[go: up one dir, main page]

NL1044601B1 - Inrichting en werkwijze voor het verpakken van een wortelkluit - Google Patents

Inrichting en werkwijze voor het verpakken van een wortelkluit Download PDF

Info

Publication number
NL1044601B1
NL1044601B1 NL1044601A NL1044601A NL1044601B1 NL 1044601 B1 NL1044601 B1 NL 1044601B1 NL 1044601 A NL1044601 A NL 1044601A NL 1044601 A NL1044601 A NL 1044601A NL 1044601 B1 NL1044601 B1 NL 1044601B1
Authority
NL
Netherlands
Prior art keywords
tension wire
root ball
piece
tensioning
gripping
Prior art date
Application number
NL1044601A
Other languages
English (en)
Inventor
Wilhelmus Johannes Van Os Daan
Hermanus Martina Van Os Everardus
Original Assignee
Devoma Machines B V
Priority date (The priority date is an assumption and is not a legal conclusion. Google has not performed a legal analysis and makes no representation as to the accuracy of the date listed.)
Filing date
Publication date
Application filed by Devoma Machines B V filed Critical Devoma Machines B V
Priority to NL1044601A priority Critical patent/NL1044601B1/nl
Priority to PCT/NL2024/000006 priority patent/WO2024232751A1/en
Priority to NL1044874A priority patent/NL1044874A/nl
Application granted granted Critical
Publication of NL1044601B1 publication Critical patent/NL1044601B1/nl

Links

Classifications

    • AHUMAN NECESSITIES
    • A01AGRICULTURE; FORESTRY; ANIMAL HUSBANDRY; HUNTING; TRAPPING; FISHING
    • A01GHORTICULTURE; CULTIVATION OF VEGETABLES, FLOWERS, RICE, FRUIT, VINES, HOPS OR SEAWEED; FORESTRY; WATERING
    • A01G23/00Forestry
    • A01G23/02Transplanting, uprooting, felling or delimbing trees
    • A01G23/04Transplanting trees; Devices for grasping the root ball, e.g. stump forceps; Wrappings or packages for transporting trees

Landscapes

  • Life Sciences & Earth Sciences (AREA)
  • Biodiversity & Conservation Biology (AREA)
  • Ecology (AREA)
  • Forests & Forestry (AREA)
  • Environmental Sciences (AREA)
  • Basic Packing Technique (AREA)

Abstract

Inrichting voor het verpakken van de wortelkluit van een plant, zoals een boom of struik, middels een verpakking omvattende ten minste één stuk gaasmateriaal, zoals juten gaasdoek of ijzeren draadgaas, en een spandraad voor het door aanspannen daarvan strak om de wortelkluit trekken van het ten minste ene stuk gaasmateriaal, met het kenmerk, dat de inrichting omvat: eerste middelen voor het om de wortelkluit vouwen van het ten minste ene stuk gaasmateriaal, en - tweede middelen voor het aanspannen van de spandraad. Tevens werkwijze voor het verpakken van de wortelkluit van een plant, zoals een boom of struik, middels zo een inrichting, met het kenmerk, dat de werkwijze omvat: - het middels de eerste middelen om de wortelkluit vouwen van het ten minste ene stuk gaasmateriaal; en - het middels de tweede middelen aanspannen van de spandraad. De wortelkluit kan daarmee arbeidsextensief, snel, en voordelig worden verpakt met een daarvoor geschikte verpakking, zoals ontwikkeld door de onderhavige aanvrager en geclaimd in een simultane Nederlandse octrooiaanvraag.

