[go: up one dir, main page]

NL194546C - Koopvaardijschip met een aan de bovenzijde open opneemruim voor de hoofdaandrijfmachine. - Google Patents

Koopvaardijschip met een aan de bovenzijde open opneemruim voor de hoofdaandrijfmachine. Download PDF

Info

Publication number
NL194546C
NL194546C NL9202055A NL9202055A NL194546C NL 194546 C NL194546 C NL 194546C NL 9202055 A NL9202055 A NL 9202055A NL 9202055 A NL9202055 A NL 9202055A NL 194546 C NL194546 C NL 194546C
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
ship
containers
container
fitting
meters
Prior art date
Application number
NL9202055A
Other languages
English (en)
Other versions
NL194546B (nl
NL9202055A (nl
Inventor
Johann Dipl Ing Wilts
Original Assignee
Thyssen Nordseewerke Gmbh
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Thyssen Nordseewerke Gmbh filed Critical Thyssen Nordseewerke Gmbh
Publication of NL9202055A publication Critical patent/NL9202055A/nl
Publication of NL194546B publication Critical patent/NL194546B/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL194546C publication Critical patent/NL194546C/nl

Links

Classifications

    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B63SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
    • B63BSHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; EQUIPMENT FOR SHIPPING 
    • B63B3/00Hulls characterised by their structure or component parts
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B63SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
    • B63BSHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; EQUIPMENT FOR SHIPPING 
    • B63B3/00Hulls characterised by their structure or component parts
    • B63B3/02Hulls assembled from prefabricated sub-units
    • B63B3/04Hulls assembled from prefabricated sub-units with permanently-connected sub-units
    • B63B3/06Hulls assembled from prefabricated sub-units with permanently-connected sub-units the sub-units being substantially identical
    • BPERFORMING OPERATIONS; TRANSPORTING
    • B63SHIPS OR OTHER WATERBORNE VESSELS; RELATED EQUIPMENT
    • B63HMARINE PROPULSION OR STEERING
    • B63H21/00Use of propulsion power plant or units on vessels
    • B63H21/30Mounting of propulsion plant or unit, e.g. for anti-vibration purposes

Landscapes

  • Chemical & Material Sciences (AREA)
  • Engineering & Computer Science (AREA)
  • Combustion & Propulsion (AREA)
  • Mechanical Engineering (AREA)
  • Ocean & Marine Engineering (AREA)
  • Warehouses Or Storage Devices (AREA)
  • Ship Loading And Unloading (AREA)
  • Filling Or Discharging Of Gas Storage Vessels (AREA)
  • Cylinder Crankcases Of Internal Combustion Engines (AREA)
  • Other Liquid Machine Or Engine Such As Wave Power Use (AREA)
  • Casings For Electric Apparatus (AREA)
  • Earth Drilling (AREA)
  • Instructional Devices (AREA)
  • Acyclic And Carbocyclic Compounds In Medicinal Compositions (AREA)

