NL2000484C2 - Werkwijze en systeem voor het overbrengen van digitale boodschappen. - Google Patents
Werkwijze en systeem voor het overbrengen van digitale boodschappen. Download PDFInfo
- Publication number
- NL2000484C2 NL2000484C2 NL2000484A NL2000484A NL2000484C2 NL 2000484 C2 NL2000484 C2 NL 2000484C2 NL 2000484 A NL2000484 A NL 2000484A NL 2000484 A NL2000484 A NL 2000484A NL 2000484 C2 NL2000484 C2 NL 2000484C2
- Authority
- NL
- Netherlands
- Prior art keywords
- message
- digital
- digital message
- database
- supplier
- Prior art date
Links
- 238000000034 method Methods 0.000 title claims abstract description 35
- 230000005540 biological transmission Effects 0.000 title claims abstract description 8
- 238000012360 testing method Methods 0.000 claims abstract description 37
- 238000004891 communication Methods 0.000 claims description 4
- 238000012546 transfer Methods 0.000 claims description 4
- 230000008901 benefit Effects 0.000 description 2
- 238000013459 approach Methods 0.000 description 1
- 208000030757 autosomal dominant osteopetrosis Diseases 0.000 description 1
- 238000001914 filtration Methods 0.000 description 1
- 238000012544 monitoring process Methods 0.000 description 1
- ZWLUXSQADUDCSB-UHFFFAOYSA-N phthalaldehyde Chemical compound O=CC1=CC=CC=C1C=O ZWLUXSQADUDCSB-UHFFFAOYSA-N 0.000 description 1
- 238000011160 research Methods 0.000 description 1
Classifications
-
- H—ELECTRICITY
- H04—ELECTRIC COMMUNICATION TECHNIQUE
- H04L—TRANSMISSION OF DIGITAL INFORMATION, e.g. TELEGRAPHIC COMMUNICATION
- H04L51/00—User-to-user messaging in packet-switching networks, transmitted according to store-and-forward or real-time protocols, e.g. e-mail
- H04L51/21—Monitoring or handling of messages
- H04L51/212—Monitoring or handling of messages using filtering or selective blocking
-
- H—ELECTRICITY
- H04—ELECTRIC COMMUNICATION TECHNIQUE
- H04L—TRANSMISSION OF DIGITAL INFORMATION, e.g. TELEGRAPHIC COMMUNICATION
- H04L51/00—User-to-user messaging in packet-switching networks, transmitted according to store-and-forward or real-time protocols, e.g. e-mail
- H04L51/58—Message adaptation for wireless communication
-
- H—ELECTRICITY
- H04—ELECTRIC COMMUNICATION TECHNIQUE
- H04W—WIRELESS COMMUNICATION NETWORKS
- H04W4/00—Services specially adapted for wireless communication networks; Facilities therefor
- H04W4/06—Selective distribution of broadcast services, e.g. multimedia broadcast multicast service [MBMS]; Services to user groups; One-way selective calling services
- H04W4/08—User group management
-
- H—ELECTRICITY
- H04—ELECTRIC COMMUNICATION TECHNIQUE
- H04W—WIRELESS COMMUNICATION NETWORKS
- H04W4/00—Services specially adapted for wireless communication networks; Facilities therefor
- H04W4/12—Messaging; Mailboxes; Announcements
Landscapes
- Engineering & Computer Science (AREA)
- Computer Networks & Wireless Communication (AREA)
- Signal Processing (AREA)
- Telephonic Communication Services (AREA)
Description
Werkwijze en systeem voor het overbrengen van digitale boodschappen
De uitvinding heeft betrekking op een werkwijze voor het overbrengen van digitale boodschappen tussen een leverancier van digitale boodschappen en een telefoontoestel.
5 De uitvinding heeft tevens betrekking op een systeem voor het overbrengen van digitale boodschappen tussen een leverancier van digitale boodschappen en een telefoontoestel. De uitvinding heeft vervolgens betrekking op een computer voor het uitvoeren van een deel van de werkwijze overeenkomstig de uitvinding.
