[go: up one dir, main page]

NL8004814A - Werkwijze voor de aerobe vertering en/of droging van organische afvalstoffen in een verteringsbunker, en inrichting voor het uitvoeren van deze werkwijze. - Google Patents

Werkwijze voor de aerobe vertering en/of droging van organische afvalstoffen in een verteringsbunker, en inrichting voor het uitvoeren van deze werkwijze. Download PDF

Info

Publication number
NL8004814A
NL8004814A NL8004814A NL8004814A NL8004814A NL 8004814 A NL8004814 A NL 8004814A NL 8004814 A NL8004814 A NL 8004814A NL 8004814 A NL8004814 A NL 8004814A NL 8004814 A NL8004814 A NL 8004814A
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
chamber
reaction
chambers
digestion
transport
Prior art date
Application number
NL8004814A
Other languages
English (en)
Other versions
NL190638B (nl
NL190638C (nl
Original Assignee
Nemetz Herbert
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Priority claimed from DE2937390A external-priority patent/DE2937390C2/de
Priority claimed from DE2948176A external-priority patent/DE2948176C2/de
Application filed by Nemetz Herbert filed Critical Nemetz Herbert
Publication of NL8004814A publication Critical patent/NL8004814A/nl
Publication of NL190638B publication Critical patent/NL190638B/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL190638C publication Critical patent/NL190638C/nl

Links

Classifications

    • CCHEMISTRY; METALLURGY
    • C05FERTILISERS; MANUFACTURE THEREOF
    • C05FORGANIC FERTILISERS NOT COVERED BY SUBCLASSES C05B, C05C, e.g. FERTILISERS FROM WASTE OR REFUSE
    • C05F17/00Preparation of fertilisers characterised by biological or biochemical treatment steps, e.g. composting or fermentation
    • C05F17/90Apparatus therefor
    • C05F17/921Devices in which the material is conveyed essentially horizontally between inlet and discharge means
    • C05F17/936Tunnels
    • CCHEMISTRY; METALLURGY
    • C05FERTILISERS; MANUFACTURE THEREOF
    • C05FORGANIC FERTILISERS NOT COVERED BY SUBCLASSES C05B, C05C, e.g. FERTILISERS FROM WASTE OR REFUSE
    • C05F17/00Preparation of fertilisers characterised by biological or biochemical treatment steps, e.g. composting or fermentation
    • C05F17/90Apparatus therefor
    • C05F17/95Devices in which the material is conveyed essentially vertically between inlet and discharge means
    • C05F17/955Devices in which the material is conveyed essentially vertically between inlet and discharge means the material going from platform to platform
    • YGENERAL TAGGING OF NEW TECHNOLOGICAL DEVELOPMENTS; GENERAL TAGGING OF CROSS-SECTIONAL TECHNOLOGIES SPANNING OVER SEVERAL SECTIONS OF THE IPC; TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC CROSS-REFERENCE ART COLLECTIONS [XRACs] AND DIGESTS
    • Y02TECHNOLOGIES OR APPLICATIONS FOR MITIGATION OR ADAPTATION AGAINST CLIMATE CHANGE
    • Y02PCLIMATE CHANGE MITIGATION TECHNOLOGIES IN THE PRODUCTION OR PROCESSING OF GOODS
    • Y02P20/00Technologies relating to chemical industry
    • Y02P20/141Feedstock
    • Y02P20/145Feedstock the feedstock being materials of biological origin
    • YGENERAL TAGGING OF NEW TECHNOLOGICAL DEVELOPMENTS; GENERAL TAGGING OF CROSS-SECTIONAL TECHNOLOGIES SPANNING OVER SEVERAL SECTIONS OF THE IPC; TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC CROSS-REFERENCE ART COLLECTIONS [XRACs] AND DIGESTS
    • Y02TECHNOLOGIES OR APPLICATIONS FOR MITIGATION OR ADAPTATION AGAINST CLIMATE CHANGE
    • Y02WCLIMATE CHANGE MITIGATION TECHNOLOGIES RELATED TO WASTEWATER TREATMENT OR WASTE MANAGEMENT
    • Y02W30/00Technologies for solid waste management
    • Y02W30/40Bio-organic fraction processing; Production of fertilisers from the organic fraction of waste or refuse
    • YGENERAL TAGGING OF NEW TECHNOLOGICAL DEVELOPMENTS; GENERAL TAGGING OF CROSS-SECTIONAL TECHNOLOGIES SPANNING OVER SEVERAL SECTIONS OF THE IPC; TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC CROSS-REFERENCE ART COLLECTIONS [XRACs] AND DIGESTS
    • Y10TECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER USPC
    • Y10TTECHNICAL SUBJECTS COVERED BY FORMER US CLASSIFICATION
    • Y10T436/00Chemistry: analytical and immunological testing
    • Y10T436/12Condition responsive control

Landscapes

  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Microbiology (AREA)
  • Health & Medical Sciences (AREA)
  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Biochemistry (AREA)
  • Biotechnology (AREA)
  • Chemical Kinetics & Catalysis (AREA)
  • Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
  • Molecular Biology (AREA)
  • General Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Organic Chemistry (AREA)
  • Processing Of Solid Wastes (AREA)
  • Fertilizers (AREA)
  • Micro-Organisms Or Cultivation Processes Thereof (AREA)
  • Enzymes And Modification Thereof (AREA)
  • Treatment Of Sludge (AREA)

