring is the most suitable. For the distance measurement it is also possible to use a wound tape or wire or a wheel, respectively, which runs over the beam and is read. The essential point of the invention is that. the distance measurement is converted into electrical signals and these signals are processed.
Élke verwerkingseenheid, ongeacht of deze zich bevindt in elke afzonderlijke deflectie-eenheid of in een centrale eenheid, kan zijn TQ voorzien van een geheugen, waarin de bedienaar voor de meting van een object, zoals bijvoorbeeld een motorvoertuig, standaardgegevens voor een betreffend type kan invoeren.. Het geheugen kan zodanig zijn uit gevoerd, dat punten in een coördinatensysteem, zoals het Cartesiaansysteem, met x, y, : z coördinaten, gespecificeerd zijn voor de meetpunt en,., welke kritisch 15 zijn voor het meten van het betreffende object. De afmetingen van de lengte en de breedte van het betreffende object worden eveneens in het geheugen gevoerd, bijvoorbeeld door de bedienaar, terwijl deze een toets in de bepaalde stand indrukt. De meting wordt' dan gepresenteerd in x, y en z coördinaten en worden vergeleken, met de inkomende referentiewaarden.Each processing unit, regardless of whether it is located in each individual deflection unit or in a central unit, may have its TQ provided with a memory, in which the operator can enter standard data for an object, such as a motor vehicle, for a specific type, for example. The memory may be configured such that points in a coordinate system, such as the Cartesian system, with x, y, z coordinates, are specified for the measurement point and, which are critical for measuring the object in question. The dimensions of the length and width of the object in question are also entered into the memory, for example by the operator, while he presses a key in the determined position. The measurement is then presented in x, y and z coordinates and compared with the incoming reference values.
20 Afwijkingen worden visueel weergegeven op een afwijkingsindicator, met bijvoorbeeld instelwaarde , werkelijke waarde en verschil in waarde.Deviations are visually displayed on a deviation indicator, with for example setting value, actual value and difference in value.
Het inbrengen van referentiewaarden in het geheugen kan bijvoorbeeld plaats vinden door magnetische kaarten van het type, zoals deze worden gebruikt bij een te programmeren computer, door tussenkomst van 25 een ponsband, ofwel een optische code-afleesinrichting, enz. Wanneer een centrale verwerkingseenheid wordt gebruikt, kan het inbrengen plaats vinden via een toetsenbord, door tussenkomst van een cassetteband, of door middel van een schijf, enz.'The introduction of reference values into the memory can for instance take place by magnetic cards of the type used in a computer to be programmed, through the use of a punched tape, or an optical code reader, etc. When a central processing unit is used. , insertion can be by keyboard, through a cassette tape, or through a disc, etc. "
Wanneer een centrale eenheid wordt gebruikt, is deze via een 30 snoer of dergelijke voor het overbrengen van gegevens met de meetbaan verbonden, doch het is ook mogelijk het overbrengen langs akoestische of optische weg te doen plaats vinden. Het optisch overbrengen vindt bijvoorbeeld plaats met infrarood licht, zodat geen storingen worden ondervonden door interferentie van licht in de ruimte waar de meting plaats 3? vindt. De centrale eenheid is voorzien van een toetsenbord, .waarmede de bedienaar het meetproces kan regelen. Wanneer de deflectie-eenheden. zijn voorzien van aandrijfmotoren en elektronische middelen voor de hoekinstel- 810 2 015 - 5 - ling met betrekking tot de horizontale en vertikale richtingen, dan kan de bedienaar het gehele meetproces volgen, terwijl deze voor het toetsenbord staat. Een voordeel van het gebruik van een centrale eenheid is, dat-de defieetie-eenheid minder gecompliceerd is en slechts voorzien be-5 hoeft te zijn van een bewegingsindicator en een transmitter voor het overbrengen van· informatie, d.w.z. deze behoeft niet voorzien te zijn van een rekeneenheid.When a central unit is used, it is connected to the measuring path via a cable or the like for data transmission, but it is also possible to arrange the transmission by acoustic or optical means. The optical transmission takes place, for example, with infrared light, so that no disturbances are experienced by interference from light in the room where the measurement takes place 3? finds. The central unit is equipped with a keyboard, with which the operator can control the measuring process. When the deflection units. equipped with drive motors and electronic means for angle adjustment of the horizontal and vertical directions, the operator can monitor the entire measurement process while standing in front of the keyboard. An advantage of using a central unit is that the definition unit is less complicated and only needs to be provided with a motion indicator and a transmitter for transmitting information, ie it need not be provided with a unit of account.
Bij de inrichting volgens het Zweedse octrooischrift 7103780-8 worden twee meetbalken gebruikt, n.1. iên in de y-richting en de andere 10 voor metingen in de x-richting. De uitvinding kan ook met dit systeem worden toegepast. De meting van een object kan ook geschieden volgens een uitsluitend rechte meetbaan. In dat geval wordt êên van een aantal deflectie-eenheden gebruikt met een of meer afbuighoeken met betrekking tot de meetbaan. ¥anneer de instelling kan plaats vinden tussen een haak-15 se afbuiging en een afbuiging onder ^5^ met betrekking tot de lichtbundel langs de meet balk, kan zowel de afstand in. de x-richting als de afstand in de y-richting van het object worden gemeten.met eenzelfde de-flectie-eenheid. Wanneer twee deflectie-eenheden worden gebruikt, kan het licht door beide eenheden gelijktijdig op hetzelfde meetpunt worden afge-20 bogen, waarbij het licht wordt gemoduleerd met een frequentie,in verschillende fazestanden vanuit de twee eenheden, zodanig, dat het raakpunt met het oog wordt waargenomen als een flits wanneer het slechts gaat om een lichtbundel uit len deflectie-eenheid, doch waarbij het licht blijvend is, wanneer het bedoelde punt wordt geraakt door de lichtbundels 25 uit twee of meer eenheden. Op deze wijze kan een zeer nauwkeurig richten op een meetpunt vanuit twee verschillende richtingen worden verkregen.Two measuring bars are used in the device according to Swedish patent 7103780-8, n.1. one in the y direction and the other 10 for measurements in the x direction. The invention can also be applied with this system. The measurement of an object can also take place according to an exclusively straight measuring path. In that case, one of a number of deflection units with one or more deflection angles with respect to the measuring path is used. ¥ If the setting can take place between a hook-15th deflection and a deflection below ^ 5 ^ with respect to the light beam along the measuring beam, both the distance can be entered. the x direction as the distance in the y direction of the object are measured with the same deflection unit. When two deflection units are used, the light can be diffracted by both units simultaneously at the same measuring point, modulating the light with a frequency, in different phase positions from the two units, such that the point of contact is visually perceived as a flash when it is only a light beam from a deflection unit, but the light is permanent when the intended point is hit by the light beams from two or more units. In this way, a very accurate aiming at a measuring point from two different directions can be obtained.
De bedienaar kan zittend of staand voor het toetsenbord instellen wanneer de deflectie-eenheden voorzien zijn van een aandrijfmotor, welke vanaf het toetsenbord bedienbaar is. Het is duidelijk, dat van deze eigenschap 30 ook gebruik gemaakt kan worden in het geval van deflectie-eenheden, welke met de hand door de bedienaar over de meetbaan worden verplaatst, waarbij elke eenheid voorzien is van zijn eigen rekeneenheid.The operator can adjust seated or standing in front of the keyboard when the deflection units are equipped with a drive motor, which is operable from the keyboard. It is clear that this property 30 can also be used in the case of deflection units, which are manually moved over the measuring track by the operator, each unit being provided with its own calculation unit.
De deflectie-eenheden kunnen ook zijn voorzien van een instelbare deflectiehoek en in dat geval wordt een spiegel gebruikt, welke kan 35 worden gedraaid en de verdraaiing kan worden aangegeven door het aflezen van een micrometerschroef, zoals op zichzelf bekend bijvoorbeeld bij een codeschijf, een differentiaaltransformator, een scheidingsinrichting of 81 0 2 0 1 5 - 6 - dergelijke.The deflection units can also be provided with an adjustable deflection angle, in which case a mirror is used, which can be rotated and the rotation can be indicated by reading a micrometer screw, as known per se, for example with a code disc, a differential transformer , a separating device or 81 0 2 0 1 5-6.