10 Het verzenden van digitale boodschappen via SMS-berichten (“Short Message Service”-berichten) is de meest succesvolle mobiele datadienst uit de dertigjarige geschiedenis van de mobiele telefonie. Volgens onderzoeksbureau Gartner zijn er in 2006 circa één biljoen SMS-berichten verzonden, waarbij de verwachting is dat het SMS-gebmik de komende fors zal toenemen. Volgens Gartner worden in 2010 niet 15 minder dan 2,3 biljoen SMS-berichten verstuurd, hetgeen resulteert in meer dan een verdubbeling van het SMS-verkeer in de komende vijfjaar. Als gevolg van deze toenemende populariteit van het medium SMS worden met grote regelmaat nieuwe SMS-diensten aangeboden door toeleveranciers, veelal tevens aangeduid als ‘service providers’, waardoor eindgebruikers relatief eenvoudig en veelal tegen betaling 20 informatie kunnen ontvangen op hun mobiele telefoontoestel. Deze informatie kan divers van aard zijn en kan variëren van nieuwsberichten en voetbaluitslagen tot horoscoopinformatie en weerberichten. Doorgaans zal de eindgebruiker zich (veelal eenmalig) moeten aanmelden voor een SMS-dienst alvorens een digitale boodschap kan worden ontvangen. Ingeval de eindgebruiker niet langer gebruik wenst te maken van 25 een bepaalde dienst, dan kan de eindgebruiker zich doorgaans door het versturen van een SMS-bericht aan de betreffende dienst afmelden van die dienst. Op basis van weten regelgeving, waaronder diverse gedragscodes, is bepaald dat het ongewenst toezenden van digitale boodschappen aan eindgebruikers niet is toegestaan. Echter, in de praktijk blijkt dat deze wet- en regelgeving niet of nauwelijks gehandhaafd wordt, 30 waardoor toeleveranciers in toenemende mate ongestraft eindgebruikers kunnen benaderen met ongewenste SMS-berichten, waarbij een deel van deze SMS-berichten zelfs in rekening wordt gebracht bij de eindgebruiker. Deze (ongewenste) betaalde SMS-berichten worden tevens aangeduid als Premium SMS-berichten. Het door een 2 eindgebruiker laten blokkeren van deze ongewenste SMS-bericht blijkt in de praktijk veelal moeizaam realiseerbaar.
De uitvinding heeft als doel het verschaffen van een relatief eindgebruikersvriendelijke 5 werkwijze voor het overbrengen van digitale boodschappen tussen een toeleverancier en een eindgebruiker.
De uitvinding verschaft daartoe een werkwijze van het in aanhef genoemde type, omvattende de stappen: A) het door een leverancier via een telefoonnetwerk versturen 10 van ten minste één digitale boodschap aan ten minste één telefoontoestel van een eindgebruiker, B) het vóór het bereiken van het telefoontoestel toetsen van de verzonden digitale boodschap aan in een database opgeslagen criteria, en C) het afhankelijk van het tijdens stap B) verkregen toetsingsresultaat bepalen van het verdere verloop van het overbrengingsproces.
15
Door elke digitale boodschap die vanuit een leverancier wordt toegezonden aan een eindgebruiker te toetsen aan vooraf gedefinieerde criteria kan worden bepaald of de digitale boodschap al dan niet toelaatbaar wordt geacht om te worden doorgestuurd naar de eindgebruiker. De criteria hebben daarbij doorgaans betrekking op de bescherming 20 van de gebruiker. Deze criteria kunnen een wettelijke grondslag hebben, doch kunnen tevens door de eindgebruiker zijn ingegeven. Het is tevens denkbaar dat althans een deel van de criteria is gebaseerd op contractuele verplichtingen tussen de leverancier en een netwerkbeheerder van het telefoonnetwerk, waarbij een criterium bijvoorbeeld kan worden gevormd dat de leverancier de eindgebruiker op voorhand voldoende dient te 25 informeren over een bepaalde aangeboden dienst. Middels criteria kan aldus worden getoetst of een digitale boodschap al dan niet voldoet aan vigerende wet- en regelgeving, waaronder gedragscodes, en/of aan door de eindgebruiker opgegeven condities. Afhankelijk van het toetsingsresultaat kan vervolgens worden bepaald hoe de digitale boodschap dient te worden afgehandeld. Door het toetsen van digitale 30 boodschappen alvorens deze daadwerkelijk worden afgeleverd op het telefoontoestel van de eindgebruiker, wordt de facto een firewall gecreëerd rondom de eindgebruiker, waarbij deze firewall is ingericht om diverse boodschapgerelateerde informatie te toetsen aan in de database opgenomen criteria. Tijdens stap B) kunnen diverse aspecten van de digitale boodschap worden getoetst, waaronder bijvoorbeeld eventuele indirecte 3 overeenkomsten tussen de leverancier en de eindgebruiker via de netwerkbeheerder, de gegevens van de leverancier van de digitale boodschap, de kosten voor de eindgebruiker voor het ontvangen van de digitale boodschap, de frequentie waarmee digitale boodschappen worden toegezonden aan de eindgebruiker, en de aard, vorm, en inhoud 5 van de digitale boodschap. De digitale boodschap vormt een SMS-bericht of een MMS-bericht (“Multimedia Messaging Service”-bericht). Doorgaans zullen de digitale boodschappen daarbij via een draadloos netwerk naar één of meerdere mobiele telefoons worden verzonden. Echter, het is tevens denkbaar dat de digitale boodschappen worden bezorgd op telefoontoestellen die zijn aangesloten op het 10 (bedrade) vaste telefonienetwerk. Onder toeleveranciers wordt verstaan commerciële leveranciers van digitale boodschappen, niet zijnde een eindgebruiker en niet zijnde een netwerkbeheerder. Daar de leverancier zelf geen telefoonnetwerk beheert, zal de leverancier een contract afsluiten met een netwerkbeheerder voor het kunnen verzenden van een digitale boodschap vanuit de leverancier naar het telefoontoestel van de 15 eindgebruiker (en vice versa). De leveranciers worden doorgaans tevens aangeduid als een ‘content provider’, een ‘value added service provider’ (VASP), en een ‘wireless application service provider’ (WASP).
