[go: up one dir, main page]

NL2036285B1 - Intraoculaire lens ingericht om in een oog aangebracht te worden en werkwijze voor het vervaardigen daarvan - Google Patents

Intraoculaire lens ingericht om in een oog aangebracht te worden en werkwijze voor het vervaardigen daarvan Download PDF

Info

Publication number
NL2036285B1
NL2036285B1 NL2036285A NL2036285A NL2036285B1 NL 2036285 B1 NL2036285 B1 NL 2036285B1 NL 2036285 A NL2036285 A NL 2036285A NL 2036285 A NL2036285 A NL 2036285A NL 2036285 B1 NL2036285 B1 NL 2036285B1
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
lens
profile
radial distance
range
intraocular lens
Prior art date
Application number
NL2036285A
Other languages
English (en)
Inventor
Theodorus Henry De Jeer Leonardus
Leonard Eldering Gustaaf
Biemold Peter
Original Assignee
Ophtec Bv
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Ophtec Bv filed Critical Ophtec Bv
Priority to NL2036285A priority Critical patent/NL2036285B1/nl
Priority to PCT/NL2024/050621 priority patent/WO2025105960A1/en
Application granted granted Critical
Publication of NL2036285B1 publication Critical patent/NL2036285B1/nl

Links

Classifications

    • AHUMAN NECESSITIES
    • A61MEDICAL OR VETERINARY SCIENCE; HYGIENE
    • A61FFILTERS IMPLANTABLE INTO BLOOD VESSELS; PROSTHESES; DEVICES PROVIDING PATENCY TO, OR PREVENTING COLLAPSING OF, TUBULAR STRUCTURES OF THE BODY, e.g. STENTS; ORTHOPAEDIC, NURSING OR CONTRACEPTIVE DEVICES; FOMENTATION; TREATMENT OR PROTECTION OF EYES OR EARS; BANDAGES, DRESSINGS OR ABSORBENT PADS; FIRST-AID KITS
    • A61F2/00Filters implantable into blood vessels; Prostheses, i.e. artificial substitutes or replacements for parts of the body; Appliances for connecting them with the body; Devices providing patency to, or preventing collapsing of, tubular structures of the body, e.g. stents
    • A61F2/02Prostheses implantable into the body
    • A61F2/14Eye parts, e.g. lenses or corneal implants; Artificial eyes
    • A61F2/16Intraocular lenses
    • A61F2/1613Intraocular lenses having special lens configurations, e.g. multipart lenses; having particular optical properties, e.g. pseudo-accommodative lenses, lenses having aberration corrections, diffractive lenses, lenses for variably absorbing electromagnetic radiation, lenses having variable focus
    • A61F2/1616Pseudo-accommodative, e.g. multifocal or enabling monovision
    • AHUMAN NECESSITIES
    • A61MEDICAL OR VETERINARY SCIENCE; HYGIENE
    • A61FFILTERS IMPLANTABLE INTO BLOOD VESSELS; PROSTHESES; DEVICES PROVIDING PATENCY TO, OR PREVENTING COLLAPSING OF, TUBULAR STRUCTURES OF THE BODY, e.g. STENTS; ORTHOPAEDIC, NURSING OR CONTRACEPTIVE DEVICES; FOMENTATION; TREATMENT OR PROTECTION OF EYES OR EARS; BANDAGES, DRESSINGS OR ABSORBENT PADS; FIRST-AID KITS
    • A61F2/00Filters implantable into blood vessels; Prostheses, i.e. artificial substitutes or replacements for parts of the body; Appliances for connecting them with the body; Devices providing patency to, or preventing collapsing of, tubular structures of the body, e.g. stents
    • A61F2/02Prostheses implantable into the body
    • A61F2/14Eye parts, e.g. lenses or corneal implants; Artificial eyes
    • A61F2/16Intraocular lenses
    • A61F2002/1681Intraocular lenses having supporting structure for lens, e.g. haptics
    • GPHYSICS
    • G02OPTICS
    • G02CSPECTACLES; SUNGLASSES OR GOGGLES INSOFAR AS THEY HAVE THE SAME FEATURES AS SPECTACLES; CONTACT LENSES
    • G02C7/00Optical parts
    • G02C7/02Lenses; Lens systems ; Methods of designing lenses
    • G02C7/04Contact lenses for the eyes
    • G02C7/041Contact lenses for the eyes bifocal; multifocal
    • G02C7/044Annular configuration, e.g. pupil tuned

Landscapes

  • Health & Medical Sciences (AREA)
  • Ophthalmology & Optometry (AREA)
  • Cardiology (AREA)
  • Oral & Maxillofacial Surgery (AREA)
  • Transplantation (AREA)
  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Biomedical Technology (AREA)
  • Heart & Thoracic Surgery (AREA)
  • Vascular Medicine (AREA)
  • Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
  • Animal Behavior & Ethology (AREA)
  • General Health & Medical Sciences (AREA)
  • Public Health (AREA)
  • Veterinary Medicine (AREA)
  • Prostheses (AREA)