Description

Inrichting en werkwijze voor het verpakken van een wortelkluit
Terrein van de uitvinding
De uitvinding betreft een inrichting volgens de aanhef van conclusie 1, en tevens een werkwijze volgens de aanhef van conclusie 13.
Achtergrond van de uitvinding
Bekend is het verpakken van de uitgegraven/uitgestoken wortelkluit van een te verplanten boom of struik. Na het uitgraven/uitsteken van de wortelkluit, wordt de plant opgetild en met de wortelkluit geplaatst op een stuk ijzeren draadgaas en/of een stuk juten gaasdoek.
Het draadgaas en/of het gaasdoek, wordt vervolgens om de wortelkluit gevouwen en vervolgens strak om de wortelkluit getrokken door aanspannen/aantrekken van een spandraad/trekdraad/sluitdraad en/of middels speciale haken/wikkelaars. Zo wordt de wortelkluit verpakt, gestabiliseerd en beschermd, en de plant klaargemaakt voor transport en herplanting. Het om de wortelkluit vouwen en strak om de wortelkluit trekken van het draadgaas en/of het gaasdoek, gebeurt handmatig en is arbeidsintensief, tijdrovend en duur. Doel van de onderhavige uitvinding is nu het verschaffen van een verbeterde oplossing voor het verpakken van de wortelkluit van een plant, zoals een boom of struik.
Samenvatting van de uitvinding
De uitvinding verschaft een inrichting volgens conclusie 1, en tevens een werkwijze volgens conclusie 13. De wortelkluit kan daarmee arbeidsextensief, snel, en voordelig worden verpakt met een daarvoor geschikte verpakking, zoals ontwikkeld door de onderhavige aanvrager en geclaimd in een simultane Nederlandse octrooiaanvraag.
Korte beschrijving van de tekeningen
De uitvinding wordt in het navolgende nader toegelicht aan de hand van niet-limitatieve uitvoeringsvoorbeelden en toepassingsvoorbeelden. In de tekeningen tonen, min of meer schematisch: - figuur 1 drie uitvoeringsvormen van een verpakking voor een wortelkluit;
- figuur 2 een uitvoeringsvorm van een inrichting volgens de uitvinding; - figuur 3 een eerste voorbeeld van het volgens de uitvinding om de wortelkluit vouwen van de verpakking; - figuur 4 een tweede voorbeeld van het volgens de uitvinding om de wortelkluit vouwen van de verpakking; - figuur 5 het volgens de uitvinding aanspannen van de spandraad, en - figuur 6 het volgens de uitvinding in, in rollers aangebrachte, gleuven leggen van de twee einddelen van de spandraad.
Nadere toelichting en uitvoeringsvoorbeelden
Zoals in figuren 2-6 weergegeven, kan de wortelkluit (2) van een plant (3), hier een boom, met een daarvoor geschikte verpakking (4), zoals ontwikkeld door de onderhavige aanvrager en geclaimd in een simultane Nederlandse octrooiaanvraag, en in drie uitvoeringsvormen getoond in figuur 1, worden verpakt, welke verpakking (4) steeds ten minste één stuk gaasmateriaal (5,6) omvat en een spandraad (7) voor het door aanspannen daarvan strak om de wortelkluit (2) trekken van het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6). In figuur 1 toont de bovenste afbeelding een stuk gaasdoek (5) met een daarin aangebrachte spandraad (7), de middelste afbeelding een stuk draadgaas (6), hier in de vorm van een ‘harmonica’, met een daaraan bevestigde spandraad (7) en een daarop bevestigd stuk gaasdoek (5), en de onderste afbeelding een stuk draadgaas (6), hier in de vorm van een ‘molen’, met een daaraan bevestigde spandraad (7) en een daarop gelegd stuk gaasdoek (5).
