CONCLUSIES
. Een Josephson lopende-golf parametrische versterker (Engels: Josephson travelling wave parametric amplifier), JTWPA, omvattende: een geleidende laag; een diëlektrische laag; en een aantal Josephson-juncties, welke zijn omvat door een transmissielijn, waarbij elke Josephson-junctie een elektrodspaar omvat, die zich naar elkaar toe uitstrekken om een overlapgebied te definiëren, waarbij ten minste één elektrode van één of meerdere van de elektrodeparen omvat: een eerste lengtesegment, dat althans het overlapgebied omvat; en een tweede lengtesegment gelegen tegenover net eerste lengtesegment, waarbij bet tweede lengtesegnient van genoemde ten minsts ene elektrode een diameter omwat, {welke zich orthogonaal aan een lengterichting. van de elektrode en in hoofdzaak parallel aan de geleidende laag wuitstreki), waarbij genoemde diameter groter is dan een diameter van het eerste lengtesegment, waardoor het tweede lengtesegment met de vergrote diameter, in combinatie met de geleidende laag en de diëlektrische laag, een capacitieve structuur definieert die althans deels cen karakteristieke impedantie van de JTWPA definieert.
2. De JTWPA volgens conclusie 1, waarbij het aantal Josephson-juncties in een kronkelend plaatsingspatroon is aangebracht, waarbij windingen van bet kronkelende plaatsingspatroon zijn gedefinicerd door respectievelijke eerste lenglesegmenten van naburige elektrodeparen van opeenvolgende Josephson-juncties. 3 De JTWPA volgens conclusie 2, waarbij het kronkelende plaatsingspatroon van het aantal Josephson-juncties een eerste substructuur omvat, omvattende: ven eerste Josephson-junctie omvattende een eerste elektrode en cen tweede elektrode: een tweede Josephson-junciie omvattende een tweede elektrode en een derde elektrode, waarbij de tweede elektrode tussen de eerste elektrode en de derde elekirode is opgesteld; een derde Josephsan-junctie ormvatiende de derde elektrode en een vierde elektrode, waarbij de derde elektrode tussen de tweede elektrode en de vierde elektrode is opgesteld; en een vierde Josephson-junctie omvattende de vierde elektrode en een vijfde elektrode, waarbij de vierde elektrode tussen de derde elektrode en de vijfde elekirode is opgesteld; waarbij de eerste elekirode, de derde elektrode en de vijfde elektrode zich parallel aanelkaar in een eerste richting uitstrekken; en de tweede elektrode en de vierde elektrode zich parallel aan elkaar in een tweede richting uitstrekken.
QA. 4, De ITWPA valgens conclusie 2 of 3, wasrbij het kronkelende patroon van het aanta! Josepbsoan-huwties een tweede substructure omvat, omvattende: zen vijfde Josephsonjumctie omvattende cen zesde elektrode en een zevende viektode; een zesde Josephsor-junctie omvattende de zevende elektrode en ven achtste elektrode; een zevende Josephson-junctie omvattende de achtste elektrode en cen negende elekirode; en ven achtste Josephson-functie omvattende de negende elektrode en cen tiende elektrode, waarbij de zesde elekirode, de achtste elektrode ern de tiende elektrode. zich in hoofdzaak parallel aan elkaar in een derde richting uitstrekken, en de zevende elektrade en de negende elektrode zich in hoofdzaak parallel aan elkaar in een wierde richting uitstrekken.
5. De JTWPA volgens oen willekeurige van de voorgaande conclusies, waarbij hel eerste lengiesegment en het tweede lengtesegment van de ten minste ene elektrode integraal gevormd zijn,
6. De ITWPA volgens conclusie 3, waarbij hel verste lengtessgment en het tweede lengtesegment zijn gevorrad in cen enkele ileralis van con fabricagetechniek, bij voorkeur zen vokele Heratie van een fabricagetechniek gebaseerd op onder een hoek opdampen,
7. De JTWPA volgens conclusie ò, waarbij het tweede lengiesegment een vorm Omvat, die in hoofdzaak cirkelvormig of verlhoekig is met con sandal zijden van gelijke grootte. 8 De JTWPA volgens conclusie 6 of 7, waarbij een eersie contour van bet twepde lenglescgroent, wanneer gezien in ven semi afrettingsrichting van de fabricagetechniek, overeenkomt met een tweede contour van het tweede lengtesegment, warmeer gezien in een tweede afrettingsrichting van de fabricagetechniek; evel waarbij het tweede lengtesegment rotatiesynmmetrie vertoont met betrekking tot de eerste afzettingsrichting en de tweede alzetiingsrichting van de fabricagetechniek. 39 9. [De JTWPA volgens conclusie §, waarbij het tweede lengtesegment een in hoofdzaak vierkante vorm omvalt,
10. De JTWPA volgens conclusie 9, waarbij het tweede lengiesegroent met de vierkante vorm zodanig georiënteerd is, dat een diagonaal van het tweede lengtesegment samenvalt met con lengterichting van de ten minste ene elektrode.
11. De JTWPA volgens conclusie 10, waarbij de diagonaal van het tweede lengtesegment voorts samenvalt met een horizonlale vectorcomponent van ten minste één van de eerste afzettingsrichting en de tweede afzettingsrichting van fabricagetechniek.