In een voorkeursuitvoering van de werkwijze overeenkomstig de uitvinding wordt, 20 afhankelijk van het tijdens stap B) verkregen toetsingsresultaat, tijdens stap C) de bestemming bepaald van de digitale boodschap. In een bijzondere voorkeursuitvoering zal de digitale boodschap, bij een tijdens stap B) verkregen positief toetsingresultaat, waarbij de verzonden digitale boodschap voldoet aan in de database opgenomen criteria, worden afgeleverd bij de eindgebruiker. Doordat de digitale boodschap voldoet 25 aan in de database opgenomen vooraf gedefinieerde bezorgcriteria kwalificeert de digitale boodschap zich als een boodschap die voldoet aan de eisen van toelaatbaarheid, waardoor de digitale boodschap gerechtvaardigd (en ongestraft) kan worden bezorgd op het telefoontoestel van de eindgebruiker. Ingeval een negatief toetsingsresultaat wordt verkregen kan ervoor worden gekozen om de digitale boodschap nochtans te bezorgen 30 bij de eindgebruiker. Optioneel kan daarbij een sanctie worden opgelegd aan de leverancier, daar de leverancier wist of althans behoorde te weten dat de digitale boodschap niet voldoet aan de vooraf vastgestelde (en bij de leverancier bekende) criteria. In een andere bijzondere voorkeursuitvoering zal de digitale boodschap bij een tijdens stap B) verkregen negatief toetsingresultaat, waarbij de verzonden digitale 4 boodschap niet voldoet aan in de database opgenomen criteria, niet worden afgeleverd bij het eindgebruiker. Ingeval de digitale boodschap niet voldoet aan bepaalde in de criteria vastgelegde normen voor toelaatbare boodschappen, kan de gebruiker worden verschoond van de digitale boodschap, en derhalve niet worden lastig gevallen met de 5 niet-toelaatbare ongewenste digitale boodschap. Het is tevens denkbaar dat ingeval successievelijk dan wel simultaan meerdere aan een enkele eindgebruiker (of gelijktijdige aan meerdere eindgebruikers) gerichte boodschappen worden geregistreerd die niet voldoen aan de in de database genoemde criteria, dat een aantal niet gekwalificeerde boodschappen nochtans worden bezorgd bij de eindgebruiker, en dat 10 vanaf het bereiken van een vooraf gedefinieerd aantal niet gekwalificeerde boodschappen de boodschappen niet langer bezorgd worden.
Bij voorkeur is het tijdens stap B) verkregen toetsingsresultaat toegankelijk voor ten minste één toezichthoudende autoriteit. Daar stap B) en stap C) van de werkwijze 15 overeenkomstig doorgaans geautomatiseerd worden uitgevoerd, zal het toetsingsresultaat bij voorkeur worden opgeslagen, waardoor de toezichthoudende autoriteit de toetsingsresultaten relatief makkelijk kan inzien en kan analyseren. Deze toezichthoudende autoriteit is gericht op het houden van toezicht op leveranciers van digitale boodschappen en voor het handhaven van de vigerende wet- en regelgeving.