Volgens de uitvinding nu, omvat de inrichting (1) eerste middelen (8) voor het om de wortelkluit (2) vouwen van het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6), en tevens tweede middelen (9) voor het aanspannen van de spandraad (7). De eerste middelen (8) omvatten hier eerste aangrijporganen (10), hier vier haken, voor het aangrijpen op tweede aangrijporganen (11), hier vier lussen, daartoe aangebracht aan het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6). Daarbij kunnen de eerste middelen (8) een eerste mechanisme (12) omvatten voor het verticaal bewegen van de eerste aangrijporganen (10), zoals in figuren 2 en 3, waarbij het eerste mechanisme (12) handmatig wordt bediend dan wel motorisch wordt aangedreven. Daarbij kunnen de eerste middelen (8) ook een plateau (25) omvatten voorzien van een opening (26), zoals in figuur 4. Daarbij kunnen de eerste middelen (8) tevens een derde mechanisme (27) omvatten voor het verticaal bewegen van het plateau (25), waarbij het derde mechanisme handmatig wordt bediend dan wel motorisch wordt aangedreven.
De tweede middelen (9) omvatten hier derde aangrijporganen (13), hier twee pinnen, voor het aangrijpen op vierde aangrijporganen (14), hier twee ogen, daartoe aangebracht aan de twee uiteinden van de spandraad (7). De tweede middelen (9) omvatten hier tevens een vasthoudorgaan (15), hier een blok, voorzien van een eerste opneemruimte (16), hier een eerste sleuf, voor het vasthouden van een koppelorgaan (17), hier een ‘gripple’ of een buisje, voorzien voor het onderling koppelen van de twee einddelen van de spandraad (7) en het op spanning houden van de spandraad (7) na het aanspannen daarvan. De tweede middelen (9) omvatten hier tevens, hier twee, oprolorganen (18), hier draaibare rollen, voor het oprollen van de twee einddelen van de spandraad (7). De tweede middelen (9) omvatten hier tevens een tweede mechanisme (19) voor het inbrengen van de twee einddelen van de spandraad (7) in daartoe in de oprolorganen (18) aangebrachte tweede opneemruimtes (20), hier twee tweede sleuven, waarbij het tweede mechanisme handmatig wordt bediend dan wel motorisch wordt aangedreven.
De inrichting (1) omvat hier tevens derde middelen (21), hier een eerste paar grijparmen, voor het vastgrijpen, vasthouden en manoeuvreren van de plant (3), tevens vierde middelen (22), hier een tweede paar grijparmen, voor het vastgrijpen, vasthouden en opbinden van de takken (23) van de plant (3), en tevens vijfde middelen (24) voor het verwijderen van het overtollige deel van de spandraad (7), hier door afknippen, na het aanspannen daarvan.
De in figuren 3-6 weergegeven werkwijzen volgens de uitvinding omvatten het middels de eerste middelen (8) om de wortelkluit (2) vouwen van het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6), en het middels de tweede middelen (9) aanspannen van de spandraad (7). Daarbij wordt de plant (3), hier de stam van de boom, middels de derde middelen (21), hier het eerste paar grijparmen, vastgegrepen, vastgehouden en zodanig gemanoeuvreerd dat de wortelkuit (2) op de ondergrond of op een daartoe voorzien plateau, komt te rusten.
Het op de ondergrond of een plateau plaatsen kan in beginsel ook handmatig geschieden.
Daarbij kunnen de takken (23) van de plant (3) middels de vierde middelen (22), hier het tweede paar grijparmen, worden vastgegrepen, vastgehouden en opgebonden.
Vervolgens wordt middels de eerste aangrijporganen (10), hier de vier haken, aangegrepen op de tweede aangrijporganen (11), hier de vier lussen, aangebracht aan het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6). Daarna kunnen middels het eerste mechanisme (12) de eerste aangrijporganen (10), hier de vier haken, omhoog worden bewogen waarbij het stuk gaasmateriaal (5,6) om de wortelkuit (2) wordt gevouwen, zoals weergegeven in figuur 3.