12. De JTWPA volgens een willekeurige van de voorgaande conclusies, waarbij het tweede lengtesegment een oppervlaktegebied van 3 wn? tot en met 1000 um? meer bij voorkeur van 6 um? tot en met 600 unt), meest bij voorkeur van 10 pm? tot en met 150 um? omvat,
13. De JTWPA volgens een willekeurige van de voorgaande conclusies, waarbij één of beide van een capaciteit en een inductantie van de transmissielijn periodiek is gemoduleerd, waardoor de impedantie van de transmissielijn periodiek wordt gemoduleerd, zodat een stopband voor fase- aanpassing wordt gedefinieerd in een dispersierelatie van de transmissielijn. 14, De [TWP volgens conclusie 13, waarbij de inductantie van de transmissielijn periodiek wordt gemoduleerd door periedieke modulatie van respectieve diameters van eerste lengtesegmenten: van opeenvolgende elektroden, zodat elektrodeparen die opeenvolgende Josephson-junsties vormen periodiek modulerende overlapgebieden omvatte.
15. De JTWPA volgens conclusie 13 of 14, waarbij de capaciteit van de transmissieliin periodiek wordt gemoduleerd door periodieke modulatie van respectieve diameters van de tweede lengtesegmerten van opeenvolgende elektroden die de transmissielijn vormen.
16. Een kwantumecomputersysteeny, omvattende ten minste: - ten minste één meetobject, zoals een kwantumbit, gubit; en - ten minste één JTWPA volgens een willekeurige van de voorgaande conclusies.
17. Werkwijze voor het verkrijgen van een JTWPA, omvattende het verschaffen van gen gelaagde siapel omvattende een substraat, een geleidende laag, een diëlektrische laag en een fotolaklaag, het onderwerpen van de gelaagde stapel aan cen blootstellingsproces gevolgd door ven ontwikkelproces, waardoor de fotolaklaag in gebieden overeenkomstig. met respectieve te vormen Josephson-juncties wordt verwijderd, het vormen van een aantal Josephson-juncties, elk omvattende sen elektrodepaar die zich naar elkaar toe uitstrekken en een overlapgebied definiëren; waarbij de werkwijze verder omvat,
het vormen van ten minste één elektrode van Één of meerdere van het aanfal elekirodenparen, zodat deze omvat: ven versie lengtesegment omvatiende een overlapgebied met cen naburige clekirade; en een tweede lenglesegment gelegen tegenover het eerste lenglesegment, waarbij zensemd tweede lengiesegment is gevormd om een diameter te omvatten, die zich orthogongal aan een lengterichting van de elektrode en in hoofdzaak parallel aan de geleidende laag aiïtstrekt, waarbij genoemde diameter groter is dan cen diameter van het eerste lengiesegment.
18. De werkwijze volgens conclusie 17, waarbij de stap van het vormen van het aantal Josephson-juncties omvat: het vormen van bet aantal Josephson-juncties in zen kronkelend plaatsingspatroon, waarbij windingen ven bet kronkelende pkatsingspalroon zijn pedeïjnieerd door respectieve eerste lergiesegmenten omvattende het overlapgebied met pen naburige elektrode van opvenvolgende Josepbson-funsties, waarbij het kronkelende plastsingspatroon. bij voerkeur is zevarmd om een substructuur te zovelen, welke omvat: ven eerste Josephson-junciie omvattende een eerste slskirade en een tweede elektrode; en een tweede Josephson junstie omvattende de tweede elelirode en con derde elektrode, waarbij de tweede elektrode tussen de verste slekinade zn deerde elektrode is opgesteid, waarbij de eerste en de derde elektrode zich parallel aan elkaar uitstrekken in een eerste kronkelnchtng van het Kronkelende piaatsingspatroon, on de tweede clskirde zich uilstrekt im eon tweede kronkelrichting van het kronkelende plaatsingspatroon, loodrecht op de eerste kronkelrichting, wamrbij opeenvolgende eerste substructuren gespiegeld langs een hanhin van de serste substructuowr zijn opgesteld.
19. De werkwijze volgens conclusie 18, waarbij het kronkelende plastsíngspatroon is gevormd om cen tweede substructour te omvatten, welke omvat: een derde Josephson-junctie omvattende sen vierde elektrode en een vijfde elektrode; een vierde Josephssn-hmutie omvattende de vijfde elektrode en een zesde elektrode: sen vijfde Josephson-junctie omvatiende de zesde slekirnde zn cen zevende elekinpde; en een zesde Josephson-junctie omvatiende de zevende elektrode on zen achiste elektrode, waarbij de vierde elektrode, de zesde elektrode ende achiste elektrode zich, parallel aan elkaar, in de eerste kronkelichting uitstrekken, en waarbij de vijfde elektrode en de zevende elektrode zich, parallel aan elkaar, in de tweede kronkelrichting van het kronkelende plaatsingspatroon uitstrekken.
20. De werkwijze volgens een willekeurige van de voorgaande conclusies 17 - 19, waarbij het eerste lengtesegment en de tweede lengtesegmenten van de ten minste ene elektrode integraal! gevormd zijn, bij voorkeur in één enkele iteratie van een fabricagetechniek, meer bij voorkeur één enkele iteratie var een, op onder een hoek opdampen gebaseerde, fabricagetechniek.
21. De werkwijze volgens conclusie 20, waarbij het tweede lengtesegment wordt gevormd om een vorm te omvatien, die in hoofdzaak cirkelvormig of veelhoekig is met een aantal zijden van gelijke grootte, waarbij het tweede lengtesegment is gevormd om rotatiesymumnetrie fe vertonen met betrekking tot een eerste afzettingsrichling en een tweede afzetlingsrichting van een, op onder een hoek opdampen gebaseerde, fabricagetechniek,