Verkregen informatie, zoals beweging langs de meetbaan, bet draaien Tan de spiegel en bet basisgegeven voor de stand en de boek van de spiegel, zijn voldoende om de afstand en de breedte tussen de meetpunten 5 van het object te berekenen.Information obtained, such as movement along the measuring track, rotating the mirror and the basic data for the position and the book of the mirror, are sufficient to calculate the distance and the width between the measuring points of the object.
In bet geval dat gescheiden deflectie-eenheden elk voorzien zijn . van een rekeneenheid, 'kunnen zij tevens zijn voorzien van een akoestische informatie, zodat bijvoorbeeld een geluid kan worden waargenomen wanneer de instelwaarde binnen een voorafbepaald tolerantiegebied is bereikt. Het TO geluidsignaal kan ook pulserend of frequentie-gemoduleerd zijn om de afwijking ten opzichte van de waarde van het instelpunt meer verdeeld aan te geven.In the case that separate deflection units are each provided. they can also be provided with an acoustic information, so that, for example, a sound can be perceived when the set value is reached within a predetermined tolerance range. The TO audio signal may also be pulsed or frequency modulated to indicate the deviation from the set point value more evenly.
Verdere bijzonderheden van de uitvinding worden onder verwijzing naar de tekening toegelicht. Daarin toont : 15 fig. 1 een uitvoeringsvorm van de inrichting volgens de uitvin ding; fig. 2 een tweede uitvoeringsvorm van de inrichting volgens de uitvinding; en ” fig. 3 de middelen voor het bepalen van de beweging langs de balk. 20 Fig. 1 toont een-eerste uitvoeringsvorm van een. instrument voor het. controleren van de afmetingen en het geven van een indicatie in het geval, dat de wagen de juiste afmetingen heeft. De wagen wordt opgeheven door middel van een heftoestel (niet weergegeven). Linealen 2-7 zijn op geschikte meetpunten onder de wagen 1 bevestigd. Deze meetpunten zijn 25 in. verschillende standen voor verschillende modellen aangebracht. De meetpunten en de afmetingen voor een standaard voertuig van elk. vagenmodel zijn gespecificeerd in'speciale-meettabellen.Further details of the invention are explained with reference to the drawing. In the drawing: Fig. 1 shows an embodiment of the device according to the invention; Fig. 2 shows a second embodiment of the device according to the invention; and Fig. 3 shows the means for determining the movement along the beam. FIG. 1 shows a first embodiment of a. tool for it. checking the dimensions and giving an indication in case the car has the correct dimensions. The carriage is lifted by means of a lifting device (not shown). Rulers 2-7 are mounted at suitable measuring points under the carriage 1. These measuring points are 25 in. different positions for different models. The measurement points and dimensions for a standard vehicle of each. Vague model are specified in special measurement tables.
Twee dwars- op elkaar staande balken 8 en.9 zijn schuin geplaatst met betrekking tot de opgelichte wagen en op een geschikte verkhoogte, 3Q zodat de bedienaar de vergelijkende metingen gemakkelijk kan verrichten.Two transverse beams 8 and 9 are slanted with respect to the lifted carriage and at a suitable height, 3Q, so that the operator can easily perform the comparative measurements.
De langsbalk 8 is evenwijdig aan een langsas van de wagen, geplaatst. Een lichtbron 10' heeft een vaste plaats op êên uiteinde van de balk 8. Een belangrijke factor voor de lichtbron is, dat deze in staat moet zijn een smalle, gerichte lichtbundel uit te zenden, welke êên van de linealen kan 35 raken en welke gemakkelijk afleesbaar moet zijn, terwijl de bedienaar voor de balk staat. Een laser van het He-Ie-type is voor dat doel zeer geschikt .The longitudinal beam 8 is placed parallel to a longitudinal axis of the carriage. A light source 10 'has a fixed position on one end of the beam 8. An important factor for the light source is that it must be able to emit a narrow, focused beam of light, which can touch one of the rulers and which can easily must be legible while the operator is standing in front of the beam. A He-Ie type laser is very suitable for that purpose.
* - Λ J f > - 7 - schikt.* - Λ J f> - 7 - arranges.
Op de balk 8 bevinden zich twee defleetie-eenheden 12, 13, welke het licht Tan de laser onder een rechte hoek ten opzichte van de balk afbuigen. De eenheid 12 is beweegbaar over de balk 8, terwijl de eenheid 5 13 haaks is geplaatst aan het uiteinde van de balk 8, welke aan de balk 9 grenst.On the beam 8 there are two deflection units 12, 13 which deflect the light from the laser at a right angle to the beam. The unit 12 is movable over the beam 8, while the unit 13 is placed at right angles to the end of the beam 8 adjacent to the beam 9.
De eenheid 12 projecteert zowel de af gebogen bundel als de reeht-doorgasnde lichtbundel, De eenheid 13 buigt de lichtbundel langs de balk 8 af, zodat deze langs de balk 9 passeert, envgericht:wórdt apthetzèlfde 10 raakpunt van de meetlineaal 12 als de af gebogen lichtbundel van de eenheid 12.The unit 12 projects both the curved beam and the translucent beam, The unit 13 deflects the light beam along the beam 8 so that it passes along the beam 9, and aims to become the 10th point of contact of the measuring ruler 12 as the curved light beam from the unit 12.
Het is volgens de uitvinding eveneens mogelijk slechts éên de-flectie-eenheid 12 op de balk 8 toe te passen en de meting van de wagen in de x- en y-richting gescheiden in twee trappen te verrichten, in welk 15 geval bij het meten in de y-richting de deflectie-eenheid 12 op de plaats van de eenheid 13 wordt gezet.According to the invention it is also possible to apply only one deflection unit 12 to the beam 8 and to carry out the measurement of the carriage in the x and y directions separately in two steps, in which case when measuring in the y direction, the deflection unit 12 is put in place of the unit 13.
Volgens de uitvinding is de bewegingsbaan, d.w.z. de balk 8 en de balk 9, voorzien van elektronisch waarneembare merktekens, welke over de lengte zijn verdeeld en welke voor de metingen worden gebruikt, terwijl 20 de beweegbare defleetie-eenheden verbonden zijn met detectors teneinde de merktekens waar te nemen. Deze merktekens en detectors kunnen van een op zichzelf bekend, doch verschillend type zijn. De balk kan over zijn lengte zijn voorzien van een stalen band, welke magnetisch opgetekende informatie bevat, in welk geval de defleetie-eenheden voorzien zijn van 25 een deteetiekop om deze informatie op te nemen. De stalen band kan ook worden weggelaten in het geval de balk zelf voorzien is van een opgetekende informatie. Het is voorts ook mogelijk de balk te voorzien van optische merktekens met afwisselend witte en zwarte velden, van bijvoorbeeld 1 cm. lengte, terwijl de defleetie-eenheden zijn voorzien van een aantal, bij-30 voorbeeld 10, aftastdioden, met miUimeterinterpolatie. De aftasteenheden kunnen ook zijn voorzien van tandwielen met een elektro-optische aflezing, hetzij direkt danwel via codeschijven. Combinaties van deze indicatie-inrichtingen zijn mogelijk.According to the invention the movement path, ie the beam 8 and the beam 9, is provided with electronically detectable markings, which are distributed along the length and which are used for the measurements, while the movable deflection units are connected to detectors in order to mark the markings. to observe. These markings and detectors can be of a known per se, but different type. The beam can be provided along its length with a steel band, which contains magnetically recorded information, in which case the deflection units are provided with a detection head for recording this information. The steel band can also be omitted in case the beam itself contains recorded information. It is also possible to provide the beam with optical markings with alternating white and black fields, for example 1 cm. length, while the deflection units are provided with a number, for example 10, scanning diodes, with minute interpolation. The sensing units may also be provided with gears with an electro-optical reading, either directly or via code disks. Combinations of these indication devices are possible.