Description

1 194546
Koopvaardijschip met een aan de bovenzijde open opneemruim voor de hoofdaandrijfmachine
De uitvinding betreft een koopvaardijschip, met ten minste één in de stalen scheepsromp aangebracht, een groot volume bezittend hoofdaggregaat zoals van de hoofdaandrijfmachine, waar om heen de vereiste 5 hulpruimtes, zoals toegangsruimtes, bunkers, tanks, stuwruimtes, controleruimtes, onderbrengingsruimtes voor werkplaatsen, besturingsinrichting, schakelcentrales, pompen, hydraulische aggregaten o.d. zijn aangebracht.
Een dergelijk schip is algemeen bekend. In de handelsscheepsbouw kan het aantal uren dat moet worden besteed aan de bouw van de stalen romp enerzijds en dat nodig is voor de uitrusting daarvan 10 anderzijds worden ingedeeld in een verhouding van circa 1:1. De scheepsbouw-voorafvervaardiging duurt in het algemeen circa 14 weken, de hellingmontage circa 20 weken en de uitrusting circa 20 weken.
De plannen en gegevens voor de uitrusting worden door de noodzakelijkerwijze op een later tijdstip beginnende constructie na de scheepsbouwconstructie in het algemeen betrekkelijk laat aan de uitrustings-afdeling geleverd. De tolerantieverschillen tussen de vooraf voltooide scheepsromp en uitrusting brengen de 15 noodzaak van dure aanpassingswerkzaamheden mee. De uitrusting is door een groot deel van de daarvoor op de helling uit te voeren werkzaamheden afhankelijk van de weersomstandigheden.
Doel van de uitvinding is nu, handelsschepen aanzienlijk economischer te kunnen vervaardigen en in het bijzonder de afhankelijkheid van weersinvloeden bij de tot dusverre op de helling uitgevoerde werkzaamheden te vermijden. In totaal is het de bedoeling de voor de vervaardiging benodigde tijdsduur voor een 20 handelsschip aanmerkelijk te bekorten.
Deze doelstelling overeenkomstig de uitvinding wordt bij een schip van de onderwerpelijke soort overeenkomstig de uitvinding bereikt, doordat de scheepsromp in het bereik van het hoofdaggregaat een aan de bovenzijde open opneemruim bevat, dat zich van onderen naar boven en/of in de scheepslangs-richting trapvormig wijder wordend en bij voorkeur van spanten en/of platforms vrij is uitgevoerd, dat de 25 hoogte, lengte en breedte van de getrapte wanden naast respectievelijk om het hoofdaggregaat zijn gedimensioneerd in een vooraf bepaalde rastermaat in de orde van grootte van enkele meters, in het bijzonder van ongeveer 3 meter, en ten minste een belangrijk deel van de hulpruimtes is ondergebracht in naast, vóór en/of of achter het hoofdaggregaat op respectievelijk aan de getrapte wanden aangebrachte, ten minste in één dimensie, in het bijzonder in de hoogte, bij voorkeur echter in twee dimensies en in het 30 bijzonder de voorkeur verdienend in alle drie dimensies volgens dezelfde rastermaat gedimensioneerde, parallellepipedumvormige containers of containerstellages.
Volgens de uitvinding wordt daarbij uitgegaan van het inzicht, dat bij zeer uiteenlopende types handelsschepen de breedtes van de hoofdmachines slechts in onbelangrijke mate van elkander afwijken en tussen de hoofdmachine en het voorste machineruimschot in het algemeen een afstand ligt in de orde van grootte 35 van 3 meter. Dit levert de mogelijkheid tot standaardisering door middel van standaard- en ascontainers of containerstellages. Door de slechts van verticale en horizontale wanden voorziene en naar boven toe wijder wordende opneemruimte, welke vrij van spanten en platforms dient te zijn, kunnen buiten de scheepsromp en parallel ten opzichte van de bouw daarvan vooraf gemonteerde en vooraf uitgeruste containers na het gereed komen van de stalen scheepsromp zonder problemen van bovenaf ter plaatse in de scheepsromp 40 worden ondergebracht. Op grond van de uitsluitend verticale en horizontale wanden kunnen de scheidingslijnen tussen de genormaliseerde, stapelbare containers en de scheepsromp eenvoudig verlopen.
Volgens de uitvinding wordt dus het inwendige ruim van de scheepsromp in het bereik van het hoofdaggregaat, in het bijzonder van de hoofdmachine onderverdeeld in een tweetal bereiken, namelijk in een in hoofdzaak slechts horizontale en verticale wanden bevattend opneemruim en een, voor de vorm-45 compensatie ten opzichte van de op de gebruikelijke wijze gevormde scheepshuid waarborgend overgangs-ruim. In een nadere uitwerking wordt een schip volgens de uitvinding gekenmerkt, door dat tussen de getrapte wanden en de buitenhuid van het schip is voorzien in nuttige ruimtes, zoals bunkers, tanks, stuwruimtes, werkplaatsen e.d. Die ruimen of ruimtes kunnen tezamen met de uitrusting zonder problemen op de helling worden vervaardigd, aangezien de uitrusting eenvoudig en op korte termijn opleverbaar is in 50 tegenstelling tot de voor de machinebesturing en het machinebedrijf vereiste uitrusting, waarvan de vervaardiging ongeveer dezelfde tijd vergt als de vervaardiging van de scheepsromp.
Volgens de uitvinding zijn er in het machineruim dus slechts vlakke, loodrecht op elkaar staande wanden waarbij alle spanten, raamspanten en platforms geëlimineerd zijn. Door de volgens de uitvinding voorgestelde vorm van het machineruim kunnen de van de benodigde uitrusting voorziene containers of container-55 stellages vóór het van stapel lopen op één dag geladen, gemonteerd en aangesloten worden. Op de daarop volgende dag kan dan de scheepsopbouw worden gemonteerd.
In het geval dat het hoofdaggregaat wordt gevormd door een hoofdaandrijfmachine, wordt een schip 194546 2 volgens de uitvinding gekenmerkt, doordat het opneemruim zich bevindt in het achterste bereik van het schip en van voren naar achteren in de rastermaat trapsgewijs toeloopt.
Aangezien in het bereik van de scheepsromp om het hoofdaggregaat heen zo veel gestandaardiseerde containers of containerstellages als mogelijk ondergebracht moeten worden, wordt een schip volgens de 5 uitvinding in een nadere voordelige uitwerking gekenmerkt, doordat de zich tussen de buitenhuid en het opneemruim bevindende ruimte, waarin in het bijzonder de nuttige ruimtes zijn ondergebracht, ten minste grotendeels afmetingen heeft onder de rastermaat.
Dit houdt in dat genoemde ruimte zo klein bemeten is, dat daarin geen gestandaardiseerde containers meer kunnen worden ondergebracht. Op die wijze heeft de tussenruimte slechts tot taak, de overgang van 10 de gedeeltelijk volgens kromme lijnen verlopende buitenhuid naar de slechts verticale en horizontale wanden van de opneemruimte tot stand te brengen.
In een nadere voordelige uitwerking wordt een schip volgens de uitvinding gekenmerkt, doordat vóór en/of achter het hoofdaggregaat pascontainers of pascontainerstellages zijn aangebracht, welke ten minste in één en bij voorkeur in twee dimensies, waarvan er één de hoogte dient te zijn, in de rastermaat liggen en 15 in de scheepsdwarsrichting en/of in de scheepslangsrichting een in het bijzonder met de breedte van het hoofdaggregaat respectievelijk met de lengte van de asinstallatie corresponderende, buiten de rastermaat gelegen bereik bevatten.
Dit biedt het voordeel dat, om rekening te houden met de individuele afmetingen van een bepaald hoofdaggregaat, slechts vóór en/of achter het hoofdaggregaat pascontainers aanvullend behoeven te 20 worden toegepast. De overige containers kunnen met alle drie dimensies vol in de rastermaat liggen. Bij voorkeur hebben alle containers een met de rastermaat, bijvoorbeeld 3 meter, corresponderende hoogte.
In een voorkeursuitvoering wordt een schip volgens de uitvinding gekenmerkt, doordat in de getrapte wanden, op gestandaardiseerde plaatsen is voorzien in doorgangen, welke bij voorkeur de grootte van een mangat hebben.
25 Door in de wanden van het opneemruim doorgaande openingen in standaardafmetingen aan te brengen, kunnen zonder problemen ook leiding- en/of doorgangverbindingen tussen de containers en het ruim tussen de getrapt verlopende wanden en de buitenhuid van het schip tot stand worden gebracht.