Abstract

l l De vinding heeft betrekking op een intraoculaire lens ingericht om in een oog aangebracht te worden en werkWij ze voor het vervaardigen daarvan. De lens volgens de vinding omvat : - een optisch element van een flexibel optisch materiaal; en - ten minste een met het optisch element verbonden haptisch element dat is voorzien van een verbindingsdeel ingericht voor het verbinden van de lens met een oogdeel, waarbij het optisch element is voorzien van een lenssterkteprofiel, waarbij het profiel buiten het centrum van de lens, gezien in radiale richting van de lens, is voorzien van ten minste een toenemend profiel over een eerste radiale afstand en ten minste een afnemend profiel over een tweede radiale afstand.

Description

INTRAOCULAIRE LENS INGERICHT OM IN EEN OOG AANGEBRACHT TE WORDEN
EN WERKWIJZE VOOR HET VERVAARDIGEN DAARVAN
De vinding betreft een intraoculaire lens (IOL) ingericht om in een oog gebracht te worden.
Een dergelijke lens wordt veelal via een incisie in het oog gebracht en daar vastgezet met behulp van haptische elementen. Dergelijke intraoculaire lenzen worden onder meer toegepast ter vervanging van de natuurlijke lens, bijvoorbeeld in geval van een staaroperatie, of worden geplaatst als aanvulling van de natuurlijke lens, bijvoorbeeld bij presbyopie.
Conventionele intraoculaire lenzen worden ingebracht met behulp van een mcisie. Door de lens te vervaardigen uit een flexibel materiaal is deze vouwbaar en kan de incisie van beperkte afmetingen worden voorzien. De lenzen zijn voorzien van een optisch element alsook één of meer haptische elementen waarmee de lens vastgezet kan worden in of aan het oog.
Uit de praktijk zijn diverse lenzen bekend die veelal zijn voorzien van een monofocaal ontwerp. Dergelijke monofocale lenzen zijn in de praktijk goed vervaardigbaar en leveren veelal een goed zicht op, met name voor zicht op grote afstand (“distance vision”), dat wil zeggen een afstand van meer dan 2,0 meter.
Teneinde het zicht ook op middelgrote afstand (“intermediate vision”) te verbeteren zijn aangepaste lenssterkteprofielen voor de lenssterkte ontwikkeld. Hierbij wordt het zicht op middelgrote afstand, dat wil zeggen vanaf zo'n 66 cm vanaf het oog tot zo’n 2.0 meter, verbeterd.
Een probleem hierbij is dat dit ten koste gaat van het zicht op grote afstand. Dit is ongewenst.
Tevens kunnen dergelijke aangepaste profielen een nadelig effect hebben op het vermijden van storende effecten ten aanzien van bijvoorbeeld halo’s en glare. Dit verlaagt in de praktijk het comfort van gebruikers van de lens.
De onderhavige vinding heeft tot doel bovenstaande problemen op te heffen of tenminste te verminderen en een in de praktijk bruikbare lens te verschaffen, waarmee naast het zicht op grote afstand ook het zicht op middelgrote afstand wordt verbeterd, en nadelige effecten worden tegengegaan/gecompenseerd.
Dit doel wordt bereikt met een intraoculaire lens volgens de vinding welke is ingericht om in een oog gebracht te worden, de lens omvattende: — een optisch element van een flexibel optisch materiaal; en — ten minste één met het optisch element verbonden haptisch element dat is voorzien van een verbindingsdeel ingericht voor het verbinden van de lens met een oogdeel. waarbij het optisch element is voorzien van een lenssterkteprofiel, waarbij het profiel buiten het centrum van de lens, gezien in radiale richting van de lens, is voorzien van ten minste één toenemend profiel over een eerste radiale afstand en ten minste één afnemend profiel over een tweede radiale afstand.
De intraoculaire lens (IOL) volgens de vinding is voorzien van een optisch element van een flexibel optisch materiaal. Door gebruik te maken van een flexibel materiaal is de lens vouwbaar zodanig dat deze op effectieve wijze met behulp van een incisie in het oog te brengen is. De lens is voorts voorzien van ten minste één haptisch element met een verbindingsdeel dat is mgericht om met een oogdeel verbonden te worden. Dergelijke haptische elementen kunnen op verschillende wijze worden vormgegeven, onder meer afhankelijk van de specifieke toepassing.
Het optisch element is voorzien van een lenssterkteprofiel, dat ook wel wordt aangeduid als een optisch power profiel of dioptrisch power profiel. Een dergelijk lenssterkteprofiel betreft het verloop van de dioptrie (lenssterkte) over het vlak van de lens in radiale richting. Indien het lenssterkteprofiel gezien in alle richtingen vanuit het centrum van de lens gelijk is wordt ook wel gesproken van een radiaal lenssterkteprofiel, welke desgewenst ook van dioptrie in elke richting kan variëren zodat er een aanvullend torisch profiel ontstaat.