Een geschikte indicatie kan worden verkregen door een magnetisch 35 opgetekende informatie op de balk en optische merktekens, welke met betrekkelijk grote intervallen, bijvoorbeeld om de 10 cm., zoals een gedimde licht-emitterende diode, welke wordt waargenomen door een gedimdeA suitable indication can be obtained by a magnetically recorded information on the beam and optical markings, which are at relatively large intervals, for example every 10 cm, such as a dimmed light-emitting diode, which is perceived by a dimmed
- * Λ A C- * Λ A C
- 8 - lichtindieator, zoals een fotodiode. Door deze middelen kunnen de indica-toreenheden in verspreide intervallen worden gevoed en kan een extra indicatie worden verkregen, dat de magnetische merktekens op de juiste wijze zijn waargenomen.- 8 - light indicator, such as a photodiode. By these means, the indicator units can be fed at scattered intervals and an additional indication can be obtained that the magnetic marks have been correctly observed.
5 De merktekens kunnen op geschikte wijze worden waargenomen in de vorm van impulsen, welke worden geleid naar een up-down-teller, d.w.z, een teller, welke opwaarts telt wanneer de deflectie-eenheid in de ene richting en neerwaarts wanneer deze in de andere richting wordt bewogen. ' Indicatie van de richting, waarin de eenheid wordt bewogen, vindt op be-10 kende wijze plaats, bijvoorbeeld met een extra detector, welke verplaatst is ten opzichte van een normale detector, teneinde de fazeverschuiving, bijvoorbeeld over 1/'h golflengte met betrekking tot de normale detector vast te stellen.The marks can be suitably observed in the form of pulses, which are fed to an up-down counter, ie, a counter which counts up when the deflection unit is in one direction and down when it is in the other direction. Indication of the direction in which the unit is moved takes place in a known manner, for example with an additional detector, which is displaced with respect to a normal detector, in order to adjust the phase shift, for example over 1 / h wavelength to establish the normal detector.
Een afstandsmeting kan plaats vinden tussen een transmissie-15 eenheid (een prisma-eenheid) en een referentiepunt (lasereenheid), bij-.voorbeeld door middel van een ultrasonische-akoestische afstandsmeting ten opzichte van een akoestisch vlak of door middel van een interferro-metrische afstandsmeting, volgens welke de afstand wordt afgelezen door middel van een reeds· aanwezige laserbundel of door middel van een opge-20 wonden band of draad respectievelijk wielen, welke over de balk verplaatsen en deze aflezen.A distance measurement can take place between a transmission unit (a prism unit) and a reference point (laser unit), for example by means of an ultrasonic-acoustic distance measurement with respect to an acoustic plane or by means of an interferrometric distance measurement, according to which the distance is read by means of an already present laser beam or by means of an wound band or wire or wheels, which move over the beam and read it.
In fig. 1 staat de bedienaar 15 nabij de deflectie-eenheid 12.In Fig. 1, the operator 15 is near the deflection unit 12.
In de ene hand houdt hij een magnetische kaart ié, welke in een opening 17 (zie de eenheid il· , welke -van hetzelfde type is als de eenheid 12) 25 gestoken moet worden. Op de magnetische kaart bevindt zich de informatie met betrekking tot de standaardafmetingen van de te meten wagen. De eenheid 12; 1U' is voorzien van drie indieatievensters, waarbij het venster 18 de standaardafiaeting aangeeft, het venster 19 de gemeten afstand en het venster 20 het verschil tussen de standaardafstand en de werkelijk 30 gemeten afstand.In one hand he holds a magnetic card which is to be inserted into an opening 17 (see the unit il, which is of the same type as the unit 12). The magnetic card contains information regarding the standard dimensions of the vehicle to be measured. Unit 12; 1U 'has three induction windows, with the window 18 indicating the standard size, the window 19 the measured distance and the window 20 the difference between the standard distance and the actual measured distance.
De meting vangt aan, nadat de bedienaar er zeker van is, dat de lichtbundel 21, welke wordt af gebogen door de eenheid 12., door het merk-punt op beide achterste linealen 2 en 3 gaat. De bewegingsbaan, d.w.z. de balk 8, loopt evenwijdig aan de langsas van de wagen. Door het in-35 drukken van een toets op de eenheid 12' (niet weergegeven) geeft de bedienaar aan, dat deze stand de beginpositie voor het bewegen van de eenheid langs de baan is·.De afstand langs de balk, waarover de eenheid is 8102015 -9--The measurement begins after the operator is assured that the light beam 21, which is deflected by the unit 12, passes through the marker on both rear rulers 2 and 3. The path of movement, i.e. the beam 8, is parallel to the longitudinal axis of the carriage. By pressing a key on the unit 12 '(not shown), the operator indicates that this position is the starting position for moving the unit along the track. The distance along the beam over which the unit is 8102015 -9--
* V* V
bewogen, totdat de afgebogen lichtbundel de linealen 4 en 5 raait, wordt weergegeven in het venster 18. De bedienaar beweegt de eenheid 12 en wanneer hij waarneemt, dat de lichtbundel tenminste een van de linealen 4 of 5 raakt, wordt dit vastgelegd door het indrukken van een andere toets 5 (niet weergegeven) op de eenheid 12. In de vensters 19 en 20'verschijnt de werkelijke afstand en de afstand tussen de standaardafstand en de werkelijke afstand.moved until the deflected beam rotates the rulers 4 and 5 is displayed in the window 18. The operator moves the unit 12 and when it detects that the beam hits at least one of the rulers 4 or 5, this is recorded by pressing from another key 5 (not shown) on the unit 12. The windows 19 and 20 'show the actual distance and the distance between the standard distance and the actual distance.
De eenheid 12 kan voorts zijn voorzien van een akoestische indicatie, welke in werking treedt wanneer de waarde van het instelpunt 10 binnen een bepaald tolerantiegebied is verkregen. Het signaal kan in een impuls worden omgezet of in frequentie worden gemoduleerd teneinde de afwijking van de waarde van het instelpunt op meer verdeelde wijze aan te geven. Het signaal kan bijvoorbeeld uit een hogere toon bestaan naarmate de eenheid de waarde van het instelpunt nadert. Dit is van belang in die 15 gevallen, dat de wagen gemeten wordt om te worden uitgelijnd bij bepaalde afmetingen. De bedienaar beweegt de eenheid dan verder totdat hij de toon waarneemt en stelt de eenheid in waar deze toon het hoogst is. Fanneer de lichtbundel niet door de ingestelde raakpunten op de twee linealen terecht komt, wordt de wagen gericht totdat dit wel het geval is, 20 Nadat de meetwerkzaamheden op de linealen 4 en 5 zijn verricht, wordt een niet-weergegeven toets ingedrukt om de afstand ten opzichte van de linealen 6 en 7 vast te leggen en dat de meting op de linealen 4 en 5 op dezelfde wijze heeft plaats gevonden.The unit 12 may further include an acoustic indication, which is activated when the value of the setpoint 10 is obtained within a certain tolerance range. The signal can be converted into a pulse or frequency-modulated to indicate the deviation from the set point value in a more distributed manner. For example, the signal may consist of a higher tone as the unit approaches the set point value. This is important in those 15 cases where the carriage is measured to be aligned at certain dimensions. The operator then moves the unit further until he senses the tone and sets the unit where this tone is highest. If the beam does not reach the two rulers through the set points of contact, the carriage is aligned until it is. 20 After the measurement work has been carried out on rulers 4 and 5, a key (not shown) is pressed to show the distance. with respect to rulers 6 and 7 and that the measurement on rulers 4 and 5 has taken place in the same manner.