In een bijzonder voordelige uitvoeringsvorm wordt een schip volgens de uitvinding gekenmerkt, doordat de containers of containerstellages in de hoogterichting in een, circa éénderde van de rastermaat innemend 30 onderste deel en een circa tweederde van de rastermaat innemend bovenste deel zijn onderverdeeld.
Door de containers in twee onderling verschillende bereiken in verticale richting onder te verdelen kan een voor personen begaanbaar bovenste deel worden gevormd, met bijvoorbeeld een hoogte van ongeveer 2 meter, en een daaronder gelegen deel van bijvoorbeeld 80 cm hoogte, waarin leidingen of andere bouwelementen kunnen worden ondergebracht.
35 Uit opzij en/of bovenaan en/of onderaan open containerstellages, welke in vele gevallen in die vorm kunnen worden toegepast, vooral ook doordat de inwendige ruimtes van naburige containerstallages verbonden zijn, kunnen door het opbrengen van panelen ook aan alle zij den gesloten containers worden verkregen.
De rastermaat van circa 3 meter biedt het voordeel, dat de containers in hoogte in een begaanbare en 40 een voor het onderbrengen van leidingen geschikte ruimte kunnen worden onderverdeeld. De bij voorkeur gekozen breedte van 3 meter biedt nog de mogelijkheid tot transport met vrachtwagens of tot railvervoer.
Door de rastermaat van 3 meter wordt een doelmatige machineruimlengte verkregen, welke uit de lengte van de hoofdmachine, de lengte van de asinstallatie, een 3 meter bereik vóór de hoofdmachine en de gebruikelijke toleranties is samengesteld. De machineruimbreedte in het bovenste deel wordt door de 45 hoofdmachinebreedte, vermeerderd met telkens twee zij-rastermaten aan weerszijden en een vereiste zijwaartse speling bepaald. In het onderste deel is aan weerszijden van de hoofd machine slechts telkens één rastermaat vermeerderd met toleranties vrij gelaten, waar containers of containerstallages kunnen worden opgenomen.
Vóór en achter de hoofdmachine worden pascontainers in.
50 de dwarsrichting ingebouwd. Die pascontainers compenseren de ver schillende hoofdmachinebreedtes.
De verbinding van de afzonderlijke, boven elkaar geplaatste containers of containerstellages geschiedt door middel van insteekverbindingen, waarbij als dwarsverbindingorganen lippen worden gebruikt, welke door middel van schroefbouten worden vastgeschroefd. Onderverdelingen van de containerstellages worden tot stand gebracht met genormaliseerde dwarselementen.
55 Die dwarsverbindingselementen worden ingehangen en door middeL van schroefbouten vastgeschroefd. Op dezelfde wijze geschiedt de bevestiging van huishouders, vloerplaten, kabelhouders, trappen, lekbakken, zodat met de hand tot stand te brengen lasverbindingen tot het minimum kunnen worden gereduceerd.
3 194546
Fundamentconstructies voor toestellen en machines worden in de containerstallages eveneens ingehangen en vastgeschroefd.
Door deze constructie verkrijgt men slechts rechte hoeken terwijl de scheidingslijnen tussen de containers tot op millimeters nauwkeurig vooraf bepaald kunnen worden.
5 De scheidingslijnen tussen de vooraf vervaardigde stalen scheepsromp en de uitrusting kunnen door deze methode zeer nauwkeurig worden bepaald.
In de containers worden horizontale en verticale transportwegen gevormd. Die transportwagen kunnen met een hoogte van 2 meter en een dagmaat breedte van 1 meter onbezwaarlijk in het plan opgenomen worden. Die transportwegen eindigen in het bereik van de kraan van het machineruim. De horizontale 10 transportwegen worden uitgerust met dubbel T-liggers en loopkatten welke over de onderste flens daarvan lopen.
De standaard-doorgangen bestaan uit de gebruikelijke mangaten.
Die mangaten worden in de afzonderlijke tanks volgens een vaste standaard aangebracht. Elke tank heeft zijn standaarddoorgangen in het eerste spantveld en wel in een rangschikking zo ver mogelijk naar 15 achteren en naar het midden van de scheepsromp toe. Bij voorkeur bevindt zich een mangat in de horizontale getrapte wand en een mangat bij zijtanks op de laagste plaats van de verticale-getrapte wanden.
De mangatdeksels worden als sluitstukplaten vervaardigd. Alle voor de tank noodzakelijke doorgangen kunnen in die sluitstukplaten worden ondergebracht.
De doorgangen hebben de voor het bedrijf van het schip gunstigste ligging. Door achterlastige trim wordt 20 de laagste plaats van de tanks bereikt. Peil- en zuigbuizen worden op ideale wijze geplaatst en ook tankverwarmingen, welke steeds de zuigleiding mede verwarmen kunnen op gunstige wijze worden aangesloten.
Door de standaardpositie en standaardconstructie kunnen alle branderwerkzaamheden voor de doorgangen reeds in de projectfase worden vastgelegd. Tankdrukproeven kunnen met blinde deksels bij 25 vooraf vervaardigen van de scheepsbouw worden uitgevoerd en ook het conserveren van de tanks kan op een vroeg tijdstip doch voor het inbouwen van de containers worden beëindigd.
De aanvoer en toevoer naar de, na het aanbrengen van de hoofdmachine en de containers aangebrachte opbouwvoorzieningen geschiedt via een, aan de voorzijde van het machineruim midscheeps aangebrachte verzorgingsschacht. Volgens de uitvinding worden alle toe- en aanvoerleidingen en afvoer-30 leidingen in die opbouwvoorzieningen in een dergelijke schacht gelegd. De toe- en afvoer naar en van de afzonderlijke deks geschiedt ook vanuit die schacht. De schacht is berijdbaar. Door het vastleggen van een verzorgingsschacht zijn de scheidingslijnen tussen machineruim en de opbouwvoorzieningen éénduidig en nauwkeurig vastgesteld. In die schacht worden alle kabels en buisleidingen gelegd. Hierdoor kunnen de verticale door buizen gevormde banen en kabelkanalen in het machineruim als één voltooide eenheid 35 nauwkeurig passend in het containergestel worden ingehangen.
Door de voorgestelde containerisering van de bouw van het handelsschip in het bereik van de hoofdmachine worden de volgende voordelen bereikt:
Het opbouwen van de uitrusting kan na de projectfase parallel ten opzichte van de bouw van de scheepsromp plaatsvinden.
40 De tekeningen waar de doorgangen op zijn aangegeven kunnen, dank zij de standaard-doorgangen onmiddellijk worden vastgelegd. Men behoeft niet op de goedgekeurde buisleidingplannen te wachten.
Alle karweibegrenzingen zijn bekend.
Transportwegen, trap- en ventilatieplannen kunnen worden vastgelegd voordat het machineopstellings-plan gereed is.
45 Functiegroepen worden samengevoegd. Hier kunnen door een goed doordachte rangschikking naar functie, mogelijkheden tot onderhoud en gevoeligheid voor storingen zeer beslissende voordelen worden bereikt.
Functie-eenheden kunnen ook in het dekbereik ingezet worden; zo kunnen bijvoorbeeld hydraulische eenheden voor dekmachines compleet met voorraadtank en besturing in een container gemonteerd worden 50 en door middel van een montageplaat worden ingebouwd.
Door het vormen van een grote, naar boven toe wijder wordende opneemruimte en het ontbreken van framespanten en platformdeks wordt niet slechts de inbouw van de containers en van de hoofdmachine vergemakkelijkt, doch is aanzienlijk meer nuttige ruimte beschikbaar.
Door toepassing van CAD en een tekeningen-bibliotheek kunnen herhalingswerkzaamheden tot het 55 minimum worden gereduceerd.
De containerisering kan overal en onafhankelijk van het scheepstype worden toegepast.
Standaardcontainers kunnen ook op het dek voor buizenbruggen op gas-tankers en speciale schepen 194546 4 worden toegepast.
De controle-ruimtes en schakel-centrales kunnen door het sluiten van de velden van de container-stellages met panelen uit volgens de uitvinding toegepaste standaard- en pascontainers worden gevormd.
Door het splitsen van het machineruim in een aantal containers is een calculatie vóór de bouw van een 5 nieuw schip aanzienlijk vereenvoudigt.
Door het samenvoegen in functie-eenheden wordt een nauwkeurigere planning en het aanhouden van termijnen vergemakkelijkt.