Volgens de vinding is het profiel buiten het centrum van de lens, gezien de radiale richting van de lens, voorzien van ten minste één toenemend profiel over een eerste radiale afstand en ten minste éên afnemend profiel over een tweede radiale afstand. Een dergelijk profiel is in een momenteel geprefereerde uitvoeringsvorm in alle radiale richtingen in hoofdzaak gelijk, zodat in deze geprefereerde uitvoeringsvorm gesproken kan worden van een radiaal lenssterkteprofiel voorzien van ten minste één toenemend en ten minste één afnemend profiel gezien in radiale richting. Alternatief behoort het ook tot de mogelijkheden om in één of enkele richtingen, gezien vanuit het centrum van de lens, dergelijke profielen te voorzien.
Het lenssterkteprofiel van de intraoculaire lens volgens de vinding 1s voorts voorzien van een profiel dat bij voorkeur in of nabij het centrum van de lens is ingericht voor afstandszicht (“distance vision”) gericht op een afstand van meer dan 2,0 meter vanaf het oog. waarbij het deel van de lens gelegen tussen het centrum en de rand ten minste gedeeltelijk is gericht op het verbeteren van het zicht op de middelgrote afstand (“intermediate vision”) dat relateert aan de afstand van zo'n 66 cm tot 2,0 m vanaf het cog.
Volgens de vinding is in dit bereik tussen het centrum en de rand van de lens cen eerste radiale afstand voorzien, waarin de sterkte van de lens toencemt gezien in de radiale richting vanaf het centrum van de lens, en 1s cen tweede radiale afstand voorzien, waarin de sterkte afnemend is.
Uit testen blijkt dat met name het zicht op middelgrote afstand hierdoor significant wordt verbeterd. In het bijzonder wordt met het lenssterkteprofiel van de intraoculaire lens volgens de onderhavige vinding het zicht op middelgrote afstand verbeterd, zonder een substantieel verlies aan zicht op grote afstand. Een bijkomend effect van een dergelijk lenssterkteprofiel is dat sferische aberratie wordt vermeden of tenminste wordt gecompenseerd. Hierdoor is de lens uitermate geschikt om in de praktijk ingezet te worden in divers toepassingen, in het bijzonder voor cataract (staar) en brilvervangende oogheelkundige toepassingen. In dergelijke toepassingen wordt de natuurlijke lens geheel verwijderd en vervangen door de intraoculaire lens volgens de vinding. In een alternatieve toepassing kan ook gebruik worden gemaakt van de lens volgens de vinding, bijvoorbeeld bij presbyopie.
Voorts is gebleken dat de lens volgens de vinding minder hinder ondervindt van zogeheten halo of glare effecten, en daarbij resulteert in een betere neuroadaptatie voor de gebruiker. Hiermee wordt het gebruiksgemak/comfort voor de gebruiker van de intraoculaire lens volgens de vinding verder verbeterd.
In een voordelige uitvoeringsvorm volgens de vinding zijn de eerste radiale afstand en de tweede radiale afstand gelegen in het bereik van 0,5-2,5 mm vanuit het centrum van de lens.
Door de eerste en tweede radiale afstanden te voorzien m het genoemde bereik wordt bewerkstelligd dat het centrum van de lens gebruikt kan worden voor het zicht op grote afstand en worden ongewenste effecten nabij de buitenrand van de lens vermeden.
In een momenteel geprefereerde uitvoeringsvorm volgens de vinding is, gezien vanuit het centrum van de lens, eerst de eerste radiale afstand gepositioneerd waarin de sterkte (dioptrie) van de lens toeneemt, bijvoorbeeld tot een waarde boven 1,0 D, waama de eerste radiale afstand overgaat in de tweede radiale afstand waarin de sterkte van de lens afneemt tot bijvoorbeeld 0 D, en bij voorkeur verder afneemt tot een negatieve waarde van bijvoorbeeld -0,5 D.
Bij voorkeur worden overgangen tussen de eerste en tweede radiale afstand, alsmede tussen de overige veranderingen van lenssterkte, geleidelijk doorgevoerd zodat abrupte overgangen worden vermeden. Dergelijke abrupte overgangen zijn zichtbaar in het lenssterkteprofiel als een knik. Door in de momenteel geprefereerde uitvoeringsvormen een geleidelijke verandering van lenssterkte te realiseren worden knikken en de eventueel daarmee gepaard gaande negatieve effecten vermeden.
Dit vergroot het comfort voor de gebruiker van de intraoculaire lens in een dergelijke uitvoeringsvorm volgens de vinding.