20 Door actief toezicht te houden op de leveranciers kan het gedrag van de leveranciers worden gevolgd en indien nodig worden gesanctioneerd. De toezichthoudende autoriteit zal doorgaans tevens toegang hebben tot de database. Op deze wijze kan eventueel relatief eenvoudig een tweede toetsing worden gerealiseerd alvorens een leverancier eventueel zal worden gesanctioneerd bij het niet naleven van de de leverancier bekende, 25 in de database opgeslagen criteria. Bij voorkeur wordt de toezichthoudende autoriteit gevormd door een netwerkbeheerder van het telefoonnetwerk en/of een overheidsinstantie. Een voorbeeld van een Nederlandse overheidsinstantie is bijvoorbeeld de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA). In een bijzondere voorkeursuitvoering wordt de database beheerd door ten minste één 30 toezichthoudende instantie. De toezichthoudende instantie kan wijzigingen in wet- en regelgeving doorvoeren in de database en/of kan eventueel eigen voorkeuren en/of voorkeuren van eindgebruikers als criteria opnemen in de database. Het is tevens denkbaar dat de database door een derde wordt beheerd, waarbij de toezichthoudende instantie toegangsrechten worden verschaft om gebruik te maken van de externe 5 database. Bij voorkeur wordt afhankelijk van het tijdens stap B) verkregen toetsingsresultaat tijdens stap C) een communicatie geïnitieerd vanuit de toezichthoudende autoriteit naar de leverancier en/of naar de eindgebruiker. De communicatie kan divers van aard zijn, en kan bijvoorbeeld een informatief karakter 5 en/of een penaliserend karakter bezitten. Het door de toezichthoudende autoriteit aan de leverancier verzenden van de communicatie kan op digitale wijze geschieden, bijvoorbeeld middels e-mail, doch kan tevens per reguliere post plaatsvinden. In een voorkeursuitvoering omvat de werkwijze tevens stap D), omvattende het bij een tijdens stap B) verkregen negatief toetsingresultaat, waarbij de verzonden digitale boodschap 10 niet voldoet aan ten minste één van de in de database opgenomen criteria, sanctioneren van de leverancier.
Zoals reeds opgemerkt in het voorgaande is het tijdens stap B) verkregen toetsingsresultaat toegankelijk voor de leverancier en/of de eindgebruiker. Een 15 dergelijke toegankelijkheid verschaft de leverancier de mogelijkheid om de verzonden of nog te verzenden digitale boodschappen te toetsen aan de in de database opslagen criteria. Een eindgebruiker kan gebaat zijn bij het naslaan van de criteria om te kunnen beoordelen welke boodschappen wel en welke boodschappen niet toelaatbaar zijn. Eventueel kan de gebruiker in de gelegenheid worden gesteld om de criteria, of althans 20 een deel daarvan, te wijzigen. Bij voorkeur geschiedt de toegang tot de database voor de leverancier, de eindgebruiker en/of de toezichthoudende autoriteit via een daartoe bestemde webpagina. Daar de aan de eindgebruikers verzonden digitale boodschappen doorgaans per eindgebruiker worden opgeslagen, kunnen de gegevens per eindgebruiker relatief eenvoudig worden benaderd. Tevens kunnen in het verleden van de leverancier 25 aan de eindgebruiker en vice versa verzonden boodschappen worden opgeslagen, die bijvoorbeeld betrekking kunnen hebben op het aanmelden bij en het afmelden van een door de leverancier aangeboden SMS-dienst of MMS-dienst, gedane bestellingen, et cetera. Voor het per eindgebruiker kunnen opslaan van relevante gegevens zal de leverancier, de eindgebruiker en/of de toezichthoudende autoriteit doorgaans evenwel 30 een profiel dienen aan te maken voor het kunnen raadplegen van de betreffende gegevens. De hoeveelheid informatie die zichtbaar wordt bij het raadplegen kan afhangen van de aard van de raadplegende partij, waarbij het bijvoorbeeld denkbaar kan zijn dat de eindgebruiker zichzelf slechts een beperkt inzicht kan verschaffen in de voor hem relevante informatie, onderwijl de leverancier en/of de toezichthoudende instantie 6 zichzelf toegang kunnen verschaffen tot meer omvattende boodschapgerelateerde informatie.
Bij voorkeur wordt de digitale boodschap verzonden volgens ten minste één van de 5 volgende protocollen: SMPP (Short message peer-to-peer), EMI/UCP (External Machine Interface/Universal Computer Protocol), CIMD (Computer Interface to Message Distribution, versie 1 of versie 2), en OIS (Open Interface Specification). Dergelijke protocollen zijn gebruikelijk voor het verzenden van SMS-berichten van een leverancier naar het (mobiele) telefoontoestel van een eindgebruiker en vice versa. Voor 10 het verzenden van MMS-berichten wordt doorgaans gebruik gemaakt van het MM7-protocol. De leverancier en de netwerkbeheerder spreken doorgaans onderling af welk protocol zal worden gebruikt voor het verzenden van digitale boodschappen.