Ook zijn de bezigheden welke moeten worden verricht door degene die zich bezig houden met de uitrusting van het schip door het grote aandeel aan vooraf vervaardigde uitrustingsdelen gelijkmatiger. De 10 extreme schommelingen van het huidige "één helling”-systeem worden grotendeels vermeden.
De arbeidspieken kunnen door de mogelijkheid tot gemakkelijk transport van de containers ook worden opgevangen door subondernemers, aangezien de buitenafmetingen van de standaardcontainers en de pascontainers tevoren éénduidig vast liggen.
Functie-eenheden, zoals bijvoorbeeld koelinstallatiegroepen, separatorinstallaties, ketel installaties 15 enzovoorts kunnen bij de levering van de standaardcontainers aan onderleveranciers worden uitbesteed.
De vervaardiging van de standaardcontainers wordt, volgens volgens de uitvinding op een bouwmal, bijvoorbeeld op een vervaardigings-”eiland” uitgevoerd. Evenzo kunnen gestandariseerde houders, onderconstructies en fundamenten voor de containers in gereedheid gebracht worden.
Aangezien alle delen steeds weer terugkerende delen zijn, kunnen de kleinste vervaardigingstoleranties 20 bij de toepassing van bouwmallen worden gerealiseerd. De kostbare werkzaamheden voor het pasmaken | komen te vervallen.
I Alle delen, welke in de staalbouw vooraf vervaardigd worden, zijn volgens de uitvinding gezandstraalt, geprimerd respectievelijk vuurverzinkt.
De volgens de uitvinding voorgestelde toepassing van gesloten holle profielen voor de vervaardiging van 25 de containers leidt tot. een hoge mate van sterkte bij een klein, glad oppervlak. Op deze wijze kan de conservering voor die container snel en op economische wijze erop worden aangebracht.
De uitrusting van de standaardcontainers vindt plaats in een verwarmde werkplaatshal. Alle werkplaatsen worden op die hal aangesloten. Verder is voorzien in een tussenopslagplaats voor de standaarddelen. Daardoor worden de transporten tot een minimum beperkt. Op doelmatige wij ze dient slechts in één 30 vervaardigingsvlak te worden gewerkt, zodat geen verticale transporten nodig zijn.
De standaardcontainers kunnen, volgens de uitvinding, ook uitgerust zijn met trappen, vloeren, leuningen, lekbakken en transportwegen. Daardoor komen alle stellages in de machineruimen te vervallen. Voor het beladen van het machineruim met de compleet uitgeruste containers en voor het opstellen van de opbouwvoorzieningen wordt de machineschacht van de eindconservering voorzien. Door de trapsgewijze 35 vorm van de opneemruimte voor de hoofdmachine kan het conserveren zonder toepassing van stellages plaatsvinden.
Door het samenvoegen tot functie-eenheden kan een verregaande bedrading voor de diverse apparatu-ren in de containers worden gerealiseerd. Door het vastleggen van de banen volgens welke de kabels moeten worden gelegd is een nauwkeurig vaststellen van de lengte van die kabels mogelijk en wordt het 40 snijveriies voelbaar verminderd.
Alle containers worden voor het inbouwen aan boord van de definitieve verflaag voorzien.
Verder kunnen een aantal op elkaar te plaatsen containers als bouwgroep voorgemonteerd worden en als eenheid aan boord gehesen en ingebouwd worden. De montagetijden voor de uitrustingkranen worden door de containerisering en de prefabricage drastisch verlaagd.
45 Door het in verregaande mate toepassen van schroefbouten bij de montage worden kostbare handlas-werkzaamheden en naconserveringswerkzaamheden vrijwel volledig vermeden.
Door de vervaardiging van de uitrusting in bedrijven buiten de scheepshelling daalt ook het risico voor ongevallen sterk.
Door het standariseren kan ook het in voorraad houden van halffabrikaten worden vereenvoudigt. Bij 50 toepassing van halffabrikaatlengtes in de dubbele rastermaat, bijvoorbeeld 6 meter wordt ook het snijveriies verder vermindert.
Voor het nauwkeurig afkorten van de halffabrikaten kan een automatische zaagstraat worden opgebouwd.
Het omslachtige en kostbare boren van bevestigingsgaten aan halffabrikaten kan door stansen worden 55 vervangen.
Voor het transport van de containers is voorzien in een transportwagen, welke is voorzien van opneem-voorzieningen voor de steunen van de standaard- en pascontainers en waarop bijvoorbeeld een drietal op 5 194546 elkaar gestapelde standaardcontainers of pascontainers met een totale hoogte van 9 meter kunnen worden getransporteerd.
Voor het aan boord inbouwen wordt een transportinrichting soortgelijk aan een zogenaamde container-spreader toegepast. Aan die inrichting kan, onder belasting het hijswerk voor de scheepshelling worden 5 ingesteld.
De fundamenten voor de containers bestaan uit een lasconstructie. De bovenplaat is voorzien van een boring waarin een geleidingsdoorn wordt ingeslagen om de container te fixeren. De fundamenten kunnen met een nauwkeurigheid van millimeters reeds in prefabricage op de dubbele bodem van de romp worden geplaatst. Ook het achteraf inbouwen op de scheepshelling is door middel van de inrichting onbezwaarlijk 10 mogelijk.
Ook de genormaliseerde onderverdelingen van de standaardcontainer worden uit tegen buigingsstijve, holle profielen vervaardigd. De ophanging van de onderverdelers bestaan uit een hoekijzerstuk, dat voorgeboord en met keelnaden aan het holle profiel wordt bevestigt.
Bij de montage wordt de onderverdeler op maat ingehangen en worden schroefbouten door de boringen 15 gestoken en geschoten waarna de onderverdeler met moeren wordt vastgelegd.
De pascontainers bestaan uit dezelfde onderdelen als de standaardcontainers. De aanpassing aan de vereiste maat geschiedt slechts door kiezen en realiseren van de juiste lengte van het middenstuk.
De verticale steunen zijn in de vorm van vierkante buizen door eindplaten afgesloten, waarin zich pasboringen bevinden voor de, het verticaal nauwkeurig richten waarborgende pastappen.
20 Wanneer de containers opeengestapeld worden, worden die pastappen in pasboringen van de er onder gelegen vierkante buis ingesloten. De zich daarboven bevindende vierkante buis wordt dan op de betrokken pastap geplaatst en daardoor geleidt. Vervormingen van de containerstellages respectievelijk -skeletten kunnen door het uit elkaar trekken door middel van daarvoor geschikte inrichtingen worden gecompenseerd. In de container kunnen, op de horizontale onderverdeling de onderconstructies voor apparatuur en 25 aggregaten worden ondergebracht. Die onderconstructies worden genormaliseerd en geprefabriceerd. Bij een juiste keuze van de trapsgewijze opeenvolging van verschillende maten en handfabrikaten kan worden volstaan met een klein aantal prefab-onderconstructies, welke aan vrijwel in aanmerking komende eisen voldoen. Voor enkele speciale gevallen kunnen dan nog aparte constructies worden vervaardigd.
Ook de genormaliseerde onderverdelers van de standaardcontainers kunnen uit tegen buigingstijve, holle 30 profielen vervaardigd. De ophanging van de onderverdelers bestaat uit een hoekijzerstuk, dat voorgeboord en met keelnaden aan het holle profiel wordt bevestigt.
In hetgeen thans volgt wordt de uitvinding, onder verwijzing naar de tekening, nog nader toegelicht.