Bij voorkeur zijn de eerste en tweede radiale afstand gelegen in het bereik van 1,0 tot 2,0 mm gezien vanuit het centrum van de lens. De hiervoor genoemde voordelen worden in deze voorkeursuitvoeringsvorm verder versterkt doordat met name de eventueel optredende negatieve effecten, waaronder bijvoorbeeld sferische aberratie, verder worden gecompenseerd. Dit tegengaan van dergelijke negatieve effecten kan nog verder worden versterkt door “knikken” in het lenssterkteprofiel zoveel mogelijk te vermijden.
In een momenteel geprefereerde uitvoeringsvorm heeft het lenssterkteprofiel een toenemende sterkte over een eerste radiale afstand in het bereik van 0,5 tot 1,5 mm, met meer voorkeur in het bereik van 1,0 tot 1,5 mm gezien vanuit het centrum van de lens.
Door de eerste radiale afstand te laten starten vanaf 0.5 of bij voorkeur zelfs vanaf 1,0 mm vanuit het centrum van de lens, beïnvloedt het lenssterkteprofiel niet het zicht op grote afstand dat met de lens volgens de vinding in hoofdzaak wordt bepaald door het centrum van de lens en de nabije omgeving daarvan.
Bij voorkeur is de tweede radiale afstand voorzien op een grotere radiale afstand dan de eerste radiale afstand ten aanzien van het centrum, en ligt bij voorkeur in het bereik van 1.5 tot 2.5 mm vanuit het centrum van de lens, en met meer voorkeur in het bereik van 1,5 tot 2,0 mm vanuit het centrum van de lens. Hierdoor worden randeffecten in de buitenomtrek van de lens vermeden.
In een voordelige uitvoeringsvorm volgens de vinding is het lenssterkteprofiel voorzien van een piek buiten het centrum van de lens, bij voorkeur op een afstand van zo’n 1,5 mm vanuit het centrum van de lens gelegen bij de overgang van de eerste naar de tweede radiale afstand. Bij voorkeur heeft de piek een waarde in het bereik van 1.0 tot 1,5 D. Met nog meer voorkeur heeft de piek een waarde van zo’n 1,2 D. Het zal duidelijk zijn dat de absolute waarden voor de lenssterkte afhankelijk zijn van de omstandigheden voor de toepassing van de lens, alsmede de verdere karakteristieken van de lens, waaronder afmetingen en materialen.
In een voordelige uitvoeringsvorm volgens de vinding is het lenssterkteprofiel voorzien van een derde radiale afstand, waarbij de derde radiale afstand een toenemende sterkte heeft gezien in radiale richting vanuit het centrum van de lens.
Door bij voorkeur direct aansluitend op de tweede radiale afstand, met een afnemende sterkte, een derde radiale afstand met toenemende lenssterkte te voorzien, kan de sferische aberratie verder worden gecompenseerd, terwijl het zicht op de middelgrote afstand is verbeterd. In een dergelijke voorkeursuitvoeringsvorm is het profiel voorzien van een dal ten aanzien van de lenssterkte welke is gelegen buiten het centrum van de lens. Een dergelijk dal ligt bij voorkeur in de overgang van de tweede naar de derde radiale afstand, bij voorkeur in het bereik van 1,5 tot 2,0 mm vanuit het centrum van de lens. Dit dal komt overeen met bij voorkeur de minimale lenssterkte van de lens en ligt in een momenteel geprefereerde uitvoeringsvorm lager dan -0,3 D, en ligt bij voorkeur in het bereik van -0,3 tot -1,0 D. Met meer voorkeur heeft de lenssterkte een dal in het bereik van -0,3 tot -0,55 D, en bedraagt bijvoorbeeld -0,4 D. De stijging van de lenssterkte in de derde radiale afstand loopt bij voorkeur vanaf het dal tot de “basis” lenssterkte die bij voorkeur in hoofdzaak gelijk is aan de lenssterkte in het centrum van de lens. Het zal duidelijk zijn dat andere lenssterkten en andere profielen ook denkbaar zijn volgens de vinding.
Uit testen is gebleken dat hiermee ongewenste effecten verder worden tegengegaan/gecompenseerd. waaronder de sferische aberratie met name tijdens schemerperiodes of nachtperiodes.
In een verdere voordelige uitvoeringsvorm volgens de vinding is het verbindingsdeel van het haptisch element ingericht voor het verbinden van de lens met een oogdeel ter vervanging van de natuurlijke lens.
Door het haptisch element in te richten voor het verbinden van de lens met cen oog, in het bijzonder een oogdeel daarvan, is het mogelijk een natuurlijke lens te vervangen. Dit kan bijvoorbeeld plaatsvinden tijdens een zogeheten staaroperatie.
De onderhavige vinding heeft tevens betrekking op een werkwijze voor het vervaardigen van 5 een intraoculaire lens, waarbij de werkwijze omvatten de stappen: — het verschaffen van een optisch element van een flexibel optisch materiaal: — het verschaffen van ten minste één haptisch element dat is voorzien van een verbindingsdeel voor het verbinden van het haptisch element met het optisch element; — het aanbrengen van een lenssterkteprofiel, waarbij het profiel in radiale richting van de lens is voorzien van ten minste één toenemend profiel over een eerste radiale afstand en ten mmste één afnemend profiel over een tweede radiale afstand.