Description

-i
4 P & C
W 5714-1 Ned.dB/LvD
Werkwijze voor de aerobe vertering en/of droging van organische afvalstoffen in een verteringsbunker, en inrichting voor het uitvoeren van deze werkwijze.
De uitvinding heeft betrekking op een werkwijze voor de 5 aerobe vertering en/of droging van organische afvalstoffen in een ✓ verteringsbunker, bestaande uit een of meer be- resp.ontlucht- en ver-warmbare, onderling in etages aangebrachte verteringskamers, waaraan het materiaal losgestort wordt toegevoerd, door de bunker heen wordt gevoerd en na afloop van een door de tijd nodig voor de vertering bepaalde 10 verblijfstijd, gewoonlijk ongeveer 10 dagen, daaruit wordt afgevoerd, en op een inrichting voor het uitvoeren van deze werkwijze.
Deze werkwijzen en inrichtingen worden in hoofdzaak voor kompostbereiding gebruikt. Aan de vertering nemen micro-organismen, zoals bacteriën, schimmelzwammen, protozoen, nematoden of actinomyceten 15 deel, waarbij de aerobe,vertering kan worden doorgezet tot aan de totale mineralisering van de organische stoffen.
De vertering is in hoofdzaak afhankelijk van het zuurstofgehalte, watergehalte, C/N-voedingstofgehalte, temperatuur en pH-waarde van het 'om te zetten materiaal. De vertering verloopt bij voldoende luchttoevoer 20 praktisch zonder stank en wel bij temperaturen van gemiddeld 60 tot 90 gïsföen.
Met het oog op de groeiende problemen bij het kwijtraken van afval worden in toenemende maten mengsels van afval en rioolslib gecontesteerd.
In mengsels van deze componenten kan de voor de verteringsorga-nismen gunstige C : N-verhouding op 25 : 1 tot 30 : 1 en gedeeltelijk 25 ook nog hoger worden ingesteld.
De proeven van EAWAG in Rüsbhïikon bevestigen de vaststelling (zie Sonderdruck van de Neue Züricher Zeitung, bijlage techniek, van 18 juni 1958) dat slib van zuiveringsinstallaties in equivalente hoeveelheden aan het afval kan worden toegevoegd.
30 Het reeds genoemde feit van de toenemende betekenis van het probleem hoe men afval kan kwijtraken, met zo weinig mogelijk milieuhinder, heeft op zichzelf in principe geschikte werkwijzen, zoals bijvoorbeeld de vroeger toegepaste "Baden-Baden-werkwijze", en waarbij open en door beluchtingskanalen beluchte verteringsmijten of hopen worden gebruikt ^ 35 voor de tegenwoordige tijd onbruikbaar gemaakt. Zij voldoen niet aan de tegenwoordig geldende hygiënische eisen.
Een gedeeltelijke vertering wordt door de gisttrommel van de Dano-biostabilisator door gebruik daarvan als gistcel bereikt. In deze trommel vindt 1 een relatief goede dooreenmenging en losmaking van het 40 materiaal bij constante luchttoevoer plaats..’Het resultaat is een on n a o 1 a - 2 - verteerd materiaal/ dat daarna, hoewel slechts kort,in open mijten 'wordt opgeslagen (zie de reeds genoemde publicatie).
De eveneens bekende "Digester-ontwikkeling" betreft een praktisch gesloten, verticaal staande, cylindrische gistcel met ingebouwde 5 etages, waarbij aan de bovenste etage het fijngemaakte materiaal wordt toegevoerd, en met een verticale draaiingsas met aangezette armen en ploegmessen wordt gemengd en door de etages getransporteerd.
Het kradrtnratfcruik voor het transport van het materiaal door de afzonderlijke etages van de gistcel is vrij groot en de inrichting is sterk aan slijtage 10 en storingen onderhevig, zodat de verkoop van de aldus bereide compost op brede basis economisch niet mogelijk is.
De eveneens laagsgewijze toevoer van te verteren materiaal aan een beluchte ronde silo vraagt gecompliceerde inbrenginrichtingen, bijvoorbeeld bekend uit het Duitse Géhrauchsmuster 73.29120.
15 Inrichtingen van deze soort moeten een gelijkmatige verdeling van het verteerde materiaal over de dwarsdoorsnede van de houder mogelijk maken, met gemakkelijke verwisseling van de frees-gereedschappen of wormtrans-porteurs, welke vrij sterk aan slijtage onderhevig zijn.
Deze opgave is niet eenvoudig op te lossen en het resultaat 20 wordt meestal gevormd door compromissen. Deze situatie maakt tenslotte het principe van de ronde verteringssilo onbruikbaar, tenminste bij bepaalde afmetingen. -
Verder is het uit het Duitse Offenlegungschrift 2809344 bekend het materiaal toe te voeren aan op meer etages in een beluchtingsreactor 25 onder elkaar aangebrachte eindloze transporteurs. De daarbij aanwezige losse storting van het materiaal kan in principe slechts een droging veroorzaken, maar niet een effectieve, biologische reactie in de zin van een volledige vertering, daar de lucht gewoonlijk langs de weg van de minste weerstand door de ’gestorte materiaalhoeveelheid stroomt, zonder 30 daarbij effectief en gelijkmatig in aanraking te komen met het grootste deel van de oppervlakken van het materiaal.
Het doel van de uitvinding is daarom het verschaffen van een werkwijze van de in de aanvang genoemde soort, die niet alleen de droging maar ook de afvoer van volledig verteerd organisch afval,resp. gerijpt 35 compost mogelijk maakt bij zo klein mogelijk energiegebruik voor het transport en de vermenging van het materiaal, bij zo weinig mogelijk mechanische delen en als gevolg daarvan met zo weinig mogelijk slijtage, met een optimaal zuurstofgebruik en een zo elastisch mogelijk verloop van het proces. i.
40 De oplossing volgens de uitvinding bestaat hierin, dat het 8004814 m \ - 3 - materiaal periodiek met in hoofdzaak gelijke porties op een toevoerpunt op een etage wordt gebracht, die een tunnelvormige reactiekamer is, waarbij na de toevoer van de portie van het materiaal deze portie door een transportelement via een vormgevende voorkamer, resp. een vorm-5 gevend kamerdeel, in de langsrichting van de kamer, bij geheel leegmaken van het toevoer^gebied, over zijn oplegvlak glijdend vooruit wordt geschoven en daarna het transportelement weer in de aanvankelijke stand wordt teruggebracht, terwijl na de toevoer van tenminste een portie de volgende portie verdichtend tegen êeze portie wordt aangedrukt en hij 10 de verdere stapsgewijze doorgang door de beluchtbare en verwarmbare reaciieruimte van de kamer, in zijn verdichte toestand wordt belucht en/of wordt verwarmd, en dat na geheel vullen van de kamer of kamers telkens een der porties, met een volume overeenkomstig dat van een toegevoerde portie, op een afvoerplaats wordt afgevoerd.
15 Door de periodieke toevoer van het materiaal in losse storing, bij voorkeur in dag-porties, is het transport daarvan na het toevoerdeel in het gesloten gebied van de kamer over een korte transportweg met relatief klein krachtsverbruik mogelijk.
Het vers toegevoerde materiaal moet welliswaar tegen de 20 eerder toegevoerde materiaal-portie verdichtend en deze transporterend worden aangedrukt, waarbij de eerder toegevoerde portie tegelijk wordt gevormd overeenkomstig de ingangsdwarsdoorsnede van de kamer, maar de verdichting is beooga en essentieel voor de uitvinding, daar alleen hierdoor een optimale gelijkmatige dichtheid van het materiaal en daardoor een op 25 de doorsnede betrokken gelijkmatige doorgang en doorgangsweerstand vein de lucht mogelijk is.