Eenzelfde meting wordt uitgevoerd in de y-riehting, door het be-25 wegen van de deflectie-eenheid 14· over de balk 9. Bij het richten van de wagen is het van belang de merktekens in de x- en y-richtingen ten opzichte van eenzelfde meetpunt vast te leggen. Daartoe zendt de eenheid 12 een lichtbundel, gericht op de lineaal, uit, alsmede een lichtbundel langs de balk in dezelfde richting als de bijkomstige bundel. De licht-30 bundel langs de balk wordt naar de balk 9 afgebogen door de vaste deflec-tie-eenheid 13 op het snijpunt tussen de balken 8 en 9 en wordt vervolgens weer afgebogen door de eenheid 14, waar een van de linealen 2, 3, welke worden geraakt door de af gebogen lichtbundel van de eenheid 12. In de figuur raakt de lichtbundel van de eenheid l4 de lineaal 2.The same measurement is carried out in the y direction, by moving the deflection unit 14 over the beam 9. When aligning the carriage it is important to mark the marks in the x and y directions from the same measuring point. To this end, the unit 12 emits a beam of light aimed at the ruler, as well as a beam of light along the beam in the same direction as the incident beam. The light beam along the beam is deflected to beam 9 by the fixed deflection unit 13 at the intersection between beams 8 and 9 and is then deflected again by unit 14, where one of the rulers 2, 3 , which are hit by the curved light beam of the unit 12. In the figure, the light beam of the unit 14 touches the ruler 2.
35 De beide lichtbundels, welke door de eenheid 12 worden geëmit teerd, worden gevormd, doordat een half-transparante spiegel in de baan van de lichtbron 10' is geplaatst, waarbij twee lichtbundels van ongeveer 8102015 - 1° - dezelfde intensiteit worden verkregen. Een essentieel voordeel kan echter worden verkregen,· vanneer· in plaats daarvan de twee uitgezonden • ' * · Vv v fc ... * ' lichtbundels- worden gemoduleerd -Biet.een frequentie, welke oorzaak is, dat Eet licht'op Eet raakpunt, voor de waarnemer een flits vormt. Een ge-5 sehikte frequentie ligt tussen 3' en 13 Hz. De twee gemoduleerde lichtbundels- van de eenheid 32.' zijn onderling niet in faze hij die verplaatsing, waarbij Eet raakpunt,· dat door heide lichtbundels, wordt beïnvloed, als blijvend, licht wordt waargenomen. Doelmatig zijn de twee lichtbundels- in tegenfaze gemoduleerd. De modulatie kan’op.eenvoudige wijze ..10 worden verkregen doordat een spiegel in de eenheid 12. is geplaatst in de baan van de .lichtbron 3d, welke spiegel bestaat; uit drijvend kristal van Eet type, dat -reflecteert wanneer een spanning boven, een bepaalde waarde wordt toegevoerd en' transparant wordt wanneer deze spanning onder deze waarde blijft. De spiegel-met Eet drijvende kristal wordt .met een s.pan-15 ning bekrachtigd, welke cyclisch met de modulatiefrequentie tussen die waarden verandert. Een andere wijze van moduleren is het plaatsen van gepolariseerde middelen .13. voor de lichtbron en het licht afwisselend·" in twee haaks ©p elkaar staande richtingen te polariseren. De polarisator kan een Pockel cel zijn, welke wordt bekrachtigd met een wisselstroom, · 20 een draaiende schijf met polarisatiemiddelen met elkaar afwisselend snijdende polarisatievlakken, welke in een ring zijn opgesteld die door de baan van de bundel wordt geleid. Een spiegel in de baan voor de invallende lichtbundel uit de lichtbron 10 in de eenheid is dan een gepolariseerde spiegel met een dichroïde bekleding, welke spiegel het gepo-25 lariseerde licht in de ene richting ombuigt, terwijl het licht gepolariseerd in een richting haaks daarop kan doorlopen. Herpolarisatie van het licht uit de lichtbron 10 vindt plaats bij de bedoelde flitsfrequen-. tie van ongeveer 3 - 13' Hz.The two light beams emitted by the unit 12 are formed in that a semitransparent mirror is placed in the path of the light source 10 ', whereby two light beams of about 8102015-1 ° - the same intensity are obtained. However, an essential advantage can be obtained, from · instead of modulating the two emitted • '* · Vv v fc ... *' beams -Biet.a frequency, which causes Eat light 'at the hit point , before the observer forms a flash. A suitable frequency is between 3 'and 13 Hz. The two modulated beams of the unit 32. " they are not in phase with each other, that displacement, where the tangent point, which is influenced by heather beams, is perceived as permanent light. The two light beams are expediently modulated in counterphase. The modulation can be obtained in a simple manner .10 by placing a mirror in the unit 12. in the path of the light source 3d, which mirror exists; from a floating type of crystal type which reflects when a voltage above a certain value is applied and becomes transparent when this voltage remains below this value. The mirror with floating crystal is energized with a pan, which changes cyclically with the modulation frequency between those values. Another method of modulation is to place polarized means. 13. for the light source and the light to be polarized alternately in two directions perpendicular to each other. a ring arranged through the path of the beam A mirror in the path for the incident light beam from the light source 10 in the unit is then a polarized mirror with a dichroic coating, which mirror the polarized light in the one direction, while the light can pass polarized in a direction at right angles thereto Repolarization of the light from the light source 10 takes place at the intended flash frequency of about 3-13 Hz.
Fig. 2 toont een tweede uitvoeringsvorm van de inrichting vol-30 gens de uitvinding met slechts één balk 17' ter zijde van de wagen, welke gecontroleerd moet worden. Een lichtbron 18 en een modulatie-eenheid 19 hebben een vaste plaats op het ei'nde van de balk 17.Fig. 2 shows a second embodiment of the device according to the invention with only one beam 17 'on the side of the car to be checked. A light source 18 and a modulation unit 19 have a fixed place on the end of the beam 17.
Op de balk bevinden zich twee deflectie-eenheden 20 en 21, welke het licht, dat van de lichtbron komt, in een horizontaal vlak afbuigen, 35 in onderling verschillende richtingen, zodat de lineaal 2 vanuit twee richtingen wordt geraakt, De plaats van het raakpunt in een op de balk georiënteerd coördinatensysteem wordt vastgelegd door de plaats op de balk van de twee deflectie-eenheden 20 en 21 en de twee hoeken, .tussen de af- 8102015 r 2 « η. - gebogen lichtbundel van elke defleetie-eenheid en rde afstand. In de figuur lopen de afgebogen lichtbundels- in een horizontaal 'vlak en raken de lineaal in een punt in dat vlak, doch het is ook mogelijk om in plaats van met opgehangen linealen in de meetpunten van een voertuig de licht-5‘ bundels met de deflectie-eenheden in een vertikaal vlak af te buigen, zodat zij de verschillende meetpunten rechtstreeks raken. Het is duidelijk, dat deze maatregel ook van toepassing is bij de uitvoeringsvorm volgens fig. 1.On the beam there are two deflection units 20 and 21, which deflect the light coming from the light source in a horizontal plane, 35 in mutually different directions, so that the ruler 2 is hit from two directions. in a coordinate system oriented to the beam is determined by the position on the beam of the two deflection units 20 and 21 and the two angles, between the 8102015 r 2 «η. - curved beam of each deflection unit and the distance. In the figure, the deflected light beams run in a horizontal 'plane and touch the ruler at a point in that plane, but it is also possible to replace the light-5' beams with the measured points in the measuring points of a vehicle instead of with suspended rulers. deflect deflection units in a vertical plane so that they directly touch the different measuring points. It is clear that this measure also applies to the embodiment according to Fig. 1.
ïa de inrichting volgens fig. 2 zijn de deflectie-eenheden voor-10 zien van detectors teneinde de merktekens op de balk waar te nemen en van overbrengende middelen naar een centrale isrwer kings eenheid 22 voor wat betreft de opgenomen informatie omtrent de af gelegde afstand. De overbrenging geschiedt in dit geval via een kabel tussen de balk en een centrale eenheid, doch het overbrengen kan ook draadloos geschieden, bij-15 voorbeeld via een akoestische overbrenging of door een gemoduleerd infrarood licht.In the apparatus of FIG. 2, the deflection units are provided with detectors to detect the marks on the beam and from transmitting means to a central operating unit 22 for the recorded distance information. In this case, the transmission takes place via a cable between the beam and a central unit, but the transmission can also take place wirelessly, for example via an acoustic transmission or by a modulated infrared light.