Figuur 1 is een schematisch zijaanzicht, gedeeltelijk in doorsnede van het achterste deel van de 35 scheepsromp van een volgens de uitvinding uitgevoerd schip; figuur 2 is een schematisch spantvooraanzicht van de scheepsromp volgens figuur 1; de figuren 3 tot 7 zijn dwarsdoorsneden van de scheepsromp volgens de in figuur 2 weergegeven spanten; figuur 8 is een schematisch bovenaanzicht, gedeeltelijk in doorsnede van de scheepsromp volgens de 40 figuren 1 en 2, waarbij in die figuur een viertal scheepslijnen is ingetekent; de figuren 9 tot 11 zijn horizontale doorsneden van de scheepsromp volgens de figuren 1, 2 en 8 ter hoogte van de dubbele bodem, het onderste platform respectievelijk het bovenste platform; de figuren 12 tot 16 zijn spantdoorsneden overeenkomstig de figuren 3 tot 7, waarbij aanvullend de hoofdmachine en de die hoofdmachine omgevende containers zijn weergegeven; 45 de figuren 17 tot 19 zijn horizontale doorsneden analoog aan de figuren 9 tot 11, waarbij aanvullend de hoofdmachine en de containers afgebeeld zijn; figuur 20 is een spantdoorsnede analoog aan figuur 3, waarbij aanvullend standaard-doorgangen zijn weergegeven; figuur 21 is een bovenaanzicht van de lijnen ter hoogte van het onderste platform overeenkomstig figuur 50 18, waarbij aanvullend standaarddoorgangen weergegeven zijn; figuur 22 is een zijaanzicht van een volgens de uitvinding uitgevoerde standaard-containerstellage; figuur 23 is een bovenaanzicht bij figuur 20; figuur 24 is een kopaanzicht bij figuur 20; figuur 25 is een aan figuur 22 analoog zijaanzicht van een volgens de uitvinding uitgevoerde pas-55 containerstellage; figuur 26 is een bovenaanzicht bij figuur 25; figuur 27 is een bovenaanzicht analoog aan figuur 23 met aanvullend aangebrachte onderconstructie; 194546 6 figuur 27a is een bovenaanzicht van een lang dwarsversterkingselement 53 van de onderconstructie volgens figuur 27; figuur 27b is een bovenaanzicht van een kort dwarsversterkingselement 54 van de onderconstructie volgens figuur 27; 5 figuur 27c is een gedeeltelijk zijaanzicht van de einden van de dwarsversterkingselementen 53, 54 volgens de figuren 27a en 27b; figuur 28 is een bovenaanzicht van een opstelling van een viertal containers met rechthoekig grondvlak op rastersteunen, welke op een horizontale getrapte wand van de scheepsromp zijn aangebracht; figuur 29 is een zijaanzicht van een volgens de uitvinding toegepaste rastersteun figuur 30 is een 10 bovenaanzicht van een volgens de uitvinding uitgevoerde rastersteun met een viertal aansluitelementen; figuur 31 is een zijaanzicht van een volgens de uitvinding uitgevoerde rastersteun met slechts een tweetal aansluitelementen; figuur 32 is een bovenaanzicht bij figuur 31; figuur 33 is een verticale doorsnede van de insteekverbinding van twee boven elkaar aangebrachte 15 vierkante buizen van containers; figuur 34 is een zij aanzicht van een volgens de uitvinding uitgevoerde container analoog aan figuur 21 waarbij de inbouw van een rijpaneel of -schakelbord en van een ruimte voor leidingen zijn aangeduid; figuur 35 is een bovenaanzicht bij figuur 34; figuur 36 is een kopaanzicht bij figuur 34; 20 figuur 37 is een zijaanzicht van een pascontainer met een verbreed pasbereik waarbij schematisch de inbouw van zeewaterpompen en een zeewaterkanaal zijn weergegeven; figuur 38 is een bovenaanzicht bij figuur 37; figuur 39 is een kopaanzicht bij figuur 37, waarbij op de onderste pascontainer een verdere pascontainer is geplaatst; 25 figuur 40 is een zijaanzicht van een tweetal op elkaar geplaatste standaardcontainers met aanvullend weergegeven de inbouw van etagetrappen; figuur 41 is een bovenaanzicht bij figuur 40; en figuur 42 is een kopaanzicht bij figuur 40.
30 Volgens de figuren 1, 2 en 8 is in het achterste deel van een stalen scheepsromp 2 midscheeps een hoofdaandrijfmachine 11 en daarachter een asinstallatie 27 aangebracht. In de scheepslangsrichting gezien zijn de afzonderlijke spanten 0 tot 37 aangeduid. In figuur 1 zijn verder de basis 42, de dubbele bodem 43, de vloerbodem 44, een zich daarboven bevindend onderste platformdek 45, een daarboven aangebracht bovenste platformdek 46 en het hoofddek 47 zijn aangeduid.
35 De figuren 3 tot 7 laten de spantdwarsdoorsneden zien ter hoogte van de spanten 37, 22. 6, 22, 15 respectievelijk 11.
In het bereik van die spanten is het achterste van de scheepsromp 12 voorzien van een, het machine-ruim vormende opneemruim 20, dat vrij van spanten en platforms is en van onderen naar boven toe trapsgewijs wijder wordt respectievelijk volgens de figuren 9 tot 11 trapvormig van voren naar achter 40 toeloopt. De figuren 9 tot 11 zijn horizontale doorsneden van het achterste deel van de scheepsromp 12 ter hoogte van de dubbele bodem 43, van het onderste platformdek 45 respectievelijk het bovenste platformdek 46. Ook in die figuren zijn de spanten van dezelfde verwijzingscijfers als in de figuren 1 tot 8 voorzien.
Op grond van de uit de figuren 3 tot 7 en 9 tot 11 blijkende uitvoering wordt het opneemruim 20 voor de hoofdmachine 11 uitsluitend begrensd door horizontale trapsgewijs verlopende wanden 14, verticale 45 langs-getrapte wanden 15 en verticale dwars-getrapte wanden 16.
De scheepslangsrichting is in alle figuren met het verwijzingscijfer 13 aangeduid.
In de figuren 1 en 12 tot 19 zijn aanvullend op de figuren 3 tot 7 en 9 tot 11 containers 17, 21, respectievelijk 25 binnen het opneemruim 20 afgebeeld, waarbij de dimensionering van de getrapte wanden 14, 15, 16 en van de containers 17, 21, 25 volgens de uitvinding op de volgende wijze is gerealiseerd: 50 De weergegeven standaardcontainer 17 hebben, volgens de figuren 18 en 19, een rechthoekige horizontale dwarsdoorsnede met een korte zij de van 3 meter en een lange zijde van 6 meter.
De verticale afmeting 48 van de standaardcontainers 17 bedraagt, volgens de figuren 12 tot 16, 3 meter en valt derhalve eveneens in de voor het grondvlak geldende rastermaat. Volgens de figuren 12 tot 19 zijn de getrapte wanden 14, 15, 16 in het bereik naast de hoofdmachine 11 zodanig aangebracht, dat naast die 55 hoofdmachine 11 ook nog een tweetal standaardcontainers 17 kan worden geplaatst. De lengtes, breedtes en hoogtes van de getrapte wanden 14, 15, 16 zijn eveneens ingepast in de gekozen rastermaat. Behoudens toleranties is het de bedoeling dat de containers 17, 21,25 tegen de getrapte wanden 14, 15, 16 aan 7 194546 liggen ten einde aldaar op geschikte wij ze aan de scheepsromp 12 te kunnen worden bevestigt.
Volgens de figuren 1 en 17 tot 19 zijn vóór de hoofdmachine 11 een drietal pascontainers 21 opeengestapeld aangebracht, welke in de scheepslangsrichting 13 en in de hoogterichting in de rastermaat vallen, dat wil zeggen in die richtingen zijdelengtes van 3 meter hebben. In de dwarsrichting is echter, volgens de 5 figuren 17 tot 19 het, met de breedte van de hoofdaandrijfmachine 11 corresponderende middelste pasbereik 22 iets breder, ten einde aldus de ruimte tussen de hoofdaandrijfmachine 11 en het voorste machineruimschot 49 op te vullen. Aan weerszijden naast het middelste pasbereik 22 is telkens voorzien in een tweetal kubische bereiken 17' met zijde-afmetingen van 3 meter.
De drie boven elkaar geplaatste pascontainers 21 zijn identiek uitgevoerd en in verticale richting ten 10 opzichte van elkaar gericht.
Achter de hoofdmachine 11 bevindt zich volgens figuur 18 tussen de vloerbodem 44 en het onderste platformdek 45 een verdere pascontainer 25', waarvan de breedte met de breedte van de hoofdmachine 11, de lengte ongeveer met de lengte van de asinstallatie 27 en de hoogte met de rastermaat van 3 meter correspondeert.
15 Tussen het onderste platformdek 45 en het bovenste platformdek 46 is, volgens de figuren 1 en 19 een verdere pascontainer 25 aangebracht, welks afmetingen in de scheepslangsrichting 13 en in verticale richting overeenkomt met die van de pascontainer 25' volgens figuur 18, welke echter in de scheepsdwars-richting een ten bedrage van 3 meter aan weerszijden grotere breedte heeft, zodat die container volgens figuur 19 nauwkeurig past in de, door de breedte van de hoofdmachine 11 en de standaardcontainers 17 20 gedefinieerde rastermaat.
Bij de pascontainers 25, 25' ligt dus slechts de verticale afmeting in de rastermaat, terwijl het dwarsliggende pasbereik 22 is aangepast aan de breedte van de hoofdmachine 11 en het in langsrichting verlopende pasbereik 26 aan de lengte van de asinstallatie 27.
Blijkens de figuren 12 tot 19 kan dus de gehele ruimte vóór en achter de hoofdmachine 11 volledig 25 worden opgevuld met standaardcontainers 17 en pascontainers 21, 25, 25'.