Ook kunnen het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6) en de wortelkluit (2) op het plateau (25) worden geplaatst en de wortelkluit (2) en het plateau (25) onderling verticaal worden bewogen zodanig dat de wortelkluit (2) door de opening (26) in het plateau (25) beweegt en het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6) daarbij om de wortelkluit (2) wordt gevouwen, zoals getoond in figuur 4. Daarbij kan het plateau (25) ook middels een daartoe voorzien derde mechanisme (27) verticaal worden bewogen, waarbij het derde mechanisme handmatig wordt bediend dan wel motorisch wordt aangedreven.
Daarbij wordt het koppelorgaan (17), hier de ‘gripple’ of het buisje, vastgehouden in de eerste opneemruimte (16), hier de eerste sleuf, aangebracht in het vasthoudorgaan (15), hier het blok, waarna middels de derde aangrijporganen (13), hier de twee pinnen, wordt aangegrepen op de vierde aangrijporganen (14), hier de twee ogen, aangebracht aan de twee uiteinden van de spandraad (7). Daarbij worden middels het tweede mechanisme (19) de twee einddelen van de spandraad (7) in de in de oprolorganen (18), hier de draaibare rollen, aangebrachte tweede opneemruimtes (20), hier de twee tweede sleuven, ingebracht, waarna de twee einddelen van de spandraad (7) op de draaibare rollen worden opgerold, waarbij de spandraad (7) wordt aangespannen en het stuk gaasmateriaal (5,6) strak om de wortelkluit (2) wordt getrokken. Bij het gebruik van een ‘gripple’, wordt de spandraad (4) in aangespannen toestand gehouden door de ‘gripple’, en bij het gebruik van een buisje, door het buisje samen te knijpen.
Vervolgens wordt het overtollige deel van de trekdraad (4), hier de opgerolde delen van de einddelen van de trekdraad (4), middels de vijfde middelen (24) verwijderd, hier afgeknipt, en van de oprolorganen (18), hier de draaibare rollen, afgeschoven en afgevoerd, waarna de plant (3) klaar is voor transport en herplanting.
Gebruikte referentiesymbolen 1. inrichting voor verpakken van 2 2. wortelkluit van 3 5 3. plant (boom of struik) 4. verpakking voor verpakken van 2 5. stuk gaasmateriaal (juten gaasdoek) 6. stuk gaasmateriaal (ijzeren draadgaas) 7. spandraad 8. eerste middelen voor vouwen van 5,6 om 2 9. tweede middelen voor aanspannen van 7 10. eerste aangrijporganen (haken) voor aangrijpen op 11 11. tweede aangrijporganen (lussen) aangebracht aan 5,6 12. eerste mechanisme voor verticaal bewegen van 10 13. derde aangrijporgaan (pin) voor aangrijpen op 14 14. vierde aangrijporgaan (oog) aangebracht aan uiteinde van 7 15. vasthoudorgaan (blok) voor vasthouden van 17 16. eerste opneemruimte (eerste sleuf ) aangebracht in 15 voor 17 17. koppelorgaan voor onderling koppelen einddelen van 7 en in aangespannen toestand houden van 7 (‘gripple’ of buisje) 18. oprolorgaan (draaibare rol) voor oprollen einddeel van 7 19. tweede mechanisme voor inbrengen van einddeel van 7 in 20 20. tweede opneemruimte (tweede sleuf) aangebracht in 18 21. derde middelen (eerste paar grijparmen) voor vastgrijpen, vasthouden en manoeuvreren van 3 22. vierde middelen (tweede paar grijparmen) voor vastgrijpen, vasthouden en opbinden van 23 23. takken van 3 24. vijfde middelen voor verwijderen (afknippen) van overtollig deel van 7 na aanspannen 25. plateau 26. opening in 25 27. derde mechanisme voor verticaal bewegen van 25