De elasticiteit in de materiaalkolom belet echter elke overbelasting van de aandrijforganen van het transportelement, waarbij, bij volledig gevulde kamer, een konstant blijvend maximaal aandrijfvermogen 30 per slag nodig is. De grootte van dit aandrijfvermogen moet beschouwd worden met het oog op het door het watergehalte, vetten enz. gegeven smeereffect van het materiaal, in combinatie met de wrijving tussen het materiaal en de kamerwanden reducerende werking, welke wanden eventueel kunnen zijn bekleed met het glijden bevorderende middelen, en op 35 de beluchting en eventueel de verwarming, waarbij in dit verband nog moet worden opgemerkt, dat de slag van het transportelement over een relatief lange tijd kan worden uitgestrekt en daardoor deze slag met klein vermogen kan worden uitgevoerd.
Bij het aanbrengen van een aantal kamers onder elkaar vindt 40 bovendien een dpcr een menging onder invloed van de zwaartekracht plaats 8004814 - 4 - bij het overgaan van de bovenste naar de onderste kamer, welke vermenging gunstig is voor een gelijkmatige vertering.
Het gebruikelijke volumeverlies van het materiaal tijdens de droging en vertering van gewoonlijk ongeveer 30 % wordt in aanmerking 5 genomen door een passende afstemming van de afmetingen van de reactie-kamer, d.w.z. gewoonlijk door een passende verlenging daarvan, zodat men gelijke volumina van het ruwe materiaal kan toevoeren bij een afvoer in gelijke volumina van het geheel verteerde materiaal.
Voor de ontluchting, resp. voor de afvoer van de onstane 10 reactiegassen wordt opgemerkt dat het ontstane reactiegas periodiek dwars op de doorgangsrichting van het materiaal kan worden afgezogen en de afgezogen hoeveelheid reactiegas eventueel kan worden geanaliseerd en het resultaat daarvan kan worden gebruikt voor besturing van de beluchting en de temperatuur. Door deze maatregel kan de werkwijze 15 voor de aercbë behandling van het toegevoerde materiaal optimaal worden uitgevoerd met betrekking tot de kwaliteitseisen, evenals optimaal economisch.
De inrichting volgens de uitvinding voor het uitvoeren van de werkwijze is zodanig dat telkens een portie materiaal in de kamer kan 20 worden gebracht via een in de bovenzijde aangebrachte sleuf door een kettingtransporteur dwars op de doorschuifrichting van het materiaal, waarbij de kettingtransporteur met afvoer naar beneden en in hoofdzaak over de gehele breedte van de sleuf gelijkmatig is uitgevoerd, waarbij in een uitvoering van de kamer met meer etages de toegevoerde materiaalportie door 25 de slag van een als transportelement werkend transportschild in de bovenste kamer kan worden gebracht en het materiaal bij reeds gevulde bovenste kamer via een eveneens dwars op de doorschuifrichting ter plaatse van de achterwand verlopende overgeefsleuf in porties naar de er onder liggende kamer kan worden gebracht, terwijl door een aan de binnenzijde 30 van de wand aangebracht tweede, als transportelement werkzaam transport-schild, de materiaalportie aan een eveneens dwars op de doorschuif-richting aan de tegenoverliggende wand in de vloer aangebrachte afvoer-opening kan worden toegevoerd, waarbij dé beluchting en verwarming van de afzonderlijk, periodiek door de kamers getransporteerde porties van 35 het materiaal individueel, afhankelijk van het verloop van de biologische reactie, in groepen door overeenkomstig de afmetingen van het oplegvlak van de afzonderlijke materiaalporties verdeeld aangebrachte beluchtings-inrichtingen wordt verkregen.
Een dergelijke inrichting maakt het uitvoeren mogelijk van het 40 beoogde werkwijzeverloop in de afzonderlijke stappen, waarbij door een 8004814 - 5 - j *.
uitvoering met periodieke beluchting en verwarming een bijzonder economische werkwijze kan worden bereikt.
Door deze uitvoering is het namelijk mogelijk niet alleen de afzonderlijke dagporties in overeenstemming met het voortschrijden van de biologische reactie individueel te beluchten, maar eventueel sterk van het gemiddelde afwijkende samenstellingen van afzonderlijke dagporties door bijzondere besturing van de beluchting en verwarming in aanmerking te nemen, wanneer zich dat geval voordoet.
Voor uitvoering van de inrichting met meer etages wordt opgemerkt dat bij deze uitvoering met een willekeurig aantal onder elkaar aangebrachte kamers dè'·. transportelementen van elke kamer van boven naar beneden na elkaar in tegengestelde richting tot het transportelement van de direkt daarboven aangebrachte kamer bedieribaar zijn wanneer het naar beneden volgende transportelement telkens weer in zijn uitgangsstand is gekomen.
Door deze afhankelijkheid is steeds bij werking van een transportmiddel gewaarborgd dat het doorgeefgebied van de eronder volgende kamer voor het doorgeven van de zich aan het einde van de hoger liggende kamer bevindende portie naar de onderste kamer het noodzakelijk deel van de ruimte inderdaad vrij is.
De reactiekamers hebben in hoofdzaak een vierkante of rechthoekige doorgangs-dwarsdoorsnede, waarbij zij in hoofdzaak horizontaal verlopend zijn aangebracht.
Teneinde de wrijving in de kamers voor het transport van het materiaal verder te verminderen kunnen bij uitvoering met meer etages de kamers hellend onder vorming van een scherpe hoek in het doorgeefgebied ten opzichte van elkaar zijn aangebracht.
In dit verband moet van geval tot geval worden overwogen of de hierdoor veroorzaakte hogere bouwkosten gerechtvaardigd zijn met het oog op verminderd krachtsverbruik voor het doorschuiven.
Ter vereenvoudiging van de bewaking is het doelmatig wanneer over de lengte van de verteringsbunker verdeeld in de zijwanden verschillende openingen voor controle van het proces, in het bijzonder van de beluchting, zijn aangebracht.
Voor het transport van het materiaal is het doelmatig wanneer voor het doorschuiven van de transportschilden en het terugtrekken daarvan schroefdraadspillen en/of hydraulische cylinders aanwezig zijn, aangebracht aan de eindwanden van de verteringsbunker.
De inrichting voor het uitvoeren van de werkwijze bij periodieke afzuiging van het reactiegas, de analyse en het gebruik van de - 6 - verkregen gegevens, heeft een alzijdig gesloten dwarsdoorsnede van de vormgevende voorkamer en is deze voorkamer aangesloten aan de eigenlijke reactieruimte, waarbij de reactieruimte tot een afvoergebied met een eveneens gesloten dwarsdoorsnede voor het niet meer reagerende 5 materiaal door een gasverzamelkap is afgesloten en deze kap door van bovenaf in de ruimte stekende schotten in afzonderlijke reactiedelen is verdeeld, waarbij de schotten doorlopen totaan de bovenste begrenzingslijn van de in de voorkamer gevormde geperste materiaalhoeveelheden, terwijl in overeenstemming met de reactiedelen op de bodem vein de reactieruimte 10 groepsgewijs toevoerelementen voor verwarmingsgas instelbaar zijn aangebracht, waarbij elk reactiedeel in zijn bovenste gebied gescheiden afzuigdelen vormt en deze afzuigdelen telkens via afzonderlijke leidingen met een gasverzamelruimte zijn verbonden, waarbij op deze leidingen weer leidingen voor apparaten voor gasanalyse kunnen worden aangesloten 15 en waarbij de gasverzamelruimte met een afvoerleiding is uitgerust, waarbij de vóór de uitmonding van de leidingen in de gasverzamelruimte aansluitbare gasanalyseapparaten dienen voor gebruik van de verkregen waarden.