De informatie met betrekking tot het model van de betreffende wagen kan voorafgaande aan een meting in het geheugen van de centrale eenheid 22 worden gevoerd, bijvoorbeeld door een magnetische kaart, een 20 ponsband, af de geluidsband van een cassetterecorder, een schijf of dergelijke. De twee deflect ie-eenheden 20 en 21 kunnen met de hand worden bediend door de bedienaar, zoals weergegeven in fig. 1, in welk geval de centrale eenheid kleiner kan zijn dan de uitvoeringsvorm als weergegeven in de inrichting, zodat deze ook gemakkelijk door de bedienaar kan worden 25 gedragen. De afmetingen kunnen ongeveer dezelfde zijn als die van een zakr ekenmachine.The information regarding the model of the car in question can be fed into the memory of the central unit 22 before a measurement, for example through a magnetic card, a punched tape, from the audio tape of a cassette recorder, a disc or the like. The two deflection units 20 and 21 can be manually operated by the operator, as shown in Fig. 1, in which case the central unit may be smaller than the embodiment shown in the device, so that it can also be easily moved through the operator can be worn. The dimensions can be approximately the same as those of a pocket calculator.
In de vensters van de centrale eenheid van de defleetie-eenheid, waarmede de bedienaar werkt, zijn de standaardafstand, de werkelijke afstand en het verschil tussen deze waarde op dezelfde wijze aangeduid als 30 bij de uitvoeringsvorm volgens fig. 1. Opgemerkt zij, dat de defleetie-eenheid 20 een afbuiging heeft van 90°, terwijl door het bewegen daarvan over de balk de afstand in de x-richting wordt aangegeven, d.w.z. in de langsriehting van de wagen en gemeten tussen de linealen. De defleetie-eenheid 21 heeft een afbuiging anders dan 90° en de afstand in de y-35 richting tussen de linealen met dezelfde x-coordinaat als voor het stel linealen 2, 3 of h, 5 of 6, 7 is gegeven door de afstand langs de balk voor de eenheid 21 tussen de raakpunten op elke lineaal in een stel, dat wordt verdeeld door de raaklijn van de hoek tussen de balk en de afge- λ 4 π o n 1 5 -12- bogen lichtbundel. Wanneer deze hoek ^5° is dan is de ver plaat s ingsaf-stand dezelfde als in de y-richting.In the windows of the central unit of the deflection unit, with which the operator is operating, the standard distance, the actual distance and the difference between this value are indicated in the same manner as in the embodiment according to Fig. 1. It should be noted that the deflection unit 20 has a 90 ° deflection, while moving it across the beam indicates the distance in the x direction, ie in the longitudinal direction of the carriage and measured between the rulers. The deflection unit 21 has a deflection other than 90 ° and the distance in the y-35 direction between the rulers with the same x-coordinate as for the set of rulers 2, 3 or h, 5 or 6, 7 is given by the distance along the beam for the unit 21 between the tangent points on each ruler in a set, which is divided by the tangent line of the angle between the beam and the λ 4 π on 1 5 -12- arcs of light. When this angle is ^ 5 °, the displacement distance is the same as in the y direction.
Het is echter ook mogelijk de deflectie-eenheden 10 en 21 te voorzien van een regelmotor en in dat geval kan de bedienaar het hele meet-·: · 5 proces uitvoeren vanneer deze voor de in de tekening weergegeven centrale eenheid staat of zit. Het is ook mogelijk de centrale eenheid aüto-. matisch deor de aandrijfmotoren naar een bepaalde instelling op de balk te bewegen, afhankelijk van de inkomende gegevens voor het betreffende model van de vagen.However, it is also possible to provide the deflection units 10 and 21 with a control motor, in which case the operator can perform the entire measuring process before it stands or sits in front of the central unit shown in the drawing. It is also possible the central unit aüto-. matic to move the drive motors to a certain setting on the beam, depending on the incoming data for the respective model of the blurring.
tO · - Wanneer een vagen wordt gericht, worden de werkzaamheden voort-. gezet, totdat de afgebogen lichtbundel op de juiste wijze elke lineaal raakt. Wanneer· de wagen slechts nagemeten behoeft te worden .dan worden de deflectie-eenheden automatisch naar standen op de balk bewogen, welke zijn aangepast aan het betreffende model en zij worden door de bedienaar 15 in werking gesteld door het toetsenbord en gebracht in een stand, waarin een afgebogen lichtbundel het richtpunt raakt, danwel. kan de bedienaar de deflectie-eenheid vanuit de beginstand bewegen door een druk op de toets op het toetsenbord van de centrale eenheid 22.tO - - When a fuzzy is aimed, work continues. until the deflected beam correctly touches each ruler. When the vehicle only needs to be re-measured, the deflection units are automatically moved to positions on the beam adapted to the particular model and they are actuated by the operator 15 by the keypad and brought into a position, in which a deflected beam hits the target or. the operator can move the deflection unit from its initial position by pressing the key on the central unit keypad 22.
In fig. 1 is hef de afstand tussen de verschillende standen op 20 de balk, •voor·'elke deflectie-eenheid welke van belang is. De bedienaar kenmerkt met een speciale toets of een speciale code, dat de stand van de eenheid het begin van een meting betekent.In Fig. 1, the distance between the different positions on the beam is, for each deflection unit of interest. The operator identifies with a special key or code that the position of the unit indicates the start of a measurement.
De afbuigingen van de betreffende deflectie-eenheden 20, 21 behoeven niet vast te staan, doch de hoekstand van de afbuiging kan in 25 plaats daarvan continu of in trappen instelbaar zijn door het draaien van een van de spiegels binnen de eenheid. Binnen de deflectie-eenheid is het van belang de afbuiging te doen plaats vinden met behulp yan twee reflecterende vlakken, welke onderling een hoek vormen, in analogie met de reflectievlakken van een prisma, waarbij de hoek .tussen deze spiegels 30 ingesteld kan worden. Daardoor kan de betreffende deflectie-eenheid niet ongewild ten opzichte van de balk worden gedraaid. De verdraaiing van een van de spiegels kan worden af gelezen op een micrometer schroef, doch kan ook zodanig plaats vinden dat de spiegel verbonden is met een schei-dingsinrichting, in welk geval het verdraaien van de spiegel op afstand 35 vanuit de centrale eenheid kan worden bewerkstelligd.The deflections of the respective deflection units 20, 21 need not be fixed, but the angular position of the deflection can instead be continuously or stepped by rotating one of the mirrors within the unit. Within the deflection unit it is important to have the deflection take place by means of two reflecting surfaces, which form an angle with each other, in analogy with the reflection surfaces of a prism, the angle between these mirrors being adjustable. As a result, the respective deflection unit cannot be turned inadvertently relative to the beam. The rotation of one of the mirrors can be read on a micrometer screw, but can also take place in such a way that the mirror is connected to a separator, in which case the rotation of the mirror can be remote from the central unit. accomplished.