De uitvinding heeft tevens betrekking op een systeem voor het overbrengen van digitale 15 boodschappen tussen een leverancier van digitale boodschappen en een telefoontoestel, in het bijzonder voor het uitvoeren van de werkwijze volgens de uitvinding, omvattende: met een telefoonnetwerk verbonden verzendmiddelen voor het door een leverancier kunnen verzenden van een digitale boodschap, ten minste één telefoontoestel ingericht voor het kunnen ontvangen van de door de leverancier 20 verzonden digitale boodschap, een van criteria voorziene database, tussen de verzendmiddelen en het telefoontoestel gekoppelde vergelijkingsmiddelen voor het (digitaal) toetsen van de door de verzendmiddelen verzonden digitale boodschap aan de in de database opgenomen criteria, en ten minste één besturingseenheid voor het afhankelijk van het door de vergelijkingsmiddelen geregistreerde toetsingsresultaat 25 bepalen van het verdere verloop van het overbrengingsproces. Door toepassing van de vergelijkingsmiddelen wordt de facto een firewall rondom de eindgebruiker gecreëerd, waardoor (bescherming van) de privacy van de eindgebruiker op relatief efficiënte en effectieve wijze kan worden gewaarborgd. Verdere voordelen van de inrichting en de werking daarvan zijn in het voorgaande reeds uitvoerig beschreven.
30
Het systeem omvat bij voorkeur tevens ten minste één opslagmedium voor het opslaan van een door de vergelijkingsmiddelen getoetste boodschap. De toetsing zal daarbij doorgaans softwarematig geschieden, waarbij de benodigde software op een computer is geïnstalleerd.
7
Alhoewel het telefoontoestel van de eindgebruiker een vast telefoontoestel kan betreffen, wordt het telefoontoestel bij voorkeur gevormd door een mobiel telefoontoestel. Doorgaans zal elk mobiel telefoontoestel zijn ingericht voor het 5 ontvangen van SMS-berichten en/of MMS-berichten.
De uitvinding heeft vervolgens betrekking op een computer waarop een programma loopt voor het toetsen van digitale boodschappen aan een met de computer verbonden van criteria voorziene database ten gebruike in een systeem overeenkomstig de 10 uitvinding. De computer is bij voorkeur voorzien van ten minste één besturingseenheid voor het afhankelijk van het toetsingsresultaat bepalen van het verdere verloop van het overbrengingsproces van een digitale boodschap, hetgeen veelal betrekking heeft op het verdere verloop en de bestemming van de verzonden digitale boodschap. De computer kan tevens zijn ingericht als berichtencentrale.
15
De uitvinding zal worden verduidelijkt aan de hand van in navolgende figuren weergegeven niet-limitatieve uitvoeringsvoorbeelden. Hierin toont: figuur 1 een schematische weergave van een systeem overeenkomstig de uitvinding, en figuur 2 een schematisch weergave van een werkwijze overeenkomstig de uitvinding.
20
Figuur 1 toont een schematische weergave van een systeem 1 overeenkomstig de uitvinding. Het systeem 1 omvat een leverancier 2 (“Content Provider”) van digitale boodschappen 3, in het bijzonder SMS-berichten en/of MMS-berichten, een netwerkbeheerder 4 (“Network Operator”), een eindgebruiker 5 voorzien van een 25 mobiel telefoontoestel 6, en een toezichthoudende instantie 7 (“Supervisory Body”).
Voor het versturen van een digitale boodschap 3 zal de leverancier 2 gebruik maken van een telefoonnetwerk van de netwerkbeheerder 4, waarbij de digitale boodschap 3 vooreerst wordt verstuurd naar een door de netwerkbeheerder 4 beheerde berichtencentrale 8. Alvorens de digitale boodschap 3 wordt doorgestuurd naar het 30 telefoontoestel 6 van de eindgebruiker 5 wordt de digitale boodschap 3 in de berichtencentrale 8 getoetst aan specifieke criteria, zoals bijvoorbeeld bepaalde ethische normen, die in een met de berichtencentrale 8 in verbinding staande database 9 zijn opgenomen. De criteria kunnen daarbij zijn bepaald door wet- en regelgeving, waaronder gedragscodes, en/of kunnen door de eindgebruiker 5 zelf zijn bepaald.