Volgens figuur 1 liggen de afstand van de vloerbodem 44 tot het onderste platformdek, de afstand van het onderste platformdek 45 tot het bovenste platformdek 46 en de afstand van het bovenste platformdek 46 tot het hoofdek 47 in de rastermaat en bedragen die afstanden dus telkens 3 meter.
De figuren 20 en 21 laten bij wij ze van voorbeeld een spantvooraanzicht aan het spant 37 respectievelijk 30 de gedaante in omtrekslijnen ter hoogte van het onderste platformdek 45 analoog aan de figuren 3 en 10 waarbij aanvullend gestandariseerde doorgangen dóór de getrapte wanden 14, 15 zijn afgebeeld. De doorgangen 28 hebben bij voorkeur de grootte van een mangat terwijl in de in te bouwen containers 17, 21, 25 is voorzien in overeenkomstige en met de doorgangen 28 communicerende aansluitingen, verbindingen, openingen o.d.
35 Dóór de doorgangen 28 heen is het ruim tussen de wanden van de opneemruimte 20 en de buitenhuid 19 van het schip toegankelijk. Door het aangebracht zijn van bijvoorbeeld tanks of stuwruimtes kan dit bereik van de scheepsromp 12 als nuttige ruimte 18 gevormd zijn, waar tussen en tussen de containers 17, 21,25 de doorgangen als verbindingsmiddel fungeren.
Achter de opneemruimte 20 volgens figuur 9 en de container 21 volgens figuur 17 zouden aan weerszij-40 den nog standaardcontainers kunnen worden ingebouwd, waarbij de verticale steun achteraan met buitenzijde is weggelaten, teneinde een aanpassing te verkrijgen aan de naar achteren toelopende scheepscontour.
Bij de bouw van een schip volgens de figuren 1 tot 21 wordt als volgt te werk gegaan:
Terwijl de scheepsromp in de vorm volgens de figuren 1 tot 11 op de helling van een werf wordt 45 vervaardigd, kunnen, parallel ten opzichte daarvan in speciale werkplaatsen de voor het inbouwen in een opneemruim 20 bestemde bouwelementen, zoals de hoofdmachine 11, de asinstallatie 27 en de containers 17, 21,25, 25' met de daarin aan te brengen uitrusting worden vervaardigd.
Na het gereedkomen van de scheepsromp wordt dan eerst de hoofdmachine 11 en de asinstallatie 27 gemonteerd. In aansluiting daarop worden dan van bovenaf in het schip achtereenvolgens de standaard-50 container 17 alsmede de pascontainers 21, 25 respectievelijk 25' ingebracht. Eventueel kunnen tevoren een aantal containers, bijvoorbeeld de pascontainers 21 volgens figuur 1 tot een bouweenheid worden samengesteld en dan gemeenschappelijk in het schip worden gehesen.
Na het aanbrengen van alle bouwelementen in het inwendige van het opneemruim 20 worden dan de elektrische, hydraulische en andere verbindingen tussen de afzonderlijke bouwelementen tot stand gebracht 55 en vindt het vastleggen op geschikte wij ze plaats.
Tenslotte worden boven op de scheepsromp de opbouwvoorzieningen opgebracht, welke in de figuren 12 tot 16 slechts schematisch als een dekplaat 50 zijn aangeduid. Door een, vóór het machineruimschot 49 194546 8 aangebrachte, verzorgingsschacht 58 (figuren 17 tot 19) kunnen de vereiste verbindingen tussen de opbouwvoorzieningen en het machineruim tot stand gebracht worden.
In de figuren 22 tot 24 is een voorkeursopbouw van een volgens de uitvinding toegepaste standaard-containerstellage 17 weergegeven. Dit bestaat uit telkens bij de rastermaat van 3 meter aangebrachte, 5 verticale, vierkante buizen 33, welker hoogte eveneens overeenkomt met de rastermaat en dienovereenkomstig 3 meter bedraagt en met een dwarsdoorsnede van 0,2 x 0,2 meter.
Ter hoogte van ongeveer éénderde van de verticale buizen 33 is een horizontaal, rechthoekig frame 31 aangebracht met een afmeting van 6x3 meter en met in het midden een 3 meter lange dwarsversterkings-element 51.
10 Aldus wordt een zeer stabiel, in het bijzonder voor verticale opeenstapeling geschikte stellage verkregen waarbinnen alle gewenste inbouwvoorzieningen kunnen worden aangebracht.
Door het rechthoekige frame 31 en de dwarsversterkingselementen 51 wordt aldus het standaard-containerstellage 17 in een onderste deel 29 en een bovenste deel 30 onderverdeeld. Het bovenste deel 30 heeft een hoogte van circa 2 meter en is dus geschikt om te worden begaan door personen terwijl het 15 onderste 29 in de eerste plaats voor het daarin aanbrengen van leidingen, toestellen enzovoorts bestemd en ingericht is.
De figuren 25 en 26 zijn soortgelijke aanzichtfiguren als de figuren 22, 23, waarbij echter een pascontainer 21 is weergegeven, waarvan het middelste pasbereik 22, in tegenstelling tot het uitvoerings-voorbeeld volgens de figuren 1 tot 19 smaller is dan de, in de rastermaat gelegen zich opzij bevindende 20 bereiken. Verder is het standaardcontainerstellage 17 volgens de figuren 26 voorzien van een tweetal op de afstand van de lengte van het pasbereik 22 aangebrachte dwarse versterkingselementen 52.
Van de vierkante buizen 33 bedraagt, ook bij het uitvoeringsvoorbeeld volgens de figuren 25, 26 de hoogte 3 meter.
Figuur 27 is een ten opzichte van figuur 23 analoog aanzicht van een standaardcontainergestel 17, 25 waarbij echter, volgens de uitvinding, ter hoogte van het rechthoekige frame 31 en de dwarsversterkingselementen 51 een onderconstructie 32 is ingebouwd, welke bestaat uit in de rastermaat van circa 3 meter uitgevoerde dwarse versterkingselementen 53 en in de halve rastermaat van circa 1,50 meter uitgevoerde dwarse versterkingselementen 54, welke volgens de figuren 27a, 27b en 27c als vierkante buizen met aan de einden 55 hoekprofielen uitgevoerd zijn, welke op het bovenvlak van het rechthoekige frame 31, de 30 dwarse versterkingselementen 51 op de lange versterkingselementen 53 gelegd worden en aldaar bijvoorbeeld worden bevestigd met de eerder genoemde Peco-schroefbouten.
Figuur 28 laat in bovenaanzicht bij wij ze van voorbeeld de opstelling zien van een aantal rastersteunen 34 op een horizontale, getrapte wand 14. Volgens de figuren 29, 30 bestaat elke rastersteun uit een kruisvormige basis 65, waar een vierkante plaat op is aangebracht, welke in totaal een viertal evenwijdig 35 aan de bodem 14 verlopende, plaatvormige aansluitelementen 35 vormt, waarvan telkens in het midden een pastap 56 verticaal omhoog uitsteekt.
De vierkante buizen 33 zijn aan hun onderzijde evenals de bovenste vierkante buis 33 volgens figuur 33 uitgevoerd, zodat zij met een in een onderste eindplaat 56"' aangebrachte, onderste, verticale pasboring 56' met paszitting op de verticale pastappen 56 kunnen worden opgeschoven en aldus feilloos ten opzichte van 40 de getrapte wand 14 gejusteerd zijn.
Volgens figuur 28 zijn in totaal vijf rechthoekige standaardcontainers 17 in nauw tegen elkaar aan liggende passing op de volgens de rastermaat aangebrachte rastersteunen 34 aangebracht.
In het bereik van een bunkerwand 36 kan de basis 65 van een rastersteun 34 ook uit slechts een tweetal naast elkaar gelegen aansluitelementen 35 met twee, aan de hoeken van een rastermaat aangebrachte 45 pastappen 56 bestaan. In de hoeken is één aansluitelement 35 voldoende.
Evenals de vierkante buizen 33 door middel van hun verticale pasboringen 56' op de pastappen 56 van de basis 55 kunnen worden opgestoken, kunnen, volgens figuur 33, ook twee vierkante buizen 33 axiaal gericht worden ineen gestoken, doordat in hun op gelijk wij ze gedimensioneerde pasboringen 55' een pastap 56 wordt aangebracht, welke eerst in de boring 56' van de bovenste eindplaat 56" wordt ingeslagen; 50 waaraan dan van bovenaf de eindplaat 56'" met zijn boring 56' wordt opgestoken.
Volgens de figuren 34 tot 36 is in een standaardcontainer 17 een schakelpaneelinstailatie 37 boven het rechthoekige frame 31 aangebracht. De vóór dat paneel 37 beschikbare ruimte 57 is voor één persoon gemakkelijk toegankelijk en begaanbaar. De ruimte vóór het paneel 37 kan onderaan, bijvoorbeeld door een ingelegd paneel 59 als vloer uitgevoerd zijn. Onder het rechthoekige frame 31 is voorzien in een ruimte 38 55 voor leidingen e.d.
De figuren 37 tot 39 laten een pascontainer 21 zien met een middelste pasbereik 22 alsmede een tweetal zich opzij bevindende, kubische bereiken 17' welke volgens de rastermaat zijn gedimensioneerd. In