In het bovenstaande is aangenomen, dat de afbuiging plaats vindt in êên vlak, bij voorkeur het horizontale vlak, en dat. de afgebogen licht- 8102015’ - 13 - "bundel de linealen, welke in speciale meetpunten zijn opgehangen, op ingestelde punten raakt. In het geval dat de .deflectie-eenheden of de centrale eenheden voorzien zijn van rekeneenheden, bestaat er geen enkel bezwaar de. lichtbundel ook in vertikale zin af te buigen en rechtstreeks cj op de meetpunten te richten, aangezien elke rekeneenheid eenvoudig geprogrammeerd kan worden op basis van een stel hoeken ook de hoogte van de meetpunten boven het horizontale vlak te berekenen. De deflectie-eenheden kunnen zijn voorzien van draaibare middelen en een vertikale hoekomzetter, bijvoorbeeld van het pendulumtype voor de hoogte-instelling en de vertika-1Q le hoekindicatie van de afgebogen lichtbundel. Wanneer de spiegels zijn ingesteld in analogie met de oppervlakken van éen z.g. pentagonprisma zo dit voor de afbuiging wordt gebruikt, is het nuttig deze hoogte-instel-en weergeefmiddelen zodanig te plaatsen, dat de bisectrice tussen de reflecterende vlakken om een geschikt punt van de optische as van de invalid lende lichtbundel kan kantelen. De rekeneenheid voert de berekening uit van de hoogte van de hoek en de bisectrice en de hoek van de afwijking van de afbuighoek in het horizontale vlak op grond van de hoogte-instelling van de lichtbundel. Sen andere mogelijkheid van een vertikale instelling van de lichtbundel is vast te stellen bijvoorbeeld door middel van een 20 niveau-of een hcek-cnsetter, welke geregeld is op de nulsianden, dat de bisectrice tussen de reflecterende vlakken horizontaal blijft en de afbuiging in het horizontale vlak door de spiegels in vertikale richting wordt omgezet door tussenkomst van draaibare deflectiemiddelen, zoals een spiegel of dergelijke, welke zich in de baan van de lichtbundel bevindt.In the above it is assumed that the deflection takes place in one plane, preferably the horizontal plane, and that. the deflected light 8102015 '- 13 - "beam touches the rulers, which are suspended in special measuring points, at set points. In case the .deflection units or the central units are equipped with calculation units, there is no objection to the also deflect the beam in a vertical sense and direct it directly to the measuring points, since each calculation unit can be easily programmed on the basis of a set of angles to also calculate the height of the measuring points above the horizontal plane. equipped with rotatable means and a vertical angle converter, for example of the pendulum type for the height adjustment and the vertical angle indication of the deflected light beam, when the mirrors are adjusted in analogy with the surfaces of a so-called pentagon prism so that it is deflected it is useful to place these height-adjusting and indicating means such that the bisectrice between the reflecting surface and tilt about an appropriate point of the optical axis of the invalid beam. The calculator calculates the height of the angle and the bisector and the angle of the deviation of the deflection angle in the horizontal plane based on the height adjustment of the beam. The other possibility of a vertical adjustment of the light beam can be determined, for example by means of a level or an angle adjuster, which is regulated on the zero months, that the bisector remains horizontal between the reflecting surfaces and the deflection in the horizontal is converted flat by the mirrors in the vertical direction by means of rotatable deflection means, such as a mirror or the like, which is located in the path of the light beam.
25 Fig. 3 toont schematisch een blokdiagram van twee elektrische verbindingen voor een inrichting volgens de uitvinding. Een lichtbron 30 is stationair op een einde van een balk opgesteld. Een belangrijke eigenschap van de lichtbundel is, dat deze in staat moet zijn een smalle, gerichte lichtbundel te emitteren, welke op êên van de linealen gericht kan 30 worden wanneer de bedienaar bi'j de balk staat. Een laser van het He-Ee-type is voor dit doel geschikt. De eenheid kan voor de lichtbron worden gesteld teneinde het licht te kunnen moduleren. Dit geschiedt hier door een draaibare schijf 31, welke wordt aangedreven door een motor 32 en welke is voorzien van een ring 33 met afwisselende polarisatiemiddelen, welke el-35 kaar snijden.FIG. 3 schematically shows a block diagram of two electrical connections for a device according to the invention. A light source 30 is stationary on one end of a beam. An important property of the light beam is that it must be able to emit a narrow, directional light beam which can be aimed at one of the rulers when the operator is at the beam. A He-Ee type laser is suitable for this purpose. The unit can be placed in front of the light source in order to modulate the light. This is done here by a rotatable disc 31, which is driven by a motor 32 and which is provided with a ring 33 with alternating polarizing means, which cut each other.
De deflectie-eenheden bevinden zich in de bundel. Zij zijn voorzien van spiegels in analogie met de afbuigvlakken van. een pentagonprisma.The deflection units are contained in the beam. They are fitted with mirrors analogous to the deflection surfaces of. a pentagon prism.
«1 0 2 0 1 5 - -lU' -«1 0 2 0 1 5 - -lU '-
De eenheid 3^· dient om de stralen van de laser 30 haaks af te huigen en de hoek tussen de'spiegels 36, 37 is dan ^5°. De eenheid 35 heeft tot doel de stralen van de laser 30 onder een stompe hoek af te huigen en wanneer de hoek b3° is, dan is de hoek © tussen de spiegels 38, 39 gelijk 5 aan 67,5°. Door de spiegels in. de eenheden in analogie met de reflecterende vlakken van een prisma in te stellen wordt een ongevoeligheid voor het draaien van de eenheid op de halk verkregen. rThe unit 3 ^ serves to deflect the beams of the laser 30 at right angles and the angle between the mirrors 36, 37 is then ^ 5 °. The purpose of the unit 35 is to deflect the beams of the laser 30 at an obtuse angle, and when the angle is °3 °, then the angle tussen between the mirrors 38, 39 is equal to 67.5 °. Through the mirrors. setting the units in analogy to the reflective surfaces of a prism provides insensitivity to the unit's rotation on the halk. r
Wanneer de spiegel 37 een gepolariseerde spiegel is, bijvoorbeeld met een diehroïdébekleding, welke spiegel gepolariseerd in de ene 10 richting reflecteert en licht door polarisatie in de andere richting, dan wordt de straling door de spiegel gedurende een halve omwenteling van de schijf 31 gereflecteerd en overgebracht naar de andere defleetie-eenheid 35 gedurende de andere helft. Zoals reeds opgemerkt kan. in plaats van de eenheid 31' 33 'en een gepolariseerde spiegel 37» een spiegel met een 15 drijvend kristal worden toegepast, in welk. geval een pulsvormige wisselstroom over de elektroden ontstaat.When the mirror 37 is a polarized mirror, for example, with a die-hid coating, which mirror reflects polarized in one direction and reflects light by polarization in the other direction, the radiation is reflected and transmitted through the mirror for half a revolution of the disk 31 to the other deflection unit 35 during the other half. As already noted. instead of the unit 31 '33' and a polarized mirror 37 ', a floating crystal mirror is used, in which. if a pulse-shaped alternating current is produced across the electrodes.
De defleetie-eenheid 3¾ heeft een indicator ^0 en de defleetie-eenheid 35 een indicator 41 teneinde de merktekens b2 op de balk te kunnen aflezen. De indicators bO en bl hebben een op-en-neer teller, welke ver-20 bonden is met de gegevensverwerkende eenheid U3, welke de telinstelling op verschillende tijdstippen afleest. Een geheugen UU is verbonden met de eenheid ^3. V66r de meting · kan" informatie met betrekking tot het object, dat gemeten moet worden, in het geheugen worden gebracht via een gegeven invoer. De gegevens met betrekking tot het betreffende object be-25 vinden zich in de visuele display-eenheid b$ en een akoestische indicatie bè kan op bovenbeschreven wijze zijn toegepast. Door gebruik te maken van een toetsenbord bl kan de bedienaar vaststellen welke functies op een . bepaald tijdstip vereist zijn.The deflection unit 3¾ has an indicator ^ 0 and the deflection unit 35 has an indicator 41 in order to be able to read the marks b2 on the beam. The indicators b0 and b1 have an up-and-down counter, which is connected to the data processing unit U3, which reads the count setting at different times. A memory UU is connected to the unit ^ 3. Before the measurement, "information related to the object to be measured can be memorized through a given input. The data related to the object concerned can be found in the visual display unit b $ and an acoustic indication beta can be applied as described above By using a keyboard bl the operator can determine which functions are required at a specific time.
De elementen ^3 - b8 kunnen uiteraard in elke defleetie-eenheid 3Q worden toegepast, zoals beschreven met betrekking tot fig. 1 in plaats van een centrale eenheid, welke gemeenschappelijk is voor de beide eenheden 3^ en 35.The elements ^ 3 - b8 can of course be used in any deflection unit 3Q, as described with respect to Fig. 1, instead of a central unit, which is common to both units 3 ^ and 35.
In het g.eval tot de eenheden 3^ en 35 bediend worden vanuit een centrale eenheid, zoals beschreven met betrekking tot fig, 2, wordt een 35 gegeven naar de regeleenheid gevoerd, welke op zijn beurt de betreffende motoren b$ en 50 in de deflectie-eenheden 3^ en 35 iu werking stelt, zodat deze langs de balk bewegen in overeenstemming met de gegevens, welke 8102015 * 15 - in het geheugen kh zijn geroerd aan het begin yan de meting.In the case until units 3 ^ and 35 are operated from a central unit, as described with respect to Fig. 2, a data is fed to the control unit, which in turn drives the respective motors b $ and 50 into the deflection units 3 ^ and 35 i operate so that they move along the beam in accordance with the data stirred into memory kh at the beginning of the measurement.