Een dergelijke werkwijze biedt soortgelijke voordelen en effecten als beschreven voor de lens.
Het zal tevens duidelijk zijn dat de werkwijze desgewenst verschillende stappen kan omvatten voor het aanbrengen van een profiel zoals voorgaand beschreven in relatie tot de intraoculaire lens. Met name het aanbrengen van een profiel dat gezien vanuit centrum van de lens in radiale richting naar de buitenomtrek van de lens over een eerste radiale afstand een stijging van de lenssterkte laat zien, na het bereiken van de piek wordt gevolgd door een tweede radiale afstand resulterend in een negatieve lenssterkte. en na het bereiken van een dergelijk dal, over een derde radiale afstand een stijgende lenssterkte laat zien tot de “basis” lenssterkte die bij voorkeur in hoofdzaak gelijk is aan de lenssterkte in het centrum van de lens. Het zal duidelijk zijn dat andere lenssterkten en andere profielen ook denkbaar zijn volgens de vinding.
Verdere voordelen, kenmerken en details van de vinding worden toegelicht aan de hand van voorkeursuitvoeringsvormen daarvan, waarbij verwezen wordt naar de bijgevoegde figuren. waarin tonen: — Figuur 1 een aanzicht van een intraoculaire lens volgens de vinding: — Figuur 2A een 3D-aanzicht van een conventioneel lenssterkteprofiel: — Figuur 2B een 3D-aanzicht van een lenssterkteprofiel in een uitvoeringsvorm volgens de vinding; — Figuur 3A een conventioneel lenssterkteprofiel zoals weergegeven in figuur 2A; — Figuur 3B een lenssterkteprofiel in een uitvoeringsvorm volgens de vinding zoals weergegeven in figuur 2B; — Figuur 4 resultaten met een lenssterkteprofiel volgens figuur 3B; en — Figuren SA-C testresultaten met een intraoculaire lens volgens de vinding.
Intraoculaire lens 2 (figuur 1) is voorzien van optiek 4 met lenscentrum 6, omtrekrand 8 en haptische elementen 10. In de getoonde uitvoeringsvorm van lens 2 zijn haptische elementen 10 gebogen uitgevoerd. Het zal duidelijk zijn dat het ook tot de mogelijkheden volgens de vinding behoort haptische elementen 10 van een andere vorm toe te passen. Voorts is het mogelijk het aantal haptische elementen 10 te variëren, bijvoorbeeld door gebruik te maken van een enkel haptisch element.
Het materiaal van lens 2, in het bijzonder van optiek 4 daarvan, betreft bij voorkeur een hydrofoob of hydrofiel materiaal, bijvoorbeeld een siliconen materiaal en/of hydrofiel of hydrofoob acrylaat. Haptisch element 10 kan zijn voorzien uit eenzelfde materiaal of uit een ander bij voorkeur stugger of stijver materiaal, bijvoorbeeld (“compression moulded”) PMMA (polymethyl methacrylate) of PES (polvethersulfone), of andere geschikte materialen.
Conventionele lens 12 (figuur 2A) is voorzien van optiek 14, buitenrand 16, centrum 18, en haptische elementen 20. 3D-lenssterkteprofiel 11 bestaat uit piek 11a in centrum 18 gevolgd door een dalende lenssterkte naar buitenrand 16 (figuur 3A). In de getoonde uitvoeringsvorm is sprake van een continu dalende lenssterkte voor profiel 11, waarbij tevens nog een aantal knikken 11b in lenssterkteprofiel 11 zijn aangebracht.
Lens 2 volgens een uitvoeringsvorm volgens de vinding vertoont een lenssterkteprofiel 21 (figuur 2B en figuur 3B) die nabij centrum 8 is voorzien basis lenssterkteniveau 22 die in de getoonde uitvoeringsvorm in radiale richting r over een afstand van iets meer dan | mm constant blijft. waarnaar over eerste radiale afstand 24 de lenssterkte toeneemt tot piek 26. In de getoonde uitvoeringsvorm is piek 26 zo’n 1,2 D. Vanaf piek 26 neemt lenssterkte af over een afstand 28 tot dal 30. In de getoonde uitvoeringsvorm ligt dal 30 op ongeveer -0,6 D. Vervolgens neemt de lenssterkte toe over derde radiale afstand 32 totdat basisniveau 22 weer is bereikt. In deze getoonde uitvoeringsvorm vindt dat plaats op ongeveer 2,0 mm vanuit centrum 8 van lens 2.
In de getoonde uitvoeringsvorm voor lens 2 is basisniveau 22 met name relevant voor het zicht op grote afstand. dat wil zeggen in het bijzonder een afstand groter dan 2,0 m. Basisniveau 22 loopt vanuit centrum 8 van lens 2 tot het begin van de eerste radiale afstand 24 op zo’n 1,2 mm vanuit centrum 8. In de eerste radiale afstand 24 stijgt de lenssterkte tot piek 26 op zo’n 1,35 mm vanuit centrum 8. Dit verbetert het zicht in met name de middelgrote afstand, dat wil zeggen in het bijzonder de afstand van 66 cm tot 2,0 m vanaf het oog. Vanaf dal 30 op zo’n 1,6 mm vanuit het centrum begint derde radiale afstand 32 welke eindigt op zo’n 2,0 mm vanuit het centrum 8 van lens 2.