Claims (24)

Conclusies
1. Inrichting (1) voor het verpakken van de wortelkluit (2) van een plant (3), zoals een boom of struik, middels een verpakking (4) omvattende ten minste één stuk gaasmateriaal (5,6), zoals juten gaasdoek of ijzeren draadgaas, en een spandraad (7) voor het door aanspannen daarvan strak om de wortelkluit (2) trekken van het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6), met het kenmerk, dat de inrichting (1) omvat: - eerste middelen (8) voor het om de wortelkluit (2) vouwen van het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6), en - tweede middelen (9) voor het aanspannen van de spandraad (7).
2. Inrichting (1) volgens conclusie 1, met het kenmerk, dat de eerste middelen (8) eerste aangrijporganen (10), zoals haken, omvatten voor het aangrijpen op tweede aangrijporganen (11), zoals lussen, daartoe aangebracht aan het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6).
3. Inrichting (1) volgens conclusie 2, met het kenmerk, dat de eerste middelen (8) tevens een eerste mechanisme (12) omvatten voor het verticaal bewegen van de eerste aangrijporganen (10).
4. Inrichting (1) volgens een der conclusies 1-3, met het kenmerk, dat de eerste middelen (8) tevens een plateau (25) omvatten voorzien van een opening (26).
5. Inrichting (1) volgens conclusie 4, met het kenmerk, dat de eerste middelen (8) tevens een derde mechanisme (27) omvatten voor het verticaal bewegen van het plateau (25).
6. Inrichting (1) volgens een der conclusies 1-5, met het kenmerk, dat de tweede middelen (9) ten minste één derde aangrijporgaan (13), zoals een pin, omvatten voor het aangrijpen op ten minste één vierde aangrijporgaan (14), zoals een oog, daartoe aangebracht aan ten minste één de uiteinden van de spandraad (7).
7. Inrichting (1) volgens een der conclusies 1-6, met het kenmerk, dat de tweede middelen (9) een vasthoudorgaan (15), zoals een blok, voorzien van een eerste opneemruimte (16), zoals een eerste sleuf, omvatten voor het vasthouden van een koppelorgaan (17), zoals een ‘gripple’ of een buisje, voorzien voor het onderling koppelen van de twee einddelen van de spandraad (7) en het op spanning houden van de spandraad (7) na het aanspannen daarvan.
8. Inrichting (1) volgens een der conclusies 1-7, met het kenmerk, dat de tweede middelen (9) ten minste één oprolorgaan (18), zoals een draaibare rol, omvatten voor het oprollen van ten minste één einddeel van de spandraad (7).
9. Inrichting (1) volgens conclusie 8, met het kenmerk, dat de tweede middelen (9) een tweede mechanisme (19) omvatten voor het inbrengen van het ten minste ene einddeel van de spandraad (7) in een daartoe in het ten minste ene oprolorgaan (18) aangebrachte tweede opneemruimte (20), zoals een tweede sleuf.
10. Inrichting (1) volgens een der conclusies 1-9, met het kenmerk, dat de inrichting (1) tevens derde middelen (21), zoals een eerste paar grijparmen, omvat voor het vastgrijpen, vasthouden en manoeuvreren van de plant (3).
11. Inrichting (1) volgens een der conclusie 1-10, met het kenmerk, dat de inrichting (1) tevens vierde middelen (22), zoals een tweede paar grijparmen, omvat voor het vastgrijpen, vasthouden en opbinden van de takken (23) van de plant (3).
12. Inrichting (1) volgens een der conclusies 1-11, met het kenmerk, dat de inrichting (1) tevens vijfde middelen (24) omvat voor het verwijderen, zoals door afknippen, van het overtollige deel van de spandraad (7) na het aanspannen daarvan.