8
Ingeval de digitale boodschap 3 voldoet aan de in de database 9 opgenomen normen, dan zal de digitale boodschap 3 worden verzonden naar het mobiele telefoontoestel 6 van de eindgebruiker 5. Echter, ingeval de digitale boodschap 3 niet voldoet aan de in de database 9 opgenomen normen, dan de digitale boodschap 3 in dit 5 uitvoeringsvoorbeeld niet worden verzonden aan de eindgebruiker 5, en derhalve de eindgebruiker 5 niet bereiken. Op deze wijze kan de eindgebruiker 5 worden beschermd tegen het ongewenst ontvangen van niet aan de gestelde criteria voldoende digitale boodschappen 3. Informatie die gerelateerd is aan de door de leverancier 2 verzonden digitale boodschap 3 zal worden opgeslagen op een opslagmedium dat deel kan 10 uitmaken van de berichtencentrale 8. Het is tevens denkbaar om voor een dergelijke opslag een separate server (niet-weergegeven) toe te passen. Alle betrokken partijen 2, 4, 5, 7 hebben in dit uitvoeringsvoorbeeld toegang tot de op de berichtencentrale 8 opgeslagen gegevens van de eindgebruiker 5, alsmede tot de in de database 9 opgenomen criteria, waarbij de kwantiteit van informatieverstrekking kan verschillen 15 per partij 2, 4, 5, 7. Ingeval de toezichthoudende instantie 7 constateert dat de leverancier 2 één of meerdere digitale boodschappen 3 heeft verstuurd die niet voldoen aan de in de database 9 opgenomen criteria, dan kan een informatief en/of waarschuwend worden uitgestuurd naar de leverancier 2, en/of kan eventueel een boete 10 worden opgelegd aan de leverancier 2, teneinde wet- en regelgeving, of althans de in 20 de database 9 opgenomen criteria, te kunnen handhaven. De berichtencentrale 8 wordt beheerd en onderhouden door de netwerkbeheerder 4. De database wordt beheerd en onderhouden door de toezichthoudende instantie 7 en eventueel door de eindgebruiker 5 zelf. Alhoewel de netwerkbeheerder 4 in dit uitvoeringsvoorbeeld een andere partij is dan de toezichthoudende instantie 7, is het tevens denkbaar dat de netwerkbeheerder 4 25 tevens opereert als toezichthoudende instantie 7.
Figuur 2 toont een schematisch weergave van een werkwijze 11 overeenkomstig de uitvinding, waarbij vooreerst door een leverancier een digitale boodschap 12 wordt verstuurd naar een door een netwerkbeheerder beheerde berichtencentrale. Na ontvangst 30 (A) van de digitale boodschap 12 door de berichtencentrale zal de ontvangen boodschap 12 worden getoetst (B) aan in een database 13 opgenomen criteria. Bij een negatief toetsingsresultaat zal worden beslist (C) of eventueel een boete 14 dient te worden opgelegd aan de leverancier. Vervolgens zal afhankelijk van het toetsingsresultaat worden beslist (D) of de digitale boodschap 12 mag worden bezorgd op een 9 telefoontoestel 15, of dat de digitale boodschap 12 zal worden verwijderd, en het telefoontoestel 15 aldus niet zal bereiken. Door de digitale boodschappen 12 per boodschap selectief te toetsen en daarmee te filteren, kan de bescherming van een eindgebruiker worden geoptimaliseerd.
5
Het moge duidelijk zijn dat de uitvinding niet beperkt is tot de hier weergegeven en beschreven uitvoeringsvoorbeelden, maar dat binnen het kader van de bijgaande conclusies legio varianten mogelijk zijn, die voor de vakman op dit gebied voor de hand zullen liggen.
10
Claims (20)
1. Werkwijze voor het overbrengen van digitale boodschappen tussen een leverancier van digitale boodschappen en een telefoontoestel, omvattende de stappen:
2. Werkwijze volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat afhankelijk van het tijdens stap B) verkregen toetsingsresultaat tijdens stap C) de bestemming wordt bepaald van de digitale boodschap. 15
3. Werkwijze volgens conclusie 2, met het kenmerk, dat de digitale boodschap bij een tijdens stap B) verkregen positief toetsingresultaat, waarbij de verzonden digitale boodschap voldoet aan in de database opgenomen criteria, zal worden afgeleverd bij de eindgebruiker. 20
4. Werkwijze volgens conclusie 2 of 3, met het kenmerk, dat de digitale boodschap bij een tijdens stap B) verkregen negatief toetsingresultaat, waarbij de verzonden digitale boodschap niet voldoet aan in de database opgenomen criteria, niet zal worden afgeleverd bij het eindgebruiker. 25
5. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de het tijdens stap B) verkregen toetsingsresultaat toegankelijk is voor ten minste één toezichthoudende autoriteit.