In de getoonde uitvoeringsvorm zijn de radiale afstanden 24, 28, 32 direct aansluitend voorzien. Dit maakt een geleidelijke overgang tussen afzonderlijke delen relatief eenvoudig. Het zal duidelijk zijn dat ook alternatieve uitvoeringsvormen, bijvoorbeeld met toepassing van een soort van plateaus ter plaatse van de piek 26, dal 30 en/of tussengelegen delen. ook mogelijk zijn.
Door de geleidelijke overgang(en) in getoond profiel 21 worden negatieve effecten zoveel mogelijk tegengegaan/gecompenseerd. Door de tweede radiale afstand en de afnemende lenssterkte te realiseren die eindigt in dal 30 bij een negatieve lenssterkte gevolgd door derde radiale afstand
32 waarmee lenssterkte bij voorkeur wordt teruggebracht naar basisniveau 22 worden nadelige effecten zoals sferische aberratie nog verder gecompenseerd.
Lens 2 is getest in diverse experimenten. In deze experimenten is onder meer gekeken naar de zogeheten “modulation transfer function (MTF)”. Deze “through-focus MTF” wordt veelal gebruikt bij het testen van intraoculaire lenzen. In een aantal van deze experimenten is lens 21 vergeleken met een conventionele monofocale lens. Hierbij zijn beide lenzen voorverwarmd op 35 °C op een warmteplaat binnen een marge van +/ -2 °C. De lenzen zijn gemeten met een Nimo
VISU met IOL Mentor. In de hier besproken resultaten van één van deze experimenten is sprake van een 4 mm (pupil-)opening en een +0,28 um aberratie. Voor de data-analyse is gebruik gemaakt van MATLAB, waarbij weergegeven resultaten (figuur 4) zodanig zijn dat de pieken voor oneindige afstand zijn gesteld op 0,0 D defocus. De weergegeven MTF waarden is de gemiddelde
MTF waarde voor de frequenties van 10 tot 15 Ip/mm.
In de resultaten (figuur 4) is een kenmerkend verschil in de defocus resultaten aangeduid met cen EDoF-pijl (“extended depth of focus”). Dit verschil loopt van ongeveer -0,85 D tot 1,75 D.
Deze resultaten laten voor lens 2 een verbeterde EDoF zien wat resulteert in een beter zicht op met name de middelgrote afstand. Gebruik van lens 2 laat dan ook een verbeterd zicht zien op middelgrote afstand zonder een relevant verlies aan zicht op lange/grote afstand. Tevens worden negatieve effecten zoals sferische aberratie tegengegaan/gecompenseerd. Dit resulteert tevens in een verbeterd comfort voor de gebruiker van lens 2.
In verdere testen met lens 2 in vergelijking met een conventionele monofocale lens is naast de
MTF grafiek en de through-focus MTF grafiek. ook de zogeheten “postoperative logMAR visual acuity (VA)” als maat voor het succes van de operatie bepaald. Testen zijn uitgevoerd bij 3,0 en 4,5 mm (pupil-Jopening en cen +0.28 um aberratie op 5,15 mm. Testen zijn verder uitgevoerd bij een defocus in het bereik van +1,0 tot -2 D. Voor het bepalen van de grootte van halos bij een 4,5 mm opening is gebruik gemaakt van een zogeheten “polychromatic point spread function (PSF).
Resultaten zijn weergegeven in figuren SA-C. De MTF grafiek (figuur 5A) voor de beste focus voor een 4,5 mm (pupil-)opening toont een sterke overeenkomst tussen de beide lenzen met betrekking tot het zicht op grote afstand. De through-focus MTF grafiek (figuur 5B) bij 50 Ip/mm toont voor een 3.0 mm (pupil-Jopening een groter through-focus bereik met een grotere piekbreedte voor lens 2 in vergelijking met de conventionele lens, alsmede een secundaire piek bij ongeveer -1,5 D. De logMAR VA grafiek (figuur 5C) toont voor grote afstand soortgelijke resultaten voor beide lenzen met een piek nabij -0,1 logMAR. Lens 2 toont daarentegen betere prestaties in het defocus bereik van -0,50 D tot -2,0 D, waarbij rond -1,5 D lens 2 een VA verbetering toont van ongeveer 0,08 logMAR. Uit de studie naar halo-effecten is gebleken dat lens 2 daarvoor minder gevoelig is dan de conventionele lens.
Voor het vervaardigen van lens 2 wordt een optiek uit een geschikt basismateriaal geselecteerd en voorzien van gewenste optiek 4. Tevens worden haptische elementen 10 aangebracht. Optiek 4 is voorzien van profiel sterkteprofiel 21. Bij het inbrengen van lens 2 is deze bij voorkeur voorafgaand aan plaatsing gevouwen en/of gerold waardoor slechts een beperkte lengte voor de incisie in het oog vereist is. Nadat lens 2 door de incisie in het oog is gebracht, kan lens 2 zich ontvouwen en worden gepositioneerd met behulp van haptische elementen 10.
De onderhavige uitvinding is niet beperkt tot de bovenbeschreven uitvoeringsvormen daarvan.
De gevraagde rechten worden bepaald door de navolgende conclusies binnen de strekking waarvan velerlei modificaties denkbaar zijn.