13. Werkwijze voor het verpakken van de wortelkluit (2) van een plant (3), zoals een boom of struik, middels een inrichting volgens de aanhef van conclusie 1, met het kenmerk, dat de werkwijze omvat: - het middels daartoe voorziene eerste middelen (8) om de wortelkluit (2) vouwen van het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6); en - het middels daartoe voorziene tweede middelen (9) aanspannen van de spandraad
(7).
14. Werkwijze volgens conclusie 13, met het kenmerk, dat daarbij middels daartoe voorziene eerste aangrijporganen (10), zoals haken, wordt aangegrepen op tweede aangrijporganen (11), zoals lussen, daartoe aangebracht aan het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6).
15. Werkwijze volgens conclusie 14, met het kenmerk, dat daarbij middels een daartoe voorzien eerste mechanisme (12) de eerste aangrijporganen (10) verticaal worden bewogen.
16. Werkwijze volgens een der conclusies 13-15, met het kenmerk, dat daarbij het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6) en de wortelkluit (2) op een daartoe voorzien plateau (25) worden geplaatst en de wortelkluit (2) en het plateau (25) onderling verticaal worden bewogen zodanig dat de wortelkluit (2) door een daartoe in het plateau (25) voorziene opening (26) beweegt en het ten minste ene stuk gaasmateriaal (5,6) daarbij om de wortelkluit (2) wordt gevouwen.
17. Werkwijze volgens conclusie 16, met het kenmerk, dat daarbij het plateau (25) middels een daartoe voorzien derde mechanisme (27) verticaal worden bewogen.
18. Werkwijze volgens een der conclusies 13-17, met het kenmerk, dat daarbij middels ten minste één daartoe voorzien derde aangrijporgaan (13), zoals een pin, wordt aangegrepen op ten minste één vierde aangrijporgaan (14), zoals een oog, daartoe aangebracht aan ten minste één de uiteinden van de spandraad (7).
19. Werkwijze volgens een der conclusies 13-18, met het kenmerk, dat daarbij middels een daartoe voorzien vasthoudorgaan (15), zoals een blok, voorzien van een eerste opneemruimte (16), zoals een eerste sleuf, een koppelorgaan (17), zoals een ‘gripple’
of een buisje, voorzien voor het onderling koppelen van de einddelen van de spandraad (7) en het op spanning houden van de spandraad (7) na het aanspannen daarvan, wordt vastgehouden.
20. Werkwijze volgens een der conclusies 13-19, met het kenmerk, dat daarbij middels ten minste één daartoe voorzien oprolorgaan (18), zoals een draaibare rol, ten minste één einddeel van de spandraad (7) wordt opgerold.
21. Werkwijze volgens conclusie 20, met het kenmerk, dat daarbij middels een daartoe voorzien tweede mechanisme (19) het ten minste ene einddeel van de spandraad (7) in een daartoe in het ten minste ene oprolorgaan (18) aangebrachte tweede opneemruimte (20), zoals een tweede sleuf, wordt ingebracht.
22. Werkwijze volgens een der conclusies 13-21, met het kenmerk, dat daarbij middels daartoe voorziene derde middelen (21), zoals een eerste paar grijparmen, de plant (3) wordt vastgegrepen, vastgehouden en gemanoeuvreerd.
23. Werkwijze volgens een der conclusie 13-22, met het kenmerk, dat daarbij middels daartoe voorziene vierde middelen (22), zoals een tweede paar grijparmen, de takken (23) van de plant (3) worden vastgegrepen, vastgehouden en opgebonden.
24. Werkwijze volgens een der conclusies 13-23, met het kenmerk, dat daarbij middels daartoe voorziene vijfde middelen (24) het overtollige deel van de spandraad (7) na het aanspannen daarvan wordt verwijderd, zoals door afknippen.
NL1044601A 2023-05-09 2023-05-09 Inrichting en werkwijze voor het verpakken van een wortelkluit NL1044601B1 (nl)