De regeleenheid kQ kan ook rekening houden met de instelling van de hoek tussen de spiegels voor het veranderen van de afbuighoek als gevolg van het bedienen van een terugsteleenheid 51 en 52 in elk van de 5 eenheden 3¾ en 35· De horizontale indicatiemiddelen 53' en dienen om de ie afwijking van de horizontale stand voor de bisectrice van de hoek tussen de spiegels in de deflectie-eenheden vast te stellen. De eenheden kunnen zijn voorzien van instelmiddelen voor het automatisch verdraaien van de eenheden 3¾ en 35, zodat de middelen 53 en 5¼ zich steeds in de 10 horizontale stand bevinden en een eventueel naar omhoog afbuigen van de lichtbundel kan worden verkregen door niet-weergegeven tastmiddelen, terwijl het instellen in de vertikale richting kan worden verkregen door het draaien van de middelen 53 en 5^ in een berekende helling door tussenkomst van de gegevensverwerkende eenheid. Bedoelde middelen kunnen bijvoor-15 beeld een versnellingaeter van het pendulumtype zijn als beschreven in het Zweedse oetrooischrift Jdo629b~Q.The control unit kQ can also take into account the adjustment of the angle between the mirrors to change the deflection angle as a result of operating a reset unit 51 and 52 in each of the 5 units 3¾ and 35 · The horizontal indication means 53 'and serve to determine the ie deviation from the horizontal position for the bisector of the angle between the mirrors in the deflection units. The units can be provided with adjusting means for automatically rotating the units 3¾ and 35, so that the means 53 and 5¼ are always in the horizontal position and a possible upward deflection of the light beam can be obtained by means of means (not shown), while adjustment in the vertical direction can be obtained by rotating the means 53 and 51 in a calculated slope through the data processing unit. Said agents can be, for example, an accelerometer of the pendulum type as described in Swedish Patent Specification Jdo629b-Q.
De gegevensverwerkende eenheid ^3 berekent de stand van de controlepunten in de coördinaten in een vastgesteld systeem, dat wordt bepaald met betrekking tot de balk door meting ten opzichte van de referen-20 tiepunten, nadat de meting is aangevangen. Wanneer een centrale gegevensverwerkende eenheid wordt gebruikt, kunnen gegevens voor het te meten object worden berekend, zoals een diagonaalmeting en/of wanneer de meetpunten binnen een voorafbepaalde tolerantie zijn gelegen op een gebogen lijn of dergelijke, in het geheugen van de verwerkingsinrichting worden 25' afgelezen voordat met het meten wordt begonnen en op basis van de krite-ria welke worden aangegeven in het afleesvenster wanneer het gemeten object al dan niet kan worden goedgekeurd.The data processing unit ^ 3 calculates the position of the control points in the coordinates in an established system, which is determined with respect to the bar by measurement relative to the reference points, after the measurement has started. When a central data processing unit is used, data for the object to be measured, such as a diagonal measurement and / or when the measuring points are within a predetermined tolerance on a curved line or the like, can be read in the memory of the processing device before starting the measurement and based on the criteria indicated in the display when the measured object can or cannot be approved.
Het is duidelijk, dat verschillende modificaties mogelijk zijn, zonder buiten het kader van de -uitvinding te treden. De eenheden 12, 30 14, 20, 21 behoeven geen eenheden te zijn, welke een lichtbundel, welke langs een balk wordt gericht, afbuigen, doch elke eenheid kan zijn voorzien van zijn eigen lichtbron, welke onder verschillende hoekstanden ten opzichte van de balk geprojecteerd kunnen worden.It is clear that various modifications are possible without departing from the scope of the invention. The units 12, 30, 14, 20, 21 need not be units that deflect a beam of light directed along a beam, but each unit may have its own light source, which is projected at different angles to the beam could be.
81020158102015
Claims (6)
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| SE8003080 | 1980-04-23 | ||
| SE8003080 | 1980-04-23 |
Publications (3)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL8102015A true NL8102015A (en) | 1981-11-16 |
| NL191216B NL191216B (en) | 1994-10-17 |
| NL191216C NL191216C (en) | 1995-03-16 |
Family
ID=20340810
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL8102015A NL191216C (en) | 1980-04-23 | 1981-04-23 | Device for checking the dimensional accuracy of a large object. |
Country Status (7)
| Country | Link |
|---|---|
| JP (1) | JPS56163976A (en) |
| DE (1) | DE3116253A1 (en) |
| FR (1) | FR2481444B1 (en) |
| GB (1) | GB2075185B (en) |
| IT (1) | IT1137149B (en) |
| NL (1) | NL191216C (en) |
| SE (1) | SE448785B (en) |
Families Citing this family (35)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| FR2540986B3 (en) * | 1983-02-15 | 1985-12-13 | Souriau & Cie | METHOD AND DEVICE FOR CHECKING THE CHASSIS OF MOTOR VEHICLES |
| US4687324A (en) * | 1983-05-18 | 1987-08-18 | Gerd Selbach | Laser-based measuring system |
| DE3318042A1 (en) * | 1983-05-18 | 1984-11-22 | Gerd Prof. Dipl.-Ing. 4006 Erkrath Selbach | Universal measuring instruments with a high-resolution display for workshop use |
| CH660420A5 (en) * | 1984-05-08 | 1987-04-15 | Sven Arne Nilsson | METHOD FOR ESTABLISHING THE DIMENSIONS OF DIFFERENT POINTS ON THE BODYWORK OF A VEHICLE. |
| SE442916B (en) * | 1984-06-28 | 1986-02-03 | Nicator Ab | DEVICE FOR WHEEL ADJUSTMENT AND STEERING GEOMETRY OF A CAR |
| DE3445254A1 (en) * | 1984-12-12 | 1986-06-12 | Jagenberg AG, 4000 Düsseldorf | Adjusting device for cutting units arranged next to one another and capable of being moved to a mutual spacing |
| US4598481A (en) * | 1985-08-12 | 1986-07-08 | Hein-Werner Corporation | Intersecting laser alignment apparatus and method |
| DE3622421A1 (en) * | 1986-07-03 | 1988-02-18 | Bayern Freistaat | Laser scanner for contour detection and presence monitoring |
| DE3808119A1 (en) * | 1988-03-11 | 1989-09-21 | Grecon Greten Gmbh & Co Kg | MARKING STATION BY LASER TURN LIGHT |
| DE3828838A1 (en) * | 1988-08-25 | 1990-03-01 | Celette Gmbh | ARRANGEMENT FOR DIAGNOSIS OF THE DIMENSIONS OF A CAR BODY |
| US5029397A (en) * | 1989-02-21 | 1991-07-09 | Global Laser Systems Inc. | Method of measuring a vehicular frame to determine alignment |
| JPH02113107U (en) * | 1989-02-28 | 1990-09-11 | ||
| FR2644886B1 (en) * | 1989-03-24 | 1993-12-10 | Celette Sa | DEVICE FOR CONTROLLING THE POSITION OF DIFFERENT POINTS OF A VEHICLE |
| FR2645260A1 (en) * | 1989-03-29 | 1990-10-05 | Celette Sa | DEVICE FOR MEASURING THE POSITIONING AND DISPLACEMENT OF A POINT, AND APPLICATION TO THE EQUIPMENT OF A MARBLE FOR CONTROLLING AND ADJUSTING MOTOR VEHICLES |
| JPH0352606U (en) * | 1989-09-29 | 1991-05-22 | ||
| AU7446991A (en) * | 1990-11-28 | 1992-06-25 | Glen C Danielson | Vehicle straightener measuring unit, measuring apparatus reliant on reflected beam(s), and source, targets and method |
| DE9017069U1 (en) * | 1990-12-18 | 1991-04-25 | Köster, Gerhard, 8945 Legau | Device for measuring a two-wheeler frame |