Claims (14)

  1. CONCLUSIES
    I. Intraoculaire lens ingericht om in een oog gebracht te worden. de lens omvattende: — een optisch element van een flexibel optisch materiaal; en — ten minste één met het optisch element verbonden haptisch element dat is voorzien van een verbindingsdeel ingericht voor het verbinden van de lens met een oogdeel. waarbij het optisch element is voorzien van een lenssterkteprofiel, waarbij het profiel buiten het centrum van de lens, gezien in radiale richting van de lens, is voorzien van ten minste één toenemend profiel over een eerste radiale afstand en ten minste één afnemend profiel over een tweede radiale afstand.
  2. 2. Intraoculaire lens volgens conclusie 1, waarbij de eerste radiale afstand. en de tweede radiale afstand zijn gelegen in het bereik van 0,5 tot 2,5 mm vanuit het centrum van de lens.
  3. 3. Intraoculaire lens volgens conclusie 1 of 2, waarbij de eerste radiale afstand en de tweede radiale afstand zijn gelegen in het bereik van 1,0 tot 2.0 mm vanuit het centrum van de lens.
  4. 4. Intraoculaire lens volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij het profiel een toenemende sterkte heeft over de eerste radiale afstand. in het bereik van 0,5 tot 1,5 mm vanuit het centrum van de lens, en bij voorkeur in het bereik van 1,0 tot 1,5 mm vanuit het centrum van de lens.
  5. 5. Intraoculaire lens volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij het profiel een afnemende sterkte heeft over de tweede radiale afstand m het bereik van 1.5 tot 2,5 mm vanuit het centrum van de lens, en bij voorkeur in het bereik van 1,5 tot 2.0 mm vanuit het centrum van de lens.
  6. 6. Intraoculaire lens volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij het profiel een piek heeft buiten het centrum van de lens.
  7. 7. Intraoculaire lens volgens conclusie 6, waarbij de piek een waarde heeft in het bereik van LO tot 1,5 D.
  8. 8. Intraoculaire lens volgens conclusie 6 of 7, waarbij de piek is gelegen bij de overgang van de eerste naar de tweede radiale afstand.
  9. 9. Intraoculaire lens volgens één van de voorgaande conclusies. waarbij het profiel is voorzien van een derde radiale afstand, waarbij de derde radiale afstand een toenemende sterkte heeft.
  10. 10. Intraoculaire lens volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij het profiel een dal heeft buiten het centrum van de lens.
  11. 11. Intraoculaire lens volgens conclusie 10, waarbij het dal een waarde heeft van ten minste -0,3 D, en bij voorkeur ligt in het bereik van -0.3 tot -1,0 D, en met meer voorkeur in het bereik van -0,3 tot -0,55 D.
  12. 12. Intraoculaire lens volgens één van de voorgaande conclusies, waarbij verbindingsdeel van het haptisch element is ingericht voor het verbinden van de lens met een oogdeel ter vervanging van een natuurlijke lens.
  13. 13. Werkwijze voor het vervaardigen van een intraoculaire lens, omvattende: — het verschaffen van een optisch element van een flexibel optisch materiaal: — het verschaffen van ten minste één haptisch element dat is voorzien van een verbindingsdeel voor het verbinden van het haptisch element met het optisch element: — het aanbrengen van een lenssterkteprofiel, waarbij het profiel in radiale richting van de lens is voorzien van ten minste één toenemend profiel over een eerste radiale afstand en ten minste één afnemend profiel over een tweede radiale afstand.
  14. 14. Werkwijze volgens conclusie 13, waarbij het aanbrengen van het lenssterkteprofiel verder omvattende het aanbrengen van een profiel volgens één of meer van de conclusies 2-12.
NL2036285A 2023-11-16 2023-11-16 Intraoculaire lens ingericht om in een oog aangebracht te worden en werkwijze voor het vervaardigen daarvan NL2036285B1 (nl)