Priority Applications (3)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL1044601A NL1044601B1 (nl) 2023-05-09 2023-05-09 Inrichting en werkwijze voor het verpakken van een wortelkluit
PCT/NL2024/000006 WO2024232751A1 (en) 2023-05-09 2024-05-02 Packaging, device and method for wrapping a root ball
NL1044874A NL1044874A (nl) 2023-05-09 2024-05-02 Verpakking, inrichting en werkwijze voor het inpakken van een wortelkluit

Applications Claiming Priority (1)

Application Number Priority Date Filing Date Title
NL1044601A NL1044601B1 (nl) 2023-05-09 2023-05-09 Inrichting en werkwijze voor het verpakken van een wortelkluit

Publications (1)

Publication Number Publication Date
NL1044601B1 true NL1044601B1 (nl) 2024-11-25

Family

ID=86657819

Family Applications (1)

Application Number Title Priority Date Filing Date
NL1044601A NL1044601B1 (nl) 2023-05-09 2023-05-09 Inrichting en werkwijze voor het verpakken van een wortelkluit

Country Status (1)

Country Link
NL (1) NL1044601B1 (nl)

Citations (4)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US4807393A (en) * 1987-02-24 1989-02-28 Ray Bracken Root ball container and method
DE9315079U1 (de) * 1993-10-05 1993-12-09 Manfred Huck GmbH & Co. KG Netz- und Seilfabrik Berghausen, 35614 Aßlar Tragevorrichtung zum Versetzen von Pflanzen, insbesondere von Bäumen
DE60126623T2 (de) * 2000-08-16 2007-06-06 Claus Thomsen Vorrichtung und verfahren zum verpacken von bäumen in einem netz
US20090038219A1 (en) * 2007-08-09 2009-02-12 Bitel Harry J Tree Balling Method, System, and Wire Basket Used Therein

Patent Citations (4)

* Cited by examiner, † Cited by third party
Publication number Priority date Publication date Assignee Title
US4807393A (en) * 1987-02-24 1989-02-28 Ray Bracken Root ball container and method
DE9315079U1 (de) * 1993-10-05 1993-12-09 Manfred Huck GmbH & Co. KG Netz- und Seilfabrik Berghausen, 35614 Aßlar Tragevorrichtung zum Versetzen von Pflanzen, insbesondere von Bäumen
DE60126623T2 (de) * 2000-08-16 2007-06-06 Claus Thomsen Vorrichtung und verfahren zum verpacken von bäumen in einem netz
US20090038219A1 (en) * 2007-08-09 2009-02-12 Bitel Harry J Tree Balling Method, System, and Wire Basket Used Therein

Similar Documents

Publication Publication Date Title
KR20120109545A (ko) 베일 절단 장치 및 그 방법
CA2741551C (en) A bale splitter and a method for splitting a wrapped bale and for separating wrapping material from the bale
US8656640B2 (en) Tree balling method, system, and wire basket used therein
CA2934980C (fr) Dispositif de ficelage ameliore
NL1044601B1 (nl) Inrichting en werkwijze voor het verpakken van een wortelkluit
NL1044603B1 (nl) Verpakking voor het verpakken van een wortelkluit
US20160207648A1 (en) Mechanism for an automatic socking machine
NL1044874A (nl) Verpakking, inrichting en werkwijze voor het inpakken van een wortelkluit
ES2363403B1 (es) Adicion a la solicitud de patente numero p 200802705, titulada "equipo modular autoportante de recogida de olivas y procedimiento de recogida"
US4935640A (en) Operating procedure for the supply of fibres to brush manufacturing machines and a construction which applies this procedure
DK180312B1 (da) Pakkeindretning til prespakning af træer
DK172598B1 (da) Fremgangsmåde og indretning til komprimeret pakning af træer og grønt på en palle eller lignende med sidestøtter
US8292041B1 (en) Friction brake
US3548567A (en) Tree folding and packaging device
EP3826928B1 (fr) Machine perfectionnee pour defaire et distribuer des bottes de litiere animale ou des bottes de fourrage
KR102150051B1 (ko) 원단 포장 장치
FI100961B (fi) Menetelmä ja laite paalien purkamiseksi
US8495955B1 (en) Tree limb bundling tool
JP2022102493A (ja) 苗木運搬袋及び苗木の取り出し方法
JPH08505328A (ja) 2つ以上の物品の連結方法およびそのための装置
FR2845663A1 (fr) Procede de fabrication d'un bouquet de fleurs housse et un dispositif d'emballage de fleurs
JP2005237235A (ja) 果実掛袋及び果実育成方法
JP2012116638A (ja) 伐採材搬出装置及び搬送ロープと引掛ロープの接続方法
FR2611648A1 (fr) Procede et machine de formation automatique de colis de sacs maintenus par des sangles
JPH061204U (ja) 環状物の結束装置