Door deze constructie wordt bereikt enerzijds dat het periodiek in praktisch gelijke hoeveelheden toegevoerde materiaal, bij reeds gedeel-20 telijk gevulde reactieruimte, d.w.z. nadat het normale bedrijf op gang is gekomen,bij leegmaken van het toevoerdeel telkens wordt gecomprimeerd en na de toevoer van de volgende lading en de vorming van de eerder toegevoerde portie als gelijkmatig verdicht materiaallichaam uit de voorkamer in de eigenlijke reactieruimte wordt gebracht en daar stapsgewijs wordt getransporteerd 25 door de inwerking van het volgende materiaal naar het eigenlijke afvoergebied.
Reeds dit betekent ten opzichte van de bekende systemen een groot voordeel, daar verschillende verblijfstijden door ongelijkmatige afvoer geheel zijn uitgesloten. Het materiaal wordt gelijkmatig zonder restvorming of vorming van dode hoeken of dergelijke door de doorsnede van de reactie-30 ruimte gevoerd. De onderverdeling van de eigenlijke reactieruimte in afzonderlijk bestuurbare en verwarmbare of beluchtbare reactiedelen door schotten, de gescheiden afzuiging vein de reactiegassen en de meting en analyse daarvan maken de doelmatige besturing mogelijk van het gehele reactieverloop over de gehele lengte van de reactiekamer..
35 De inrichting voor het uitvoeren van de werkwijze volgens de uitvinding waarborgt daardoor het geheel voldoen aan de gestelde eisen.
In het kader van de besturing zijn de apparaten voor het uitvoeren van de gasanalyse als regeltoestellen met stuurtoestellen voor de besturing van temperaturen, doorgevoerde hoeveelheden en/of samenstellingen van de 40 over de toevoerelementen aan het materiaal toe te voeren hete gassen verbonden.
8004814 - 7 -
Door deze maatregel is een automatische besturing van het reactieverloop verkregen.
Teneinde het binnendringen van de hete gassen in het vers geperste materiaal bij doorgave naar de reactieruimte te vergemakkelijken 5 is het of elk transportschild aan zijn naar het materiaal toegekeerde vlak voorzien van op gelijkmatige afstanden op een rij aangebrachte lijsten, waarbij behalve deze rij lijsten tenminste nog een rij lijsten kan worden aangebracht, op een afstand van de eerste rij en met versprongen lijsten.
De afstand van de rijen lijsten en 10 de hoogte van de lijsten is zodanig gekozen, dat de totale hoogte van het door de lijsten in beslag genomen oppervlak van het transportschild ongeveer een derde bedraagt van de hoogte van dit schild.
Teneinde een automatische, door de zwaartekracht veroorzaakte voorontwatezing van het materiaal te bereiken, kan de bodem van de inrichting 15 dwars op de doorschuifrichting van het materiaal een helling van ongeveer 10% hebben.
Een nog beter warmtegebruik verkrijgt men wanneer voor het besturen van de biologische reactie extra warmtewisselaars zijn aangebracht, waarbij de geleiders voor het warmtemedium bij voorkeur worden gevormd 20 door een gladde matalen huid waarmee een naar buiten gerichte geprofileerde plaat is verbonden, waarbij deze warmtewisselaars de doorsnede van de kamers geheel of gedeeltelijk begrenzen.
Bij een variant van de werkwijze kan deze worden gébruikt voor ten minste gedeeltelijke verkooksing van de organische afvalstoffen.
25 De uitvinding zal hieronder nader worden toegelicht aan de hand van de tekening, waarin twee uitvoeringsvoorbeelden van de inrichting zijn weergegeven.
Fig. 1 toont een verticale doorsnede volgens I-I van fig. 2 van een verdelingsinrichting met twee etages.
30 Fig. II is een horizontale doorsnede volgens II-ÏI van fig. 1.
Fig. 3 toont een detail betreffende het afsluiten van de door-geefopening van de bovenste naar de onderste kamer,
Fig. 4 toont het aanbrengen van een scheurwals in de doorgeef- opening.
35 Fig. 5 toont schematisch in perspectief een als glijbaan uit gevoerde warmtewisselaar waarvan de dwarsdoorsnede overeenkomt met die van de kamer en waardoor de afvoer van een overschot aan processwarmte mogelijk is. De bodem van de warmtewisselaars is voorzien van inrichtingen voor regelbare beluchting.
40 Fig. 6 is een detaildoorsnede volgens VI-VI van fig. 5.
800 4 814 - 8 -
Fig. 7 toont een tweede uitvoeringsvorm van de inrichting met een etage, in verticale doorsnede volgens VII-VII van fig. 8.
Fig. 8 is een horizontale doorsnede volgens VIII-VIII van fig. 7.
Fig. 9 is een doorsnede volgens IX-IX van fig. 7 5 De in fig. 1 tot 6 weergegeven inrichting is bestemd voor een dagelijkse afvalaanvoer van ongeveer 20 m^ en heeft een bovenste verte-ringskamer 2 en een onderste verteringskamer 3, waarvan de totale capaciteit een afvalopslag mogelijk maakt van 10 dagladingen en deze stapsgewijs door de beide kamers wordt gevoerd met doorschuiving over een dagportie. Hieruit 10 volgen binnenwaartse maten «aten van de afzonderlijke, boven elkaar aangebrachte kamers 2,3 van elk ongeveer 12 bij 3 bij 3 meter, waarbij de totale hoogte van de inrichting 1, rekening houdend met de dikte van de vloer 4, de tussenvloer 5 en de bovenzijde 6, ongeveer 7 meter bedraagt.
De zijwanden zijn aangeduid met 7, de eindwand aan de toevoerzijde met 8 en de 15 eindwand aan de afvoerzijde met 9.
Verdere constructieve details van de inrichting zijn een in de bovenzijde 6 aangebrachte toevoersleuf 10, een in de tussenvloer 5 aangebrachte doorgeefsleuf 11, een in de onderste kamer 3 in de vloer 4 daarvan aangebrachte afvoerverdieping 12, een aam de achterzijde in de 20 bovenste kamer 2 aangebrachte waarneem- en reparatiesleuf 13 en in de bovenste kamer 2 aan de toevoerzijde en in de onderste kamer 3 aam de doorgeef zij de in de eindwanden 8 en 9 aangebrachte openingen 14, 15 voor het aanbrengen van later te beschrijven doorschuifelementen, waarvoor consoles 16, 17 aan de beide eindwanden 8, 9 zijn aangebracht.
25 De verteringsinrichting kam een staalconstructie of een beton constructie zijn.
Het te verteren materiaal 18 wordt door de naar omlaag afvoerende schrapertransporteur of kettingtransporteur 20 in dagporties door de toevoersleuf 10 aan de kamer 2 toegevoerd. Ter plaatse is een in de toevoer-30 stand tegen de binnenzijde van de eindwand 8 aanliggend transportschild 21 aangebracht, waarvan de afmetingen overeenkomen met de kamerdoorsnede.
Het transportschild 21 kan worden bediend door op de consoles 16 aangebrachte hydraulische cylinders 22, waarvan de zuigerstangen door de openingen 14 steken, waarbij de slag van het schild 21 overeenkomt met de 35 breedte van de toevoersleuf 10.
Aan de binnenzijde van de eindwand 9 is analoog aan de inrichting 21, 22 eveneens een door op de consoles 17 aangebrachte hydraulische cylinders 24 bedienbaar transportschild 23 aangebracht, waarvan de slag overeenkomt met de breedte van de doorgeefsleuf 11.
40 Bij bediening van het transportschild 23 wordt een overeenkomstig 8004814 * - 9 - materiaalvolume door de in de afvoerverdieping 12 aangebrachte ketting-transporteur 25 af gevoerd.