5 A) het door een leverancier via een telefoonnetwerk versturen van ten minste één digitale boodschap aan ten minste één telefoontoestel van een eindgebruiker, B) het vóór het bereiken van het telefoontoestel toetsen van de verzonden digitale boodschap aan in een database opgeslagen criteria, en C) het afhankelijk van het tijdens stap B) verkregen toetsingsresultaat bepalen van 10 het verdere verloop van het overbrengingsproces.
6. Werkwijze volgens conclusie 5, met het kenmerk, dat de toezichthoudende autoriteit wordt gevormd door een netwerkbeheerder van het telefoonnetwerk en/of een overheidsinstantie.
7. Werkwijze volgens conclusie 5 of 6, met het kenmerk, dat de database wordt beheerd door ten minste één toezichthoudende instantie.
8. Werkwijze volgens een der conclusies 5-7, met het kenmerk, dat afhankelijk van 5 het tijdens stap B) verkregen toetsingsresultaat tijdens stap C) een communicatie wordt geïnitieerd vanuit de toezichthoudende autoriteit naar de leverancier en/of naar de eindgebruiker.
9. Werkwijze volgens conclusie 8, met het kenmerk, dat de werkwijze tevens stap 10 D) omvat, omvattende het bij een tijdens stap B) verkregen negatief toetsingresultaat, waarbij de verzonden digitale boodschap niet voldoet aan ten minste één van de in de database opgenomen criteria, sanctioneren van de leverancier.
10. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de het 15 tijdens stap B) verkregen toetsingsresultaat toegankelijk is voor de leverancier en/of de eindgebruiker.
11. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat tijdens het toetsen van de digitale boodschap volgens stap B) boodschapgerelateerde informatie 20 geregistreerd wordt opgeslagen op een server.
12. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de in de database opgenomen criteria worden bepaald door wetgeving en/of regelgeving.
13. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de in de database opgenomen criteria zijn gedefinieerd door de eindgebruiker en/of de netwerkbeheerder.
14. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk dat de 30 digitale boodschap een SMS-bericht of een MMS-bericht is.
15. Werkwijze volgens een der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de digitale boodschap wordt verzonden volgens ten minste één van de volgende protocollen: SMPP (Short message peer-to-peer), EMI/UCP (External Machine Interface/Universal Computer Protocol), CIMD (Computer Interface to Message Distribution), en OIS (Open Interface Specification).
16. Systeem voor het overbrengen van digitale boodschappen tussen een leverancier 5 van digitale boodschappen en een telefoontoestel, in het bijzonder voor het uitvoeren van de werkwijze volgens één der conclusies 1-15, omvattende: - met een telefoonnetwerk verbonden verzendmiddelen voor het door een leverancier kunnen verzenden van een digitale boodschap, - ten minste één telefoontoestel ingericht voor het kunnen ontvangen van de door 10 de leverancier verzonden digitale boodschap, - een van criteria voorziene database, - tussen de verzendmiddelen en het telefoontoestel gekoppelde vergelijkingsmiddelen voor het toetsen van de door de verzendmiddelen verzonden digitale boodschap aan de in de database opgenomen criteria, en 15. ten minste één besturingseenheid voor het afhankelijk van het door de vergelijkingsmiddelen geregistreerde toetsingsresultaat bepalen van het verdere verloop van het overbrengingsproces.
17. Systeem volgens conclusie 16, met het kenmerk, dat het systeem tevens ten 20 minste één opslagmedium omvat voor het opslaan van een door de vergelijkingsmiddelen getoetste boodschap.
18. Systeem volgens conclusie 16 of 17, met het kenmerk, dat het telefoontoestel een mobiel telefoontoestel betreft. 25
19. Computer waarop een programma loopt voor het toetsen van digitale boodschappen aan een met de computer verbonden van criteria voorziene database ten gebruike in een systeem volgens een der conclusies 16-18.
20. Computer volgens conclusie 19, met het kenmerk, dat de computer is voorzien van ten minste één besturingseenheid voor het afhankelijk van het toetsingsresultaat bepalen van het verdere verloop van het overbrengingsproces van een digitale boodschap.