Claims (58)

1. Koopvaardijschip, met ten minste één in de stalen scheepsromp aangebracht, een groot volume bezittend hoofdaggregaat zoals van de hoofdaandrijfmachine, waar om heen de vereiste hulpruimtes, zoals 15 toegangsruimtes, bunkers, tanks, stuwruimtes, controleruimtes, onderbrengingsruimtes voor werkplaatsen, besturingsinrichting, schakelcentrales, pompen, hydraulische aggregaten o.d. zijn aangebracht, met het kenmerk, dat de scheepsromp (12) in het bereik van het hoofdaggregaat (11) een aan de bovenzijde open opneemruim (20) bevat, dat zich van onderen naar boven en/of in de scheepslangsrichting (13) trapvormig wijder wordend en bij voorkeur van spanten en/of platforms vrij is uitgevoerd, dat de hoogte, lengte en 20 breedte van de getrapte wanden (14,15, 16) naast respectievelijk om het hoofdaggregaat (11) zijn gedimensioneerd in een vooraf bepaalde rastermaat in de orde van grootte van enkele meters, in het bijzonder van ongeveer 3 meter, en ten minste een belangrijk deel van de hulpruimtes is ondergebracht in naast, vóór en/of of achter het hoofdaggregaat (11) op respectievelijk aan de getrapte wanden (14,15,16) aangebrachte, ten minste in één dimensie, in het bijzonder in de hoogte, bij voorkeur echter in twee 25 dimensies en in het bijzonder de voorkeur verdienend in alle drie dimensies volgens dezelfde rastermaat gedimensioneerde, parallellepipedumvormige containers of containersteliages (17, 21, 25).
2. Schip volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat tussen de getrapte wanden (14,15,16) en de buitenhuid (19) van het schip is voorzien in nuttige ruimtes (18) zoals bunkers, tanks, stuwruimtes, werkplaatsen o.d.
3. Schip volgens conclusie 1 of 2, met het kenmerk, dat het opneemruim (20) zich bevindt in het achterste bereik van het schip en van voren naar achteren in de rastermaat trapsgewijs toeloopt.
4. Schip volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de zich tussen de buitenhuis (19) en het opneemruim (20) bevindende ruimte, waarin in het bijzonder de nuttige ruimtes (18) zijn ondergebracht, ten minste grotendeels afmetingen heeft onder de rastermaat.
5. Schip volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat vóór en/of achter het hoofdaggregaat (11) pascontainers of pascontainerstellages (21, 25) zijn aangebracht, welke ten minste in één en bij voorkeur is twee dimensies, waarvan er één de hoogte dient te zijn, in de rastermaat liggen en de scheepsdwarsrichting en/of in de scheepslangrichting een in het bijzonder met de breedte van het hoofdaggregaat (11) respectievelijk met de lengte van de asinstallatie (27) corresponderende, buiten de 40 rastermaat gelegen bereik (22, 26) bevatten.
5 Tenslotte verduidelijken de figuren 40 tot 42 nog de wij ze van aanbrengen van trappen 41 tussen een tweetal opeen gestapelde standaardcontainer-stellages 17. Op die wij ze zijn ook zich op verschillende niveaus bevinden vlakken van de boven elkaar geplaatste containers voor personen gemakkelijk toegankelijk. 10
6. Schip volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de containers of containersteliages (17, 21, 25) een met de rastermaat, bijvoorbeeld met 3 meter, corresponderende uniforme hoogte hebben.
7. Schip volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat is voorzien in standaardcontainers (17) of standaardcontainerstellages met een rechthoekig grondvlak, waarbij de korte zijden (23) overeen- 45 komt met de enkelvoudige rastermaat, bijvoorbeeld met 3 meter, en de lange zijde (24) overeenkomt met de dubbele rastermaat, bijvoorbeeld met 6 meter.
8. Schip volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat in de getrapte wanden (14,15,16), op gestandariseerde plaatsen is voorzien in doorgangen (28), welke bij voorkeur de grootte van een mangat hebben.
9. Schip volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de containers of containersteliages (17, 21, 25) in de hoogterichting in een, circa éénderde van de rastermaat innemend onderste deel (29) en een circa tweederde van de rastermaat innemend bovenste deel (30) zijn onderverdeeld.
9 194546 het bovenste del zijn achter elkander zeewaterpompen 39 aangebracht, terwijl onder het rechthoekige frame 31 leidingen en onder andere een zeewaterkanaal 40 zijn ondergebracht. Uit figuur 39 is ook nog het volgens de uitvinding toegepaste opeen stapelen van een tweetal pascontainer-stellages 21 te zien.
10. Schip volgens conclusie 9, met het kenmerk, dat tussen het onderste en het bovenste deel (29, 30) van de container of containerstellage (17, 21, 25) is voorzien in een, de buitenafmetingen bepaald rechthoekig 55 frame (31), waarop een onderconstructie (32) voor het opnemen van toestellen of voor het begaan door personen kan zijn aangebracht.
11 Hoofdmachine
11. Schip volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de containers of containersteliages 194546 10 (17, 21, 25) zijn voorzien van in rastermaat aangebrachte draagbuizen, in het bijzonder vierkante buizen (33).
12 Scheepsromp 15 13 Scheepslangsrichting
12. Schip volgens conclusie 11 en in het bijzonder conclusie 10, met het kenmerk, dat in de rastermaat, respectievelijk aan de grenzen van de pasbereiken (22, 26) langs de omtrek verticale buizen (33) zijn 5 aangebracht, welke bij voorkeur slechts door een rechthoekig frame (32, 51, 52) bij een worden gehouden.
13. Schip volgens één der voorgaande conclusies, met het kenmerk, dat de containers of containerstellages (17, 21, 25) in verticale richting met elkander respectievelijk de horizontale, getrapte wanden (14) door insteekverbindingen op in verticale richting nauwkeurig gerichte manier met elkaar kunnen worden verbonden. Lijst van verwijzingscijfers
14 Horizontale, getrapte wand
15 Verticale getrapte langswand
16 Verticale getrapte dwarswand
17 Standaardcontainer 20
18 Nuttige ruimte
19 Scheepshuid
20 Opneemruim
21 Pascontainer
22 Pasbereik 25
23 Korte zijde
24 Lange zijde
25 Pascontainer
26 Pasbereik
27 Asinstallatie 30
28 Doorgang
29 Onderste deel
30 Bovenste deel
31 Rechthoekig frame
32 Onderconstructie 35
33 Vierkante buis
34 Rastersteun
35 Aansluitelement
36 Bunkerwand
37 Schakelpaneelinstallatie 40
38 Leidingruimte
39 Zeewaterpomp
40 Zeewaterkanaal
41 Trap
42 Basis 45
43 Dubbele bodem
44 Vloerbodem
45 Onderste platformdek
46 Bovenste platformdek
47 Hoofddek 50
48 Verticale afmeting
49 Machineschot
50 Dekplaat
51 Dwarsversterkingselement
52 Dwarsversterkingselement 55
53 Versterkingselement
54 Versterkingselement 11 194546
55 Basis
56 Pastappen 56' Pasboring 56" Eindplaat 56'" Eindplaat
57 Ruim
58 Verzorgingsschacht Hierbij 17 bladen tekening
NL9202055A 1991-11-30 1992-11-26 Koopvaardijschip met een aan de bovenzijde open opneemruim voor de hoofdaandrijfmachine. NL194546C (nl)