Voor de werking van het systeem wordt hier aangehouden dat het materiaal 18 in dagporties door de toevoersleuf 10 wordt toegevoerd bij 5 ingetrokken transportschild 21. Na het toevoeren wordt de bandaandrijving van de kettingtransporteur vergrendeld en wordt het toegevoerde materiaal met de slag van de cylinder 22 verplaatst. Een overeenkomstig volume van het dan reeds vijf dagen in de kamer 2 aanwezige materiaal 18 wordt door de doorgeefsleuf 18 in de onderste kamer 3 gevoerd, bij ingetrokken 10 transportschild 23.
Bij het doorgeven van dit vijf dagen oude materiaal naar de onderste kamer 3 wordt dit vermengd onder invloed van de zwaartekracht. Na beëindigen van het doorgeven wordt het transportschild 23 overeenkomstig de breedte van de doorgeefsleuf 11 bewogen en tegelijk de in de afvoer-15 verdieping 12 aangebrachte kettingtransporteur 25 in bedrijf gesteld, die een ongeveer aam het doorgeefvolume gelijk volume van het dan tien dagen in de inrichting verkerende verteerde materiaal af voert.
Teneinde ter plaatse van de doorgeefsleuf omlaag vallen van materiaal bij vooruit geschoven transportschild 23 en daardoor hinder bij het teriig-20 voeren van het schild naar de wand 9 te vermijden is een aan de binnenzijde van de wand 9 scharnierend aangebrachte vouwklep 26 eveneens scharnierend met het transportschild 23 verbonden. Deze vouwklep 26 belet met absolute zekerheid bij vooruit geschoven transportschild 23 binnendringen van materiaal 18 tussen de wand 9 en het schild 23 zodat het schild steeds 25 weer in zijn uitgangsstand kan worden teruggebracht.
Het bij het doorgeven van het materiaal naar de onderste kamer 3 ontstane losmaken van het materiaal kan door een ter plaatse van de sleuf 11 in de vloer 5 aangebrachte scheurwals 27 worden bevorderd. De sleuf 11 is naar boven (fig. 4) begrensd door een schuine kant 28 aan de tussen-30 vloer 5 en de scheurwals 27 kan worden aangedreven, in dit geval tegen de klok, d.w.z. het materiaal in de sleuf 11 trekkend. Wanneer het vermengen moeilijk is verdiend het aanbeveling boven de scheurwals 27 nog een tweede scheurwals 29 aan te brengen, zoals met gebroken lijnen is aange’geven, welke echter in de tegengestelde richting moet worden aange-35 dreven, d.w.z. in dit geval volgens de klok, teneinde materiaal van het talud 19 af te voeren en dit tegen de binnenzijde van de wand 9 te werpen.
De zich in de inrichting bevindende materiaalporties 18 kunnen via overeenkomstig groepsgewijs aangebrachte, regelbare en afzonderlijk instelbare beluchtingsinrichtingen 30 worden belucht, d.w.z. dat deze 40 inrichtingen de voor het inleidden van de biologische reactie noodzakelijke 8004814 - 10 - zuurstof toevoeren.
Teneinde de noodzakelijke doorschuifkracht binnen redelijke grenzen te houden, is het doelmatig om de beide kaner s 2 en 3 te voorzien vein een gladde huid, waarbij deze huid 31 wordt gevormd door vanadium-plaat.
5 volgens fig. 6 kan deze plaat aan de buitenzijde zijn bedekt met een contraplaat 32, met een ruggenprofiel, waarbij door de ruggen een warmte-overdrachtsmedium kan worden gevoerd, gewoonlijk met serieschakeling van de afzonderlijke gebieden.
De tweede uitvoeringsvorm volgens fig. 7 tot 9 heeft een kamer 10 met slechts £en etage. De tunnelreactor 41 wordt via een toevoeropening 48 bij tegen de begrenzingswand 49 teruggetrokken transportorganen van materiaal voorzien, waarbij de transportorganen bestaan uit een transport-schild 50 met aandrijving 51 daarvoor, bijvoorbeeld een drukmediumcylinder.
Na de toevoer van een portie materiaal 46 wordt bij gevulde re-15 actieruimte 42 de in het toevoerdeel 43 liggende portie naar de reeds in de voorkamer 44 gebrachte verdichte materiaalportie 46 gedrukt, hierbij eveneens verdicht en wordt het te voren verdichte materiaal, dat gedeeltelijk ontwaterd is, in het eerste reactiedeel 42,1 van de reactieruimte 42 gebracht. Voor de vorming van de voorkamer 44 en van het toevoerdeel 43 20 wordt opgemerkt dat de bodem 53 naar een zijde dwars op de doorschuifrichting van het materiaal licht hellend is uitgevoerd, teneinde eenvoudige voorontwatering van het materiaal mogelijk te maken, waarbij de voorkamer 44 ook naar boven door een de vorm van de materiaalhoeveelheid begrenzende bovenwand 54 is afgesloten, zodat de uit de voorkamer 44 in de reactieruimte 42 25 gebrachte materiaalhoeveelheid een bepaald volume heeft en bestaat uit een in hoofdzaak los gebonden portie 47.
Deze gebonden portie 47 wordt nu met elke nieuwe toevoer van een portie 46 aan de voorkamer 44 periodiek doorgeschoven en wordt door op ongeveer gelijke afstanden in eenheden aangebrachte toevoerelementen 55 30 voor verwarmingsgas tot reactie gebracht en daarbij ontgast.
Aan het einde van de reactieruimte 42 treedt het uit compost of kooks en in hoofdzaak fen--in~heofdzaak minerale slak bestaande restmateriaal in het afvoerdeel 45 en wordt van daar, voor zover nodig bij gelijktijdige scheiding van de afzonderlijke componenten, d.w.z. compost, slak en kooks, 35 door een niet weergegeven inrichting afgevoerd. Het afvoerdeel 45 is door een klep 56 regelbaar en overigens door een met de bovenwand 54 corresponderende bovenwand 57 afgesloten.
Tussen de bovenwanden 54 en 57 en de zijwanden 58 en 59 is een gasverzamelkap 60 aangebracht, waarvan de vorm van de genoemde begrenzings-40 lijnen 54-57, 58-59 naar de in het midden van de gasverzamelkap 60 dwars 8004814 - 11- op de döorschuifrichting verlopend en in hoofdzaak net rechthoekige dwarsdoorsnede uitgevoerde gasverzamelruimte met afvoer 63 stijgend is uitgevoerd.
De gasverzamelkap 60 is door schotten 62 in met de reactiedelen 5 42.1 tot 42.nen de als eenheden in de vloer van de reactieruimte 42 aangebrachte toevoerelementen 55 voor het verwarmingsgas overeenkomende afzuigdelen 60.1 tot 60.n verdeeld,waarbij elk afzuigdeel door afzonderlijke buisleidingen 61.1 tot 61.n met de gasverzamelruimte met afvoer 63 is verbonden.
10 In de afzonderlijke buisleidingen 61.1 tot 61.n zijn telkens gasanalyse-apparaten 64.1 tot 64.n aangebracht. De van deze apparaten verkregen meetwaarden zijn telkens regelgrootheden voor de temperatuur-en doorvoerbesturing van de in deze delen werkzame toevoerelementen 55 voor verwarmiingsgas.
15 De uit de gasverzamelruimte 63 afgevoerde gassen worden gedeel telijk weer aan het circuit voor het verwarmingsgas toegevoerd en gedeeltelijk gecondenseerd, waarbij het verdere gebruik daarvan niet hier wordt beschreven.
Het transportschild 50 van de inrichting volgens fig. 7 tot 20 9 is aan zijn naar het materiaal gekeerde vlak voorzien van verticale lijsten 70. Deze lijsten 70 zijn over de breeedte van het schild 50 op gelijke.afstanden aangebracht en hebben een hoogte van ongeveer^10% van de hoogte van het schild. BOven de aldus gevormde rij lijsten 71 is een tweede rij lijsten 72 aangebracht, met de lijsten versprongen ten opzichte 25 van elkaar gelegen, op een zodanige afstand, dat de totale hoogte van de beide rijen lijsten 71 en 72 plus de tussenafstand ongeveer een derde van de hoogte van het schild bedraagt. De lijsten 70 vormen in de gebonden materiaalporties 47 kerven die het binnentreden van het verwarmingsgas vergemakkelijken.
30 8004814