Priority Applications (1)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2000484A NL2000484C2 (nl) | 2007-02-09 | 2007-02-09 | Werkwijze en systeem voor het overbrengen van digitale boodschappen. |
Applications Claiming Priority (2)
| Application Number | Priority Date | Filing Date | Title |
|---|---|---|---|
| NL2000484 | 2007-02-09 | ||
| NL2000484A NL2000484C2 (nl) | 2007-02-09 | 2007-02-09 | Werkwijze en systeem voor het overbrengen van digitale boodschappen. |
Publications (1)
| Publication Number | Publication Date |
|---|---|
| NL2000484C2 true NL2000484C2 (nl) | 2008-08-12 |
Family
ID=37913681
Family Applications (1)
| Application Number | Title | Priority Date | Filing Date |
|---|---|---|---|
| NL2000484A NL2000484C2 (nl) | 2007-02-09 | 2007-02-09 | Werkwijze en systeem voor het overbrengen van digitale boodschappen. |
Country Status (1)
| Country | Link |
|---|---|
| NL (1) | NL2000484C2 (nl) |
Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| NL1024095C1 (nl) * | 2003-08-13 | 2005-02-15 | Lawids B V | Het SPAM eliminatie systeem. |
| WO2005096643A1 (en) * | 2004-03-29 | 2005-10-13 | Intellprop Limited | Telecommunications services apparatus and method for modifying the routing of mobile terminated short messages (sms) |
| WO2005119993A1 (en) * | 2004-05-25 | 2005-12-15 | International Business Machines Corporation | Filtering messages comprising spam and/or viruses in a wireless communication |
| EP1689138A1 (en) * | 2005-02-08 | 2006-08-09 | Vodafone Group PLC | Method and interface for filtering SMS and MMS messages |
-
2007
- 2007-02-09 NL NL2000484A patent/NL2000484C2/nl not_active IP Right Cessation
Patent Citations (4)
| Publication number | Priority date | Publication date | Assignee | Title |
|---|---|---|---|---|
| NL1024095C1 (nl) * | 2003-08-13 | 2005-02-15 | Lawids B V | Het SPAM eliminatie systeem. |
| WO2005096643A1 (en) * | 2004-03-29 | 2005-10-13 | Intellprop Limited | Telecommunications services apparatus and method for modifying the routing of mobile terminated short messages (sms) |
| WO2005119993A1 (en) * | 2004-05-25 | 2005-12-15 | International Business Machines Corporation | Filtering messages comprising spam and/or viruses in a wireless communication |
| EP1689138A1 (en) * | 2005-02-08 | 2006-08-09 | Vodafone Group PLC | Method and interface for filtering SMS and MMS messages |
Similar Documents
| Publication | Publication Date | Title |
|---|---|---|
| US8819141B2 (en) | Centralized mobile and wireless messaging opt-out registry system and method | |
| US9935902B2 (en) | Messaging system apparatuses circuits and methods of operation thereof | |
| US9319857B2 (en) | System and method for triggering on platform usage | |
| US20180219819A1 (en) | Managing electronic messages with a message transfer agent | |
| US20060253597A1 (en) | E-mail system | |
| US20080127345A1 (en) | Smart-card centric spam protection | |
| JP2009532769A (ja) | Smsspamフィルタリングを実装する方法および装置 | |
| EP1763261B1 (en) | Implementing method for short message service | |
| EP2377271A1 (en) | Method and system for routing inter-carrier messaging application traffic via a carrier-assigned identifier | |
| CN103516681A (zh) | 网络访问控制方法以及装置 | |
| US20130070758A1 (en) | Systems and Methods for Transmitting Subject Line Messages | |
| CN102308550A (zh) | 消息的合法拦截和数据保持 | |
| WO2021107990A1 (en) | Methods and systems for distributing messaging content using telecommunication networks | |
| KR101493465B1 (ko) | 동기 메시지 관리 시스템 | |
| EP1863299A1 (en) | Routing of SMS messages to roaming users | |
| WO2011032423A1 (zh) | 增值业务处理方法、装置、系统以及终端 | |
| NL2000484C2 (nl) | Werkwijze en systeem voor het overbrengen van digitale boodschappen. | |
| US7409206B2 (en) | Defending against unwanted communications by striking back against the beneficiaries of the unwanted communications | |
| AU2016211114B2 (en) | Identification of sources of media traffic through a network | |
| CN101437206A (zh) | 信息发送方法及其装置 | |
| CN119366172A (zh) | 用于管理对传入呼叫的自动回复消息的自动化同意管理系统和方法 | |
| US20100093336A1 (en) | Method and system for charging control in telecommunications services | |
| US20090024735A1 (en) | Method and system of controlling communications delivery to a user | |
| EP4350594A1 (en) | Method for operating a distribution server system | |
| Ardalic | Telstra Misled Customers on Third-Party Billing, Faces ACCC Action |
Legal Events
| Date | Code | Title | Description |
|---|---|---|---|
| PD2B | A search report has been drawn up | ||
| V1 | Lapsed because of non-payment of the annual fee |
Effective date: 20150901 |