Applications Claiming Priority (2)

Application Number Priority Date Filing Date Title
DE4139542A DE4139542C2 (de) 1991-11-30 1991-11-30 Schiff, insbesondere Handelsschiff
DE4139542 1991-11-30

Publications (3)

Publication Number Publication Date
NL9202055A NL9202055A (nl) 1993-06-16
NL194546B NL194546B (nl) 2002-03-01
NL194546C true NL194546C (nl) 2002-07-02

Family

ID=6445982

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL9202055A NL194546C (nl) 1991-11-30 1992-11-26 Koopvaardijschip met een aan de bovenzijde open opneemruim voor de hoofdaandrijfmachine.

Country Status (21)

Country Link
US (1) US5299520A (nl)
JP (1) JP3461853B2 (nl)
KR (1) KR100267439B1 (nl)
CN (1) CN1040310C (nl)
AR (1) AR246901A1 (nl)
BE (1) BE1005580A3 (nl)
BR (1) BR9204599A (nl)
CA (1) CA2084125C (nl)
DE (1) DE4139542C2 (nl)
DK (1) DK173442B1 (nl)
ES (1) ES2063664B1 (nl)
FI (1) FI103774B1 (nl)
FR (1) FR2684349B1 (nl)
GB (1) GB2261854B (nl)
HR (1) HRP921372B1 (nl)
IE (1) IE70744B1 (nl)
IT (1) IT1255954B (nl)
NL (1) NL194546C (nl)
NO (1) NO924562L (nl)
PL (1) PL171422B1 (nl)
RU (1) RU2096243C1 (nl)

Families Citing this family (9)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE19532107C2 (de) * 1995-08-31 1997-10-16 Thyssen Nordseewerke Gmbh Schiff mit im Schiffsrumpf angeordneten, sich horizontal erstreckenden ebenen Flächenelementen
SE510457C2 (sv) * 1996-05-13 1999-05-25 Volvo Penta Ab Båtskrov samt fartyg med ett dylikt skrov
US5970899A (en) * 1997-08-14 1999-10-26 The United States Of America As Represented By The Secretary Of The Navy Diagonal hatch system for ships
US7818193B1 (en) * 2003-04-25 2010-10-19 The United States Of America As Represented By The Secretary Of The Navy Ship stowage aid analysis program
CN1329243C (zh) * 2004-12-29 2007-08-01 上海交通大学 舰船主体外壳双层模块化结构的设计方法
CN102582784B (zh) * 2012-03-30 2014-08-06 南通明德重工有限公司 船舶的船台或船坞分段搭载工艺
CN104773268A (zh) * 2015-03-27 2015-07-15 欧赛德船舶设计(上海)有限公司 一种采用宽翼设计的拖轮
KR20240033112A (ko) * 2018-06-01 2024-03-12 스틸헤드 엘엔지 (에이에스엘엔지) 엘티디. 액화 장치, 방법, 및 시스템
JP2025012621A (ja) * 2023-07-14 2025-01-24 常石造船株式会社 メタノール燃料コンテナ船

Family Cites Families (14)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
DE1912802U (de) * 1965-01-20 1965-03-25 Plastische Planung Dr A Derich Vorrichtung zum anfertigen von konstruktionsvorlagen, insbesondere fuer die verrohrung im schiffsbau.
US3363597A (en) * 1966-07-27 1968-01-16 Gen Dynamics Corp Ship and method of construction
JPS5119661B2 (nl) * 1971-08-10 1976-06-18
DE3305322A1 (de) * 1983-02-16 1984-08-16 Blohm + Voss Ag, 2000 Hamburg Schiff mit mehreren decks und entlang den decks verlaufenden laengs- und quertragelementen
DE3411299A1 (de) * 1984-03-27 1985-10-17 Blohm + Voss Ag, 2000 Hamburg Schiff
DE3426333A1 (de) * 1984-07-17 1986-01-30 Blohm + Voss Ag, 2000 Hamburg Antriebsaggregat fuer schiffe
JPS6171292A (ja) * 1984-09-14 1986-04-12 Nippon Kokan Kk <Nkk> 船舶機関室の建造方法
DE3442044A1 (de) * 1984-11-16 1986-05-28 Wolfgang 2000 Hamburg Mangelsdorf Katamaran-luftkissenwasserfahrzeug
DE3517862A1 (de) * 1985-05-17 1986-11-20 Blohm + Voss Ag, 2000 Hamburg Katamaran-wasserfahrzeug
FI84999C (fi) * 1986-02-11 1992-02-25 Masa Yards Oy Fartygskonstruktion.
DE69113918T2 (de) * 1990-08-06 1996-04-04 Ishikawajima Harima Heavy Ind Bildung und Anordnung von Funktionsmodulen.
US5226583A (en) * 1990-08-21 1993-07-13 Ishikawajima-Harima Jukogyo Kabushiki Kaisha Module frame work for larger structure, method and device for assembling module frame work and coupler for module frame work
US5170736A (en) * 1990-10-30 1992-12-15 Ishikawajima-Harima Jukogyo Kabushiki Kaisha Method for installing outfitting component onto module frame
DE4414852C1 (de) * 1994-04-28 1995-07-27 Kaefer Isoliertechnik Laderaum eines Kühlschiffes

Also Published As

Publication number Publication date
CN1040310C (zh) 1998-10-21
IT1255954B (it) 1995-11-17
NL194546B (nl) 2002-03-01
PL296775A1 (en) 1993-08-09
FR2684349A1 (fr) 1993-06-04
CA2084125A1 (en) 1993-05-31
KR100267439B1 (ko) 2000-10-16
CN1074186A (zh) 1993-07-14
NO924562D0 (no) 1992-11-26
HRP921372B1 (en) 2001-02-28
FR2684349B1 (fr) 1996-08-30
DK143392D0 (da) 1992-11-30
CA2084125C (en) 2001-03-27
HRP921372A2 (en) 1994-12-31
DK143392A (da) 1993-05-31
FI103774B (fi) 1999-09-30
DK173442B1 (da) 2000-11-06
NL9202055A (nl) 1993-06-16
JPH05262277A (ja) 1993-10-12
DE4139542C2 (de) 1999-12-30
KR930009855A (ko) 1993-06-21
GB9224850D0 (en) 1993-01-13
FI103774B1 (fi) 1999-09-30
ES2063664A2 (es) 1995-01-01
BE1005580A3 (fr) 1993-11-09
ES2063664R (nl) 1997-11-01
BR9204599A (pt) 1993-06-01
GB2261854A (en) 1993-06-02
ITMI922701A0 (it) 1992-11-26
US5299520A (en) 1994-04-05
DE4139542A1 (de) 1993-06-03
ITMI922701A1 (it) 1994-05-26
FI925411A0 (fi) 1992-11-27
RU2096243C1 (ru) 1997-11-20
NO924562L (no) 1993-06-01
PL171422B1 (pl) 1997-04-30
IE70744B1 (en) 1996-12-30
FI925411A7 (fi) 1993-05-31
IE922852A1 (en) 1993-06-02
ES2063664B1 (es) 1998-05-01
JP3461853B2 (ja) 2003-10-27
AR246901A1 (es) 1994-10-31
GB2261854B (en) 1995-08-09

Similar Documents

Publication Publication Date Title
NL193452C (nl) Schip met verscheidene dekken en langs de dekken lopende langs- en dwarsdragerelementen.
NL194546C (nl) Koopvaardijschip met een aan de bovenzijde open opneemruim voor de hoofdaandrijfmachine.
DK2753772T3 (en) Datacenter
US5069592A (en) Automated multistorey parking building
EP1019588B1 (en) Method of installation of modular ship&#39;s cabins
US20110219708A1 (en) Building unit with temporary reinforcing members, unit building, and method for constructing unit building
FI84999B (fi) Fartygskonstruktion.
NL2002869C2 (nl) Modulaire lift, werkwijze voor de vervaardiging en werkwijze voor de installatie hiervan.
US20020040829A1 (en) Scaffolding system for volumes of various shapes
CN115506599B (zh) 一种变电站用预制舱的安装方法
JP2021049854A (ja) タンカーの上部スツール配置構造
NL8200189A (nl) Eenheidsfundament voor op een scheepsdek op te stellen inrichtingen.
CN109680906A (zh) 一种带中空内腔的电梯井道
CN104797492B (zh) 设备舾装方法和模块
US20240084577A1 (en) Structure and method for erecting a structure
EP0605373B1 (en) Method for the assembly of fixtures and equipment in a ship galley or like space and a fixture and equipment system
NL8220082A (nl) Verplaatsbare vouwconstructie.
US3300915A (en) Common environmental container and building structure means
RU2432438C2 (ru) Модульные стеллажи
EP0930225B1 (en) Ship building method
CA2011527C (en) Automated multistorey parking building
US12188220B2 (en) Self-storage facility, fabrication, and methodology
US20260028814A1 (en) Modular building unit, building system, building and associated methods
JP2583260Y2 (ja) 設置島台の貯留タンク
EP4562253A1 (en) Modular building unit, building system, building and associated methods

Legal Events

Date Code Title Description
BA A request for search or an international-type search has been filed
BA A request for search or an international-type search has been filed
BB A search report has been drawn up
BC A request for examination has been filed
V1 Lapsed because of non-payment of the annual fee

Effective date: 20110601