Claims (15)

1. Werkwijze voor aerobe/rertering en/of droging van organische afvalstoffen in een verteringsbunker, bestaande uit een of meer be-• resp. ontluchtbare en verwarmbare, onder elkaar in etages aangebrachte verteringskamers, waarbij het materiaal losgestort wordt toegevoerd aan 5 de inrichting,door de kamers wordt getransporteerd en na verloop van een door de tijd, die nodig is voor de vertering, bepaalde verblijfstijd, gewoonlijk ongeveer 10 dagen, uit de inrichting wordt afgevoerd, met het kenmerk, dat het materiaal periodiek met in hoofdzaak gelijke porties aan het 10 toevoerdeel van een etage, die een tunnelvormige reactiekamer vormt, in een toevoerpunt wordt toegevoerd, na het stoppen van de toevoer van een portie materiaal, deze portie door een transportelement via een vormgevende voorkamer resp. een overeenkomstig kamerdeel in de langsrichting van de kamer wordt doorgeschoven met volledige ontruiming van het toevoerdeel 15 en glijdend over een oplegvlak, en daarna het transportelement weer in zijn, uitgangsstand wordt teruggebracht, terwijl na de toevoer van ten minste een voorgaande portie de volgende portie tegen deze eerste portie wordt aangedrukt onder verdichting van de beide porties en bij de verdere stapsgewijze doorgang door de beluchtbare en verwarmbare reactieruimte van 20 de kamer in zijn verdichte toestand wordt belucht en/of verwarmd, waarbij na. volledige vulling van de kamer of kamers telkens een portie, die in volume overeenkomt met een toegevoerde portie, uit het afvoerdeel van de inrichting wordt afgevoerd.
2 Werkwijze volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat ontstaand 25 reactiegas periodiek dwars op de doorgangsrichting van het materiaal wordt afgezogen en de afgezogen hoeveelheid reactiegas eventueel wordt geanaliseerd en het resultaat van de analyse wordt gebruikt voor de besturing van de beluchting en de temperatuur.
3. Inrichting voor het uitvoeren van de werkwijze volgens conclusie 30 1, met het kenmerk, dat de porties telkens aan de kamer(2)via een in het toevoerdeel (8) in de bovenwand aangebrachte sleuf (10) door een ketting-transporteur (20) dwars op de doorschuifrichting van het materiaal (18) worden toegevoerd, waarbij de kettingtransporteur naar omlaag en in hoofdzaak over de gehele breedte van de sleuf (10) gelijkmatig afvoerend 35 is uitgevoerd, waarbij de toegevoerde materiaalportie (18) door de slag van een als transportelement werkzaam transportschild (21) in de bovenste kamer (2) transporteerbaar is en het materiaal bij reeds gevulde bovenste kamer (2) via een eveneens dwars op de doorschuifrichting ter plaatse van 8004814 - 13 - de achterwand (9) verlopende doorgeefsleuf portiegewijs naar de er onder liggende kamers (3) transporteerbaar is, terwijl door een aan de binnenzijde van de achterwand (9) aangebracht, verder als transportelement werkzaam transportschild (21),de materiaalportie (18) naar een eveneens dwars op 5 de doorschuifrichting ter plaatse van de tegenover liggende einwand (8) in de bodem aangebrachte afvoeropening (12) toevoerbaar is, waarbij de beluchting en de verwarming van de afzonderlijk, periodiek door de kamers (2,3) getransporteerde materiaalporties individueel, in overeenstemming met het verloop van de biologische reactie, in groepen door in overeenstemming met 10 de afmetingen van het oplegvlak van de afzonderlijke porties verdeeld aangebrachte beluchtings-inrichtingen (30) kan plaatsvinden.
4. Inrichting volgens conclusie 3, met het kenmerk, dat bij uitvoering van de inrichting met meer etages, door een willekeurig aantal onder elkaar aangebrachte kamers (2,3) de transportelementen (21, 23) 15 van elke kamer (2,3) van boven naar beneden na elkaar in tegengestelde richting met het transportelement van de telkens er boven gelegen kamer bedienbaar zijn, wanneer het naar beneden volgende transportelement telkens weer in zijn uitgangsstand is teruggebracht.
5. Inrichting volgens conclusie 3 of 4, met het kenmerk, dat de 20 kamers (2,3) in hoofdzaak een vierkante tot rechthoekige doorgangsdwarsdoorsnede hebben en de kamers in hoofdzaak horizontaal verlopend zijn aangebracht.
6. Inrichting volgens conclusie 3 of 4, met het kenmerk, dat bij uitvoering van de inrichting met meer,.etages,, de kamerss(2,3) hellend, onder vorming van een scherpe hoek in het overgangsgebied ten opzichte 25 van elkaar zijn uitgevoerd.
7. Inrichting volgensl een der conclusies 2 tot 6, met het kenmerk, dat over de lengte van de verteringsbunker (11,41) verdeeld aan de zijwanden verschillende openingen voor procescontrole, in het bijzonder van de beluchting zijn aangebracht.
8. Inrichting volgens een der conclusies 2 tot 7, met het kenmerk, dat de aanzet van de transportschilden (21, 23 oP 50), resp. het terugtrekken daarvan, plaatsvindt door middel van schroefdraadspillen en /of hydraulische cylinders (22, 24 of 51), welke aan de eindwanden (8,9 of 49) van de bunker (1 of 41) zijn aangebracht.
9. Inrichting voor het uitvoeren van de werkwijze volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat de dwarsdoorsnede van de vormgevende voorkamer (44) alzijdig gesloten is en op deze voorkamer de eigenlijke reactieruimte (42) aansluit, welke reactieruimte tot aan een afvoergedeelte (45) met een eveneens gesloten dwarsdoorsnede voor het niet meer reagerende 40 materiaal is afgesloten door een gasverzamelkap (60) welke door van bovenaf 8004814 - u - in de ruimte tot aan de bovenste begrenzingslijn van de in de voorkamer (44) gevormde geperste porties (47) stekende schotten is verdeeld in afzonderlijke reactiedelen (42.1 tot 42.n), waarbij corresponderend met de reactiedelen in (42.1 tot 42.n) op de bodem (43) van de reactieruimte (42) 5 groepsgewijs aangebrachte toevoerelementen (45) voor verwarmingsgas instelbaar zijn aangebracht en elk reactiedeel aan de bovenzijde een gescheiden afzuigdeel(60.1 tot 60.n) heeft, terwijl de afzuigdelen via telkens afzonderlijke leidingen (61.1 tot 61.n) met een gasverzamelruimte zijn verbonden, voorzien van een afvoerleiding, waarbij op de genoemde 10 leidingen (61.1 tot 61.n) apparaten voor gasanalyse (64.1 tot 64.n) kunnen worden aangesloten, waarbij de aansluithare gasanalyse apparaten zijn aangebracht vóór de uitmonding van de leidingen (61.1 tot 61.n) in de gasverzamelruimte (63);
10. Inrichting volgens conclusie 9, met het kenmerk, dat de 15 apparaten voor uitvoering van gasanalyses (64.1 tot 64.n) als regelapparaten zijn verbonden met besturingsinrichtingen voor besturing van temperaturen, doorgevoerde hoeveelheden en/of van de samenstelling van de via de toevoerelementen (55) aan het materiaal toe te voeren verwarmingsgassen.
11.Inrichting volgens conclusie 9 of 10, met het kenmerk, dat 20 de transportschilden (50) aan de naar het materiaal gekeerde zijde op het oppervlak daarvan zijn voorzien van op gelijke afstanden in een rij (71) aangebrachte lijsten, waarbij tenminste een volgende rij (72) lijsten op een afstand van de eerste rij kan worden aangebracht, met de lijsten onder-25 ling versprongen aangebracht.
12. Inrichting volgens conclusie 11, met het kenmerk, dat de afstand van de rijen lijsten (74, 72) tot elkaar en de hoogte van de lijsten (70) zodanig zijn gekozen, dat de totale hoogte van het door de lijsten (70) bedekte oppervlak van het transportschild (50, 21, 23) ongeveer een derde 30 van de hoogte van het schild bedraagt.
13. Inrichting volgens conclusie 9 of 10, met het kenmerk, dat de bodem (5) dwars op de doorschuifrichting van het materiaal een helling van ongeveer 10% heeft.
14. Inrichting volgens conclusie 3 of 8, met het kenmerk, dat 35 voor de besturing van de biologische reactie extra warmtewisselaars zijn aangebracht, bestaande uit een gladde metalen huid (31), verbonden met een naar buiten gerichte, geprofileerde plaat (32), waardoor kanalen voor het warmteoverdrachtsmedium zijn gevormd, welke warmtewisselaars de dwarsdoorsnede van de kamers (2,3 41) geheel of gedeeltelijk begrenzen.
15. Werkwijze volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat de 8004814 - IS - werkwijze wordt uitgevoerd voor een ten minste gedeeltelijke verkooksing van de organische afvalstoffen. ++--- 8004814
NL8004814A 1979-09-15 1980-08-26 Werkwijze en inrichting voor het aëroob verteren van organische afvalstoffen. NL190638C (nl)