| EP0643822A1 (en) * | 1993-03-31 | 1995-03-22 | F. Chartrand Innovation Ltd. | Apparatus for measuring the deformation of damaged vehicles and for reconstruction of crime scenes due to bullet holes |
| DE4320311C1 (en) * | 1993-06-18 | 1995-01-05 | H Dr Geiling | Method and device for wheel alignment and chassis alignment of motor cycles |
| DE4325533C2 (en) * | 1993-07-29 | 1998-01-22 | Hofmann Werkstatt Technik | Balancing machine for balancing on rotating bodies that can be clamped on a main shaft of the machine |
| DE4400288A1 (en) * | 1994-01-07 | 1995-07-13 | Licentia Gmbh | Measurement of offset distance of overhead conductor of railway system |
| DE4404440A1 (en) * | 1994-02-11 | 1995-08-17 | Siemens Ag | Test method and device for determining the relative position of a contact wire to the track body |
| US5661667A (en) * | 1994-03-14 | 1997-08-26 | Virtek Vision Corp. | 3D imaging using a laser projector |
| DE4409153A1 (en) * | 1994-03-17 | 1995-09-21 | Faun Gmbh | Method for detecting the change in the radius of a boom of a crane under load |
| DE19749844C2 (en) * | 1997-11-11 | 2001-10-18 | Bat Cigarettenfab Gmbh | Length measuring device and method for cigarettes |
| DE19806142A1 (en) * | 1998-02-14 | 1999-08-19 | Franzen | Alignment device for components in processing line, e.g. for nappy manufacture |
| US6470587B1 (en) | 1999-07-09 | 2002-10-29 | Vought Aircraft Industries, Inc. | Method and system for part measurement and verification |
| DE10242672A1 (en) * | 2002-09-13 | 2004-03-25 | Maha Maschinenbau Haldenwang Gmbh & Co. Kg | Control device for lifting platforms |
| FI123746B (en) * | 2011-11-22 | 2013-10-15 | Cargotec Finland Oy | System for detecting and measuring the location of a container in a vehicle and / or its container loaded with containers |
| CN104390601B (en) * | 2014-11-27 | 2017-02-22 | 浙江大学 | Car body deformation detector based on laser transmission |
| FR3056172B1 (en) * | 2016-09-20 | 2020-06-26 | Renault S.A.S | METHOD OF INSTALLING TRACKING ZONES ON A FLOOR FOR THE CALIBRATION OF CAMERAS OF A MOTOR VEHICLE AND APPROPRIATE EQUIPMENT. |
| FR3056171B1 (en) * | 2016-09-20 | 2020-05-08 | Renault S.A.S | METHOD OF INSTALLING A GEOMETRIC REFERENTIAL ON A FLOOR FOR THE CALIBRATION OF ELECTRIC OR ELECTRONIC COMPONENTS OF A MOTOR VEHICLE AND ADAPTED EQUIPMENT. |
| US11294051B2 (en) | 2017-05-02 | 2022-04-05 | Creative Racing Products, LLC | Ultrasonic measurement device |
| WO2019048743A1 (en) * | 2017-09-11 | 2019-03-14 | Renault S.A.S. | Method for installing reference zones on a ground surface for calibrating cameras of a motor vehicle, and associated equipment |
| CN114061446B (en) * | 2021-10-20 | 2024-03-12 | 成都利君环际智能装备科技有限公司 | Carriage size measurement system and method based on multiple three-dimensional scanning equipment |
Family Cites Families (8)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| DE2010996A1 (en) * | 1970-03-09 | 1971-06-24 | Goldbrunner H | Method and device for measuring chassis frames on motor vehicles |
| US3633010A (en) * | 1970-05-04 | 1972-01-04 | Geosystems Inc | Computer-aided laser-based measurement system |
| US3765764A (en) * | 1971-03-23 | 1973-10-16 | Aga Ab | Coordinate measuring instrument |
| SE401270B (en) * | 1973-08-28 | 1978-04-24 | Daimler Benz Ag | PROCEDURE AND DEVICE FOR INSPECTION OF THE FRAME OR CHARGER OF A MOTOR VEHICLE |
| JPS518962A (en) * | 1974-07-12 | 1976-01-24 | Anritsu Electric Co Ltd | SUNHOSOKUTE ISOCHI |
| GB1546781A (en) * | 1975-03-13 | 1979-05-31 | British Ship Research Ass | Structure survey analyser |
| DE2547081A1 (en) * | 1975-10-17 | 1977-04-21 | Licentia Gmbh | Electric rail overhead wire photo:electric sensors - measures height and lateral position relative to rail and are independent of vehicle oscillations |
| DE2732954C2 (en) * | 1977-07-21 | 1979-07-05 | Dr. Johannes Heidenhain Gmbh, 8225 Traunreut | Incremental position measuring system |
-
1981
- 1981-04-10 SE SE8102307A patent/SE448785B/en not_active IP Right Cessation
- 1981-04-21 FR FR8107908A patent/FR2481444B1/en not_active Expired
- 1981-04-21 GB GB8112343A patent/GB2075185B/en not_active Expired
- 1981-04-22 IT IT21317/81A patent/IT1137149B/en active
- 1981-04-22 JP JP6112681A patent/JPS56163976A/en active Granted
- 1981-04-23 DE DE3116253A patent/DE3116253A1/en active Granted
- 1981-04-23 NL NL8102015A patent/NL191216C/en not_active IP Right Cessation
Also Published As
| Publication number | Publication date |
|---|---|
| JPH0213722B2 (en) | 1990-04-05 |
| NL191216C (en) | 1995-03-16 |
| JPS56163976A (en) | 1981-12-16 |
| GB2075185A (en) | 1981-11-11 |
| FR2481444B1 (en) | 1986-01-31 |
| IT1137149B (en) | 1986-09-03 |
| NL191216B (en) | 1994-10-17 |
| DE3116253C2 (en) | 1987-05-27 |
| FR2481444A1 (en) | 1981-10-30 |
| SE448785B (en) | 1987-03-16 |
| SE8102307L (en) | 1981-10-24 |
| GB2075185B (en) | 1984-03-14 |
| DE3116253A1 (en) | 1982-03-25 |
| IT8121317A0 (en) | 1981-04-22 |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| NL8102015A (en) | DEVICE FOR CHECKING MEASUREMENT ACCURACY. | |
| KR100264719B1 (en) | Measuring system for testing the position of a vehicle and sensing device therefore | |
| JP4180718B2 (en) | Rotating laser device | |
| CA2102140C (en) | Wayside monitoring of the angle-of-attack of railway vehicle wheelsets | |
| US20100315653A1 (en) | Optical sensor for positioning tasks | |
| US3765764A (en) | Coordinate measuring instrument | |
| JPH0371642B2 (en) | ||
| JPS63501173A (en) | How to operate an automated guided vehicle | |
| NL8500529A (en) | SYSTEM FOR DETERMINING THE POSITION OF A VEHICLE NOT BONDED TO A FIXED TRACK. | |
| AU2007209273A1 (en) | Method and measuring device for measuring translation of surface | |
| WO1997047943A1 (en) | Wheel alignment measuring instrument and wheel alignment measuring | |
| EP2110078B1 (en) | An optical device for measuring the height of a person | |
| JPS6215479A (en) | Auto tracking distance measuring device | |
| US4556322A (en) | Arrangement for checking dimensional accuracy | |
| JPH01187403A (en) | Glass edge detecting device | |
| NL1013378C2 (en) | Apparatus and method for determining a bending angle of a plate and its use for setting plates. | |
| US5686995A (en) | Scale pattern arrangement | |
| JPH09505883A (en) | Equipment for measuring the dimensions of large objects | |
| JP3705889B2 (en) | Electronic level | |
| RU2280577C1 (en) | Method of and device for detecting defects on roll surface of train wheel | |
| AU686258B2 (en) | Wayside monitoring of the angle-of-attack of railway vehicle wheelsets | |
| JPH02290746A (en) | Trolley wire abrasion detecting device | |
| CN119043182A (en) | Three-dimensional space optical tracking measurement system | |
| JPH04126104U (en) | Auxiliary target for laser length measurement equipment | |
| JP3019647B2 (en) | Non-contact thickness gauge |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| A85 | Still pending on 85-01-01 | ||
| BA | A request for search or an international-type search has been filed | ||
| BB | A search report has been drawn up | ||
| BC | A request for examination has been filed | ||
| V1 | Lapsed because of non-payment of the annual fee |
Effective date: 19961101 |