Priority Applications (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2036285A NL2036285B1 (nl) 2023-11-16 2023-11-16 Intraoculaire lens ingericht om in een oog aangebracht te worden en werkwijze voor het vervaardigen daarvan
PCT/NL2024/050621 WO2025105960A1 (en) 2023-11-16 2024-11-15 Intraocular lens configured to be inserted into an eye and method for manufacture thereof

Applications Claiming Priority (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL2036285A NL2036285B1 (nl) 2023-11-16 2023-11-16 Intraoculaire lens ingericht om in een oog aangebracht te worden en werkwijze voor het vervaardigen daarvan

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL2036285B1 true NL2036285B1 (nl) 2025-05-27

Family

ID=89474364

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL2036285A NL2036285B1 (nl) 2023-11-16 2023-11-16 Intraoculaire lens ingericht om in een oog aangebracht te worden en werkwijze voor het vervaardigen daarvan

Country Status (2)

Country Link
NL (1) NL2036285B1 (nl)
WO (1) WO2025105960A1 (nl)

Citations (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
WO1998056315A1 (en) * 1997-06-13 1998-12-17 Chiron Vision Corporation Intraocular lens
EP0996024A1 (en) * 1998-10-19 2000-04-26 Menicon Co., Ltd. Multifocal ocular lens including intermediate vision correction region between near and distant vision correction regions
WO2010100523A1 (en) * 2009-03-05 2010-09-10 Amo Regional Holdings Multizonal lens with extended depth of focus
WO2020075312A1 (ja) * 2018-10-11 2020-04-16 Hoya株式会社 眼用レンズ、その設計方法、その製造方法、および眼用レンズセット
WO2022189419A1 (en) * 2021-03-09 2022-09-15 Amo Groningen B.V. Refractive extended depth of focus intraocular lens, and methods of use and manufacture

Patent Citations (5)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
WO1998056315A1 (en) * 1997-06-13 1998-12-17 Chiron Vision Corporation Intraocular lens
EP0996024A1 (en) * 1998-10-19 2000-04-26 Menicon Co., Ltd. Multifocal ocular lens including intermediate vision correction region between near and distant vision correction regions
WO2010100523A1 (en) * 2009-03-05 2010-09-10 Amo Regional Holdings Multizonal lens with extended depth of focus
WO2020075312A1 (ja) * 2018-10-11 2020-04-16 Hoya株式会社 眼用レンズ、その設計方法、その製造方法、および眼用レンズセット
WO2022189419A1 (en) * 2021-03-09 2022-09-15 Amo Groningen B.V. Refractive extended depth of focus intraocular lens, and methods of use and manufacture

Also Published As

Publication number Publication date
WO2025105960A1 (en) 2025-05-22

Similar Documents

Publication Publication Date Title
US11813160B2 (en) Multifocal lens having reduced visual disturbances
US10531950B2 (en) Intraocular lens having an extended depth of focus
JP5453419B2 (ja) 瞳孔力学により疑似調節度合を高めた焦点深度拡張(edof)レンズ
CN102099730B (zh) 具有复曲面光学器件与延长焦深的调节iol
AU2008293695B2 (en) Multizonal aspheric lens with extended depth of focus
JP7295029B2 (ja) 色収差補正を有する多焦点眼科用レンズ
WO2013018379A1 (en) Extended depth of focus intraocular lenses and associated methods
KR20240007318A (ko) 초점 심도가 연장된 안과 렌즈
CN113367840B (zh) 人工晶状体及其制造方法
JP2025071273A (ja) 中距離視力を改善するために拡張された焦点深度を有する眼科用レンズ
WO2021111821A1 (ja) 眼内レンズ
AU2018389854B2 (en) Intraocular lenses having an anterior-biased optical design
US20220287826A1 (en) Intraocular lens providing extended depth of focus
NL2036285B1 (nl) Intraoculaire lens ingericht om in een oog aangebracht te worden en werkwijze voor het vervaardigen daarvan
JP2025525000A (ja) 過剰な縦色収差を促すことにより焦点深度を拡張したレンズ
RU2785137C2 (ru) Интраокулярные линзы, имеющие смещенную вперед оптическую конструкцию
TWI555522B (zh) 利用瞳孔動態(pupil dynamics)來增進假性調節之擴展焦深(EDOF)水晶體(一)