Applications Claiming Priority (4)

Application Number Priority Date Filing Date Title
DE2937390 1979-09-15
DE2937390A DE2937390C2 (de) 1979-09-15 1979-09-15 Verfahren zur aeroben Verrottung von organischen Abfallstoffen
DE2948176A DE2948176C2 (de) 1979-11-30 1979-11-30 Tunnelreaktor für die Verrottung von portionsweise aufgegebenem Tierkot oder anderen organischen Stoffen
DE2948176 1979-11-30

Publications (3)

Publication Number Publication Date
NL8004814A true NL8004814A (nl) 1981-03-17
NL190638B NL190638B (nl) 1994-01-03
NL190638C NL190638C (nl) 1994-06-01

Family

ID=25781032

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL8004814A NL190638C (nl) 1979-09-15 1980-08-26 Werkwijze en inrichting voor het aëroob verteren van organische afvalstoffen.

Country Status (20)

Country Link
US (2) US4384877A (nl)
AT (1) AT372672B (nl)
AU (1) AU534379B2 (nl)
BR (1) BR8005886A (nl)
CA (1) CA1151784A (nl)
CH (1) CH645331A5 (nl)
CS (1) CS241029B2 (nl)
DD (1) DD153819A5 (nl)
DK (1) DK150628C (nl)
ES (1) ES8103666A1 (nl)
FI (1) FI67685C (nl)
FR (1) FR2464758B1 (nl)
GB (1) GB2060596B (nl)
IT (1) IT1198344B (nl)
MY (1) MY8700712A (nl)
NL (1) NL190638C (nl)
NO (1) NO152368C (nl)
PH (1) PH18599A (nl)
SE (1) SE437018B (nl)
YU (1) YU43476B (nl)

Families Citing this family (47)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
CH645331A5 (de) 1979-09-15 1984-09-28 Herbert Nemetz Verfahren zur aeroben verrottung und/oder trocknung von organischen abfallstoffen in einem verrottungsbunker sowie eine vorrichtung zu dessen ausuebung.
JPS60161385A (ja) * 1984-02-02 1985-08-23 杉浦 栄市 堆肥製造促進装置
IT1177961B (it) * 1984-08-07 1987-09-03 Sorain Cechini Spa Dispositivo di aerazione per bacini di compostaggio di biomasse
US4837153A (en) * 1984-08-22 1989-06-06 Laurenson Jr John G Compost air injection and evacuation system with improved air control
US5153137A (en) * 1984-08-22 1992-10-06 John G. Laurenson, Jr. Compost air injection and evacuation system with improved air control
US5175106A (en) * 1984-08-22 1992-12-29 Laurenson Jr John G Method and apparatus for improving efficiency of fluid use and odor control in in-vessel composting systems
DE3631170A1 (de) * 1986-07-25 1988-01-28 Mannesmann Ag Verfahren und vorrichtung zur fermentierung von rueckstaenden mit hohem anteil an organischen bestandteilen
US5256378A (en) * 1986-11-17 1993-10-26 Elston Clinton R Apparatus for composting organic waste materials and method
US4798802A (en) * 1987-07-28 1989-01-17 Ryan Richard M Method for accelerating composting of organic matter and composting reactor therefor
IT1235511B (it) * 1988-03-14 1992-09-09 Liborio Campo Tunnel compattatore a ciclo continuo con precamera a circolazione d'aria forzata per lo smaltimento aerobico dei rifiuti solidi urbani biodegradabili e per la selezione meccanizzata di quelli non biodegradabili per il riciclaggio
US5139554A (en) * 1988-07-29 1992-08-18 Ashbrook-Simon-Hartley Corporation Composting method and apparatus utilizing inclined vessel
US5023178A (en) * 1988-12-16 1991-06-11 Ashbrook-Simon-Hartley Corporation Composting method and apparatus utilizing air assist to aid in movement of organic matter
US5049486A (en) * 1989-04-14 1991-09-17 Ashbrook-Simon-Hartley Corporation Temperature monitoring apparatus and method in a composting system through which organic matter is moved to effect composting
DE3924844A1 (de) * 1989-07-27 1991-01-31 Nockemann Otto Verfahren und zugehoerige einrichtungen zur schnellen heissverrottung organischer abfaelle
US5248612A (en) * 1989-10-30 1993-09-28 Ashbrook-Simon-Hartley Corporation Apparatus for composting using improved charging and discharging sequence
US5076827A (en) * 1989-10-30 1991-12-31 Ashbrook-Simon-Hartley Corporation Method and apparatus for composting using improved charging and discharging sequence
US5096675A (en) * 1989-12-05 1992-03-17 Samsung Electron Devices Co., Ltd. Apparatus for continuous calcining in noxious gas
US5206169A (en) * 1990-05-01 1993-04-27 Bland Robert O Animal carcass compost crib
US5451523A (en) * 1990-12-04 1995-09-19 Ag Renu, Inc. Apparatus for composting organic waste material
US5190572A (en) * 1991-03-05 1993-03-02 Smith & Hawken Composting method and device
USD332851S (en) 1991-03-22 1993-01-26 Smith & Hawken Composter
US5269829A (en) * 1991-08-01 1993-12-14 Compost Technologies, Inc. Method for accelerated aerobic decomposition of vegetative organic waste material
US5417736A (en) * 1991-08-01 1995-05-23 Compost Technologies, Inc. (A Corp. Of Nebraska) Method for accelerated aerobic decomposition of vegetative organic waste material
US5204263A (en) * 1991-09-27 1993-04-20 Bedminster Bioconversion Corporation Channel cover
ES2100805B1 (es) * 1994-07-12 1998-02-16 Jarfels S A Tunel de compostaje cerrado para la obtencion de compost a partir de cualquier tipo de materia organica.
US6281001B1 (en) 1995-11-13 2001-08-28 Mcnelly James J. Process for controlled composting of organic material and for bioremediating soils
US6627434B1 (en) 1995-11-13 2003-09-30 Mcnelly James J. Method and apparatus for controlled composting and bioremediating
US6451589B1 (en) * 1999-10-25 2002-09-17 Ghd, Inc. Method and apparatus for solids processing
US7179642B2 (en) * 1999-10-25 2007-02-20 Ghd, Inc. Method and apparatus for solids processing
US20060205063A1 (en) * 2005-03-14 2006-09-14 Warren Ronald K Floor system for composting
FR2886287B1 (fr) * 2005-05-25 2007-08-24 Michel Drevet Procede de traitement d'effluents liquides par evaporation et degradation de la charge organique, installation et recipient a cet effet
CA2611292C (fr) * 2005-06-02 2011-07-05 Institut De Recherche Et De Developpement En Agroenvironnement Inc. (Irda) Procede et systeme de fabrication de biofertilisants
US7833777B2 (en) * 2005-08-22 2010-11-16 Nature Technologies International Llc Stabilized actively aerated compost tea
US8153419B2 (en) 2006-04-07 2012-04-10 Mcnelly James J Dual purpose intermodal and bioconversion container
US8129177B2 (en) * 2006-08-08 2012-03-06 Nature Mill, Inc. Composting systems and methods
CN101600659B (zh) * 2006-11-27 2013-03-06 Dvo公司 用于厌氧消化有机液体废弃物流的方法和设备
US8394271B2 (en) * 2006-11-27 2013-03-12 Dvo, Inc. Anaerobic digester employing circular tank
WO2011066393A2 (en) 2009-11-25 2011-06-03 Ghd, Inc. Biosolids digester and process for biosolids production
FI123721B (fi) * 2010-09-28 2013-10-15 Savaterra Oy Orgaanisen jätteen käsittely
US8757092B2 (en) 2011-03-22 2014-06-24 Eco-Composites Llc Animal bedding and associated method for preparing the same
US9737047B2 (en) 2011-03-22 2017-08-22 Ccd Holdings Llc Method for the treatment, control, minimization, and prevention of bovine mastitis
USD665961S1 (en) 2011-05-03 2012-08-21 Nature Mill, Inc. Compost tray
USD658839S1 (en) 2011-05-03 2012-05-01 Nature Mill, Inc. Compost machine
CA143397S (en) * 2011-06-02 2012-12-10 Asfc Sgps Sa Container for waste material
CN108147858A (zh) * 2018-03-02 2018-06-12 轻工业环境保护研究所 一种阶段鼓风堆肥装置
CN118376052B (zh) * 2024-06-21 2024-08-30 山西达进活性炭科技有限公司 一种烘干转炉
CN120818424B (zh) * 2025-09-17 2025-12-09 山西荣欣酿造有限公司 一种多菌种发酵设备及其发酵工艺

Family Cites Families (11)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US646820A (en) 1899-11-14 1900-04-03 William Foulis Apparatus for charging retorts.
GB609768A (en) * 1946-03-21 1948-10-06 Charles Goodall Improvements relating to grass or like drying apparatus
FR1583541A (nl) * 1967-08-12 1969-11-07
GB1323676A (en) * 1969-07-09 1973-07-18 Int Combustion Holdings Ltd Composting material
FR2116291A1 (en) * 1970-12-04 1972-07-13 Int Combustion Ltd Composting appts for domestic sewage
CH554818A (de) * 1971-01-21 1974-10-15 Kaelin J R Verfahren und einrichtung zum biologischen abbauen von aufbereitetem muellklaerschlammgemisch zu erdsubstanz.
ZA743720B (en) * 1973-07-11 1975-08-27 Ohio Feed Lot Process for aerobic thermophilic decomposition of organic waste
DE2519618C3 (de) * 1975-05-02 1982-04-29 Jung, Hermann, Dr., 4060 Viersen Vorrichtung zur maschinellen Schnell-Kompostierung von Klärschlamm und anderen flüssigen, halbfesten oder festen Abfallstoffen sowie von Gemischen aus diesen
DE2809344C2 (de) * 1978-03-03 1984-01-19 Gebrüder Weiss KG, 6340 Dillenburg Verfahren zum Kompostieren von organischen Abfällen und/oder Klärschlamm
DE2844481C2 (de) * 1978-10-12 1985-08-29 Lindemann Maschinenfabrik GmbH, 4000 Düsseldorf Verfahren und Anlage zum aeroben Kompostieren und Entseuchen von gemischten Siedlungsabfällen
CH645331A5 (de) 1979-09-15 1984-09-28 Herbert Nemetz Verfahren zur aeroben verrottung und/oder trocknung von organischen abfallstoffen in einem verrottungsbunker sowie eine vorrichtung zu dessen ausuebung.

Also Published As

Publication number Publication date
MY8700712A (en) 1987-12-31
US4384877A (en) 1983-05-24
DD153819A5 (de) 1982-02-03
IT1198344B (it) 1988-12-21
NO802414L (no) 1981-03-16
NL190638B (nl) 1994-01-03
BR8005886A (pt) 1981-03-24
AU534379B2 (en) 1984-01-26
NO152368B (no) 1985-06-10
FR2464758B1 (fr) 1985-11-15
IT8023759A1 (it) 1982-01-28
CH645331A5 (de) 1984-09-28
AU6076380A (en) 1981-03-19
DK150628C (da) 1987-10-05
YU206780A (en) 1983-12-31
FR2464758A1 (fr) 1981-03-20
DK385680A (da) 1981-03-16
YU43476B (en) 1989-08-31
NL190638C (nl) 1994-06-01
FI802697A7 (fi) 1981-03-16
CS241029B2 (en) 1986-03-13
ES494481A0 (es) 1981-03-16
FI67685B (fi) 1985-01-31
CA1151784A (en) 1983-08-09
SE8006081L (sv) 1981-03-16
ES8103666A1 (es) 1981-03-16
AT372672B (de) 1983-11-10
GB2060596A (en) 1981-05-07
PH18599A (en) 1985-08-15
FI67685C (fi) 1985-05-10
IT8023759A0 (it) 1980-07-28
CS544180A2 (en) 1985-06-13
DK150628B (da) 1987-04-27
NO152368C (no) 1985-09-18
SE437018B (sv) 1985-02-04
US4436817A (en) 1984-03-13
GB2060596B (en) 1984-07-11
ATA372980A (de) 1983-03-15

Similar Documents

Publication Publication Date Title
NL8004814A (nl) Werkwijze voor de aerobe vertering en/of droging van organische afvalstoffen in een verteringsbunker, en inrichting voor het uitvoeren van deze werkwijze.
AU2001287366B2 (en) Improved organic material treatment apparatus, system and method
DE3204471C2 (nl)
AU2001287366A1 (en) Improved organic material treatment apparatus, system and method
EP0683759B1 (en) Continuous composter
JPS637111B2 (nl)
EP0091495A1 (en) Apparatus for transforming liquid and solid waste and biodegradable mud/slime into fertilizer, using earth worms
US5846815A (en) Continuous composter having self contained aerating zones
US6393722B1 (en) Chamber and installation for drying animal waste
US3142557A (en) Method of converting waste material into fertilizer
CA2107646C (en) Composting plant
DE102007032013B4 (de) Vorrichtung zur Aufbereitung und Entsorgung von Klärschlamm
DE29902143U1 (de) Vorrichtung zur Methanisierung von Substraten unterschiedlicher Konsistenz in einem kontinuierlich bzw. semikontinuierlich arbeitenden Gleitschicht-Fermenter
DE2948176C2 (de) Tunnelreaktor für die Verrottung von portionsweise aufgegebenem Tierkot oder anderen organischen Stoffen
RU2789555C1 (ru) Универсальный комплекс оборудования для обезвоживания, сбора и транспортировки мелкодисперсных отходов
JPH01503704A (ja) 腐食装置
DE2833736C2 (de) Vorrichtung zur Energiegewinnung bei der Beseitigung von organischen Stoffen
JPS5888193A (ja) 有機固体の好気性腐敗発酵装置
DE29623667U1 (de) Für ortsfesten oder transportablen Einsatz verwendbare Komponente zum Biorecycling von Stoffen
KUTER et al. Composting Food Processing Wastes
CN102515899A (zh) 一种利用网床养鸭粪便生产有机肥的方法及其生产系统
CZ29831U1 (cs) Zařízení pro anaerobní digesci tekuté vsázky
CZ2016472A3 (cs) Způsob míchání tekuté vsázky v zařízení pro anaerobní digesci
JPS594400B2 (ja) 有機質廃棄物の堆肥化発酵槽

Legal Events

Date Code Title Description
A85 Still pending on 85-01-01
BA A request for search or an international-type search has been filed
BB A search report has been drawn up
BC A request for examination has been filed
V1 Lapsed because of non-payment of the annual fee